Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
26 JANUARI 2001. - Besluit van de Vlaamse regering betreffende de mandaten van directeur, algemeen directeur en coördinerend directeur in het niet-tertiair onderwijs. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 17-01-2002 en tekstbijwerking tot 26-06-2019)
Titre
26 JANVIER 2001. - Arrêté du Gouvernement flamand relatif aux mandats de directeur, de directeur général et de directeur coordonnateur dans l'enseignement non tertiaire (TRADUCTION). (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 17-01-2002 et mise à jour au 26-06-2019)
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
HOOFDSTUK I. - Omschrijving.
HOOFDSTUK II.
Afdeling I.
Afdeling II.
Afdeling III.
HOOFDSTUK III. - (Niet-verworven salarisschaal,...
Afdeling I. - Toepassingsgebied.
Afdeling II. - Coördinerend directeur.
Afdeling III. - Algemeen directeur.
Afdeling IV. - Algemene bepalingen.
HOOFDSTUK IV. - Slotbepalingen.
Inhoud
CHAPITRE I. - Description.
CHAPITRE II.
Section I.
Section II.
Section III.
CHAPITRE III. - (Echelle de traitement non acqu...
Section I. - Champ d'application.
Section II. - Directeur coordonnateur.
Section III. - Directeur général.
Section IV. - Dispositions générales
CHAPITRE IV. - Dispositions finales.
Tekst (26)
Texte (26)
HOOFDSTUK I. - Omschrijving.
CHAPITRE I. - Description.
Artikel 1. In dit besluit wordt verstaan onder niet-tertiair onderwijs de centra voor leerlingenbegeleiding, het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs, het volwassenenonderwijs en het deeltijds kunstonderwijs.
Article 1. Dans le présent arrêté, il faut entendre par enseignement non tertiaire les centres d'encadrement des élèves, l'enseignement fondamental et secondaire ordinaire et spécial, l'éducation des adultes et l'enseignement artistique à temps partiel.
HOOFDSTUK II.
CHAPITRE II.
Afdeling I.
Section I.
Afdeling II.
Section II.
Afdeling III.
Section III.
HOOFDSTUK III. - (Niet-verworven salarisschaal, toegekend aan sommige mandaathouders.)
CHAPITRE III. - (Echelle de traitement non acquise, accordée à certains mandataires.)
Afdeling I. - Toepassingsgebied.
Section I. - Champ d'application.
Art. 6. De bepalingen van dit hoofdstuk zijn van toepassing op :
1° de directeurs aan wie het mandaat van algemeen directeur wordt toegewezen of die belast worden met het waarnemen van de functie van algemeen directeur ter uitvoering van :
a) hoofdstuk Vquater van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs, ingevoegd bij het decreet van 18 mei 1999;
b) hoofdstuk IVquater van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding, ingevoegd bij het decreet van 18 mei 1999;
2° de directeurs die worden belast met het mandaat van coördinerend directeur ter uitvoering van :
a) hoofdstuk Vquinquies van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs, ingevoegd bij het decreet van 18 mei 1999;
b) hoofdstuk IVquinquies van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding, ingevoegd bij het decreet van 18 mei 1999.
1° de directeurs aan wie het mandaat van algemeen directeur wordt toegewezen of die belast worden met het waarnemen van de functie van algemeen directeur ter uitvoering van :
a) hoofdstuk Vquater van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs, ingevoegd bij het decreet van 18 mei 1999;
b) hoofdstuk IVquater van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding, ingevoegd bij het decreet van 18 mei 1999;
2° de directeurs die worden belast met het mandaat van coördinerend directeur ter uitvoering van :
a) hoofdstuk Vquinquies van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs, ingevoegd bij het decreet van 18 mei 1999;
b) hoofdstuk IVquinquies van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding, ingevoegd bij het decreet van 18 mei 1999.
Art. 6. Les dispositions du présent chapitre sont d'application :
1° aux directeurs à qui est conféré le mandat de directeur général ou qui sont appelés à assumer la fonction de directeur général en exécution du :
a) chapitre Vter du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'Enseignement communautaire inséré par le décret du 18 mai 1999;
b) chapitre IVquater du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement subventionné et des centres d'encadrement des élèves subventionnés, inséré par le décret du 18 mai 1999.
2° aux directeurs chargés du mandat de directeur coordonnateur en exécution du :
a) chapitre Vquinquies du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'Enseignement communautaire inséré par le décret du 18 mai 1999;
b) chapitre IVquinquies du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement subventionné et des centres d'encadrement des élèves subventionnés, inséré par le décret du 18 mai 1999.
1° aux directeurs à qui est conféré le mandat de directeur général ou qui sont appelés à assumer la fonction de directeur général en exécution du :
a) chapitre Vter du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'Enseignement communautaire inséré par le décret du 18 mai 1999;
b) chapitre IVquater du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement subventionné et des centres d'encadrement des élèves subventionnés, inséré par le décret du 18 mai 1999.
2° aux directeurs chargés du mandat de directeur coordonnateur en exécution du :
a) chapitre Vquinquies du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'Enseignement communautaire inséré par le décret du 18 mai 1999;
b) chapitre IVquinquies du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement subventionné et des centres d'encadrement des élèves subventionnés, inséré par le décret du 18 mai 1999.
Afdeling II. - Coördinerend directeur.
Section II. - Directeur coordonnateur.
Art. 7. Aan de directeur die belast is met het mandaat van coördinerend directeur, vermeld in artikel 55vicies van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs, wordt de niet-verworven salarisschaal 896 toegekend.
Art. 7. Au directeur chargé du mandat de directeur coordonnateur, visé à l'article 55vicies du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement communautaire, est accordée l'échelle de traitement non acquise 896.
Art. 8. Aan de directeur die belast is met het mandaat van coördinerend directeur, vermeld in artikel 44quinquies decies van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding, wordt de niet-verworven salarisschaal 797 toegekend.
Art. 8. Au directeur chargé du mandat de directeur coordonnateur, visé à l'article 44quinquies decies du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement subventionné et des centres d'encadrement des élèves subventionnés, est accordée l'échelle de traitement non acquise 797.
Afdeling III. - Algemeen directeur.
Section III. - Directeur général.
Art. 9. Aan de directeur die voorlopig de functie van algemeen directeur waarneemt of het mandaat van algemeen directeur uitoefent, respectievelijk vermeld in artikel 55septies decies, § 3 en 55octies decies van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs, wordt de niet-verworven salarisschaal 897 toegekend.
Art. 9. Au directeur qui, à titre provisoire, est appelé à assumer le mandat de directeur général ou exerce le mandat de directeur général, visé respectivement à l'article 55septies decies, § 3 et 55octies du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement communautaire, est accordée l'échelle de traitement non acquise 897.
Art. 10. Aan de directeur die belast is met het mandaat van algemeen directeur, vermeld in artikel 44quater decies van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding, wordt de niet-verworven salarisschaal 796 toegekend.
Art. 10. Au directeur chargé du mandat de directeur général, visé à l'article 44quater decies du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement subventionné et des centres d'encadrement des élèves subventionnés, est accordée l'échelle de traitement non acquise 796.
Afdeling IV. - Algemene bepalingen.
Section IV. - Dispositions générales
Art. 11. § 1. De coördinerend directeur en de algemeen directeur ontvangen de (niet-verworven salarisschaal) vanaf de dag waarop zij effectief het mandaat uitoefenen.
Het personeelslid behoudt de (niet-verworven salarisschaal) gedurende de herfstvakantie, de kerstvakantie, de krokusvakantie, de paasvakantie, de zomervakantie en andere verlofdagen voor zover die vallen binnen de periode van de aanstelling voor het bedoelde mandaat.
Eenzelfde persoon kan de (niet-verworven salarisschaal) van algemeen directeur en van coördinerend directeur, vermeld in dit hoofdstuk, niet cumuleren.
§ 2. Het maandbedrag van de (niet-verworven salarisschaal) is gelijk aan een twaalfde van het jaarbedrag. Als de toelage niet voor de volledige maand verschuldigd is, wordt ze in dertigste verdeeld, overeenkomstig de regels voor de uitbetaling van het salaris.
§ 3. (niet-verworven salarisschaal) wordt maandelijks uitbetaald, na het vervallen van de termijn en op dezelfde wijze als het salaris.
(§ 4. De niet-verworven salarisschalen, vermeld in artikelen 7, 8, 9 en 10, worden vastgesteld bij [1 het besluit van de Vlaamse Regering van 5 oktober 2018]1 houdende de salarisschalen van bepaalde personeelsleden van het onderwijs. Zolang het personeelslid aan de voorwaarden voldoet, maakt de niet-verworven salarisschaal integraal deel uit van de salarisschalen waarop de betrokkene overeenkomstig zijn tijdelijke aanstelling, zijn toelating tot de proeftijd of zijn vaste benoeming recht heeft en vormt die schaal mede de grondslag voor de berekening van het salaris van het betrokken personeelslid.
Bij de berekening van de beperking van het salaris tot de eenheid of tot het best bezoldigd ambt, wordt met het bedrag van een niet-verworven salarisschaal echter geen rekening gehouden.)
Het personeelslid behoudt de (niet-verworven salarisschaal) gedurende de herfstvakantie, de kerstvakantie, de krokusvakantie, de paasvakantie, de zomervakantie en andere verlofdagen voor zover die vallen binnen de periode van de aanstelling voor het bedoelde mandaat.
Eenzelfde persoon kan de (niet-verworven salarisschaal) van algemeen directeur en van coördinerend directeur, vermeld in dit hoofdstuk, niet cumuleren.
§ 2. Het maandbedrag van de (niet-verworven salarisschaal) is gelijk aan een twaalfde van het jaarbedrag. Als de toelage niet voor de volledige maand verschuldigd is, wordt ze in dertigste verdeeld, overeenkomstig de regels voor de uitbetaling van het salaris.
§ 3. (niet-verworven salarisschaal) wordt maandelijks uitbetaald, na het vervallen van de termijn en op dezelfde wijze als het salaris.
(§ 4. De niet-verworven salarisschalen, vermeld in artikelen 7, 8, 9 en 10, worden vastgesteld bij [1 het besluit van de Vlaamse Regering van 5 oktober 2018]1 houdende de salarisschalen van bepaalde personeelsleden van het onderwijs. Zolang het personeelslid aan de voorwaarden voldoet, maakt de niet-verworven salarisschaal integraal deel uit van de salarisschalen waarop de betrokkene overeenkomstig zijn tijdelijke aanstelling, zijn toelating tot de proeftijd of zijn vaste benoeming recht heeft en vormt die schaal mede de grondslag voor de berekening van het salaris van het betrokken personeelslid.
Bij de berekening van de beperking van het salaris tot de eenheid of tot het best bezoldigd ambt, wordt met het bedrag van een niet-verworven salarisschaal echter geen rekening gehouden.)
Art. 11. § 1er. Le directeur coordonnateur et le directeur général obtiennent (l'échelle de traitement non acquise) à compter du jour auquel ils exercent effectivement le mandat.
Le membre du personnel garde (l'échelle de traitement non acquise) pendant les vacances d'automne, de Noël, de printemps, de Pâques et d'été et les autres jours de congé pour autant que ceux-ci tombent dans la période de désignation dans le mandat en question.
Une seule personne ne peut pas cumuler (l'échelle de traitement non acquise) de directeur général et de directeur coordonnateur, visée au présent chapitre.
§ 2. Le montant mensuel de (l'échelle de traitement non acquise) est égal à un douzième du montant annuel. Si (l'échelle de traitement non acquise) n'est pas due pour le mois entier, elle est divisée en trentièmes, conformément à la réglementation pour le paiement de traitements.
§ 3. (l'échelle de traitement non acquise) se liquide mensuellement, après expiration du délai et de la même façon que le traitement.
(§ 4. Les échelles de traitement non acquises, visées aux articles 7, 8, 9 et 10, sont fixées par [1 l'arrêté du Gouvernement flamand du 5 octobre 2018]1 portant les échelles de traitement de certains membres du personnel de l'enseignement. Aussi longtemps que le membre du personnel remplit les conditions, l'échelle de traitement non acquise fait partie intégrante des échelles de traitement auxquelles l'intéressé a droit conformément à sa désignation temporaire, son admission au stage ou sa nomination à titre définitif, et cette échelle sert également de base pour le calcul du traitement du membre du personnel intéressé.
Le montant d'une échelle de traitement non acquise n'est cependant pas pris en ligne de compte pour le calcul de la limitation du traitement à l'unité ou à la fonction la mieux rémunérée.)
Le membre du personnel garde (l'échelle de traitement non acquise) pendant les vacances d'automne, de Noël, de printemps, de Pâques et d'été et les autres jours de congé pour autant que ceux-ci tombent dans la période de désignation dans le mandat en question.
Une seule personne ne peut pas cumuler (l'échelle de traitement non acquise) de directeur général et de directeur coordonnateur, visée au présent chapitre.
§ 2. Le montant mensuel de (l'échelle de traitement non acquise) est égal à un douzième du montant annuel. Si (l'échelle de traitement non acquise) n'est pas due pour le mois entier, elle est divisée en trentièmes, conformément à la réglementation pour le paiement de traitements.
§ 3. (l'échelle de traitement non acquise) se liquide mensuellement, après expiration du délai et de la même façon que le traitement.
(§ 4. Les échelles de traitement non acquises, visées aux articles 7, 8, 9 et 10, sont fixées par [1 l'arrêté du Gouvernement flamand du 5 octobre 2018]1 portant les échelles de traitement de certains membres du personnel de l'enseignement. Aussi longtemps que le membre du personnel remplit les conditions, l'échelle de traitement non acquise fait partie intégrante des échelles de traitement auxquelles l'intéressé a droit conformément à sa désignation temporaire, son admission au stage ou sa nomination à titre définitif, et cette échelle sert également de base pour le calcul du traitement du membre du personnel intéressé.
Le montant d'une échelle de traitement non acquise n'est cependant pas pris en ligne de compte pour le calcul de la limitation du traitement à l'unité ou à la fonction la mieux rémunérée.)
Wijzigingen
Art. 12. Het jaarbedrag van de (niet-verworven salarisschaal) schommelt met het indexcijfer van de consumptieprijzen, overeenkomstig de wet van 1 maart 1977 houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige uitgaven in de overheidssector aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk worden gekoppeld. Het bedrag wordt aan het spilindexcijfer 138.01 gekoppeld.
Art. 12. Le montant annuel de (l'échelle de traitement non acquise) varie suivant l'indice des prix à la consommation, conformément à la loi du 1er mars 1977 organisant un régime de liaison à l'indice des prix à la consommation du Royaume de certaines dépenses dans le secteur public. Le montant est lié à l'indice-pivot 138.01.
HOOFDSTUK IV. - Slotbepalingen.
CHAPITRE IV. - Dispositions finales.
Art. 13. § 1. (Opgeheven)
Art. 13. (Abrogé)
Art. 14. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 september 1999. [1 ...]1.
Art. 14. Le présent arrêté produit ses effets le 1er septembre 1999. [1 ...]1.
Wijzigingen
Art. 15. De Vlaamse minister, bevoegd voor het Onderwijs, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 15. Le Ministre flamand ayant l'Enseignement dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.