Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
30 MAART 2007. - Decreet betreffende de Brownfieldconvenanten (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 19-06-2007 en tekstbijwerking tot 19-01-2023)
Titre
30 MARS 2007. - Décret relatif aux conventions Brownfield (TRADUCTION) (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 19-06-2007 et mise à jour au 19-01-2023)
Documentinformatie
Info du document
Tekst (44)
Texte (44)
HOOFDSTUK I. - Algemene bepaling.
CHAPITRE Ier. - Disposition générale.
Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid.
  De artikelen 18, 19 en 20 regelen tevens een gemeenschapsaangelegenheid.
Article 1. Le présent décret règle une matière régionale.
  Les articles 18, 19 et 20 règlent également une matière communautaire.
HOOFDSTUK II. - Begrippen.
CHAPITRE II. - Définitions.
Art.2. Een Brownfield is een geheel van verwaarloosde of onderbenutte gronden die zodanig zijn aangetast, dat zij kennelijk slechts gebruikt of opnieuw gebruikt kunnen worden door middel van structurele maatregelen.
  [1 ...]1
  
Art.2. Un Brownfield est un ensemble de terrains négligés ou sous-exploités qui sont pollués au point de ne pouvoir manifestement être utilisés ou réutilisés que par le biais de mesures structurelles.
  [1 ...]1
  
Art.3. § 1. Een Brownfieldproject is een omschreven geheel van structurele maatregelen dat via de herontwikkeling van een Brownfield leidt tot realisaties op economisch, sociaal en milieuvlak.
  Onder herontwikkeling worden één of meer van de volgende handelingen verstaan :
  1° de verwerving van projectgronden;
  2° de (her)uitrusting van projectgronden en de (her)aanleg van nuttige infrastructuur;
  3° de afbraak, uitbreiding en/of modernisering van de op de projectgronden gelegen constructies;
  4° de inplanting van nieuwe constructies op projectgronden;
  5° de ontplooiing van nieuwe activiteiten op projectgronden.
  § 2. Bij een Brownfieldproject [1 kunnen de volgende personen en instanties een actorrol vervullen]1 :
  1° de projectontwikkelaars;
  2° de natuurlijke of private, publieke of publiek-private rechtspersonen die op grond van hun eigendomsrecht of overige zakelijke rechten toestemming moeten verlenen voor handelingen of activiteiten in het kader van het Brownfieldproject;
  3° de natuurlijke of private, publieke of publiek-private rechtspersonen die in het kader van een private of publiek-private samenwerking financiële of andere middelen in het project inbrengen.
  Bij een Brownfieldproject kunnen volgende openbare besturen, ongeacht hun publiek- of privaatrechtelijke vormgeving, een regisseursrol vervullen :
  1° de betrokken gemeente- en provinciebesturen;
  2° de openbare besturen die een goedkeuring, machtiging of vergunning dienen te verlenen aan handelingen of activiteiten in het kader van het Brownfieldproject;
  3° de openbare besturen die het Brownfieldproject, of onderdelen daarvan, subsidiëren;
  4° de openbare besturen waarvan de werking gericht is op de regionale, provinciale, streekgebonden of gemeentelijke reconversie of ontwikkeling.
  De Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij kan zowel een actor- als een regisseursrol vervullen bij Brownfieldprojecten waarbij projectgronden, of delen daarvan, verontreinigd of potentieel verontreinigd zijn.
  Voor de toepassing van het tweede lid wordt onder openbare besturen verstaan :
  1° rechtspersonen die zijn opgericht bij of krachtens de Grondwet, een wet, decreet of ordonnantie;
  2° natuurlijke personen, rechtspersonen of groeperingen van natuurlijke of rechtspersonen waarvan de werking bepaald en gecontroleerd wordt door een openbaar bestuur als vermeld in 1°;
  3° natuurlijke personen, rechtspersonen of groeperingen van natuurlijke of rechtspersonen, voor zover zij door een openbaar bestuur als vermeld in 1° zijn belast met de uitoefening van een taak van algemeen belang of voor zover zij een taak van algemeen belang behartigen en beslissingen nemen die derden binden.
  [1 § 3. Projectgronden zijn gronden binnen een brownfield die geografisch aaneensluitend zijn of binnen een gebied liggen met een homogene graad van verwaarlozing of onderbenutting en die deel uitmaken van een brownfieldproject. De oppervlakte van het geheel van de projectgronden laat toe om gecoördineerde bewerkingen voor de volledige brownfield uit te voeren.]1
  [1 § 4. Het projectgebied is het gebied dat de projectgronden omvat.]1
  
Art.3. § 1er. Un projet Brownfield est un ensemble déterminé de mesures structurelles qui, à travers le redéveloppement d'un Brownfield, conduit à des réalisations sur le plan économique, social et environnemental.
  Par redéveloppement, on entend une ou plusieurs des actions suivantes :
  1° l'acquisition de terrains de projet;
  2° le (ré)aménagement de terrains de projet et la (re)construction d'infrastructures utiles;
  3° la démolition, l'extension et/ou la modernisation des constructions situées sur les terrains de projet;
  4° l'implantation de nouvelles constructions sur des terrains de projet;
  5° le développement de nouvelles activités sur des terrains de projet.
  § 2. Dans un projet Brownfield [1 les personnes et instances suivantes peuvent jouer un rôle d'acteur]1 :
  1° les promoteurs de projet;
  2° les personnes physiques ou les personnes morales privées, publiques ou publiques-privées qui, en vertu de leur droit de propriété ou d'autres droits réels, doivent autoriser les actions ou activités dans le cadre du projet Brownfield;
  3° les personnes physiques ou les personnes morales privées, publiques ou publiques-privées qui, dans le cadre d'un partenariat privé ou public-privé, apportent des ressources financières ou autres dans le projet.
  Dans un projet Brownfield les administrations publiques suivantes, qu'elles soient de droit public ou privé, peuvent jouer un rôle de régisseur :
  1° les administrations communales et provinciales concernées;
  2° les administrations publiques qui doivent approuver, habiliter ou autoriser les actions ou activités dans le cadre du projet Brownfield;
  3° les administrations publiques qui subventionnent le projet Brownfield ou ses parties;
  4° les administrations publiques dont le fonctionnement est consacré à la reconversion ou au développement régionaux, provinciaux, communaux ou de terroir.
  La "Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij" (Société publique flamande des Déchets pour la Région flamande) peut jouer un rôle tant d'acteur que de régisseur dans des projets Brownfield portant sur des terrains de projet, ou leurs parties, qui sont pollués ou potentiellement pollués.
  Pour l'application du deuxième alinéa, on entend par administrations publiques :
  1° des personnes morales créées par ou en vertu de la Constitution, d'une loi, d'un décret ou d'une ordonnance;
  2° des personnes physiques ou morales ou des groupements de personnes physiques ou morales dont le fonctionnement est déterminé et contrôlé par une administration publique, telle que mentionnée au 1°;
  3° des personnes physiques ou morales, ou des groupements de personnes physiques ou morales, dans la mesure où ils sont chargés par une administration publique, telle que mentionnée au 1°, de l'exécution d'une tâche d'intérêt général ou dans la mesure où ils assurent une tâche d'intérêt général et prennent des décisions liant des tiers.
  [1 § 3. Des terrains de projet sont des terrains dans un Brownfield qui sont géographiquement contigus ou qui se situent dans une zone d'un degré homogène de négligence ou de sous-exploitation et qui font partie d'un projet Brownfield. La superficie de l'ensemble des terres de projet permet d'effectuer des traitements coordonnés pour l'ensemble du Brownfield.]1
  [1 § 4. La zone de projet est la zone qui comprend les terrains de projet.]1
  
Art.4. Een Brownfieldconvenant is een overeenkomst die met inachtneming van hoofdstuk III wordt gesloten tussen de Vlaamse Regering, enerzijds, en de actoren en de regisseurs bij een Brownfieldproject, anderzijds.
  Een Brownfieldconvenant is een instrument van het grondbeleid en streeft naar een duurzame ruimtelijke ontwikkeling, als bedoeld in [1 artikel 1.1.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening]1.
  
Art.4. Une convention Brownfield est un accord conclu dans le respect du chapitre III, entre le Gouvernement flamand d'une part, et les acteurs et régisseurs d'un projet Brownfield, d'autre part.
  Une convention Brownfield est un outil de la politique foncière et vise à un développement spatial durable, tel que visé à [1 l'article 1.1.4 du Code flamand de l'Aménagement du Territoire]1.
  
HOOFDSTUK III. - Inhoud en totstandkoming van Brownfieldconvenanten.
CHAPITRE III. - Contenu et élaboration de conventions Brownfield.
Art.6. In een Brownfieldconvenant worden afspraken gemaakt over :
  1° de globale duur van het Brownfieldproject en andere aspecten van het tijdskader;
  2° de procedurele behandeling van projectgebonden aanvragen betreffende goedkeuringen, machtigingen, vergunningen of subsidies;
  3° de inspannings- en resultaatsverbintenissen van de actoren;
  4° de wijze van ondersteuning, begeleiding en aansturing van en rapportering over de voortgang van het Brownfieldproject;
  5° de gevallen waarin en de wijze waarop het Brownfieldconvenant tijdens de looptijd ervan kan worden gewijzigd;
  6° de gevallen waarin en de wijze waarop convenantspartijen in het raam van het Brownfieldconvenant onderlinge overeenkomsten kunnen sluiten;
  7° de gevallen waarin en de wijze waarop nieuwe partijen tot het Brownfieldconvenant kunnen toetreden;
  8° de nadere regelen omtrent de uittreding uit het Brownfieldconvenant, als bedoeld in artikel 10, § 2;
  9° remediërende en sanctionerende maatregelen in geval van niet-naleving van of uittreding uit het Brownfieldconvenant;
  [1 10° de verwerving van de gronden die vereist zijn voor de verwezenlijking van het brownfieldproject doch waarvoor de actoren niet beschikken over het daartoe vereiste eigendomsrecht of andere zakelijke rechten die toelaten de handelingen of activiteiten in het kader van het brownfieldproject uit te voeren.]1
  De in het eerste lid, 2°, bedoelde afspraken kunnen geen vrijstelling verlenen van bij of krachtens decreet vastgestelde procedurevereisten [2 ...]2. Zij hebben evenmin betrekking op de inhoud van de betrokken goedkeuringen, machtigingen, vergunningen of subsidies.
  
Art.6. Une convention Brownfield contient des accords sur :
  1° la durée totale du projet Brownfield et d'autres aspects du cadre temporel;
  2° le traitement procédural de demandes d'approbation, d'habilitation, d'autorisation ou de subvention liées au projet;
  3° les obligations de moyens et de résultats des acteurs;
  4° le mode de soutien, d'accompagnement et de pilotage du, et le rapportage sur la progression du projet Brownfield;
  5° les cas où et la manière dont la convention Brownfield peut être modifiée pendant sa durée;
  6° les cas où et la manière dont les parties de la convention peuvent conclure des accords communs dans le cadre de la convention Brownfield;
  7° les cas où et la manière dont de nouvelles parties peuvent accéder à la convention Brownfield;
  8° les modalités selon lesquelles une partie peut se retirer de la convention Brownfield, telles que visé à l'article 10, § 2;
  9° les mesures correctrices et de sanction en cas de non-respect ou de retrait de la convention Brownfield;
  [1 10° l'acquisition des terrains nécessaires à la réalisation du projet Brownfield, mais pour lequel les acteurs ne disposent pas du droit de propriété requis ou d'autres droits réels permettant d'effectuer des opérations ou des activités dans le cadre du projet Brownfield.]1
  Les accords visés au premier alinéa, 2°, ne peuvent pas dispenser des exigences procédurales arrêtées par décret ou en vertu d'un décret [2 ...]2. Ils ne portent pas non plus sur le contenu des approbations, des habilitations, des autorisations et des subventions concernées.
  
Art.7. De Vlaamse Regering sluit slechts een Brownfieldconvenant indien de betrokken actoren de stabiliteit, slaagkansen en relevantie van het project op kennelijk voldoende wijze hebben gemotiveerd door middel van :
  1° de omschrijving van de ligging en de staat van de projectgronden;
  2° de omschrijving van een globale visie en feitelijke elementen die onderbouwen dat het voorgestelde Brownfieldproject meerwaarden creëert op sociaal, economisch en milieuvlak;
  3° de omschrijving van de structurele uitwerking van het Brownfieldproject;
  4° een financieel plan;
  5° de omschrijving van de expertise en de kredietwaardigheid van de projectontwikkelaar(s);
  [1 6° een beschrijving van de noodzaak van de verwerving van de gronden die vereist zijn voor de verwezenlijking van het brownfieldproject doch waarvoor de actoren niet beschikken over het daartoe vereiste eigendomsrecht of andere zakelijke rechten die toelaten de handelingen of activiteiten in het kader van het brownfieldproject uit te voeren.]1
  De Vlaamse Regering kan de in het eerste lid bedoelde voorwaarden verfijnen.
  
Art.7. Le Gouvernement flamand ne conclut une convention Brownfield que si les acteurs concernés ont motivé la stabilité, les chances de réussite et la pertinence du projet de façon manifestement suffisante, par le biais de :
  1° la description de la localisation et de l'état des terrains de projet;
  2° la description d'une vision globale et d'éléments de fait, étayant que le projet Brownfield proposé génère des plus-values sur le plan social, économique et environnemental;
  3° la description de l'élaboration structurelle du projet Brownfield;
  4° un plan financier;
  5° la description de la compétence et de la solvabilité du ou des promoteurs de projet;
  [1 6° une description de la nécessité de l'acquisition des terrains nécessaires à la réalisation du projet Brownfield, mais pour lequel les acteurs ne disposent pas du droit de propriété requis ou d'autres droits réels permettant d'effectuer des opérations ou des activités dans le cadre du projet Brownfield.]1
  Le Gouvernement flamand peut affiner les conditions visées au premier alinéa.
  
Art.8. § 1. [1 De in artikel 3, § 2, bedoelde actoren kunnen de Vlaamse Regering gezamenlijk verzoeken om over te gaan tot onderhandelingen over een brownfieldconvenant door middel van een standaard aanvraagformulier, dat minstens wordt ondertekend door of in naam van de vermelde actoren die gezamenlijk beschikken over het eigendomsrecht of de overige zakelijke rechten die vereist zijn om toestemming te verlenen voor de handelingen en activiteiten in het kader van het brownfieldproject op meer dan 70 % van de oppervlakte van de projectgronden.]1 Het standaardaanvraagformulier wordt vergezeld van een beperkt rapport, waarvan de sjabloon door de Vlaamse Regering wordt vastgelegd. Indien een aanvraag betrekking heeft op een Brownfieldproject waarbij de projectgronden, of delen daarvan, verontreinigd of potentieel verontreinigd zijn, wordt de aanvraag tevens vergezeld van de voorhanden zijnde gegevens aangaande de al dan niet potentiële bodemverontreiniging.
  De Vlaamse Regering kan bepalen dat de standaardaanvraagformulieren worden ingediend op grond van een oproepsysteem. Zij kan in de oproep specifieke projectkenmerken opnemen op het vlak van de doelstellingen van het Brownfieldproject of de aard van de geplande herontwikkeling, de karakteristieken van de projectgronden of het gebied waarin het Brownfieldproject gelegen is, of de aard of samenstelling van de projectstructuur. [3 ...]3.
  § 2. [3 De voorlopige afbakening van het projectgebied vermeld in het aanvraagformulier wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. De eigenaars en de houders van andere zakelijke rechten op projectgronden die niet optreden als actor worden met een aangetekende brief op de hoogte gebracht van de voorlopige afbakening van het projectgebied, vermeld in het aanvraagformulier. Alle belanghebbenden kunnen tegen de voorlopige afbakening van het projectgebied bezwaar indienen bij de Vlaamse Regering binnen een termijn van dertig dagen te rekenen vanaf de dag na de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad of, indien kennisgeving vereist is, binnen een termijn van dertig dagen vanaf de kennisgeving.
   De Vlaamse Regering beslist over de ontvankelijkheid en gegrondheid van de aanvraag nadat ze de ingediende bezwaren beoordeeld heeft.
   Als een aanvraag onontvankelijk of ongegrond is, biedt de Vlaamse Regering de mogelijkheid om het gebrek binnen een door de Vlaamse Regering bepaalde termijn te remediëren. De Vlaamse Regering geeft daarbij duidelijk aan welke elementen tot de onontvankelijkheid of ongegrondheid hebben geleid. Als van die mogelijkheid niet, of niet op afdoende wijze, wordt gebruikgemaakt, verklaart de Vlaamse Regering de aanvraag definitief onontvankelijk of ongegrond.
   Indien de aanvraag ontvankelijk en gegrond wordt bevonden, organiseert de Vlaamse Regering onderhandelingen tussen de mogelijke convenantspartijen]3
.
  § 3. [3 ...]3.
  [2 Voor ontvankelijk en gegrond verklaarde projectaanvragen, waar na een redelijke termijn blijkt dat geen perspectief bestaat op het kunnen afsluiten van een Brownfieldconvenant, kan de Vlaamse Regering, op gemotiveerd advies van de Brownfieldcel, beslissen de onderhandelingen stop te zetten.
   De Vlaamse Regering engageert zich tot minimaal één oproep per jaar. Bijkomende oproepen zijn steeds mogelijk.]2

  § 4. De onderhandelingen leiden desgevallend tot een ontwerp van Brownfieldconvenant, waaromtrent ten minste één informatie- en inspraakvergadering in de betrokken regio wordt georganiseerd.
  Bij de definitieve sluiting van het Brownfieldconvenant [3 spreekt de Vlaamse Regering zich uit over]3 de opmerkingen, aanbevelingen en bezwaren die tijdens deze vergadering of vergaderingen worden geformuleerd.
  § 5. Een definitief gesloten Brownfieldconvenant is te allen tijde raadpleegbaar op het gemeentehuis van de gemeenten waarbinnen het betrokken Brownfieldproject wordt georganiseerd.
  [4 De convenantspartijen die behoren tot de Vlaamse overheid of de lokale overheden of die instellingen met een publieke taak of milieu-instanties zijn in de zin van artikel I.3, 6°, van het Bestuursdecreet van 7 december 2018, maken afspraken omtrent de wijze waarop zij met betrekking tot het Brownfieldconvenant gezamenlijk zullen voldoen aan hun verplichtingen op het vlak van overheidscommunicatie ingevolge artikel II.2 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018.]4
  § 6. De Vlaamse Regering kan nadere regelen vastleggen omtrent het verloop van de in dit artikel bedoelde procedure.
  
Art.8. § 1er. [1 Les acteurs, visés à l'article 3, § 2, peuvent inviter conjointement le Gouvernement flamand à procéder à des négociations sur une convention Brownfield par le moyen d'un formulaire de demande standardisé, signé au moins par ou au nom des acteurs mentionnés disposant conjointement du droit de propriété ou des autres droits réels requis pour autoriser les opérations et activités dans le cadre du projet Brownfield sur une superficie supérieure à 70 % de la superficie des terrains de projet.]1 Le formulaire de demande standardisé est accompagné d'un rapport succinct dont le modèle est fixé par le Gouvernement flamand. Lorsqu'une demande concerne un projet Brownfield portant sur des terrains, ou leurs parties, pollués ou potentiellement pollués, la demande est accompagnée des données disponibles relatives à la pollution du sol, potentielle ou non.
  Le Gouvernement flamand peut arrêter que les formulaires de demande standardisés sont soumis sur la base d'un système d'appel. Dans son appel il peut inclure des critères de projet spécifiques au niveau des objectifs du projet Brownfield ou de la nature du redéveloppement projeté, des caractéristiques des terrains de projet ou de la zone d'action du projet Brownfield, ou encore de la nature ou de la composition de la structure du projet. [3 ...]3.
  § 2. [3 La délimitation provisoire de la zone de projet mentionnée dans le formulaire de demande est publiée au Moniteur belge. Les propriétaires et les détenteurs d'autres droits réels sur des terrains de projet n'agissant pas comme des acteurs, sont mis au courant, par lettre recommandée, de la délimitation provisoire de la zone de projet mentionnée dans le formulaire de demande. Tous les intéressés peuvent introduire un recours auprès du Gouvernement flamand contre la délimitation provisoire de la zone de projet, dans un délai de trente jours, à compter du jour suivant la date de la publication au Moniteur belge ou lorsque la notification est requise, dans un délai de trente jours après la notification.
   Le Gouvernement flamand prend une décision sur la recevabilité et le bien-fondé de la demande, après l'évaluation des objections déposées.
   Lorsqu'une demande est irrecevable ou non fondée, le Gouvernement flamand offre la possibilité de remédier au défaut dans un délai fixé par le Gouvernement flamand, en indiquant clairement les éléments ayant conduit à l'irrecevabilité ou l'illégitimité. Si cette possibilité n'est pas ou insuffisamment mise à profit, le Gouvernement flamand déclare la demande définitivement irrecevable ou non fondée.
   Lorsque la demande est jugée recevable et fondée, le Gouvernement flamand organise des négociations entre les éventuelles parties de la convention]3
.
  § 3. [3 ...]3.
  [2 Pour les demandes de projet déclarées recevables et fondées, où il apparaît après un délai raisonnable qu'il n'est pas possible de conclure une convention Brownfield, le Gouvernement flamand peut décider, sur avis motivé de la cellule Brownfield, de mettre fin aux négociations.
   Le Gouvernement flamand s'engage à au moins un appel par an. Des appels additionnels sont toujours possibles.]2

  § 4. Le cas échéant, les négociations mènent à un projet de convention Brownfield, auquel sera consacrée au moins une réunion d'information participative dans la zone concernée.
  Lors de la conclusion définitive de la convention Brownfield, [3 le Gouvernement flamand se prononce sur les remarques, les recommandations et les objections]3 formulées au cours de cette ou de ces réunions.
  § 5. Une convention Brownfield définitivement conclue est consultable à tout moment aux maisons communales des communes, au sein desquelles le projet Brownfield est organisé.
  [4 Les parties à la convention qui relèvent de l'Autorité flamande ou des autorités locales ou qui sont des institutions investies d'une mission de service public ou des instances environnementales au sens de l'article I.3, 6° du Décret de gouvernance du 7 décembre 2018, concluent des accords sur la manière dont elles satisferont conjointement, en ce qui concerne la convention Brownfield, aux obligations relatives à la communication publique conformément à l'article II.2 du Décret de gouvernance du 7 décembre 2018.]4
  § 6. Le Gouvernement flamand peut arrêter des modalités de déroulement de la procédure visée au présent article.
  
Art.9. Een Brownfieldconvenant is een overeenkomst naar burgerlijk recht.
  De Vlaamse Regering, de van het Vlaamse Gewest afhangende besturen en de lokale besturen vaardigen geen regelen of richtlijnen uit die strengere eisen omvatten dan de voorwaarden die zijn opgenomen in een geldend Brownfieldconvenant, behoudens indien deze zijn ingegeven door een dringende noodzaak of door dwingende verplichtingen van internationaal- of Europeesrechtelijke aard.
Art.9. Une convention Brownfield est une convention de droit civil.
  Le Gouvernement flamand, les administrations relevant de la Région flamande et les administrations locales n'arrêtent pas de règles ni de directives qui imposent des exigences plus strictes que les conditions reprises dans une convention Brownfield en vigueur, sauf si elles répondent à une nécessité urgente ou à des obligations contraignantes de droit international ou européen.
Art.10. § 1. Nieuwe partijen kunnen tot een Brownfieldconvenant toetreden in de gevallen en op de wijze bepaald in het Brownfieldconvenant.
  § 2. Een partij kan te allen tijde uit een Brownfieldconvenant treden, indien zij een uittredingstermijn in acht neemt.
  Behoudens andersluidend beding, bedraagt de uittredingstermijn zes maanden. In geen geval mag de in een Brownfieldconvenant bepaalde uittredingstermijn langer zijn dan één jaar. Elke langere termijn wordt van rechtswege herleid tot één jaar.
  De kennisgeving van de uittreding gebeurt, op straffe van nietigheid, hetzij bij een per post aangetekende brief, hetzij bij deurwaardersexploot. De termijn van uittreding begint te lopen vanaf de eerste dag van de maand volgend op de kennisgeving.
  § 3. Het Brownfieldconvenant wordt beëindigd in geval van gerechtelijke of buitengerechtelijke ontbinding, bij het verstrijken van de overeengekomen duur, of in geval van uittreding uit het convenant door de Vlaamse Regering.
Art.10. § 1er. De nouvelles parties peuvent accéder à une convention Brownfield dans les cas et à la manière déterminés dans la convention Brownfield.
  § 2. Une partie peut se retirer à tout moment d'une convention Brownfield, à condition de respecter un délai de retrait.
  Sauf stipulation contraire, le délai de retrait est de six mois. En aucun cas le délai de retrait déterminé dans une convention Brownfield ne peut dépasser un an. Tout délai supérieur est réduit de droit à un an.
  La notification du retrait se fait, sous peine de nullité, soit par lettre recommandée à la poste, soit par exploit d'huissier. Le délai de retrait prend cours à partir du premier jour du mois suivant la notification.
  § 3. La convention Brownfield est terminée en cas de dissolution judiciaire ou extrajudiciaire, à l'échéance de la durée convenue, ou en cas de retrait de la convention par le Gouvernement flamand.
HOOFDSTUK IV. - Facilitair kader ten behoeve van Brownfieldconvenanten.
CHAPITRE IV. - Cadre facilitaire à l'égard des conventions Brownfield.
Afdeling 1. - Algemene bepaling.
Section 1re. - Disposition générale.
Art.11. De bepalingen van het facilitair kader, als bedoeld in dit hoofdstuk, mogen niet aldus worden uitgelegd, dat zij beperkingen opleggen of afbreuk doen aan andere faciliteiten of voordelen die op de betrokken handelingen van toepassing zijn op grond van een wetskrachtige of reglementaire norm, een bijzondere erkenning of een overeenkomst.
Art.11. Les dispositions du cadre facilitaire, telles que visées au présent chapitre, ne doivent pas s'entendre comme imposant des restrictions ou portant préjudice à d'autres facilités ou avantages qui s'appliquent aux actes concernés en vertu d'une norme légale ou réglementaire, d'un agrément spécial ou d'un accord.
Afdeling 2. - Administratief-juridisch kader.
Section 2. - Cadre administratif et juridique.
Onderafdeling 1. - Algemene faciliteiten.
Sous-section 1er. - Facilités générales.
Onderafdeling 2. - Sectorgebonden faciliteiten.
Sous-section 2. - Facilités sectorielles.
Art.14. De werken en handelingen in het kader van een Brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van een Brownfieldconvenant worden steeds beschouwd als werken, handelingen en wijzigingen in de zin van [1 artikel 4.1.1, 5°, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening]1.
  
Art.14. Les travaux et actes dans le cadre d'un projet Brownfield faisant l'objet d'une convention Brownfield, sont toujours considérés comme des travaux, des actes et des modifications au sens de [1 l'article 4.1.1, 5°, du Code flamand de l'Aménagement du Territoire]1.
  
Art.15. Voor een overdracht van projectgronden die kadert in een Brownfieldconvenant, kan de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij vrijstelling verlenen van de door de decreetgeving op de bodemsanering voorgeschreven plicht tot het stellen van een financiële zekerheid voor de overdracht van risicogronden waarvoor de bodemsaneringsnormen overschreden zijn of overschreden dreigen te worden of die aangetast zijn door een ernstige historische bodemverontreiniging.
  Als voorwaarde voor de in het eerste lid bedoelde vrijstelling geldt dat het Brownfieldconvenant in voldoende waarborgen voorziet opdat diegene die zich engageert tot de bodemsanering, daadwerkelijk zijn verplichtingen nakomt.
Art.15. Pour une cession de terrains de projet dans le cadre d'une convention Brownfield, la "Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij" peut accorder une exemption de l'obligation, imposée par les dispositions décrétales sur l'assainissement du sol, de constituer une sûreté financière pour la cession de terrains à risque, pour lesquels les normes d'assainissement du sol sont dépassées ou menacent d'être dépassées ou qui sont atteints d'une pollution du sol historique grave.
  L'exemption visée au premier alinéa est subordonnée à la condition que la convention Brownfield prévoie suffisamment de garanties pour que celui qui s'engage à l'assainissement du sol, satisfasse effectivement à ses obligations.
Onderafdeling 3. - Faciliteiten op het vlak van het administratief goederenrecht.
Sous-section 3. - Facilités sur le plan du droit des biens administratif.
Art.16. § 1. De Vlaamse Regering kan de erfdienstbaarheden tot openbaar nut opleggen die zij noodzakelijk acht voor de verwezenlijking van een Brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van een Brownfieldconvenant.
  § 2. De Vlaamse Regering stelt de eigenaars, vruchtgebruikers, opstalhouders en erfpachters vooraf in staat om hun bezwaren aangaande de ontwerpbeslissing ter zake schriftelijk naar voor te brengen.
  De eigenaars zijn ertoe gehouden de derden, die enig belang hebben op grond van huur, gebruikspand, gebruik of bewoning, op de hoogte te brengen van de ontwerpbeslissing. Deze derden kunnen dan eveneens hun bezwaren schriftelijk melden aan de Vlaamse Regering.
  § 3. De Vlaamse Regering legt nadere regelen vast omtrent de procedurele en formele aspecten van de in § 2 bedoelde bezwarenregeling. Zij bouwt daarbij waarborgen in voor een objectieve behandeling van de bezwaren.
Art.16. § 1er. Le Gouvernement flamand peut imposer les servitudes d'intérêt public qu'il juge nécessaires à la réalisation d'un projet Brownfield faisant l'objet d'une convention Brownfield.
  § 2. Le Gouvernement flamand permet au préalable aux propriétaires, aux usufruitiers, aux superficiaires et aux emphytéotes de formuler par écrit leurs objections vis-à-vis du projet de décision en la matière.
  Les propriétaires sont tenus d'informer du projet de décision les tiers, ayant un quelconque intérêt en vertu d'un bail, d'une antichrèse, d'un usage ou d'une habitation. Ensuite, ces tiers peuvent à leur tour notifier leurs objections au Gouvernement flamand.
  § 3. Le Gouvernement flamand arrête les modalités relatives aux aspects procéduraux et formels du règlement des objections visé au § 2. Elle y inclut des garanties de traitement objectif des objections.
Art.17. § 1. De Vlaamse Regering kan overgaan tot de onteigening van onroerende goederen die vereist zijn voor de realisatie van een Brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van een Brownfieldconvenant.
  De Vlaamse Regering kan andere rechtspersonen, die bevoegd zijn om onroerende goederen ten algemenen nutte te onteigenen, machtigen tot onteigening in de gevallen waarin zij oordeelt dat de onroerende goederen vereist zijn voor de realisatie van een Brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van een Brownfieldconvenant.
  § 2. [3 ...]3
  [1 Het [3 definitieve]3 onteigeningsbesluit dient uiterlijk 5 jaar na het sluiten van het brownfieldconvenant of, indien het projectgebied wordt uitgebreid via een addendum bij het brownfieldconvenant, uiterlijk 5 jaar na het sluiten van voormeld addendum, te worden goedgekeurd.]1
  § 3. [2 Voor de uitvoering van een goedgekeurd onteigeningsplan kan de onteigenaar zich in rechte laten vertegenwoordigen door [4 ...]4 de Vlaamse Belastingdienst conform de artikelen 3 tot en met 5 van het decreet van 19 december 2014 houdende de Vlaamse Vastgoedcodex]2.
  § 4. [1 ...]1
  § 5. [1 ...]1
  § 6. De Vlaamse Regering kan ten behoeve van een Brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van een Brownfieldconvenant nimmer overgaan tot een onteigening ten algemene nutte op vraag, op naam en voor rekening van de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij.
  [1 § 7. In geval van wederverkoop van de in het kader van deze bepaling onteigende gronden, bevatten de aktes houdende verkoop een clausule waarbij de koper verplicht wordt om de gronden te gebruiken met het oog op de verwezenlijking van het brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van het brownfieldconvenant, bij gebreke waarvan de koper de onteigenaar zal vrijwaren voor alle schade en kosten ten gevolge van de niet-verwezenlijking van het onteigeningsdoel.
   Indien de voormelde voorwaarden bij wederverkoop van de onteigende gronden worden opgenomen in de verkoopsovereenkomst, moeten de onteigende gronden niet worden aangeboden aan de onteigende overeenkomstig artikel 23 van de wet van 17 april 1835 op de onteigening ten algemenen nutte.
   Indien het onteigende goed gedurende de looptijd van het brownfieldconvenant door de koper wordt doorverkocht, dient de desbetreffende akte de hierboven vermelde clausule ten gunste van de verkoper te bevatten.]1

  
Art.17. § 1er. Le Gouvernement flamand peut procéder à l'expropriation de biens immobiliers qui sont nécessaires à la réalisation d'un projet Brownfield faisant l'objet d'une convention Brownfield.
  Le Gouvernement flamand peut autoriser d'autres personnes morales, compétentes pour exproprier des biens immobiliers pour cause d'utilité publique, à l'expropriation dans les cas où il juge que les biens immobiliers sont nécessaires à la réalisation d'un projet Brownfield faisant l'objet d'une convention Brownfield.
  § 2. [3 ...]3
  [1 L'arrêté [3 définitif]3 d'expropriation doit être approuvé au plus tard 5 ans après la conclusion de la convention Brownfield ou, lorsque la zone de projet est élargie par un addendum à la convention Brownfield, au plus tard 5 ans après la conclusion de l'addendum précité.]1
  § 3. [2 Pour l'exécution d'un plan d'expropriation approuvé, l'expropriant peut se faire représenter dans la procédure par [4 ...]4 " Vlaamse Belastingdienst ", conformément aux articles 3 à 5 du décret du 19 décembre 2014 portant le Code Immobilier flamand]2.
  § 4. [1 ...]1
  § 5. [1 ...]1
  § 6. Le Gouvernement flamand ne peut jamais procéder, en vue d'un projet Brownfield faisant l'objet d'une convention Brownfield, à une expropriation d'utilité publique sur la demande de, au nom de et pour le compte de la "Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij".
  [1 § 7. Dans le cas d'une revente des terrains expropriés dans le cadre de cette disposition, les actes visant la vente comportent une clausule par laquelle l'acheteur est obligé d'utiliser les terrains en vue de la réalisation du projet Brownfield faisant l'objet de la convention Brownfield, à défaut duquel l'acheteur sauvegardera l'expropriant contre tous les dommages et frais suite à la non-réalisation de l'objectif de l'expropriation.
   Si en cas de revente des terrains expropriés, les conditions précitées sont reprises dans le contrat de vente, les terrains expropriés ne doivent pas être offerts à l'expropriant conformément à l'article 23 de la loi du 17 avril 1835 sur l'expropriation d'utilité publique.
   Si le bien exproprié est revendu par l'acheteur pendant la durée de la convention Brownfield, l'acte en question doit comporter la clausule susmentionnée en faveur du vendeur.]1

  
Art.18. Met het oog op de realisatie van een Brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van een Brownfieldconvenant, is de Vlaamse Regering ertoe gemachtigd om onroerende goederen die behoren tot het domein van de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest te vervreemden en er zakelijke rechten op te vestigen, zonder verdere goedkeuring of machtiging en zonder voorafgaande kennisgeving aan de personen die volgens de laatste kadastrale toestand een principaal zakelijk recht bezitten op de aangrenzende percelen.
  De bepaling van het eerste lid is mutatis mutandis van toepassing op de van de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest afhangende rechtspersonen.
Art.18. En vue de la réalisation d'un projet Brownfield faisant l'objet d'une convention Brownfield, le Gouvernement flamand est autorisé à aliéner des biens immobiliers appartenant au domaine de la Communauté flamande ou de la Région flamande, et à établir des droits réels sur ces biens, sans autre approbation ou autorisation et sans notification préalable aux personnes qui, selon la plus récente situation cadastrale, ont un droit réel principal sur les parcelles limitrophes.
  La disposition du premier alinéa s'applique mutatis mutandis aux personnes morales qui relèvent de la Communauté flamande ou de la Région flamande.
Art.19. De onroerende goederen die behoren tot het openbaar domein van de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest of de daarvan afhangende rechtspersonen, of van lokale besturen, kunnen door middel van een stationeer- of wegvergunning aan een natuurlijke of rechtspersoon ter beschikking worden gesteld voor de realisatie van een Brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van een Brownfieldconvenant.
  De stationeer- of wegvergunning is vrij overdraagbaar.
  De bevoegde overheid en de vergunninghouder sluiten gelijktijdig met de toekenning van de stationeer- of wegvergunning een overeenkomst omtrent de hoegrootheid van de schadevergoeding bij een herroeping of beperking van de vergunning.
Art.19. Les biens immobiliers appartenant au domaine public de la Communauté flamande ou de la Région flamande ou des personnes morales qui en relèvent, ou des administrations locales, peuvent être mis à disposition d'une personne physique ou morale par le biais d'une autorisation de stationnement ou de passage, pour la réalisation d'un projet Brownfield faisant l'objet d'une convention Brownfield.
  L'autorisation de stationnement ou de passage est librement transférable.
  Simultanément avec l'octroi de l'autorisation de stationnement ou de passage, l'autorité compétente et le titulaire de l'autorisation concluent un accord concernant le montant de l'indemnisation en cas de révocation ou de limitation de l'autorisation.
Art.20. [1 De Vlaamse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest en de rechtspersonen die daarvan afhangen, kunnen enkel een recht van voorkoop uitoefenen ten aanzien van projectgronden die deel uitmaken van een brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van een brownfieldconvenant mits alle actoren bij het brownfieldconvenant daarmee instemmen.]1
  De in het eerste lid bedoelde maatregel geldt vanaf de inwerkingtreding van het Brownfieldconvenant tot en met 31 december van het vijfde jaar volgend op datgene waarin het Brownfieldconvenant een einde nam.
  
Art.20. [1 La Communauté flamande et la Région flamande, ni les personnes morales qui en relèvent, ne peuvent exercer aucun droit de préemption sur des terrains de projet au sein d'un projet Brownfield faisant l'objet d'une convention Brownfield, à condition que tous les acteurs impliquées dans la convention Brownfield marquent leur accord.]1
  La mesure visée au premier alinéa s'applique à partir de l'entrée en vigueur de la convention Brownfield jusqu'au 31 décembre de la cinquième année suivant l'année où la convention Brownfield a pris fin.
  
Afdeling 3. - Financieel kader.
Section 3. - Cadre financier.
Art. 21/1. [1 § 1. Ten behoeve van Brownfieldprojecten kunnen fiscale en parafiscale stimuli worden genoten onder de voorwaarden van [2 artikel 2.8.6.0.1, eerste lid, 4°, en tweede tot en met vierde lid, artikel 2.9.6.0.3, eerste lid, 12°, artikel 2.9.6.0.3, derde tot en met vijfde lid, en artikel 2.10.6.0.3 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013]2, respectievelijk artikel 43, derde lid, 5°, van het decreet van 18 december 1992 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1993.
   § 2.[3 ...]3
  
Art. 21/1. [1 § 1er. Dans le cadre des projets Brownfield, des incitants fiscaux et parafiscaux peuvent être accordés sous les conditions stipulées dans [2 l'article 2.8.6.0.1, alinéa 1er, 4°, et alinéas 2 à 4 inclus, l'article 2.9.6.0.3, alinéa 1er, 12°, l'article 2.9.6.0.3, alinéas 3 à 5 inclus, et l'article 2.10.6.0.3 du Code flamand de la Fiscalité du 13 décembre 2013]2, respectivement l'article 43, troisième alinéa, 5°, du décret du 18 décembre 1992 contenant des mesures d'accompagnement du budget 1993.
   § 2.[3 ...]3
  
HOOFDSTUK V. - Informatieplichten.
CHAPITRE V. - Obligations d'information.
Art.22. § 1. Indien een onroerend goed dat deel uitmaakt van een Brownfield die onder een Brownfieldconvenant valt, het voorwerp uitmaakt van een overdracht in eigendom, de vestiging van zakelijke rechten, de verhuring voor meer dan negen jaar, of de inbreng in een vennootschap, neemt de instrumenterende ambtenaar in alle onderhandse en authentieke akten met betrekking tot deze rechtshandelingen een verwijzing naar het Brownfieldconvenant op.
  Iedereen die een onderhandse akte met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde rechtshandelingen opmaakt, is onderworpen aan diezelfde informatieplicht.
  § 2. De Vlaamse Regering kan nadere regelen omtrent de in § 1 bedoelde informatieplichten vastleggen.
Art.22. § 1er. Si un bien immobilier, faisant partie d'un Brownfield qui relève d'une convention Brownfield, fait l'objet d'un transfert de propriété, de la constitution de droits réels, de la location de plus de neuf ans, ou d'un apport en société, le fonctionnaire instrumentant incorpore une référence à la convention Brownfield dans tous les actes sous seing et authentiques relatifs à ces actes juridiques.
  Quiconque établit un acte sous seing relatif aux actes juridiques visés au premier alinéa, est soumis à la même obligation d'information.
  § 2. Le Gouvernement flamand peut arrêter des modalités relatives aux obligations d'information visées au § 1er.
HOOFDSTUK VI.
CHAPITRE VI.
HOOFDSTUK VII. - Wijzigingsbepalingen.
CHAPITRE VII. - Dispositions modificatives.
Art.25. Aan artikel 161 van het wetboek der registratie, hypotheek- en griffierechten, zoals herhaaldelijk gewijzigd, wordt een 14° toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " 14° de overeenkomsten tot overdracht of aanwijzing van onroerende goederen als bedoeld in de artikelen 44, 109 en 131, voor zover de betrokken onroerende goederen deel uitmaken van een Brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van een Brownfieldconvenant, als bedoeld in het decreet van 21 maart 2007 betreffende de Brownfieldconvenanten, op voorwaarde dat de overdracht of de aanwijzing geschiedt met het oog op de realisatie van het Brownfieldproject.
  Kosteloosheid wordt slechts verleend op voorwaarde dat bij de aan de formaliteit van de registratie onderworpen akte of verklaring betreffende de overeenkomst een attest is gevoegd waarin wordt bevestigd dat de overdracht of de aanwijzing geschiedt met het oog op de realisatie van een Brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van een Brownfieldconvenant, en dat de onroerende goederen waarvoor de kosteloze registratie wordt gevraagd deel uitmaken van dat Brownfieldproject. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regelen betreffende de vormgeving van dat attest.
  Wanneer de overeenkomst ook andere onroerende goederen omvat dan die bedoeld in het eerste lid en de overdracht of de aanwijzing geschiedt voor een gezamenlijke prijs, moet de verkoopwaarde van elk van de onderscheiden categorieën van onroerende goederen worden opgegeven in een verklaring als bedoeld in artikel 168.
  Het evenredig recht is alsnog verschuldigd door de verkrijger van de onroerende goederen wanneer het Brownfieldproject niet tijdig wordt gestart of gerealiseerd conform de in het Brownfieldconvenant opgenomen voorwaarden. Het evenredig recht wordt opeisbaar te rekenen van de kennisgeving van het niet langer vervuld zijn van de voorwaarden voor het behoud van de kosteloosheid. Deze kennisgeving wordt bij ter post aangetekende brief gedaan aan de ontvanger van het kantoor waar de overeenkomst werd geregistreerd, door de door de Vlaamse Regering aangewezen ambtenaar of instantie. "
Art.25. A l'article 161 du Code des droits d'enregistrement, d'hypothèque et de greffe, tel que modifié à plusieurs reprises, il est ajouté un 14°, rédigé comme suit :
  " 14° les conventions translatives ou déclaratives de biens immeubles, telles que visées aux articles 44, 109 et 131, pour autant que les biens immeubles concernés font partie d'un projet Brownfield faisant l'objet d'une convention Brownfield, telle que visée au décret du 21 mars 2007 relatif aux conventions Brownfield, à condition que la convention translative ou déclarative est conclue en vue de la réalisation d'un projet Brownfield.
  La gratuité ne sera accordée qu'à condition de joindre à l'acte ou à la déclaration concernant la convention, soumis à la formalité d'enregistrement, une attestation confirmant que la convention translative ou déclarative est conclue en vue de la réalisation d'un projet Brownfield faisant l'objet d'une convention Brownfield, et que les biens immeubles pour lesquels l'enregistrement gratuit est demandé, font partie de ce projet Brownfield. Le Gouvernement flamand arrête les modalités relatives à la forme de cette attestation.
  Lorsque la convention translative ou déclarative porte également sur d'autres biens immeubles que ceux visés au premier alinéa et qu'elle est conclue pour un prix global, la valeur vénale de chacune des catégories distinctes de biens immeubles doit être indiquée dans une déclaration, telle que visée à l'article 168.
  Le droit proportionnel devient payable par l'acquéreur des biens immobiliers lorsque le projet Brownfield n'est pas entamé à temps ou réalisé conformément aux conditions reprises dans la convention Brownfield. Le droit proportionnel devient exigible à compter de la notification du non-respect des conditions du maintien de gratuité. Cette notification est faite par lettre recommandée à la poste, adressée au receveur du bureau où a été enregistrée la convention, par le fonctionnaire ou l'instance désigné par le Gouvernement flamand. "
Art.26. Aan artikel 43, derde lid, van het decreet van 18 december 1992 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1993 wordt een 5° toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " 5° werken en handelingen gesteld in het kader van een Brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt van een Brownfieldconvenant, als bedoeld in het decreet van 21 maart 2007 betreffende de Brownfieldconvenanten. ".
Art.26. A l'article 43, troisième alinéa du décret du 18 décembre 1992 contenant diverses mesures d'accompagnement du budget 1993, il est ajouté un 5°, rédigé comme suit :
  " 5° les travaux et les actes effectués dans le cadre d'un projet Brownfield faisant l'objet d'une convention Brownfield, telle que visée au décret du 21 mars 2007 relatif aux conventions Brownfield. "
Art.27. Aan artikel 19, § 1, van het decreet van 7 mei 2004 betreffende het statuut, de werking, de taken en de bevoegdheden van de erkende regionale samenwerkingsverbanden, de sociaal-economische raden van de regio en de regionale sociaal-economische overlegcomités worden een tweede en een derde lid toegevoegd, die luiden als volgt :
  " Een nader overleg vindt verplicht plaats over het voornemen van een gemeente, een provincie, of een daarvan afhangende rechtspersoon, om deel te nemen aan een Brownfieldproject, als bedoeld in artikel 3 van het decreet van 21 maart 2007 betreffende de Brownfieldconvenanten. Het overleg streeft naar een in consensus en unanimiteit geformuleerd voorstel over ten minste :
  1° de doelstellingen en de methodologie van het Brownfieldproject;
  2° de wijze van terugkoppeling, door het betrokken bestuur, over de voortgang van het Brownfieldproject.
  Bij het in het tweede lid bedoelde nader overleg worden de erkende milieu- en natuurverenigingen als overlegpartner betrokken. "
Art.27. A l'article 19, § 1er du décret du 7 mai 2004 relatif au statut, au fonctionnement, aux tâches et aux compétences des partenariats régionaux agréés, des conseils socio-économiques de la région et des comités de concertation socio-économiques régionaux, il est ajouté un deuxième et troisième alinéas, rédigés comme suit :
  " Une concertation ultérieure a obligatoirement lieu au sujet de l'intention d'une commune, d'une province, ou d'une personne morale qui en relève, de participer à un projet Brownfield, tel que visé à l'article 3 du décret du 21 mars 2007 relatif aux conventions Brownfield. La concertation vise à obtenir une proposition formulée en consensus et à l'unanimité, sur au moins :
  1° les objectifs et la méthodologie du projet Brownfield;
  2° la manière dont l'administration concernée rend compte de la progression du projet Brownfield.
  Les associations écologiques agréées sont invitées en tant que partenaires dans la concertation ultérieure, visée au deuxième alinéa. "
HOOFDSTUK VIII. - Inwerkingtredingsbepaling.
CHAPITRE VIII. - Disposition d'entrée en vigueur.
Art. 28. Dit decreet treedt in werking op de dag van bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.
Art. 28. Le présent décret entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.