1° het koninklijk besluit van 28 november 1969 : het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders;
2° (de gelegenheidswerknemers :
a) de gelegenheidsarbeiders bedoeld in artikel 8bis, § 1, tweede lid, 1° en 4°, van het koninklijk besluit van 28 november 1969;
b) de gelegenheidsarbeiders bedoeld in artikel 8bis, § 1, tweede lid, 2°, van het koninklijk besluit van 28 november 1969;
c) de gelegenheidswerknemers bedoeld in artikel 8quater, § 1, tweede lid, van het koninklijk besluit van 28 november 1969;
d) de gelegenheidsarbeiders bedoeld in artikel 8bis, § 1, tweede lid, 3°, van het koninklijk besluit van 28 november 1969, en de uitzendkrachten die ter beschikking worden gesteld van een gebruiker die onder het Paritair Comité voor het hotelbedrijf ressorteert;)
3° de werkgevers :
a) de werkgevers die onder het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf ressorteren;
b) de werkgevers die onder het Paritair Comité voor de landbouw ressorteren;
c) de werkgevers die onder het Paritair Comité voor het hotelbedrijf ressorteren;
d) de werkgevers die onder het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren ressorteren;
4° het gelegenheidsformulier : het document dat overeenstemt met één van de modellen opgenomen in de bijlagen bij dit besluit;
5° [1 het bijhouden : het inschrijven van de vermeldingen op het gelegenheidsformulier door de werknemer, de werkgever, diens aangestelde of lasthebber, of door de werknemer, de gebruiker, diens aangestelde of lasthebber, voor de gelegenheidswerknemer bedoeld in 2°, d) ;]1
6° het fonds : het fonds van bestaanszekerheid waaronder de werkgevers bedoeld in 3°, a) tot c), ressorteren.