Artikel 1. In artikel 7 van het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden wordt een § 4 ingevoegd dat als volgt luidt :
" § 4. De werknemer die op het ogenblik van de indienstneming uitkeringsgerechtigde volledige werkloze was, is, in afwijking van artikel 44 van het voormeld koninklijk besluit van 25 november 1991 en volgens de voorwaarden van voormeld koninklijk besluit van 25 november 1991 gedurende de maand van indienstneming en de vijftien daarop volgende maanden gerechtigd op een werkuitkering van ten hoogste 500 EUR per kalendermaand voorzover de aangeworven werknemer tegelijk aan volgende voorwaarden voldoet :
1° hij is op de dag van de indienstneming jonger dan 25 jaar;
2° hij is werkzoekende op de dag van de indienstneming;
3° hij is werkzoekende geweest gedurende minstens 312 dagen, gerekend in het zesdagenstelsel, in de loop van de maand van indienstneming en de 18 kalendermaanden daaraan voorafgaand.
Indien de werknemer niet voltijds is tewerkgesteld, wordt de werkuitkering van maximum 500 EUR bedoeld in het vorige lid teruggebracht tot een bedrag in verhouding tot de contractueel wekelijks voorziene arbeidsduur in de deeltijdse betrekking. "
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
28 MAART 2007. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden en van het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 (I), betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen.
Titre
28 MARS 2007. - Arrêté royal modifiant l'arrêté royal du 19 décembre 2001 de promotion de mise à l'emploi des demandeurs d'emploi de longue durée et l'arrêté royal du 16 mai 2003 pris en exécution du Chapitre 7 du Titre IV de la loi-programme du 24 décembre 2002 (I), visant à harmoniser et à simplifier les régimes de réductions de cotisations de sécurité sociale.
Documentinformatie
Numac: 2007200917
Datum: 2007-03-28
Info du document
Numac: 2007200917
Date: 2007-03-28
Inhoud
Tekst (19)
Texte (19)
HOOFDSTUK I. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden.
CHAPITRE Ier. - Modifications apportées à l'arrêté royal du 19 décembre 2001 de promotion de mise à l'emploi des demandeurs d'emploi de longue durée.
Article 1. Dans l'article 7 de l'arrêté royal du 19 décembre 2001 de promotion de mise à l'emploi des demandeurs d'emploi de longue durée un § 4, dont le texte est le suivant, est ajouté :
" § 4. Le travailleur qui, au moment de l'engagement, était chômeur complet indemnisé, a droit, par dérogation à l'article 44 de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité et selon les conditions de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité, à une allocation de travail de maximum 500 EUR par mois calendrier pour le mois de l'engagement et les quinze mois suivants, pour autant que le travailleur engagé remplisse simultanément les conditions suivantes :
1° il a moins de 25 ans à la date de l'engagement;
2° il est demandeur d'emploi à la date de l'engagement;
3° il a été demandeur d'emploi pendant au moins 312 jours, calculés dans le régime des 6 jours, au cours du mois de l'engagement et des 18 mois calendrier qui précèdent.
Lorsque le travailleur n'est pas occupé à temps plein, l'allocation de travail de maximum 500 EUR, visée à l'alinéa précédent, est réduite à un montant proportionnel à la durée de travail hebdomadaire prévue contractuellement dans l'emploi à temps partiel. "
" § 4. Le travailleur qui, au moment de l'engagement, était chômeur complet indemnisé, a droit, par dérogation à l'article 44 de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité et selon les conditions de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité, à une allocation de travail de maximum 500 EUR par mois calendrier pour le mois de l'engagement et les quinze mois suivants, pour autant que le travailleur engagé remplisse simultanément les conditions suivantes :
1° il a moins de 25 ans à la date de l'engagement;
2° il est demandeur d'emploi à la date de l'engagement;
3° il a été demandeur d'emploi pendant au moins 312 jours, calculés dans le régime des 6 jours, au cours du mois de l'engagement et des 18 mois calendrier qui précèdent.
Lorsque le travailleur n'est pas occupé à temps plein, l'allocation de travail de maximum 500 EUR, visée à l'alinéa précédent, est réduite à un montant proportionnel à la durée de travail hebdomadaire prévue contractuellement dans l'emploi à temps partiel. "
Art.2. De artikelen 7bis en 11 en het hoofdstuk IIIbis, dat de artikelen 11bis en 11ter bevat, van hetzelfde besluit worden opgeheven.
Art.2. Les articles 7bis et 11 et le chapitre IIIbis, qui comprend les articles 11bis et 11ter, du même arrêté, sont abrogés.
Art.3. Artikel 11sexies, eerste lid, 1°, van hetzelfde besluit wordt vervangen door de volgende bepaling :
" 1° hij is op de dag van de indienstneming minstens 25 jaar, maar jonger dan 45 jaar; "
" 1° hij is op de dag van de indienstneming minstens 25 jaar, maar jonger dan 45 jaar; "
Art.3. L'article 11sexies, alinéa 1er, 1°, du même arrêté est remplacé par la disposition suivante :
" 1° il est âgé d'au moins 25 ans mais de moins de 45 ans à la date de l'engagement, "
" 1° il est âgé d'au moins 25 ans mais de moins de 45 ans à la date de l'engagement, "
Art.4. Artikel 11septies van hetzelfde besluit, opgeheven bij het koninklijk besluit van 21 januari 2004, wordt hersteld in de volgende lezing :
" Art. 11septies. De werknemer tewerkgesteld bij een werkgever bedoeld in artikel 11quater en die op het ogenblik van de indienstneming uitkeringsgerechtigde volledige werkloze was, is, in afwijking van artikel 44 van het voormeld koninklijk besluit van 25 november 1991 en volgens de voorwaarden van voormeld koninklijk besluit van 25 november 1991 gedurende de maand van indienstneming en de 59 daaropvolgende maanden gerechtigd op een werkuitkering van ten hoogste 900 EUR per kalendermaand voorzover hij tegelijk aan volgende voorwaarden voldoet :
1° hij is op de dag van de indienstneming jonger dan 25 jaar;
2° hij is werkzoekende op de dag van de indienstneming;
3° hij is werkzoekende geweest gedurende minstens 312 dagen, gerekend in het zesdagenstelsel, in de loop van de maand van indienstneming en de 18 kalendermaanden daaraan voorafgaand.
Indien de werknemer niet voltijds is tewerkgesteld, wordt de werkuitkering van maximum 900 EUR bedoeld in het vorige lid, teruggebracht tot een bedrag in verhouding tot de contractueel wekelijks voorziene arbeidsduur in de deeltijdse betrekking. "
" Art. 11septies. De werknemer tewerkgesteld bij een werkgever bedoeld in artikel 11quater en die op het ogenblik van de indienstneming uitkeringsgerechtigde volledige werkloze was, is, in afwijking van artikel 44 van het voormeld koninklijk besluit van 25 november 1991 en volgens de voorwaarden van voormeld koninklijk besluit van 25 november 1991 gedurende de maand van indienstneming en de 59 daaropvolgende maanden gerechtigd op een werkuitkering van ten hoogste 900 EUR per kalendermaand voorzover hij tegelijk aan volgende voorwaarden voldoet :
1° hij is op de dag van de indienstneming jonger dan 25 jaar;
2° hij is werkzoekende op de dag van de indienstneming;
3° hij is werkzoekende geweest gedurende minstens 312 dagen, gerekend in het zesdagenstelsel, in de loop van de maand van indienstneming en de 18 kalendermaanden daaraan voorafgaand.
Indien de werknemer niet voltijds is tewerkgesteld, wordt de werkuitkering van maximum 900 EUR bedoeld in het vorige lid, teruggebracht tot een bedrag in verhouding tot de contractueel wekelijks voorziene arbeidsduur in de deeltijdse betrekking. "
Art.4. L'article 11septies du même arrêté, supprimé par l'arrêté royal du 21 janvier 2004, est rétabli comme suit :
" Art. 11septies. Le travailleur occupé par un employeur visé par l'article 11quater et qui au moment de l'engagement était chômeur complet indemnisé, a droit, par dérogation à l'article 44 de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité et selon les conditions de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité, à une allocation de travail de maximum 900 EUR par mois calendrier pour le mois de l'engagement et pour les 59 mois suivants, pour autant qu'il remplisse simultanément les conditions suivantes :
1° il a moins de 25 ans à la date de l'engagement;
2° il est demandeur d'emploi à la date de l'engagement;
3° il a été demandeur d'emploi pendant au moins 312 jours, calculés dans le régime des 6 jours, au cours du mois de l'engagement et des 18 mois calendrier qui précèdent.
Lorsque le travailleur n'est pas occupé à temps plein, l'allocation de travail de maximum 900 EUR, visée à l'alinéa précédent, est réduite à un montant proportionnel à la durée de travail hebdomadaire prévue contractuellement dans l'emploi à temps partiel. "
" Art. 11septies. Le travailleur occupé par un employeur visé par l'article 11quater et qui au moment de l'engagement était chômeur complet indemnisé, a droit, par dérogation à l'article 44 de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité et selon les conditions de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité, à une allocation de travail de maximum 900 EUR par mois calendrier pour le mois de l'engagement et pour les 59 mois suivants, pour autant qu'il remplisse simultanément les conditions suivantes :
1° il a moins de 25 ans à la date de l'engagement;
2° il est demandeur d'emploi à la date de l'engagement;
3° il a été demandeur d'emploi pendant au moins 312 jours, calculés dans le régime des 6 jours, au cours du mois de l'engagement et des 18 mois calendrier qui précèdent.
Lorsque le travailleur n'est pas occupé à temps plein, l'allocation de travail de maximum 900 EUR, visée à l'alinéa précédent, est réduite à un montant proportionnel à la durée de travail hebdomadaire prévue contractuellement dans l'emploi à temps partiel. "
Art.5. In artikel 13 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
A) De woorden " artikelen 7, 7bis, 10, 11, 11ter, 11sexies en 11octies " vijf keer vervangen door de woorden " artikelen 7, 10 en 11sexies tot 11octies ".
B) Een nieuw tiende lid wordt ingevoegd, dat als volgt luidt :
" Indien de werkzoekende in de loop van de geldigheidsperiode van drie maanden, bedoeld in het zevende tot negende lid, de leeftijd van 25 jaar, respectievelijk 45 jaar bereikt, wordt de geldigheid van de werkkaart, in afwijking van het zevende tot negende lid, beperkt tot de dag vóór die waarop de werkzoekende de leeftijd van 25 jaar, respectievelijk 45 jaar bereikt. "
A) De woorden " artikelen 7, 7bis, 10, 11, 11ter, 11sexies en 11octies " vijf keer vervangen door de woorden " artikelen 7, 10 en 11sexies tot 11octies ".
B) Een nieuw tiende lid wordt ingevoegd, dat als volgt luidt :
" Indien de werkzoekende in de loop van de geldigheidsperiode van drie maanden, bedoeld in het zevende tot negende lid, de leeftijd van 25 jaar, respectievelijk 45 jaar bereikt, wordt de geldigheid van de werkkaart, in afwijking van het zevende tot negende lid, beperkt tot de dag vóór die waarop de werkzoekende de leeftijd van 25 jaar, respectievelijk 45 jaar bereikt. "
Art.5. A l'article 13 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
A) Les mots " articles 7, 7bis, 10, 11, 11ter, 11sexies et 11octies " sont cinq fois remplacés par les mots " articles 7, 10 et 11sexies à 11octies ".
B) Un nouvel alinéa 10 est inséré et rédigé comme suit :
" Si, au cours de la période de validité de trois mois, visée à l'alinéa 7 à 9, le demandeur d'emploi atteint l'âge de 25 ans ou respectivement de 45 ans, la validité de la carte de travail, par dérogation à l'alinéa 7 à 9, est limitée au jour précédent celui au cours duquel le demandeur d'emploi atteint l'âge de 25 ans ou respectivement de 45 ans. "
A) Les mots " articles 7, 7bis, 10, 11, 11ter, 11sexies et 11octies " sont cinq fois remplacés par les mots " articles 7, 10 et 11sexies à 11octies ".
B) Un nouvel alinéa 10 est inséré et rédigé comme suit :
" Si, au cours de la période de validité de trois mois, visée à l'alinéa 7 à 9, le demandeur d'emploi atteint l'âge de 25 ans ou respectivement de 45 ans, la validité de la carte de travail, par dérogation à l'alinéa 7 à 9, est limitée au jour précédent celui au cours duquel le demandeur d'emploi atteint l'âge de 25 ans ou respectivement de 45 ans. "
Art.6. In artikel 14 van hetzelfde besluit worden de woorden " hoofdstukken II, III, IIIbis en IIIter " vervangen door de woorden " hoofdstukken II, III en IIIter ".
Art.6. A l'article 14 du même arrêté, les mots " chapitres II, III, IIIbis et IIIter " sont remplacés par les mots " chapitres II, III et IIIter ".
Art.7. In artikel 15, § 1, eerste lid van hetzelfde besluit worden de woorden " artikelen 7, 7bis, 10, 11, 11ter, 11sexies en 11octies " vervangen door de woorden " artikelen 7, 10 en 11sexies tot 11octies ".
Art.7. A l'article 15, § 1er, alinéa premier du même arrêté, les mots " articles 7, 7bis, 10, 11, 11ter, 11sexies et 11octies " sont remplacés par les mots " articles 7, 10 et 11sexies à 11octies ".
Art.8. In artikel 17bis, eerste lid van hetzelfde besluit worden de woorden " artikelen 7, 7bis, 10, 11 en 11ter " vervangen door de woorden " artikelen 7 en 10 ".
Art.8. A l'article 17bis, alinéa premier du même arrêté, les mots " articles 7, 7bis, 10, 11 et 11ter " sont remplacés par les mots " articles 7 et 10 ".
HOOFDSTUK II. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 (I), betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen.
CHAPITRE II. - Modifications de l'arrêté royal du 16 mai 2003 pris en exécution du Chapitre 7 du Titre IV de la loi-programme du 24 décembre 2002 (I), visant à harmoniser et à simplifier les régimes de réductions des cotisations de sécurité sociale.
Art.9. In artikel 8 van het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 (I), betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen worden de woorden " artikelen 9, 9bis, 9ter en 12 " vervangen door de woorden " artikelen 9, 9bis en 12 ".
Art.9. A l'article 8 de l'arrêté royal du 16 mai 2003 pris en exécution du Chapitre 7 du Titre IV de la loi-programme du 24 décembre 2002 (I), visant à harmoniser et à simplifier les régimes de réductions des cotisations de sécurité sociale, les mots " articles 9, 9bis, 9ter et 12 " sont remplacés par les mots " articles 9, 9bis et 12 ".
Art.10. In artikel 9bis van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
(A) 1°, eerste lid, a) wordt vervangen door de volgende bepaling :
" a) hij is op de dag van de indienstneming minstens 25 jaar, maar jonger dan 45 jaar; ")
B) een 3° wordt ingevoegd die als volgt luidt :
" 3° een forfaitaire vermindering G1 tijdens het kwartaal van indienstneming en de daaropvolgende twintig kwartalen voor zover de aangeworven werknemer tegelijk aan volgende voorwaarden voldoet :
a) hij is op de dag van de indienstneming jonger dan 25 jaar;
b) hij is werkzoekende op de dag van de indienstneming;
c) hij is werkzoekende geweest gedurende minstens 312 dagen, gerekend in het zesdagenstelsel, in de loop van de maand van indienstneming en de 18 kalendermaanden daaraan voorafgaand.
De werknemer die een tewerkstelling, bedoeld in artikel 4 van het koninklijk besluit van 19 december 2001, verderzet, moet evenwel niet voldoen aan de voorwaarde bedoeld in het vorige lid, b). "
(A) 1°, eerste lid, a) wordt vervangen door de volgende bepaling :
" a) hij is op de dag van de indienstneming minstens 25 jaar, maar jonger dan 45 jaar; ")
B) een 3° wordt ingevoegd die als volgt luidt :
" 3° een forfaitaire vermindering G1 tijdens het kwartaal van indienstneming en de daaropvolgende twintig kwartalen voor zover de aangeworven werknemer tegelijk aan volgende voorwaarden voldoet :
a) hij is op de dag van de indienstneming jonger dan 25 jaar;
b) hij is werkzoekende op de dag van de indienstneming;
c) hij is werkzoekende geweest gedurende minstens 312 dagen, gerekend in het zesdagenstelsel, in de loop van de maand van indienstneming en de 18 kalendermaanden daaraan voorafgaand.
De werknemer die een tewerkstelling, bedoeld in artikel 4 van het koninklijk besluit van 19 december 2001, verderzet, moet evenwel niet voldoen aan de voorwaarde bedoeld in het vorige lid, b). "
Art.10. A l'article 9bis du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
(A) 1°, alinéa premier, a) est remplacé par la disposition suivante :
" a) il est âgé d'au moins 25 ans mais de moins de 45 ans à la date de l'engagement; ")
B) un 3°, dont le texte est le suivant, est ajouté :
" 3° une diminution forfaitaire G1 pendant le trimestre de l'engagement et les vingt trimestres suivants pour autant que le travailleur engagé remplisse simultanément les conditions suivantes :
a) il a moins de 25 ans à la date de l'engagement;
b) il est demandeur d'emploi à la date de l'engagement;
c) il a été demandeur d'emploi pendant au moins 312 jours, calculés dans le régime des 6 jours, au cours du mois de l'engagement et des 18 mois calendrier qui précèdent.
Le travailleur qui poursuit une occupation visée à l'article 4 de l'arrêté royal du 19 décembre 2001, ne doit toutefois pas remplir la condition visée à l'alinéa précédent, b). "
(A) 1°, alinéa premier, a) est remplacé par la disposition suivante :
" a) il est âgé d'au moins 25 ans mais de moins de 45 ans à la date de l'engagement; ")
B) un 3°, dont le texte est le suivant, est ajouté :
" 3° une diminution forfaitaire G1 pendant le trimestre de l'engagement et les vingt trimestres suivants pour autant que le travailleur engagé remplisse simultanément les conditions suivantes :
a) il a moins de 25 ans à la date de l'engagement;
b) il est demandeur d'emploi à la date de l'engagement;
c) il a été demandeur d'emploi pendant au moins 312 jours, calculés dans le régime des 6 jours, au cours du mois de l'engagement et des 18 mois calendrier qui précèdent.
Le travailleur qui poursuit une occupation visée à l'article 4 de l'arrêté royal du 19 décembre 2001, ne doit toutefois pas remplir la condition visée à l'alinéa précédent, b). "
Art.11. Artikel 9ter van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art.11. L'article 9ter du même arrêté est supprimé.
Art.12. In artikel 10 van hetzelfde besluit worden de woorden " artikelen 9, 9bis en 9ter " drie keer vervangen door de woorden " artikelen 9 en 9bis ".
Art.12. A l'article 10 du même arrêté, les mots " articles 9, 9bis et 9ter " sont remplacés trois fois par les mots " articles 9 et 9bis ".
Art.13. In artikel 11 van hetzelfde besluit worden de woorden " artikelen 9, 9bis en 9ter " twee keer vervangen door de woorden " artikelen 9 en 9bis ".
Art.13. A l'article 11 du même arrêté, les mots " articles 9, 9bis et 9ter " sont remplacés deux fois par les mots " articles 9 et 9bis ".
Art.14. In artikel 14bis van hetzelfde besluit worden de woorden " artikelen 9, 9bis of 9ter " vervangen door de woorden " artikelen 9 of 9bis ".
Art.14. A l'article 14bis du même arrêté, les mots " articles 9, 9bis ou 9ter " sont remplacés par les mots " articles 9 ou 9bis ".
HOOFDSTUK III. - Slot- en overgangsbepalingen.
CHAPITRE III. - Dispositions finales et transitoires.
Art.15. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2007.
De werkkaarten bedoeld in artikel 13 van het voormelde koninklijk besluit van 19 december 2001, die na 30 september 2006 zijn afgeleverd en die bevestigen dat een werknemer voldoet aan de voorwaarden van artikel 7bis, 11 of 11ter van het voormelde koninklijk besluit van 19 december 2001 zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van dit besluit en/of aan de voorwaarden van artikel 9ter van het voormelde koninklijk besluit van 16 mei 2003 zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van dit besluit, verliezen hun geldigheid uiterlijk op 31 december 2006.
De werknemer die op de datum van publicatie van dit besluit in het Belgisch Staatsblad de werkuitkering geniet bedoeld in artikel 7bis, 11 of 11ter van het voormelde koninklijk besluit van 19 december 2001 zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van dit besluit, kan deze verder genieten vanaf de datum van inwerkingtreding van dit besluit, onder de voorwaarden vastgesteld in die artikelen, doch in ieder geval beperkt tot de lopende tewerkstelling.
De werkgever die op de datum van publicatie van dit besluit in het Belgisch Staatsblad de doelgroepvermindering geniet bedoeld in artikel 9ter van het voormelde koninklijk besluit van 16 mei 2003 zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van dit besluit, kan deze verder genieten vanaf de datum van inwerkingtreding van dit besluit, onder de voorwaarden vastgesteld in dat artikel, doch in ieder geval beperkt tot de lopende tewerkstelling.
De artikelen 1, 4 en 10, B), zijn toepasselijk indien de werknemer ten vroegste vanaf de datum van inwerkingtreding van dit besluit in dienst is getreden.
De werkkaarten bedoeld in artikel 13 van het voormelde koninklijk besluit van 19 december 2001, die na 30 september 2006 zijn afgeleverd en die bevestigen dat een werknemer voldoet aan de voorwaarden van artikel 7bis, 11 of 11ter van het voormelde koninklijk besluit van 19 december 2001 zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van dit besluit en/of aan de voorwaarden van artikel 9ter van het voormelde koninklijk besluit van 16 mei 2003 zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van dit besluit, verliezen hun geldigheid uiterlijk op 31 december 2006.
De werknemer die op de datum van publicatie van dit besluit in het Belgisch Staatsblad de werkuitkering geniet bedoeld in artikel 7bis, 11 of 11ter van het voormelde koninklijk besluit van 19 december 2001 zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van dit besluit, kan deze verder genieten vanaf de datum van inwerkingtreding van dit besluit, onder de voorwaarden vastgesteld in die artikelen, doch in ieder geval beperkt tot de lopende tewerkstelling.
De werkgever die op de datum van publicatie van dit besluit in het Belgisch Staatsblad de doelgroepvermindering geniet bedoeld in artikel 9ter van het voormelde koninklijk besluit van 16 mei 2003 zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van dit besluit, kan deze verder genieten vanaf de datum van inwerkingtreding van dit besluit, onder de voorwaarden vastgesteld in dat artikel, doch in ieder geval beperkt tot de lopende tewerkstelling.
De artikelen 1, 4 en 10, B), zijn toepasselijk indien de werknemer ten vroegste vanaf de datum van inwerkingtreding van dit besluit in dienst is getreden.
Art.15. Le présent arrêté produit ses effets à partir du 1er janvier 2007.
Les cartes de travail visées à l'article 13 de l'arrêté royal précité du 19 décembre 2001 qui ont été délivrées après le 30 septembre 2006 et qui confirment qu'un travailleur remplit les conditions des articles 7bis, 11 ou 11ter de l'arrêté royal précité du 19 décembre 2001 tel que d'application avant l'entrée en vigueur de cet arrêté et/ou les conditions de l'article 9ter de l'arrêté royal précité du 16 mai 2003 tel que d'application avant l'entrée en vigueur de cet arrêté, perdent leur validité au plus tard le 31 décembre 2006.
Le travailleur qui, à la date de la publication au Moniteur belge de cet arrêté, bénéficie de l'allocation de travail visée aux articles 7bis, 11 ou 11ter de l'arrêté royal précité du 19 décembre 2001 tel que d'application avant l'entrée en vigueur de cet arrêté, peut continuer à bénéficier de celle-ci à partir de la date de l'entrée en vigueur de cet arrêté, dans les conditions fixées dans ces articles mais en tout cas dans les limites de l'occupation en cours.
Le travailleur qui, à la date de la publication au Moniteur belge de cet arrêté, bénéficie de la réduction groupe cible visée à l'article 9ter de l'arrêté royal précité du 16 mai 2003 tel que d'application avant l'entrée en vigueur de cet arrêté, peut continuer à bénéficier de celle-ci à partir de la date de l'entrée en vigueur de cet arrêté, dans les conditions fixées dans ces articles mais en tout cas dans les limites de l'occupation en cours.
Les articles 1er, 4 et 10, B), s'appliquent si le travailleur est entré en service au plus tôt à partir de la date d'entrée en vigueur de présent arrêté.
Les cartes de travail visées à l'article 13 de l'arrêté royal précité du 19 décembre 2001 qui ont été délivrées après le 30 septembre 2006 et qui confirment qu'un travailleur remplit les conditions des articles 7bis, 11 ou 11ter de l'arrêté royal précité du 19 décembre 2001 tel que d'application avant l'entrée en vigueur de cet arrêté et/ou les conditions de l'article 9ter de l'arrêté royal précité du 16 mai 2003 tel que d'application avant l'entrée en vigueur de cet arrêté, perdent leur validité au plus tard le 31 décembre 2006.
Le travailleur qui, à la date de la publication au Moniteur belge de cet arrêté, bénéficie de l'allocation de travail visée aux articles 7bis, 11 ou 11ter de l'arrêté royal précité du 19 décembre 2001 tel que d'application avant l'entrée en vigueur de cet arrêté, peut continuer à bénéficier de celle-ci à partir de la date de l'entrée en vigueur de cet arrêté, dans les conditions fixées dans ces articles mais en tout cas dans les limites de l'occupation en cours.
Le travailleur qui, à la date de la publication au Moniteur belge de cet arrêté, bénéficie de la réduction groupe cible visée à l'article 9ter de l'arrêté royal précité du 16 mai 2003 tel que d'application avant l'entrée en vigueur de cet arrêté, peut continuer à bénéficier de celle-ci à partir de la date de l'entrée en vigueur de cet arrêté, dans les conditions fixées dans ces articles mais en tout cas dans les limites de l'occupation en cours.
Les articles 1er, 4 et 10, B), s'appliquent si le travailleur est entré en service au plus tôt à partir de la date d'entrée en vigueur de présent arrêté.
Art. 16. Onze Minister van Werk en Onze Minister van Sociale Zaken zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 28 maart 2007.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Werk,
P. VANVELTHOVEN
De Minister van Sociale Zaken,
R. DEMOTTE.
Gegeven te Brussel, 28 maart 2007.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Werk,
P. VANVELTHOVEN
De Minister van Sociale Zaken,
R. DEMOTTE.
Art. 16. Notre Ministre de l'Emploi et Notre Ministre des Affaires sociales sont chargés, chacun pour ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.
Donné à Bruxelles, le 28 mars 2007.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre de l'Emploi
P. VANVELTHOVEN
Le Ministre des Affaires Sociales,
R. DEMOTTE.
Donné à Bruxelles, le 28 mars 2007.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre de l'Emploi
P. VANVELTHOVEN
Le Ministre des Affaires Sociales,
R. DEMOTTE.