Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
9 DECEMBER 2004. - Wet betreffende de financiering van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 17-01-2005 en tekstbijwerking tot 21-06-2024)
Titre
9 DECEMBRE 2004. - Loi relative au financement de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire. (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 17-01-2005 et mise à jour au 21-06-2024)
Documentinformatie
Numac: 2004022975
Datum: 2004-12-09
Info du document
Numac: 2004022975
Date: 2004-12-09
Inhoud
Tekst (28)
Texte (28)
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen.
CHAPITRE Ier. - Dispositions générales.
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
Article 1. La présente loi règle une matière visée à l'article 78 de la Constitution.
Art.2. Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder :
1° de wet van 4 februari 2000 : de wet van 4 februari 2000 houdende oprichting van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen;
2° het Agentschap : het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen;
3° de Minister : de Minister bevoegd voor de [1 veiligheid van de voedselketen]1;
4° de gedelegeerd bestuurder : de gedelegeerd bestuurder van het Agentschap;
5° het raadgevend comité : het raadgevend comité bedoeld in artikel 7 van de wet van 4 februari 2000;
6° product : elk product of elke materie behorend tot de bevoegdheid van het Agentschap krachtens de wet van 4 februari 2000;
7° [1 operator : de natuurlijke persoon, niet-werknemer, de onderneming in de zin van artikel 4 van de wet van 16 januari 2003 tot oprichting van een Kruispuntbank van Ondernemingen, tot modernisering van het handelsregister, tot oprichting van erkende ondernemingsloketten en houdende diverse bepalingen, of de vereniging, zowel publiek- als privaatrechtelijk, die al dan niet met winstoogmerk actief is, in enig stadium van de productie, verwerking en distributie van een product;]1
1° de wet van 4 februari 2000 : de wet van 4 februari 2000 houdende oprichting van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen;
2° het Agentschap : het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen;
3° de Minister : de Minister bevoegd voor de [1 veiligheid van de voedselketen]1;
4° de gedelegeerd bestuurder : de gedelegeerd bestuurder van het Agentschap;
5° het raadgevend comité : het raadgevend comité bedoeld in artikel 7 van de wet van 4 februari 2000;
6° product : elk product of elke materie behorend tot de bevoegdheid van het Agentschap krachtens de wet van 4 februari 2000;
7° [1 operator : de natuurlijke persoon, niet-werknemer, de onderneming in de zin van artikel 4 van de wet van 16 januari 2003 tot oprichting van een Kruispuntbank van Ondernemingen, tot modernisering van het handelsregister, tot oprichting van erkende ondernemingsloketten en houdende diverse bepalingen, of de vereniging, zowel publiek- als privaatrechtelijk, die al dan niet met winstoogmerk actief is, in enig stadium van de productie, verwerking en distributie van een product;]1
Art.2. Pour l'application de la présente loi, il faut entendre par :
1° la loi du 4 février 2000 : la loi du 4 février 2000 relative à la création de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire;
2° l'Agence : l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire;
3° le Ministre : le Ministre qui a la [1 sécurité de la chaîne alimentaire]1 dans ses attributions;
4° l'administrateur délégué : l'administrateur délégué de l'Agence;
5° le comité consultatif : le comité consultatif visé à l'article 7 de la loi du 4 février 2000;
6° produit : tout produit ou toute matière relevant des compétences de l'Agence en vertu de la loi du 4 février 2000;
7° [1 opérateur : la personne physique, non salariée, l'entreprise au sens de l'article 4 de la loi du 16 janvier 2003 portant création d'une Banque-Carrefour des entreprises, modernisation du registre de commerce, création de guichets-entreprises agréés et portant diverses dispositions, ou l'association de droit public ou de droit privé, assurant, dans un but lucratif ou non, des activités liées aux étapes de la production, de la transformation et de la distribution d'un produit;]1
1° la loi du 4 février 2000 : la loi du 4 février 2000 relative à la création de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire;
2° l'Agence : l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire;
3° le Ministre : le Ministre qui a la [1 sécurité de la chaîne alimentaire]1 dans ses attributions;
4° l'administrateur délégué : l'administrateur délégué de l'Agence;
5° le comité consultatif : le comité consultatif visé à l'article 7 de la loi du 4 février 2000;
6° produit : tout produit ou toute matière relevant des compétences de l'Agence en vertu de la loi du 4 février 2000;
7° [1 opérateur : la personne physique, non salariée, l'entreprise au sens de l'article 4 de la loi du 16 janvier 2003 portant création d'une Banque-Carrefour des entreprises, modernisation du registre de commerce, création de guichets-entreprises agréés et portant diverses dispositions, ou l'association de droit public ou de droit privé, assurant, dans un but lucratif ou non, des activités liées aux étapes de la production, de la transformation et de la distribution d'un produit;]1
Wijzigingen
HOOFDSTUK II. - Financiering.
CHAPITRE II. - Financement.
Art.3. § 1. Het Agentschap wordt gefinancierd door :
1° de kredieten ingeschreven op de uitgavenbegroting;
2° de heffingen opgelegd aan de operatoren met toepassing van artikel 4;
3° de retributies opgelegd aan de operatoren met toepassing van artikel 5;
4° de toevallige inkomsten;
5° de vrijwillige of contractuele bijdragen;
6° de ontvangsten afkomstig van de Europese Unie met betrekking tot zijn activiteiten;
7° de administratieve boetes voortvloeiend uit de uitoefening van zijn controlebevoegdheden;
8° de ingevorderde bedragen;
9° de ontvangsten van zijn laboratoria;
10° de schenkingen en legaten;
11° mits het akkoord van de Minister bevoegd voor Financiën, de opbrengst van de plaatsing van financiële reserves;
(12° de vergoedingen voor prestaties geleverd aan derden.) <W 2008-07-24/35, art. 73, 004; Inwerkingtreding : 17-08-2008>
§ 2. Mits het akkoord van de Minister bevoegd voor Financiën is het Agentschap gemachtigd leningen met Staatswaarborg aan te gaan en over zijn financiële reserves te beschikken.
1° de kredieten ingeschreven op de uitgavenbegroting;
2° de heffingen opgelegd aan de operatoren met toepassing van artikel 4;
3° de retributies opgelegd aan de operatoren met toepassing van artikel 5;
4° de toevallige inkomsten;
5° de vrijwillige of contractuele bijdragen;
6° de ontvangsten afkomstig van de Europese Unie met betrekking tot zijn activiteiten;
7° de administratieve boetes voortvloeiend uit de uitoefening van zijn controlebevoegdheden;
8° de ingevorderde bedragen;
9° de ontvangsten van zijn laboratoria;
10° de schenkingen en legaten;
11° mits het akkoord van de Minister bevoegd voor Financiën, de opbrengst van de plaatsing van financiële reserves;
(12° de vergoedingen voor prestaties geleverd aan derden.) <W 2008-07-24/35, art. 73, 004; Inwerkingtreding : 17-08-2008>
§ 2. Mits het akkoord van de Minister bevoegd voor Financiën is het Agentschap gemachtigd leningen met Staatswaarborg aan te gaan en over zijn financiële reserves te beschikken.
Art.3. § 1er. L'Agence est financée par :
1° les crédits inscrits au budget des dépenses;
2° les contributions, imposées aux opérateurs en application de l'article 4;
3° les rétributions, imposées aux opérateurs en application de l'article 5;
4° les recettes accidentelles;
5° les apports volontaires ou contractuels;
6° les recettes provenant de l'Union européenne relatives à ses activités;
7° les amendes administratives résultant de l'exercice de ses compétences de contrôle;
8° les sommes recouvrées;
9° les recettes de ses laboratoires;
10° les dons et legs;
11° moyennant l'accord du Ministre compétent pour les Finances, le produit du placement des réserves financières;
(12° les indemnités pour prestations fournies à des tiers.) <L 2008-07-24/35, art. 73, 004; En vigueur : 17-08-2008>
§ 2. L'Agence est autorisée, moyennant l'accord du Ministre compétent pour les Finances, à contracter des emprunts qui peuvent être garantis par l'Etat et à disposer de ses réserves financières.
1° les crédits inscrits au budget des dépenses;
2° les contributions, imposées aux opérateurs en application de l'article 4;
3° les rétributions, imposées aux opérateurs en application de l'article 5;
4° les recettes accidentelles;
5° les apports volontaires ou contractuels;
6° les recettes provenant de l'Union européenne relatives à ses activités;
7° les amendes administratives résultant de l'exercice de ses compétences de contrôle;
8° les sommes recouvrées;
9° les recettes de ses laboratoires;
10° les dons et legs;
11° moyennant l'accord du Ministre compétent pour les Finances, le produit du placement des réserves financières;
(12° les indemnités pour prestations fournies à des tiers.) <L 2008-07-24/35, art. 73, 004; En vigueur : 17-08-2008>
§ 2. L'Agence est autorisée, moyennant l'accord du Ministre compétent pour les Finances, à contracter des emprunts qui peuvent être garantis par l'Etat et à disposer de ses réserves financières.
Art.4. § 1. De Koning bepaalt, na advies van het raadgevend comité, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad het bedrag van de heffingen bedoeld in artikel 3, § 1, 2° evenals de termijnen en nadere regels van hun inning.
De bedragen worden vastgesteld in functie van de risico's voor de veiligheid van de voedselketen, verbonden aan het product of aan de activiteit van de operator.
Ze kunnen worden bepaald in functie van het niveau van de organisatie en de toepassing van het intern controlesysteem op de activiteit van de operator volgens de criteria vastgesteld in uitvoering van artikel 4, § 3, van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen.
Ze kunnen bovendien worden vastgesteld afhankelijk van de omvang van de activiteit van de operator evenals tot de hoeveelheid of de waarde van de producten.
§ 2. De Koning kan, na advies van het raadgevend comité, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad de heffingen vaststellen die het voorwerp kunnen zijn van een gehele of gedeeltelijke doorberekening onder de operatoren evenals van de nadere toepassingsregels daarvan.
De bedragen worden vastgesteld in functie van de risico's voor de veiligheid van de voedselketen, verbonden aan het product of aan de activiteit van de operator.
Ze kunnen worden bepaald in functie van het niveau van de organisatie en de toepassing van het intern controlesysteem op de activiteit van de operator volgens de criteria vastgesteld in uitvoering van artikel 4, § 3, van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen.
Ze kunnen bovendien worden vastgesteld afhankelijk van de omvang van de activiteit van de operator evenals tot de hoeveelheid of de waarde van de producten.
§ 2. De Koning kan, na advies van het raadgevend comité, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad de heffingen vaststellen die het voorwerp kunnen zijn van een gehele of gedeeltelijke doorberekening onder de operatoren evenals van de nadere toepassingsregels daarvan.
Art.4. § 1er. Le Roi, après avis du comité consultatif, détermine par arrêté délibéré en Conseil des Ministres le montant des contributions visées à l'article 3, § 1er, 2°, ainsi que les délais et modalités de leur perception.
Les montants sont fixés en fonction des risques pour la sécurité de la chaîne alimentaire liés au produit ou à l'activité de l'opérateur.
Ils peuvent être fixés en fonction du niveau d'organisation et d'application du système de contrôle interne de l'activité de l'opérateur, suivant les critères fixés en exécution de l'article 4, § 3, de l'arrêté royal du 22 février 2001 organisant les contrôles effectués par l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire et modifiant diverses dispositions légales.
Ils peuvent en outre être fixés en fonction de l'importance de l'activité de l'opérateur ainsi que de la quantité ou de la valeur des produits.
§ 2. Le Roi peut déterminer par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, après avis du comité consultatif, les contributions qui peuvent faire l'objet d'une répercussion, totale ou partielle, entre opérateurs ainsi que ses modalités d'application.
Les montants sont fixés en fonction des risques pour la sécurité de la chaîne alimentaire liés au produit ou à l'activité de l'opérateur.
Ils peuvent être fixés en fonction du niveau d'organisation et d'application du système de contrôle interne de l'activité de l'opérateur, suivant les critères fixés en exécution de l'article 4, § 3, de l'arrêté royal du 22 février 2001 organisant les contrôles effectués par l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire et modifiant diverses dispositions légales.
Ils peuvent en outre être fixés en fonction de l'importance de l'activité de l'opérateur ainsi que de la quantité ou de la valeur des produits.
§ 2. Le Roi peut déterminer par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, après avis du comité consultatif, les contributions qui peuvent faire l'objet d'une répercussion, totale ou partielle, entre opérateurs ainsi que ses modalités d'application.
Art.5. (§ 1.) <W 2007-12-21/38, art. 35, 003; Inwerkingtreding : 10-01-2008> De Koning bepaalt, voor de controles en prestaties van het Agentschap, na advies van het raadgevend comité, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, het bedrag van de retributies (bedoeld in artikel 3, § 1, 3° en 12°), evenals de termijnen en nadere regels van hun inning. <W 2008-07-24/35, art. 74, 1°, 004; Inwerkingtreding : 17-08-2008>
(§ 2. Hij kan de [1 ...]1 verenigingen of organismen, natuurlijke en privaat- of publiekrechtelijke rechtspersonen aanwijzen als rechthebbenden van deze (retributies) en deze belasten met de inning hiervan. Hij stelt ook de voorwaarden vast waaraan deze organismen moeten voldoen om erkend te worden door de minister.)<W 2007-12-21/38, art. 35, 003; Inwerkingtreding : 10-01-2008> <W 2008-07-24/35, art. 74, 2°, 004; Inwerkingtreding : 17-08-2008>
[1 Hij kan bepalen dat het Agentschap gehouden is de door de operatoren onbetaald gebleven retributies te betalen aan de rechthebbende die hij aanwijst.]1
(§ 2. Hij kan de [1 ...]1 verenigingen of organismen, natuurlijke en privaat- of publiekrechtelijke rechtspersonen aanwijzen als rechthebbenden van deze (retributies) en deze belasten met de inning hiervan. Hij stelt ook de voorwaarden vast waaraan deze organismen moeten voldoen om erkend te worden door de minister.)<W 2007-12-21/38, art. 35, 003; Inwerkingtreding : 10-01-2008> <W 2008-07-24/35, art. 74, 2°, 004; Inwerkingtreding : 17-08-2008>
[1 Hij kan bepalen dat het Agentschap gehouden is de door de operatoren onbetaald gebleven retributies te betalen aan de rechthebbende die hij aanwijst.]1
Art.5. (§ 1er.) <L 2007-12-21/38, art. 35, 003; En vigueur : 10-01-2008> Le Roi, après avis du comité consultatif, détermine par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, pour les contrôles et prestations de l'Agence, le montant des rétributions (visées à l'article 3, § 1er, 3° et 12°) ainsi que les délais et modalités de leur perception. <L 2008-07-24/35, art. 74, 1°, 004; En vigueur : 17-08-2008>
(§ 2. Il peut désigner les associations ou organismes, personnes physiques et morales de droit privé ou de droit public [1 ...]1 comme bénéficiaires de ces rétributions et les charger de leur perception. Il fixe ainsi les conditions auxquelles ces organismes doivent satisfaire pour être agréés par le ministre.) <L 2007-12-21/38, art. 35, 003; En vigueur : 10-01-2008>
[1 Il peut prévoir que l'Agence est redevable des rétributions restées impayées par les opérateurs auprès du bénéficiaire qu'Il désigne.]1
(§ 2. Il peut désigner les associations ou organismes, personnes physiques et morales de droit privé ou de droit public [1 ...]1 comme bénéficiaires de ces rétributions et les charger de leur perception. Il fixe ainsi les conditions auxquelles ces organismes doivent satisfaire pour être agréés par le ministre.) <L 2007-12-21/38, art. 35, 003; En vigueur : 10-01-2008>
[1 Il peut prévoir que l'Agence est redevable des rétributions restées impayées par les opérateurs auprès du bénéficiaire qu'Il désigne.]1
Wijzigingen
Art.6. § 1. De Koning is gemachtigd om, binnen de beperkingen opgelegd aan de uitvoering van de artikelen 4 en 5, de bepalingen van de wetten bedoeld bij artikel 5 van de wet van 4 februari 2000, evenals van de wet van 24 december 1976 betreffende de budgettaire voorstellen 1976-1977, van de organieke wet van 27 december 1990 houdende oprichting van begrotingsfondsen, van de wet van 17 maart 1993 betreffende de oprichting van een begrotingsfonds voor de productie en de bescherming van planten en plantaardige producten, van de wet van 23 maart 1998 betreffende de oprichting van een begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en dierlijke producten, evenals van het koninklijk besluit van 28 september 1999 tot vaststelling van sommige rechten ten voordele van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 betreffende de financiering van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen op te heffen, aan te vullen, te wijzigen, te vervangen en te coördineren.
§ 2. De aan de Koning bij § 1 verleende machtigingen vervallen twee jaar na de inwerkingtreding van deze wet.
§ 2. De aan de Koning bij § 1 verleende machtigingen vervallen twee jaar na de inwerkingtreding van deze wet.
Art.6. § 1er. Le Roi est habilité, dans les limites de l'exécution des articles 4 et 5, à abroger, compléter, modifier, remplacer et coordonner les dispositions légales des lois visées à l'article 5 de la loi du 4 février 2000, ainsi que de la loi du 24 décembre 1976 relative aux propositions budgétaires 1976-1977, de la loi organique du 27 décembre 1990 créant des fonds budgétaires, de la loi du 17 mars 1993 relative à la création d'un fonds budgétaire pour la production et la protection des végétaux et produits végétaux, de la loi du 23 mars 1998 relative à la création d'un fonds budgétaire pour la santé et la qualité des animaux et produits animaux ainsi que de l'arrêté royal du 28 septembre 1999 fixant certains droits en faveur de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire et de l'arrêté royal du 22 février 2001 relatif au financement de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire.
§ 2. Les habilitations conférées au Roi par le § 1er expirent deux ans après l'entrée en vigueur de la présente loi.
§ 2. Les habilitations conférées au Roi par le § 1er expirent deux ans après l'entrée en vigueur de la présente loi.
Art.7. De koninklijke besluiten genomen met toepassing van de artikelen 4 en 6 zijn van rechtswege opgeheven met terugwerkende kracht tot de datum van hun inwerkingtreding wanneer ze niet door de wetgever werden bekrachtigd binnen de achttien maanden volgend op hun bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.
Art.7. Les arrêtés royaux pris en exécution des articles 4 et 6 sont abrogés de plein droit avec effet rétroactif à la date de leur entrée en vigueur lorsqu'ils n'ont pas été confirmés par le législateur dans les dix-huit mois de leur publication au Moniteur belge.
Art.8. De Koning kan, na advies van het raadgevend comité, met het oog op het waarborgen van de betaling van de [1 heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria]1, elke operator verplichten een borgsom te storten, waarvan Hij de bedragen en de nadere regels bepaalt.
Art.8. Le Roi, après avis du comité consultatif, peut imposer, en vue de garantir le paiement des [1 contributions, rétributions et recettes de laboratoires ]1, la constitution par tout opérateur, d'un cautionnement dont Il fixe les montants et modalités.
Wijzigingen
Art.9. De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de nadere regels en het bedrag vastleggen van een bijzondere provisie, bedoeld om de werkingskosten verbonden aan het beheer van onvoorziene incidenten binnen de voedselketen te financieren.
Art.9. Le Roi peut, par arrêté royal délibéré en Conseil des Ministres, fixer les modalités et le montant d'une provision spécifique, pour financer les coûts opérationnels liés à la gestion d'incidents imprévus dans la chaîne alimentaire.
Art.10. De heffingen en retributies bedoeld in de artikelen 4 en 5 worden jaarlijks aangepast aan de evolutie van het indexcijfer der consumptieprijzen van het Rijk, in functie van het indexcijfer van de maand [1 september]1.
Het basisindexcijfer is dat van de maand oktober voorafgaand aan de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van het koninklijk besluit tot vaststelling van het bedrag van de heffing of van de retributie.
De geïndexeerde bedragen verschijnen in het Belgisch Staatsblad en zijn van toepassing op de heffingen en retributies opeisbaar vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op dat gedurende hetwelk de aanpassing is uitgevoerd.
Het basisindexcijfer is dat van de maand oktober voorafgaand aan de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van het koninklijk besluit tot vaststelling van het bedrag van de heffing of van de retributie.
De geïndexeerde bedragen verschijnen in het Belgisch Staatsblad en zijn van toepassing op de heffingen en retributies opeisbaar vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op dat gedurende hetwelk de aanpassing is uitgevoerd.
Art.10. Les contributions et rétributions visées aux articles 4 et 5 sont adaptées annuellement, en fonction de l'indice du mois [1 de septembre]1, à l'évolution de l'indice des prix à la consommation du Royaume.
L'indice de départ est celui du mois d'octobre précédant la publication au Moniteur belge de l'arrêté royal fixant le montant de la contribution ou de la rétribution.
Les montants indexés sont publiés au Moniteur belge et sont applicables aux contributions et rétributions exigibles à partir du 1er janvier de l'année qui suit celle durant laquelle l'adaptation a été effectuée.
L'indice de départ est celui du mois d'octobre précédant la publication au Moniteur belge de l'arrêté royal fixant le montant de la contribution ou de la rétribution.
Les montants indexés sont publiés au Moniteur belge et sont applicables aux contributions et rétributions exigibles à partir du 1er janvier de l'année qui suit celle durant laquelle l'adaptation a été effectuée.
Wijzigingen
HOOFDSTUK III. - Administratieve procedures en sancties.
CHAPITRE III. - Procédures et sanctions administratives.
Art.11. [1 § 1. Het bedrag van de [2 heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria]2 dat bij het verstrijken van de betaaltermijn niet is betaald wordt automatisch en van rechtswege vermeerderd met 10 % .
Er wordt bij een ter post aangetekende brief een aanmaning verzonden waarin een [5 ...]5 betaaldatum wordt [5 vermeld]5.
Het bedrag van de [2 heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria]2 en dat van de vermeerdering worden [5 ...]5 van rechtswege verdubbeld als zij nog niet zijn betaald op de [5 ...]5 betaaldatum.
Als de betaling dan nog geheel of gedeeltelijk uitblijft wordt een ingebrekestelling verzonden [5 waarin een uiterste betaaldatum wordt vermeld]5.
[5 De factuur, de betalingsherinnering en de ingebrekestelling hernemen de tekst van dit artikel en van artikel 11/1.]5
De Koning stelt de termijnen en de wijze van kennisgeving van de aanmaning en de ingebrekestelling vast.
§ 2. [5 De operator kan, tot aan de in paragraaf 1, vierde lid, bedoelde vervaldatum, bij een ter post aangetekende brief of via elk ander middel dat aan de zending een zekere datum verleent, bij de gedelegeerd bestuurder van het Agentschap een met redenen omkleed administratief beroep indienen.]5
Dat beroep schorst de termijn voor het verzenden van de aanmaning en de ingebrekestelling.
[5 Op straffe van nietigheid bevat het beroep:
1° de handtekening van de operator of, in het geval van een rechtspersoon, de handtekeningen van de personen die de rechtspersoon van rechtswege vertegenwoordigen;
2° de vermelding van de wil van de operator om al dan niet gehoord te worden;
3° het ondernemingsnummer van de operator;
en
4° de identificatie van het betwiste stuk.
Indien geen administratief beroep wordt ingediend binnen de in het eerste lid bedoelde termijn, worden de heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria definitief.]5
[5 Binnen 90 kalenderdagen vanaf de kennisgeving van dit beroep door de operator, betekent de gedelegeerd bestuurder of zijn afgevaardigde zijn beslissing aan de operator nadat de betrokkene, indien hij hierom heeft verzocht, is gehoord of correct is opgeroepen.
Indien het beroep ongegrond is verklaard, vermeldt de beslissing een nieuw verzoek tot betaling van het verschuldigde bedrag, vermeerderd of verdubbeld, in overeenstemming met de bepalingen van paragraaf 1, eerste tot vierde lid.]5
[5 Indien de beslissing niet is betekend binnen de in het vijfde lid bedoelde termijn, kan de operator de zaak aanhangig maken bij de bevoegde rechtbank.
De in het vijfde lid bedoelde beslissing herneemt de tekst van paragraaf 2ter van dit artikel en van artikel 11/1.]5
§ 2bis. [2 De operator die tijdelijk in de onmogelijkheid verkeert om de heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria binnen de termijn te betalen, [4 omwille van een geval van overmacht, ]4 kan bij ter post aangetekende brief [5 of van elk ander middel dat aan de zending een zekere datum verleent]5 bij de gedelegeerd bestuurder een met redenen omklede aanvraag om afbetalingstermijnen indienen met toevoeging van bewijsstukken.]2
Die aanvraag schorst de toepassing van de in paragraaf 1, eerste en tweede lid, bedoelde maatregelen.
De gedelegeerd bestuurder [4 of zijn afgevaardigde]4 kan, rekening houdende met de situatie van de operator, de betaling van het verschuldigde bedrag uitstellen met of spreiden over ten hoogste twee jaar.
Er kan geen afbetalingsplan worden toegestaan zolang nog een vorig afbetalingsplan loopt.
De beslissing van de gedelegeerd bestuurder [4 of zijn afgevaardigde]4 wordt aan de operator betekend.
De beslissing tot weigering van de toekenning van afbetalingstermijnen brengt automatisch de toepassing met zich mee van de in paragraaf 1, eerste en tweede lid bedoelde maatregelen.
Niet-naleving van het afbetalingsplan leidt van rechtswege tot verval van de termijnbepaling en tot onmiddellijke toepassing van de in paragraaf 1, eerste en tweede lid, bedoelde maatregelen.]1
[5 § 2ter. Als een administratief beroep wordt ingediend overeenkomstig paragraaf 2, worden de heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria definitief:
1° na het verstrijken van een termijn van 30 dagen indien de operator geen beroep heeft ingediend bij de bevoegde rechtbank na kennis te hebben genomen van de in paragraaf 2, vijfde lid, bedoelde beslissing of na het verstrijken van een termijn van 30 kalenderdagen indien de operator geen beroep heeft ingediend bij de bevoegde rechtbank te rekenen vanaf het verstrijken van de in paragraaf 2, vijfde lid, bedoelde termijn.
Op straffe van verval wordt het beroep ingediend overeenkomstig de artikelen 1034bis en volgende van het Gerechtelijk Wetboek;
of
2° als de heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria zijn vastgesteld door een vonnis of arrest met kracht van gewijsde.
De operator verwittigt het Agentschap via e-mail of via een ander schriftelijk elektronisch middel zodra hij een gerechtelijk beroep indient.]5
§ 3. Wanneer de controles onmogelijk of bemoeilijkt zijn of wanneer de vereiste documenten of gegevens ontbreken of onjuist zijn, wordt het bedrag van de heffingen [3 en de retributies]3 ambtshalve vastgesteld op grond van de verzamelde indiciën.
Er wordt bij een ter post aangetekende brief een aanmaning verzonden waarin een [5 ...]5 betaaldatum wordt [5 vermeld]5.
Het bedrag van de [2 heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria]2 en dat van de vermeerdering worden [5 ...]5 van rechtswege verdubbeld als zij nog niet zijn betaald op de [5 ...]5 betaaldatum.
Als de betaling dan nog geheel of gedeeltelijk uitblijft wordt een ingebrekestelling verzonden [5 waarin een uiterste betaaldatum wordt vermeld]5.
[5 De factuur, de betalingsherinnering en de ingebrekestelling hernemen de tekst van dit artikel en van artikel 11/1.]5
De Koning stelt de termijnen en de wijze van kennisgeving van de aanmaning en de ingebrekestelling vast.
§ 2. [5 De operator kan, tot aan de in paragraaf 1, vierde lid, bedoelde vervaldatum, bij een ter post aangetekende brief of via elk ander middel dat aan de zending een zekere datum verleent, bij de gedelegeerd bestuurder van het Agentschap een met redenen omkleed administratief beroep indienen.]5
Dat beroep schorst de termijn voor het verzenden van de aanmaning en de ingebrekestelling.
[5 Op straffe van nietigheid bevat het beroep:
1° de handtekening van de operator of, in het geval van een rechtspersoon, de handtekeningen van de personen die de rechtspersoon van rechtswege vertegenwoordigen;
2° de vermelding van de wil van de operator om al dan niet gehoord te worden;
3° het ondernemingsnummer van de operator;
en
4° de identificatie van het betwiste stuk.
Indien geen administratief beroep wordt ingediend binnen de in het eerste lid bedoelde termijn, worden de heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria definitief.]5
[5 Binnen 90 kalenderdagen vanaf de kennisgeving van dit beroep door de operator, betekent de gedelegeerd bestuurder of zijn afgevaardigde zijn beslissing aan de operator nadat de betrokkene, indien hij hierom heeft verzocht, is gehoord of correct is opgeroepen.
Indien het beroep ongegrond is verklaard, vermeldt de beslissing een nieuw verzoek tot betaling van het verschuldigde bedrag, vermeerderd of verdubbeld, in overeenstemming met de bepalingen van paragraaf 1, eerste tot vierde lid.]5
[5 Indien de beslissing niet is betekend binnen de in het vijfde lid bedoelde termijn, kan de operator de zaak aanhangig maken bij de bevoegde rechtbank.
De in het vijfde lid bedoelde beslissing herneemt de tekst van paragraaf 2ter van dit artikel en van artikel 11/1.]5
§ 2bis. [2 De operator die tijdelijk in de onmogelijkheid verkeert om de heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria binnen de termijn te betalen, [4 omwille van een geval van overmacht, ]4 kan bij ter post aangetekende brief [5 of van elk ander middel dat aan de zending een zekere datum verleent]5 bij de gedelegeerd bestuurder een met redenen omklede aanvraag om afbetalingstermijnen indienen met toevoeging van bewijsstukken.]2
Die aanvraag schorst de toepassing van de in paragraaf 1, eerste en tweede lid, bedoelde maatregelen.
De gedelegeerd bestuurder [4 of zijn afgevaardigde]4 kan, rekening houdende met de situatie van de operator, de betaling van het verschuldigde bedrag uitstellen met of spreiden over ten hoogste twee jaar.
Er kan geen afbetalingsplan worden toegestaan zolang nog een vorig afbetalingsplan loopt.
De beslissing van de gedelegeerd bestuurder [4 of zijn afgevaardigde]4 wordt aan de operator betekend.
De beslissing tot weigering van de toekenning van afbetalingstermijnen brengt automatisch de toepassing met zich mee van de in paragraaf 1, eerste en tweede lid bedoelde maatregelen.
Niet-naleving van het afbetalingsplan leidt van rechtswege tot verval van de termijnbepaling en tot onmiddellijke toepassing van de in paragraaf 1, eerste en tweede lid, bedoelde maatregelen.]1
[5 § 2ter. Als een administratief beroep wordt ingediend overeenkomstig paragraaf 2, worden de heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria definitief:
1° na het verstrijken van een termijn van 30 dagen indien de operator geen beroep heeft ingediend bij de bevoegde rechtbank na kennis te hebben genomen van de in paragraaf 2, vijfde lid, bedoelde beslissing of na het verstrijken van een termijn van 30 kalenderdagen indien de operator geen beroep heeft ingediend bij de bevoegde rechtbank te rekenen vanaf het verstrijken van de in paragraaf 2, vijfde lid, bedoelde termijn.
Op straffe van verval wordt het beroep ingediend overeenkomstig de artikelen 1034bis en volgende van het Gerechtelijk Wetboek;
of
2° als de heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria zijn vastgesteld door een vonnis of arrest met kracht van gewijsde.
De operator verwittigt het Agentschap via e-mail of via een ander schriftelijk elektronisch middel zodra hij een gerechtelijk beroep indient.]5
§ 3. Wanneer de controles onmogelijk of bemoeilijkt zijn of wanneer de vereiste documenten of gegevens ontbreken of onjuist zijn, wordt het bedrag van de heffingen [3 en de retributies]3 ambtshalve vastgesteld op grond van de verzamelde indiciën.
Wijzigingen
Art.11. [1 § 1er. Le montant des [2 contributions, rétributions et recettes de laboratoires]2, impayé à l'échéance de paiement, est de plein droit et automatiquement majoré de 10 % .
Il est envoyé par recommandé un rappel de paiement qui [5 mentionne]5 un [5 ...]5 délai de paiement.
Le montant des [2 contributions, rétributions et recettes de laboratoires]2, ainsi que celui de la majoration sont [5 ...]5 de plein droit doublés lorsqu'ils demeurent impayés à l'échéance [5 du]5 délai de paiement.
En cas de persistance de non paiement total ou partiel, il est adressé une mise en demeure, [5 mentionnant un ultime délai de paiement]5.
[5 La facture, le rappel de paiement et la mise en demeure reproduisent le texte du présent article et de l'article 11/1.]5
Le Roi fixe les délais et modalités de notification des rappel et mise en demeure.
§ 2. [5 Jusqu'à l'échéance visée au paragraphe 1er, alinéa 4, l'opérateur peut introduire par envoi recommandé ou tout autre moyen conférant une date certaine à l'envoi auprès de l'administrateur délégué de l'Agence un recours administratif motivé.]5
Ce recours suspend le délai d'envoi des rappel et mise en demeure.
[5 Sous peine de nullité, l'acte de recours comprend:
1° la signature de l'opérateur ou, dans le cas d'une personne morale, les signatures des personnes qui représentent de droit la personne morale;
2° l'indication de la volonté de l'opérateur d'être entendu ou non;
3° le numéro d'entreprise de l'opérateur;
et
4° l'identification de la pièce contestée.
A défaut de recours administratif introduit dans le délai visé à l'alinéa 1er, les contributions, rétributions et recettes de laboratoires deviennent définitives.]5
[5 Dans les 90 jours calendrier à partir de la notification de ce recours par l'opérateur, l'administrateur délégué ou son délégué notifie sa décision à l'opérateur après que l'intéressé, s'il l'a demandé, a été entendu ou dûment convoqué.
Dans le cas où le recours a été déclaré non fondé, la décision reprend une nouvelle invitation à payer le montant dû, majoré ou doublé, conformément aux dispositions du paragraphe 1er, alinéas 1er à 4.]5
[5 A défaut de notification de décision dans le délai visé à l'alinéa 5, l'opérateur peut saisir le tribunal compétent.
La décision visée à l'alinéa 5 reproduit le texte du paragraphe 2ter du présent article et de l'article 11/1.]5
§ 2bis. [2 L'opérateur qui se trouve dans l'impossibilité temporaire de payer les contributions, rétributions et recettes de laboratoires dans le délai [4 en raison d'un cas de force majeure]4, peut introduire, par lettre recommandée à la poste [5 ou tout autre moyen conférant une date certaine à l'envoi]5, auprès de l'administrateur délégué une demande motivée de termes et délais, à laquelle sont joints les documents probants.]2
Cette demande suspend l'application des mesures visés au paragraphe 1er, alinéas 1er et 2.
L'administrateur délégué, [4 ou son délégué,]4 compte tenu de la situation de l'opérateur, peut reporter ou échelonner, dans la limite de deux années, le paiement du montant dû.
Il ne peut être octroyé de plan d'apurement durant le cours d'un précédent plan d'apurement.
La décision de l'administrateur délégué [4 ou de son délégué,]4 est notifiée à l'opérateur.
La décision de refus d'octroi de termes et délais entraîne automatiquement l'application des mesures visées au paragraphe 1er, alinéas 1er et 2.
Le non respect du plan d'apurement déclenche de plein droit la déchéance du terme ainsi que l'application immédiate des mesures visées au paragraphe 1er, alinéas 1er et 2.]1
[5 § 2ter. Si un recours administratif a été introduit conformément au paragraphe 2, les contributions, rétributions et recettes de laboratoires deviennent définitives:
1° à l'échéance d'un délai de 30 jours, si l'opérateur n'a pas introduit de recours auprès du tribunal compétent après avoir pris connaissance de la décision visée au paragraphe 2, alinéa 5, ou à l'échéance d'un délai de 30 jours calendrier si l'opérateur n'a pas introduit de recours auprès du tribunal compétent à compter de l'expiration du délai visé au paragraphe 2, alinéa 5.
A peine de forclusion, le recours est introduit conformément aux articles 1034bis et suivants du Code judiciaire;
ou
2° si les contributions, rétributions et recettes de laboratoires ont été fixées par un jugement ou arrêt avec force de chose jugée.
L'opérateur avertit l'Agence par courrier électronique ou par un autre moyen électronique écrit dès qu'il introduit un recours judiciaire.]5
§ 3. Lorsque les contrôles sont impossibles ou rendus plus difficiles ou lorsque des documents ou données requis manquent ou sont inexacts, le montant des contributions [3 et des rétributions]3 est établi d'office sur base des indices recueillis.
Il est envoyé par recommandé un rappel de paiement qui [5 mentionne]5 un [5 ...]5 délai de paiement.
Le montant des [2 contributions, rétributions et recettes de laboratoires]2, ainsi que celui de la majoration sont [5 ...]5 de plein droit doublés lorsqu'ils demeurent impayés à l'échéance [5 du]5 délai de paiement.
En cas de persistance de non paiement total ou partiel, il est adressé une mise en demeure, [5 mentionnant un ultime délai de paiement]5.
[5 La facture, le rappel de paiement et la mise en demeure reproduisent le texte du présent article et de l'article 11/1.]5
Le Roi fixe les délais et modalités de notification des rappel et mise en demeure.
§ 2. [5 Jusqu'à l'échéance visée au paragraphe 1er, alinéa 4, l'opérateur peut introduire par envoi recommandé ou tout autre moyen conférant une date certaine à l'envoi auprès de l'administrateur délégué de l'Agence un recours administratif motivé.]5
Ce recours suspend le délai d'envoi des rappel et mise en demeure.
[5 Sous peine de nullité, l'acte de recours comprend:
1° la signature de l'opérateur ou, dans le cas d'une personne morale, les signatures des personnes qui représentent de droit la personne morale;
2° l'indication de la volonté de l'opérateur d'être entendu ou non;
3° le numéro d'entreprise de l'opérateur;
et
4° l'identification de la pièce contestée.
A défaut de recours administratif introduit dans le délai visé à l'alinéa 1er, les contributions, rétributions et recettes de laboratoires deviennent définitives.]5
[5 Dans les 90 jours calendrier à partir de la notification de ce recours par l'opérateur, l'administrateur délégué ou son délégué notifie sa décision à l'opérateur après que l'intéressé, s'il l'a demandé, a été entendu ou dûment convoqué.
Dans le cas où le recours a été déclaré non fondé, la décision reprend une nouvelle invitation à payer le montant dû, majoré ou doublé, conformément aux dispositions du paragraphe 1er, alinéas 1er à 4.]5
[5 A défaut de notification de décision dans le délai visé à l'alinéa 5, l'opérateur peut saisir le tribunal compétent.
La décision visée à l'alinéa 5 reproduit le texte du paragraphe 2ter du présent article et de l'article 11/1.]5
§ 2bis. [2 L'opérateur qui se trouve dans l'impossibilité temporaire de payer les contributions, rétributions et recettes de laboratoires dans le délai [4 en raison d'un cas de force majeure]4, peut introduire, par lettre recommandée à la poste [5 ou tout autre moyen conférant une date certaine à l'envoi]5, auprès de l'administrateur délégué une demande motivée de termes et délais, à laquelle sont joints les documents probants.]2
Cette demande suspend l'application des mesures visés au paragraphe 1er, alinéas 1er et 2.
L'administrateur délégué, [4 ou son délégué,]4 compte tenu de la situation de l'opérateur, peut reporter ou échelonner, dans la limite de deux années, le paiement du montant dû.
Il ne peut être octroyé de plan d'apurement durant le cours d'un précédent plan d'apurement.
La décision de l'administrateur délégué [4 ou de son délégué,]4 est notifiée à l'opérateur.
La décision de refus d'octroi de termes et délais entraîne automatiquement l'application des mesures visées au paragraphe 1er, alinéas 1er et 2.
Le non respect du plan d'apurement déclenche de plein droit la déchéance du terme ainsi que l'application immédiate des mesures visées au paragraphe 1er, alinéas 1er et 2.]1
[5 § 2ter. Si un recours administratif a été introduit conformément au paragraphe 2, les contributions, rétributions et recettes de laboratoires deviennent définitives:
1° à l'échéance d'un délai de 30 jours, si l'opérateur n'a pas introduit de recours auprès du tribunal compétent après avoir pris connaissance de la décision visée au paragraphe 2, alinéa 5, ou à l'échéance d'un délai de 30 jours calendrier si l'opérateur n'a pas introduit de recours auprès du tribunal compétent à compter de l'expiration du délai visé au paragraphe 2, alinéa 5.
A peine de forclusion, le recours est introduit conformément aux articles 1034bis et suivants du Code judiciaire;
ou
2° si les contributions, rétributions et recettes de laboratoires ont été fixées par un jugement ou arrêt avec force de chose jugée.
L'opérateur avertit l'Agence par courrier électronique ou par un autre moyen électronique écrit dès qu'il introduit un recours judiciaire.]5
§ 3. Lorsque les contrôles sont impossibles ou rendus plus difficiles ou lorsque des documents ou données requis manquent ou sont inexacts, le montant des contributions [3 et des rétributions]3 est établi d'office sur base des indices recueillis.
Wijzigingen
Art.11/1. [1 De invordering van de heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria die definitief zijn geworden overeenkomstig artikel 11, paragrafen 2 en 2ter, of na een in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing, gebeurt op verzoek van het Agentschap door de administratie van de Federale Overheidsdienst Financiën die belast is met de inning en de invordering van de fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen, overeenkomstig de artikelen 3 en volgende van de domaniale wet van 22 december 1949.]1
Art.11/1. [1 Le recouvrement des contributions, rétributions et recettes de laboratoires devenues définitives conformément à l'article 11, paragraphes 2 et 2ter, ou suite à une décision judiciaire ayant force de chose jugée, s'opère à la demande de l'Agence par l'administration du Service public fédéral Finances en charge de la perception et du recouvrement des créances fiscales et non fiscales, conformément aux articles 3 et suivants de la loi domaniale du 22 décembre 1949.]1
Art.11/2. [1 De heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria vastgesteld door en krachtens deze wet verjaren na het verstrijken van 10 jaar vanaf de datum waarop ze betaald moeten worden, behalve indien een beroep is ingediend overeenkomstig artikel 11, paragrafen 2 en 2ter. In dat laatste geval verjaren de heffingen, retributies en ontvangsten van laboratoria na het verstrijken van tien jaar vanaf de datum waarop ze definitief zijn geworden.]1
Art.11/2. [1 Les contributions, rétributions et recettes de laboratoires fixées par et en vertu de la présente loi se prescrivent par l'écoulement de dix années à partir de la date à laquelle elles doivent être payées, sauf si un recours a été introduit conformément à l'article 11, paragraphes 2 et 2ter, auquel cas les contributions, rétributions et recettes de laboratoires se prescrivent par l'écoulement de dix années à partir de la date à laquelle elles sont devenues définitives.]1
Art.12. § 1. [3 Elke door de minister of door het Agentschap aan een operator toegekende erkenning of toelating alsook, in voorkomend geval, de uitvoering van de keuring en van analyses en de aflevering van certificaten, erkenningen en toelatingen mogen worden opgeschort vanaf de dag waarop de in artikel 4 bedoelde heffingen of onbetaalde inkomsten van laboratoria oninvorderbaar worden verklaard door de administratie van de Federale Overheidsdienst Financiën die belast is met de inning en de invordering van de fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen of vanaf de dag waarop de in artikel 5 bedoelde retributies definitief worden overeenkomstig artikel 11.
Voormelde maatregelen nemen een einde op de eerste werkdag volgend op die waarop de verschuldigde sommen, inbegrepen de vermeerderingen en verdubbelingen, effectief op de rekening van het Agentschap werden gecrediteerd.
De tekst van deze paragraaf wordt hernomen in de ingebrekestelling en in de beslissing van de gedelegeerd bestuurder bedoeld in artikel 11, paragraaf 2, vijfde lid.]3
§ 2. [Wanneer wordt vastgesteld dat de operator zich verzet tegen de in artikel 15 bedoelde onderzoeken of deze bemoeilijkt, of onjuiste of onvolledige inlichtingen, documenten of aangiftes verstrekt, of deze niet verstrekt, worden, in voorkomend geval, de erkenning of toelating, toegekend aan de operator door de minister of door het Agentschap, evenals, de uitvoering van de keuring [2 , de verwezenlijking van de analyses]2 en de aflevering van de certificaten opgeschort.
Deze schorsing wordt betekend aan de operator en heeft onmiddellijk uitwerking.
De voornoemde maatregelen nemen een einde wanneer vastgesteld is dat de operator zich schikt naar de vereisten van de controle.] <W 2007-12-21/38, art. 36, 2°, 003; Inwerkingtreding : 10-01-2008>
Voormelde maatregelen nemen een einde op de eerste werkdag volgend op die waarop de verschuldigde sommen, inbegrepen de vermeerderingen en verdubbelingen, effectief op de rekening van het Agentschap werden gecrediteerd.
De tekst van deze paragraaf wordt hernomen in de ingebrekestelling en in de beslissing van de gedelegeerd bestuurder bedoeld in artikel 11, paragraaf 2, vijfde lid.]3
§ 2. [Wanneer wordt vastgesteld dat de operator zich verzet tegen de in artikel 15 bedoelde onderzoeken of deze bemoeilijkt, of onjuiste of onvolledige inlichtingen, documenten of aangiftes verstrekt, of deze niet verstrekt, worden, in voorkomend geval, de erkenning of toelating, toegekend aan de operator door de minister of door het Agentschap, evenals, de uitvoering van de keuring [2 , de verwezenlijking van de analyses]2 en de aflevering van de certificaten opgeschort.
Deze schorsing wordt betekend aan de operator en heeft onmiddellijk uitwerking.
De voornoemde maatregelen nemen een einde wanneer vastgesteld is dat de operator zich schikt naar de vereisten van de controle.] <W 2007-12-21/38, art. 36, 2°, 003; Inwerkingtreding : 10-01-2008>
Art.12. § 1er. [3 Tout agrément, autorisation, accordé à un opérateur par le ministre ou par l'Agence ainsi que, le cas échéant, l'exécution de l'expertise, la réalisation d'analyses et la délivrance de certificats, agréments, autorisations, peuvent être suspendus à partir du jour où des contributions visées à l'article 4 ou recettes de laboratoires impayées sont déclarées irrécouvrables par l'administration du Service public fédéral Finances en charge de la perception et du recouvrement des créances fiscales et non fiscales ou à partir du jour où des rétributions visées à l'article 5 deviennent définitives conformément à l'article 11.
Les mesures précitées cessent leurs effets le premier jour ouvrable qui suit celui où les montants dus, y compris les majorations et doublements, ont été effectivement crédités au compte de l'Agence.
Le texte du présent paragraphe est reproduit dans la mise en demeure et dans la décision de l'administrateur délégué visée à l'article 11, paragraphe 2, alinéa 5.]3
§ 2. [Lorsqu'il est constaté que l'opérateur s'oppose aux investigations visées à l'article 15 ou les rend plus difficiles, ou fournit des renseignements, documents ou déclarations inexacts ou incomplets, ou encore s'abstient de les fournir, l'agrément ou l'autorisation accordé, le cas échéant, à l'opérateur par le ministre ou par l'Agence, ainsi que, s'il échet, l'exécution de l'expertise [2 , la réalisation d'analyses]2 et la délivrance de certificats sont suspendus.
Cette suspension est notifiée à l'opérateur et prend effet immédiatement.
Les mesures précitées cessent leurs effets lorsqu'il est constaté que l'opérateur se conforme aux exigences du contrôle.] <L 2007-12-21/38, art. 36, 2°, 003; En vigueur : 10-01-2008>
Les mesures précitées cessent leurs effets le premier jour ouvrable qui suit celui où les montants dus, y compris les majorations et doublements, ont été effectivement crédités au compte de l'Agence.
Le texte du présent paragraphe est reproduit dans la mise en demeure et dans la décision de l'administrateur délégué visée à l'article 11, paragraphe 2, alinéa 5.]3
§ 2. [Lorsqu'il est constaté que l'opérateur s'oppose aux investigations visées à l'article 15 ou les rend plus difficiles, ou fournit des renseignements, documents ou déclarations inexacts ou incomplets, ou encore s'abstient de les fournir, l'agrément ou l'autorisation accordé, le cas échéant, à l'opérateur par le ministre ou par l'Agence, ainsi que, s'il échet, l'exécution de l'expertise [2 , la réalisation d'analyses]2 et la délivrance de certificats sont suspendus.
Cette suspension est notifiée à l'opérateur et prend effet immédiatement.
Les mesures précitées cessent leurs effets lorsqu'il est constaté que l'opérateur se conforme aux exigences du contrôle.] <L 2007-12-21/38, art. 36, 2°, 003; En vigueur : 10-01-2008>
Art.13. § 1. (Onverminderd de verplichting tot het bewaren van het vertrouwelijk karakter van bepaalde gegevens, opgelegd bij andere wetten, wisselen de Federale Overheidsdiensten Financiën, Economie, KMO, Middenstand en Energie, Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, alsook het RIZIV, de RSVZ en de RSZ wederzijds met het FAVV alle inlichtingen en gegevens uit die zij bezitten en die nuttig zijn voor de uitvoering van hun respectieve taken, inzonderheid met het oog op de vaststelling en de inning van de bedragen, bedoeld in de artikelen 4, 5, 11 en 12.) <W 2007-12-21/38, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 10-01-2008>
§ 2. Onverminderd de verplichting tot geheimhouding van bepaalde gegevens, opgelegd bij andere wetten, maakt het Agentschap aan de federale overheidsdiensten die hierom vragen, alle inlichtingen en gegevens over die het in zijn bezit heeft en die zij nuttig achten voor de uitoefening van hun opdrachten en laat hun toe er kopieën of uittreksels van te maken.
§ 2. Onverminderd de verplichting tot geheimhouding van bepaalde gegevens, opgelegd bij andere wetten, maakt het Agentschap aan de federale overheidsdiensten die hierom vragen, alle inlichtingen en gegevens over die het in zijn bezit heeft en die zij nuttig achten voor de uitoefening van hun opdrachten en laat hun toe er kopieën of uittreksels van te maken.
Art.13. § 1er. (Sans préjudice de l'obligation de préservation du caractère confidentiel de certaines données, imposée par d'autres lois, les Services publics fédéraux Finances, Economie, P.M.E., Classes moyennes et Energie, Emploi, Travail et Concertation sociale, ainsi que l'INAMI, l'INASTI et l'ONSS échangent mutuellement avec l'AFSCA toutes les informations et données utiles à la réalisation de leurs missions respectives, notamment en vue de la fixation et de la perception des montants visés aux articles 4, 5, 11 et 12.) <L 2007-12-21/38, art. 37, 003; En vigueur : 10-01-2008>
§ 2. Sans préjudice de l'obligation de préservation du caractère confidentiel de certaines données, imposée par d'autres lois, l'Agence fournit aux services publics fédéraux qui le demandent toutes les informations et données en sa possession que ceux-ci estiment utiles à l'exécution de leurs missions et leur en laisse prendre copies ou extraits.
§ 2. Sans préjudice de l'obligation de préservation du caractère confidentiel de certaines données, imposée par d'autres lois, l'Agence fournit aux services publics fédéraux qui le demandent toutes les informations et données en sa possession que ceux-ci estiment utiles à l'exécution de leurs missions et leur en laisse prendre copies ou extraits.
HOOFDSTUK IV. - Toezicht en strafrechtelijke sancties.
CHAPITRE IV. - Contrôle et sanctions pénales.
Art.15. § 1. Onverminderd de ambtsbevoegdheden van de officieren van gerechtelijke politie, zien de daartoe door de minister aangewezen statutaire of contractuele personeelsleden van het Agentschap toe op de uitvoering van deze wet evenals van de besluiten genomen in uitvoering van deze wet.
De contractuele personeelsleden leggen, voorafgaand aan de uitoefening van hun functie, de eed af in handen van de minister of van zijn aangestelde.
§ 2. In de uitoefening van hun bevoegdheden kunnen de in § 1 bedoelde personeelsleden :
1° op elk moment elke plaats betreden en doorzoeken die zou kunnen bestemd zijn voor de activiteit van de operator evenals elke plaats waar zich hetzij producten bevinden, hetzij documenten, stukken, boeken, informatiedragers of andere elementen die bij de uitoefening van hun opdracht nuttig kunnen zijn.
De lokalen die uitsluitend als woning dienen mogen ze bezoeken tussen 5 uur 's ochtends en 9 uur 's avonds, mits de machtiging van de rechter van de politierechtbank;
2° alle nuttige vaststellingen en onderzoeken doen, eventueel met hulp van deskundigen, gekozen uit een door de Minister samengestelde lijst.
De deskundigen die niet de door het decreet van 20 juli 1831 betreffende de eedaflegging bij de aanvang der grondwettelijke vertegenwoordigde monarchie voorgeschreven eed hebben afgelegd, doen dit voor de Vrederechter;
3° de operator of ieder ander persoon, aanwezig op de bezochte plaats of waarvan het verhoor nuttig kan zijn voor de uitoefening van hun opdracht, horen;
4° zich alle inlichtingen doen verschaffen of op hun eerste verzoek en zonder verplaatsing alle documenten, stukken, boeken of informatiedragers die zij voor hun onderzoeken nuttig achten, laten voorleggen.
Wanneer het onderzoek van de beoogde documenten dit noodzaakt of wanneer er ter plaatse geen kopie van kan worden genomen, mogen zij ze meenemen gedurende drie werkdagen, mits terstond de inventaris ervan wordt opgesteld waarvan een kopie aan de houder wordt afgeleverd;
5° een bewijs bewaren van hun tussenkomst door middel van elk nuttig middel, kopieën en opnamen inbegrepen;
6° bij administratieve maatregel en gedurende een termijn van dertig dagen, de documenten, stukken, boeken of informatiedragers nodig voor het bewijzen van een overtreding of voor de opsporing van de daders, mededaders of medeplichtigen, in beslag nemen.
Het administratieve beslag wordt bij het verstrijken van de termijn of bij definitief beslag op bevel van de persoon die het heeft opgelegd, opgeheven.
Bij overtreding worden de in het eerste lid bedoelde documenten definitief in beslag genomen en bij de griffie van de rechtbank neergelegd tot, zowel wat hun verbeurdverklaring als hun eventuele teruggave betreft, uitspraak werd gedaan over de inbreuk of, ingeval van seponering, tot de opheffing van het beslag door het openbaar ministerie;
7° de bijstand vorderen van de politiemacht;
8° gebruik maken van de in artikel 13, § 1, bedoelde inlichtingen en gegevens.
§ 3. Zij sporen de inbreuken op op deze wet en op de uitvoeringsbesluiten, en stellen ze vast in processen-verbaal die bewijskracht hebben tot het tegendeel is bewezen.
Een kopie van het proces-verbaal wordt aan de overtreder toegezonden binnen dertig dagen, te rekenen vanaf de dag volgend op die van de vaststelling van de inbreuk.
De contractuele personeelsleden leggen, voorafgaand aan de uitoefening van hun functie, de eed af in handen van de minister of van zijn aangestelde.
§ 2. In de uitoefening van hun bevoegdheden kunnen de in § 1 bedoelde personeelsleden :
1° op elk moment elke plaats betreden en doorzoeken die zou kunnen bestemd zijn voor de activiteit van de operator evenals elke plaats waar zich hetzij producten bevinden, hetzij documenten, stukken, boeken, informatiedragers of andere elementen die bij de uitoefening van hun opdracht nuttig kunnen zijn.
De lokalen die uitsluitend als woning dienen mogen ze bezoeken tussen 5 uur 's ochtends en 9 uur 's avonds, mits de machtiging van de rechter van de politierechtbank;
2° alle nuttige vaststellingen en onderzoeken doen, eventueel met hulp van deskundigen, gekozen uit een door de Minister samengestelde lijst.
De deskundigen die niet de door het decreet van 20 juli 1831 betreffende de eedaflegging bij de aanvang der grondwettelijke vertegenwoordigde monarchie voorgeschreven eed hebben afgelegd, doen dit voor de Vrederechter;
3° de operator of ieder ander persoon, aanwezig op de bezochte plaats of waarvan het verhoor nuttig kan zijn voor de uitoefening van hun opdracht, horen;
4° zich alle inlichtingen doen verschaffen of op hun eerste verzoek en zonder verplaatsing alle documenten, stukken, boeken of informatiedragers die zij voor hun onderzoeken nuttig achten, laten voorleggen.
Wanneer het onderzoek van de beoogde documenten dit noodzaakt of wanneer er ter plaatse geen kopie van kan worden genomen, mogen zij ze meenemen gedurende drie werkdagen, mits terstond de inventaris ervan wordt opgesteld waarvan een kopie aan de houder wordt afgeleverd;
5° een bewijs bewaren van hun tussenkomst door middel van elk nuttig middel, kopieën en opnamen inbegrepen;
6° bij administratieve maatregel en gedurende een termijn van dertig dagen, de documenten, stukken, boeken of informatiedragers nodig voor het bewijzen van een overtreding of voor de opsporing van de daders, mededaders of medeplichtigen, in beslag nemen.
Het administratieve beslag wordt bij het verstrijken van de termijn of bij definitief beslag op bevel van de persoon die het heeft opgelegd, opgeheven.
Bij overtreding worden de in het eerste lid bedoelde documenten definitief in beslag genomen en bij de griffie van de rechtbank neergelegd tot, zowel wat hun verbeurdverklaring als hun eventuele teruggave betreft, uitspraak werd gedaan over de inbreuk of, ingeval van seponering, tot de opheffing van het beslag door het openbaar ministerie;
7° de bijstand vorderen van de politiemacht;
8° gebruik maken van de in artikel 13, § 1, bedoelde inlichtingen en gegevens.
§ 3. Zij sporen de inbreuken op op deze wet en op de uitvoeringsbesluiten, en stellen ze vast in processen-verbaal die bewijskracht hebben tot het tegendeel is bewezen.
Een kopie van het proces-verbaal wordt aan de overtreder toegezonden binnen dertig dagen, te rekenen vanaf de dag volgend op die van de vaststelling van de inbreuk.
Art.15. § 1er. Sans préjudice des attributions des officiers de police judiciaire, les membres du personnel statutaire ou contractuel de l'Agence désignés à cette fin par le ministre surveillent l'exécution de la présente loi ainsi que des arrêtés pris en exécution de celle-ci.
Les membres du personnel contractuel prêtent serment, préalablement à l'exercice de leurs fonctions, entre les mains du ministre ou de son délégué.
§ 2. Dans l'exercice de leurs fonctions, les membres du personnel visés au § 1er peuvent :
1° pénétrer en tout temps et investiguer en tout lieu susceptible d'être affecté à l'activité de l'opérateur ainsi qu'en tout lieu où peuvent se trouver soit des produits, soit des documents, pièces, livres, supports informatiques de données ou autres éléments utiles à l'exécution de leur mission.
Ils peuvent visiter les locaux servant exclusivement d'habitation entre 5 heures du matin et 9 heures du soir moyennant autorisation du juge du tribunal de police;
2° procéder à toutes les constatations et investigations utiles, avec l'assistance éventuelle d'experts choisis sur une liste établie par le ministre.
Les experts qui n'auraient point prêté le serment prescrit par le décret du 20 juillet 1831 concernant le serment à la mise en vigueur de la monarchie constitutionnelle représentative, le prêteront entre les mains du Juge de paix;
3° entendre l'opérateur ou toute autre personne présente sur le lieu visité ou dont l'audition peut être utile à l'exécution de leur mission;
4° se faire communiquer tous les renseignements et se faire produire sur première réquisition et sans déplacement tous documents, pièces, livres ou supports informatiques de données qu'ils jugent utiles à leurs recherches.
Lorsque l'examen des documents visés le nécessite, ou que leur copie ne peut pas être opérée sur place, ils peuvent les emporter pour une durée de trois jours ouvrables, moyennant établissement sur-le-champ de leur inventaire dont une copie est remise au détenteur;
5° conserver une preuve de leur intervention par tout moyen utile, y compris copies et enregistrements;
6° saisir, par mesure administrative et pour un délai de trente jours, les documents, pièces, livres ou supports informatiques de données nécessaires à faire la preuve d'une infraction ou à la recherche de ses auteurs, coauteurs et complices.
La saisie administrative est levée sur ordre de la personne l'ayant ordonnée, à l'expiration du délai ou par la saisie définitive.
En cas d'infraction, les documents visés à l'alinéa 1er font l'objet d'une saisie définitive et sont déposés au greffe du tribunal jusqu'à ce que, tant en ce qui concerne leur confiscation que leur restitution éventuelle, il ait été statué sur l'infraction ou, en cas de classement sans suite, jusqu'à mainlevée de la saisie par le ministère public;
7° requérir l'assistance des forces de police;
8° utiliser les informations et données visées à l'article 13, § 1er.
§ 3. Ils recherchent et constatent les infractions à la présente loi et à ses arrêtés d'exécution par des procès-verbaux faisant foi jusqu'à preuve du contraire.
Une copie du procès-verbal est transmise au contrevenant dans un délai de 30 jours prenant cours le lendemain de la constatation de l'infraction.
Les membres du personnel contractuel prêtent serment, préalablement à l'exercice de leurs fonctions, entre les mains du ministre ou de son délégué.
§ 2. Dans l'exercice de leurs fonctions, les membres du personnel visés au § 1er peuvent :
1° pénétrer en tout temps et investiguer en tout lieu susceptible d'être affecté à l'activité de l'opérateur ainsi qu'en tout lieu où peuvent se trouver soit des produits, soit des documents, pièces, livres, supports informatiques de données ou autres éléments utiles à l'exécution de leur mission.
Ils peuvent visiter les locaux servant exclusivement d'habitation entre 5 heures du matin et 9 heures du soir moyennant autorisation du juge du tribunal de police;
2° procéder à toutes les constatations et investigations utiles, avec l'assistance éventuelle d'experts choisis sur une liste établie par le ministre.
Les experts qui n'auraient point prêté le serment prescrit par le décret du 20 juillet 1831 concernant le serment à la mise en vigueur de la monarchie constitutionnelle représentative, le prêteront entre les mains du Juge de paix;
3° entendre l'opérateur ou toute autre personne présente sur le lieu visité ou dont l'audition peut être utile à l'exécution de leur mission;
4° se faire communiquer tous les renseignements et se faire produire sur première réquisition et sans déplacement tous documents, pièces, livres ou supports informatiques de données qu'ils jugent utiles à leurs recherches.
Lorsque l'examen des documents visés le nécessite, ou que leur copie ne peut pas être opérée sur place, ils peuvent les emporter pour une durée de trois jours ouvrables, moyennant établissement sur-le-champ de leur inventaire dont une copie est remise au détenteur;
5° conserver une preuve de leur intervention par tout moyen utile, y compris copies et enregistrements;
6° saisir, par mesure administrative et pour un délai de trente jours, les documents, pièces, livres ou supports informatiques de données nécessaires à faire la preuve d'une infraction ou à la recherche de ses auteurs, coauteurs et complices.
La saisie administrative est levée sur ordre de la personne l'ayant ordonnée, à l'expiration du délai ou par la saisie définitive.
En cas d'infraction, les documents visés à l'alinéa 1er font l'objet d'une saisie définitive et sont déposés au greffe du tribunal jusqu'à ce que, tant en ce qui concerne leur confiscation que leur restitution éventuelle, il ait été statué sur l'infraction ou, en cas de classement sans suite, jusqu'à mainlevée de la saisie par le ministère public;
7° requérir l'assistance des forces de police;
8° utiliser les informations et données visées à l'article 13, § 1er.
§ 3. Ils recherchent et constatent les infractions à la présente loi et à ses arrêtés d'exécution par des procès-verbaux faisant foi jusqu'à preuve du contraire.
Une copie du procès-verbal est transmise au contrevenant dans un délai de 30 jours prenant cours le lendemain de la constatation de l'infraction.
Art.16. <W 2007-12-21/38, art. 39, 003; Inwerkingtreding : 10-01-2008> § 1. Onverminderd de eventuele toepassing van strengere straffen, vastgelegd in het Strafwetboek of in bijzondere strafwetten, wordt gestraft met een geldboete van honderd tot vijfduizend euro :
1° degene die de nadere regels van doorberekening van de heffingen niet naleeft of deze doorberekent zonder dat de doorberekening wordt toegestaan, of
2° degene die zich verzet tegen bezoeken, inspecties, controles, verzoeken om inlichtingen of om documenten, inbeslagnemingen en andere onderzoeken van de overheidspersonen bepaald bij artikel 15 of deze bemoeilijkt, of
3° degene die onjuiste of onvolledige inlichtingen, documenten of verklaringen verstrekt of deze niet verstrekt.
§ 2. De bepalingen van Boek I, met inbegrip van Hoofdstuk VII en artikel 85 van het Strafwetboek, zijn van toepassing op in § 1 bedoelde overtredingen.
1° degene die de nadere regels van doorberekening van de heffingen niet naleeft of deze doorberekent zonder dat de doorberekening wordt toegestaan, of
2° degene die zich verzet tegen bezoeken, inspecties, controles, verzoeken om inlichtingen of om documenten, inbeslagnemingen en andere onderzoeken van de overheidspersonen bepaald bij artikel 15 of deze bemoeilijkt, of
3° degene die onjuiste of onvolledige inlichtingen, documenten of verklaringen verstrekt of deze niet verstrekt.
§ 2. De bepalingen van Boek I, met inbegrip van Hoofdstuk VII en artikel 85 van het Strafwetboek, zijn van toepassing op in § 1 bedoelde overtredingen.
Art.16. <L 2007-12-21/38, art. 39, 003; En vigueur : 10-01-2008> § 1er. Sans préjudice de l'application éventuelle de peines plus sévères, fixées par le Code pénal ou par les lois pénales particulières, est puni d'une amende de cent à cinq mille euros :
1° celui qui ne respecte pas les modalités de la répercussion des contributions ou répercute ces dernières sans que la répercussion soit autorisée, ou
2° celui qui s'oppose aux visites, inspections, contrôles, demandes de renseignements ou de documents, saisies et autres investigations des personnes de l'autorité visées à l'article 15 ou les rend plus difficiles, ou
3° celui qui fournit des renseignements, documents ou déclarations inexacts ou incomplets ainsi que celui qui s'abstient de les fournir.
§ 2. Les dispositions du Livre premier, y compris celles du Chapitre VII et de l'article 85, du Code pénal sont d'application aux infractions visées au § 1er.
1° celui qui ne respecte pas les modalités de la répercussion des contributions ou répercute ces dernières sans que la répercussion soit autorisée, ou
2° celui qui s'oppose aux visites, inspections, contrôles, demandes de renseignements ou de documents, saisies et autres investigations des personnes de l'autorité visées à l'article 15 ou les rend plus difficiles, ou
3° celui qui fournit des renseignements, documents ou déclarations inexacts ou incomplets ainsi que celui qui s'abstient de les fournir.
§ 2. Les dispositions du Livre premier, y compris celles du Chapitre VII et de l'article 85, du Code pénal sont d'application aux infractions visées au § 1er.
HOOFDSTUK V. - Verhaalrecht.
CHAPITRE V. - Droit de recours.
Art.17. Wanneer een overtreding op de bepalingen van deze wet, op de bepalingen van één van de wetten die onder de controlebevoegdheden van het Agentschap vallen, of van hun uitvoeringsbesluiten evenals op de verordeningen van de Europese Unie, bijkomende controles voor het Agentschap met zich meebrengt, vordert deze laatste van de overtreders de terugbetaling van de kosten, met inbegrip van de personeelskosten.
De rechtsvordering kan uitgevoerd worden op hetzelfde tijdstip als de strafvordering en voor dezelfde rechter. Zij kan ook voor het eerst uitgeoefend worden in beroep.
De rechtsvordering kan uitgevoerd worden op hetzelfde tijdstip als de strafvordering en voor dezelfde rechter. Zij kan ook voor het eerst uitgeoefend worden in beroep.
Art.17. Lorsqu'une infraction aux dispositions de la présente loi, aux dispositions de l'une des lois relevant de ses compétences de contrôle, ou de leurs arrêtés d'exécution ainsi qu'aux règlements de l'Union européenne entraîne pour l'Agence des contrôles supplémentaires, celle-ci poursuit à charge des contrevenants le recouvrement des frais y afférents, en ce compris les frais de personnel.
L'action peut être exercée en même temps que l'action pénale et devant le même Juge. Elle peut aussi être exercée pour la première fois en degré d'appel.
L'action peut être exercée en même temps que l'action pénale et devant le même Juge. Elle peut aussi être exercée pour la première fois en degré d'appel.
HOOFDSTUK VI. - Wijzigingsbepalingen.
CHAPITRE VI. - Dispositions modificatives.
Art.18. § 1. In artikel 14, derde lid, van de wet van 4 februari 2000, vervallen de woorden " en de punten 8° en 9° van artikel 10 ".
§ 2. In artikel 6,§ 6, tweede lid van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen, worden de woorden " Onverminderd de bepalingen van artikel 10, vierde lid, van de wet van 4 februari 2000 " vervangen door de woorden " Onverminderd de bepalingen van de wet van 9 december 2004 betreffende de financiering van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen ";
§ 2. In artikel 6,§ 6, tweede lid van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen, worden de woorden " Onverminderd de bepalingen van artikel 10, vierde lid, van de wet van 4 februari 2000 " vervangen door de woorden " Onverminderd de bepalingen van de wet van 9 december 2004 betreffende de financiering van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen ";
Art.18. § 1er. Dans l'article 14, alinéa 3, de la loi du 4 février 2000, les mots "et les points 8° et 9° de l'article 10," sont supprimés.
§ 2. Dans l'article 6, § 6, alinéa 2, de l'arrêté royal du 22 février 2001 organisant les contrôles effectués par l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire et modifiant diverses dispositions légales, les mots "Sans préjudice des dispositions reprises sous l'article 10, alinéa 4, de la loi du 4 février 2000" sont remplacés par les mots "Sans préjudice des dispositions de la loi du 9 décembre 2004 relative au financement de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire".
§ 2. Dans l'article 6, § 6, alinéa 2, de l'arrêté royal du 22 février 2001 organisant les contrôles effectués par l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire et modifiant diverses dispositions légales, les mots "Sans préjudice des dispositions reprises sous l'article 10, alinéa 4, de la loi du 4 février 2000" sont remplacés par les mots "Sans préjudice des dispositions de la loi du 9 décembre 2004 relative au financement de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire".
HOOFDSTUK VII. - Opheffingsbepalingen.
CHAPITRE VII. - Dispositions abrogatoires.
Art. 19. In de wet van 4 februari 2000 worden opgeheven :
1. artikel 10;
2. artikel 14, vijfde en zesde lid.
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
1. artikel 10;
2. artikel 14, vijfde en zesde lid.
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Art. 19. Sont abrogés dans la loi du 4 février 2000 :
1. l'article 10;
2. l'article 14, alinéas 5 et 6.
Promulguons la présente loi, ordonnons qu'elle soit revêtue du sceau de l'Etat et publiée par le Moniteur belge.
1. l'article 10;
2. l'article 14, alinéas 5 et 6.
Promulguons la présente loi, ordonnons qu'elle soit revêtue du sceau de l'Etat et publiée par le Moniteur belge.