Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
7 MEI 2004. - Decreet betreffende de investeringsmaatschappijen van de Vlaamse overheid. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 08-06-2004 en tekstbijwerking tot 19-12-2018)
Titre
7 MAI 2004. - Décret relatif aux sociétés d'investissement des autorités flamandes (TRADUCTION). (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 08-06-2004 et mise à jour au 19-12-2018)
Documentinformatie
Info du document
Tekst (30)
Texte (30)
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen.
CHAPITRE Ier. - Dispositions générales.
Artikel 1. Dit decreet regelt een gemeenschaps- en gewestaangelegenheid.
Article 1. Le présent décret règle une matière communautaire et régionale.
Art.2. In dit decreet wordt verstaan onder :
  1° LRM : de naamloze vennootschap Limburgse Reconversiemaatschappij opgericht bij notariële akte van 1 februari 1994, bij uittreksel gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 24 februari 1994 onder het nummer 940224-318, met inbegrip van alle latere wijzigingen van de statuten;
  2° PMV : de naamloze vennootschap Participatiemaatschappij Vlaanderen opgericht bij notariële akte van 31 juli 1995, bij uittreksel gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 25 augustus 1995 onder het nummer 950825-236, met inbegrip van alle latere wijzigingen van de statuten;
  3° VPM : de naamloze vennootschap Vlaamse Participatiemaatschappij opgericht bij notariële akte van 4 november 1997, bij uittreksel gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 22 november 1997 onder het nummer 971122-226, met inbegrip van alle latere wijzigingen van de statuten;
  4° GIMV : de naamloze vennootschap Gimv opgericht bij notariële akte van 25 februari 1980, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 12 maart 1980 onder het nummer N573-2, met inbegrip van alle latere wijzigingen van de statuten;
  5° de investeringsmaatschappijen : de vennootschappen LRM, PMV en VPM;
  6° [1 Bestuursdecreet: het Bestuursdecreet van 7 december 2018]1.
  
Art.2. Dans le présent décret, on entend par :
  1° LRM : la société anonyme Limburgse Reconversiemaatschappij constituée par acte notarié du 1er février 1994, publié par extrait au Moniteur belge du 24 février 1994 sous le numéro 940224-318, y compris toutes les modifications ultérieures des statuts;
  2° PMV : la société anonyme Participatiemaatschappij Vlaanderen constituée par acte notarié du 31 juillet 1995, publié par extrait au Moniteur belge du 25 août 1995 sous le numéro 950825-236, y compris toutes les modifications ultérieures des statuts;
  3° VPM : la société anonyme Vlaamse Participatiemaatschappij constituée par acte notarié du 4 novembre 1997, publié par extrait au Moniteur belge du 22 novembre 1997 sous le numéro 971122-226, y compris toutes les modifications ultérieures des statuts;
  4° GIMV : la société anonyme GIMV constituée par acte notarié du 25 février 1980, publié par extrait au Moniteur belge du 12 mars 1980 sous le numéro N573-2, y compris toutes les modifications ultérieures des statuts;
  5° les sociétés d'investissement : les sociétés LRM, PMV en VPM;
  6° [1 Décret de gouvernance : le Décret de gouvernance du 7 décembre 2018]1.
  
HOOFDSTUK II. - Deelnemingsmachtiging en kwalificatie van de investeringsmaatschappijen.
CHAPITRE II. - Autorisation de participation et qualification des sociétés d'investissement.
Art.3. § 1. Het Vlaamse Gewest wordt gemachtigd om onder de in dit decreet bepaalde voorwaarden deel te nemen in elk van de investeringsmaatschappijen.
  Het deelnemen in elk van de investeringsmaatschappijen als bedoeld in het eerste lid, is onderworpen aan de voorwaarde dat het Vlaamse Gewest over elk van de investeringsmaatschappijen te allen tijde de rechtstreekse vennootschapsrechtelijke controle blijft voeren.
  § 2. [1 ...]1
  § 3. De investeringsmaatschappijen zijn privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen als bedoeld in [2 artikel III.14 van het Bestuursdecreet]2.
  De bepalingen van het [2 Bestuursdecreet]2 zijn van toepassing op de investeringsmaatschappijen.
  § 4. De Vlaamse regering bepaalt tot welk homogeen beleidsdomein elk der investeringsmaatschappijen behoort.
  [1 § 5. De Vlaamse Regering kan aan de Vlaamse Participatiemaatschappij machtiging verlenen om haar aandelen in de Gimv te verkopen.]1
  
Art.3. § 1er. La Région flamande est autorisée à participer, aux conditions fixées dans le présent décret, dans chacune des sociétés d'investissement.
  La participation dans chacune des sociétés d'investissement telle que visée à l'alinéa premier est subordonnée à la condition que la Région flamande exerce de tout temps le contrôle direct conforme au droit des sociétés sur chacune des sociétés d'investissement.
  § 2. [1 ...]1
  § 3. Les sociétés d'investissement sont des agences autonomisées externes de droit privé, telles que visées à [2 l'article III.14 du Décret de gouvernance]2.
  Les dispositions du [2 Décret de gouvernance]2 s'appliquent aux sociétés d'investissement.
  § 4. Le Gouvernement flamand détermine le domaine politique homogène dont chacune des sociétés d'investissement fait partie.
  [1 § 5. Le Gouvernement flamand peut autoriser la VPM à vendre ses actions de la GIMV.]1
  
HOOFDSTUK III. - Missie, taken en maatschappelijk doel van de investeringsmaatschappijen.
CHAPITRE III. - Mission, tâches et objet social des sociétés d'investissement.
Afdeling 1. - Missie, taken en maatschappelijk doel van LRM.
Section 1re. - Mission, tâches et objet social de la LRM.
Art.4. § 1. De missie en de taken van LRM als privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap zijn begrepen in de vermeldingen van paragraaf 2 die in het maatschappelijk doel van LRM zullen worden weergegeven.
  § 2. Het maatschappelijk doel van LRM wordt als volgt bepaald en als dusdanig weergegeven in de vennootschapsstatuten van LRM :
  1° [1 ...]1 verstrekken van kapitaalsubstituten, onder meer in de vorm van leningen aan bestaande of nog op te richten ondernemingen, verenigingen, samenwerkingsverbanden en andere juridische entiteiten, al dan niet bekleed met rechtspersoonlijkheid, die bijdragen tot de economische ontwikkeling of de tewerkstelling van de provincie Limburg;
  2° het uitvoeren van de bijzondere opdrachten van de Vlaamse regering waarvan de uitvoeringsmodaliteiten, de verantwoordelijkheden, de kostendekking en de vergoeding geregeld worden in afzonderlijke overeenkomsten met het Vlaamse Gewest.
  In de vennootschapsstatuten van LRM zal tevens worden bepaald dat de vennootschap alle activiteiten kan verrichten die, rechtstreeks of onrechtstreeks, bijdragen tot de verwezenlijking van haar maatschappelijk doel.
  
Art.4. § 1er. La mission et les tâches de la LRM en tant qu'agence autonomisée externe de droit privée sont comprises dans l'énoncé du paragraphe 2 qui sera repris dans l'objet social de la LRM.
  § 2. L'objet social de la LRM est défini comme suit et rendu comme tel dans les statuts de société de la LRM.
  1° [1 ...]1 la prise de participations de capital, seule ou en commun, et la remise de substituts de capital, notamment sous forme de prêts consentis à des entreprises, associations, partenariats ou autres entités juridiques dotées ou non de la personnalité civile, existantes ou à créer, susceptibles de contribuer au développement économique ou à l'emploi dans la province du Limbourg;
  2° l'exécution de missions spéciales du Gouvernement flamand, dont les modalités d'exécution, les responsabilités, la couverture des frais et la rémunération sont réglées dans des contrats séparés avec la Région flamande.
  Les statuts de société de la LRM stipuleront en outre que la société peut exercer toute activité qui, directement ou indirectement, contribue à la réalisation de son objet social.
  
Afdeling 2. - Missie, taken en maatschappelijk doel van PMV.
Section 2. - Mission, tâches et objet social de la PMV.
Art.5. § 1. De missie en de taken van PMV als privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap zijn begrepen in de vermeldingen van paragraaf 2 die in het maatschappelijk doel van PMV zullen worden weergegeven.
  § 2. Het maatschappelijk doel van PMV wordt als volgt bepaald en als dusdanig weergegeven in de vennootschapsstatuten van PMV :
  1° [1 ...]1 het zelf of samen met anderen oprichten en deelnemen aan, alsmede het houden en verwerven van een participatie in vennootschappen, verenigingen, samenwerkingsverbanden en andere juridische entiteiten, al dan niet bekleed met rechtspersoonlijkheid, zulks met het oog op de verwezenlijking van het economisch overheidsinitiatief en de tenuitvoerlegging van de economische politiek van het Vlaamse Gewest;
  2° als realisator van het Vlaamse economisch overheidsinitiatief, het initiëren, opstarten of uitbouwen van initiatieven en projecten ter stimulering van een duurzaam economisch klimaat in Vlaanderen;
  3° het initiëren, opstarten of uitbouwen van initiatieven en projecten met het oog op de realisatie van publiek-private samenwerking en zulks in alle bevoegdheidsdomeinen;
  4° het uitvoeren van de bijzondere opdrachten van de Vlaamse regering waarvan de uitvoeringsmodaliteiten, de verantwoordelijkheden, de kostendekking en de vergoeding geregeld worden in afzonderlijke overeenkomsten met het Vlaamse Gewest.
  In de vennootschapsstatuten van PMV zal tevens worden bepaald dat de vennootschap alle activiteiten kan verrichten die, rechtstreeks of onrechtstreeks, bijdragen tot de verwezenlijking van haar maatschappelijk doel.
  
Art.5. § 1er. La mission et les tâches de la PMV en tant qu'agence autonomisée externe de droit privée sont comprises dans l'énoncé du paragraphe 2 qui sera repris dans l'objet social de la PMV.
  § 2. L'objet social de la PMV est fixé comme suit et rendu comme tel dans les statuts de société de la PMV.
  1° [1 ...]1 la création ou la participation, la détention ou l'acquisition, seule ou en commun, d'une participation dans des entreprises, associations, partenariats ou autres entités juridiques dotées ou non de la personnalité civile, existantes ou à créer, en vue de réaliser l'initiative économique publique et de mettre en oeuvre la politique économique de la Région flamande;
  2° en tant que réalisateur de l'initiative économique publique flamande, initier, démarrer ou développer des initiatives et projets visant à stimuler un climat économique durable en Flandre;
  3° initier, démarrer ou développer des initiatives et projets en vue de la réalisation d'un partenariat public-privé dans tous les domaines de compétence.
  4° l'exécution de missions spéciales du Gouvernement flamand, dont les modalités d'exécution, les responsabilités, la couverture des frais et la rémunération sont réglées dans des contrats séparés avec la Région flamande.
  Les statuts de société de la PMV stipuleront en outre que la société peut exercer toute activité qui, directement ou indirectement, contribue à la réalisation de son objet social.
  
Afdeling 3. - Missie, taken en maatschappelijk doel van VPM.
Section 3. - Mission, tâches et objet social de la VPM.
Art.6. § 1. De missie en de taken van VPM als privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap zijn begrepen in de vermeldingen van paragraaf 2 die in het maatschappelijk doel van VPM zullen worden weergegeven.
  § 2. Het maatschappelijk doel van VPM wordt als volgt bepaald en als dusdanig weergegeven in de vennootschapsstatuten van VPM :
  1° [1 [2 ...]2 het zelf of samen met anderen oprichten en deelnemen aan, alsmede het houden en verwerven van een participatie in Vlaamse investeringsmaatschappijen, hiermee verbonden vennootschappen en diens rechtsopvolgers;]1
  2° [1 met het oog op de verwezenlijking van voormeld doel, het bij wijze van inschrijving, inbreng, fusie, samenwerking, financiële tussenkomst of anderszins verwerven van een belang of deelneming in, of het anderszins verstrekken van financiële middelen aan alle bestaande of nog op te richten Vlaamse investeringsmaatschappijen;]1
  3° het beheren van de voormelde participaties, het valoriseren en te gelde maken ervan, alsook, onder meer, het rechtstreeks of onrechtstreeks deelnemen aan het bestuur, de directie, de controle en vereffening van de vennootschappen waarin VPM een belang of deelneming heeft;
  4° het verrichten van alle hoegenaamde handels-, nijverheids-, financiële, roerende en onroerende verrichtingen die rechtstreeks of onrechtstreeks in verband staan met voormelde doelstellingen of die van aard zijn deze te begunstigen.
  In de vennootschapsstatuten van VPM zal tevens worden bepaald dat de vennootschap alle activiteiten kan verrichten die, rechtstreeks of onrechtstreeks, bijdragen tot de verwezenlijking van haar maatschappelijk doel.
  
Art.6. § 1er. La mission et les tâches de la VPM en tant qu'agence autonomisée externe de droit privée sont comprises dans l'énoncé du paragraphe 2 qui sera repris dans l'objet social de la VPM.
  § 2. L'objet social de la VPM est défini comme suit et rendu comme tel dans les statuts de société de la VPM.
  1° [1 [2 ...]2, la création ou la participation, la détention ou l'acquisition, seule ou conjointement avec d'autres, d'une participation dans des sociétés d'investissement flamandes, les sociétés y liées et les ayants cause;]1
  2° [1 en vue de la réalisation de l'objet précité, acquérir, sous forme de souscription, d'apport, de fusion, de coopération, d'intervention financière ou autrement, d'intérêts ou d'une participation dans toutes les sociétés d'investissement flamandes existantes ou à créer, ou fournir autrement des moyens financiers à celles-ci;]1
  3° la gestion, la valorisation et la réalisation des participations susvisées, ainsi que la participation directe ou indirecte à l'administration, la direction, le contrôle et la liquidation des sociétés dans lesquelles la VPM a des intérêts ou une participation;
  4° toutes opérations commerciales, industrielles, financières, mobilières et immobilières se rattachant directement ou indirectement à l'objet mentionné ci-dessus ou de nature à le favoriser.
  Les statuts de société de la VPM stipuleront en outre que la société peut exercer toute activité qui, directement ou indirectement, contribue à la réalisation de son objet social.
  
HOOFDSTUK IV. - Samenwerkingsovereenkomst.
CHAPITRE IV. - Accord de coopération.
Art.7. Binnen een termijn van vier maanden na de datum van bekendmaking van dit decreet in het Belgisch Staatsblad, wordt tussen, enerzijds, elk van de investeringsmaatschappijen en, anderzijds, het Vlaamse Gewest, een samenwerkingsovereenkomst als bedoeld in [1 artikel III.16 van het Bestuursdecreet]1 gesloten, onder de opschortende voorwaarde van inwerkingtreding van het onderhavige decreet.
  De samenwerkingsovereenkomst bepaalt onder meer (de operationele doelstellingen, de informatie- en rapportageplicht inzake de taken en financiële situatie, op basis van vooraf vastgestelde beleids- en beheersrelevante indicatoren), de specifieke controle, de duur, de opzeggings- en verlengingsmogelijkheden van de overeenkomst.
  
Art.7. Dans un délai de quatre mois de la date de publication du présent décret au Moniteur belge, il est conclu entre, d'une part, chacune des sociétés d'investissement, et d'autre part la Région flamande, un accord de coopération tel que visé à [1 ]1, sous la condition suspensive de l'entrée en vigueur du présent décret.
  L'accord de coopération détermine notamment les tâches à exécuter, l'obligation d'information et de rapport en ce qui concerne (les objectifs opérationnels, l'obligation d'information et de rapport en ce qui concerne les tâches et la situation financière, sur la base d'indicateurs présentant un intérêt politique et gestionnel fixés préalablement), le contrôle spécifique, la durée, les possibilités de résilier et de prolonger l'accord.
  
HOOFDSTUK IVbis. - Corporate governance
CHAPITRE IVbis. - Gouvernement d'entreprise
Art. 7bis. De Vlaamse Regering gaat slechts over tot het sluiten van een samenwerkingsovereenkomst met een investeringsmaatschappij indien zij kan instemmen met de door de investeringsmaatschappij vastgelegde basisaannames, methodes en procedures die de werking van de investeringsmaatschappij afstemmen op de beginselen van de Belgische Corporate Governance Codes en de door de Vlaamse Regering aangewezen internationale aanbevelingen op het vlak van de corporate governance.
  De Vlaamse Regering toetst daarbij in het bijzonder :
  1° of er een intern auditcharter voorhanden is, dat een omschrijving geeft van de reikwijdte van de interne auditwerkzaamheden en de verantwoordelijkheden op het vlak van de opvolging van aanbevelingen;
  2° of er een gedragscode voorhanden is, zijnde een contractueel kader, waarin wordt bepaald op welke wijze bestuurders en, in voorkomend geval, leden van het management en personeelsleden zich moeten gedragen wanneer zij geconfronteerd worden met de mogelijkheid een beslissing te nemen of te beïnvloeden, waarbij zij zichzelf ten nadele van de investeringsmaatschappij kunnen verrijken, of waarbij zij aan de investeringsmaatschappij een ondernemingskans kunnen ontnemen.
Art. 7bis. Le Gouvernement flamand ne procède à la conclusion d'un accord de coopération avec une société d'investissement que s'il peut consentir aux hypothèses de base, aux méthodes et aux procédures fixées par la société d'investissement qui accordent le fonctionnement de la société d'investissement avec les principes des Codes belges de Gouvernement d'Entreprise et les recommandations internationales désignées par le Gouvernement flamand en matière du gouvernement d'entreprise.
  Le Gouvernement flamand vérifie particulièrement :
  1° s'il existe une charte d'audit interne, donnant une description de la portée des activités d'audit interne et des responsabilités en matière de l'observation des recommandations;
  2° s'il existe un code de conduite, notamment un cadre contractuel, qui définit comment les administrateurs et, le cas échéant, les membres du management et du personnel sont tenus de se conduire lorsqu'ils sont confrontés à la possibilité de prendre ou d'influencer une décision, leur permettant de s'enrichir au détriment de la société d'investissement, ou de priver la société d'investissement d'une opportunité d'affaires.
HOOFDSTUK IVter. - Toezicht door een regeringsafgevaardigde
CHAPITRE IVter. - Contrôle par un délégué du gouvernement
Art. 7ter. § 1. De Vlaamse Regering kan bij LRM en PMV een regeringsafgevaardigde aanstellen.
  De regeringsafgevaardigde houdt van overheidswege toezicht op de overeenstemming van de verrichtingen en de werking van de investeringsmaatschappij met het recht, de statuten van de investeringsmaatschappij, de samenwerkingsovereenkomst en de beginselen inzake financiële orthodoxie en inzake corporate governance.
  § 2. De regeringsafgevaardigde heeft met raadgevende stem zitting in de raad van bestuur en de door de raad van bestuur ingestelde comités.
  Ten minste vijf werkdagen vóór de datum van de vergaderingen ontvangt hij de volledige dagorde van de vergaderingen van de raad van bestuur en van de door de raad van bestuur ingestelde comités, evenals alle documenten terzake. In gemotiveerde gevallen van hoogdringendheid kan van deze bepaling worden afgeweken.
  Hij kan te allen tijde ter plaatse alle documenten en geschriften van de investeringsmaatschappij inzien.
  Hij kan van de bestuurders en de leden van het management alle inlichtingen en ophelderingen vorderen, en alle verificaties verrichten, die hij nodig acht voor de uitvoering van zijn mandaat.
  De Vlaamse Regering kan de regeringsafgevaardigde laten bijstaan door deskundigen voor bepaalde tijdelijke controles.
  § 3. Personeelsleden van de investeringsmaatschappij kunnen aan de regeringsafgevaardigde in vertrouwen hun bezorgdheid uiten over mogelijke onregelmatigheden inzake financiële rapportering of andere aangelegenheden. De regeringsafgevaardigde geeft nimmer de identiteit van het personeelslid vrij.
  De regeringsafgevaardigde gaat de gegrondheid van de melding na. Indien de melding gegrond is, formuleert de regeringsafgevaardigde onverwijld de nodige aanbevelingen aan de raad van bestuur.
  De toepassing van het eerste lid kan niet leiden tot enige maatregel in hoofde van het betrokken personeelslid. Onder maatregel wordt verstaan : een beslissing tot schorsing of ontslag, tot het opleggen van enige tucht- of ordemaatregel, tot ontneming van bevoegdheden, tot overplaatsing, tot weigering van verlof, of tot toekennen van een onvoldoende bij een functioneringsevaluatie.
  § 4. De regeringsafgevaardigde stelt de Vlaamse Regering in kennis van :
  1° elke beslissing van de raad van bestuur of het management die hij strijdig acht met de toezichtsgronden, als bedoeld in § 1, tweede lid;
  2° de aanbevelingen die hij aan de raad van bestuur richt op grond van § 3, tweede lid, en het gevolg dat aan deze aanbevelingen wordt gegeven.
  Wanneer de Vlaamse Regering op grond van deze inlichtingen meent dat de investeringsmaatschappij de aan haar opgedragen taken kennelijk verwaarloost, kan de Vlaamse Regering de aangelegenheid bepalen waarover de raad van bestuur van de investeringsmaatschappij moet beraadslagen en de termijn bepalen waarbinnen die beraadslaging moet plaatsvinden.
  Wordt binnen de gestelde termijn geen beslissing genomen, of stemt de Vlaamse Regering niet in met de genomen beslissing, dan kan zij de nodige voorzieningen treffen. Zij stelt het Vlaams Parlement daarvan onverwijld in kennis.
  De nodige voorzieningen als bedoeld in het derde lid kunnen inhouden dat :
  1° de Vlaamse Regering zich in de plaats stelt van de investeringsmaatschappij, waarbij zij de regeringsafgevaardigde of een andere persoon met een bijzondere macht kan bekleden;
  2° de Vlaamse Regering de beslissingen van de investeringsmaatschappij gedurende een door haar bepaalde en verlengbare termijn afhankelijk maakt van het voorafgaand advies of de voorafgaande instemming van de Vlaamse Regering, de regeringsafgevaardigde, of enige andere instantie.
  De Vlaamse Regering kan nadere procedurele regelen vastleggen voor de toepassing van deze paragraaf.
  § 5. Het Vlaamse Gewest draagt de kosten verbonden aan de uitoefening van het ambt van de regeringsafgevaardigden.
  De Vlaamse Regering bepaalt de rechtspositionele voorwaarden waaronder de regeringsafgevaardigden worden aangesteld. In afwachting van de inwerkingtreding van dergelijk besluit, wordt de rechtspositie van de regeringsafgevaardigden geregeld overeenkomstig de principes die van toepassing waren op de commissarissen van de Vlaamse Regering, als bedoeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 1994 tot vaststelling van de voorwaarden en de wijze waarop de commissarissen van de Vlaamse Regering bij de investeringsmaatschappijen in dienst worden genomen.
Art. 7ter. § 1er. Le Gouvernement flamand peut désigner un délégué du gouvernement auprès de la LRM et de la PMV.
  Le délégué du gouvernement veille, pour les pouvoirs publics, à la conformité des opérations et du fonctionnement de la société d'investissement aux principes légaux, aux statuts de la société d'investissement, à l'accord de coopération et aux principes d'orthodoxie financière et du gouvernement d'entreprise.
  § 2. Le délégué du gouvernement siège avec voix consultative dans le conseil d'administration et dans les comités institués par le conseil d'administration.
  Au moins cinq jours ouvrables avant la date des séances, il reçoit l'ordre du jour complet des réunions du conseil d'administration et des comités institués par le conseil d'administration, ainsi que tous les documents y afférents. En cas d'urgence motivée, il peut être dérogé à cette disposition.
  Il peut, à tout moment et sur place, consulter tous les documents et écrits de la société d'investissement.
  Il peut demander aux administrateurs et aux membres du management de lui communiquer toutes les informations et tous les éclaircissements et effectuer toutes les vérifications qu'il juge nécessaires pour l'exercice de son mandat.
  Le Gouvernement flamand a la possibilité de faire assister le délégué du gouvernement par des experts pour un certain nombre de contrôles temporaires.
  § 3. Les membres du personnel de la société d'investissement ont la possibilité d'exprimer leur inquiétude par rapport à de possibles irrégularités en matière de rapportage financier ou à d'autres matières. Le délégué du gouvernement ne révèle jamais l'identité du membre du personnel.
  Le délégué du gouvernement examine le bien-fondé de la notification. Si la notification est fondée, le délégué du gouvernement formule sans délai les recommandations nécessaires au conseil d'administration.
  L'application de l'alinéa 1er ne peut pas conduire à quelconque mesure dans le chef du membre du personnel concerné. Il faut entendre par mesure : une décision de suspension ou de licenciement, d'imposition d'une mesure de discipline ou d'ordre, de privation de compétences, de transfert, de refus de congé, ou d'une mention " insuffisant " lors d'une évaluation fonctionnelle.
  § 4. Le délégué du gouvernement informe le Gouvernement flamand :
  1° de chaque décision du conseil d'administration ou du management qu'il juge contraire au contrôle visé au § 1er, deuxième alinéa;
  2° des recommandations qu'il adresse au conseil d'administration sur la base du § 3, deuxième alinéa, et de la suite donnée à ces recommandations.
  Si le Gouvernement flamand estime, sur la base de ces informations, que la société d'investissement néglige manifestement les tâches qui lui sont conférées, le Gouvernement flamand peut définir la matière dont le conseil d'administration de la société d'investissement doit délibérer et fixer le délai dans lequel cette délibération doit avoir lieu.
  Si aucune décision n'est prise dans le délai imparti ou si le Gouvernement flamand ne donne pas son accord à la décision prise, il peut prendre les mesures nécessaires. Il en informe sans tarder le Parlement flamand.
  Les mesures nécessaires au sens du troisième alinéa peuvent impliquer que :
  1° le Gouvernement flamand prend la place de la société d'investissement et attribue éventuellement un pouvoir spécial au délégué du gouvernement ou à une autre personne;
  2° le Gouvernement flamand peut subordonner, pour un délai renouvelable fixé par lui, les décisions de la société d'investissement à l'avis préalable ou au consentement préalable du Gouvernement flamand, du délégué du gouvernement ou de toute autre instance.
  Le Gouvernement flamand peut fixer les modalités procédurales de l'application du présent paragraphe.
  § 5. La Région flamande prend en charge les frais liés à l'exercice de la fonction des délégués du gouvernement.
  Le Gouvernement flamand fixe les conditions statutaires par lesquelles les délégués du gouvernement sont régis. En attendant l'entrée en vigueur d'un tel arrêté, le statut des délégués du gouvernement est réglé conformément aux principes applicables aux commissaires du Gouvernement flamand, tels que visés à l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 1994 établissant les conditions et la manière dont les commissaires du Gouvernement flamand sont engagés auprès des sociétés d'investissement.
HOOFDSTUK IVquater. - Dochtervennootschappen
CHAPITRE IVquater. - Filiales
Art. 7quater. § 1. De artikelen 7 en 7bis zijn van overeenkomstige toepassing op de dochtervennootschappen van de investeringsmaatschappijen, voor zover de investeringsmaatschappijen in het bezit zijn van de meerderheid van de stemrechten verbonden aan het totaal van de aandelen van de betrokken vennootschap.
  Artikel 7ter is onder dezelfde voorwaarden van toepassing op dochtervennootschappen van LRM en PMV.
  § 2. De Vlaamse Regering kan op gemotiveerde wijze de dochtervennootschappen aanwijzen die van de toepassing van § 1, eerste lid, zijn vrijgesteld. Deze mogelijkheid geldt slechts in hoofde van dochtervennootschappen waaraan geen beheersbevoegdheden op het vlak van de decretale opdrachten van de investeringsmaatschappijen zijn overgedragen of die slechts belast zijn met het beheer van specifieke financieringsproducten.
Article 7quater. § 1er. Les articles 7 et 7bis s'appliquent par analogie aux filiales des sociétés d'investissement, pour autant que les sociétés d'investissement sont en possession de la majorité des droits de vote liés au total des actions de la filiale concernée.
  L'article 7ter s'applique aux mêmes conditions aux filiales de la LRM et de la PMV.
  § 2. Le Gouvernement flamand peut désigner de façon motivée les filiales exemptées de l'application du § 1er, alinéa 1er. Cette possibilité n'est valable que dans le chef des filiales ne disposant pas de compétences d'administration sur le plan des missions décrétales de la société d'investissement ou qui ne sont chargées que de la gestion de produits de financement spécifiques.
HOOFDSTUK V. - Coördinatie.
CHAPITRE V. - Coordination.
Art.8. § 1. De Vlaamse regering wordt ermee belast de bestaande wets- en decreetsbepalingen betreffende de investeringsmaatschappijen te wijzigen, aan te vullen, te vervangen of op te heffen, om ze in overeenstemming te brengen met de bepalingen van dit decreet en van het [1 Bestuursdecreet]1.
  De besluiten die krachtens deze paragraaf worden vastgesteld houden op uitwerking te hebben indien zij niet bij decreet zijn bekrachtigd binnen de 9 maanden na de datum van hun inwerkingtreding. De bekrachtiging werkt terug tot deze laatste datum.
  De in deze paragraaf aan de Vlaamse regering opgedragen bevoegdheid vervalt 9 maanden na de inwerkingtreding van dit decreet. Na die datum kunnen de besluiten die krachtens deze paragraaf zijn vastgesteld en zijn bekrachtigd alleen bij een decreet worden gewijzigd, aangevuld, vervangen of opgeheven.
  § 2. De Vlaamse regering wordt ermee belast de bepalingen van de wetten en decreten betreffende de investeringsmaatschappijen, alsook de bepalingen die daarin uitdrukkelijk of stilzwijgend wijzigingen hebben aangebracht tot het tijdstip van de coördinatie, te coördineren. Te dien einde kan de regering :
  1° de te coördineren bepalingen anders inrichten, inzonderheid opnieuw ordenen en vernummeren;
  2° de verwijzingen in de te coördineren bepalingen dienovereenkomstig vernummeren;
  3° de te coördineren bepalingen met het oog op onderlinge overeenstemming en eenheid van terminologie herschrijven zonder te raken aan de erin neergelegde beginselen;
  4° de verwijzingen naar de in de coördinatie opgenomen bepalingen die in andere niet in de coördinatie opgenomen bepalingen voorkomen naar de vorm aanpassen.
  De coördinatie treedt pas in werking nadat zij bij decreet is bekrachtigd.
  
Art.8. § 1er. Le Gouvernement flamand est chargé de modifier, compléter, remplacer ou abroger les dispositions légales et décrétales existantes relatives aux sociétés d'investissement, afin de les mettre en concordance avec les dispositions du présent décret et du [1 Décret de gouvernance]1.
  Les arrêtés pris en vertu du présent paragraphe cessent d'être en vigueur s'ils n'ont pas été sanctionnés par décret dans les 9 mois suivant la date de leur entrée en vigueur. La sanction rétroagit à cette dernière date.
  La compétence assignée au Gouvernement flamand dans le présent paragraphe, échoit 9 mois après l'entrée en vigueur du présent décret. Après cette date, les arrêtés établis et sanctionnés en vertu du présent paragraphe ne peuvent être modifiés, complétés, remplacés ou abrogés que par décret.
  § 2. Le Gouvernement flamand est chargé de coordonner les dispositions des lois et décrets relatifs aux sociétés d'investissement, ainsi que les dispositions qui y ont expressément ou tacitement apporté des modifications jusqu'au moment de la coordination. A cette fin, le Gouvernement est habilité à :
  1° réorganiser, notamment reclasser et renuméroter les dispositions à coordonner;
  2° renuméroter en conséquence les références dans les dispositions à coordonner;
  3° réécrire les dispositions à coordonner en vue de la concordance et l'harmonie de la terminologie, sans toucher aux principes y contenus;
  4° adapter la forme des références aux dispositions reprises dans la coordination, qui sont présentes dans d'autres dispositions non reprises dans la coordination.
  La coordination n'entre en vigueur qu'après sa ratification par décret.
  
HOOFDSTUK VI. - Opheffingsbepaling.
CHAPITRE VI. - Disposition abrogatoire.
Art.9. Het decreet van 13 juli 1994 betreffende de Vlaamse investeringsmaatschappijen wordt opgeheven.
Art.9. Le décret du 13 juillet 1994 relatif aux sociétés d'investissement flamandes est abrogé.
HOOFDSTUK VII. - Slotbepalingen.
CHAPITRE VII. - Dispositions finales.
Art. 11. De Vlaamse regering bepaalt de datum van inwerkingtreding van het decreet.
  (NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 19-05-2008 door BVR 2008-05-09/55, art. 1)
Art. 11. Le Gouvernement flamand arrête la date d'entrée en vigueur du décret.
  (NOTE : Entrée en vigueur fixée au 19-05-2008 par AGF 2008-05-09/55, art. 1)