Details



Externe links:

Justel

Staatsblad pdf



Titel:

13 JULI 2005. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 12 augustus 2003 betreffende de voortgezette vorming van de officieren van het actief kader van de Krijgsmacht en de beroepsproeven voor de bevordering tot de graad van majoor.



Inhoudstafel:


Art. 1-3



Deze tekst heeft de volgende tekst(en) gewijzigd:

2003007248 



Uitvoeringsbesluit(en):



Artikels:

Artikel 1. Artikel 41, § 1, van het koninklijk besluit van 12 augustus 2003 betreffende de voortgezette vorming van de officieren van het actief kader van de krijgsmacht en de beroepsproeven voor de bevordering tot de graad van majoor wordt vervangen als volgt :
  " § 1. De majoor of de luitenant-kolonel die aan de volgende voorwaarden voldoet, kan zijn kandidatuur indienen om een hogere cursus te volgen :
  1° niet definitief bij de bevordering zijn voorbijgegaan;
  2° tijdens een periode van tien opeenvolgende jaren, niet meer dan vijf maal zijn kandidatuur gesteld hebben;
  3° geen houder zijn van één van de volgende brevetten :
  a) hogere stafbrevet;
  b) brevet van militair administrateur of hogere brevet van militair administrateur;
  c) brevet van ingenieur van het militair materieel;
  4° niet, als beroepsproeven voor de bevordering tot de graad van majoor, de proeven afgelegd hebben voorbehouden aan de officieren die geslaagd zijn voor een extra-muros-vorming;
  5° niet verzaakt hebben tijdens een vroegere hogere cursus of geen gelijkwaardige cursus gevolgd hebben;
  6° niet het voorwerp uitgemaakt hebben van de definitieve ontneming van de hoedanigheid van officier-stagiair bedoeld in artikel 4;
  7° het bewijs leveren van een voldoende werkbare kennis van het Engels.
  Levert het bewijs van een voldoende werkbare kennis van het Engels, de officier die ten minste vijftig procent bekomen heeft op een test die door een organisme erkend door de directeur-generaal vorming georganiseerd wordt. De taalcompetentie moet minstens het niveau 2222 bereiken van de eisen inzake taalcompetentie bedoeld in de standardization agreement (STANAG) 6001 van de NAVO.
  De periode van tien jaar bedoeld in het eerste lid, 2°, vangt aan in het jaar waarin de betrokken hoofdofficier gunstig aanbevolen wordt door het bevorderingscomité tot de graad van majoor.
  De kapitein-commandant die de anciënniteit in die graad bezit, vastgesteld door de DGHR, die geslaagd is voor de beroepsproeven voor de bevordering tot de graad van majoor en die aan de in het eerste lid, 1° tot 7°, bedoelde voorwaarden voldoet, kan evenwel eveneens zijn kandidatuur indienen. Voor deze officier vangt de periode van tien jaar bedoeld in het eerste lid, 2°, aan in het jaar waarin hij zijn kandidatuur stelt om een hogere cursus ter volgen.
  Na de periode van tien jaar bedoeld in het eerste lid, 2°, mag een officier zijn kandidatuur niet meer indienen. "

Art.2. De voorwaarde van voldoende werkbare kennis van het Engels zal voor de eerste keer toegepast worden tijdens de selectie van de kandidaten voor een hogere cursus die aanvangt in het academiejaar 2007-2008.

Art. 3. Onze Minister van Landsverdediging wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
  Gegeven te Brussel, 13 juli 2005.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Landsverdediging,
  A. FLAHAUT.