Artikel 1. In artikel 15, § 2ter, van het koninklijk besluit van 25 oktober 1963 betreffende het statuut van de onderofficieren van het actief kader van de krijgsmacht, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 9 februari 1988 en vervangen bij het koninklijk besluit van 20 augustus 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° het eerste lid wordt vervangen als volgt :
" De onderofficier die om gezondheidsredenen, zwangerschap, ernstige of uitzonderlijke redenen in de onmogelijkheid verkeert deel te nemen aan het examen voor overgang naar de graad van eerste sergeant-majoor of aan het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef, kan uitstel van deelname vragen. De aanvraag tot uitstel wordt ingediend zodra de verhindering gekend is of zich voordoet. Na het advies van de hiërarchische meerderen te hebben ingewonnen, neemt de Minister van Landsverdediging of de door hem aangewezen overheid een beslissing omtrent de aanvraag tot uitstel rekening houdende met de aangevoerde redenen. Het uitstel op vraag van een onderofficier om redenen van zwangerschap of omdat hij werd overgeplaatst sedert ten hoogste twee jaar met toepassing van de artikelen 5 of 7 van de wet van 27 december 1961, wordt steeds verleend. ";
2° tussen het tweede en het derde lid wordt een lid ingevoegd, luidende :
" De uitstellen om gezondheidsredenen, ernstige of uitzonderlijke redenen bedoeld in het eerste lid kunnen worden verleend voor zover de onderofficier, naargelang het geval, het examen voor overgang naar de graad van eerste sergeant-majoor kan afleggen voor het bereiken van de minimumanciënniteit in de graad bedoeld in artikel 14, § 1, eerste lid, 2°, of voor zover hij het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef kan afleggen vooraleer zijn kandidatuur voor de eerste maal aan het bevorderingscomité zal worden voorgelegd. Deze beperking is niet van toepassing op de onderofficieren die uitstel hebben gekregen met toepassing van § 2bis voor de twee bijkomende uitstellen bedoeld in het tweede lid. "
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
18 FEBRUARI 2009. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 oktober 1963 betreffende het statuut van de onderofficieren van het actief kader van de krijgsmacht en van het koninklijk besluit van 21 december 2005 betreffende het statuut van de militaire muzikanten
Titre
18 FEVRIER 2009. - ArrĂȘtĂ© royal modifiant l'arrĂȘtĂ© royal du 25 octobre 1963 relatif au statut des sous-officiers du cadre actif des forces armĂ©es et l'arrĂȘtĂ© royal du 21 dĂ©cembre 2005 relatif au statut des musiciens militaires
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
Tekst (11)
Texte (11)
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van het koninklijk besluit van 25 oktober 1963 betreffende het statuut van de onderofficieren van het actief kader van de krijgsmacht
CHAPITRE 1er. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal du 25 octobre 1963 relatif au statut des sous-officiers du cadre actif des forces armĂ©es
Article 1er. Dans l'article 15, § 2ter, de l'arrĂȘtĂ© royal du 25 octobre 1963 relatif au statut des sous-officiers du cadre actif des forces armĂ©es, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 9 fĂ©vrier 1988 et remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 20 aoĂ»t 2003, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" Le sous-officier qui, pour des raisons de santĂ©, de grossesse ou pour des raisons graves ou exceptionnelles, se trouve dans l'impossibilitĂ© de participer Ă l'Ă©preuve d'accession au grade de premier sergent-major ou Ă l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef, peut demander un ajournement de la participation. La demande d'ajournement est introduite dĂšs la connaissance ou la survenance de l'empĂȘchement. Le Ministre de la DĂ©fense ou l'autoritĂ© qu'il dĂ©signe, statue, aprĂšs avoir pris l'avis des chefs hiĂ©rarchiques, sur la demande d'ajournement tenant compte des raisons invoquĂ©es. L'ajournement demandĂ© par un sous-officier pour des raisons de grossesse ou parce qu'il a Ă©tĂ© transfĂ©rĂ©, depuis deux ans au plus, en application des articles 5 ou 7 de la loi du 27 dĂ©cembre 1961, est toujours accordĂ©. ";
2° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 2 et 3 :
" Les ajournements pour des raisons de santĂ© ou pour des raisons graves ou exceptionnelles visĂ©s Ă l'alinĂ©a 1er, peuvent ĂȘtre accordĂ©s pour autant que le sous-officier, selon le cas, puisse prĂ©senter l'Ă©preuve d'accession au grade de premier sergent-major avant d'atteindre l'anciennetĂ© minimum dans le grade visĂ©e Ă l'article 14, § 1er, alinĂ©a 1er, 2°, ou pour autant qu'il puisse prĂ©senter l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef avant que sa candidature soit soumise au comitĂ© d'avancement pour la premiĂšre fois. Cette limite n'est pas applicable aux sous-officiers ajournĂ©s en application du § 2bis pour les deux ajournements supplĂ©mentaires visĂ©s Ă l'alinĂ©a 2. "
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" Le sous-officier qui, pour des raisons de santĂ©, de grossesse ou pour des raisons graves ou exceptionnelles, se trouve dans l'impossibilitĂ© de participer Ă l'Ă©preuve d'accession au grade de premier sergent-major ou Ă l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef, peut demander un ajournement de la participation. La demande d'ajournement est introduite dĂšs la connaissance ou la survenance de l'empĂȘchement. Le Ministre de la DĂ©fense ou l'autoritĂ© qu'il dĂ©signe, statue, aprĂšs avoir pris l'avis des chefs hiĂ©rarchiques, sur la demande d'ajournement tenant compte des raisons invoquĂ©es. L'ajournement demandĂ© par un sous-officier pour des raisons de grossesse ou parce qu'il a Ă©tĂ© transfĂ©rĂ©, depuis deux ans au plus, en application des articles 5 ou 7 de la loi du 27 dĂ©cembre 1961, est toujours accordĂ©. ";
2° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 2 et 3 :
" Les ajournements pour des raisons de santĂ© ou pour des raisons graves ou exceptionnelles visĂ©s Ă l'alinĂ©a 1er, peuvent ĂȘtre accordĂ©s pour autant que le sous-officier, selon le cas, puisse prĂ©senter l'Ă©preuve d'accession au grade de premier sergent-major avant d'atteindre l'anciennetĂ© minimum dans le grade visĂ©e Ă l'article 14, § 1er, alinĂ©a 1er, 2°, ou pour autant qu'il puisse prĂ©senter l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef avant que sa candidature soit soumise au comitĂ© d'avancement pour la premiĂšre fois. Cette limite n'est pas applicable aux sous-officiers ajournĂ©s en application du § 2bis pour les deux ajournements supplĂ©mentaires visĂ©s Ă l'alinĂ©a 2. "
Art. 2. In artikel 17, § 2, van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 20 augustus 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° het eerste lid wordt vervangen als volgt :
" Er worden examencommissies voor het examen bedoeld in § 1 opgericht. De directeur-generaal human resources wijst een algemeen voorzitter van de examencommissies aan. De algemeen voorzitter van de examencommissies is een hoofdofficier bekleed met een hogere graad dan de hoogste graad of in geval van gelijke graad, de hoofdofficier met de meeste anciënniteit in de hoogste graad van de voorzitters van de examencommissies. Hij superviseert de goede werking van de examencommissies, het opstellen van de vragen, het regelmatige verloop van de examens en de verrichtingen in verband met de beoordeling van de kandidaten. Hij is in het bijzonder belast erover te waken dat alle kandidaten voor eenzelfde examengedeelte van een examenzittijd volgens uniforme criteria ondervraagd en beoordeeld worden.
De kandidaat legt het kwalificatie-examen voor de benoeming in de graad van adjudant-chef af voor een door de algemeen voorzitter aangewezen examencommissie samengesteld uit een voorzitter van de examencommissie en twee andere leden aangewezen door de directeur-generaal human resources. ";
2° in het vroegere tweede lid, dat het derde lid wordt, wordt het woord "voorzitter" vervangen door de woorden "voorzitter van een examencommissie";
3° in het vroegere vierde lid, dat het vijfde lid wordt, worden de woorden "ten minste drie leden van de examencommissie" vervangen door de woorden "de examencommissie".
1° het eerste lid wordt vervangen als volgt :
" Er worden examencommissies voor het examen bedoeld in § 1 opgericht. De directeur-generaal human resources wijst een algemeen voorzitter van de examencommissies aan. De algemeen voorzitter van de examencommissies is een hoofdofficier bekleed met een hogere graad dan de hoogste graad of in geval van gelijke graad, de hoofdofficier met de meeste anciënniteit in de hoogste graad van de voorzitters van de examencommissies. Hij superviseert de goede werking van de examencommissies, het opstellen van de vragen, het regelmatige verloop van de examens en de verrichtingen in verband met de beoordeling van de kandidaten. Hij is in het bijzonder belast erover te waken dat alle kandidaten voor eenzelfde examengedeelte van een examenzittijd volgens uniforme criteria ondervraagd en beoordeeld worden.
De kandidaat legt het kwalificatie-examen voor de benoeming in de graad van adjudant-chef af voor een door de algemeen voorzitter aangewezen examencommissie samengesteld uit een voorzitter van de examencommissie en twee andere leden aangewezen door de directeur-generaal human resources. ";
2° in het vroegere tweede lid, dat het derde lid wordt, wordt het woord "voorzitter" vervangen door de woorden "voorzitter van een examencommissie";
3° in het vroegere vierde lid, dat het vijfde lid wordt, worden de woorden "ten minste drie leden van de examencommissie" vervangen door de woorden "de examencommissie".
Art. 2. Dans l'article 17, § 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 20 aoĂ»t 2003, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" Des jurys sont instituĂ©s pour l'examen visĂ© au § 1er. Le directeur gĂ©nĂ©ral human resources dĂ©signe un prĂ©sident gĂ©nĂ©ral des jurys. Le prĂ©sident gĂ©nĂ©ral des jurys est un officier supĂ©rieur revĂȘtu d'un grade supĂ©rieur au grade le plus Ă©levĂ© des prĂ©sidents des jurys, ou en cas de mĂȘme grade, l'officier supĂ©rieur le plus ancien dans le grade le plus Ă©levĂ©. Il supervise le bon fonctionnement des jurys, la rĂ©daction des questions, le dĂ©roulement normal des examens et les activitĂ©s relatives Ă l'apprĂ©ciation des candidats. Il est notamment chargĂ© de veiller Ă ce que tous les candidats Ă une mĂȘme partie d'examen d'une session d'examen soient interrogĂ©s et Ă©valuĂ©s selon des critĂšres uniformes.
Le candidat présente l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef devant un jury désigné par le président général et composé d'un président du jury et de deux autres membres désignés par le directeur général human resources. ";
2° dans l'alinéa 2 ancien, devenant l'alinéa 3, le mot "président" est remplacé par les mots "président d'un jury";
3° dans l'alinéa 4 ancien, devenant l'alinéa 5, les mots "trois membres du jury au moins" sont remplacés par les mots "le jury".
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" Des jurys sont instituĂ©s pour l'examen visĂ© au § 1er. Le directeur gĂ©nĂ©ral human resources dĂ©signe un prĂ©sident gĂ©nĂ©ral des jurys. Le prĂ©sident gĂ©nĂ©ral des jurys est un officier supĂ©rieur revĂȘtu d'un grade supĂ©rieur au grade le plus Ă©levĂ© des prĂ©sidents des jurys, ou en cas de mĂȘme grade, l'officier supĂ©rieur le plus ancien dans le grade le plus Ă©levĂ©. Il supervise le bon fonctionnement des jurys, la rĂ©daction des questions, le dĂ©roulement normal des examens et les activitĂ©s relatives Ă l'apprĂ©ciation des candidats. Il est notamment chargĂ© de veiller Ă ce que tous les candidats Ă une mĂȘme partie d'examen d'une session d'examen soient interrogĂ©s et Ă©valuĂ©s selon des critĂšres uniformes.
Le candidat présente l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef devant un jury désigné par le président général et composé d'un président du jury et de deux autres membres désignés par le directeur général human resources. ";
2° dans l'alinéa 2 ancien, devenant l'alinéa 3, le mot "président" est remplacé par les mots "président d'un jury";
3° dans l'alinéa 4 ancien, devenant l'alinéa 5, les mots "trois membres du jury au moins" sont remplacés par les mots "le jury".
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van het koninklijk besluit van 21 december 2005 betreffende het statuut van de militaire muzikanten
CHAPITRE 2. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal du 21 dĂ©cembre 2005 relatif au statut des musiciens militaires
Art. 3. In artikel 13, § 6, van het koninklijk besluit van 21 december 2005 betreffende het statuut van de militaire muzikanten worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° in het eerste lid worden de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap of andere ernstige" vervangen door de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap, ernstige of uitzonderlijke";
2° het tweede lid wordt aangevuld met de volgende zin :
" Zoniet wordt hij beschouwd als mislukt voor dit examen. "
1° in het eerste lid worden de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap of andere ernstige" vervangen door de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap, ernstige of uitzonderlijke";
2° het tweede lid wordt aangevuld met de volgende zin :
" Zoniet wordt hij beschouwd als mislukt voor dit examen. "
Art. 3. Dans l'article 13, § 6, de l'arrĂȘtĂ© royal du 21 dĂ©cembre 2005 relatif au statut des musiciens militaires, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° dans l'alinéa 1er, les mots "à la suite de raisons de santé, de grossesse ou d'autres raisons graves" sont remplacés par les mots "pour des raisons de santé, de grossesse ou pour des raisons graves ou exceptionnelles";
2° l'alinéa 2 est complété par la phrase suivante :
" Sinon il est considéré comme ayant subi un échec pour cet examen. "
1° dans l'alinéa 1er, les mots "à la suite de raisons de santé, de grossesse ou d'autres raisons graves" sont remplacés par les mots "pour des raisons de santé, de grossesse ou pour des raisons graves ou exceptionnelles";
2° l'alinéa 2 est complété par la phrase suivante :
" Sinon il est considéré comme ayant subi un échec pour cet examen. "
Art. 4. In artikel 20, § 4, van hetzelfde besluit worden de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap of andere ernstige" vervangen door de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap, ernstige of uitzonderlijke".
Art. 4. Dans l'article 20, § 4, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots "Ă la suite de raisons de santĂ©, de grossesse ou d'autres raisons graves" sont remplacĂ©s par les mots "pour des raisons de santĂ©, de grossesse ou pour des raisons graves ou exceptionnelles".
Art. 5. In artikel 23, § 4, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap of andere ernstige" worden vervangen door de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap, ernstige of uitzonderlijke";
2° het woord "jury" wordt vervangen door het woord "examencommissie".
1° de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap of andere ernstige" worden vervangen door de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap, ernstige of uitzonderlijke";
2° het woord "jury" wordt vervangen door het woord "examencommissie".
Art. 5. Dans l'article 23, § 4, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots "à la suite de raisons de santé, de grossesse ou d'autres raisons graves" sont remplacés par les mots "pour des raisons de santé, de grossesse ou pour des raisons graves ou exceptionnelles";
2° dans le texte néerlandais, le mot "jury" est remplacé par le mot "examencommissie".
1° les mots "à la suite de raisons de santé, de grossesse ou d'autres raisons graves" sont remplacés par les mots "pour des raisons de santé, de grossesse ou pour des raisons graves ou exceptionnelles";
2° dans le texte néerlandais, le mot "jury" est remplacé par le mot "examencommissie".
HOOFDSTUK 3. - Overgangs- en eindbepalingen
CHAPITRE 3. - Dispositions transitoires et finales
Art. 6. De onderofficier die, op de datum van de inwerkingtreding van dit besluit, een voorbereidende cursus of stage volgt of reeds, naar gelang het geval, een gedeelte van het examen voor overgang naar de graad van eerste sergeant-majoor of van het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef heeft afgelegd, zet de voorbereidende cursus of stage of, naar gelang het geval, het examen voor overgang naar de graad van eerste sergeant-majoor of het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef verder volgens de bepalingen van kracht de dag vóór deze datum.
Art. 6. Le sous-officier qui, Ă la date d'entrĂ©e en vigueur du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, suit un cours ou stage de prĂ©paration ou a dĂ©jĂ prĂ©sentĂ©, selon le cas, une partie de l'Ă©preuve d'accession au grade de premier sergent-major ou de l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef, poursuit le cours ou stage de prĂ©paration ou, selon le cas, l'Ă©preuve d'accession au grade de premier sergent-major ou l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef, selon les dispositions en vigueur la veille de cette date.
Art. 7. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 maart 2009.
Art. 7. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© produit ses effets le 1er mars 2009.
Art. 8. De Minister bevoegd voor Landsverdediging is belast met de uitvoering van dit besluit.
Brussel, 18 februari 2009.
ALBERT
Van Koningswege :
Voor de Minister van Landsverdediging, afwezig,
S. VANACKERE
Vice-Eerste Minister en Minister van Ambtenarenzaken, Overheidsbedrijven en Institutionele Hervormingen
Brussel, 18 februari 2009.
ALBERT
Van Koningswege :
Voor de Minister van Landsverdediging, afwezig,
S. VANACKERE
Vice-Eerste Minister en Minister van Ambtenarenzaken, Overheidsbedrijven en Institutionele Hervormingen
Art. 8. Le Ministre qui a la DĂ©fense dans ses attributions est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Bruxelles, le 18 février 2009.
ALBERT
Par le Roi :
Pour le Ministre de la Défense, absent,
S. VANACKERE
Vice-Premier Ministre et Ministre de la Fonction publique, des Entreprises publiques et des Réformes institutionnelles
Bruxelles, le 18 février 2009.
ALBERT
Par le Roi :
Pour le Ministre de la Défense, absent,
S. VANACKERE
Vice-Premier Ministre et Ministre de la Fonction publique, des Entreprises publiques et des Réformes institutionnelles