Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
1° het decreet : het decreet van 22 december 2006 tot inrichting van een gemeenschappelijke identificatie van landbouwers, exploitaties en landbouwgrond in het kader van het meststoffenbeleid en van het landbouwbeleid;
2° de ministers : de Vlaamse minister, bevoegd voor het landbouwbeleid, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het leefmilieu;
3° [1 [3 bevoegde entiteit: het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, vermeld in artikel 29/1, eerste lid, 2А, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie;]3;]1
4° [2 [4 verzamelaanvraag: het aanvraagsysteem dat het geospatiaal en diergebonden aanvraagsysteem, vermeld in artikel 65, lid 4, a), van verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad van 2 december 2021 inzake de financiering, het beheer en de monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1306/2013, omvat]4.]2
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
9 FEBRUARI 2007. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende bepalingen tot inrichting van een gemeenschappelijke identificatie van landbouwers, exploitaties en landbouwgrond in het kader van het meststoffenbeleid en van het landbouwbeleid(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 13-04-2007 en tekstbijwerking tot 15-07-2024)
Titre
9 FEVRIER 2007. - Arrêté du Gouvernement flamand contenant des dispositions relatives à la création d'une identification commune d'agriculteurs, d'exploitations et de terres agricoles dans le cadre de la politique relative aux engrais et de la politique de l'agriculture (TRADUCTION)(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 13-04-2007 et mise à jour au 15-07-2024)
Documentinformatie
Info du document
Tekst (8)
Texte (8)
Article 1. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
1° le décret : le décret du 22 décembre 2006 portant création d'une identification commune d'agriculteurs, d'exploitations et de terres agricoles dans le cadre de la politique relative aux engrais et de la politique de l'agriculture;
2° les Ministres : Le Ministre flamand chargé de la politique agricole et le Ministre flamand chargé de l'environnement;
3° [1 [3 entité compétente : l'Agence de l'Agriculture et de la Pêche, visée à l'article 29/1, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande ;]3 ;]1
4° [2 [4 demande unique : le système de demande qui comprend le système de demande géospatialisée et fondée sur les animaux visé à l'article 65, paragraphe 4, a), du règlement (UE) 2021/2116 du Parlement européen et du Conseil du 2 décembre 2021 relatif au financement, à la gestion et au suivi de la politique agricole commune et abrogeant le règlement (UE) n° 1306/2013.]4]2
1° le décret : le décret du 22 décembre 2006 portant création d'une identification commune d'agriculteurs, d'exploitations et de terres agricoles dans le cadre de la politique relative aux engrais et de la politique de l'agriculture;
2° les Ministres : Le Ministre flamand chargé de la politique agricole et le Ministre flamand chargé de l'environnement;
3° [1 [3 entité compétente : l'Agence de l'Agriculture et de la Pêche, visée à l'article 29/1, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande ;]3 ;]1
4° [2 [4 demande unique : le système de demande qui comprend le système de demande géospatialisée et fondée sur les animaux visé à l'article 65, paragraphe 4, a), du règlement (UE) 2021/2116 du Parlement européen et du Conseil du 2 décembre 2021 relatif au financement, à la gestion et au suivi de la politique agricole commune et abrogeant le règlement (UE) n° 1306/2013.]4]2
Art. 2. § 1.[4 De bevoegde entiteit is belast met]4 de identificatie en registratie in het GBCS van de landbouwers en van de landbouwgronden, vermeld in artikel 3, § 1, van het decreet.
[3 ...]3
§ 2. De ministers bepalen de nadere uitvoeringswijze van de voorwaarde voor het exclusieve gebruik en het exclusieve beheer van de productiemiddelen van een bedrijf als vermeld in artikel 4, § 3, 2°, van het decreet.
§ 3. Bij het overnemen, het opstarten of het stopzetten van een [5 bedrijf of een]5 exploitatie maken de betrokken exploitanten, voorafgaandelijk aan respectievelijk het overnemen, het opstarten of het stopzetten, hiervan melding bij [2 de bevoegde [4 entiteit]4]2. [2 De bevoegde [4 entiteit]4]2 zorgt voor de unieke identificatie van de betrokkenen in het GBCS vermeld in artikel 4, § 1, van het decreet, of past in voorkomend geval, de bestaande identificatie van de betrokkenen in het GBCS vermeld in artikel 4, § 1, van het decreet, aan.
[5 De ministers kunnen nadere regels bepalen voor de identificatie bij het overnemen, het opstarten of het stopzetten van een bedrijf of exploitatie, voor de weigering van de registratie.]5
[3 ...]3
§ 2. De ministers bepalen de nadere uitvoeringswijze van de voorwaarde voor het exclusieve gebruik en het exclusieve beheer van de productiemiddelen van een bedrijf als vermeld in artikel 4, § 3, 2°, van het decreet.
§ 3. Bij het overnemen, het opstarten of het stopzetten van een [5 bedrijf of een]5 exploitatie maken de betrokken exploitanten, voorafgaandelijk aan respectievelijk het overnemen, het opstarten of het stopzetten, hiervan melding bij [2 de bevoegde [4 entiteit]4]2. [2 De bevoegde [4 entiteit]4]2 zorgt voor de unieke identificatie van de betrokkenen in het GBCS vermeld in artikel 4, § 1, van het decreet, of past in voorkomend geval, de bestaande identificatie van de betrokkenen in het GBCS vermeld in artikel 4, § 1, van het decreet, aan.
[5 De ministers kunnen nadere regels bepalen voor de identificatie bij het overnemen, het opstarten of het stopzetten van een bedrijf of exploitatie, voor de weigering van de registratie.]5
Wijzigingen
Art. 2. § 1er. [1 [4 L'entité compétente est chargée de]4 l'identification et l'enregistrement dans le SIGC des agriculteurs et des terres agricoles, visée à l'article 3, § 1er du décret.
[3 ...]3
§ 2. Les Ministres arrêtent les modalités de la condition d'utilisation exclusive et de gestion exclusive des moyens de production d'une exploitation, visés à l'article 4, § 3, 2° du décret.
§ 3. Lors de la reprise, du démarrage ou de l'arrêt d'une [5 entreprise ou]5 exploitation, les exploitants intéressés en avertissent [2 l'[4 entité]4 compétente]2, préalablement à sa reprise, son démarrage ou son arrêt. [2 L'[4 entité]4 compétente]2 assure l'identification unique des intéressés dans le SIGC, visée à l'article 4, § 1er du décret ou adapte, le cas échéant, l'identification existante des intéressés dans le SIGC, visée à l'article 4, § 1er.
[5 Les ministres peuvent préciser des modalités de l'identification lors de la reprise, la mise en service ou la mise hors service d'une entreprise ou exploitation, et du refus de l'enregistrement.]5
[3 ...]3
§ 2. Les Ministres arrêtent les modalités de la condition d'utilisation exclusive et de gestion exclusive des moyens de production d'une exploitation, visés à l'article 4, § 3, 2° du décret.
§ 3. Lors de la reprise, du démarrage ou de l'arrêt d'une [5 entreprise ou]5 exploitation, les exploitants intéressés en avertissent [2 l'[4 entité]4 compétente]2, préalablement à sa reprise, son démarrage ou son arrêt. [2 L'[4 entité]4 compétente]2 assure l'identification unique des intéressés dans le SIGC, visée à l'article 4, § 1er du décret ou adapte, le cas échéant, l'identification existante des intéressés dans le SIGC, visée à l'article 4, § 1er.
[5 Les ministres peuvent préciser des modalités de l'identification lors de la reprise, la mise en service ou la mise hors service d'une entreprise ou exploitation, et du refus de l'enregistrement.]5
Wijzigingen
Art. 3. [1 Ter uitvoering van artikel 3, Ї 1, vierde lid en artikel 5, Ї 2, van het decreet registreren de landbouwers zich uiterlijk op 31 december 2025 conform artikel 3, Ї 1, eerste lid, 1А, van het decreet via de gegevensbronnen, vermeld in artikel 3, Ї 1, eerste lid, 1А, van het decreet, of de andere gegevensbronnen, vermeld in artikel 3, Ї 1, tweede lid, van het decreet. De voormelde landbouwers zijn uiterlijk op 31 december 2025 geяdentificeerd en geregistreerd bij de bevoegde entiteit.
Als de landbouwer niet voldoet aan de verplichtingen, vermeld in het eerste lid, wordt niet overgegaan tot de identificatie en de registratie van de landbouwer in het GBCS, vermeld in artikel 1, 14А, van het decreet, en kunnen er bijgevolg geen betalingen of voordelen toegekend worden op basis van de sectorale landbouwwetgeving van de Europese Unie, vermeld in artikel 1, 14А /1 van het decreet.
De minister bevoegd voor het landbouwbeleid, kan bepalen welke de andere gegevensbronnen zijn, vermeld in artikel 3, Ї 1, tweede lid, van het decreet en voor welke categorieыn van landbouwers die gegevensbronnen aangewend worden voor hun identificatie en registratie bij de bevoegde entiteit. ]1
Als de landbouwer niet voldoet aan de verplichtingen, vermeld in het eerste lid, wordt niet overgegaan tot de identificatie en de registratie van de landbouwer in het GBCS, vermeld in artikel 1, 14А, van het decreet, en kunnen er bijgevolg geen betalingen of voordelen toegekend worden op basis van de sectorale landbouwwetgeving van de Europese Unie, vermeld in artikel 1, 14А /1 van het decreet.
De minister bevoegd voor het landbouwbeleid, kan bepalen welke de andere gegevensbronnen zijn, vermeld in artikel 3, Ї 1, tweede lid, van het decreet en voor welke categorieыn van landbouwers die gegevensbronnen aangewend worden voor hun identificatie en registratie bij de bevoegde entiteit. ]1
Art. 3. [1 En application de l'article 3, § 1er, alinéa 4, et article 5, § 2, du décret, les agriculteurs s'enregistrent au plus tard le 31 décembre 2025 conformément à l'article 3, § 1er, alinéa 1er, 1°, du décret via les sources de données visées à l'article 3, § 1er, alinéa 1er, 1° du décret, ou les autres sources de données visées à l'article 3, § 1er, alinéa 2, du décret. Les agriculteurs précités sont identifiés et enregistrés auprès de l'entité compétente au plus tard le 31 décembre 2025.
Si l'agriculteur ne remplit pas les obligations visées à l'alinéa 1er, l'identification et l'enregistrement de l'agriculteur dans le SIGC visé à l'article 1er, 14°, du décret, ne sont pas effectués et, par conséquent, aucun paiement ou avantage ne peut être octroyé sur la base de la législation agricole sectorielle de l'Union européenne visée à l'article 1er, 14° /1, du décret.
Le ministre chargé de la politique de l'agriculture peut fixer les autres sources de données visées à l'article 3, § 1er, alinéa 2, du décret et pour quelles catégories d'agriculteurs ces sources de données sont utilisées pour leur identification et enregistrement auprès de l'entité compétente. ]1
Si l'agriculteur ne remplit pas les obligations visées à l'alinéa 1er, l'identification et l'enregistrement de l'agriculteur dans le SIGC visé à l'article 1er, 14°, du décret, ne sont pas effectués et, par conséquent, aucun paiement ou avantage ne peut être octroyé sur la base de la législation agricole sectorielle de l'Union européenne visée à l'article 1er, 14° /1, du décret.
Le ministre chargé de la politique de l'agriculture peut fixer les autres sources de données visées à l'article 3, § 1er, alinéa 2, du décret et pour quelles catégories d'agriculteurs ces sources de données sont utilisées pour leur identification et enregistrement auprès de l'entité compétente. ]1
Wijzigingen
Art. 4. § 1. [5 In deze paragraaf wordt verstaan onder het besluit van 21 april 2023: het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor de rechtstreekse betalingen aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid.
De volgende aangiftes, aanvragen en meldingen gebeuren via de verzamelaanvraag:
1А de aangifte van alle landbouwareaal, vermeld in artikel 3 van het besluit van 21 april 2023;
2А de aangifte van stallen, gebouwen, niet-landbouwareaal en percelen in het kader van het Mestdecreet van 22 december 2006;
3А de aangifte van percelen waarop dieren geplaatst zijn, in het kader van diergebonden steunmaatregelen;
4А de aangifte en de aanvraag van een teelttoestemming voor hennep, vermeld in artikel 12 van het besluit van 21 april 2023;
5А een aanvraag van nieuwe betalingsrechten of van een verhoging van betalingsrechten uit de reserve, vermeld in artikel 31 van het besluit van 21 april 2023;
6А de activering van betalingsrechten, vermeld in artikel 20 van het besluit van 21 april 2023;
7А de betalingsaanvraag voor inkomenscompensatie en onderhoudssubsidie voor bebossing van landbouwgronden, vermeld in artikel 13 van het besluit van de Vlaamse Regering van 2 oktober 2015 betreffende het verlenen van subsidies voor bebossing in herbevestigd agrarisch gebied en in agrarisch gebied vastgesteld in ruimtelijke uitvoeringsplannen en voor herbebossing of in artikel 16 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 november 2008 betreffende de subsidiыring van de bebossing van landbouwgronden ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 1698/2005 van de Raad van 20 september 2005 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO);
8А de aanvraag voor herverdelende inkomenssteun, vermeld in artikel 35 van het besluit van 21 april 2023;
9А de aanvraag voor de aanvullende inkomenssteun voor jonge landbouwers, vermeld in artikel 38 van het besluit van 21 april 2023;
10А de aanvraag van de subsidie voor het behoud van de duurzame zoogkoeienhouderij, vermeld in artikel 44 van het besluit van 21 april 2023;
11А de aanvraag van de subsidie voor het afsluiten van een als subsidiabel erkende brede weersverzekering, vermeld in artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juni 2019 betreffende de premiesubsidie voor een brede weersverzekering in de landbouwsector;
12А de aangifte van percelen voor biocertificering en de percelen die al gecertificeerd zijn, vermeld in artikel 15 van het besluit van de Vlaamse Regering van 29 oktober 2021 over de biologische productie en de etikettering van biologische producten;
13А de aanvraag van steun voor deelname aan Europees erkende voedselkwaliteitsregelingen, vermeld in artikel 5 van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2011 tot het verlenen van steun voor deelname aan Europees erkende voedselkwaliteitsregelingen;
14А de steun- en betalingsaanvragen voor agromilieuklimaatmaatregelen en ecoregelingen, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor subsidies voor de uitvoering van maatregelen met een gunstig effect op het milieu, het klimaat en de biodiversiteit;
15А de betalingsaanvragen voor de verbintenissen voor de maatregel de teelt van vezelvlas en vezelhennep met verminderde bemestingstechniek en de maatregel de verwarringstechniek in de fruitteelt, die nog lopen op 1 januari 2024 en die gesloten zijn overeenkomstig artikel 2, eerste lid, 2А, respectievelijk artikel 2, eerste lid, 4А van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 september 2014 tot het verlenen van subsidies voor de uitvoering van agromilieu- en klimaatregelen, met toepassing van het Vlaams Programma voor Plattelandsontwikkeling voor de periode 2014-2020, en de betalingsaanvragen voor verbintenissen voor de maatregel de voortzetting van de biologische productiemethode, die nog lopen op 1 januari 2024 en die gesloten zijn overeenkomstig artikel 2, eerste lid, 2А, van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 juli 2014 tot het verlenen van hectaresteun voor de biologische productiemethode met toepassing van het Vlaams Programma voor Plattelandsontwikkeling voor de periode 2014-2020;
16А de betalingsaanvraag voor de aanplantsubsidie voor boslandbouwsystemen en de steun- en betalingsaanvraag voor onderhoud van boslandbouwsystemen, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor subsidies voor de aanplant en het onderhoud van boslandbouwsystemen;
17А de facultatieve aangifte van systemen voor grondgebruik waarbij de teelt van bomen wordt gecombineerd met landbouw op dezelfde grond, vermeld in artikel 3, Ї 3, 9А, van het Bosdecreet van 13 juni 1990, gewijzigd bij het decreet van 20 april 2012 houdende diverse bepalingen inzake leefmilieu en natuur, en in artikel 6.1, 4А, van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 houdende wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van handelingen waarvoor geen stedenbouwkundige vergunning nodig is, van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 betreffende de meldingsplichtige handelingen ter uitvoering van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en van artikel 10 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater;
18А de aangifte van plantenpaspoortplichtige geslachten en soorten van planten en plantaardige producten waarop de activiteiten van de professionele marktdeelnemer betrekking hebben, vermeld in artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 23 december 2022 tot uitvoering van de Europese plantengezondheidsregels voor het plantaardige teeltmateriaal;
19А verklaringen van de landbouwer in het kader van artikel 4 van het besluit van 21 april 2023;
20А de betalingsaanvraag van de beheerovereenkomsten, vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2014 tot het verlenen van subsidies voor beheerovereenkomsten met toepassing van Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling.]5
§ 2. De landbouwer meldt elke wijziging in het gebruik van de percelen landbouwgrond zoals hij ze in de verzamelaanvraag heeft aangegeven.
§ 3. [4 De terzake bevoegde minister bepaalt de verdere voorwaarden en regels ter uitvoering en beheer van § 1 en § 2 en de regels aangaande de werking van de verzamelaanvraag.]4
De volgende aangiftes, aanvragen en meldingen gebeuren via de verzamelaanvraag:
1А de aangifte van alle landbouwareaal, vermeld in artikel 3 van het besluit van 21 april 2023;
2А de aangifte van stallen, gebouwen, niet-landbouwareaal en percelen in het kader van het Mestdecreet van 22 december 2006;
3А de aangifte van percelen waarop dieren geplaatst zijn, in het kader van diergebonden steunmaatregelen;
4А de aangifte en de aanvraag van een teelttoestemming voor hennep, vermeld in artikel 12 van het besluit van 21 april 2023;
5А een aanvraag van nieuwe betalingsrechten of van een verhoging van betalingsrechten uit de reserve, vermeld in artikel 31 van het besluit van 21 april 2023;
6А de activering van betalingsrechten, vermeld in artikel 20 van het besluit van 21 april 2023;
7А de betalingsaanvraag voor inkomenscompensatie en onderhoudssubsidie voor bebossing van landbouwgronden, vermeld in artikel 13 van het besluit van de Vlaamse Regering van 2 oktober 2015 betreffende het verlenen van subsidies voor bebossing in herbevestigd agrarisch gebied en in agrarisch gebied vastgesteld in ruimtelijke uitvoeringsplannen en voor herbebossing of in artikel 16 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 november 2008 betreffende de subsidiыring van de bebossing van landbouwgronden ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 1698/2005 van de Raad van 20 september 2005 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO);
8А de aanvraag voor herverdelende inkomenssteun, vermeld in artikel 35 van het besluit van 21 april 2023;
9А de aanvraag voor de aanvullende inkomenssteun voor jonge landbouwers, vermeld in artikel 38 van het besluit van 21 april 2023;
10А de aanvraag van de subsidie voor het behoud van de duurzame zoogkoeienhouderij, vermeld in artikel 44 van het besluit van 21 april 2023;
11А de aanvraag van de subsidie voor het afsluiten van een als subsidiabel erkende brede weersverzekering, vermeld in artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juni 2019 betreffende de premiesubsidie voor een brede weersverzekering in de landbouwsector;
12А de aangifte van percelen voor biocertificering en de percelen die al gecertificeerd zijn, vermeld in artikel 15 van het besluit van de Vlaamse Regering van 29 oktober 2021 over de biologische productie en de etikettering van biologische producten;
13А de aanvraag van steun voor deelname aan Europees erkende voedselkwaliteitsregelingen, vermeld in artikel 5 van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2011 tot het verlenen van steun voor deelname aan Europees erkende voedselkwaliteitsregelingen;
14А de steun- en betalingsaanvragen voor agromilieuklimaatmaatregelen en ecoregelingen, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor subsidies voor de uitvoering van maatregelen met een gunstig effect op het milieu, het klimaat en de biodiversiteit;
15А de betalingsaanvragen voor de verbintenissen voor de maatregel de teelt van vezelvlas en vezelhennep met verminderde bemestingstechniek en de maatregel de verwarringstechniek in de fruitteelt, die nog lopen op 1 januari 2024 en die gesloten zijn overeenkomstig artikel 2, eerste lid, 2А, respectievelijk artikel 2, eerste lid, 4А van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 september 2014 tot het verlenen van subsidies voor de uitvoering van agromilieu- en klimaatregelen, met toepassing van het Vlaams Programma voor Plattelandsontwikkeling voor de periode 2014-2020, en de betalingsaanvragen voor verbintenissen voor de maatregel de voortzetting van de biologische productiemethode, die nog lopen op 1 januari 2024 en die gesloten zijn overeenkomstig artikel 2, eerste lid, 2А, van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 juli 2014 tot het verlenen van hectaresteun voor de biologische productiemethode met toepassing van het Vlaams Programma voor Plattelandsontwikkeling voor de periode 2014-2020;
16А de betalingsaanvraag voor de aanplantsubsidie voor boslandbouwsystemen en de steun- en betalingsaanvraag voor onderhoud van boslandbouwsystemen, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor subsidies voor de aanplant en het onderhoud van boslandbouwsystemen;
17А de facultatieve aangifte van systemen voor grondgebruik waarbij de teelt van bomen wordt gecombineerd met landbouw op dezelfde grond, vermeld in artikel 3, Ї 3, 9А, van het Bosdecreet van 13 juni 1990, gewijzigd bij het decreet van 20 april 2012 houdende diverse bepalingen inzake leefmilieu en natuur, en in artikel 6.1, 4А, van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 houdende wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van handelingen waarvoor geen stedenbouwkundige vergunning nodig is, van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 betreffende de meldingsplichtige handelingen ter uitvoering van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en van artikel 10 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater;
18А de aangifte van plantenpaspoortplichtige geslachten en soorten van planten en plantaardige producten waarop de activiteiten van de professionele marktdeelnemer betrekking hebben, vermeld in artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 23 december 2022 tot uitvoering van de Europese plantengezondheidsregels voor het plantaardige teeltmateriaal;
19А verklaringen van de landbouwer in het kader van artikel 4 van het besluit van 21 april 2023;
20А de betalingsaanvraag van de beheerovereenkomsten, vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2014 tot het verlenen van subsidies voor beheerovereenkomsten met toepassing van Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling.]5
§ 2. De landbouwer meldt elke wijziging in het gebruik van de percelen landbouwgrond zoals hij ze in de verzamelaanvraag heeft aangegeven.
§ 3. [4 De terzake bevoegde minister bepaalt de verdere voorwaarden en regels ter uitvoering en beheer van § 1 en § 2 en de regels aangaande de werking van de verzamelaanvraag.]4
Wijzigingen
Art. 4. § 1er. [5 Dans le présent paragraphe, on entend par arrêté du 21 avril 2023 : l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant des prescriptions pour le paiement direct aux agriculteurs dans le cadre de la Politique Agricole Commune.
Les déclarations, demandes et notifications suivantes sont effectuées au moyen de la demande unique :
1° la déclaration de la totalité de la surface agricole visée à l'article 3 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
2° la déclaration d'étables, de bâtiments, de surfaces non destinées à l'agriculture et de parcelles dans le cadre du Décret sur les engrais du 22 décembre 2006 ;
3° la déclaration de parcelles sur lesquelles des animaux sont mis en pâture, dans le cadre de mesures d'aide liées aux animaux ;
4° la déclaration et la demande d'une autorisation de culture pour le chanvre visée à l'article 12 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
5° une demande de nouveaux droits au paiement ou d'une augmentation de droits au paiement issus de la réserve visée à l'article 31 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
6° l'activation des droits au paiement visée à l'article 20 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
7° la demande de paiement pour la compensation de revenu et la subvention d'entretien pour le boisement de terres agricoles visée à l'article 13 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 2 octobre 2015 relatif au subventionnement du boisement dans une zone agricole reconfirmée et dans une zone agricole établie dans des plans d'exécution spatiaux et du reboisement ou à l'article 16 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 novembre 2008 relatif au subventionnement du boisement de terres agricoles en exécution du Règlement (CE) n° 1698/2005 du Conseil du 20 septembre 2005 concernant le soutien au développement rural par le Fonds européen agricole pour le développement rural (FEADER) ;
8° la demande d'aide redistributive au revenu visée à l'article 35 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
9° la demande d'aide supplémentaire au revenu pour les jeunes agriculteurs visée à l'article 38 du décret du 21 avril 2023 ;
10° la demande de la subvention pour le maintien de l'élevage durable de vaches allaitantes visée à l'article 44 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
11° la demande de la subvention pour la souscription d'une assurance intempéries globale reconnue comme subventionnable visée à l'article 8 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 juin 2019 relatif à la subvention de prime pour une assurance intempéries globale dans le secteur agricole ;
12° la déclaration de parcelles éligibles à la biocertification et des parcelles qui ont déjà été certifiées visée à l'article 15 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 29 octobre 2021 relatif à la production biologique et à l'étiquetage des produits biologiques ;
13° la demande d'aide à la participation aux régimes agréés européens de qualité alimentaire visée à l'article 5 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 9 septembre 2011 portant octroi d'une aide à la participation aux régimes agréés de qualité alimentaire ;
14° les demandes d'aide et de paiement pour les mesures agro-environnementales et les éco-régimes visées à l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant les prescriptions des subventions pour la mise en oeuvre de mesures ayant un effet favorable à l'environnement, au climat et à la biodiversité ;
15° les demandes de paiement pour les engagements pour la mesure culture du lin textile et du chanvre textile avec technique de fertilisation réduite et la mesure technique de confusion dans la culture fruitière, qui sont encore en cours le 1er janvier 2024 et qui ont été conclues conformément à l'article 2, alinéa 1er, 2° ou à l'article 2, alinéa 1er, 4° de l'arrêté du Gouvernement flamand du 5 septembre 2014 portant octroi de subventions pour l'exécution de mesures agri-environnementales et climatiques en application du Programme flamand de Développement rural pour la période 2014-2020, et les demandes de paiement pour les engagements pour la mesure poursuite du mode de production biologique, qui sont encore en cours le 1er janvier 2024 et qui ont été conclues conformément à l'article 2, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 juillet 2014 portant octroi d'aide à l'hectare pour le mode de production biologique en application du Programme flamand de développement rural pour la période 2014-2020 ;
16° la demande de paiement pour la subvention à la plantation de systèmes agroforestiers et la demande d'aide et de paiement pour l'entretien des systèmes agroforestiers visées à l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant les règles relatives aux subventions pour la plantation et l'entretien des systèmes agroforestiers ;
17° la déclaration facultative des systèmes d'utilisation des terres combinant la culture d'arbres à l'agriculture sur la même terre visée à l'article 3, § 3, 9°, du Décret forestier du 13 juin 1990, modifié par le décret du 20 avril 2012 portant diverses dispositions en matière d'environnement et de nature, et à l'article 6.1, 4°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juillet 2010 portant détermination des actes urbanistiques qui ne requièrent pas de permis d'environnement, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 juillet 2016 modifiant diverses dispositions de l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juillet 2010 portant détermination des actes qui ne requièrent pas d'autorisation urbanistique, modifiant diverses dispositions de l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juillet 2010 relatif aux actes soumis à l'obligation de déclaration en exécution du Code flamand de l'Aménagement du Territoire et modifiant l'article 10 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 5 juillet 2013 établissant un règlement urbanistique régional concernant les citernes d'eaux pluviales, les systèmes d'infiltration, les systèmes tampons et l'évacuation séparée des eaux usées et pluviales ;
18° la déclaration de genres ou espèces des végétaux et produits végétaux soumis à l'obligation de passeport phytosanitaire concernés par les activités de l'opérateur professionnel visée à l'article 8 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 23 décembre 2022 portant exécution des règles européennes relatives à la santé des végétaux pour le matériel de reproduction des végétaux ;
19° les déclarations faites par l'agriculteur dans le cadre de l'article 4 du décret du 21 avril 2023 ;
20° la demande de paiement des contrats de gestion visés à l'article 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2014 relatif à l'octroi de subventions à des contrats de gestion en application du Règlement (UE) n° 1305/2013 du Parlement européen et du Conseil du 17 décembre 2013 relatif au soutien au développement rural par le Fonds européen agricole pour le développement rural.]5
§ 2. L'agriculteur communique toute modification de l'exploitation des parcelles agricoles telles qu'il les a déclarées dans la demande unique.
§ 3. [4 Le ministre compétent en la matière arrête les modalités et les règles en exécution et en gestion des paragraphes § 1er et § 2 et les règles relatives au fonctionnement de la demande unique.]4
Les déclarations, demandes et notifications suivantes sont effectuées au moyen de la demande unique :
1° la déclaration de la totalité de la surface agricole visée à l'article 3 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
2° la déclaration d'étables, de bâtiments, de surfaces non destinées à l'agriculture et de parcelles dans le cadre du Décret sur les engrais du 22 décembre 2006 ;
3° la déclaration de parcelles sur lesquelles des animaux sont mis en pâture, dans le cadre de mesures d'aide liées aux animaux ;
4° la déclaration et la demande d'une autorisation de culture pour le chanvre visée à l'article 12 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
5° une demande de nouveaux droits au paiement ou d'une augmentation de droits au paiement issus de la réserve visée à l'article 31 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
6° l'activation des droits au paiement visée à l'article 20 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
7° la demande de paiement pour la compensation de revenu et la subvention d'entretien pour le boisement de terres agricoles visée à l'article 13 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 2 octobre 2015 relatif au subventionnement du boisement dans une zone agricole reconfirmée et dans une zone agricole établie dans des plans d'exécution spatiaux et du reboisement ou à l'article 16 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 novembre 2008 relatif au subventionnement du boisement de terres agricoles en exécution du Règlement (CE) n° 1698/2005 du Conseil du 20 septembre 2005 concernant le soutien au développement rural par le Fonds européen agricole pour le développement rural (FEADER) ;
8° la demande d'aide redistributive au revenu visée à l'article 35 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
9° la demande d'aide supplémentaire au revenu pour les jeunes agriculteurs visée à l'article 38 du décret du 21 avril 2023 ;
10° la demande de la subvention pour le maintien de l'élevage durable de vaches allaitantes visée à l'article 44 de l'arrêté du 21 avril 2023 ;
11° la demande de la subvention pour la souscription d'une assurance intempéries globale reconnue comme subventionnable visée à l'article 8 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 juin 2019 relatif à la subvention de prime pour une assurance intempéries globale dans le secteur agricole ;
12° la déclaration de parcelles éligibles à la biocertification et des parcelles qui ont déjà été certifiées visée à l'article 15 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 29 octobre 2021 relatif à la production biologique et à l'étiquetage des produits biologiques ;
13° la demande d'aide à la participation aux régimes agréés européens de qualité alimentaire visée à l'article 5 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 9 septembre 2011 portant octroi d'une aide à la participation aux régimes agréés de qualité alimentaire ;
14° les demandes d'aide et de paiement pour les mesures agro-environnementales et les éco-régimes visées à l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant les prescriptions des subventions pour la mise en oeuvre de mesures ayant un effet favorable à l'environnement, au climat et à la biodiversité ;
15° les demandes de paiement pour les engagements pour la mesure culture du lin textile et du chanvre textile avec technique de fertilisation réduite et la mesure technique de confusion dans la culture fruitière, qui sont encore en cours le 1er janvier 2024 et qui ont été conclues conformément à l'article 2, alinéa 1er, 2° ou à l'article 2, alinéa 1er, 4° de l'arrêté du Gouvernement flamand du 5 septembre 2014 portant octroi de subventions pour l'exécution de mesures agri-environnementales et climatiques en application du Programme flamand de Développement rural pour la période 2014-2020, et les demandes de paiement pour les engagements pour la mesure poursuite du mode de production biologique, qui sont encore en cours le 1er janvier 2024 et qui ont été conclues conformément à l'article 2, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 juillet 2014 portant octroi d'aide à l'hectare pour le mode de production biologique en application du Programme flamand de développement rural pour la période 2014-2020 ;
16° la demande de paiement pour la subvention à la plantation de systèmes agroforestiers et la demande d'aide et de paiement pour l'entretien des systèmes agroforestiers visées à l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant les règles relatives aux subventions pour la plantation et l'entretien des systèmes agroforestiers ;
17° la déclaration facultative des systèmes d'utilisation des terres combinant la culture d'arbres à l'agriculture sur la même terre visée à l'article 3, § 3, 9°, du Décret forestier du 13 juin 1990, modifié par le décret du 20 avril 2012 portant diverses dispositions en matière d'environnement et de nature, et à l'article 6.1, 4°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juillet 2010 portant détermination des actes urbanistiques qui ne requièrent pas de permis d'environnement, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 juillet 2016 modifiant diverses dispositions de l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juillet 2010 portant détermination des actes qui ne requièrent pas d'autorisation urbanistique, modifiant diverses dispositions de l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juillet 2010 relatif aux actes soumis à l'obligation de déclaration en exécution du Code flamand de l'Aménagement du Territoire et modifiant l'article 10 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 5 juillet 2013 établissant un règlement urbanistique régional concernant les citernes d'eaux pluviales, les systèmes d'infiltration, les systèmes tampons et l'évacuation séparée des eaux usées et pluviales ;
18° la déclaration de genres ou espèces des végétaux et produits végétaux soumis à l'obligation de passeport phytosanitaire concernés par les activités de l'opérateur professionnel visée à l'article 8 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 23 décembre 2022 portant exécution des règles européennes relatives à la santé des végétaux pour le matériel de reproduction des végétaux ;
19° les déclarations faites par l'agriculteur dans le cadre de l'article 4 du décret du 21 avril 2023 ;
20° la demande de paiement des contrats de gestion visés à l'article 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2014 relatif à l'octroi de subventions à des contrats de gestion en application du Règlement (UE) n° 1305/2013 du Parlement européen et du Conseil du 17 décembre 2013 relatif au soutien au développement rural par le Fonds européen agricole pour le développement rural.]5
§ 2. L'agriculteur communique toute modification de l'exploitation des parcelles agricoles telles qu'il les a déclarées dans la demande unique.
§ 3. [4 Le ministre compétent en la matière arrête les modalités et les règles en exécution et en gestion des paragraphes § 1er et § 2 et les règles relatives au fonctionnement de la demande unique.]4
Wijzigingen
Art. 5. Het gebruik van een perceel landbouwgrond als vermeld in artikel 3, § 3, van het decreet, omvat het uitbaten van een aaneengesloten stuk landbouwgrond met inbegrip van het houden van de eigen dieren daarop. De landbouwer baat de landbouwgrond uit op basis van het genotrecht waarover hij voor het perceel in kwestie beschikt ten gevolge van een eigendomsrecht, een pachtrecht, een cultuurcontract, een vruchtgebruik, een opstalrecht, een erfpacht, een huurrecht of een gebruikrecht om niet. Gelijktijdig gebruik door verscheidene landbouwers is uitgesloten.
Art. 5. L'utilisation d'une parcelle agricole, conformément à l'article 3, § 3 du décret, consiste en l'exploitation d'un terrain agricole d'un seul tenant, y compris l'élevage de ses propres animaux sur cette parcelle. L'agriculteur exploite la terre agricole au titre du droit de jouissance dont il dispose par suite d'un droit de propriété, d'un droit de fermage, d'un contrat de culture, d'usufruit, d'un droit de superficie, d'un bail emphytéotique, d'un droit de location ou d'un droit d'usage à titre gratuit. L'utilisation simultanée par plusieurs agriculteurs est exclue.
Art. 6. Artikel 5 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2005 tot instelling van een bedrijfstoeslagregeling en tot vaststelling van bepaalde steunregelingen voor landbouwers en tot toepassing van de randvoorwaarden, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 13 januari 2006, wordt opgeheven.
Art. 6. L'article 5 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 8 juillet 2005 instaurant un régime de paiement unique et établissant certains régimes d'aide pour agriculteurs et portant application de la conditionnalité, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 13 janvier 2006, est abrogé.
Art. 7. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2007.
Art. 7. Le présent arrêté produit ses effets le 1er janvier 2007.
Art. 8. De Vlaamse minister, bevoegd voor het landbouwbeleid, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het leefmilieu, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 8. Le Ministre flamand qui a la politique agricole dans ses attributions et le Ministre flamand qui a l'environnement dans ses attributions sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.