Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
10 FEBRUARI 2004. - Wet houdende eindregeling van de begrotingen van de diensten van algemeen bestuur van de Staat en van de Staatsdienst met afzonderlijk beheer " Muntfonds " van het jaar 2000.
Titre
10 FEVRIER 2004. - Loi contenant le règlement définitif des budgets des services d'administration générale de l'Etat et du Service de l'Etat à gestion séparée " Fonds Monétaire " pour l'année 2000.
Documentinformatie
Numac: 2004003118
Datum: 2004-02-10
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2004003118
Date: 2004-02-10
Moniteur: Voir
Tekst (40)
Texte (40)
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 74, 3° van de Grondwet.
Article 1. La présente loi règle une matière visée à l'article 74, 3° de la Constitution.
TITEL I. - DIENSTEN VAN ALGEMEEN BESTUUR VAN DE STAAT.
TITRE Ier. - SERVICES D'ADMINISTRATION GENERALE DE L'ETAT.
BEGROTINGSJAAR 2000.
ANNEE BUDGETAIRE 2000.
HOOFDSTUK I Vastleggingen gedaan ter uitvoering van de begroting (Tabel A).
CHAPITRE Ier.. - Engagements effectués en exécution du budget (Tableau A).
§ 1. Vaststelling van de vastleggingen
§ 1er. Fixation des engagements
Art. 2. De vastleggingen van uitgaven uitgevoerd ten laste van de vastleggingskredieten van het begrotingsjaar 2000 belopen 29.536.733.868 F.
  De ten laste van de vastleggingsmachtigingen aangerekende vastleggingen van het begrotingsjaar 2000 belopen 987.999.252 F
Art. 2. Les engagements de dépenses effectués à charge des crédits d'engagement de l'année budgétaire 2000 s'élèvent à la somme de 29.536.733.868 F.
  Les engagements imputés à charge des autorisations d'engagement de l'année budgétaire 2000 se montent à 987.999.252 F
§ 2. Vaststelling van de vastleggingskredieten
§ 2. Fixation des crédits d'engagement
Art. 3. De vastleggingskredieten beschikbaar ten behoeve van de ministeriële departementen voor de vastleggingen van het begrotingsjaar 2000 belopen in totaal 41.162.200.000 F.
  Dit bedrag omvat :
  1) oorspronkelijke vastleggingskredieten toegestaan bij de begrotingswetten
  40.113.000.000 F
  2) de aanpassingen van de kredieten :
  1.049.200.000 F (nettoresultaat)
  

Wijzigingen

41.162.200.000 F
Art. 3. Les crédits d'engagement dont les départements peuvent disposer pour les engagements de l'année budgétaire 2000 s'élèvent à 41.162.200.000 F.
  Cette somme comprend :
  1) les crédits d'engagement initiaux alloués par les lois budgétaires
  40.113.000.000 F
  2) les ajustements de crédits :
  1.049.200.000 F (résultat net)
  

Wijzigingen

41.162.200.000 F
Art. 4. De in totaal voor het begrotingsjaar 2000 verleende vastleggingskredieten worden verminderd met de aan het eind van het begrotingsjaar beschikbare en definitief geannuleerde vastleggingskredieten :
  11.625.466.132 F
Art. 4. Le montant total des crédits d'engagement alloués pour l'année budgétaire 2000 est réduit des crédits d'engagement disponibles à la fin de l'année budgétaire et annulés définitivement :
  11.625.466.132 F
Art. 5. Ingevolge de bepalingen vervat in de bovengenoemde artikelen 3 en 4 worden de definitieve vastleggingskredieten van het begrotingsjaar 2000 vastgesteld op 29.536.733.868 F.
  Deze som is gelijk aan de ten laste van de begrotingskredieten van het begrotingsjaar 2000 geboekte vastleggingen.
Art. 5. Par suite des dispositions contenues dans les articles 3 et 4 ci-dessus, les crédits d'engagement définitifs de l'année budgétaire 2000 sont fixés à 29.536.733.868 F.
  Cette somme est égale aux engagements enregistrés à charge des crédits budgétaires de l'année budgétaire 2000.
§ 3. Vaststelling van de vastleggingsmachtigingen
§ 3. Fixation des autorisations d'engagement
Art. 6. De vastleggingsmachtigingen beschikbaar ten behoeve van de ministeriële departementen voor het begrotingsjaar 2000 belopen in totaal 988.000.000 F.
  Dit bedrag omvat :
  1) oorspronkelijke vastleggingsmachtigingen toegestaan bij de begrotingswetten
  750.000.000 F
  2) de aanpassingen van de kredieten :
  238.000.000 F (nettoresultaat)
  

Wijzigingen

988.000.000 F
Art. 6. Les autorisations d'engagement dont les départements peuvent disposer pour l'année budgétaire 2000 s'élèvent à la somme de 988.000.000 F.
  Cette somme comprend :
  1) les autorisations d'engagement initiales allouées par les lois budgétaires
  750.000.000 F
  2) les ajustements de autorisations :
  238.000.000 F (résultat net)
  

Wijzigingen

988.000.000 F
Art. 7. De in totaal voor het begrotingsjaar 2000 verleende vastleggingsmachtigingen worden verminderd met de beschikbaar gebleven vastleggingsmachtigingen die definitief geannuleerd moeten worden :
  748 F
Art. 7. Le montant total des autorisations d'engagement allouées pour l'année budgétaire 2000 est réduit des autorisations d'engagement restées disponibles et qui sont à annuler définitivement :
  748 F
Art. 8. Ingevolge de bepalingen vervat in bovengenoemde artikelen 6 en 7 worden de definitieve vastleggingsmachtigingen van het begrotingsjaar 2000 vastgesteld op :
  987.999.252 F
  Deze som is gelijk aan de ten laste van de vastleggingsmachtigingen van het begrotingsjaar 2000 geboekte vastleggingen.
Art. 8. Par suite des dispositions contenues dans les articles 6 et 7 ci-dessus, les autorisations d'engagement définitives de l'année budgétaire 2000 sont fixées à :
  987.999.252 F
  Cette somme est égale aux engagements enregistrés à charge des autorisations d'engagement de l'année budgétaire 2000.
HOOFDSTUK II. - Ontvangsten en uitgaven gedaan ter uitvoering van de begroting.
CHAPITRE II. - Recettes et dépenses effectuées en exécution du budget.
§ 1. Vaststelling van de ontvangsten
§ 1er. Fixation des recettes
Art. 9. De op het begrotingsjaar 2000 ten behoeve van de Staat vastgestelde rechten bedragen 3.638.206.279.408 F.
  Dit bedrag is vastgesteld als volgt :
  - lopende ontvangsten
  2.266.433.920.309 F
  - kapitaalontvangsten
  15.707.873.364 F
  - opbrengst der leningen :
  1.356.064.485.735 F
Art. 9. Les droits constatés au profit de l'Etat sur l'année budgétaire 2000 s'élèvent à la somme de 3.638.206.279.408 F.
  Ce montant se subdivise comme suit :
  - recettes courantes
  2.266.433.920.309 F
  - recettes de capital
  15.707.873.364 F
  - produit des emprunts
  1.356.064.485.735 F
Art. 10. De op hetzelfde begrotingsjaar aangerekende ontvangsten worden vastgesteld op 3.060.731.323.406 F.
  Dit bedrag is vastgesteld als volgt :
  - lopende ontvangsten
  1.701.778.957.244 F
  - kapitaalontvangsten
  2.887.880.427 F
  - opbrengst der leningen :
  1.356.064.485.735 F
Art. 10. Les recettes imputées sur la même année budgétaire sont fixées à 3.060.731.323.406 F.
  Ce montant se décompose comme suit :
  - recettes courantes :
  1.701.778.957.244 F
  - recettes de capital :
  2.887.880.427 F
  - produit des emprunts :
  1.356.064.485.735 F
Art. 11. De vastgestelde rechten nog te innen bij de afsluiting van het begrotingsjaar bedragen 577.474.956.002 F.
  Deze som wordt onderverdeeld als volgt :
  a) geannuleerde of in onbepaald uitstel gebrachte rechten :
  - lopende ontvangsten :
  4.180.425.195 F
  - kapitaalontvangsten :
  24.000 F
  

Wijzigingen

Totaal
4.180.449.195 F
b) naar het volgende begrotingsjaar overgedragen rechten :
- lopende ontvangsten :
560.474.537.870 F
- kapitaalontvangsten :
12.819.968.937 F
---------------------
Totaal
573.294.506.807 F
Art. 11. Les droits constatés restant à recouvrer à la clôture de l'année budgétaire s'élèvent à 577.474. 956.002 F.
  Cette somme se décompose comme suit :
  a) droits annulés ou portés en surséance indéfinie :
  - recettes courantes :
  4.180.425.195 F
  - recettes de capital :
  24.000 F
  

Wijzigingen

Total
4.180. 449.195 F
b) droits reportés à l'année budgétaire suivante :
- recettes courantes :
560.474.537.870 F
- recettes de capital :
12.819.968.937 F
---------------------
Total
573.294.506.807 F
§ 2. Vaststelling van de uitgaven
§ 2. Fixation des dépenses
Art. 12. De tijdens het begrotingsjaar 2000 aangerekende verrichtingen worden vastgesteld als volgt :
  a) Ordonnanceringskredieten
  - prestaties van de vorige jaren :
  1.792.466.049 F
  - prestaties van het lopend jaar :
  40.445.909.350 F
  

Wijzigingen

42.238.375.399 F
b) niet-gesplitste kredieten
- prestaties van de vorige jaren :
36.506.591.879 F
- prestaties van het lopend jaar :
2.238.040.576.155 F
---------------------
2.274.547.168.034 F
c) Variabele kredieten
- prestaties van de vorige jaren :
707.980.318 F
- prestaties van het lopend jaar :
541.427.830.004 F
---------------------
542.135.810.322 F
TOTAAL VAN DE UITGAVEN
2.858.921.353.755 F
De ten laste van het begrotingsjaar 2000 uitgevoerde betalingen, verantwoord of geregulariseerd, belopen 2.598.509.819.260 F
Art. 12. Les opérations imputées à charge de l'année budgétaire 2000 sont arrêtées comme suit :
  a) Crédits d'ordonnancement
  - prestations d'années antérieures :
  1.792.466.049 F
  - prestations de l'année en cours :
  40.445.909.350 F
  

Wijzigingen

42.238.375.399 F
b) Crédits non dissociés
- prestations d'années antérieures :
36.506.591.879 F
- prestations de l'année en cours :
2.238.040.576.155 F
---------------------
2.274.547.168.034 F
c) Crédits variables
- prestations d'années antérieures :
707.980.318 F
- prestations de l'année en cours :
541.427.830.004 F
---------------------
542.135.810.322 F
TOTAL DES DEPENSES
2.858.921.353.755 F
Les paiements effectués, justifiés ou régularisés à charge de l'année budgétaire 2000 s'établissent comme suit : 2.598.509.819.260 F
Art. 13. (Tabel D) De ten laste van de begroting aangerekende betalingen waarvan bij toepassing van artikel 32 van de wet van 28 juni 1963, de verantwoording of de regularisatie naar een volgend jaar wordt verwezen, belopen 260.411.534.495 F.
Art. 13. (Tableau D) Les paiements imputés à charge du budget et dont la justification ou la régularisation est renvoyée à une année suivante en application de l'article 32 de la loi du 28 juin 1963 s'élèvent à 260.411.534.495 F.
§ 3. Vaststelling van de kredieten
§ 3. Fixation des crédits
Art. 14. De kredieten geopend ten behoeve van de ministeriële departementen voor het begrotingsjaar 2000 belopen in totaal 3.208.372.264.743 F.
  Dit bedrag omvat :
  1° een som van kredieten toegestaan bij de begrotingswetten, samengesteld als volgt :
  a) oorspronkelijke begroting
  Ordonnanceringskredieten
  38.544.600.000 F
  Niet-gesplitste kredieten
  2.328.099.100.000 F
  Variabele kredieten
  543.384.413.708 F
  b) aanpassing van de kredieten (nettoresultaat)
  Ordonnanceringskredieten
  6.721.300.000 F
  Niet-gesplitste kredieten
  26.587.100.000 F
  2° overgedragen gefusioneerde kredieten
  Variabele kredieten
  16.309.086.983 F
  3° desaffectatie van bestemde ontvangsten
  Variabele kredieten
  - 5.132.929 F
  Kredieten van het jaar en gelijkgestelde (1°, 2° en 3° te samen)
  Ordonnanceringskredieten
  45.265.900.000 F
  Niet-gesplitste kredieten
  2.354.686.200.000 F
  Variabele kredieten
  559.688.367.762 F
  4° overgedragen niet-gefusioneerde kredieten
  Niet-gesplitste kredieten
  248.731.796.981 F
  Totaal van de kredieten :
  Ordonnanceringskredieten
  45.265.900.000 F
  Niet-gesplitste kredieten
  2.603.417.996.981 F
  Variabele kredieten
  559.688.367.762 F
  

Wijzigingen

3.208.372.264.743 F
Art. 14. Les crédits ouverts aux départements ministériels pour l'année 2000 s'élèvent au total à 3.208.372.264.743 F.
  Ce montant comprend :
  1° une somme de crédits alloués par les lois budgétaires se décomposant comme suit :
  a) budget initial
  Crédits d'ordonnancement
  38.544.600.000 F
  Crédits non dissociés
  2.328.099.100.000 F
  Crédits variables
  543.384.413.708 F
  b) ajustements des crédits (résultat net)
  Crédits d'ordonnancement
  6.721.300.000 F
  Crédits non dissociés
  26.587.100.000 F
  2° crédits reportés fusionnés
  crédits variables
  16.309.086.983 F
  3° désaffectation des recettes affectées
  crédits variables
  - 5.132.929 F
  Crédits de l'année et assimilés (1°, 2° et 3° réunis)
  Crédits d'ordonnancement
  45.265.900.000 F
  Crédits non dissociés
  2.354.686.200.000 F
  Crédits variables
  559.688.367.762 F
  4° crédits reportés non-fusionnés
  Crédits non dissociés
  248.731.796.981 F
  Total des crédits :
  Crédits d'ordonnancement
  45.265.900.000 F
  Crédits non dissociés
  2.603.417.996.981 F
  Crédits variables
  559.688.367.762 F
  

Wijzigingen

3.208.372.264.743 F
Art. 15. Het bedrag van de voor het begrotingsjaar 2000 verleende kredieten wordt verminderd met :
  1° naar het jaar 2001 over te dragen, kredieten, samengesteld als volgt :
  * te fusioneren kredieten
  Variabele kredieten
  17.552.557.440 F
  * niet te fusioneren kredieten
  Niet-gesplitste kredieten
  133.024.099.761 F
  

Wijzigingen

Totaal :
150.576.657.201 F
2° de aan het eind van het begrotingsjaar beschikbare kredieten die te annuleren zijn :
Ordonnanceringskredieten
3.027.524.601 F
Niet-gesplitste kredieten
195.935.657.135 F
De overdrachten en annulaties van kredieten bedragen :
Ordonnanceringskredieten
3.027.524.601 F
Niet-gesplitste kredieten
328.959.756.896 F
Variabele kredieten
17.552.557.440 F
---------------------
Totaal :
349.539.838.937 F
Art. 15. Le montant des crédits alloués pour l'année budgétaire 2000 est réduit :
  1° des crédits à reporter à l'année 2001 se décomposant comme suit :
  * crédits à fusionner
  Crédits variables
  17.552.557.440 F
  * Crédits à ne pas fusionner
  Crédits non dissociés
  133.024.099.761 F
  

Wijzigingen

Total :
150.576.657.201 F
2° des crédits disponibles à la fin de l'année budgétaire et qui sont à annuler :
Crédits d'ordonnancement
3.027.524.601 F
Crédits non dissociés
195.935.657.135 F
Le reports et les annulations de crédits se montent à :
Crédits d'ordonnancement
3.027.524.601 F
Crédits non dissociés
328.959.756.896 F
Crédits variables
17.552.557.440 F
---------------------
Total :
349.539.838.937 F
Art. 16. (Tabel E) Tot dekking van de uitgaven van het begrotingsjaar 2000 gedaan boven of buiten de kredieten uitgetrokken voor de dienst van de begrotingen, worden aanvullende kredieten toegekend als volgt :
  Niet-gesplitste kredieten
  88.927.949 F
Art. 16. Pour couvrir les dépenses de l'année 2000 effectuées au-delà ou en l'absence des crédits ouverts pour le service des budgets, des crédits complémentaires sont alloués comme suit :
  Crédits non dissociés
  88.927.949 F
Art. 17. Ten gevolge van de bepalingen vervat in de artikelen 14, 15 en 16 worden de definitieve kredieten van het begrotingsjaar 2000 vastgesteld als volgt :
  Ordonnanceringskredieten
  42.238.375.399 F
  Niet-gesplitste kredieten
  2.274.547.168.034 F
  Variabele kredieten
  542.135.810.322 F
  

Wijzigingen

Totaal
2.858.921.353.755 F
Art. 17. Par suite des dispositions contenues dans les articles 14, 15 et 16, les crédits définitifs de l'année budgétaire 2000 sont fixés comme suit :
  Crédits d'ordonnancement
  42.238.375.399 F
  Crédits non dissociés
  2.274.547.168.034 F
  Crédits variables
  542.135.810.322 F
  

Wijzigingen

Total
2.858.921.353.755 F
§ 4. Vaststelling van het resultaat van de begroting van het begrotingsjaar 2000 (Tabel F)
§ 4. Fixation du résultat général du budget de l'année budgétaire 2000 (Tableau F)
Art. 18. Het resultaat van de begroting van het begrotingsjaar 2000 wordt definitief vastgesteld als volgt :
  Totaal van de ontvangsten
  3.060.731.323.406 F
  Totaal van de uitgaven
  2.858.921.353.755 F
  Ontvangstenexcedent voor het jaar 2000
  201.809.969.651 F
  Dit bedrag komt in mindering van het gecumuleerd tekort dat bestond bij het afsluiten van het begrotingsjaar 1999 :
  2.087.426.099.527 F
  

Wijzigingen

1.885.616.129.876 F
Dit laatste bedrag zal naar de rekening van het begrotingsjaar 2001 worden overgedragen.
Art. 18. Le résultat général du budget de l'année budgétaire 2000 est définitivement arrêté comme suit :
  Total des recettes
  3.060.731.323.406 F
  Total des dépenses
  2.858.921.353.755 F
  Excédent de recettes pour l'année 2000
  201.809.969.651 F
  Ce montant vient en diminution du déficit cumulé existant à la clôture de l'année budgétaire 1999 soit :
  2.087.426.099.527 F
  

Wijzigingen

1.885.616.129.876 F
Ce dernier montant sera transféré au compte de l'année budgétaire 2001.
HOOFDSTUK III. - Ontvangsten en uitgaven gedaan in uitvoering van de begroting van de terugbetalings- en toewijzingsfondsen en van de begrotingen van de Staatsdiensten met afzonderlijk beheer (Tabel G).
CHAPITRE III. - Recettes et dépenses effectuées en exécution du budget des fonds de restitution et d'attribution et des budgets des services de l'état à gestion séparée (Tableau G).
§ 1. Terugbetalings- en toewijzingsfondsen
§ 1er. Fonds de restitution et d'attribution
Art. 19. De eindregeling van de begroting van de terugbetalings- en toewijzingsfondsen wordt voor het jaar 2000 vastgesteld als volgt :
  1. Ontvangsten
  1.673.042.896.512 F
  2. Uitgaven
  1.672.170.456.253 F
  De verantwoording of regularisatie van een gedeelte van die uitgaven, groot 4.486.558.321 F wordt, bij toepassing van artikel 32 van de wet van 28 juni 1963 naar een volgend jaar verwezen.
  3. Ontvangstenexcedent :
  872.440.259 F
  Dit ontvangstenexcedent komt in meerdering van het overschot vastgesteld bij het afsluiten van het voorgaande begrotingsjaar, zijnde :
  574.129.030 F
  Het aldus bekomen eindresultaat, zijnde :
  1.446.569.289 F
  wordt overgedragen naar de rekening van het begrotingsjaar 2001.
Art. 19. Le règlement définitif du budget des fonds de restitution et d'attribution de l'année 2000 est arrêté comme suit :
  1. Recettes
  1.673.042.896.512 F
  2. Dépenses
  1.672.170.456.253 F
  La justification ou la régularisation d'une partie de ces dépenses s'élevant à 4.486.558.321 F est renvoyée à une année suivante, en application de l'article 32 de la loi du 28 juin 1963.
  3. Excédent des recettes :
  872.440.259 F
  Cet excédent de recettes vient en augmentation du solde existant à la clôture de l'année budgétaire précédente, soit :
  574.129.030 F
  Le résultat définitif ainsi obtenu, soit :
  1.446.569.289 F
  est transféré, au compte de l'année budgétaire 2001.
§ 2. Staatsdiensten met afzonderlijk beheer
§ 2. Services de l'Etat à gestion séparée
Art. 20. De eindregeling van de begrotingen van de staatsdiensten met afzonderlijk beheer wordt voor het jaar 2000 vastgesteld als volgt (zonder de verrichtingen van het Muntfonds) :
  1. Ontvangsten
  3.868.999.283 F
  2. Uitgaven
  3.761.720.535 F
  De verantwoording of regularisatie van een gedeelte van die uitgaven, groot 3.241.455.880 F wordt, bij toepassing van artikel 32 van de wet van 28 juni 1963 naar een volgend jaar verwezen.
  3. Ontvangstenexcedent :
  107.278.748 F
  Dit ontvangstenexcedent komt in meerdering van het overschot vastgesteld bij het afsluiten van het voorgaande begrotingsjaar, zijnde :
  2.517.229.359 F
  Het aldus bekomen eindresultaat, zijnde :
  2.624.508.107 F
  wordt overgedragen naar de rekening van het begrotingsjaar 2001.
Art. 20. Le règlement définitif des budgets des services de l'Etat à gestion séparée de l'année 2000 est arrêté comme suit (sans les opérations du Fonds Monétaire) :
  1. Recettes
  3.868.999.283 F
  2. Dépenses
  3.761.720.535 F
  La justification ou la régularisation d'une partie de ces dépenses s'élevant à 3.241.455.880 F est renvoyée à une année suivante, en application de l'article 32 de la loi du 28 juin 1963.
  3. Excédent des recettes :
  107.278.748 F
  Cet excédent de recettes vient en augmentation du solde existant à la clôture de l'année budgétaire précédente, soit :
  2.517.229.359 F
  Le résultat définitif ainsi obtenu, soit :
  2.624.508.107 F
  est transféré, au compte de l'année budgétaire 2001.
HOOFDSTUK IV. - Bijzondere bepaling.
CHAPITRE IV. - Disposition spéciale.
Art. 21. Er wordt afgezien van de invordering van de schuld van de RMT ten opzichte van de CDVU betreffende niet verrichte terugbetalingen van voorschotten voor de betaling van wedden van personeelsleden van de Regie, ten belope van 183.708.441 BEF. De comptabiliteit wordt in overeenstemming gebracht met deze bepaling.
Art. 21. Il est renoncé au recouvrement de la dette de la RTM vis-à-vis du SCDF concernant des remboursements non effectués des avances pour le paiement des traitements des membres du personnel de la Régie, à concurrence de 183.708.441 FB. La comptabilité est mise en concordance avec cette disposition.
TITEL II. - VERRICHTINGEN GEDAAN TER UITVOERING VAN DE BEGROTING VAN DE STAATSDIENST MET AFZONDERLIJK BEHEER " MUNTFONDS ".
TITRE II. - OPERATIONS EFFECTUEES EN EXECUTION DU BUDGET DU SERVICE DE L'ETAT A GESTION SEPAREE " FONDS MONETAIRE ".
Art. 22. Het Muntfonds (opgericht bij artikel 3 van de wet van 12 juni 1930 tot oprichting van een Muntfonds).
  Dienst belast met de financiering en met het waarborgen van de deelmunten en met de financiering van de Koninklijke Munt van België door middel van voorschotten en leningen.
  De eindregeling van de begroting van het " Muntfonds " is voor het begrotingsjaar 2000 vastgesteld als volgt :
  a) de ontvangsten :
  De ontvangsten die geboekt worden in de rekening opgesteld onder het gezag van de Minister van Financiën en die bepaald zijn bij artikel 4-01-1 van de wet van 10 juli 2000 houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2000 bedragen
  7.891.443.045 F
  zoals blijkt uit bijgevoegde tabel H
  b) de uitgaven :
  De uitgaven die in deze rekening opgenomen werden, binnen de perken van de betalingskredieten
  1. toegekend bij artikel 4-01-1 van de wet van 5 juli 2000
  8.639.576.000 F
  2. toe te kennen voor de uitgaven die de kredieten overschrijden
  478.950.987 F
  samen
  9.118.526.987 F
  De betalingskredieten die de uitgaven overtreffen, zegge 649.722.843 F worden geannuleerd.
  c) Uitslag van de begroting :
  De eindcijfers van de begroting voor het jaar 2000 worden vastgesteld als volgt :
  - ontvangsten : 7.985.417.542 F
  

Wijzigingen

- uitgaven : 8.468.804.144 F
uitgavenexcedent op 31 december 2000 : 483.386.602 F
dat, gevoegd bij het excedent van de ontvangsten op de uitgaven, vastgesteld bij het afsluiten van het vorige beheersjaar 4.735.533.841 F, brengt het ontvangstenexcedent op 31 december 2000 op 4.252.147.239 F
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 10 februari 2004.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Financiën,
D. REYNDERS
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
Mevr. L. ONKELINX
Art. 22. Le Fonds monétaire (créé par l'article 3 de la loi du 12 juin 1930 créant un Fonds monétaire).
  Service chargé du financement et de la garantie des monnaies divisionnaires et du financement de la Monnaie royale de Belgique par des avances et des emprunts.
  Le règlement définitif du budget du " Fonds monétaire " s'établit pour l'année budgétaire 2000 ainsi qu'il suit :
  a) les recettes :
  Les recettes enregistrées dans le compte établi sous l'autorité du Ministre des Finances et prévues à l'article 4-01-1 de la loi du 10 juillet 2000 contenant le premier ajustement du budget général des dépenses pour l'année budgétaire 2000, s'élèvent à :
  7.891.443.045 F
  ainsi qu'il ressort du tableau H, ci-annexé
  b) les dépenses :
  Les dépenses constatées dans ledit compte dans les limites des crédits de paiement
  1. alloués par l'article 4-01-1 de la loi précitée du 5 juillet 2000
  8.639.576.000 F
  2. à allouer, pour les dépenses excédant les crédits
  478.950.987 F
  ensemble
  9.118.526.987 F
  Les crédits de paiement excédant les dépenses soit 649.722.843 F sont annulés.
  c) Résultat du budget :
  Le résultat définitif du budget de l'année 2000 s'établit comme suit :
  - recettes : 7.985.417.542 F
  

Wijzigingen

- dépenses : 8.468.804.144 F
excédent de dépenses au 31 décembre 2000 : 483.386.602 F
lequel, si l'on tient compte de l'excédent des recettes sur les dépenses à la clôture de l'année de gestion précédente, soit 4.735.533.841 F porte l'excédent des recettes au 31 décembre 2000 à 4.252.147.239 F
Promulguons la présente loi, ordonnons qu'elle soi revêtue du sceau au de l'Etat et publiée par le Moniteur belge.
Donné à Bruxelles, le 10 février 2004.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre des Finances,
D. REYNDERS
Scellé du sceau de l'Etat :
La Ministre de la Justice,
Mme L. ONKELINX
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. TABELLEN.
  Tabel A : Vastleggingen
  Tabel B : Ontvangsten
  Tabel C : Uitgaven
  Tabel D : Uitgaven waarvan de verantwoording of de regularisatie naar een volgend jaar wordt verwezen
  Tabel E : Uitgaven die de begrotingskredieten overschrijden of waarvoor geen enkel krediet goedgekeurd werd
  Tabel F : Rekening van de begroting 2000 - samenvatting
  Tabel G : Terugbetalings- en toewijzingsfondsen en Staatsdiensten met afzonderlijk beheer
  Tabel H : Staatsdienst met afzonderlijk beheer : Muntfonds
  (Tabellen niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 19-03-2004, p. 15754-15767).
Art. N. TABLEAUX.
  Tableau A : Engagements
  Tableau B : Recettes
  Tableau C : Dépenses
  Tableau D : Dépenses dont la justification ou la régularisation est renvoyée à une année suivante
  Tableau E : Dépenses qui excèdent les crédits budgétaires ou pour lesquelles aucun crédit n'a été voté
  Tableau F : Compte du budget 2000 - récapitulation
  Tableau G : Fonds de restitution et d'attribution et Services de l'Etat à gestion séparée
  Tableau H : Service de l'Etat à gestion séparée : Fonds monétaire
  (Tableaux non repris pour motifs techniques. Voir M.B. 19-03-2004, p. 15754-15767).