Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
8 SEPTEMBER 2006. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van de regelgeving betreffende de bekwaamheidsbewijzen van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs.
Titre
8 SEPTEMBRE 2006. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant la réglementation relative aux titres des membres du personnel directeur et enseignant des établissements d'enseignement artistique à temps partiel (TRADUCTION).
Documentinformatie
Numac: 2006036738
Datum: 2006-09-08
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2006036738
Date: 2006-09-08
Moniteur: Voir
Tekst (19)
Texte (18)
HOOFDSTUK I. - Wijzigingen in het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de weddeschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs, studierichting " Beeldende kunst ".
CHAPITRE Ier. - Modifications à l'arrêté du Gouvernement flamand du 31 juillet 1990 relatif aux titres, aux traitements, au régime de prestations et au statut pécuniaire des membres du personnel directeur et enseignant et du personnel auxiliaire d'éducation des établissements d'enseignement artistique à temps partiel, orientation " Arts plastiques ".
Artikel 1. In artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de weddeschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs, studierichting " Beeldende kunst ", gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 april 1997, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1 worden tussen het woord " onderwijsinstelling, " en het woord " hetzij " de woorden " hetzij door een ambtshalve geregistreerde instelling voor hoger onderwijs, " ingevoegd;
  2° § 2 wordt vervangen door wat volgt :
  " § 2. De diploma's en de studiegetuigschriften die behaald zijn in overeenstemming met een buitenlandse regeling worden eveneens aangenomen als ze met een van de diploma's of studiegetuigschriften, vermeld in dit besluit, op een van de volgende wijzen gelijkwaardig worden verklaard :
  1° krachtens verdragen of internationale overeenkomsten;
  2° met toepassing van de procedure voor het verlenen van de gelijkwaardigheid, voorgeschreven bij de wet van 19 maart 1971 betreffende de gelijkwaardigheid van de buitenlandse diploma's en studiegetuigschriften;
  3° met ingang van 1 september 1995, met toepassing van het decreet van 13 juli 1994 betreffende de hogescholen in de Vlaamse Gemeenschap;
  4° met ingang van 1 oktober 1992, met toepassing van het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap;
  5° met ingang van 1 januari 2003, met toepassing van het decreet van 4 april 2003 betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen.
  De diploma's of getuigschriften die in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte of, met ingang van 1 juni 2002, in Zwitserland uitgereikt zijn, worden aangenomen als er een conformiteitsattest bij is gevoegd zoals bepaald in het besluit van de Vlaamse Regering van 15 april 1997 tot bepaling van de voorwaarden en vorm van het conformiteitsattest voor wervingsambten in het onderwijs ter uitvoering van de Europese Richtlijnen 89/48/EEG en 92/51/EEG. "
Article 1. A l'article 4 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 31 juillet 1990 relatif aux titres, aux traitements, au régime de prestations et au statut pécuniaire des membres du personnel directeur et enseignant et du personnel auxiliaire d'éducation des établissements d'enseignement artistique à temps partiel, orientation " Arts plastiques ", modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 avril 1997, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le § 1er, les mots " soit par une institution d'enseignement supérieur enregistrée d'office " sont insérés entre les mots " ou par la Communauté " et les mots " soit par un jury ";
  2° le § 2 est remplacé par la disposition suivante :
  " § 2. Sont également admis, les diplômes et certificats d'études obtenus selon un régime étranger, s'ils sont reconnus équivalents à un des diplômes ou certificats d'études visés au présent arrêté d'une des façons suivantes :
  1° en vertu de traités ou de conventions internationales;
  2° en application de la procédure en matière d'équivalence, prescrite par la loi du 19 mars 1971 relative à l'équivalence des diplômes et certificats d'études étrangers;
  3° à compter du 1er septembre 1995, en application du décret du 13 juillet 1994 relatif aux instituts supérieurs en Communauté flamande;
  4° à compter du 1er octobre 1992, en application du décret du 12 juin 1991 relatif aux universités dans la Communauté flamande;
  5° à compter du 1er janvier 2003, en application du décret du 4 avril 2003 relatif à la restructuration de l'enseignement supérieur en Flandre.
  Les diplômes ou les certificats d'études délivrés dans un Etat membre de l'Espace économique européen, ou, à partir du 1er juin 2002 en Suisse, sont admis s'ils sont accompagnés d'une attestation de conformité telle que définie par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 avril 1997 fixant les conditions et la forme de l'attestation de conformité pour les fonctions de recrutement dans l'enseignement en exécution des directives européennes 89/48/CEE et 92/51/CEE. "
Art. 2. In artikel 6 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 februari 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° er wordt een punt 2°bis ingevoegd, dat luidt als volgt :
  " 2°bis het diploma van master, aansluitend bij een bachelor, eventueel na een schakelprogramma; ";
  2° aan punt 14° wordt een punt l) toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " l) het diploma van professioneel gerichte bachelor. Daarmee wordt niet bedoeld de bachelor, aansluitend op een bachelor; ";
  3° in punt 17° worden na de woorden " van de eerste graad " de woorden " of, vanaf 1 september 2000, van hoger onderwijs voor sociale promotie of, vanaf 1 september 2002, van hoger onderwijs, uitgereikt door een centrum voor volwassenenonderwijs " toegevoegd;
  4° aan punt 20° worden een punt e) en f) toegevoegd, die luiden als volgt :
  " e) een studiebewijs van het volwassenenonderwijs, gerangschikt BSO4;
  f) het diploma in de verpleegkunde, uitgereikt na de vierde graad in het beroepssecundair onderwijs; ";
  5° aan punt 23° wordt een punt c) toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " c) een studiebewijs van het volwassenenonderwijs, gerangschikt TSO3; ";
  6° aan punt 25° wordt een punt c) toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " c) een studiebewijs van het volwassenenonderwijs, gerangschikt BSO3; ".
Art. 2. A l'article 6 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 février 2003, sont apportées les modifications suivantes :
  1° il est inséré un point 2°bis ainsi rédigé :
  " 2°bis. le diplôme de master, qui s'aligne sur un bachelor, éventuellement après un programme de transition; ";
  2°au point 14°, il est ajouté un point 1) ainsi rédigé :
  " 1) le diplôme de bachelor à orientation professionnelle. Par ce terme, on n'entend pas le bachelor qui s'aligne sur un bachelor; ";
  3° au point 17, les mots " ou, à compter du 1er septembre 2000, de l'enseignement supérieur de promotion sociale ou, à compter du 1er septembre 2002 de l'enseignement supérieur, délivré par un centre d'éducation des adultes " sont ajoutés après les mots "du premier degré;
  4° au point 20°, sont ajoutés des points e) et f) ainsi rédigés :
  " e) un titre de l'éducation des adultes, classée BSO4;
  f) le diplôme en nursing, délivré à l'issue du quatrième degré de l'enseignement secondaire professionnel; ";
  5° au point 23°, il est ajouté un point c) ainsi rédigé :
  " c) un titre de l'éducation des adultes, classée TSO3; ";
  6° au point 25°, il est ajouté un point c) ainsi rédigé :
  " c) un titre de l'éducation des adultes, classée BSO3; ".
Art. 3. In artikel 7, § 1, van hetzelfde besluit, vervangen bij besluit van de Vlaamse Regering van 14 februari 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° punt 3° wordt vervangen door wat volgt :
  " 3° een bekwaamheidsbewijs van hoger kunstonderwijs van de derde graad : een van de basisdiploma's, vermeld in artikel 6, 4° en 6°, met uitzondering van het diploma van industrieel ingenieur; ";
  2° er wordt een punt 9°bis ingevoegd, dat luidt als volgt :
  " 9°bis een bekwaamheidsbewijs van ten minste hoger kunstonderwijs van de eerste graad : een van de basisdiploma's, vermeld in artikel 6, 4°, 10° en 13°, of ermee gelijkgestelde studiebewijzen; ";
  3° aan punt 13° wordt een punt d) toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " d) het diploma van secundair onderwijs, uitgereikt na de vierde graad van het beroepssecundair onderwijs; ";
  4° punt 14° wordt vervangen door wat volgt :
  " 14° ASBO :
  a) het brevet van het aanvullend secundair beroepsonderwijs met volledig leerplan of voor sociale promotie;
  b) het studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de vierde graad van het secundair onderwijs;
  c) het diploma in de psychiatrische verpleegkunde;
  d) het diploma in de ziekenhuisverpleegkunde;
  e) het diploma in de verpleegkunde, uitgereikt na de vierde graad van het beroepssecundair onderwijs;
  f) het brevet, certificaat of getuigschrift van het volwassenenonderwijs, gerangschikt als BSO4; ";
  5° aan punt 16° worden een punt f), g) en h) toegevoegd, die luiden als volgt :
  " f) de bekwaamheidsbewijzen, vermeld onder HSBS met gehomologeerd getuigschrift HSO / gehomologeerd getuigschrift van HSO (BSO);
  g) het brevet of certificaat of getuigschrift van het volwassenenonderwijs, gerangschikt als BSO3;
  h) het diploma van secundair onderwijs, gerangschikt als BSO3; ";
  6° aan punt 17° worden een punt g) en h) toegevoegd, die luiden als volgt :
  " g) het diploma of certificaat of getuigschrift van het volwassenenonderwijs, gerangschikt als TSO3;
  h) het diploma van secundair onderwijs, gerangschikt als TSO3; ".
Art. 3. A l'article 7, § 1er, du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 février 2003, sont apportées les modifications suivantes :
  1° le point 3° est remplacé par la disposition suivante :
  " 3° un titre de l'enseignement supérieur artistique du troisième degré : un des diplômes de base visés à l'article 6, points 4° et 6°, à l'exception du diplôme d'ingénieur industriel; ";
  2° il est inséré un point 9°bis ainsi rédigé :
  " 9°bis un titre de l'enseignement supérieur artistique du premier degré au moins : un des diplômes de base, visés à l'article 6, 4°, 10° et 13°, ou des titres assimilés; ";
  3° au point 13°, il est ajouté un point d) ainsi rédigé :
  " d) le diplôme de l'enseignement secondaire, délivré à l'issue du quatrième degré de l'enseignement secondaire professionnel;
  4° le point 14° est remplacé par la disposition suivante :
  " 14° ASBO :
  a) le brevet de l'enseignement secondaire professionnel complémentaire de plein exercice ou de promotion sociale;
  b) le certificat d'études de la deuxième année d'études du quatrième degré de l'enseignement secondaire;
  c) le diplôme en nursing psychiatrique;
  d) le diplôme en nursing hospitalier;
  e) le diplôme en nursing, délivré à l'issue du quatrième degré de l'enseignement secondaire professionnel;
  f) le brevet, certificat de fin d'études ou certificat de l'éducation des adultes, classée BSO4; ";
  5° au point 16°, sont ajoutés des points f), g) et h) ainsi rédigés :
  " f) les titres mentionnés sous HSBS avec certificat homologué HSO / certificat homologué HSO (BSO);
  g) le brevet, le certificat de fin d'études ou le certificat de l'éducation des adultes, classée BSO3; ";
  h) le diplôme de l'enseignement secondaire, classé BSO3; "
  6° au point 17°, sont ajoutés des points g) et h) ainsi rédigés :
  " g) le diplôme, le certificat de fin d'études ou le certificat de l'éducation des adultes, classée TSO3;
  h) le diplôme de l'enseignement secondaire, classé TSO3; "
Art. 4. Aan artikel 8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 2 december 1992, 10 maart 1998 en 14 februari 2003, worden een § 7 en een § 8 toegevoegd, die luiden als volgt :
  " § 7. Voor de toepassing van dit besluit worden gelijkgesteld met een bekwaamheidsbewijs van het hoger kunstonderwijs van de eerste graad : de diploma's, vermeld in artikel 6, 14°, h), i) en l), voor zover ze behaald zijn in een van de volgende studiegebieden :
  1° architectuur;
  2° audiovisuele en beeldende kunst;
  3° muziek en dramatische kunst;
  4° muziek en podiumkunsten.
  § 8. Voor de toepassing van dit besluit worden gelijkgesteld met een bekwaamheidsbewijs van het hoger kunstonderwijs van de derde graad : de diploma's, vermeld in artikel 6, 2°bis, voor zover ze behaald zijn in een van de volgende studiegebieden :
  1° architectuur;
  2° audiovisuele en beeldende kunst;
  3° muziek en dramatische kunst;
  4° muziek en podiumkunsten. ".
Art. 4. A l'article 8 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 2 décembre 1992, 10 mars 1998 et 14 février 2003, il est ajouté un § 7 et un § 8 ainsi rédigés :
  " § 7. Pour l'application du présent arrêté sont assimilés à un titre de l'enseignement supérieur artistique du premier degré : les diplômes, visés à l'article 6, 14°, h), i) et l), pour autant qu'ils soient obtenus dans une des disciplines suivantes :
  1° architecture;
  2° arts audiovisuels et arts plastiques;
  3° musique et art dramatique;
  4° musique et arts de la scène.
  § 8. Pour l'application du présent arrêté sont assimilés à un titre de l'enseignement supérieur artistique du troisième degré : les diplômes, visés à l'article 6, 2°bis, pour autant qu'ils soient obtenus dans une des disciplines suivantes :
  1° architecture;
  2° arts audiovisuels et arts plastiques;
  3° musique et art dramatique;
  4° musique et arts de la scène. ".
Art. 5. In hetzelfde besluit worden bijlage I tot V, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 februari 2003, vervangen door bijlage I tot V, gevoegd als bijlage 1 bij dit besluit.
Art. 5. Les annexes I à V du même arrêté, remplacées par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 février 2003, sont remplacées par les annexes I à V, constituant l'annexe 1re au présent arrêté.
HOOFDSTUK II. - Wijzigingen in het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de weddeschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs, studierichtingen " Muziek ", " Woordkunst " en " Dans ".
CHAPITRE II. - Modifications à l'arrêté du Gouvernement flamand du 31 juillet 1990 relatif aux titres, aux traitements, au régime de prestations et au statut pécuniaire des membres du personnel directeur et enseignant et du personnel auxiliaire d'éducation des établissements d'enseignement artistique à temps partiel, orientations " Musique ", " Arts de la parole " et " Danse ".
Art. 6. In artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de weddeschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs, studierichtingen " Muziek ", " Woordkunst " en " Dans ", gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 april 1997, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1 worden tussen het woord " onderwijsinstelling, " en het woord " hetzij " de woorden " hetzij door een ambtshalve geregistreerde instelling voor hoger onderwijs, " ingevoegd;
  2° § 2 wordt vervangen door wat volgt :
  " § 2. De diploma's en de studiegetuigschriften die behaald zijn in overeenstemming met een buitenlandse regeling worden eveneens aangenomen als ze met een van de diploma's of studiegetuigschriften, vermeld in dit besluit, op een van de volgende wijzen gelijkwaardig worden verklaard :
  1° krachtens verdragen of internationale overeenkomsten;
  2° met toepassing van de procedure voor het verlenen van de gelijkwaardigheid, voorgeschreven bij de wet van 19 maart 1971 betreffende de gelijkwaardigheid van de buitenlandse diploma's en studiegetuigschriften;
  3° met ingang van 1 september 1995, met toepassing van het decreet van 13 juli 1994 betreffende de hogescholen in de Vlaamse Gemeenschap;
  4° met ingang van 1 oktober 1992, met toepassing van het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap;
  5° met ingang van 1 januari 2003, met toepassing van het decreet van 4 april 2003 betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen.
  De diploma's of getuigschriften die in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte of, met ingang van 1 juni 2002, in Zwitserland uitgereikt zijn, worden aangenomen als er een conformiteitsattest bij is gevoegd zoals bepaald in het besluit van de Vlaamse Regering van 15 april 1997 tot bepaling van de voorwaarden en vorm van het conformiteitsattest voor wervingsambten in het onderwijs ter uitvoering van de Europese Richtlijnen 89/48/EEG en 92/51/EEG. "
Art. 6. A l'article 4 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 31 juillet 1990 relatif aux titres, aux traitements, au régime de prestations et au statut pécuniaire des membres du personnel directeur et enseignant et du personnel auxiliaire d'éducation des établissements d'enseignement artistique à temps partiel, orientation " Musique ", " Arts de la parole " et " Danse ", modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 avril 1997, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le § 1er, les mots "soit par une institution d'enseignement supérieur enregistrée d'office " sont insérés entre les mots "ou par la Communauté " et les mots "soit par un jury ";
  2° le § 2 est remplacé par la disposition suivante :
  " § 2. Sont également admis, les diplômes et certificats d'études obtenus selon un régime étranger, s'ils sont reconnus équivalents à un des diplômes ou certificats d'études visés au présent arrêté d'une des façons suivantes :
  1° en vertu de traités ou de conventions internationales;
  2° en application de la procédure en matière d'équivalence, prescrite par la loi du 19 mars 1971 relative à l'équivalence des diplômes et certificats d'études étrangers;
  3° à compter du 1er septembre 1995, en application du décret du 13 juillet 1994 relatif aux instituts supérieurs en Communauté flamande;
  4° à partir du 1er octobre 1992, en application du décret du 12 juin 1991 relatif aux universités dans la Communauté flamande;
  5° à partir du 1er janvier 2003, en application du décret du 4 avril 2003 relatif à la restructuration de l'enseignement supérieur en Flandre.
  Les diplômes ou les certificats d'études délivrés dans un Etat membre de l'Espace économique européen, ou, à partir du 1er juin 2002 en Suisse, sont admis s'ils sont accompagnés d'une attestation de conformité telle que définie par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 avril 1997 fixant les conditions et la forme de l'attestation de conformité pour les fonctions de recrutement dans l'enseignement en exécution des directives européennes 89/48/CEE et 92/51/CEE. "
Art. 7. In artikel 6 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 februari 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° er wordt een punt 2°bis ingevoegd, dat luidt als volgt :
  " 2°bis het diploma van master, aansluitend bij een bachelor, eventueel na een schakelprogramma; ";
  2° aan punt 14° wordt een punt l) toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " l) het diploma van professioneel gerichte bachelor. Daarmee wordt niet bedoeld de bachelor, aansluitend op een bachelor; ";
  3° in punt 17° worden na de woorden " van de eerste graad " de woorden " of, vanaf 1 september 2000, van hoger onderwijs voor sociale promotie of, vanaf 1 september 2002, van hoger onderwijs, uitgereikt door een centrum voor volwassenenonderwijs " toegevoegd;
  4° aan punt 20° worden een punt e) en f) toegevoegd, die luiden als volgt :
  " e) een studiebewijs van het volwassenenonderwijs, gerangschikt BSO4;
  f) het diploma in de verpleegkunde, uitgereikt na de vierde graad in het beroepssecundair onderwijs; ";
  5° aan punt 23° wordt een punt c) toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " c) een studiebewijs van het volwassenenonderwijs, gerangschikt TSO3; ";
  6° aan punt 25° wordt een punt c) toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " c) een studiebewijs van het volwassenenonderwijs, gerangschikt BSO3; ".
Art. 7. A l'article 6 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 février 2003, sont apportées les modifications suivantes :
  1° il est inséré un point 2°bis ainsi rédigé :
  " 2°bis. le diplôme de master, qui s'aligne sur un bachelor, éventuellement après un programme de transition; ";
  2° au point 14°, il est ajouté un point 1) ainsi rédigé :
  " 1) le diplôme de bachelor à orientation professionnelle. Par ce terme, on n'entend pas le bachelor qui s'aligne sur un bachelor; ";
  3° au point 17, les mots " ou, à compter du 1er septembre 2000, de l'enseignement supérieur de promotion sociale ou, à compter du 1er septembre 2002 de l'enseignement supérieur, délivré par un centre d'éducation des adultes " sont ajoutés après les mots "du premier degré;
  4° au point 20°, sont ajoutés des points e) et f) ainsi rédigés :
  " e) un titre de l'éducation des adultes, classée BSO4;
  f) le diplôme en nursing, délivré à l'issue du quatrième degré de l'enseignement secondaire professionnel; ";
  5° au point 23°, il est ajouté un point c) ainsi rédigé :
  " c) un titre de l'éducation des adultes, classée TSO3; ";
  6° au point 25°, il est ajouté un point c) ainsi rédigé :
  " c) un titre de l'éducation des adultes, classée BSO3; ".
Art. 8. In artikel 7, § 1, van hetzelfde besluit, vervangen bij besluit van de Vlaamse Regering van 14 februari 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° punt 3° wordt vervangen door wat volgt :
  " 3° een bekwaamheidsbewijs van hoger kunstonderwijs van de derde graad : een van de basisdiploma's, vermeld in artikel 6, 4° en 6°, met uitzondering van het diploma van industrieel ingenieur; ";
  2° er wordt een punt 9°bis ingevoegd, dat luidt als volgt :
  " 9°bis een bekwaamheidsbewijs van ten minste hoger kunstonderwijs van de eerste graad : een van de basisdiploma's, vermeld in artikel 6, 4°, 10° en 13°, of ermee gelijkgestelde studiebewijzen; ";
  3° aan punt 13° wordt een punt d) toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " d) het diploma van secundair onderwijs, uitgereikt na de vierde graad van het beroepssecundair onderwijs; ";
  4° punt 14° wordt vervangen door wat volgt :
  " 14° ASBO :
  a) het brevet van het aanvullend secundair beroepsonderwijs met volledig leerplan of voor sociale promotie;
  b) het studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de vierde graad van het secundair onderwijs;
  c) het diploma in de psychiatrische verpleegkunde;
  d) het diploma in de ziekenhuisverpleegkunde;
  e) het diploma in de verpleegkunde, uitgereikt na de vierde graad van het beroepssecundair onderwijs;
  f) het brevet, certificaat of getuigschrift van het volwassenenonderwijs, gerangschikt als BSO4; ";
  5° aan punt 16° worden een punt f), g) en h) toegevoegd, die luiden als volgt :
  " f) de bekwaamheidsbewijzen, vermeld onder HSBS met gehomologeerd getuigschrift HSO / gehomologeerd getuigschrift van HSO (BSO);
  g) het brevet of certificaat of getuigschrift van het volwassenenonderwijs, gerangschikt als BSO3;
  h) het diploma van secundair onderwijs, gerangschikt als BSO3; ";
  6° aan punt 17° worden een punt g) en h) toegevoegd, die luiden als volgt :
  " g) het diploma of certificaat of getuigschrift van het volwassenenonderwijs, gerangschikt als TSO3;
  h) het diploma van secundair onderwijs, gerangschikt als TSO3; ".
Art. 8. A l'article 7, § 1er, du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 février 2003, sont apportées les modifications suivantes :
  1° le point 3° est remplacé par la disposition suivante :
  " 3° un titre de l'enseignement supérieur artistique du troisième degré : un des diplômes de base visés à l'article 6, points 4° et 6°, à l'exception du diplôme d'ingénieur industriel; ";
  2° il est inséré un point 9°bis ainsi rédigé :
  " 9°bis un titre de l'enseignement supérieur artistique du premier degré au moins : un des diplômes de base, visés à l'article 6, 4°, 10° et 13°, ou des titres assimilés; ";
  3° au point 13°, il est ajouté un point d) ainsi rédigé :
  " d) le diplôme de l'enseignement secondaire, délivré à l'issue du quatrième degré de l'enseignement secondaire professionnel; ";
  4° le point 14° est remplacé par la disposition suivante :
  " 14° ASBO :
  a) le brevet de l'enseignement secondaire professionnel complémentaire de plein exercice ou de promotion sociale;
  b) le certificat d'études de la deuxième année d'études du quatrième degré de l'enseignement secondaire;
  c) le diplôme en nursing psychiatrique;
  d) le diplôme en nursing hospitalier;
  e) le diplôme en nursing, délivré à l'issue du quatrième degré de l'enseignement secondaire professionnel;
  f) le brevet, certificat de fin d'études ou certificat de l'éducation des adultes, classée BSO4; ";
  5° au point 16°, sont ajoutés des points f), g) et h) ainsi rédigés :
  " f) les titres mentionnés sous HSBS avec certificat homologué HSO / certificat homologué HSO (BSO);
  g) le brevet, le certificat de fin d'études ou le certificat de l'éducation des adultes, classée BSO3; ";
  h) le diplôme de l'enseignement secondaire, classé BSO3; ";
  6° au point 17°, sont ajoutés des points g) et h) ainsi rédigés :
  " g) le diplôme, le certificat de fin d'études ou le certificat de l'éducation des adultes, classée TSO3;
  h) le diplôme de l'enseignement secondaire, classé TSO3; ".
Art. 9. Aan artikel 8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 2 december 1992, 10 maart 1998 en 14 februari 2003, worden een § 9 en een § 10 toegevoegd, die luiden als volgt :
  " § 9. Voor de toepassing van dit besluit worden gelijkgesteld met een bekwaamheidsbewijs van het hoger kunstonderwijs van de eerste graad : de diploma's, vermeld in artikel 6, 14°, h), i) en l), voor zover ze behaald zijn in een van de volgende studiegebieden :
  1° architectuur;
  2° audiovisuele en beeldende kunst;
  3° muziek en dramatische kunst;
  4° muziek en podiumkunsten.
  § 10. Voor de toepassing van dit besluit worden gelijkgesteld met een bekwaamheidsbewijs van het hoger kunstonderwijs van de derde graad : de diploma's, vermeld in artikel 6, 2°bis, voor zover ze behaald zijn in een van de volgende studiegebieden :
  1° architectuur;
  2° audiovisuele en beeldende kunst;
  3° muziek en dramatische kunst;
  4° muziek en podiumkunsten. ".
Art. 9. A l'article 8 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 2 décembre 1992, 10 mars 1998 et 14 février 2003, il est ajouté un § 9 et un § 10 ainsi rédigés :
  " § 9. Pour l'application du présent arrêté sont assimilés à un titre de l'enseignement supérieur artistique du premier degré : les diplômes, visés à l'article 6, 14°, h), i) et l), pour autant qu'ils soient obtenus dans une des disciplines suivantes :
  1° architecture;
  2° arts audiovisuels et arts plastiques;
  3° musique et art dramatique;
  4° musique et arts de la scène.
  § 10. Pour l'application du présent arrêté sont assimilés à un titre de l'enseignement supérieur artistique du troisième degré : les diplômes, visés à l'article 6, 2°bis, pour autant qu'ils soient obtenus dans une des disciplines suivantes :
  1° architecture;
  2° arts audiovisuels et arts plastiques;
  3° musique et art dramatique;
  4° musique et arts de la scène. ".
Art. 10. In hetzelfde besluit wordt een artikel 15quater ingevoegd, dat luidt als volgt :
  " Art. 15quater. § 1. Er worden overgangsmaatregelen toegekend aan leraars die in een instelling voor deeltijds kunstonderwijs in het schooljaar 2005-2006 belast waren met, of titularis waren van, een opdracht in de vakken algemene muzikale vorming, samenzang, koor, stemvorming, of lyrische kunst. Onder titularis wordt het personeelslid verstaan dat in een vacante betrekking vastbenoemd, tijdelijk aangesteld of tot de proeftijd toegelaten is, met uitzondering van wie voor een tijd een tijdelijke titularis vervangt.
  Deze overgangsregeling is van toepassing op elk personeelslid, vermeld in het eerste lid, dat :
  1° uiterlijk op 1 januari 2006 vastbenoemd is en als zodanig erkend is door de Vlaamse Gemeenschap;
  2° behoudens de verloven en afwezigheden, vermeld in artikel 14, § 1, vanaf 1 september 2004 ononderbroken in dienst geweest is in het deeltijds kunstonderwijs als tijdelijk personeelslid in een ambt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en als dusdanig bezoldigd geweest is door de Vlaamse Gemeenschap.
  Het personeelslid, vermeld in het tweede lid, dat op basis van de reglementering die van kracht was voor 1 september 2006 in het bezit was van een vereist bekwaamheidsbewijs en geen vereist bekwaamheidsbewijs meer bezit bij de toepassing van dit besluit, wordt voor de rechtspositie en de bezoldiging bij overgangsmaatregel aangezien als een personeelslid met een vereist bekwaamheidsbewijs.
  § 2. Voor de personeelsleden die onder de toepassing van § 1 vallen, zijn de bepalingen van artikel 9 van het koninklijk besluit van 10 maart 1965 houdende bezoldigingsregeling van het personeel der leergangen met beperkt leerplan afhangend van het Ministerie van Nationale Opvoeding en Cultuur niet van toepassing op de bekwaamheidsbewijzen en weddeschalen. "
Art. 10. Dans le même arrêté, il est inséré un article 15quater ainsi rédigé :
  " Art. 15quater. § 1er. Des mesures transitoires sont accordées aux professeurs qui, pendant l'année scolaire 2005-2006, étaient investis ou titulaires d'une charge dans les cours " formation musicale générale, chant d'ensemble, choeur, formation vocale ou art lyrique " dans un établissement d'enseignement artistique à temps partiel. Il faut entendre par titulaire, le membre du personnel nommé à titre définitif dans un emploi vacant, désigné à titre temporaire ou admis au stage, à l'exception de celui qui remplace un titulaire temporaire pour une période limitée.
  Cette mesure transitoire est d'application à chaque membre du personnel visé au premier alinéa qui :
  1° est nommé à titre définitif au plus tard le 1er janvier 2006 et reconnu comme tel par la Communauté flamande;
  2° sauf les congés et les absences visés à l'article 14, § 1er, est resté, dès le 1er septembre 2004 et sans interruption, en service dans l'enseignement artistique à temps partiel dans une fonction du personnel directeur et enseignant, et qui a été rémunéré comme tel par la Communauté flamande.
  Le membre du personnel, visé au deuxième alinéa, qui était titulaire d'un titre requis sur la base de la réglementation en vigueur avant le 1er septembre 2006 et qui n'en est plus titulaire en application du présent arrêté, est considéré, à titre transitoire, comme porteur d'un titre requis quant au statut et à la rémunération.
  § 2. Pour les membres du personnel qui relèvent de l'application du § 1er, les dispositions de l'article 9 de l'arrêté royal du 10 mars 1965 portant statut pécuniaire du personnel des cours à horaire réduit relevant du Ministère de l'Education nationale et de la Culture, ne sont pas applicables aux titres et aux échelles de traitement. "
Art. 11. In hetzelfde besluit worden bijlage I tot IV, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 februari 2003, vervangen door bijlage I tot IV, gevoegd als bijlage 2 bij dit besluit.
Art. 11. Les annexes I à IV du même arrêté, remplacées par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 février 2003, sont remplacées par les annexes I à IV, constituant l'annexe 2 au présent arrêté.
HOOFDSTUK III. - Slotbepalingen.
CHAPITRE III. - Dispositions finales.
Art. 12. Dit besluit treedt in werking op 1 september 2006.
Art. 12. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er septembre 2006.
Art. 13. De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, is belast met de uitvoering van dit besluit.
  Brussel, 8 september 2006.
  De minister-president van de Vlaamse Regering,
  Y. LETERME
  De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming,
  F. VANDENBROUCKE
Art. 13. Le Ministre flamand qui a l'enseignement dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
  Bruxelles, le 8 septembre 2006.
  Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
  Y. LETERME
  Le Ministre flamand de l'Emploi, de l'Enseignement et de la Formation,
  F. VANDENBROUCKE
BIJLAGEN.
ANNEXES
Art. N1. Bijlage 1. Beeldende kunst.
  (Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 23-11-2006, p. 65074-65159).
  Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering van 8 september 2006 tot wijziging van de regelgeving betreffende de bekwaamheidsbewijzen van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs
  Brussel, 8 september 2006.
  De minister-president van de Vlaamse Regering,
  Y. LETERME
  De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming,
  F. VANDENBROUCKE
Art. N. (Annexes non traduites. Voir original néerlandais).
Art. N2. Bijlage 2. Muziek, woordkunst en dans.
  (Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 23-11-2006, p. 65160-65222).
  
  Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering van 8 september 2006 tot wijziging van de regelgeving betreffende de bekwaamheidsbewijzen van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs
  Brussel, 8 september 2006.
  De minister-president van de Vlaamse Regering,
  Y. LETERME
  De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming,
  F. VANDENBROUCKE.
-