Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
19 JANUARI 2001. - Besluit van de Vlaamse regering houdende de vaststelling van de criteria van toekenning van onderhoudstoelagen aan centra of diensten voor revalidatie(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 16-03-2001 en tekstbijwerking tot 08-10-2025)
Titre
19 JANVIER 2001. - Arrêté du Gouvernement flamand fixant les critères d'octroi des subventions à l'entretien des centres ou services de réadaptation fonctionnelle (TRADUCTION)(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 16-03-2001 et mise à jour au 08-10-2025)
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
Inhoud
Tekst (14)
Texte (14)
Artikel 1. In dit besluit wordt verstaan onder :
  1° het Fonds: het Vlaams Fonds voor Sociale Integratie van Personen met een Handicap;
  2° het centrum of de dienst voor revalidatie: de voorziening die aan de in 3° bedoelde revalidant medische of functionele revalidatie verstrekt, die door het Fonds erkend is krachtens de bepalingen van het besluit van de Vlaamse regering van 17 december 1996 tot vaststelling van de erkenningsvoorwaarden en -modaliteiten van de centra of diensten voor revalidatie en die niet voorzien is in ziekenhuisverpleging of niet onderworpen is aan ziekenhuisnormen;
  3° de revalidant: de persoon met een handicap, bedoeld in artikel 2, § 2, 1°, van het decreet van 27 juni 1990 houdende oprichting van een Vlaams Fonds voor Sociale Integratie van Personen met een Handicap en die zich voor zijn revalidatie wendt tot een centrum of dienst voor revalidatie, bedoeld in 2°.
Article 1. Dans le présent arrêté on entend par :
  1° le Fonds : le "Vlaams Fonds voor Sociale Integratie van Personen met een Handicap";
  2° le centre ou le service de réadaptation fonctionnelle : la structure qui dispense une réadaptation médicale ou fonctionnelle à la personne handicapée, visée au 3°, qui est agréée par le Fonds en vertu des dispositions de l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 décembre 1996 fixant les conditions et les modalités d'agrément des centres ou services de réadaptation fonctionnelle et qui n'est pas pratiquée dans le cadre des soins hospitaliers ou n'est pas régie par des normes hospitalières;
  3° le patient : la personne handicapée, visée à l'article 2, § 2, 1°, du décret du 27 juin 1990 portant création d'un "Vlaams Fonds voor Sociale Integratie van Personen met een Handicap" et qui s'adresse pour sa réadaptation à un centre ou un service de réadaptation fonctionnelle, visé au 2°.
Art.2. Het Fonds kan overeenkomstig de bepalingen van dit besluit en binnen de grenzen van de hiervoor op zijn begroting ingeschreven kredieten aan de extramurale revalidatiecentra of -diensten onderhoudstoelagen toekennen.
Art.2. Le Fonds peut, conformément aux dispositions du présent arrêté et dans les limites des crédits inscrits à son budget, octroyer des subventions d'entretien aux centres ou services extra-muros de réadaptation fonctionnelle.
Art.3. § 1. Voor elk burgerlijk kwartaal wordt aan het centrum of de dienst voor revalidatie een toelage toegekend, berekend op basis van de installaties en de technieken voor revalidatie en op basis van het personeel, door het centrum of de dienst voor revalidatie aangewend in de loop van het vorige kwartaal.
  § 2. De periodes van inactiviteit van het centrum of de dienst voor revalidatie in de loop van het voorgaande kwartaal, inzonderheid de periodes die te wijten zijn aan vakantie, vormen geen beletsel voor de toekenning van de driemaandelijkse toelage voorzover deze periode van inactiviteit zich rechtvaardigt, inzonderheid gelet op de voorwaarden van erkenning waaraan het centrum of de dienst voor revalidatie moet beantwoorden en op de categorieën revalidanten naar wie het centrum of de dienst voor revalidatie zich richt. In dat geval wordt het bedrag van de driemaandelijkse toelage evenwel verminderd ten belope van een zesde van het bedrag per volle maand inactiviteit in de loop van het beschouwde voorafgaande kwartaal.
  § 3. Als het Fonds van oordeel is dat de periode van inactiviteit geheel of gedeeltelijk ongerechtvaardigd is, wordt het bedrag van de toegekende driemaandelijkse toelage proportioneel verminderd tot het aantal volle maanden van werkelijke activiteit en, in voorkomend geval, van gerechtvaardigde inactiviteit van het centrum of de dienst voor revalidatie in de loop van het voorgaande kwartaal. Het Fonds kan in geval van herhaling de toekenning van de driemaandelijkse toelage weigeren.
Art.3. § 1er. Pour chaque trimestre civil, il est octroyé au centre ou service de réadaptation fonctionnelle, une subvention calculée en fonction de l'importance des installations et techniques de réadaptation et du personnel qu'il a utilisés au cours du trimestre précédent.
  § 2. Les périodes d'inactivité du centre ou service au cours du trimestre précédent, notamment celles qui sont dues aux vacances, ne font pas obstacle à l'octroi de la subvention trimestrielle pour autant que ces périodes d'inactivité se justifient eu égard, notamment, aux conditions d'agrément auxquelles le centre ou service doit répondre et aux diverses catégories de patients auxquels il s'adresse. Toutefois, dans ce cas, le montant de la subvention trimestrielle est réduit à concurrence d'un sixième de son montant par mois entier d'inactivité au cours du trimestre précédent considéré.
  § 3. Lorsque le Fonds estime que la période d'inactivité est en tout ou en partie injustifiée, le montant de la subvention trimestrielle octroyée est réduit proportionnellement au nombre de mois entiers d'activité effective et, le cas échéant, d'inactivité justifiée, du centre ou service au cours du trimestre précédent. Toutefois, en cas de récidive, le Fonds peut refuser l'octroi de la subvention trimestrielle.
Art.4. § 1. Voor elk van de installaties en technieken voor revalidatie en voor elk van de medewerkers aan de revalidatie, vermeld in de nomenclatuur, gevoegd als bijlage bij dit besluit, en in de loop van het voorgaande kwartaal door het centrum of de dienst voor revalidatie geregeld aangewend, wordt aan het centrum of de dienst voor revalidatie het aantal punten toegekend dat naast elk van deze installaties en technieken voor revalidatie en naast elk van deze medewerkers aan de revalidatie is aangeduid.
  § 2. De toekenning van de punten die aangeduid zijn in de nomenclatuur, gevoegd als bijlage bij dit besluit, aangeduide punten gebeurt door rekening te houden met de bepalingen van de § 3 tot en met § 5.
  § 3. Onder lokaal moet worden verstaan, een ingerichte en uitgeruste ruimte, waarin de revalidanten individuele behandelingen ondergaan. Onder zaal moet worden verstaan, een ingerichte en uitgeruste ruimte, waarin de revalidanten individuele en/of collectieve behandelingen ondergaan, met een oppervlakte van minstens 27 m2 (binnenafmetingen).
  § 4. De installaties en technieken voor revalidatie worden alleen in aanmerking genomen als ze bediend worden door bevoegd personeel, dat in het centrum of de dienst voor revalidatie wordt tewerkgesteld.
  § 5. Het personeel wordt alleen in aanmerking genomen als het voorkomt in de bijlage bij de overeenkomst tussen het centrum of de dienst voor revalidatie en het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering. Als voltijds equivalent (VTE) wordt een tewerkstelling van 38 uur per week gerekend. Bij deeltijdse tewerkstelling wordt het puntenaantal pro rata van de arbeidsduur verminderd.
Art.4. § 1er. Pour chacune des installations et techniques de réadaptation et pour chacun des auxiliaires de la réadaptation, mentionnés dans la nomenclature annexée au présent arrêté, que le centre ou service a régulièrement utilisés au cours du trimestre précédent, il est attribué au centre ou au service le nombre de points indiqué en regard de chacune des installations et techniques et de chacun des auxiliaires.
  § 2. L'attribution des points indiqués dans la nomenclature annexée au présent arrêté s'effectue en tenant compte des dispositions des §§ 3 à 5 inclus.
  § 3. Par local, il y a lieu d'entendre un espace aménagé et équipé dans lequel les handicapés font l'objet de traitements individuels. Par salle, il y a lieu d'entendre un espace aménagé et équipé d'une superficie de 27 m2 au moins (dimensions intérieures) dans lequel les patients font l'objet de traitements individuels et/ou collectifs.
  § 4. Les installations et techniques de réadaptation ne sont prises en considération que pour autant qu'elles soient desservies par du personnel qualifié occupé par le centre ou service.
  § 5. Le personnel n'est pris en considération que s'il figure dans l'annexe de la convention conclue entre le centre ou le service et le l'Institut national d'assurance maladie-invalidité. Par équivalent à temps plein (ETP) il faut entendre une occupation de 38 heures par semaine. En cas de prestations incomplètes, le nombre de points est réduit au prorata de la durée du travail.
Art.5. Het bedrag van de voor elk kwartaal toegekende toelage wordt berekend door een som van 0,2925 euro uit te keren voor elk toegekend punt.
  [1 Het subsidiebedrag, vermeld in het eerste lid, wordt jaarlijks op 1 januari aangepast, rekening houdend met het indexcijfer van de afgevlakte gezondheidsindex, vermeld in titel I, hoofdstuk II, van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van 's lands concurrentievermogen, hierna de G-index te noemen, volgens de volgende formule: bedrag X-1 x G-index december X-1/G-index december X-2, waarbij X het jaartal is waarin de indexering plaatsvindt]1.
  
Art.5. Le montant de la subvention trimestrielle est calculé par l'octroi d'une somme de 0,2925 euro pour chaque point attribué.
  [1 Le montant de la subvention visé à l'alinéa 1er, est adapté annuellement au 1er janvier, compte tenu de l'indice de l'indice santé lissé, visé au titre I, chapitre II, de l'arrêté royal du 24 décembre 1993 portant exécution de la loi du 6 janvier 1989 de sauvegarde de la compétitivité du pays, ci-après dénommé l'indice G, selon la formule suivante : montant X-1 x indice G décembre X-1/indice G décembre X-2, où X est l'année au cours de laquelle l'indexation intervient ]1.
  
Art.6. § 1. De toelage wordt alleen toegekend op voorwaarde dat het centrum of de dienst voor revalidatie :
  1° de erkenning geniet gedurende gans het burgerlijk kwartaal, waarvoor de toelage wordt gevraagd;
  2° de erkenning heeft genoten gedurende het burgerlijk kwartaal dat voorafgaat aan datgene waarvoor de toelage wordt gevraagd. Als het centrum of de dienst voor revalidatie alleen gedurende een gedeelte van het vorige burgerlijk kwartaal erkend is geweest, wordt het bedrag van de toelage verminderd met een of met twee derden naargelang het centrum of de dienst voor revalidatie de erkenning respectievelijk gedurende ten minste twee volle maanden of ten minste een volle maand van het kwartaal heeft genoten.
  § 2. Voor de centra of de diensten voor revalidatie die voor de eerste maal worden erkend of die, na een onderbreking van hun erkenning, opnieuw worden erkend, wordt het bedrag van de eerste driemaandelijkse toelage die hun na deze erkenning wordt verleend, vermenigvuldigd met twee, twee en een half of vier naargelang, bij toepassing van § 1, respectievelijk drie maanden, twee maanden of één maand activiteit voor de berekening van deze eerste driemaandelijkse toelage in aanmerking werd genomen.
Art.6. § 1er. La subvention à l'entretien n'est octroyée que pour autant que le centre ou service :
  1° bénéficie de l'agrément pendant l'entièreté du trimestre civil pour lequel la subvention est sollicitée;
  2° ait bénéficié de l'agrément pendant le trimestre civil précédant celui pour lequel la subvention est demandée. Lorsque le centre ou service n'a été agréé que pendant une partie du trimestre civil précédent, le montant de la subvention est réduit d'un tiers ou de deux tiers suivant que le centre ou service a bénéficié de l'agrément pendant, respectivement, au moins deux ou au moins un mois entier du trimestre.
  § 2. Pour les centres ou services de réadaptation fonctionnelle qui sont agréés pour la première fois ou qui, après une interruption de leur agrément, sont à nouveau agréés, le montant de la première subvention trimestrielle qui, après cet agrément, leur est accordée, est multiplié par deux, deux et demi ou quatre, suivant que, respectivement trois, deux ou un mois d'activité ont été, par application du § 1er, pris en considération pour le calcul de cette première subvention trimestrielle.
Art.7. § 1. Voor elk burgerlijk kwartaal waarvoor de toelage wordt gevraagd, moet het centrum of de dienst voor revalidatie aan het Fonds een verklaring op eer laten geworden die, op basis van de nomenclatuur die bij dit besluit gevoegd is, de installaties en technieken voor revalidatie en de medewerkers aan de revalidatie nauwkeurig opsomt die in de loop van het vorige kwartaal geregeld werden aangewend.
  § 2. De verklaring bedoeld in § 1, moet worden ingediend voor het verstrijken van de tweede maand van het kwartaal waarvoor de toelage wordt gevraagd. De verklaring moet evenwel worden ingediend voor het verstrijken van een periode van dertig dagen, te rekenen vanaf de berekening van de beslissing tot erkenning, wanneer het gaat om centra of diensten voor revalidatie die voor de eerste maal worden erkend of die, na onderbreking van hun erkenning, opnieuw worden erkend. De leidend ambtenaar van het Fonds kan, bij gemotiveerde beslissing, afwijken van deze termijnen als het centrum of de dienst voor revalidatie bewijst dat de vertraging te wijten is aan een oorzaak, onafhankelijk van zijn wil.
  § 3. De bepalingen van het koninklijk besluit van 31 mei 1933 betreffende de verklaringen af te leggen in verband met subsidies, vergoedingen en toelagen, zijn van toepassing op de verklaring, bedoeld in dit artikel.
Art.7. § 1er. Pour chacun des trimestres civils pour lesquels la subvention est sollicitée, le centre ou service est tenu de faire parvenir au Fonds une déclaration sur l'honneur détaillant, en fonction de la nomenclature annexée au présent arrêté, les installations et techniques de réadaptation utilisées et les auxiliaires de la réadaptation employés, au cours du trimestre civil précédent.
  § 2. La déclaration visée au § 1er doit être introduite avant l'expiration du deuxième mois du trimestre pour lequel la subvention est sollicitée. Toutefois, la déclaration doit être introduite avant l'expiration d'une période de trente jours, à partir de la notification de la décision d'agrément, lorsqu'il s'agit de centres ou services qui sont agréés pour la première fois ou qui, après une interruption de leur agrément, sont à nouveau agréés. Le fonctionnaire dirigeant du Fonds peut, par décision motivée, déroger à ces délais, si le centre ou service établit que le retard est imputable à une cause indépendante de sa volonté.
  § 3. Les dispositions de l'arrêté royal du 31 mai 1933 concernant les déclarations à faire en matière de subventions, indemnités et allocations, sont applicables à la déclaration visée au présent article.
Art.8. De bij dit besluit bepaalde toelagen worden alleen toegekend als het centrum of de dienst voor revalidatie :
  1° een afschrift bezorgt aan het Fonds van zijn eindeboekjaarrekeningen van de jaren waarvoor hem toelagen worden verleend;
  2° zich onderwerpt aan de bepalingen van hoofdstuk X van voormeld decreet van 27 juni 1990.
Art.8. Les subventions prévues par le présent arrêté ne sont octroyées que pour autant que le centre ou service :
  1° fasse parvenir au Fonds une copie de ses comptes de fin d'exercice relatifs aux années pour lesquelles des subventions lui sont accordées;
  2° se conforme aux dispositions du chapitre X du décret précité du 27 juin 1990.
Art.9. Het ministerieel besluit van 22 februari 1968 houdende vaststelling van de criteria van toekenning van de toelagen voor het onderhoud van centra of diensten voor revalidatie, wordt opgeheven.
Art.9. L'arrêté ministériel du 22 février 1968 fixant les critères des subsides à l'entretien des centres ou services de réadaptation fonctionnelle, est abrogé.
Art.10. Vanaf de datum van inwerkingtreding van dit besluit, tot en met 31 december 2001 is in de plaats van het bedrag van " 0,2925 EUR", vermeld in artikel 5, het bedrag van "11,80 Fr " van toepassing.
Art.10. A partir de la date d'entrée en vigueur du présent arrêté jusqu'au 31 décembre 2001 inclus, le montant de "11,80 F" est applicable en lieu et place du montant de "0,2925 EUR, visé à l'article 5.
Art.11. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2001.
Art.11. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2001.
Art.12. De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, is belast met de uitvoering van dit besluit.
  Brussel, 19 januari 2001.
  De minister-president van de Vlaamse regering,
  P. DEWAEL
  De Vlaamse minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke Kansen,
  Mevr. M. VOGELS
Art.12. Le Ministre flamand qui a l'assistance aux personnes dans ses attributions, est chargé de l'exécution du présent arrêté.
  Bruxelles, le 19 janvier 2001.
  Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
  P. DEWAEL
  La Ministre flamande de l'Aide sociale, de la Santé et de l'Egalité des Chances,
  Mme M. VOGELS
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. Vaststelling van de criteria van toekenning van onderhoudstoelagen aan centra of diensten voor revalidatie
Art. N. Critères d'octroi des subventions à l'entretien des centres ou services de réadaptation fonctionnelle
  A. INSTALLATIES EN TECHNIEKEN
  1. KINESITHERAPIE
  * Per ingerichte en uitgeruste ruimte voor individuele                 100
  kinesitherapiebehandelingen met mogelijkheden voor actinotherapie en
  elektrotherapie.
  * Per ingerichte en uitgeruste zaal voor individuele en collectieve    900
  kinesitherapiebehandelingen
  2. GYMNASTIEK
  * Per turnzaal die minstens is uitgerust met leibomen, plinten,        900
  Zweedse balken, orthopedische en ergometrische fietsen, gangpad
  * Per hindernissenbaan met minstens denivelleringen, trap in           100
  openlucht.
  3. HYDROTHERAPIE
  * Individuele uitrusting voor hydrotherapie (Armbad, beenbad,
  vlinderbad, badkuip, badkuip voor therapeutische baden, toestel voor
  massage onder water)
  - per installatie                                                      350
  * Gemeenschappelijke hydrotherapiezaal :
  - per kom van twee meter en meer breedte met sterilisatie,            4000
  verwarming, filtratie, ophijstoestel en leuningen
  - toeslag per meter boven de vier meter lengte                        1000
  - toeslag voor ophijsbodem                                            1000
  - toeslag per toestel voor massage onder water                         400
  * Fango en parafango : per installatie                                 200
  4. PSYCHOMOTORISCHE THERAPIE
  * Per lokaal voor individuele psychomotorische therapie en             400
  wederopvoeding
  * Per zaal voor collectieve psychomotorische therapie en               800
  wederopvoeding
  * Per snoezelruimte of ruimte voor relaxatie                           500
  5. SENSORISCHE THERAPIE-ORTHOPSIE/PLEIOPSIE
  * Per lokaal voor individuele orthopsie en/of pleiopsie                500
  * Per zaal voor collectieve orthopsie erl/of pleiopsie                1000
  6. PSYCHOTHERAPIE
  * Per lokaal voor individuele psychotherapie                           200
  * Per zaal voor groepspsychotherapie                                   400
  7. ONDERZOEK EN TESTING
  * Per uitgerust geneeskundig kabinet                                   200
  * Per uitgerust lokaal bestemd voor psychologisch onderzoek            200
  * Per uitgerust lokaal bestemd voor psychologisch onderzoek, met       250
  mogelijkheid van rechtstreekse observatie via doorkijkspiegel
  * Per lokaal bestemd om de visuele en oculomotorische balans vast te   400
  stellen
  * Per lokaal sociale dienst                                            200
  8 AUDIOMETRIE
  A. Lokalen
  * Per geluidsvrije kabine                                              250
  * Per tweeledige kabine die rechtstreekse observatie toelaat           500
  * Per tweeledige kabine uitgerust voor audiometrie in vrij veld        600
  B. Apparatuur bestemd voor audiometrie (Kan telkens slechts eenmaal
  aangerekend worden. Indien het centrum echter over een of meerdere
  audiometrische kabines beschikt, kan het overeenkomend aantal punten
  per kabine uitgerust met de hieronder omschreven apparatuur
  aangerekend worden.)
  * Apparatuur bestemd voor tonale audiometrie                           250
  * Apparatuur bestemd voor verbo-tonale audiometrie                     300
  * Apparatuur bestemd voor vocale audiometrie                           300
  * Apparatuur bestemd voor de objectieve audiometrie door opname op     175
  de huid
  * Apparatuur bestemd voor de objectieve audiometrie door opname op     500
  het zenuwstelsel, per installatie
  * Apparatuur bestemd voor prothetische audiometrie, uitgerust voor     400
  de geluidsversterking met compensatie
  *Apparatuur voor kinderaudiometrie                                     250
  C. Apparatuur bestemd voor de fonometrie
  * Apparatuur die de geluidstrillingen visualiseert                     400
  * Apparatuur die de bewegingen van het strottenhoofd visualiseert      175
  * Apparatuur die de elektrische verschijnselen op de spraakorganen     300
  meet 
  9. LOGOPEDIE/AUDIOFONIATRIE
  * Uitgerust lokaal voor individuele logopedie (Uitrusting type:        350
  spiegel, gewoon logopedisch therapeutisch materiaal, schrijfbord,
  gewone computer, enz.)
  * Uitgeruste zaal voor collectieve logopedie                           600
  * Toeslag voor lokaal of zaal uitgerust met magnetische ring of        200
  zwevende vloer
  * Toeslag voor lokaal of zaal uitgerust met geluidsversterkende
  apparatuur
  - enkel lichte apparatuur (Type gewone versterker zonder               150
  compensatie)
  - enkel zware apparatuur (Type versterkers met compensatie)           1500
  - lichte en zware apparatuur                                          1650
  * Toeslag voor lokaal uitgerust met apparatuur voor visuele weergave   500
  * Draadloze apparatuur (FM, IR,...)                                    200
  * Gespecialiseerd computersysteem, type Speech Viewer                  300
  10. ERGOTHERAPIE
  *Gewone en creatieve ergotherapie
  - per lokaal voor individuele ergotherapie                             300
  - per zaal voor collectieve ergotherapie                               600
  * Praktische ergotherapie
  - per lokaal voor ADL en voor het leren aanwenden van                  300
  gebruikshulpmiddelen (oefenflat, oefenkeuken)
  - per lokaal voor het oefenen van het gebruik van hulpmiddelen voor    300
  auditief gehandicapten
  - per lokaal voor het oefenen van het gebruik van hulpmiddelen voor    400
  visueel gehandicapten
  * Preprofessionele ergotherapie (activiteiten in de werkplaats)
  - per werkplaats :
  - voor houtbewerking                                                  1000
  - voor metaalbewerking                                                 750
  - andere                                                               750
  11. WERKPLAATSEN
  * Per werkplaats voor het vervaardigen, het passen, verbeteren en     2000
  het aanpassen van prothesen en/of orthopedische apparaten onder
  leiding van een bevoegd technicus
  * Per werkplaats uitsluitend gebruikt voor het op punt stellen van    1000
  gehoorprothesen en het nazicht van technische apparaten, door een
  specifiek bevoegd technicus
  * Per werkplaats voor het vervaardigen van hulpmiddelen en gadgets    1000
  die ertoe bijdragen het leven van de personen met een handicap
  zelfstandiger te maken en/of per werkplaats voor aanpassing van
  apparaten voor ergotherapie onder leiding van een geschoold
  technicus
  12. TEAMVERGADERINGEN EN BIJSCHOLING
  * Teamvergadering                                                     1000
  * Bijscholing buiten het centrum (of binnen het centrum met een       1000
  externe spreker) waaraan personeelsleden van het centrum deelnamen,
  forfaitair
  * Bijscholing ingericht door het centrum met spreker(s) van buiten    1000
  uit en bedoeld voor extern publiek: per vergadering
  13. JAARVERSLAG
  * Per jaarlijks activiteitenverslag                                   1000
  B. PERSONEEL
  1. psycholoog- orthopedagoog- pedagoog
  * per VTE                                                             1250
  2. sociaal assistent - sociaal verpleegster - maatschappelijk
  assistent
  * per VTE                                                             1250
  3. logopedist
  * per VTE                                                              400
  4. ergotherapeut
  * per VTE                                                              700
  5. paramedici - opvoeders - psychologisch assistent
  * per VTE                                                              650
  6. ander therapeutisch personeel (= exclusief artsen, directie,
  onderhoudspersoneel, administratie...)
  * per VTE                                                              650
  A. INSTALLATIONS ET TECHNIQUES
  1. KINESITHERAPIE
  * Par local amenage et equipe pour des traitements individuels de      100
  kinesitherapie et des possibilites d'actinotherapie et
  d'electrotherapie
  * Par salle amenagee et equipee pour des traitements individuels et    900
  collectifs de kinesitherapie
  2. GYMNASTIQUE
  * Par salle de gymnastique comportant au moins espaliers, plinthes,    900
  bancs suedois, bicyclettes orthopediques et ergometriques, couloir
  de marche
  * Par piste d'obstacles comportant au moins denivellations, escalier   100
  en plein air
  3. HYDROTHERAPIE
  * Equipement d'hydrotherapie individuelle (bain de bras, bain de
  jambe, bain de trefle, baignoire, baignoire pour bains
  therapeutiques, bain de massage sous eau)
  - par installation                                                     350
  * Salle d'hydrotherapie collective :                                     4
                                                                         000
  - par piscine d'une largeur de deux metres ou plus avec installation     1
  de sterilisation, chauffage, filtrage, palan et rampes                 000
  - en plus, par metre de longueur au-dela de quatre metres                1
                                                                         000
  - en plus, pour fond elevateur                                         400
  - en plus, par appareil pour massage sous eau
  * Fango et parafango : par installation                                200
  4. THERAPIE PSYCHOMOTRICE
  * Par local pour therapie psychomotrice individuelle et reeducation    400
  * Par salle pour therapie psychomotrice et reeducation                 800
  * Par locale de detente ou local de relaxation                         500
  5. THERAPIE SENSORIELLE-ORTHOPSIE/PLEIOPSIE
  * Par local pour orthopsie et/ou pleiopsie individuelle                500
  * Par salle pour orthopsie et/ou pleiopsie collective                    1
                                                                         000
  6. PSYCHOTHERAPIE
  * Par local pour la psychotherapie individuelle                        200
  * Par salle pour la psychotherapie de groupe                           400
  7. EXAMENS ET TESTS
  * Par cabinet medical equipe                                           200
  * Par local equipe reserve aux examens psychologiques                  200
  * Par local equipe reserve aux examens psychologiques permettant       250
  l'observation directe par un miroir sans tain
  * Par local reserve a l'etablissement du bilan visuel et oculomoteur   400
  * Par local reserve au service social                                  200
  8. AUDIOMETRIE
  A. Locaux
  * Par cabine insonorisee                                               250
  * Par cabine a double corps permettant l'observation directe           500
  * Par cabine a double corps equipee pour l'audiometrie en champ        600
  libre
  B. Appareillage destine a l'audiometrie (Ne peut être porte en
  compte qu'une fois. Si le centre dispose d'une ou de plusieurs
  cabines audiometriques, le nombre de points correspondants par
  cabine equipe de l'appareillage cite ci-dessous peut être porte en
  compte.)
  * Appareil destine a l'audiometrie tonale                              250
  * Appareil destine a l'audiometrie verbo-tonale                        300
  * Appareil destine a l'audiometrie vocale                              300
  * Appareil destine a l'audiometrie objective par enregistrement au     175
  niveau de la peau
  * Appareil destine a l'audiometrie objective par enregistrement au     500
  niveau du systeme nerveux
  * Appareil destine a l'audiometrie prothetique, equipe pour            400
  l'amplification avec compensation
  * Appareil destine a l'audiometrie infantile                           250
  C. Appareillage destine a la phonometrie
  * Appareil visualisant les vibrations sonores                          400
  * Appareil visualisant les mouvements larynges                         175
  * Appareil mesurant les phenomenes electriques au niveau des organes   300
  phonateurs
  9. LOGOPEDIE/PHONIATRIE
  * Local equipe pour la logopedie individuelle (Equipement du type :    350
  miroir, materiel therapeutique, tableau noir, ordinateur normal, etc
  . )  
  * Salle equipee pour la logopedie collective                           600
  * Supplement pour local ou salle equipes d'une boucle magnetique ou    200
  d'un plancher suspendu
  * Supplement pour local ou salle equipes d'appareillage
  amplificateur
  - seulement appareillage leger (type d'amplificateur simple sans       150
  compensation)
  - seulement appareillage lourd (type d'amplificateurs avec               1
  compensation)                                                          500
  - appareillage leger et lourd                                            1
                                                                         650
  * Supplement pour local equipe d'appareillage pour visualisation       500
  * Appareillage sans fil (FM, IR)                                       200
  * Systeme informatique, type Speech Viewer                             300
  10. ERGOTHERAPIE
  * Ergotherapie courante et creative
  - par local pour ergotherapie individuelle                             300
  - par salle pour ergotherapie collective                               600
  * Ergotherapie pratique
  - par local pour activités de la vie journaliere et pour               300
  l'apprentissage d'aides (flat d'entrainement, cuisine
  d'entrainement)
  - par local pour l'entrainement de l'utilisation d'aides destine aux   300
  handicapes auditifs
  - par local pour l'entrainement de l'utilisation d'aides destine aux   400
  handicapes visuels
  * Ergotherapie preprofessionnelle (activites sur le lieu du travail)
  - par lieu de travail :                                                  1
                                                                         000
  - atelier du bois                                                      750
  - atelier des metaux                                                   750
  - autres
  11. ATELIERS
  * Par atelier pour la fabrication, la mise au point, l'amelioration      2
  et l'adaptation de protheses et/ou appareils orthopediques, sous la    000
  direction d'un technicien qualifie
  * Par atelier reserve exclusivement a la mise au point de protheses      1
  auditives et le controle d'appareils techniques, sous la direction     000
  d'un technicien qualifie
  * Par atelier de fabrication d'objets utilitaires et gadgets             1
  contribuant a rendre la vie du handicape plus independante et/ou       000
  atelier d'adaptation des appareils d'ergotherapie, sous la direction
  d'un technicien qualifie:
  12. REUNIONS D'EQUIPE ET PERFECTIONNEMENT
  * Reunion de l'equipe                                                    1
                                                                         000
  * Perfectionnement donne au centre (ou au centre, anime par un           1
  conferencier exterieur) auquel ont participe des membre du personnel   000
  du centre, forfaitaire
  * Perfectionnement organise par le centre anime par un ou des            1
  conferenciers exterieurs et destine au public : par reunion            000
  13. RAPPORT ANNUEL
  Par rapport d'activite annuel                                            1
                                                                         000
  B. PERSONNEL
  1. psychologue orthopedagogue pedagogue
  * par ETP                                                             1250
  2. assistant social infirmiere sociale assistant social
  * par ETP                                                             1250
  3. logopede
  * par ETP                                                              400
  4. ergotherapeute
  * par ETP                                                              700
  5. personnel paramedical educateurs assistant psychologique
  * par ETP                                                              650
  6. autre personnel therapeutique (= a l'exclusion de medecins,
  direction, personnel d'entretien, administration)
  * par ETP                                                              650
  Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse regering van 19 januari 2001 houdende de vaststelling van de criteria van toekenning van onderhoudstoelagen aan centra of diensten voor revalidatie.
  Brussel, 19 januari 2001.
  De minister-president van de Vlaamse regering,
  P. DEWAEL
  De Vlaamse minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke Kansen,
  Mevr. M. VOGELS.
  Vu pour être annexé à l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 janvier 2001 fixant les critères d'octroi des subventions à l'entretien des centres ou services de réadaptation fonctionnelle.
  Bruxelles, le 19 janvier 2001.
  Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
  P. DEWAEL
  La Ministre flamande de l'Aide sociale, de la Santé et de l'Egalité des Chances,
  Mme M. VOGELS.