Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
6 DECEMBER 2005. - Wet tot wijziging van de artikelen 648, 652, 655 en 656 van het Gerechtelijk Wetboek, met het oog op de invoering van een vereenvoudigde onttrekking van de zaak aan de rechter die gedurende meer dan zes maanden verzuimt de zaak die hij in beraad heeft genomen, te berechten.
Titre
6 DECEMBRE 2005. - Loi modifiant les articles 648, 652, 655 et 656 du Code judiciaire, en vue d'organiser un dessaisissement simplifié du juge qui pendant plus de six mois néglige de juger la cause qu'il a prise en délibéré.
Documentinformatie
Numac: 2005009979
Datum: 2005-12-06
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2005009979
Date: 2005-12-06
Moniteur: Voir
Tekst (6)
Texte (6)
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
Article 1. La présente loi règle une matière visée à l'article 78 de la Constitution.
Art. 2. In artikel 648, 4°, van het Gerechtelijk Wetboek, worden de woorden " gedurende meer dan zes maanden " ingevoegd tussen de woorden " de rechter " en het woord " verzuimt ".
Art. 2. A l'article 648, 4°, du Code judiciaire, les mots " pendant plus de six mois " sont insérés entre les mots " lorsque le juge néglige " et les mots " de juger ".
Art. 3. Artikel 652 van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt :
  " Art. 652. Wanneer de rechter gedurende meer dan zes maanden verzuimt de zaak te berechten die hij in beraad heeft genomen, kunnen de procureur-generaal bij het hof van beroep alsook iedere partij vorderen dat de zaak aan de rechter wordt onttrokken. "
Art. 3. L'article 652 du même Code est remplacé par la disposition suivante :
  " Art. 652. Lorsque le juge néglige pendant plus de six mois de juger la cause qu'il a prise en délibéré, le procureur général près la cour d'appel ainsi que chacune des parties peuvent demander son dessaisissement. "
Art. 4. Artikel 655 van hetzelfde Wetboek, opgeheven door de wet van 12 maart 1998, wordt hersteld in de volgende lezing :
  " Art. 655. In het in artikel 648, 4°, bedoelde geval wordt binnen acht dagen na de indiening van het verzoekschrift, hiervan door de griffier kennis gegeven aan de rechter tegenover wie onttrekking wordt gevorderd, aan diens korpschef alsook aan de niet verzoekende partijen.
  Die partijen en de rechter dienen, binnen acht dagen na de kennisgeving, bij de griffie van het hof hun opmerkingen in in de vorm van een memorie alsook alle stukken die zij nuttig achten. Het hof doet onmiddellijk einduitspraak na inzage van het verzoekschrift, van de opmerkingen en van de bewijsstukken.
  De griffier van het hof zendt bij gerechtsbrief aan de rechter tegenover wie onttrekking wordt gevorderd, aan zijn korpschef, aan de nieuwe geadieerde rechter, aan zijn korpschef en aan de partijen, of, in voorkomend geval, aan hun advocaten, een niet ondertekend afschrift van de einduitspraak over de vordering tot onttrekking. "
Art. 4. L'article 655 du même Code, abrogé par la loi du 12 mars 1998, est rétabli dans la rédaction suivante :
  " Art. 655. Dans l'hypothèse visée à l'article 648, 4°, la requête est notifiée par le greffier au juge dont le dessaisissement est demandé, au chef de corps de ce dernier ainsi qu'aux parties non-requérantes, dans les huit jours à compter du dépôt de la requête.
  Celles-ci et le juge déposent, au greffe de la cour, dans les huit jours à compter de la notification, leurs observations en forme de mémoire ainsi que toutes pièces qu'ils jugent utiles. La cour statue immédiatement et définitivement sur le vu de la requête, des observations et des pièces justificatives.
  Le greffier adresse, par pli judiciaire, au juge dont le dessaisissement a été demandé, à son chef de corps, au juge nouvellement saisi, à son chef de corps et aux parties, ou, le cas échéant, à leurs avocats, une copie non signée de la décision définitive sur la demande en dessaisissement. "
Art. 5. In artikel 656 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de wet van 12 maart 1998 en gewijzigd bij de wet van 10 juni 2001, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  A) Voor het eerste lid, wordt de volgende volzin ingevoegd :
  " In de in artikel 648, 1 tot 3, bedoelde gevallen, is de volgende procedure van toepassing : ";
  B) In het laatste lid, worden de woorden " in het tweede lid, 1° " vervangen door de woorden " in het vijfde lid,1° ".
Art. 5. A l'article 656 du même Code, remplacé par la loi du 12 mars 1998 et modifié par la loi du 10 juin 2001, sont apportées les modifications suivantes :
  A) La phrase suivante est insérée avant l'alinéa 1er :
  " Dans les hypothèses visées à l'article 648, 1 à 3, la procédure suivante est applicable : ";
  B) Au dernier alinéa, les mots " à l'alinéa 2, 1° " sont remplacés par les mots " à l'alinéa 5, 1° ".
Art. 6. Artikel 658 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 12 maart 1998 en 10 juni 2001, wordt aangevuld met het volgende lid :
  " In het in artikel 648, 4°, bedoelde geval ziet de korpschef van de magistraat naar wie de zaak wordt verwezen, erop toe dat er binnen de maand van kennisgeving van het arrest van onttrekking een rechtsdag wordt bepaald, zo nodig op een zitting die hieraan speciaal is gewijd. "
  Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
  Gegeven te Brussel, 6 december 2005.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Justitie,
  Mevr. L. ONKELINX
  Met 's Lands zegel gezegeld :
  De Minister van Justitie,
  Mevr. L. ONKELINX.
Art. 6. L'article 658 du même Code, modifié par les lois des12 mars 1998 et 10 juin 2001, est complété par l'alinéa suivant :
  " Dans l'hypothèse visée à l'article 648, 4°, le chef de corps du magistrat nouvellement saisi veille à ce que la cause soit fixée dans le mois de la notification de l'arrêt de dessaisissement, au besoin, à une audience spécialement consacrée à cet effet. "
  Promulguons la présente loi, ordonnons qu'elle soit revêtue du sceau de l'Etat et publiée par le Moniteur belge.
  Donné à Bruxelles, le 6 décembre 2005.
  ALBERT
  Par le Roi :
  La Ministre de la Justice,
  Mme L. ONKELINX
  Scellé du sceau de l'Etat :
  La Ministre de la Justice,
  Mme L. ONKELINX.