Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
15 DECEMBER 2006. - Decreet betreffende corporate governance en andere bepalingen inzake de investeringsmaatschappijen van de Vlaamse overheid.
Titre
15 DECEMBRE 2006. - Décret relatif au gouvernement d'entreprise et à d'autres dispositions en matière des sociétés d'investissement de l'Autorité flamande (TRADUCTION).
Documentinformatie
Numac: 2007035011
Datum: 2006-12-15
Info du document
Numac: 2007035011
Date: 2006-12-15
Inhoud
Tekst (13)
Texte (13)
HOOFDSTUK I. - Inleidende bepaling.
CHAPITRE Ier. - Disposition introductive.
Artikel 1. Dit decreet betreft een gewest- en gemeenschapsaangelegenheid.
Article 1. Le présent décret règle une matière communautaire et régionale.
HOOFDSTUK II. - Wijzigingen aan het decreet van 7 mei 2004 betreffende de investeringsmaatschappijen van de Vlaamse overheid.
CHAPITRE II. - Modifications au décret du 7 mai 2004 relatif aux sociétés d'investissement de l'Autorité flamande.
Art.2. In artikel 7, tweede lid, van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de investeringsmaatschappijen van de Vlaamse overheid worden de woorden " de uit te voeren taken, de informatie- en rapportageplicht inzake de taken en financiële situatie " vervangen door de woorden " de operationele doelstellingen, de informatie- en rapportageplicht inzake de taken en financiële situatie, op basis van vooraf vastgestelde beleids- en beheersrelevante indicatoren ".
Art.2. Dans l'article 7, alinéa deux, du décret du 7 mai 2004 relatif aux sociétés d'investissement de l'Autorité flamande, les mots " les tâches à exécuter, l'obligation d'information et de rapport en ce qui concerne les tâches et la situation financière " sont remplacés par les mots " les objectifs opérationnels, l'obligation d'information et de rapport en ce qui concerne les tâches et la situation financière, sur la base d'indicateurs présentant un intérêt politique et gestionnel fixés préalablement ".
Art.3. In hetzelfde decreet wordt een hoofdstuk IVbis, bestaande uit artikel 7bis, ingevoegd, dat luidt als volgt :
" HOOFDSTUK IVbis. - Corporate governance
Artikel 7bis. De Vlaamse Regering gaat slechts over tot het sluiten van een samenwerkingsovereenkomst met een investeringsmaatschappij indien zij kan instemmen met de door de investeringsmaatschappij vastgelegde basisaannames, methodes en procedures die de werking van de investeringsmaatschappij afstemmen op de beginselen van de Belgische Corporate Governance Codes en de door de Vlaamse Regering aangewezen internationale aanbevelingen op het vlak van de corporate governance.
De Vlaamse Regering toetst daarbij in het bijzonder :
1° of er een intern auditcharter voorhanden is, dat een omschrijving geeft van de reikwijdte van de interne auditwerkzaamheden en de verantwoordelijkheden op het vlak van de opvolging van aanbevelingen;
2° of er een gedragscode voorhanden is, zijnde een contractueel kader, waarin wordt bepaald op welke wijze bestuurders en, in voorkomend geval, leden van het management en personeelsleden zich moeten gedragen wanneer zij geconfronteerd worden met de mogelijkheid een beslissing te nemen of te beïnvloeden, waarbij zij zichzelf ten nadele van de investeringsmaatschappij kunnen verrijken, of waarbij zij aan de investeringsmaatschappij een ondernemingskans kunnen ontnemen. "
" HOOFDSTUK IVbis. - Corporate governance
Artikel 7bis. De Vlaamse Regering gaat slechts over tot het sluiten van een samenwerkingsovereenkomst met een investeringsmaatschappij indien zij kan instemmen met de door de investeringsmaatschappij vastgelegde basisaannames, methodes en procedures die de werking van de investeringsmaatschappij afstemmen op de beginselen van de Belgische Corporate Governance Codes en de door de Vlaamse Regering aangewezen internationale aanbevelingen op het vlak van de corporate governance.
De Vlaamse Regering toetst daarbij in het bijzonder :
1° of er een intern auditcharter voorhanden is, dat een omschrijving geeft van de reikwijdte van de interne auditwerkzaamheden en de verantwoordelijkheden op het vlak van de opvolging van aanbevelingen;
2° of er een gedragscode voorhanden is, zijnde een contractueel kader, waarin wordt bepaald op welke wijze bestuurders en, in voorkomend geval, leden van het management en personeelsleden zich moeten gedragen wanneer zij geconfronteerd worden met de mogelijkheid een beslissing te nemen of te beïnvloeden, waarbij zij zichzelf ten nadele van de investeringsmaatschappij kunnen verrijken, of waarbij zij aan de investeringsmaatschappij een ondernemingskans kunnen ontnemen. "
Art.3. Dans le même décret, il est inséré un chapitre IVbis, comprenant l'article 7bis, rédigé comme suit :
" CHAPITRE IVbis. - Gouvernement d'entreprise
Article 7bis. Le Gouvernement flamand ne procède à la conclusion d'un accord de coopération avec une société d'investissement que s'il peut consentir aux hypothèses de base, aux méthodes et aux procédures fixées par la société d'investissement qui accordent le fonctionnement de la société d'investissement avec les principes des Codes belges de Gouvernement d'Entreprise et les recommandations internationales désignées par le Gouvernement flamand en matière du gouvernement d'entreprise.
Le Gouvernement flamand vérifie particulièrement :
1° s'il existe une charte d'audit interne, donnant une description de la portée des activités d'audit interne et des responsabilités en matière de l'observation des recommandations;
2° s'il existe un code de conduite, notamment un cadre contractuel, qui définit comment les administrateurs et, le cas échéant, les membres du management et du personnel sont tenus de se conduire lorsqu'ils sont confrontés à la possibilité de prendre ou d'influencer une décision, leur permettant de s'enrichir au détriment de la société d'investissement, ou de priver la société d'investissement d'une opportunité d'affaires. "
" CHAPITRE IVbis. - Gouvernement d'entreprise
Article 7bis. Le Gouvernement flamand ne procède à la conclusion d'un accord de coopération avec une société d'investissement que s'il peut consentir aux hypothèses de base, aux méthodes et aux procédures fixées par la société d'investissement qui accordent le fonctionnement de la société d'investissement avec les principes des Codes belges de Gouvernement d'Entreprise et les recommandations internationales désignées par le Gouvernement flamand en matière du gouvernement d'entreprise.
Le Gouvernement flamand vérifie particulièrement :
1° s'il existe une charte d'audit interne, donnant une description de la portée des activités d'audit interne et des responsabilités en matière de l'observation des recommandations;
2° s'il existe un code de conduite, notamment un cadre contractuel, qui définit comment les administrateurs et, le cas échéant, les membres du management et du personnel sont tenus de se conduire lorsqu'ils sont confrontés à la possibilité de prendre ou d'influencer une décision, leur permettant de s'enrichir au détriment de la société d'investissement, ou de priver la société d'investissement d'une opportunité d'affaires. "
Art.4. In hetzelfde decreet wordt een hoofdstuk IVter, bestaande uit artikel 7ter, ingevoegd, dat luidt als volgt :
" HOOFDSTUK IVter. - Toezicht door een regeringsafgevaardigde
Artikel 7ter. § 1. De Vlaamse Regering kan bij LRM en PMV een regeringsafgevaardigde aanstellen.
De regeringsafgevaardigde houdt van overheidswege toezicht op de overeenstemming van de verrichtingen en de werking van de investeringsmaatschappij met het recht, de statuten van de investeringsmaatschappij, de samenwerkingsovereenkomst en de beginselen inzake financiële orthodoxie en inzake corporate governance.
§ 2. De regeringsafgevaardigde heeft met raadgevende stem zitting in de raad van bestuur en de door de raad van bestuur ingestelde comités.
Ten minste vijf werkdagen vóór de datum van de vergaderingen ontvangt hij de volledige dagorde van de vergaderingen van de raad van bestuur en van de door de raad van bestuur ingestelde comités, evenals alle documenten terzake. In gemotiveerde gevallen van hoogdringendheid kan van deze bepaling worden afgeweken.
Hij kan te allen tijde ter plaatse alle documenten en geschriften van de investeringsmaatschappij inzien.
Hij kan van de bestuurders en de leden van het management alle inlichtingen en ophelderingen vorderen, en alle verificaties verrichten, die hij nodig acht voor de uitvoering van zijn mandaat.
De Vlaamse Regering kan de regeringsafgevaardigde laten bijstaan door deskundigen voor bepaalde tijdelijke controles.
§ 3. Personeelsleden van de investeringsmaatschappij kunnen aan de regeringsafgevaardigde in vertrouwen hun bezorgdheid uiten over mogelijke onregelmatigheden inzake financiële rapportering of andere aangelegenheden. De regeringsafgevaardigde geeft nimmer de identiteit van het personeelslid vrij.
De regeringsafgevaardigde gaat de gegrondheid van de melding na. Indien de melding gegrond is, formuleert de regeringsafgevaardigde onverwijld de nodige aanbevelingen aan de raad van bestuur.
De toepassing van het eerste lid kan niet leiden tot enige maatregel in hoofde van het betrokken personeelslid. Onder maatregel wordt verstaan : een beslissing tot schorsing of ontslag, tot het opleggen van enige tucht- of ordemaatregel, tot ontneming van bevoegdheden, tot overplaatsing, tot weigering van verlof, of tot toekennen van een onvoldoende bij een functioneringsevaluatie.
§ 4. De regeringsafgevaardigde stelt de Vlaamse Regering in kennis van :
1° elke beslissing van de raad van bestuur of het management die hij strijdig acht met de toezichtsgronden, als bedoeld in § 1, tweede lid;
2° de aanbevelingen die hij aan de raad van bestuur richt op grond van § 3, tweede lid, en het gevolg dat aan deze aanbevelingen wordt gegeven.
Wanneer de Vlaamse Regering op grond van deze inlichtingen meent dat de investeringsmaatschappij de aan haar opgedragen taken kennelijk verwaarloost, kan de Vlaamse Regering de aangelegenheid bepalen waarover de raad van bestuur van de investeringsmaatschappij moet beraadslagen en de termijn bepalen waarbinnen die beraadslaging moet plaatsvinden.
Wordt binnen de gestelde termijn geen beslissing genomen, of stemt de Vlaamse Regering niet in met de genomen beslissing, dan kan zij de nodige voorzieningen treffen. Zij stelt het Vlaams Parlement daarvan onverwijld in kennis.
De nodige voorzieningen als bedoeld in het derde lid kunnen inhouden dat :
1° de Vlaamse Regering zich in de plaats stelt van de investeringsmaatschappij, waarbij zij de regeringsafgevaardigde of een andere persoon met een bijzondere macht kan bekleden;
2° de Vlaamse Regering de beslissingen van de investeringsmaatschappij gedurende een door haar bepaalde en verlengbare termijn afhankelijk maakt van het voorafgaand advies of de voorafgaande instemming van de Vlaamse Regering, de regeringsafgevaardigde, of enige andere instantie.
De Vlaamse Regering kan nadere procedurele regelen vastleggen voor de toepassing van deze paragraaf.
§ 5. Het Vlaamse Gewest draagt de kosten verbonden aan de uitoefening van het ambt van de regeringsafgevaardigden.
De Vlaamse Regering bepaalt de rechtspositionele voorwaarden waaronder de regeringsafgevaardigden worden aangesteld. In afwachting van de inwerkingtreding van dergelijk besluit, wordt de rechtspositie van de regeringsafgevaardigden geregeld overeenkomstig de principes die van toepassing waren op de commissarissen van de Vlaamse Regering, als bedoeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 1994 tot vaststelling van de voorwaarden en de wijze waarop de commissarissen van de Vlaamse Regering bij de investeringsmaatschappijen in dienst worden genomen. "
" HOOFDSTUK IVter. - Toezicht door een regeringsafgevaardigde
Artikel 7ter. § 1. De Vlaamse Regering kan bij LRM en PMV een regeringsafgevaardigde aanstellen.
De regeringsafgevaardigde houdt van overheidswege toezicht op de overeenstemming van de verrichtingen en de werking van de investeringsmaatschappij met het recht, de statuten van de investeringsmaatschappij, de samenwerkingsovereenkomst en de beginselen inzake financiële orthodoxie en inzake corporate governance.
§ 2. De regeringsafgevaardigde heeft met raadgevende stem zitting in de raad van bestuur en de door de raad van bestuur ingestelde comités.
Ten minste vijf werkdagen vóór de datum van de vergaderingen ontvangt hij de volledige dagorde van de vergaderingen van de raad van bestuur en van de door de raad van bestuur ingestelde comités, evenals alle documenten terzake. In gemotiveerde gevallen van hoogdringendheid kan van deze bepaling worden afgeweken.
Hij kan te allen tijde ter plaatse alle documenten en geschriften van de investeringsmaatschappij inzien.
Hij kan van de bestuurders en de leden van het management alle inlichtingen en ophelderingen vorderen, en alle verificaties verrichten, die hij nodig acht voor de uitvoering van zijn mandaat.
De Vlaamse Regering kan de regeringsafgevaardigde laten bijstaan door deskundigen voor bepaalde tijdelijke controles.
§ 3. Personeelsleden van de investeringsmaatschappij kunnen aan de regeringsafgevaardigde in vertrouwen hun bezorgdheid uiten over mogelijke onregelmatigheden inzake financiële rapportering of andere aangelegenheden. De regeringsafgevaardigde geeft nimmer de identiteit van het personeelslid vrij.
De regeringsafgevaardigde gaat de gegrondheid van de melding na. Indien de melding gegrond is, formuleert de regeringsafgevaardigde onverwijld de nodige aanbevelingen aan de raad van bestuur.
De toepassing van het eerste lid kan niet leiden tot enige maatregel in hoofde van het betrokken personeelslid. Onder maatregel wordt verstaan : een beslissing tot schorsing of ontslag, tot het opleggen van enige tucht- of ordemaatregel, tot ontneming van bevoegdheden, tot overplaatsing, tot weigering van verlof, of tot toekennen van een onvoldoende bij een functioneringsevaluatie.
§ 4. De regeringsafgevaardigde stelt de Vlaamse Regering in kennis van :
1° elke beslissing van de raad van bestuur of het management die hij strijdig acht met de toezichtsgronden, als bedoeld in § 1, tweede lid;
2° de aanbevelingen die hij aan de raad van bestuur richt op grond van § 3, tweede lid, en het gevolg dat aan deze aanbevelingen wordt gegeven.
Wanneer de Vlaamse Regering op grond van deze inlichtingen meent dat de investeringsmaatschappij de aan haar opgedragen taken kennelijk verwaarloost, kan de Vlaamse Regering de aangelegenheid bepalen waarover de raad van bestuur van de investeringsmaatschappij moet beraadslagen en de termijn bepalen waarbinnen die beraadslaging moet plaatsvinden.
Wordt binnen de gestelde termijn geen beslissing genomen, of stemt de Vlaamse Regering niet in met de genomen beslissing, dan kan zij de nodige voorzieningen treffen. Zij stelt het Vlaams Parlement daarvan onverwijld in kennis.
De nodige voorzieningen als bedoeld in het derde lid kunnen inhouden dat :
1° de Vlaamse Regering zich in de plaats stelt van de investeringsmaatschappij, waarbij zij de regeringsafgevaardigde of een andere persoon met een bijzondere macht kan bekleden;
2° de Vlaamse Regering de beslissingen van de investeringsmaatschappij gedurende een door haar bepaalde en verlengbare termijn afhankelijk maakt van het voorafgaand advies of de voorafgaande instemming van de Vlaamse Regering, de regeringsafgevaardigde, of enige andere instantie.
De Vlaamse Regering kan nadere procedurele regelen vastleggen voor de toepassing van deze paragraaf.
§ 5. Het Vlaamse Gewest draagt de kosten verbonden aan de uitoefening van het ambt van de regeringsafgevaardigden.
De Vlaamse Regering bepaalt de rechtspositionele voorwaarden waaronder de regeringsafgevaardigden worden aangesteld. In afwachting van de inwerkingtreding van dergelijk besluit, wordt de rechtspositie van de regeringsafgevaardigden geregeld overeenkomstig de principes die van toepassing waren op de commissarissen van de Vlaamse Regering, als bedoeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 1994 tot vaststelling van de voorwaarden en de wijze waarop de commissarissen van de Vlaamse Regering bij de investeringsmaatschappijen in dienst worden genomen. "
Art.4. Dans le même décret, il est inséré un chapitre IVter, comprenant l'article 7ter, rédigé comme suit :
" CHAPITRE IVter. - Contrôle par un délégué du gouvernement
Article 7ter. § 1er. Le Gouvernement flamand peut désigner un délégué du gouvernement auprès de la LRM et de la PMV.
Le délégué du gouvernement veille, pour les pouvoirs publics, à la conformité des opérations et du fonctionnement de la société d'investissement aux principes légaux, aux statuts de la société d'investissement, à l'accord de coopération et aux principes d'orthodoxie financière et du gouvernement d'entreprise.
§ 2. Le délégué du gouvernement siège avec voix consultative dans le conseil d'administration et dans les comités institués par le conseil d'administration.
Au moins cinq jours ouvrables avant la date des séances, il reçoit l'ordre du jour complet des réunions du conseil d'administration et des comités institués par le conseil d'administration, ainsi que tous les documents y afférents. En cas d'urgence motivée, il peut être dérogé à cette disposition.
Il peut, à tout moment et sur place, consulter tous les documents et écrits de la société d'investissement.
Il peut demander aux administrateurs et aux membres du management de lui communiquer toutes les informations et tous les éclaircissements et effectuer toutes les vérifications qu'il juge nécessaires pour l'exercice de son mandat.
Le Gouvernement flamand a la possibilité de faire assister le délégué du gouvernement par des experts pour un certain nombre de contrôles temporaires.
§ 3. Les membres du personnel de la société d'investissement ont la possibilité d'exprimer leur inquiétude par rapport à de possibles irrégularités en matière de rapportage financier ou à d'autres matières. Le délégué du gouvernement ne révèle jamais l'identité du membre du personnel.
Le délégué du gouvernement examine le bien-fondé de la notification. Si la notification est fondée, le délégué du gouvernement formule sans délai les recommandations nécessaires au conseil d'administration.
L'application de l'alinéa 1er ne peut pas conduire à quelconque mesure dans le chef du membre du personnel concerné. Il faut entendre par mesure : une décision de suspension ou de licenciement, d'imposition d'une mesure de discipline ou d'ordre, de privation de compétences, de transfert, de refus de congé, ou d'une mention " insuffisant " lors d'une évaluation fonctionnelle.
§ 4. Le délégué du gouvernement informe le Gouvernement flamand :
1° de chaque décision du conseil d'administration ou du management qu'il juge contraire au contrôle visé au § 1er, deuxième alinéa;
2° des recommandations qu'il adresse au conseil d'administration sur la base du § 3, deuxième alinéa, et de la suite donnée à ces recommandations.
Si le Gouvernement flamand estime, sur la base de ces informations, que la société d'investissement néglige manifestement les tâches qui lui sont conférées, le Gouvernement flamand peut définir la matière dont le conseil d'administration de la société d'investissement doit délibérer et fixer le délai dans lequel cette délibération doit avoir lieu.
Si aucune décision n'est prise dans le délai imparti ou si le Gouvernement flamand ne donne pas son accord à la décision prise, il peut prendre les mesures nécessaires. Il en informe sans tarder le Parlement flamand.
Les mesures nécessaires au sens du troisième alinéa peuvent impliquer que :
1° le Gouvernement flamand prend la place de la société d'investissement et attribue éventuellement un pouvoir spécial au délégué du gouvernement ou à une autre personne;
2° le Gouvernement flamand peut subordonner, pour un délai renouvelable fixé par lui, les décisions de la société d'investissement à l'avis préalable ou au consentement préalable du Gouvernement flamand, du délégué du gouvernement ou de toute autre instance.
Le Gouvernement flamand peut fixer les modalités procédurales de l'application du présent paragraphe.
§ 5. La Région flamande prend en charge les frais liés à l'exercice de la fonction des délégués du gouvernement.
Le Gouvernement flamand fixe les conditions statutaires par lesquelles les délégués du gouvernement sont régis. En attendant l'entrée en vigueur d'un tel arrêté, le statut des délégués du gouvernement est réglé conformément aux principes applicables aux commissaires du Gouvernement flamand, tels que visés à l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 1994 établissant les conditions et la manière dont les commissaires du Gouvernement flamand sont engagés auprès des sociétés d'investissement. "
" CHAPITRE IVter. - Contrôle par un délégué du gouvernement
Article 7ter. § 1er. Le Gouvernement flamand peut désigner un délégué du gouvernement auprès de la LRM et de la PMV.
Le délégué du gouvernement veille, pour les pouvoirs publics, à la conformité des opérations et du fonctionnement de la société d'investissement aux principes légaux, aux statuts de la société d'investissement, à l'accord de coopération et aux principes d'orthodoxie financière et du gouvernement d'entreprise.
§ 2. Le délégué du gouvernement siège avec voix consultative dans le conseil d'administration et dans les comités institués par le conseil d'administration.
Au moins cinq jours ouvrables avant la date des séances, il reçoit l'ordre du jour complet des réunions du conseil d'administration et des comités institués par le conseil d'administration, ainsi que tous les documents y afférents. En cas d'urgence motivée, il peut être dérogé à cette disposition.
Il peut, à tout moment et sur place, consulter tous les documents et écrits de la société d'investissement.
Il peut demander aux administrateurs et aux membres du management de lui communiquer toutes les informations et tous les éclaircissements et effectuer toutes les vérifications qu'il juge nécessaires pour l'exercice de son mandat.
Le Gouvernement flamand a la possibilité de faire assister le délégué du gouvernement par des experts pour un certain nombre de contrôles temporaires.
§ 3. Les membres du personnel de la société d'investissement ont la possibilité d'exprimer leur inquiétude par rapport à de possibles irrégularités en matière de rapportage financier ou à d'autres matières. Le délégué du gouvernement ne révèle jamais l'identité du membre du personnel.
Le délégué du gouvernement examine le bien-fondé de la notification. Si la notification est fondée, le délégué du gouvernement formule sans délai les recommandations nécessaires au conseil d'administration.
L'application de l'alinéa 1er ne peut pas conduire à quelconque mesure dans le chef du membre du personnel concerné. Il faut entendre par mesure : une décision de suspension ou de licenciement, d'imposition d'une mesure de discipline ou d'ordre, de privation de compétences, de transfert, de refus de congé, ou d'une mention " insuffisant " lors d'une évaluation fonctionnelle.
§ 4. Le délégué du gouvernement informe le Gouvernement flamand :
1° de chaque décision du conseil d'administration ou du management qu'il juge contraire au contrôle visé au § 1er, deuxième alinéa;
2° des recommandations qu'il adresse au conseil d'administration sur la base du § 3, deuxième alinéa, et de la suite donnée à ces recommandations.
Si le Gouvernement flamand estime, sur la base de ces informations, que la société d'investissement néglige manifestement les tâches qui lui sont conférées, le Gouvernement flamand peut définir la matière dont le conseil d'administration de la société d'investissement doit délibérer et fixer le délai dans lequel cette délibération doit avoir lieu.
Si aucune décision n'est prise dans le délai imparti ou si le Gouvernement flamand ne donne pas son accord à la décision prise, il peut prendre les mesures nécessaires. Il en informe sans tarder le Parlement flamand.
Les mesures nécessaires au sens du troisième alinéa peuvent impliquer que :
1° le Gouvernement flamand prend la place de la société d'investissement et attribue éventuellement un pouvoir spécial au délégué du gouvernement ou à une autre personne;
2° le Gouvernement flamand peut subordonner, pour un délai renouvelable fixé par lui, les décisions de la société d'investissement à l'avis préalable ou au consentement préalable du Gouvernement flamand, du délégué du gouvernement ou de toute autre instance.
Le Gouvernement flamand peut fixer les modalités procédurales de l'application du présent paragraphe.
§ 5. La Région flamande prend en charge les frais liés à l'exercice de la fonction des délégués du gouvernement.
Le Gouvernement flamand fixe les conditions statutaires par lesquelles les délégués du gouvernement sont régis. En attendant l'entrée en vigueur d'un tel arrêté, le statut des délégués du gouvernement est réglé conformément aux principes applicables aux commissaires du Gouvernement flamand, tels que visés à l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 1994 établissant les conditions et la manière dont les commissaires du Gouvernement flamand sont engagés auprès des sociétés d'investissement. "
Art.5. In hetzelfde decreet wordt een hoofdstuk IVquater, bestaande uit artikel 7quater, ingevoegd, dat luidt als volgt :
" HOOFDSTUK IVquater. - Dochtervennootschappen
Artikel 7quater. § 1. De artikelen 7 en 7bis zijn van overeenkomstige toepassing op de dochtervennootschappen van de investeringsmaatschappijen, voor zover de investeringsmaatschappijen in het bezit zijn van de meerderheid van de stemrechten verbonden aan het totaal van de aandelen van de betrokken vennootschap.
Artikel 7ter is onder dezelfde voorwaarden van toepassing op dochtervennootschappen van LRM en PMV.
§ 2. De Vlaamse Regering kan op gemotiveerde wijze de dochtervennootschappen aanwijzen die van de toepassing van § 1, eerste lid, zijn vrijgesteld. Deze mogelijkheid geldt slechts in hoofde van dochtervennootschappen waaraan geen beheersbevoegdheden op het vlak van de decretale opdrachten van de investeringsmaatschappijen zijn overgedragen of die slechts belast zijn met het beheer van specifieke financieringsproducten. ".
" HOOFDSTUK IVquater. - Dochtervennootschappen
Artikel 7quater. § 1. De artikelen 7 en 7bis zijn van overeenkomstige toepassing op de dochtervennootschappen van de investeringsmaatschappijen, voor zover de investeringsmaatschappijen in het bezit zijn van de meerderheid van de stemrechten verbonden aan het totaal van de aandelen van de betrokken vennootschap.
Artikel 7ter is onder dezelfde voorwaarden van toepassing op dochtervennootschappen van LRM en PMV.
§ 2. De Vlaamse Regering kan op gemotiveerde wijze de dochtervennootschappen aanwijzen die van de toepassing van § 1, eerste lid, zijn vrijgesteld. Deze mogelijkheid geldt slechts in hoofde van dochtervennootschappen waaraan geen beheersbevoegdheden op het vlak van de decretale opdrachten van de investeringsmaatschappijen zijn overgedragen of die slechts belast zijn met het beheer van specifieke financieringsproducten. ".
Art.5. Il est inséré dans le même décret un chapitre IVquater, comprenant l'article 7quater, rédigé comme suit :
" CHAPITRE IVquater. - Filiales
Article 7quater. § 1er. Les articles 7 et 7bis s'appliquent par analogie aux filiales des sociétés d'investissement, pour autant que les sociétés d'investissement sont en possession de la majorité des droits de vote liés au total des actions de la filiale concernée.
L'article 7ter s'applique aux mêmes conditions aux filiales de la LRM et de la PMV.
§ 2. Le Gouvernement flamand peut désigner de façon motivée les filiales exemptées de l'application du § 1er, alinéa 1er. Cette possibilité n'est valable que dans le chef des filiales ne disposant pas de compétences d'administration sur le plan des missions décrétales de la société d'investissement ou qui ne sont chargées que de la gestion de produits de financement spécifiques. "
" CHAPITRE IVquater. - Filiales
Article 7quater. § 1er. Les articles 7 et 7bis s'appliquent par analogie aux filiales des sociétés d'investissement, pour autant que les sociétés d'investissement sont en possession de la majorité des droits de vote liés au total des actions de la filiale concernée.
L'article 7ter s'applique aux mêmes conditions aux filiales de la LRM et de la PMV.
§ 2. Le Gouvernement flamand peut désigner de façon motivée les filiales exemptées de l'application du § 1er, alinéa 1er. Cette possibilité n'est valable que dans le chef des filiales ne disposant pas de compétences d'administration sur le plan des missions décrétales de la société d'investissement ou qui ne sont chargées que de la gestion de produits de financement spécifiques. "
HOOFDSTUK III. - Diverse wijzigingen.
CHAPITRE III. - Diverses modifications.
Art.6. In artikel 13, eerste lid, van het decreet van 18 juli 2003 betreffende publiek-private samenwerking worden de woorden " Onverminderd artikel 10, § 2, vijfde lid, en § 4, van het decreet van 13 juli 1994 betreffende de Vlaamse investeringsmaatschappijen, tot aanduiding van de Participatiemaatschappij Vlaanderen voor het realiseren van projecten inzake publiek-private samenwerking, " vervangen door de woorden " Onverminderd de bevoegdheden van de Participatiemaatschappij Vlaanderen voor het realiseren van projecten inzake publiek-private samenwerking. "
Art.6. Dans l'article 13, alinéa 1er, du décret du 18 juillet 2003 relatif au partenariat public-privé, les mots " Sans préjudice de l'article 10, § 2, cinquième alinéa, et § 4, du décret du 13 juillet 1994 relatif aux sociétés d'investissement flamandes, désignant la " Participatiemaatschappij Vlaanderen " pour la réalisation de projets dans le cadre du partenariat public-privé, " sont remplacés par les mots " Sans préjudice des compétences de la " Participatiemaatschappij Vlaanderen " pour la réalisation de projets dans le cadre du partenariat public-privé, ".
Art.7. Aan het decreet van 6 juli 2001 houdende bepalingen tot herstructurering van Gimvindus NV wordt een artikel 5 toegevoegd, dat luidt als volgt :
" Artikel 5
De bepalingen van het decreet van 13 juli 1994 betreffende de Vlaamse investeringsmaatschappijen blijven van toepassing op Gimvindus tot aan haar ontbinding of tot aan de effectieve realisatie van haar overdracht. "
" Artikel 5
De bepalingen van het decreet van 13 juli 1994 betreffende de Vlaamse investeringsmaatschappijen blijven van toepassing op Gimvindus tot aan haar ontbinding of tot aan de effectieve realisatie van haar overdracht. "
Art.7. Au décret du 6 juillet 2001 portant dispositions de restructuration de la S.A. Gimvindus, il est ajouté un article 5, rédigé comme suit :
" Article 5.
Les dispositions du décret du 13 juillet 1994 relatif aux sociétés d'investissement flamandes restent d'application à Gimvindus jusqu'à sa dissolution ou jusqu'à la réalisation effective de son transfert. "
" Article 5.
Les dispositions du décret du 13 juillet 1994 relatif aux sociétés d'investissement flamandes restent d'application à Gimvindus jusqu'à sa dissolution ou jusqu'à la réalisation effective de son transfert. "
Art.8. Aan artikel 2 van het decreet van 16 januari 2004 houdende bepalingen tot herstructurering van de Vlaamse Milieuholding wordt een § 7 toegevoegd, die luidt als volgt :
" § 7. De bepalingen van het decreet van 13 juli 1994 betreffende de Vlaamse investeringsmaatschappijen blijven van toepassing op de Vlaamse Milieuholding tot aan haar ontbinding of tot aan de effectieve realisatie van haar overdracht. "
" § 7. De bepalingen van het decreet van 13 juli 1994 betreffende de Vlaamse investeringsmaatschappijen blijven van toepassing op de Vlaamse Milieuholding tot aan haar ontbinding of tot aan de effectieve realisatie van haar overdracht. "
Art.8. A l'article 2 du décret du 16 janvier 2004 portant des dispositions de restructuration du " Vlaamse Milieuholding ", il est ajouté un § 7, rédigé comme suit :
" § 7. Les dispositions du décret du 13 juillet 1994 relatif aux sociétés d'investissement flamandes restent d'application au " Vlaamse Milieuholding " jusqu'à sa dissolution ou jusqu'à la réalisation effective de son transfert. "
" § 7. Les dispositions du décret du 13 juillet 1994 relatif aux sociétés d'investissement flamandes restent d'application au " Vlaamse Milieuholding " jusqu'à sa dissolution ou jusqu'à la réalisation effective de son transfert. "
HOOFDSTUK IV. - Inwerkingtredingsbepaling.
CHAPITRE IV. - Disposition d'entrée en vigueur.
Art. 9. Dit decreet treedt in werking op de datum, bepaald voor de inwerkingtreding van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de investeringsmaatschappijen van de Vlaamse overheid.
Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Brussel, 15 december 2006.
De minister-president van de Vlaamse Regering,
Y. LETERME
De Vlaamse minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening,
D. VAN MECHELEN.
Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Brussel, 15 december 2006.
De minister-president van de Vlaamse Regering,
Y. LETERME
De Vlaamse minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening,
D. VAN MECHELEN.
Art. 9. Le présent décret entre en vigueur à la date fixée pour l'entrée en vigueur du décret du 7 mai 2004 relatif aux sociétés d'investissement de l'Autorité flamande.
Promulguons le présent décret, ordonnons qu'il soit publié au Moniteur belge.
Bruxelles, le 15 décembre 2006.
Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
Y. LETERME
Le Ministre flamand des Finances et du Budget et de l'Aménagement du Territoire,
D. VAN MECHELEN.
Promulguons le présent décret, ordonnons qu'il soit publié au Moniteur belge.
Bruxelles, le 15 décembre 2006.
Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
Y. LETERME
Le Ministre flamand des Finances et du Budget et de l'Aménagement du Territoire,
D. VAN MECHELEN.