Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
24 NOVEMBER 1983. - Europees Verdrag inzake de schadeloosstelling van slachtoffers van geweldmisdrijven.
Titre
24 NOVEMBRE 1983. - Convention européenne relative au dédommagement des victimes d'infractions violentes.
Documentinformatie
Numac: 2004A15046
Datum: 1983-11-24
Info du document
Numac: 2004A15046
Date: 1983-11-24
Inhoud
Tekst (25)
Texte (25)
TITEL I. - Grondbeginselen.
TITRE Ier. - Principes fondamentaux.
Artikel 1. De Partijen verbinden zich om de noodzakelijke maatregelen te nemen om de in Deel 1 van dit Verdrag opgenomen beginselen uit te voeren.
Article 1. Les Parties s'engagent à prendre les dispositions nécessaires pour donner effet aux principes énoncés au Titre 1 de la présente Convention.
Art. 2. 1. Wanneer het herstel van de schade niet volledig uit andere bronnen kan worden verzekerd, moet de Staat bijdragen aan de schadeloosstelling :
a. van hen die ernstig lichamelijk letsel of nadeel voor de gezondheid hebben ondervonden als rechtstreeks gevolg van een opzettelijk geweldmisdrijf;
b. van hen die ten laste waren van de persoon die ingevolge een dergelijk misdrijf overleden is.
2. De schadeloosstelling voorzien in voorgaande alinea wordt toegekend zelfs indien de dader niet kan worden vervolgd of gestraft.
a. van hen die ernstig lichamelijk letsel of nadeel voor de gezondheid hebben ondervonden als rechtstreeks gevolg van een opzettelijk geweldmisdrijf;
b. van hen die ten laste waren van de persoon die ingevolge een dergelijk misdrijf overleden is.
2. De schadeloosstelling voorzien in voorgaande alinea wordt toegekend zelfs indien de dader niet kan worden vervolgd of gestraft.
Art. 2. 1. Lorsque la réparation ne peut être entièrement assurée par d'autres sources, l'Etat doit contribuer au dédommagement :
a. de ceux qui ont subi de graves atteintes au corps ou à la santé résultant directement d'une infraction intentionnelle de violence;
b. de ceux qui étaient à la charge de la personne décédée à la suite d'une telle infraction.
2. Le dédommage prévu à l'alinéa précédent sera accordé même si l'auteur ne peut pas être poursuivi ou puni.
a. de ceux qui ont subi de graves atteintes au corps ou à la santé résultant directement d'une infraction intentionnelle de violence;
b. de ceux qui étaient à la charge de la personne décédée à la suite d'une telle infraction.
2. Le dédommage prévu à l'alinéa précédent sera accordé même si l'auteur ne peut pas être poursuivi ou puni.
Art. 3. De schadeloosstelling wordt toegekend door de Staat op het grondgebied waarvan het misdrijf werd gepleegd :
a. aan onderdanen van de Staten die Partij zijn bij dit Verdrag;
b. aan onderdanen van alle Lidstaten van de Raad van Europa die permanent verblijven in de Staat op het grondgebied waarvan het misdrijf werd gepleegd.
a. aan onderdanen van de Staten die Partij zijn bij dit Verdrag;
b. aan onderdanen van alle Lidstaten van de Raad van Europa die permanent verblijven in de Staat op het grondgebied waarvan het misdrijf werd gepleegd.
Art. 3. L'indemnité sera accordée par l'Etat sur le territoire duquel l'infraction a été commise :
a. aux ressortissants des Etats parties à la présente Convention;
b. aux ressortissants de tous les Etats membres du Conseil de l'Europe qui résident en permanence dans l'Etat sur le territoire duquel l'infraction a été commise.
a. aux ressortissants des Etats parties à la présente Convention;
b. aux ressortissants de tous les Etats membres du Conseil de l'Europe qui résident en permanence dans l'Etat sur le territoire duquel l'infraction a été commise.
Art. 4. De schadeloosstelling omvat, naargelang het geval, ten minste de volgende schadeposten : verlies van inkomsten, medische kosten, ziekenhuiskosten, begrafeniskosten en, voor wat de personen ten laste betreft, het verlies aan levensonderhoud.
Art. 4. Le dédommagement couvrira au moins, selon le cas, les éléments suivants du préjudice : perte de revenus, frais médicaux et d'hospitalisation, frais funéraires, et, en ce qui concerne les personnes à charge, perte d'aliments.
Art. 5. De regeling van de schadeloosstelling kan, indien nodig, voor één of meer bestanddelen van de schadeloosstelling een bovengrens waaronder en een benedengrens waarboven geen schadeloosstelling wordt toegekend, vastleggen.
Art. 5. Le régime de dédommagent peut fixer au besoin, pour l'ensemble ou pour les éléments de l'indemnité, une limite supérieure au-dessus de laquelle et un seuil minimum au-dessous duquel aucun dédommagement ne sera versé.
Art. 6. De regeling van de schadeloosstelling kan een termijn voorzien waarbinnen de verzoeken tot schadeloosstelling moeten worden ingediend.
Art. 6. Le régime de dédommagement peut fixer un délai dans lequel les requêtes en dédommagement doivent être introduites.
Art. 7. De schadeloosstelling kan worden verminderd of geweigerd rekening houdend met de financiële situatie van de verzoeker.
Art. 7. Le dédommagement peut être réduit ou supprimé compte tenu de la situation financière du requérant.
Art. 8. 1. De schadeloosstelling kan worden verminderd of geweigerd op grond van het gedrag van het slachtoffer of de verzoeker vóór, tijdens of na het misdrijf, of in verband met de veroorzaakte schade.
2. De schadeloosstelling kan ook worden verminderd of geweigerd indien het slachtoffer of de verzoeker betrokken is bij de georganiseerde misdaad of tot een organisatie behoort die zich schuldig maakt aan het plegen van geweldmisdrijven.
3. De schadeloosstelling kan eveneens worden verminderd of geweigerd indien geheel of gedeeltelijk herstel in strijd zou zijn met het rechtsgevoel of met de openbare orde.
2. De schadeloosstelling kan ook worden verminderd of geweigerd indien het slachtoffer of de verzoeker betrokken is bij de georganiseerde misdaad of tot een organisatie behoort die zich schuldig maakt aan het plegen van geweldmisdrijven.
3. De schadeloosstelling kan eveneens worden verminderd of geweigerd indien geheel of gedeeltelijk herstel in strijd zou zijn met het rechtsgevoel of met de openbare orde.
Art. 8. 1. Le dédommagement peut être réduit ou supprimé en raison du comportement de la victime ou du requérant avant, pendant ou après l'infraction, ou en relation avec le dommage causé.
2. Le dédommagement peut aussi être réduit ou supprimé si la victime ou le requérant est impliqué(e) dans la criminalité organisée ou appartient à une organisation qui se livre à des infractions de violence.
3. Le dédommagement peut également être réduit ou supprimé dans le cas ou une réparation, totale ou partielle, serait contraire au sens de la justice ou à l'ordre public.
2. Le dédommagement peut aussi être réduit ou supprimé si la victime ou le requérant est impliqué(e) dans la criminalité organisée ou appartient à une organisation qui se livre à des infractions de violence.
3. Le dédommagement peut également être réduit ou supprimé dans le cas ou une réparation, totale ou partielle, serait contraire au sens de la justice ou à l'ordre public.
Art. 9. Ten einde dubbele schadeloosstelling te vermijden, kan de Staat of de bevoegde autoriteit elk bedrag dat met betrekking tot de schade is ontvangen van de dader, de sociale zekerheid, een verzekering, of uit welke andere bron ook, van de toegekende schadeloosstelling aftrekken of van de schadeloosgestelde persoon terugvorderen.
Art. 9. Afin d'éviter un double dédommagement, l'Etat ou l'autorité compétente peut imputer sur le dédommagement accordé ou réclamer à la personne indemnisée toute somme, relative au préjudice, reçue du délinquant, de la sécurité sociale, d'une assurance ou provenant de toute autre source.
Art. 10. De Staat of de bevoegde autoriteit kan worden gesubrogeerd in de rechten van de schadeloosgestelde persoon tot beloop van het uitgekeerde bedrag.
Art. 10. L'Etat ou l'autorité compétente peut être subrogé(e) dans les droits de la personne indemnisée à concurrence du montant versé.
Art. 11. Elke Partij verbindt zich om de nodige maatregelen te nemen opdat informatie over de regeling van de schadeloosstelling ter beschikking zou zijn van eventuele verzoekers.
Art. 11. Les Parties s'engagent à prendre les mesures appropriées afin que des informations concernant le régime de dédommagement soient à la disposition des requérants potentiels.
TITEL II. - Internationale samenwerking.
TITRE II. - Coopération internationale.
Art. 12. Onder voorbehoud van de toepassing van tussen de verdragsluitende Staten gesloten bilaterale of multilaterale overeenkomsten inzake wederzijdse bijstand, moeten de bevoegde autoriteiten van elke Partij elkaar, op verzoek, de grootst mogelijke bijstand verlenen in verband met de aangelegenheid behandeld in dit Verdrag. Met het oog hierop wijst elke verdragsluitende Partij een centrale autoriteit aan belast met het in ontvangst nemen van en gevolg geven aan verzoeken om bijstand, en stelt ze hiervan de Secretaris-generaal van de Raad van Europa in kennis bij het neerleggen van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding.
Art. 12. Sous réserve de l'application des accords bilatéraux ou multilatéraux d'assistance mutuelle conclus entre Etats contractants, les autorités compétentes des Parties doivent s'accorder mutuellement, sur demande, la plus large assistance possible dans le domaine couvert par la présente Convention. Dans ce but, chaque Etat contractant désignera une autorité centrale chargée de recevoir les demandes d'assistance et d'y donner suite et en informera le Secrétaire Général du Conseil de l'Europe lors du dépôt de son instrument de ratification, d'acceptation, d'approbation ou d'adhésion.
Art. 13. 1. Het Europees Comité voor strafrechtelijke vraagstukken (CDPC) van de Raad van Europa wordt op de hoogte gehouden van de toepassing van dit Verdrag.
2. Met het oog hierop maakt elke Partij aan de Secretaris-generaal van het Raad van Europa alle nuttige informatie over aangaande haar wetgevende of reglementaire bepalingen betreffende de aangelegenheden waarop het Verdrag betrekking heeft.
2. Met het oog hierop maakt elke Partij aan de Secretaris-generaal van het Raad van Europa alle nuttige informatie over aangaande haar wetgevende of reglementaire bepalingen betreffende de aangelegenheden waarop het Verdrag betrekking heeft.
Art. 13. 1. Le Comité européen pour les problèmes criminels (CDPC) du Conseil de l'Europe sera tenu informé de l'application de la présente Convention.
2. A cette fin, chaque Partie transmettra au Secrétaire Général du Conseil de l'Europe toute information utile concernant ses dispositions législatives ou réglementaires relatives aux questions couvertes par la Convention.
2. A cette fin, chaque Partie transmettra au Secrétaire Général du Conseil de l'Europe toute information utile concernant ses dispositions législatives ou réglementaires relatives aux questions couvertes par la Convention.
TITEL III. - Slotbepalingen.
TITRE III. - Clauses finales.
Art. 14. Dit Verdrag staat open voor ondertekening door de Lidstaten van de Raad van Europa. Het zal onderworpen worden aan bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring. De akten van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeurig zullen worden neergelegd bij de Secretaris-generaal van de Raad van Europa.
Art. 14. La présente Convention est ouverte à la signature des Etats membres du Conseil de l'Europe. Elle sera soumise à ratification, acceptation ou approbation. Les instruments de ratification, d'acceptation ou d'approbation seront déposés près le Secrétaire Général du Conseil de l'Europe.
Art. 15. 1. Dit Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een periode van drie maanden na de datum waarop drie Lidstaten van de Raad van Europa hun instemming om door het Verdrag te worden verbonden tot uiting hebben gebracht overeenkomstig de bepalingen van artikel 14.
2. Ten aanzien van elke andere Lidstaat die daarna zijn instemming om door het Verdrag te worden verbonden tot uiting brengt, treedt deze in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een periode van drie maanden na de datum van de neerlegging van de akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring.
2. Ten aanzien van elke andere Lidstaat die daarna zijn instemming om door het Verdrag te worden verbonden tot uiting brengt, treedt deze in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een periode van drie maanden na de datum van de neerlegging van de akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring.
Art. 15. 1. La présente Convention entrera en vigueur le premier jour du mois qui suit l'expiration d'une période de trois mois après la date à laquelle trois Etats membres du Conseil de l'Europe auront exprimé leur consentement à être liés par la Convention conformément aux dispositions de l'article 14.
2. Pour tout Etat membre qui exprimera ultérieurement son consentement à être lié par la Convention, celle-ci entrera en vigueur le premier jour du mois qui suit l'expiration d'une période de trois mois après la date du dépôt de l'instrument de ratification, d'acceptation ou d'approbation.
2. Pour tout Etat membre qui exprimera ultérieurement son consentement à être lié par la Convention, celle-ci entrera en vigueur le premier jour du mois qui suit l'expiration d'une période de trois mois après la date du dépôt de l'instrument de ratification, d'acceptation ou d'approbation.
Art. 16. 1. Na de inwerkingtreding van dit Verdrag kan het Comité van Ministers van de Raad van Europa elke Staat die geen lid is van de Raad van Europa uitnodigen om tot dit Verdrag toe te treden, bij een besluit genomen door de in artikel 20, d., van het Statuut van de Raad van Europa voorziene meerderheid, en bij algemene stemmen van de vertegenwoordigers van de verdragsluitende Partijen die gerechtigd zijn in het Comité zitting te hebben.
2. Ten aanzien van elke toetredende Staat treedt het Verdrag in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een periode van drie maanden na de datum van de neerlegging van de akte van toetreding bij de Secretaris-generaal van de Raad van Europa.
2. Ten aanzien van elke toetredende Staat treedt het Verdrag in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een periode van drie maanden na de datum van de neerlegging van de akte van toetreding bij de Secretaris-generaal van de Raad van Europa.
Art. 16. 1. Après l'entrée en vigueur de la présente Convention, le Comité des Ministres du Conseil de l'Europe pourra inviter tout Etat non membre du Conseil de l'Europe à adhérer à la présente Convention par une décision prise à la majorité prévue à l'article 20, d., du Statut du Conseil de l'Europe, et à l'unanimité des représentants des Etats contractants ayant le droit de siéger au Comité.
2. Pour tout Etat adhérant, la Convention entrera en vigueur le premier jour du mois qui suit l'expiration d'une période de trois mois après la date du dépôt de l'instrument d'adhésion près le Secrétaire général du Conseil de l'Europe.
2. Pour tout Etat adhérant, la Convention entrera en vigueur le premier jour du mois qui suit l'expiration d'une période de trois mois après la date du dépôt de l'instrument d'adhésion près le Secrétaire général du Conseil de l'Europe.
Art. 17. 1. Elke Staat kan bij de ondertekening of bij de neerlegging van zijn akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding, het grondgebied of de grondgebieden aanwijzen waarop dit Verdrag van toepassing zal zijn.
2. Elke Staat kan, op elk later tijdstip, door middel van een verklaring gericht aan de Secretaris-generaal van de Raad van Europa, de toepassing van dit Verdrag uitbreiden tot elk ander in de verklaring aangewezen grondgebied. Ten aanzien dit grondgebied treedt het Verdrag in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een periode van drie maanden na de datum van ontvangst van de verklaring door de Secretaris-generaal.
3. Elke krachtens de twee voorgaande leden afgelegde verklaring kan worden ingetrokken, voor wat betreft elk in deze verklaring aangewezen grondgebied, door middel van een kennisgeving gericht aan de Secretaris-generaal. De intrekking wordt van kracht op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een periode van zes maanden na de datum van ontvangst van de kennisgeving door de Secretaris-generaal.
2. Elke Staat kan, op elk later tijdstip, door middel van een verklaring gericht aan de Secretaris-generaal van de Raad van Europa, de toepassing van dit Verdrag uitbreiden tot elk ander in de verklaring aangewezen grondgebied. Ten aanzien dit grondgebied treedt het Verdrag in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een periode van drie maanden na de datum van ontvangst van de verklaring door de Secretaris-generaal.
3. Elke krachtens de twee voorgaande leden afgelegde verklaring kan worden ingetrokken, voor wat betreft elk in deze verklaring aangewezen grondgebied, door middel van een kennisgeving gericht aan de Secretaris-generaal. De intrekking wordt van kracht op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een periode van zes maanden na de datum van ontvangst van de kennisgeving door de Secretaris-generaal.
Art. 17. 1. Tout Etat peut, au moment de la signature ou au moment du dépôt de son instrument de ratification, d'acception, d'approbation ou d'adhésion, désigner le ou les territoires auxquels s'appliquera la présente Convention.
2. Tout Etat peut, à tout moment par la suite, par une déclaration adressée au Secrétaire général du Conseil de l'Europe, étendre l'application de la présente Convention à tout autre territoire désigné dans la déclaration. La Convention entrera en vigueur à l'égard de ce territoire le premier jour du mois qui suit l'expiration d'une période de trois mois après la date de réception de la déclaration par le Secrétaire général.
3. Toute déclaration faite en vertu des deux paragraphes précédents pourra être retirée, en ce qui concerne tout territoire désigné dans cette déclaration, par notification adressée au Secrétaire général. Le retrait prendra effet le premier jour du mois qui suit l'expiration d'une période de six mois après la date de réception de la notification par le Secrétaire général.
2. Tout Etat peut, à tout moment par la suite, par une déclaration adressée au Secrétaire général du Conseil de l'Europe, étendre l'application de la présente Convention à tout autre territoire désigné dans la déclaration. La Convention entrera en vigueur à l'égard de ce territoire le premier jour du mois qui suit l'expiration d'une période de trois mois après la date de réception de la déclaration par le Secrétaire général.
3. Toute déclaration faite en vertu des deux paragraphes précédents pourra être retirée, en ce qui concerne tout territoire désigné dans cette déclaration, par notification adressée au Secrétaire général. Le retrait prendra effet le premier jour du mois qui suit l'expiration d'une période de six mois après la date de réception de la notification par le Secrétaire général.
Art. 18. 1. Elke Staat kan bij de ondertekening of bij de neerlegging van zijn akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding verklaren één of meer voorbehouden te maken.
2. Elke verdragsluitende Partij die een voorbehoud krachtens het vorige lid heeft geformuleerd, kan dit geheel of gedeeltelijk intrekken door middel van een kennisgeving gericht aan de Secretaris-generaal van de Raad van Europa. De intrekking wordt van kracht op de datum van ontvangst van de kennisgeving door de Secretaris generaal.
3. Een partij die een voorbehoud heeft gemaakt met betrekking tot een bepaling van dit Verdrag kan geen aanspraak maken op de toepassing van die bepaling door een andere Partij; indien haar voorbehoud evenwel gedeeltelijk of voorwaardelijk is, kan zij aanspraak maken op de toepassing van die bepaling voor zover zij deze zelf heeft aanvaard.
2. Elke verdragsluitende Partij die een voorbehoud krachtens het vorige lid heeft geformuleerd, kan dit geheel of gedeeltelijk intrekken door middel van een kennisgeving gericht aan de Secretaris-generaal van de Raad van Europa. De intrekking wordt van kracht op de datum van ontvangst van de kennisgeving door de Secretaris generaal.
3. Een partij die een voorbehoud heeft gemaakt met betrekking tot een bepaling van dit Verdrag kan geen aanspraak maken op de toepassing van die bepaling door een andere Partij; indien haar voorbehoud evenwel gedeeltelijk of voorwaardelijk is, kan zij aanspraak maken op de toepassing van die bepaling voor zover zij deze zelf heeft aanvaard.
Art. 18. 1. Tout Etat peut, au moment de la signature ou au moment du dépôt de son instrument de ratification, d'acceptation, d'approbation ou d'adhésion, déclarer faire usage d'une ou de plusieurs réserves.
2. Tout Etat contractant qui a formulé une réserve en vertu du paragraphe précédent peut la retirer en tout ou en partie en adressant une notification au Secrétaire Général du Conseil de l'Europe. Le retrait prendra effet à la date de réception de la notification par le Secrétaire Général.
3. La Partie qui a formulé une réserve au sujet d'une disposition de la présente Convention ne peut prétendre à l'application de cette disposition par une autre Partie; toutefois, elle peut, si la réserve est partielle ou conditionnelle, prétendre à l'application de cette disposition dans la mesure où elle l'a acceptée.
2. Tout Etat contractant qui a formulé une réserve en vertu du paragraphe précédent peut la retirer en tout ou en partie en adressant une notification au Secrétaire Général du Conseil de l'Europe. Le retrait prendra effet à la date de réception de la notification par le Secrétaire Général.
3. La Partie qui a formulé une réserve au sujet d'une disposition de la présente Convention ne peut prétendre à l'application de cette disposition par une autre Partie; toutefois, elle peut, si la réserve est partielle ou conditionnelle, prétendre à l'application de cette disposition dans la mesure où elle l'a acceptée.
Art. 19. 1. Elke Partij kan, op elk ogenblik, dit Verdrag opzeggen door middel van een kennisgeving gericht aan de Secretaris-generaal van de Raad van Europa.
2. De opzegging wordt van kracht op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een periode van zes maanden na ontvangst van de kennisgeving door de Secretaris-generaal.
2. De opzegging wordt van kracht op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een periode van zes maanden na ontvangst van de kennisgeving door de Secretaris-generaal.
Art. 19. 1. Toute Partie peut, à tout moment, dénoncer la présente Convention en adressant une notification au Secrétaire général du Conseil de l'Europe.
2. La dénonciation prendra effet le premier jour du mois qui suit l'expiration d'une période de six mois après la date de réception de la notification par le Secrétaire général.
2. La dénonciation prendra effet le premier jour du mois qui suit l'expiration d'une période de six mois après la date de réception de la notification par le Secrétaire général.
Art. 20. De Secretaris-generaal van de Raad van Europa stelt de Lidstaten van de Raad en elke Staat die tot dit Verdrag is toegetreden in kennis van :
a. elke ondertekening;
b. de neerlegging van elke akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding;
c. elke datum van inwerkingtreding van dit Verdrag overeenkomstig de artikelen 15, 16 en 17;
d. elke andere handeling, kennisgeving of mededeling met betrekking tot dit Verdrag.
Ten blijke waarvan de ondergetekenden, daartoe behoorlijk gemachtigd, dit Verdrag hebben ondertekend.
Gedaan te Straatsburg, op 24 november 1983, in de Engelse en de Franse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek, in één enkel exemplaar, dat zal worden neergelegd in het archief van de Raad van de Raad van Europa. De Secretaris-generaal van de Raad van Europa doet een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift toekomen aan elke Lidstaat van de Raad van Europa en aan elke Staat die is uitgenodigd om tot dit Verdrag toe te treden.
a. elke ondertekening;
b. de neerlegging van elke akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding;
c. elke datum van inwerkingtreding van dit Verdrag overeenkomstig de artikelen 15, 16 en 17;
d. elke andere handeling, kennisgeving of mededeling met betrekking tot dit Verdrag.
Ten blijke waarvan de ondergetekenden, daartoe behoorlijk gemachtigd, dit Verdrag hebben ondertekend.
Gedaan te Straatsburg, op 24 november 1983, in de Engelse en de Franse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek, in één enkel exemplaar, dat zal worden neergelegd in het archief van de Raad van de Raad van Europa. De Secretaris-generaal van de Raad van Europa doet een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift toekomen aan elke Lidstaat van de Raad van Europa en aan elke Staat die is uitgenodigd om tot dit Verdrag toe te treden.
Art. 20. Le Secrétaire général du Conseil de l'Europe notifiera aux Etats membres du Conseil et à tout Etat ayant adhéré à la présente Convention :
a. toute signature;
b. le dépôt de tout instrument de ratification, d'acceptation, d'approbation ou d'adhésion;
c. toute date d'entrée en vigueur de la présente Convention conformément à ses articles 15, 16 et 17;
d. tout autre acte, notification ou communication ayant trait à la présente Convention.
En foi de quoi, les soussignés, dûment autorisés à cet effet, ont signé la présente Convention.
Fait à Strasbourg, le 24 novembre 1983, en français et en anglais, les deux textes faisant également foi, en un seul exemplaire qui sera déposé dans les archives du Conseil de l'Europe. Le Secrétaire général du Conseil de l'Europe en communiquera copie certifiée conforme à chacun des Etats membres du Conseil de l'Europe et à tout Etat invité à adhérer à la présente Convention.
a. toute signature;
b. le dépôt de tout instrument de ratification, d'acceptation, d'approbation ou d'adhésion;
c. toute date d'entrée en vigueur de la présente Convention conformément à ses articles 15, 16 et 17;
d. tout autre acte, notification ou communication ayant trait à la présente Convention.
En foi de quoi, les soussignés, dûment autorisés à cet effet, ont signé la présente Convention.
Fait à Strasbourg, le 24 novembre 1983, en français et en anglais, les deux textes faisant également foi, en un seul exemplaire qui sera déposé dans les archives du Conseil de l'Europe. Le Secrétaire général du Conseil de l'Europe en communiquera copie certifiée conforme à chacun des Etats membres du Conseil de l'Europe et à tout Etat invité à adhérer à la présente Convention.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. Lijst met de gebonden staten.
Art. N. Liste des Etats liés.
Staten/ Datum Type instemming Datum Datum
Organisaties authenti- instemming interne
ficatie inwerking-
treding
- - - - -
ALBANIE 09/10/2003 Onbepaald
ARMENIE 08/11/2001
AZERBEIDZJAN Toetreding 28/03/2000 01/07/2000
BELGIE 19/02/1998 Bekrachtiging 23/03/2004 01/07/2004
CYPRUS 09/01/1991 Bekrachtiging 17/01/2001 01/05/2001
DENEMARKEN 24/11/1983 Bekrachtiging 09/10/1987 01/02/1988
DUITSLAND 24/11/1983 Bekrachtiging 27/11/1996 01/03/1997
ESTLAND 22/10/2003
FINLAND 11/09/1990 Bekrachtiging 15/11/1990 01/03/1991
FRANKRIJK 24/11/1983 Bekrachtiging 01/02/1990 01/06/1990
GRIEKENLAND 24/11/1983
GROOT-BRITTANNIE 24/11/1983 Bekrachtiging 07/02/1990 01/06/1990
HONGARIJE 08/11/2001
IJSLAND 30/11/2001 Onbepaald
LITOUWEN 14/01/2004
LUXEMBURG 24/11/1983 Bekrachtiging 21/05/1985 01/02/1988
NEDERLAND 24/11/1983 Bekrachtiging 16/07/1984 01/02/1988
NOORWEGEN 24/11/1983 Bekrachtiging 22/06/1992 01/10/1992
PORTUGAL 06/03/1997 Bekrachtiging 13/08/2001 01/12/2001
SPANJE 08/06/2000 Bekrachtiging 31/10/2001 01/02/2002
TSJECHISCHE REP. 15/10/1999 Bekrachtiging 08/09/2000 01/01/2001
TURKIJE 24/04/1985
ZWEDEN 24/11/1983 Bekrachtiging 30/09/1988 01/01/1989
ZWITSERLAND 15/05/1990 Bekrachtiging 07/09/1992 01/01/1993
Organisaties authenti- instemming interne
ficatie inwerking-
treding
- - - - -
ALBANIE 09/10/2003 Onbepaald
ARMENIE 08/11/2001
AZERBEIDZJAN Toetreding 28/03/2000 01/07/2000
BELGIE 19/02/1998 Bekrachtiging 23/03/2004 01/07/2004
CYPRUS 09/01/1991 Bekrachtiging 17/01/2001 01/05/2001
DENEMARKEN 24/11/1983 Bekrachtiging 09/10/1987 01/02/1988
DUITSLAND 24/11/1983 Bekrachtiging 27/11/1996 01/03/1997
ESTLAND 22/10/2003
FINLAND 11/09/1990 Bekrachtiging 15/11/1990 01/03/1991
FRANKRIJK 24/11/1983 Bekrachtiging 01/02/1990 01/06/1990
GRIEKENLAND 24/11/1983
GROOT-BRITTANNIE 24/11/1983 Bekrachtiging 07/02/1990 01/06/1990
HONGARIJE 08/11/2001
IJSLAND 30/11/2001 Onbepaald
LITOUWEN 14/01/2004
LUXEMBURG 24/11/1983 Bekrachtiging 21/05/1985 01/02/1988
NEDERLAND 24/11/1983 Bekrachtiging 16/07/1984 01/02/1988
NOORWEGEN 24/11/1983 Bekrachtiging 22/06/1992 01/10/1992
PORTUGAL 06/03/1997 Bekrachtiging 13/08/2001 01/12/2001
SPANJE 08/06/2000 Bekrachtiging 31/10/2001 01/02/2002
TSJECHISCHE REP. 15/10/1999 Bekrachtiging 08/09/2000 01/01/2001
TURKIJE 24/04/1985
ZWEDEN 24/11/1983 Bekrachtiging 30/09/1988 01/01/1989
ZWITSERLAND 15/05/1990 Bekrachtiging 07/09/1992 01/01/1993
Etats/ Date Type de Date Entree
Organisations authenti- consentement consentement vigueur
fication locale
- - - - -
ALBANIE 09/10/2003
ALLEMAGNE 24/11/1983 Ratification 27/11/1996 01/03/1997
ARMENIE 08/11/2001
AZERBAIDJAN Adhesion 28/03/2000 01/07/2000
BELGIQUE 19/02/1998 Ratification 23/03/2004 01/07/2004
CHYPRE 09/01/1991 Ratification 17/01/2001 01/05/2001
DANEMARK 24/11/1983 Ratification 09/10/1987 01/02/1988
ESPAGNE 08/06/2000 Ratification 31/10/2001 01/02/2002
ESTONIE 22/10/2003 Indetermine
FINLANDE 11/09/1990 Ratification 15/11/1990 01/03/1991
FRANCE 24/11/1983 Ratification 01/02/1990 01/06/1990
GRANDE-BRETAGNE 24/11/1983 Ratification 07/02/1990 01/06/1990
GRECE 24/11/1983
HONGRIE 08/11/2001
ISLANDE 30/11/2001
LITUANIE 14/01/2004
LUXEMBOURG 24/11/1983 Ratification 21/05/1985 01/02/1988
NORVEGE 24/11/1983 Ratification 22/06/1992 01/10/1992
PAYS-BAS 24/11/1983 Ratification 16/07/1984 01/02/1988
PORTUGAL 06/03/1997 Ratification 13/08/2001 01/12/2001
SUEDE 24/11/1983 Ratification 30/09/1988 01/01/1989
SUISSE 15/05/1990 Ratification 07/09/1992 01/01/1993
TCHEQUE REP. 15/10/1999 Ratification 08/09/2000 01/01/2001
TURQUIE 24/04/1985
Organisations authenti- consentement consentement vigueur
fication locale
- - - - -
ALBANIE 09/10/2003
ALLEMAGNE 24/11/1983 Ratification 27/11/1996 01/03/1997
ARMENIE 08/11/2001
AZERBAIDJAN Adhesion 28/03/2000 01/07/2000
BELGIQUE 19/02/1998 Ratification 23/03/2004 01/07/2004
CHYPRE 09/01/1991 Ratification 17/01/2001 01/05/2001
DANEMARK 24/11/1983 Ratification 09/10/1987 01/02/1988
ESPAGNE 08/06/2000 Ratification 31/10/2001 01/02/2002
ESTONIE 22/10/2003 Indetermine
FINLANDE 11/09/1990 Ratification 15/11/1990 01/03/1991
FRANCE 24/11/1983 Ratification 01/02/1990 01/06/1990
GRANDE-BRETAGNE 24/11/1983 Ratification 07/02/1990 01/06/1990
GRECE 24/11/1983
HONGRIE 08/11/2001
ISLANDE 30/11/2001
LITUANIE 14/01/2004
LUXEMBOURG 24/11/1983 Ratification 21/05/1985 01/02/1988
NORVEGE 24/11/1983 Ratification 22/06/1992 01/10/1992
PAYS-BAS 24/11/1983 Ratification 16/07/1984 01/02/1988
PORTUGAL 06/03/1997 Ratification 13/08/2001 01/12/2001
SUEDE 24/11/1983 Ratification 30/09/1988 01/01/1989
SUISSE 15/05/1990 Ratification 07/09/1992 01/01/1993
TCHEQUE REP. 15/10/1999 Ratification 08/09/2000 01/01/2001
TURQUIE 24/04/1985