Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
20 JULI 2005. - Besluit van de Waalse Regering tot wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 28 oktober 2004 betreffende de toekenning van toelagen voor een milieuvriendelijke landbouw. (Vertaling).
Titre
20 JUILLET 2005. - Arrêté du Gouvernement wallon modifiant l'arrêté du Gouvernement wallon du 28 octobre 2004 relatif à l'octroi de subventions agri-environnementales.
Documentinformatie
Numac: 2005202104
Datum: 2005-07-20
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2005202104
Date: 2005-07-20
Moniteur: Voir
Tekst (12)
Texte (12)
Artikel 1. Artikel 3 van het besluit van de Waalse Regering van 28 oktober 2004 tot toekenning van toelagen voor een milieuvriendelijke landbouw wordt gewijzigd als volgt :
  " Artikel 3. § 1. De producent kan een eensluidend advies vereisen dat betrekking heeft op de relevantie van de toepassing van één of meerdere methodes of submethodes in verhouding tot de milieutoestand van het betrokken perceel en/of van het bedrijf.
  Dat advies wordt uitgebracht door de Afdeling Beheer van de Landelijke Ruimte (IG4) op grond van objectieve criteria die zij vaststelt en die overeenstemmen met een erkende milieuverantwoording.
  Dat advies gaat vooraf aan de oorspronkelijke toelageaanvraag en geldt voor de hele verbintenisduur.
  § 2. Voor de in artikel 2 bedoelde methodes 1 tot 5 worden de overeenstemmende toelagen verhoogd met 20 % bij het in § 1 bedoelde eensluidend advies.
  § 3. De in artikel 2 bedoelde methodes 8 tot 10 worden enkel toegepast mits het in § 1 bedoelde eensluidend advies wordt uitgebracht ".
Article 1. L'article 3 de l'arrêté du Gouvernement wallon du 28 octobre 2004 relatif à l'octroi de subventions agri-environnementales est remplacé par les dispositions suivantes :
  " Article 3. § 1er. Le producteur peut solliciter un avis conforme qui porte sur la pertinence de l'application d'une ou de plusieurs méthodes ou sous-méthodes par rapport à la situation environnementale de la parcelle concernée et/ou de l'exploitation.
  Cet avis est rendu par la Division de la gestion de l'espace rural (IG4) sur la base de critères objectifs définis par celle-ci; ces critères correspondent à une justification environnementale reconnue.
  Cet avis est préalable à la demande initiale de subvention et vaut pour toute la durée de l'engagement.
  § 2. Pour les méthodes 1 à 5 visées à l'article 2, l'avis conforme visé au § 1er majore les subventions correspondantes de 20 %.
  § 3. Les méthodes 8 à 10 visées à l'article 2 ne peuvent être appliquées que moyennant l'avis conforme visé au § 1er. "
Art. 2. Artikel 4, punt 4°, van het besluit van de Waalse Regering van 28 oktober 2004 tot toekenning van toelagen voor een milieuvriendelijke landbouw wordt gewijzigd als volgt :
  " 4° Hij moet bij aangetekende brief een oorspronkelijke aanvraag om toelagen voor milieuvriendelijke landbouw indienen bij de bevoegde buitendienst dmv het door het bestuur opgemaakte formulier. De producent moet alle percelen duidelijk opgeven waarop een milieuvriendelijke methode wordt toegepast met vermelding van de nummering van de percelen zoals die staat vermeld op de oppervlakteaangifte die hij in hetzelfde jaar heeft ingediend. Hij mag slechts één enkele oorspronkelijke aanvraag om toelagen voor milieuvriendelijke landbouw indienen per jaar.
  Onverminderd de te bezorgen bewijsstukken bedoeld in bijlage I moet de oorspronkelijke aanvraag, behoorlijk aangevuld, gedateerd en ondertekend, vergezeld zijn van een kopie van de fotoplannen gebruikt voor de jaarlijkse oppervlakteaangifte van de aanvrager voor het betrokken jaar, waarop de volgende gegevens nauwkeurig vermeld zijn :
  - voor de methoden of submethoden bedoeld in artikel 2, § 1, 1° tot 5° en 7° tot 9°, de bij de toelageaanvraag betrokken percelen;
  - voor methode 1 bedoeld in artikel 2, § 1, 1°, de betrokken landschaps- en biodiversiteitselementen.
  In voorkomend geval moet de oorspronkelijke aanvraag vergezeld zijn van het eensluidend advies waarvan sprake in artikel 3. "
Art. 2. A l'article 4, le point 4° de l'arrêté du Gouvernement wallon du 28 octobre 2004 relatif à l'octroi de subventions agri-environnementales est remplacé par la disposition suivante :
  " 4° Il doit introduire, par envoi recommandé, auprès du service extérieur compétent, une demande initiale de subventions agri-environnementales au moyen du formulaire établi par l'administration. Le producteur doit y indiquer clairement toutes les parcelles agricoles sur lesquelles une méthode agri-environnementale est pratiquée, en mentionnant la numérotation des parcelles telle qu'elle apparaît sur la déclaration de superficie qu'il introduit la même année. Il ne peut introduire qu'une seule demande initiale de subventions agri-environnementales par an.
  Sans préjudice des justificatifs à apporter prévus à l'annexe 1er, la demande initiale dûment complétée, datée et signée, doit être accompagnée d'une copie des photoplans servant à la déclaration annuelle de superficie du demandeur pour l'année concernée et sur lesquels sont localisées avec précisions :
  - pour les méthodes ou sous-méthodes visées à l'article 2, § 1er, sous 1° à 5° et sous 7° à 9°, les parcelles concernées par la demande de subvention;
  - pour la méthode 1 visée à l'article 2, § 1er, sous 1°, les éléments du paysage et de la biodiversité concernés.
  Le cas échéant, la demande initiale doit être accompagnée de l'avis conforme dont question à l'article 3. "
Art. 3. In artikel 14, § 2, punt 2°, h), van hetzelfde besluit wordt het vijfde streepje gewijzigd als volgt :
  " - de jaarlijkse toelageschijf betreffende het jaar waarin de betrokken verbintenis onderbroken werd, wordt berekend op grond van het aantal afgelopen maanden tussen het begin van genoemde jaarlijkse schijf en de datum waarop de nieuwe verbintenis ingaat. "
Art. 3. A l'article 14, § 2, point 2°, h), du même arrêté, le 5e tiret est remplacé par la disposition suivante :
  " - la tranche annuelle de subvention relative à l'année au cours de laquelle l'engagement considéré a été interrompu est calculée sur la base du nombre de mois échus entre le début de ladite tranche annuelle et la date de la prise de cours du nouvel engagement. "
Art. 4. In bijlage 1 bij hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht aan methode 2.
  In het tweede lid wordt punt 1° gewijzigd als volgt :
  " 1° geen activiteit op het perceel (begrazing, maaien, bemesting) tussen 1 januari en 15 juni. Evenwel wordt een enige oppervlakkige nivellering (slechten van molshopen of herstel van schade door wilde zwijnen) toegestaan tussen 1 januari en 15 april; ".
  In het tweede lid wordt punt 5° gewijzigd als volgt :
  " 5° in geval van een ander beheer dan het weiden wordt enkel het maaien met afvoer van het product toegestaan. In dit geval wordt ten minste 5 % van de perceeloppervlakte niet gemaaid en gehouden in de vorm van vluchtstroken. Het perceel mag niet worden begraasd vóór 1 augustus. "
Art. 4. A l'annexe 1re du même arrêté sont apportées les modifications suivantes à la méthode 2.
  Au 2e alinéa, le point 1° est remplacé par la disposition suivante :
  " 1° aucune intervention (pâturage, fauche, fertilisation,...) sur la parcelle entre le 1er janvier et le 15 juin. Toutefois, une intervention unique de nivellement superficiel (étaupinage ou réparation de dégâts de sangliers) est tolérée entre le 1er janvier et le 15 avril; ".
  Au 2e alinéa, le point 5° est remplacé par la disposition suivante :
  " 5° en cas de gestion autre que par pâturage, seule la fauche avec exportation du produit est autorisée. Dans ce cas, au moins 5 % de la superficie de la parcelle seront maintenus sous la forme de bandes refuges non fauchées et la parcelle ne pourra pas être pâturée avant le 1er août. "
Art. 5. In bijlage 1 bij hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht aan methode 3.
  In submethode 3.a, tweede lid, punt 7°, a), wordt het eerste streepje gewijzigd als volgt :
  " - het (gewichts)percentage van de zaden ligt tussen 50 en 85 % van de mengeling; ".
  In submethode 3.a, tweede lid wordt punt 11° gewijzigd als volgt :
  " 11° de enige toegestane beheerswijze is het maaien na 1 juli met afvoer van het product. In afwijking daarvan is toppen zonder oogst echter toegelaten binnen twaalf weken na het zaaien. "
  In submethode 3.b, tweede lid wordt punt 6° gewijzigd als volgt :
  " 6° in geval van een ander beheer dan weiden wordt enkel maaien na 1 juli met afvoer van het product toegestaan. "
Art. 5. A l'annexe 1re du même arrêté sont apportées les modifications suivantes à la méthode 3.
  A la sous-méthode 3.a., au 2e alinéa, au point 7°, a), le premier tiret est remplacé par la disposition suivante :
  " - le pourcentage (en poids) des semences est compris entre 50 et 85 % du mélange; ".
  A la sous-méthode 3.a., au 2e alinéa, le point 11° est remplacé par la disposition suivante :
  " 11° le seul mode de gestion autorisé est la fauche après le 1er juillet, avec exportation du produit de la fauche. Par dérogation, une coupe d'étêtage sans récolte peut néanmoins être réalisée dans les douze semaines qui suivent le semis. "
  A la sous-méthode 3.b., au 2e alinéa, le point 6° est remplacé par la disposition suivante :
  " 6° en cas de gestion autre que par pâturage, seule la fauche après le 1er juillet avec exportation du produit de la fauche est autorisée. ".
Art. 6. In bijlage 1 bij hetzelfde besluit wordt de volgende wijziging aangebracht aan methode 4.
  In het tweede lid, wordt een punt 9° ingevoegd na punt 8°, luidend als volgt :
  " 9° geen weiden wordt toegestaan. "
Art. 6. A l'annexe 1re du même arrêté est apportée la modification suivante à la méthode 4.
  Au 2e alinéa, un point 9° rédigé comme suit est ajouté après le point 8° :
  " 9° aucun pâturage n'est autorisé. "
Art. 7. In bijlage 1 bij hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht aan methode 7.
  In het tweede lid wordt punt 3° gewijzigd als volgt :
  " 3° de enige toegestane verspreidingen van organische stoffen op die weiden zijn die van de meststoffen voortgebracht door de dieren die gebruikt zijn om de lage veebezetting te berekenen. In afwijking daarvan, voor de producenten die geen minerale meststoffen spreiden op die weiden, wordt de inbreng van andere mest toegestaan voor zover het grondgebondenheidscijfer van het bedrijf, zoals bepaald in artikel 27 van het besluit van de Waalse Regering van 10 oktober 2002 betreffende het duurzame beheer van stikstof in de landbouw, lager of gelijk is aan 0,6. "
  In het vierde lid, wordt een punt 4° ingevoegd na punt 3°, luidend als volgt :
  " 4° hertachtigen ouder dan zes maanden : 0,25 GVE. "
Art. 7. A l'annexe 1 du même arrêté sont apportées les modifications suivantes à la méthode 7.
  Au 2e alinéa, le point 3° est remplacé par la disposition suivante :
  " 3° les seuls épandages de matières organiques autorisés sur ces prairies sont ceux des effluents produits par les animaux ayant servi à établir la faible charge. Par dérogation, pour les producteurs qui n'épandent aucun engrais minéral sur ces prairies, l'apport d'autres effluents est autorisé pour autant que le taux de liaison au sol de l'exploitation tel que défini à l'article 27 de l'arrêté du Gouvernement wallon du 10 octobre 2002 relatif à la gestion durable de l'azote en agriculture soit inférieur ou égal à 0,6. "
  Au 4e alinéa, un point 4° rédigé comme suit est ajouté après le point 3° :
  " 4° cervidés de plus de six mois : 0,25 UGB. "
Art. 8. In bijlage 1 bij hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht aan methode 8.
  In het tweede lid wordt punt 2° gewijzigd als volgt :
  " 2° geen activiteit (weiden, maaien, bemesting,...) op het perceel tijdens een in het eensluidend advies bepaalde periode die behoudens bijzondere gevallen loopt van 1 januari tot een in genoemd advies bepaalde datum in juli. Evenwel wordt een enige oppervlakkige nivellering (slechten van molshopen of herstel van schade door wilde zwijnen) toegestaan tussen 1 januari en 15 april; ".
  In het tweede lid wordt punt 6° gewijzigd als volgt :
  " 6° in geval van een ander beheer dan weiden wordt enkel maaien met afvoer van het product toegestaan. In dit geval wordt ten minste 10 % van de perceeloppervlakte niet gemaaid en gehouden in de vorm van vluchtstroken. Het perceel mag niet worden begraasd vóór 15 augustus; "
Art. 8. A l'annexe 1re du même arrêté sont apportées les modifications suivantes à la méthode 8.
  Au 2e alinéa, le point 2° est remplacé par la disposition suivante :
  " 2° aucune intervention (pâturage, fauche, fertilisation,...) sur la parcelle pendant une période précisée dans l'avis conforme et s'étendant, sauf cas particuliers, du 1er janvier à une date en juillet précisée dans cet avis. Toutefois, une intervention unique de nivellement superficiel (étaupinage ou réparation de dégâts de sangliers) est tolérée entre le 1er janvier et le 15 avril; ".
  Au 2e alinéa, le point 6° est remplacé par la disposition suivante :
  " 6° en cas de gestion autre que par pâturage, seule la fauche avec exportation du produit de la fauche est autorisée. Dans ce cas, au moins 10 % de la superficie de la parcelle seront maintenus sous la forme de bandes refuges non fauchées et la parcelle ne pourra pas être pâturée avant le 15 août; ".
Art. 9. In bijlage 1 bij hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht aan methode 9.
  In het tweede lid wordt punt 5° gewijzigd als volgt :
  " 5° de keuze van de plaats, breedte, soorten en beheerswijze (maaien, vermalen met een tolbreker,...) worden nader bepaald in het in artikel 3, § 1, bedoelde eensluidend advies dat rekening houdt met de plaatselijke inzet en eisen inzake landbouw en leefmilieu. In geval van installatie moet de samenstelling van het op de ingerichte perceelstrook bezaaide mengsel overgemaakt worden aan het bestuur. ".
  In submethodes 9a, tweede lid, 9c, eerste lid en 9d, tweede lid, wordt punt 1° gewijzigd als volgt :
  " Wanneer het in artikel 3, § 1, bedoelde eensluidend advies voorziet in de aanleg en instandhouding van een grasstrook of een strook naakte grond van 1 tot 4 meter breed die mechanisch onderhouden wordt en die gelegen is tussen de ingerichte perceelstrook en de hoofdteelt, wordt die breedte meegerekend in die van de ingerichte perceelstrook. "
  In submethodes 9c, eerste lid, en 9d, tweede lid, wordt punt 2 geschrapt.
Art. 9. A l'annexe 1re du même arrêté sont apportées les modifications suivantes à la méthode 9.
  Au 2e alinéa, le point 5° est remplacé par la disposition suivante :
  " 5° le choix de la localisation, de la largeur, des espèces et des modalités de gestion (fauche, gyrobroyage,...) sont précisés dans l'avis conforme visé à l'article 3, § 1er, tenant compte des enjeux et contraintes locales en matière agricole et environnementale. En cas d'installation, la composition du mélange semé sur la bande de parcelle aménagée doit être transmise à l'administration. "
  Aux sous-méthodes 9a, 2e alinéa, 9c, 1er alinéa et 9d, 2e alinéa, le point 1° est remplacé par la disposition suivante :
  " Dans le cas où l'avis conforme visé à l'article 3, § 1er, prévoit l'installation et le maintien d'une bande gazonnante ou de sol nu de 1 à 4 mètres de large entretenue mécaniquement entre la bande de parcelle aménagée et la culture principale, cette largeur est comptabilisée dans celle de la bande de parcelle aménagée. "
  Aux sous-méthodes 9c, 1er alinéa, et 9d, 2e alinéa, le point 2° est supprimé.
Art. 10. In bijlage 3 bij hetzelfde besluit wordt de concordantietabel van de verschillende maatregelen en submaatregelen gewijzigd als volgt :
Art. 10. A l'annexe 3 du même arrêté, le tableau de correspondance des différentes mesures et sous-mesures est remplacé par le tableau suivant :
  Titel van de methode of submethode    Titel van de methode of submethode
   bedoeld in bijlage 1 bij dit          bedoeld in bijlage 1 bij het
   besluit                               besluit van de Waalse Regering van
                                         11 maart 1999
  Methode 1 : instandhouding van        Methode 3 : instandhouding en
   elementen uit het ecologisch          onderhoud van biodiversiteits- en
   netwerk en het landschap.             landschapselementen zoals heggen,
  - submethode 1.a : heggen en           houtsingels, oude hoogstammige
     houtsingels                         vruchtbomen of poelen in
  - submethode 1.b : geisoleerde bomen   landbouwoppervlakten
     of struiken, hoogstammige
     vruchtbomen en bosjes
  - submethode 1.c : poelen
  Methode 2 : natuurlijke weide         Methode 1 : laat maaien of weiden
                                        Methode 10 :
                                         instandhoudingsmaatregelen in
                                         vochtige gebieden
  Methode 3 : extensieve groenstroken   Methode 2 :
  - submethode 3.a : met gras           submethode 2.a : vervanging van een
     bezaaide perceelsranden             akkerbouwteelt door een extensieve
                                         graslandstrook of een met gras
                                         bezaaide perceelsrand aangelegd
                                         voor vijf jaar
  - submethode 3.b : extensieve         - submethode 2.c : extensieve
     graslandstrook                        graslandstrook
  Methode 4 : wintergrondbedekking      Methode 8 : grondbedekking tijdens
   voor lenteteelt                       de tussenteelt
  Methode 5 : verminderd gebruik van    Methode 6 : verminderd gebruik van
   biociden en meststoffen op            biociden en meststoffen op
   graangewassen                         graangewassen
  Methode 6 : fokken van dieren van     Methode 5 : fokken van dieren van
   een bedreigd plaatselijk ras          een bedreigd plaatselijk ras
  - submethode 6.a : fokken van
     trekpaarden
  - submethode 6.b : fokken van
     runderen
  - submethode 6.c : fokken van
     schapen
  Methode 7 : handhaving van een        Methode 4 : handhaving van een
   lage veebezetting                     lage veebezetting
  Methode 8 : weiden met een hoge       Methode 1 : laat maaien of weiden
   biologische waarde                   Methode 2° - submethode 2.c :
                                         extensieve graslandstrook
                                        Methode 9 : zeer laat maaien met
                                         verminderd gebruik van biociden en
                                         meststoffen
                                        Methode 10 :
                                         instandhoudingsmaatregelen in
                                         vochtige gebieden
  Methode 9 : ingerichte                Methode 2 :
   perceelstroken                       - submethode 2.a : vervanging van
  - submethode 9.a : opvang van wilde      een akkerbouwteelt door een
     fauna en flora, beetle bank           extensieve graslandstrook of een
                                           met gras bezaaide perceelsrand
                                           aangelegd voor vijf jaar
                                        - submethode 2.b : extensieve
                                           perceelsrand
  - submethode 9.b : waterloopranden    Methode 2 :
     en erosiebestrijding               - submethode 2.a : vervanging van
                                           een akkerbouwteelt door een
                                           extensieve graslandstrook of een
                                           met gras bezaaide perceelsrand
                                           aangelegd voor vijf jaar
                                        - submethode 2.b : extensieve
                                           perceelsrand
  - submethode 9.c : bloemstrook        Methode 2 :
                                        - submethode 2.a : vervanging van
                                           een akkerbouwteelt door een
                                           extensieve graslandstrook of een
                                           met gras bezaaide perceelsrand
                                           aangelegd voor vijf jaar
                                        - submethode 2.b : extensieve
                                           perceelsrand
  - submethode 9.d : onkruidstrook      Methode 2 :
                                        - submethode 2.a : vervanging van
                                           een akkerbouwteelt door een
                                           extensieve graslandstrook of een
                                           met gras bezaaide perceelsrand
                                           aangelegd voor vijf jaar
                                        - submethode 2.b : extensieve
                                           perceelsrand
  Methode 10 : actieplan voor een       Elke methode behoeft het
   milieuvriendelijke landbouw           eensluidend advies van de
                                         " Division de la gestion de
                                         l'espace rural " (IG4) Afdeling
                                         Beheer van de Landelijke Ruimte
  Intitule de la methode ou             Intitule de la methode ou
   sous-methode prevue a l'annexe 1      sous-methode telle que prevue a
   du présent arrete                     l'annexe 1 de l'arrete du
                                         Gouvernement wallon du 11 mars 1999
  Methode 1 : conservation d'elements   Methode 3 : maintien et entretien
   du reseau ecologique et du paysage.   des elements du paysage et
  - sous-methode 1.a : haies et          de la biodiversite tels les
     bandes boisees                      haies et bandes boisees, vieux
  - sous-methode 1.b : arbres ou         arbres fruitiers a haute tige ou
     arbustes isoles, arbres             mares dans les superficies
     fruitiers haute tige et bosquets    agricoles
  - sous-methode 1.c : mares
  Methode 2 : prairie naturelle         Methode 1 : fauches ou paturages
                                         tardifs
                                        Methode 10 : mesures conservatoires
                                         en zones humides
  Methode 3 : bordures herbeuses        Methode 2 :
   extensives                           sous-methode 2.a : remplacement
  - sous-methode 3.a : tournieres        d'une culture sous labour par
     enherbees en bordure de culture     une bande de prairie extensive ou
                                         tourniere enherbee installee pour
                                         cinq ans
  - sous-methode 3.b : bande de         - sous-methode 2.c : bande de
     prairie extensive                     prairie extensive
  Methode 4 : couverture hivernale du   Methode 8 : couverture de sol
   sol avant culture de printemps        pendant l'interculture
  Methode 5 : reduction d'intrants en   Methode 6 : reduction des
   cereales                              intrants en cereales
  Methode 6 : detention d'animaux de    Methode 5 : detention d'animaux
   races locales menacees                de races locales menacees
  - sous-methode 6.a : detention de
     chevaux de trait
  - sous-methode 6.b : detention de
     bovins
  - sous-methode 6.c : detention
     d'ovins
  Methode 7 : maintien de faibles       Methode 4 : maintien de faibles
   charges en betail                     charges en betail
  Methode 8 : prairies de haute         Methode 1 : fauches ou paturages
   valeur biologique                     tardifs
                                        Methode 2 - sous-methode 2.c :
                                         bande de prairie extensive
                                        Methode 9 : fauches tres tardives
                                         avec limitation des intrants
                                        Methode 10 : mesures conservatoires
                                         en zones humides
  Methode 9 : bandes de parcelles       Methode 2 :
   amenagees                            - sous-methode 2.a : remplacement
  - sous-methode 9.a : accueil de la       d'une culture sous labour par
     faune et de la flore sauvage,         une bande de prairie extensive
     beetle bank                           ou tourniere enherbee installee
                                           pour cinq ans
                                        - sous-methode 2.b : tourniere
                                           extensive
  - sous-methode 9.b : bords de         Methode 2 :
     cours d'eau et lutte contre        - sous-methode 2.a : remplacement
     l'erosion                             d'une culture sous labour par
                                           une bande de prairie extensive
                                           ou tourniere enherbee installee
                                           pour cinq ans
                                        - sous-methode 2.b : tourniere
                                           extensive
  - sous-methode 9.c : bande fleurie    Methode 2 :
                                        - sous-methode 2.a : remplacement
                                           d'une culture sous labour par une
                                           bande de prairie extensive ou
                                           tourniere enherbee installee pour
                                           cinq ans
                                        - sous-methode 2.b : tourniere
                                           extensive
  - sous-methode 9.d : bande de         Methode 2 :
     messicoles                         - sous-methode 2.a : remplacement
                                           d'une culture sous labour par une
                                           bande de prairie extensive ou
                                           tourniere enherbee installee pour
                                           cinq ans
                                        - sous-methode 2.b : tourniere
                                           extensive
  Methode 10 : plan d'action            Toute methode moyennant avis
   agri-environnemental                  conforme de la Division de la
                                         gestion de l'espace rural (IG4)
Art. 11. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. Het is toepasselijk op alle oorspronkelijke verbintenisaanvragen die vanaf 2006 ingediend zijn met uitzondering van artikel 3 dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 2005.
Art. 11. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge. Il s'applique à toutes les demandes initiales d'engagement introduites à partir de 2006, à l'exception de l'article 3 qui produit ses effets le 1er janvier 2005.
Art. 12. De Minister van Landbouw is belast met de uitvoering van dit besluit.
  Namen, 20 juli 2005.
  De Minister-President,
  J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE
  De Minister van Landbouw, Landelijke Aangelegenheden, Leefmilieu en Toerisme,
  B. LUTGEN.
Art. 12. Le Ministre de l'Agriculture est chargé de l'exécution du présent arrêté.
  Namur, le 20 juillet 2005.
  Le Ministre-Président,
  J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE
  Le Ministre de l'Agriculture, de la Ruralité, de l'Environnement et du Tourisme,
  B. LUTGEN.