Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
19 JULI 2001. - Ordonnantie betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 17-11-2001 en tekstbijwerking tot 18-02-2025)
Titre
19 JUILLET 2001. - Ordonnance relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale. (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 17-11-2001 et mise à jour au 18-02-2025)
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
HOOFDSTUK I. - Algemeen. HOOFDSTUK II. - Beheer van het gewestelijk tran... Afdeling I. - Beheer van het gewestelijk transm... Afdeling II. - Beheer van het distributienet. Afdeling IIbis. Toegang tot de netten. Afdeling IIter. Technische reglementen. Afdeling IIquater. [1 Inzake de tariefmethodolo... Afdeling III. - Gemeenschappelijke bepalingen. HOOFDSTUK III. - In aanmerking komende afnemers... HOOFDSTUK IIIbis. [1 - Gewestelijk tractienet s... HOOFDSTUK IV. - (Openbare dienstverplichtingen ... HOOFDSTUK IVbis. Openbare dienstverplichtingen ... HOOFDSTUK IVter. [1 - Flexibiliteit en aggregat... HOOFDSTUK IVquater. [1 - Slimme meters en besch... Afdeling I. [1 - Slimme meters.]1 Afdeling 2. [1 - Bescherming van de persoonlijk... HOOFDSTUK V. - (Promotie van groene elektricite... HOOFDSTUK Vbis. [1 - Energiegemeenschappen en e... Afdeling 1. [1 - Energiegemeenschap van burgers.]1 Afdeling 2. [1 - Hernieuwbare-energiegemeenscha... Afdeling 3. [1 - Lokale energiegemeenschap.]1 Afdeling 4. [1 - Gemeenschappelijke bepalingen.]1 HOOFDSTUK VI. - Kabels, directe lijnen en insta... HOOFDSTUK VIbis. Reguleringsautoriteit. HOOFDSTUK VII. - Sancties. HOOFDSTUK VIIbis. - [1 Schadevergoedingsregeling]1 Afdeling 1. - [1 Verschuldigde schadevergoeding... Afdeling 2. - [1 Verschuldigde schadevergoeding... Afdeling 3. - [1 Schadevergoeding voor de schad... Afdeling 3bis. [1 - Schadevergoeding verschuldi... Afdeling 3ter. [1 - Door de netbeheerder versch... Afdeling 4. - [1 Verschuldigde schadevergoeding... Afdeling 5. - [1 Gemeenschappelijke bepalingen]1 HOOFDSTUK VIII. - Diverse maatregelen en wijzig... BIJLAGE.
Inhoud
CHAPITRE I. - Généralités. CHAPITRE II. - Gestion du réseau de transport r... Section I. - Gestion du réseau de transport rég... Section II. - Gestion du réseau de distribution. Section IIbis. Accès aux réseaux. Section IIter. Règlements techniques. Section IIquater. [1 De la méthodologie tarifai... Section III. - Dispositions communes. CHAPITRE III. - Eligibilité et accès aux réseaux. CHAPITRE IIIbis. [1 - Réseau de traction ferrov... CHAPITRE IV. - (Obligations et missions de serv... CHAPITRE IVbis. Obligations de service public r... CHAPITRE IVter. [1 - Flexibilité et agrégation.]1 CHAPITRE IVquater. [1 - Compteurs intelligents ... Section 1re. [1 - Compteurs intelligents.]1 Section 2. [1 - Protection de la vie privée.]1 CHAPITRE V. - (Promotion de l'électricité verte [1 CHAPITRE Vbis. [1 - Communauté et partage d'éne... Section 1re. [1 - Communauté d'énergie citoyenn... Section 2. [1 - Communauté d'énergie renouvelab... Section 3. [1 - Communauté d'énergie locale.]1 Section 4. [1 - Dispositions communes.]1 CHAPITRE VI. - Câbles, lignes directes et insta... CHAPITRE VIbis. Autorité de régulation. CHAPITRE VII. - Sanctions. CHAPITRE VIIbis. [1 - Régime d'indemnisation]1 Section 1re. - [1 Indemnisation due pour une in... Section 2. - [1 Indemnisation due suite à une e... Section 3. - [1 Indemnisation des dommages caus... Section 3bis. [1 - Indemnisation due par le ges... Section 3ter. [1 - Indemnisation due par le ges... Section 4. - [1 Indemnisation due par les fourn... Section 5. - [1 Dispositions communes]1 CHAPITRE VIII. - Mesures diverses et modificati... ANNEXE.
Tekst (178)
Texte (178)
HOOFDSTUK I. - Algemeen.
CHAPITRE I. - Généralités.
Artikel 1. Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 39 van de Grondwet.
  [4 Ze zet richtlijn (EU) 2019/944 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot wijziging van richtlijn 2012/27/EU om.]4
  [4 Ze zet richtlijn 2012/27/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende energie-efficiëntie, tot wijziging van richtlijnen 2009/125/EG en 2010/30/EU en houdende intrekking van de richtlijnen 2004/8/EG en 2006/32/EG gedeeltelijk om.]4
  [3 Ze zet gedeeltelijk richtlijn 2014/94/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende de uitrol van infrastructuur voor alternatieve brandstoffen om.]3
  [4 Ze zet richtlijn (EU) 2018/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2018 ter bevordering van het gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen gedeeltelijk om.]4
  
Article 1. La présente ordonnance règle une matière visée à l'article 39 de la Constitution.
  [4 Elle transpose la directive (UE) 2019/944 du Parlement européen et du Conseil du 5 juin 2019 concernant des règles communes pour le marché intérieur de l'électricité et modifiant la directive 2012/27/UE.]4
  [4 Elle transpose partiellement la directive 2012/27/UE du Parlement européen et du Conseil du 25 octobre 2012 relative à l'efficacité énergétique, modifiant les directives 2009/125/CE et 2010/30/UE et abrogeant les directives 2004/8/CE et 2006/32/CE]4
  [3 Elle transpose partiellement la directive 2014/94/UE du Parlement européen et du Conseil du 22 octobre 2014 sur le déploiement d'une infrastructure pour carburants alternatifs.]3
  [4 Elle transpose partiellement la directive (UE) 2018/2001 du Parlement européen et du Conseil du 11 décembre 2018 relative à la promotion de l'utilisation de l'énergie produite à partir de sources renouvelables.]4
  
Art.2. Voor de toepassing van deze ordonnantie dient te worden verstaan onder :
  1° wet : de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt;
  2° wet van 10 maart 1925 : de wet van 10 maart 1925 op de elektriciteitsvoorziening;
  3° ordonnantie van 11 juli 1991 : de ordonnantie van 11 juli 1991 met betrekking tot het recht op een minimumlevering van elektriciteit;
  4° producent : alle natuurlijke personen of rechtspersonen die elektriciteit produceren;
  5°[1 ...]1;
  6° (warmtekrachtkoppeling) : gecombineerde produktie van warmte en elektriciteit, (in het kader van eenzelfde proces); <ORD 2004-04-01/50, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004>
  (6bis. [2 hoogrenderende warmte-krachtkoppeling : warmte-krachtkoppeling die beantwoordt aan de criteria [3 vastgelegd in bijlage 2 van deze ordonnantie]3;) <ORD 2004-04-01/50, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004>
  [3 6ter kleine eenheid voor warmtekrachtkoppeling : een eenheid voor warmtekrachtkoppeling met een geïnstalleerd vermogen kleiner dan 1 MWe;]3
  [3 6quater micro-eenheid voor warmtekrachtkoppeling : een eenheid voor warmtekrachtkoppeling met een maximumvermogen kleiner dan 50 kWe ;]3
  7° [5 groene elektriciteit : elektriciteit voortgebracht door hoogrenderende warmtekrachtkoppelingsinstallaties of door hernieuwbare energiebronnen ;]5
  [5 7° bis hernieuwbare energiebronnen : alle hernieuwbare niet-fossiele energiebronnen, met name windenergie, zonne-energie, omgevingsenergie, geothermische energie, getijdenenergie, golfenergie of andere oceaanenergie, waterkracht, en energie uit biomassa, stortgas, gas van rioolzuiveringsinstallaties en biogas ;]5
  ([5 7° ter]5 Biomassa : de biologisch afbreekbare fractie afvalstoffen en residuen van de landbouw plantaardige en dierlijke stoffen), de bosbouw aanverwante bedrijfstakken, alsmede de biologisch fractie van industrieel en huishoudelijk afval.) <ORD 2006-12-14/45, art. 3, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  (8° groenestroomcertificaat : overdraagbare en verhandelbare titel toegekend voor [1 opgewekte groene elektriciteit volgens de voorwaarden bepaald in uitvoering van artikel 28]1;) <ORD 2004-04-01/50, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004>
  [2 8°bis [5 garantie van oorsprong : een elektronisch document dat uitsluitend tot doel heeft de eindafnemer aan te tonen dat een bepaald aandeel of een bepaalde hoeveelheid energie geproduceerd is op basis van hernieuwbare bronnen ;]5]2

  9° net : het geheel van kabels en lijnen, alsook de aansluitingen, injectie-, transformator- en verdeelcabines, dispatching en installaties voor controle op afstand, alsmede alle daarbij horende installaties, die dienen voor het vervoer, het gewestelijk vervoer of de distributie van elektriciteit;
  10° transmissienet : het geheel van installaties voor de transmissie tegen een spanning die de 70 kV overschrijdt, liggend op Belgisch grondgebied, zoals bepaald in artikel 2, 7°, van de wet;
  11° gewestelijk transmissienet : het net met nominale spanning van 36 kV liggend op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, met uitzondering van de installaties bepaald in artikel 4 en artikel 29, § 2, tweede lid;
  12° distributienet : de netten met een spanning lager dan 36 kV, liggend op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, alsmede de delen van het net van 36 kV die opnieuw werden omschreven krachtens artikel 4 en de installaties bepaald in artikel 29, § 2, lid 2;
  [5 12° bis distributie : transmissie van elektriciteit langs het distributienet met het oog op de belevering van eindafnemers, de levering zelf niet inbegrepen ;]5
  13° netbeheerder : de gewestelijke transmissienetbeheerder of de distributienetbeheerder, aangewezen overeenkomstig de bepalingen in Hoofdstuk II;
  14° leverancier : elke natuurlijke of rechtspersoon die elektriciteit verkoopt;
  15° [1 directe lijn : een elektriciteitslijn die een geïsoleerde productielocatie met een geïsoleerde afnemer verbindt, of een elektriciteitslijn die een elektriciteitsproducent en een elektriciteitsleverancier met elkaar verbindt om hun eigen vestigingen, dochterondernemingen en in aanmerking eindafnemers direct te bevoorraden;]1
  16° aansluiting : kabel of bovengrondse lijn geïnstalleerd door de netbeheerder om een verbinding te verzekeren tussen zijn net en een producent of een eindafnemer, met inbegrip van de eindapparatuur bij de producent of de eindafnemer;
  17° in aanmerking komend : komt in aanmerking, elke natuurlijke of rechtspersoon die zelf zijn leverancier mag kiezen en daartoe kan aansluiten op het gewestelijk transmissienet of op het distributienet volgens de voorwaarden uiteengezet in artikel 13 en volgende;
  18° eindafnemer : een natuurlijke of rechtspersoon die elektriciteit koopt voor eigen gebruik, gevoed door een stroombron gelijk aan of lager dan 70 kV op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  19° hoogspanningsafnemer : een eindafnemer die aangesloten is op een spanning, gelijk aan of hoger dan 1 kV en die op de plaats van levering beschikt over een vermogen gelijk aan of hoger dan 100 kVA;
  20° laagspanningsafnemer : een eindafnemer die geen hoogspanningsafnemer is;
  21° meter : toestel bij de eindafnemer geïnstalleerd met de bedoeling de afgenomen energie [1 geïnjecteerde of]1 en, desgevallend, het actieve en reactieve vermogen op te meten gedurende een bepaalde tijdseenheid, met inbegrip van de eventuele uitrusting voor rekeningoverzicht op afstand;
  [2 21°bis [5 ...]5]2
  [3 21ter [5 slimme meter : elektronische meter die in staat is om de in het net geïnjecteerde elektriciteit of de elektriciteit die van het net wordt afgenomen te meten en daarbij meer informatie verstrekt dan een klassieke meter, en die in staat is om gegevens te verzenden en te ontvangen door gebruik van een elektronische communicatievorm ;]5]3
  [3 21quater slim net : geavanceerd energienetwerk dat in het algemeen is samengesteld uit bidirectionele communicatiesystemen, slimme meters en systemen voor de opvolging en controle van de werking van het netwerk;]3
  22° (technisch reglement : reglement dat de betrekkingen netbeheerder, de toegangshouders tot het net, de beheerders van andere netten organiseert van technische en administratieve voorschriften goede werking van het net, de koppelingen toegankelijkheid ervan mogelijk maken.) <ORD 2006-12-14/45, art. 4, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  23° [1 MIG (Message Implementation Guide) : het handboek dat de regels, de procedures en het communicatieprotocol beschrijft die gevolgd worden voor de uitwisseling, tussen de distributienetbeheerder en de leveranciers, van technische en commerciële informatie met betrekking tot de toegangspunten;]1
  24° Regering : de regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  25° [1 ...]1;
  26° [1 [4 Leefmilieu Brussel]4]1
  (26°bis [1 Brugel : de Reguleringscommissie voor energie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;]1
  26°ter [1 ...]1;
  27° de Raad : de raad van afnemers van elektriciteit en gas, opgericht krachtens artikel 33.
  (28° professionele afnemer : eindafnemer die het bewijs aanvoert dat hij de op zijn verbruikslocatie geleverde elektriciteit (...) gebruikt voor beroepsdoeleinden;) <ORD 2004-04-01/50, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004>
  29° (huishoudelijke afnemer : de op het net aangesloten afnemer die elektriciteit aankoopt voor hoofdzakelijk huishoudelijk gebruik en waarvan de factuur wordt opgemaakt op zijn eigen naam;) <ORD 2006-12-14/45, art. 8, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  (30° gezin : hetzij een alleenstaande natuurlijke persoon die huishoudelijke eindafnemer is, hetzij een geheel natuurlijke personen, al dan niet verenigd door familiale banden, die gewoonlijk samenleven in dezelfde woning en waarvan een van de leden een huishoudelijke afnemer is;
  31° beschermde afnemer : de op het net aangesloten huishoudelijke eindafnemer die erkend werd als zijnde beschermd;
  32° gemeenschappelijk gebouw met gemeenschappelijke verwarmingsketel : gebouw uitgerust met een centraal verwarmingssysteem dat meerdere woningen voorziet van verwarming of sanitair warm water;
  33° [5 ...]5
  33°bis [1 ...]1;
  34° [3 ...]3
  35° koppeling : geheel van uitrustingen om de gewestelijke transmissienetten en het distributienet te verbinden;
  36° (Privénet : geheel van inrichtingen op een beperkt en goed afgebakend geografisch gebied die dienen voor de bevoorrading van elektriciteit aan een of meer [1 netgebruikers]1 en die aan de in het technisch reglement vastgestelde voorwaarden beantwoorden.) <ORD 2008-09-04/33, art. 3, 005; Inwerkingtreding : 26-09-2008>
  [3 36bis gewestelijk tractienet spoor : de elektrische installaties nodig voor de uitbating van het spoorwegnet van de Maatschappij voor Intercommunaal Vervoer te Brussel, waaronder de installaties voor de transformatie en distributie van elektrische stroom voor de tractiedienst, de onderstations, de geleiders van de tractiestroom (bovenleiding en derde rail), de signalisatie, de wissels, de telecommunicatie, de informatiesystemen, de verlichting, de stelplaatsen, de haltes en voor de toevoer naar de elektrische installaties van de stroomafwaartse afnemers, gevoed door het gewestelijk tractienet spoor;]3
  [3 36ter beheerder van gewestelijk tractienet spoor : natuurlijke of rechtspersoon die eigenaar is van een gewestelijk tractienet spoor of het beheer ervan verzekert;]3
  [3 36quater gebruiker van het gewestelijk tractienet spoor : eindafnemer/producent aangesloten op het lokaal distributie- of transportnet via een gewestelijk tractienet spoor;]3
  [3 36quinquies stationsnet : het net dat om technische of veiligheidsredenen beschikt over een geïntegreerd productieproces dat elektriciteit verdeelt aan niet-residentiële eindafnemers binnen een of meerdere stations aangesloten op een federaal tractienet spoor;]3
  [3 36sexies beheerder van een stationsnet : natuurlijke of rechtspersoon die ofwel eigenaar is van een stationsnet, of het beheer ervan verzekert of over een gebruiksrecht op een stationsnet beschikt;]3
  [3 36septies gebruiker van het stationsnet : niet-residentiële eindafnemer aangesloten op het stationsnet, zelf aangesloten op het federaal tractienet spoor;]3
  37° [1 Netgebruiker : [2 elke natuurlijke of rechtspersoon]2 waarvan de installaties zijn aangesloten op het gewestelijk transmissienet of op het distributienet rechtstreeks of onrechtstreeks via een privénet [2 , en die de mogelijkheid heeft om elektrische energie af te nemen van of te injecteren op het net]2 ;]1
  38° [1 38° ACER : Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators opgericht door de Europese verordening nr. 713/2009;]1
  39° O.C.M.W. : openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn bedoeld in het samenwerkingsakkoord afgesloten op 21 september 2006 tussen de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.) <ORD 2006-12-14/45, art. 9, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  [2 40° aanbieder van energiediensten : een natuurlijke persoon of rechtspersoon die in de inrichtingen of gebouwen van een eindafnemer energiediensten of andere maatregelen ter verbetering van de energie-efficiëntie levert;]2
  [2 41° [3 ...]3]2
  [2 42° energiedienst : het fysieke voordeel, nut of welzijn dat wordt bereikt met een combinatie van energie met energie-efficiënte technologie of actie, die de bewerkingen, het onderhoud en de controle kan omvatten die nodig zijn voor de levering van de dienst, welke wordt geleverd op basis van een overeenkomst en welke onder normale omstandigheden heeft aangetoond te leiden tot een controleerbare en meetbare of een schatbare verbetering van de energie-efficiëntie of tot controleerbare en meetbare of schatbare primaire energiebesparingen;]2
  [3 43° [5 prosumer : de eindafnemer die alle of een deel van de energie die hij verbruikt zelf produceert, op voorwaarde dat de productie-installatie gevestigd is op de verbruikslocatie ;]5]3
  [3 44° oplaadpunt : een aansluiting, waarmee telkens één elektrisch voertuig kan worden opgeladen of de batterij van telkens één elektrisch voertuig kan worden vervangen;]3
  [3 45° publiek toegankelijk oplaadpunt : een oplaadpunt dat op niet-discriminerende wijze toegang verleent aan de gebruikers van een elektrisch voertuig;]3
  [5 45° bis publiek toegankelijk oplaadpunt op de openbare weg : een publiek toegankelijk oplaadpunt op het gemeentelijk of gewestelijk openbaar domein ; " ;
   45° ter elektrisch voertuig : een motorvoertuig, uitgerust met een aandrijving die bestaat uit ten minste één niet-perifere elektromotor als energieomzetter met een elektrisch oplaadbaar energieopslagsysteem, dat extern kan worden opgeladen ;]5

  [3 46° [5 flexibiliteitsdienst : dienst die door een eindafnemer wordt aangeboden als hij zijn injectie of afname van elektriciteit vrijwillig opwaarts of neerwaarts aanpast als reactie op een extern signaal ;]5]3
  [3 47° [5 ...]5]3
  [3 48° [5 leverancier van flexibiliteitsdiensten : elke natuurlijke of rechtspersoon die rechtstreeks of als tussenpersoon flexibiliteitsdiensten levert aan een of meerdere kopers van flexibiliteitsdiensten ;]5]3
  [5 49° flexibiliteitsactivatieregister : register dat de netbeheerder bijhoudt om elke activering van de flexibiliteit op zijn net, evenals de bijhorende gegevens, te verwerken ;
   50° aggregatiedienst : aangeboden dienst die de belasting en/of de opgewekte elektriciteit van verschillende afnemers combineert ;
   51° aankoopgroepering : elke natuurlijke of rechtspersoon die aggregatiediensten verleent met het oog op de verkoop, de aankoop of de veiling op eender welke elektriciteitsmarkt, met uitsluiting van de levering ;
   52° niet-frequentiegerelateerde ondersteunende dienst : een dienst die wordt gebruikt door een transmissie- of distributienetbeheerder voor spanningsregeling in stationaire toestand, snelle blindstroominjecties, inertie voor plaatselijke netstabiliteit, kortsluitstroom en inzetbaarheid in eilandbedrijf ;
   53° volledig geïntegreerde netwerkcomponenten : netwerkcomponenten die in het gewestelijk transmissie- of distributienet, met inbegrip van opslageenheden, geïntegreerd zijn en die uitsluitend gebruikt worden voor het waarborgen van een veilig en betrouwbaar beheer van het netwerk, en niet voor balancerings- of congestiebeheer ;
   54° elektriciteitsbedrijf : elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die ten minste een van de volgende functies vervult : productie, transmissie, distributie, opslag van energie, levering van aggregatiediensten, levering van flexibiliteitsdiensten en levering of aankoop van elektriciteit en die belast is voor de met deze functies verband houdende commerciële, technische of onderhoudswerkzaamheden, maar die geen eindafnemer is ;
   55° actieve afnemer : eindafnemer die een of meerdere van de activiteiten bedoeld in artikel 13bis uitoefent, op voorwaarde dat deze activiteiten niet zijn voornaamste commerciële of beroepsactiviteit vormen ;
   56° gezamenlijk optredende actieve afnemers : een groep van ten minste twee actieve afnemers die gezamenlijk optreden overeenkomstig punt 55° en die in hetzelfde gebouw zijn gevestigd ; voor de toepassing van deze definitie wordt onder " gebouw " verstaan : elke niet-tijdelijke overdekte en afgesloten bouwconstructie die ten minste twee eenheden omvat die aangesloten zijn op het distributienet of op het gewestelijk transmissienet en die een of meer gemeenschappelijke delen omvat ;
   57° energiegemeenschap : een energiegemeenschap van burgers, een hernieuwbare-energiegemeenschap of een lokale energiegemeenschap ;
   58° energiegemeenschap van burgers : rechtspersoon die een of meerdere van de in artikel 28ter vermelde activiteiten uitoefent en waarvan het hoofddoel bestaat uit het bieden van milieu-, economische of sociale gemeenschapsvoordelen aan haar leden of aan de gebieden waar ze werkzaam is, en niet zozeer uit financiële winst te genereren ;
   59° hernieuwbare-energiegemeenschap : autonoom rechtspersoon die een of meerdere van de in artikel 28quinquies vermelde activiteiten uitoefent en waarvan het hoofddoel bestaat uit het bieden van milieu-, economische of sociale gemeenschapsvoordelen aan haar leden of aan de gebieden waar ze actief is en niet zozeer uit financiële winst te genereren ;
   60° lokale energiegemeenschap : autonoom rechtspersoon die een of meerdere van de in artikel 28septies vermelde activiteiten uitoefent en waarvan het hoofddoel bestaat uit het bieden van milieu-, economische of sociale gemeenschapsvoordelen aan haar leden of aan de gebieden waar ze actief is en niet zozeer uit financiële winst te genereren ;
   61° lid van een energiegemeenschap : elk lid, elke aandeelhouder of vennoot, of elke andere persoon die deel uitmaakt van deze energiegemeenschap in overeenstemming met zijn statuten of andere gelijkwaardige oprichtingsdocumenten ;
   62° kleine onderneming : een onderneming met minder dan 50 werknemers en een jaaromzet of een jaarlijks balanstotaal van ten hoogste 10 miljoen euro ;
   63° middelgrote onderneming : een onderneming met minder dan 250 werknemers en een jaaromzet of een jaarlijks balanstotaal van ten hoogste 43 miljoen euro ;
   64° opslag : het uitstellen van het uiteindelijke gebruik van elektriciteit tot een later moment dan het moment waarop de elektriciteit is opgewekt, of het omzetten van elektrische energie in een vorm van energie die kan worden opgeslagen, het opslaan van dergelijke energie, en de daaropvolgende omzetting van dergelijke energie in elektrische energie of een andere energiedrager ;
   65° opslageenheid : een installatie waar energieopslag plaatsvindt ;
   66° daadwerkelijke controle : controle in de zin van artikel 1:14 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen ;
   67° delen van elektriciteit : gedeeld verbruik van gezamenlijk optredende actieve afnemers of leden van een energiegemeenschap die zijn aangesloten op het gewestelijk transmissienet of het distributienet, gedurende eenzelfde kwartuurperiode, van alle of een deel van de elektriciteit die wordt geproduceerd door een of meer productie-installaties die zijn aangesloten op het gewestelijke transmissienet of het distributienet en die wordt geïnjecteerd in het gewestelijk transmissienet of het distributienet ;
   68° peer-to-peerhandel : handel in elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen tussen actieve afnemers door middel van een overeenkomst met vooraf bepaalde voorwaarden voor de automatische uitvoering en afwikkeling van de transactie, rechtstreeks tussen actieve afnemers of via een tussenpersoon ;
   69° evenwichtsverantwoordelijke : de evenwichtsverantwoordelijke in de zin van artikel 2, 65°, van de wet ;
   70° meetgegevens : gegevens die verkregen worden door of gebaseerd zijn op een telling of meting door middel van een meetinrichting ;
   71° identificatiegegevens : gegevens aan de hand waarvan de gebruiker van het net kan worden geïdentificeerd ;
   72° technische gegevens : gegevens die de aansluiting, de kwaliteit en de continuïteit van de elektriciteitsbevoorrading of de technische toestand en de specificaties van de meetuitrusting omschrijven ;
   73° elektriciteitsleveringscontract : een contract voor de levering van elektriciteit, elektriciteitsderivaten niet inbegrepen ;
   74° leveringscontract op basis van een dynamische elektriciteitsprijs : een contract voor de levering van elektriciteit gesloten tussen een leverancier en een eindafnemer waarin de prijsvariatie op de spotmarkten, waaronder de dayahead- en intraday-markten, wordt weerspiegeld in intervallen die ten minste overeenkomen met de marktvereffeningsperiode ;
   75° energie-efficiëntie : de verhouding tussen de verkregen prestatie, dienst, goederen of energie, en de energie-input ;
   76° communicatiefunctie van de slimme meter : de slimme meter kan van op afstand persoonsgegevens verzenden die afkomstig zijn van de slimme meter ;
   77° gedistribueerde productie : productie-installaties die aangesloten zijn op het distributiesysteem ;
   78° winterperiode : periode van 1 oktober tot 31 maart ; de periode kan worden verlengd overeenkomstig artikel 25octies, § 6, tweede lid.]5

  [5 Voor de toepassing van punten 62° en 63° wordt verstaan onder " onderneming " : onderneming in de zin van artikel I.1, eerste lid, 1° van het Wetboek van economisch recht.]5
  
Art.2. Pour l'application de la présente ordonnance, il y a lieu d'entendre par :
  1° loi : la loi du 29 avril 1999 relative à l'organisation du marché de l'électricité;
  2° loi du 10 mars 1925 : la loi du 10 mars 1925 sur les distributions d'énergie électrique;
  3° ordonnance du 11 juillet 1991 : l'ordonnance du 11 juillet 1991 relative au droit à la fourniture minimale d'électricité;
  4° producteur : toute personne physique ou morale produisant de l'électricité;
  5° [1 ...]1;
  6° cogénération (...) : production combinée de chaleur et d'électricité ((dans le cadre d'un même processus); <ORD 2004-04-01/50, art. 30, 002; En vigueur : 06-05-2004>
  (6°bis. [2 cogénération à haut rendement : cogénération répondant aux critères ]2 [3 fixés à l'annexe 2 de la présente ordonnance]3;) <ORD 2004-04-01/50, art. 30, 002; En vigueur : 06-05-2004>
  [3 6ter petite unité de cogénération : une unité de cogénération d'une puissance installée inférieure à 1 MWe ;]3
  [3 6quater unité de microcogénération : une unité de cogénération d'une puissance maximale inférieure à 50 kWe ;]3
  7° [5 électricité verte : l'électricité produite au départ d'installations de cogénération à haut rendement ou de sources d'énergie renouvelables ;]5
  [5 7° bis sources d'énergie renouvelables : toute source d'énergie non fossile renouvelable, notamment l'énergie éolienne, l'énergie solaire, l'énergie ambiante, l'énergie géothermique, l'énergie marémotrice, houlomotrice ou d'autres énergies marines, l'énergie hydroélectrique, la biomasse, le gaz de décharge, le gaz des stations d'épuration d'eaux usées et le biogaz ;]5
  ([5 7° ter]5 Biomasse : la fraction biodégradable des produits, déchets et résidus provenant de l'agriculture (comprenant les substances végétales et animales), de la sylviculture et d'industries connexes, ainsi que de la fraction biodégradable des déchets industriels et ménagers.) <ORD 2006-12-14/45, art. 3, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  (8°. certificat vert titre transmissible et négociable octroyé [1 pour l'électricité verte produite qui satisfait aux critères fixés en exécution de l'article 28]1;) <ORD 2004-04-01/50, art. 30, 002; En vigueur : 06-05-2004>
  [2 8°bis. [5 garantie d'origine : un document électronique servant uniquement à prouver au client final qu'une part ou une quantité déterminée d'énergie a été produite à partir de sources renouvelables ;]5]2
  9° réseau : ensemble constitué des câbles et des lignes, ainsi que des branchements, des postes d'injection, de transformation et de répartition, des dispatchings et des installations de télécontrôle et toutes les installations annexes, servant au transport, au transport régional ou à la distribution d'électricité;
  10° réseau de transport : ensemble des installations de transport à une tension supérieure à 70 kV, établies sur le territoire belge, telles que définies par l'article 2, 7°, de la loi;
  11° réseau de transport régional : le réseau d'une tension nominale de 36 kV établi sur le territoire de la Région de Bruxelles-Capitale, à l'exception des installations visées à l'article 4 et à l'article 29, § 2, alinéa 2;
  12° réseau de distribution : les réseaux d'une tension inférieure à 36 kV, établis sur le territoire de la Région de Bruxelles-Capitale, ainsi que les parties du réseau de 36 kV requalifiées en vertu de l'article 4 et les installations visées à l'article 29, § 2, alinéa 2;
  [5 12° bis distribution : transmission d'électricité sur le réseau de distribution aux fins de fourniture à des clients finals, mais ne comprenant pas la fourniture ;]5
  13° gestionnaire de réseau : le gestionnaire du réseau de transport régional ou le gestionnaire du réseau de distribution désigné conformément aux dispositions du Chapitre II;
  14° fournisseur : toute personne physique ou morale vendant de l'électricité;
  15° [1 ligne directe : une ligne d'électricité reliant un site de production isolé à un client isolé ou une ligne d'électricité reliant un producteur d'électricité et un fournisseur d'électricité pour approvisionner directement leurs propres établissements, filiales et clients finals;]1
  16° branchement : câble ou ligne aérienne installé par un gestionnaire de réseau pour assurer une liaison entre son réseau et un producteur ou un client final, y compris l'équipement terminal chez le producteur ou le client final;
  17° éligible : est éligible toute personne physique ou morale autorisée à choisir son fournisseur et pouvant à ce titre accéder au réseau de transport régional ou au réseau de distribution dans les conditions définies aux articles 13 et suivants;
  18° client final : toute personne physique ou morale achetant de l'électricité pour son propre usage, alimentée à une tension égale ou inférieure à 70 kV sur le territoire de la Région de Bruxelles-Capitale;
  19° client haute tension : client final raccordé à une tension égale ou supérieure à 1 kV et disposant à son site de consommation d'une puissance égale ou supérieure à 100 kVA;
  20° client basse tension : client final qui n'est pas un client haute tension;
  21° compteur : équipement installé chez un client final, en ce compris l'équipement de télérelevé éventuel, en vue de mesurer l'énergie prélevée [1 ou injectée]1 et, le cas échéant, la puissance active et la puissance réactive, pendant une unité de temps déterminée;
  [2 21°bis. [5 ...]5]2
  [3 21ter [5 compteur intelligent : compteur électronique qui est capable de mesurer l'électricité injectée dans le réseau ou l'électricité prélevée depuis le réseau en fournissant davantage d'informations qu'un compteur classique, et qui est capable de transmettre et recevoir des données en utilisant une forme de communication électronique ;]5]3
  [3 21quater réseau intelligent : réseau d'énergie avancé généralement composé de systèmes de communication bidirectionnelle, de compteurs intelligents et de systèmes de suivi et de contrôle du fonctionnement du réseau ;]3
  22° (règlement technique du réseau : règlement organisant les relations entre le gestionnaire du réseau, les détenteurs d'accès au réseau, les utilisateurs du réseau et les gestionnaires d'autres réseaux et contenant les prescriptions techniques et administratives visant à assurer le bon fonctionnement du réseau, de ses interconnexions et de l'accès à celui-ci); <ORD 2006-12-14/45, art. 4, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  23° [1 MIG (Message Implementation Guide) : le manuel décrivant les règles, les procédures et le protocole de communication suivis pour l'échange, entre le gestionnaire du réseau de distribution et les fournisseurs, des informations techniques et commerciales relatives aux points d'accès;]1
  24° Gouvernement : le gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale;
  25° [1 ...]1;
  26° [1 [4 Bruxelles Environnement]4]1
  26°bis [1 Brugel : la Commission de régulation pour l'énergie en Région de Bruxelles-Capitale;]1
  26°ter [1 ... ]1;
  27° Conseil : le Conseil des usagers de l'électricité et du gaz institué par l'article 33.
  (28° client professionnel : client final rapportant la preuve qu'il utilise l'électricité fournie à son site de consommation pour un usage (...) professionnel;) <ORD 2004-04-01/50, art. 30, 002; En vigueur : 06-05-2004> <ORD 2006-12-14/45, art. 7, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  29° (client résidentiel : client raccordé au réseau qui achète l'électricité pour l'usage principal de son ménage et dont la facture est établie à son nom propre;) <ORD 2006-12-14/45, art. 8, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  (30° ménage : soit une personne physique isolée client final résidentiel, soit un ensemble de personnes physiques, unies ou non par des liens familiaux, qui vivent habituellement ensemble dans le même logement et dont un des membres est un client final résidentiel;
  31° client protégé : client final résidentiel raccordé au réseau et reconnu comme protégé;
  32° immeuble collectif avec chaudière commune : immeuble équipé d'un système de chauffage centralisé alimentant plusieurs logements en chauffage ou en eau chaude sanitaire;
  33° [5 ...]5
  33°bis [1 ...]1;
  34° [3 ...]3
  35° interconnexion : ensemble des équipements pour connecter les réseaux de transport régional et le réseau de distribution;
  36° (Réseau privé : ensemble des installations établies sur une aire géographique restreinte et bien délimitée servant à l'alimentation en électricité d'un ou plusieurs [1 utilisateurs du réseau]1 et répondant aux conditions fixées par le règlement technique.) <ORD 2008-09-04/33, art. 3, 005; En vigueur : 26-09-2008>
  [3 36bis réseau de traction ferroviaire régional : les installations électriques nécessaires à l'exploitation du réseau ferroviaire de la Société des Transports Intercommunaux de Bruxelles, parmi lesquelles les installations de transformation et de distribution de courant électrique pour le service de la traction, les sous-stations, les conducteurs de courant de traction (caténaire et troisième rail), la signalisation, les aiguillages, les télécommunications, les systèmes informatiques, l'éclairage, les dépôts, les arrêts et à l'alimentation des installations électriques des clients en aval, alimentés par le réseau de traction ferroviaire régional ;]3
  [3 36ter gestionnaire de traction ferroviaire régional : personne physique ou morale propriétaire d'un réseau de traction ferroviaire régional ou qui en assure la gestion ;]3
  [3 36quater utilisateur du réseau de traction ferroviaire régional : client final/producteur raccordé au réseau de distribution ou de transport local par le biais d'un réseau de traction ferroviaire régional ;]3
  [3 36quinquies réseau de gares : le réseau qui pour des raisons techniques ou de sécurité, dispose d'un processus de production intégré qui distribue de l'électricité à des clients finals non résidentiels à l'intérieur d'une ou plusieurs gare(s) raccordée(s) à un réseau de traction ferroviaire fédéral ;]3
  [3 36sexies gestionnaire de réseau de gares : personne physique ou morale qui soit est propriétaire d'un réseau de gares, soit en assure la gestion, soit qui dispose d'un droit d'usage sur un réseau de gares ;]3
  [3 36septies utilisateur du réseau de gares : client final non résidentiel raccordé au réseau de gares, lui-même raccordé au réseau de traction ferroviaire fédéral ;]3
  37° [1 Utilisateur du réseau : [2 toute personne physique ou morale]2 dont les installations sont raccordées au réseau de transport régional ou au réseau de distribution, directement ou indirectement via un réseau privé [2 , et qui a la possibilité de prélever ou d'injecter de l'énergie électrique sur le réseau]2 ;]1
  38° [1 ACER : l'agence de coopération des régulateurs de l'énergie instituée par le règlement européen n° 713/2009;]1
  39° C.P.A.S. : centre public d'action sociale visé à l'accord de coopération conclu le 21 septembre 2006 entre le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale et le Collège réuni de la Commission communautaire commune.) <ORD 2006-12-14/45, art. 9, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  [2 40° fournisseur de service énergétique : une personne physique ou morale qui fournit des services énergétiques ou d'autres mesures visant à améliorer l'efficacité énergétique dans des installations ou locaux de clients finals;]2
  [2 41° [3 ...]3]2
  [2 42° service énergétique : le bénéfice physique, l'utilité ou le bien résultant de la combinaison d'une énergie avec une technologie à bon rendement énergétique ou avec une action, qui peut comprendre les activités d'exploitation, d'entretien et de contrôle nécessaires à la prestation du service, qui est fourni sur la base d'un contrat et dont il est démontré que, dans des circonstances normales, il donne lieu ou à une amélioration vérifiable et mesurable ou estimable de l'efficacité énergétique ou des économies d'énergie primaire;]2
  [3 43° [5 prosumer : le client final produisant tout ou partie de l'énergie qu'il consomme pour autant que l'installation de production soit située sur le site de consommation ;]5]3
  [3 44° point de recharge : une interface qui permet de recharger un véhicule électrique à la fois ou d'échanger la batterie d'un véhicule électrique à la fois ;]3
  [3 45° point de recharge ouvert au public : un point de recharge donnant accès, de façon non discriminatoire, aux utilisateurs d'un véhicule électrique ;]3
  [5 45° bis point de recharge ouvert au public en voirie : un point de recharge ouvert au public situé sur le domaine public communal ou régional ;
   45° ter véhicule électrique : un véhicule à moteur équipé d'un système de propulsion comprenant au moins un convertisseur d'énergie sous la forme d'un moteur électrique non périphérique équipé d'un système de stockage de l'énergie électrique rechargeable à partir d'une source extérieure ;]5

  [3 46° [5 service de flexibilité : service offert par un client final lorsqu'il modifie volontairement, à la hausse ou à la baisse, son injection ou son prélèvement d'électricité en réponse à un signal extérieur ;]5]3
  [3 47° [5 ...]5]3
  [3 48° [5 fournisseur de services de flexibilité : toute personne physique ou morale fournissant des services de flexibilité, directement ou en tant qu'intermédiaire, à un ou plusieurs acheteurs de services de flexibilité ;]5]3
  [5 49° registre d'activation de la flexibilité : registre tenu par le gestionnaire de réseau pour traiter chaque activation de la flexibilité sur son réseau, ainsi que les données y associées ;
   50° service d'agrégation : service offert à partir de la combinaison de multiples charges de consommation et/ou production d'électricité ;
   51° agrégateur : toute personne physique ou morale fournissant des services d'agrégation, en vue de la vente, de l'achat ou de la mise aux enchères sur tout marché de l'électricité à l'exclusion de la fourniture ;
   52° service auxiliaire non lié au réglage de la fréquence : service utilisé par un gestionnaire de réseau pour le réglage de la tension en régime permanent, l'injection rapide de puissance réactive, l'inertie aux fins de la stabilité locale du réseau, le courant de court-circuit et la capacité d'îlotage ;
   53° composants pleinement intégrés au réseau : composants qui sont intégrés dans le réseau de transport régional ou de distribution, y compris des unités de stockage, et qui sont utilisés dans le seul but d'assurer l'exploitation fiable et sûre du réseau à l'exclusion des fins d'équilibrage ou de gestion de la congestion ;
   54° entreprise d'électricité : toute personne physique ou morale qui assure au moins une des fonctions suivantes : la production, le transport, la distribution, le stockage d'énergie, la fourniture de services d'agrégation, la fourniture de services de flexibilité, la fourniture ou l'achat d'électricité et qui est chargée des missions commerciales, techniques ou de maintenance liées à ces fonctions, à l'exclusion des clients finals ;
   55° client actif : client final qui exerce une ou plusieurs des activités visées à l'article 13bis, à condition que ces activités ne constituent pas son activité commerciale ou professionnelle principale ;
   56° clients actifs agissant conjointement : un groupe d'au moins deux clients actifs agissant de manière conjointe conformément au point 55° qui sont situés dans le même bâtiment ; pour l'application de la présente définition, on entend par " bâtiment " : toute construction immobilière, non provisoire, couverte et fermée comportant au moins deux unités raccordées au réseau de distribution ou au réseau de transport régional et comportant une ou des parties communes ;
   57° communauté d'énergie : une communauté d'énergie citoyenne, une communauté d'énergie renouvelable ou une communauté d'énergie locale ;
   58° communauté d'énergie citoyenne : personne morale qui exerce une ou plusieurs des activités visées à l'article 28ter et dont l'objectif principal est de procurer des bénéfices environnementaux, sociaux ou économiques tant à ses membres qu'au niveau du territoire où elle exerce ses activités, plutôt que de générer des profits financiers ;
   59° communauté d'énergie renouvelable : personne morale, autonome, qui exerce une ou plusieurs des activités visées à l'article 28quinquies et dont l'objectif principal est de procurer des bénéfices environnementaux, sociaux ou économiques tant à ses membres qu'au niveau du territoire où elle exerce ses activités, plutôt que de générer des profits financiers ;
   60° communauté d'énergie locale : personne morale, autonome, qui exerce une ou plusieurs des activités visées à l'article 28septies et dont l'objectif principal est de procurer des bénéfices environnementaux, sociaux ou économiques tant à ses membres qu'au niveau du territoire où elle exerce ses activités, plutôt que de générer des profits financiers ;
   61° membre d'une communauté d'énergie : tout membre, actionnaire, associé, ou toute autre personne qui fait partie de cette communauté d'énergie conformément à ses statuts ou autres documents constitutifs équivalents ;
   62° petite entreprise : une entreprise qui emploie moins de cinquante personnes et dont le chiffre d'affaires annuel ou le total du bilan annuel n'excède pas 10 millions d'euros ;
   63° moyenne entreprise : une entreprise qui emploie moins de 250 personnes et dont le chiffre d'affaires annuel n'excède pas 50 millions d'euros ou dont le total du bilan annuel n'excède pas 43 millions d'euros ;
   64° stockage : report de l'utilisation finale de l'électricité à un moment postérieur à celui auquel elle a été produite, ou la conversion de l'énergie électrique en une forme d'énergie qui peut être stockée, la conservation de cette énergie et la reconversion ultérieure de celle-ci en énergie électrique ou son utilisation en tant qu'autre vecteur d'énergie ;
   65° unité de stockage : une installation où est stockée de l'énergie ;
   66° contrôle effectif : contrôle au sens de l'article 1:14 du Code des sociétés et des associations ;
   67° partage d'électricité : consommation partagée entre clients actifs agissant conjointement ou membres d'une communauté d'énergie raccordés au réseau de transport régional ou au réseau de distribution, sur une même période quart-horaire, en tout ou en partie, de l'électricité produite par une ou plusieurs installations de production raccordées au réseau de transport régional ou au réseau de distribution et injectée sur le réseau de transport régional ou le réseau de distribution ;
   68° échange de pair à pair : échange d'électricité issue de sources d'énergie renouvelables entre clients actifs sur la base d'un contrat contenant des conditions préétablies régissant l'exécution et le règlement automatiques de la transaction soit directement entre les clients actifs, soit par un intermédiaire ;
   69° responsable d'équilibre : le responsable d'équilibre au sens de l'article 2, 65°, de la loi ;
   70° données de comptage : données obtenues par ou basées sur un comptage ou une mesure au moyen d'un équipement de comptage ;
   71° données d'identification : données permettant l'identification de l'utilisateur du réseau ;
   72° données techniques : données qui décrivent le raccordement, la qualité et la continuité de l'alimentation en électricité ou l'état technique et les spécifications de l'équipement de comptage ;
   73° contrat de fourniture d'électricité : un contrat conclu avec un fournisseur portant sur la fourniture d'électricité, à l'exclusion des instruments dérivés sur l'électricité ;
   74° contrat de fourniture à tarification dynamique : un contrat de fourniture d'électricité conclu entre un fournisseur et un client final qui reflète les variations de prix sur les marchés au comptant, y compris les marchés journaliers et infrajournaliers, à des intervalles équivalant au moins à la fréquence du règlement du marché ;
   75° efficacité énergétique : le rapport entre les résultats, le service, la marchandise ou l'énergie que l'on obtient et l'énergie consacrée à cet effet ;
   76° fonction communicante du compteur intelligent : capacité du compteur intelligent de transmettre à distance des données à caractère personnel issues du compteur intelligent ;
   77° production distribuée : les installations de production reliées au réseau de distribution ;
   78° période hivernale : période comprise entre le 1er octobre et le 31 mars ; la période pouvant être prolongée conformément à l'article 25octies, § 6, alinéa 2.]5

  [5 Pour l'application des points 62° et 63°, on entend par " entreprise " : entreprise au sens de l'article I.1, alinéa 1er, 1° du Code de droit économique.]5
  
HOOFDSTUK II. - Beheer van het gewestelijk transmissienet en van het distributienet.
CHAPITRE II. - Gestion du réseau de transport régional et du réseau de distribution.
Afdeling I. - Beheer van het gewestelijk transmissienet.
Section I. - Gestion du réseau de transport régional.
Art.3. § 1. De Regering wijst als gewestelijke transmissienetbeheerder ofwel een vennootschap aan die over het eigendoms- of gebruiksrecht over dit net beschikt en die voldoet aan de vereisten van of bepaald krachtens artikel 9 van de wet, ofwel een intercommunale die over een van deze rechten beschikt, en waarvan de statuten conform zijn met artikel 8 van deze ordonnantie en die voldoeaan de vereisten vervat in artikel 9 van deze ordonnantie.
  § 2. De gewestelijke transmissienetbeheerder wordt aangewezen voor een periode van twintig jaar [2 ; de Regering kan deze aanwijzing, op de datum die zij bepaalt en na overleg met de netbeheerder, vernieuwen voor een nieuwe periode van twintig jaar, zonder te moeten wachten tot de lopende termijn verstreken is]2 .
  Deze aanwijzing wordt evenwel beëindigd in geval van faillissement of ontbinding van de gewestelijke transmissienetbeheerder, of in geval van intrekking van zijn aanwijzing.
  § 3. De Regering kan, na raadpleging van [1 Brugel]1 en na de vertegenwoordigers van de gewestelijke transmissienetbeheerder te hebben gehoord, de aanwijzing van deze laatste intrekken, in geval van : <ORD 2006-12-14/45, art. 10, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  1° een belangrijke wijziging in het aandeelhouderschap van de gewestelijke transmissienetbeheerder waardoor de onafhankelijkheid van het beheer van het gewestelijk transmissienet in het gedrang zou komen.;
  2° een belangrijke tekortkoming van de gewestelijke transmissienetbeheerder bij het vervullen van de plichten die deze ordonnantie, alsook de andere wetten en reglementen hem opleggen;
  3° fusie of splitsing van de gewestelijke transmissienetbeheerder die de onafhankelijkheid van het gewestelijk transmissienetbeheer in gevaar zou kunnen brengen.
  
Art.3. § 1er. Le Gouvernement désigne, en qualité de gestionnaire du réseau de transport régional, soit une société qui dispose du droit de propriété ou d'usage sur ce réseau et qui se conforme aux exigences énoncées par ou en vertu de l'article 9 de la loi, soit une intercommunale qui dispose d'un des droits susdits, dont les statuts sont conformes à l'article 8 de la présente ordonnance et qui respecte les exigences posées à l'article 9 de la présente ordonnance.
  § 2. La désignation du gestionnaire du réseau de transport régional a lieu pour un terme de vingt ans [2 ; le Gouvernement étant habilité à renouveler cette désignation, à la date qu'il fixe après concertation avec le gestionnaire de réseau, pour une nouvelle période de vingt ans, sans devoir attendre l'expiration du terme en cours]2 .
  Toutefois, sans préjudice du paragraphe suivant, cette désignation prend fin en cas de faillite ou de dissolution du gestionnaire du réseau de transport régional.
  § 3. Le Gouvernement peut, après avis (de [1 Brugel]1 et après avoir entendu les représentants du gestionnaire du réseau de transport régional, retirer la désignation de celui-ci en cas de : <ORD 2006-12-14/45, art. 10, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  1° changement significatif dans l'actionnariat du gestionnaire du réseau de transport régional qui est susceptible de compromettre l'indépendance de la gestion du réseau de transport régional;
  2° manquement grave du gestionnaire du réseau de transport régional aux obligations que lui imposent la présente ordonnance et les autres lois et règlements;
  3° fusion ou scission du gestionnaire du réseau de transport régional qui est susceptible de compromettre l'indépendance de la gestion du réseau de transport régional.
  
Art.4. Na overleg met de distributienetbeheerder en met de gewestelijke transmissienetbeheerder, en na advies van [1 Brugel]1, kan de Regering overgaan tot de herkwalificatie als distributienet van gedeelten van het gewestelijk transmissienet alsook van de installaties die daar deel van uitmaken om redenen van functionaliteit of in het licht van de beste praktijken in de Europese Unie. <ORD 2006-12-14/45, art.11 , 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  
Art.4. Le Gouvernement peut requalifier en réseau de distribution des parties du réseau de transport régional ou des installations faisant partie de celui-ci en vertu de critères de fonctionnalité ou en fonction des meilleures pratiques au sein de l'Union européenne, après concertation avec le gestionnaire du réseau de distribution et le gestionnaire du réseau de transport régional, et après avis (de [1 Brugel]1. <ORD 2006-12-14/45, art. 11, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  
Art.5. § 1. De gewestelijke transmissienetbeheerder is verantwoordelijk voor de uitbating, het onderhoud en, in voorkomend geval, de ontwikkeling van het gewestelijk transmissienet, met inbegrip van de koppelingen met andere netten, om de regelmaat en de kwaliteit van de energievoorziening [2 in aanvaardbare economische voorwaarden]2 te verzekeren, met respect voor het milieu [2 , voor energie-efficiëntie]2 en voor het rationeel beheer van het openbaar wegennet.
  Hiertoe wordt de gewestelijke transmissienetbeheerder met name belast met de volgende taken :
  1° (de verbetering, de vernieuwing en eventueel de uitbreiding van het net en de koppelingen ervan met het federale transmissienet en het distributienet in het kader van het [5 ontwikkelingsplan]5 bedoeld in artikel 12, en dit in zijn geheel, met het oog op het waarborgen van een capaciteit die aan de noden voldoet;) <ORD 2006-12-14/45, art. 12, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  2° de installatie en het ter beschikking stellen van de aansluitingen;
  3° het onderhoud van het net;
  4° (het besturen van het net en het beheer van de elektriciteitsstromen met inbegrip van het gebruik van de koppelingen daarvoor. Dit gebruik gebeurt in samenwerking met de transmissienetbeheerder en de distributienetbeheerder;) <ORD 2006-12-14/45, art. 13, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  5° het opstellen en bewaren van de plannen van het net;
  6° het ter beschikking stellen van de toegangen tot het net;
  7° het installeren, het onderhoud en het opnemen van de meters;
  [2 8° bij het inschakelen van de productie-eenheden voorrang te geven [6 aan productie-installaties diehernieuwbare energiebronnen gebruiken of aan hoogrenderende warmtekrachtkoppelingen]6;
   9° de aankoop van energie om energieverliezen te dekken en in reservecapaciteit in zijn net te voorzien volgens transparante, niet-discriminerende en op de markt gebaseerde procedures, door voorrang te geven aan de groene elektriciteit;
   10° [6 bij de planning van de ontwikkeling van het gewestelijk transmissienet, in overleg met de distributienetbeheerder, wanneer de aspecten van de planning een rechtstreekse impact hebben op de planning van het distributienet, voorzien in maatregelen en de aankoop van diensten noodzakelijk voor de verbetering van de efficiëntie van het beheer en de ontwikkeling van het gewestelijk transmissienet, die middels een goede kosten-efficiëntieverhouding de noodzaak van modernisering of vervanging van de elektriciteitscapaciteit kunnen beperken. De aankoop van deze diensten, met inbegrip van flexibiliteitsdiensten, gebeurt volgens transparante, niet-discriminerende procedures op basis van de regels van de markt, tenzij Brugel heeft vastgesteld dat de aankoop van deze diensten niet op een kosteneffectieve manier kan worden uitgevoerd of tot ernstige marktverstoringen of verhoogde congestie zou leiden ;]6
  [6 10° bis de aankoop van niet-frequentiegerelateerde ondersteunende producten en diensten die nodig zijn voor de efficiënte, betrouwbare en veilige exploitatie van het gewestelijk transmissienet onder objectieve, transparante en niet-discriminerende voorwaarden en op basis van de regels van de markt, tenzij Brugel heeft vastgesteld dat de aankoop van deze diensten niet op een kosteneffectieve manier kan worden uitgevoerd. De aankoop van niet-frequentiegerelateerde ondersteunende diensten is niet van toepassing op volledig geïntegreerde netwerkcomponenten ;]6
   11° de mededeling aan de gebruikers van het gewestelijk transmissienet van de informatie die zij nodig hebben voor een doeltreffende toegang tot het genoemde net, met inbegrip van het gebruik ervan;]2

  [6 12° met betrekking tot het delen en aankopen van zelf opgewekte elektriciteit en de ontwikkeling van energiegemeenschappen, uitsluitend voor de netgebruikers aangesloten op het gewestelijk transmissienet, de rol van facilitator op zich nemen, met name door het meten van elektriciteitsstromen, het beheren van meetgegevens, het berekenen van de toewijzing van gedeelde volumes gedurende eenzelfde kwartuurperiode volgens de door de betrokken netgebruikers vastgestelde voorwaarden en het berekenen en factureren van het netwerktarief dat van toepassing is op gedeelde volumes. De gewestelijke transmissienetbeheerder werkt bij de uitvoering van zijn rol als facilitator op niet-discriminerende en transparante wijze samen met de betrokken energiegemeenschappen en de betrokken actieve afnemers ;
   13° de rol van facilitator op zich nemen bij de ontwikkeling van de flexibiliteits- en aggregatiediensten, om een concurrentiële markt te bieden ten voordele van de eindafnemers. Deze rol van facilitator omvat met name, uitsluitend voor de eindafnemers aangesloten op het gewestelijk transmissienet, de volgende taken :
   a) het meten van de elektriciteitsstromen ;
   b) het opnemen en verwerken van de meetgegevens die het resultaat zijn van de flexibiliteit en de aggregatie, met inbegrip van de berekening en de verzending van deze gegevens naar de betrokken elektriciteitsbedrijven ;
   c) het beheer van het toegangsregister ;
   d) het beheer van het flexibiliteitsactivatieregister.
   De Regering kan de opdrachten van de facilitator met betrekking tot de ontwikkeling van de flexibiliteits- en aggregatiediensten en de voorwaarden voor de uitoefening van deze opdrachten preciseren ;
   14° met betrekking tot de aansluiting van oplaadpunten op het gewestelijk transmissienet op niet-discriminerende en transparante wijze samenwerken met iedere natuurlijke of rechtspersoon die oplaadpunten gebruikt, bezit of exploiteert.]6

  § 2. De gewestelijke transmissienetbeheerder is verplicht de beheerders van de netten waarmee hij verbonden is, de inlichtingen te verstrekken die nodig zijn om een veilige en efficiënte uitbating, een gecoördineerde ontwikkeling en de wisselwerking tussen de netten te waarborgen.
  § 3. De gewestelijke transmissienetbeheerder mag, in geval hij eigenaar is van het net, deze eigendom noch in zijn geheel noch gedeeltelijk overdragen zonder toestemming van de regering.
  § 4. De gewestelijke transmissienetbeheerder onthoudt zich van elke vorm van discriminatie tussen de netgebruikers of tussen [6 categorieën van netgebruikers of tussen de andere marktspelers]6, en waarborgt de vertrouwelijkheid van gevoelige persoonlijke en commerciële gegevens waarvan hij kennis heeft tijdens de uitoefening van zijn functie.
  § 5. De gewestelijke transmissienetbeheerder kan de toegang tot het net slechts weigeren indien hij niet beschikt over de vereiste capaciteit of indien de aanvrager niet voldoet aan de technische voorschriften bepaald in het reglement van het gewestelijk transmissienet bedoeld in [3 artikel 9ter. [6 De weigeringsbeslissing wordt gemotiveerd, op basis van objectieve, technisch en economisch onderbouwde criteria]6.]3
  [6 Wanneer de weigeringsbeslissing betrekking heeft op de aansluiting van een oplaadpunt omdat de benodigde capaciteit niet beschikbaar is, wordt aan de derde partij die de aansluiting heeft aangevraagd op diens verzoek de relevante informatie over de maatregelen die nodig zijn om het netwerk te versterken en over de alternatieve maatregelen, verstrekt.]6
  § 6. Na advies van [1 Brugel]1 kan de Regering de gewestelijke transmissienetbeheerder openbare-dienstverplichtingen opleggen met betrekking tot de regelmaat en de kwaliteit van de levering van elektriciteit. <ORD 2006-12-14/45, art. 14, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  § 7. Na advies (van [1 Brugel]1) kan de Regering bepalen welke inlichtingen of plannen jaarlijks door de gewestelijke transmissiebeheerder (aan [1 Brugel]1) dienen te worden bezorgd, om in alle omstandigheden de continuïteit van de functie van de gewestelijke transmissienetbeheerder te waarborgen.
  [6 § 8. In het kader van een transparant en participatief proces dat de aan zijn net aangesloten netgebruikers en de betrokken marktspelers en de distributienetbeheerder omvat, legt de gewestelijke transmissienetbeheerder de technische specificaties vast voor de toegang tot en de deelname aan markten voor handel in niet-frequentiegerelateerde ondersteunende diensten en flexibiliteitsdiensten voor zijn net, na goedkeuring door Brugel. Deze technische specificaties zijn gebaseerd op de technische eisen van deze markten en de technische capaciteit van de marktspelers.]6
  
Art.5. § 1er. Le gestionnaire du réseau de transport régional est responsable de l'exploitation, de l'entretien et, le cas échéant, du développement du réseau de transport régional, y compris ses interconnexions avec d'autres réseaux en vue de garantir [2 , dans des conditions économiques acceptables,]2 la régularité et la qualité de l'approvisionnement, dans le respect de l'environnement [2 , de l'efficacité énergétique]2 et d'une gestion rationnelle de la voirie publique.
  A cette fin, le gestionnaire du réseau de transport régional est notamment chargé des tâches suivantes :
  1° (l'amélioration, le renouvellement et l'extension éventuelle du réseau et de ses interconnexions avec le réseau de transport fédéral et le réseau de distribution dans le cadre du [5 plan de développement]5 visé à l'article 12, et ce globalement, en vue de garantir une capacité adéquate pour rencontrer les besoins;) <ORD 2006-12-14/45, art. 12, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  2° l'installation et la mise à disposition des branchements;
  3° l'entretien du réseau;
  4° (la conduite du réseau et la gestion des flux d'électricité, y compris l'utilisation à cette fin des interconnexions. Cette utilisation se fait en coopération avec le gestionnaire du réseau de transport et le gestionnaire du réseau de distribution;) <ORD 2006-12-14/45, art. 13, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  5° la constitution et la conservation des plans du réseau;
  6° la mise à disposition des accès au réseau;
  7° la pose, l'entretien et le relevé des compteurs.
  [2 8° lors de l'appel des installations de production, donner la priorité [6 à celles qui utilisent des sources d'énergie renouvelables ou aux cogénérations à haut rendement]6;
   9° l'achat d'énergie pour couvrir les pertes d'énergie et maintenir une capacité de réserve dans son réseau selon des procédures transparentes, non discriminatoires et reposant sur les règles du marché, en donnant la priorité à l'électricité verte;
   10° [6 prévoir, lors de la planification du développement du réseau de transport régional, en concertation avec le gestionnaire du réseau de distribution lorsque les aspects de la planification ont un impact direct sur la planification du réseau de distribution, les mesures et l'acquisition de services nécessaires à l'amélioration de l'efficacité de la gestion et du développement du réseau de transport régional et permettant de réduire, avec un bon rapport coût-efficacité, la nécessité de moderniser ou de remplacer des capacités électriques. L'acquisition de ces services, y compris des services de flexibilité, est faite selon des procédures transparentes, non discriminatoires et reposant sur les règles du marché, à moins que Brugel n'ait établi que l'acquisition de ces services ne peut se faire dans un bon rapport coût-efficacité ou risque d'entraîner de graves distorsions du marché ou une congestion plus importante ;]6
  [6 10° bis l'acquisition de produits et services auxiliaires non liés au réglage de la fréquence nécessaires à l'exploitation efficace, fiable et sûre du réseau de transport régional dans des conditions objectives, transparentes et non discriminatoires et reposant sur les règles du marché, à moins que Brugel n'ait établi que l'acquisition de ces services ne peut se faire dans un bon rapport coût-efficacité. L'acquisition de services auxiliaires non liés au réglage de la fréquence ne s'applique pas aux composants pleinement intégrés au réseau ;]6
   11° la communication aux utilisateurs du réseau de transport régional des informations dont ils ont besoin pour un accès efficace audit réseau, y compris pour l'utilisation de celui-ci;]2

  [6 12° en matière de partage et d'achat de l'électricité autoproduite et de développement des communautés d'énergie, assurer, exclusivement pour les utilisateurs du réseau raccordés sur le réseau de transport régional, un rôle de facilitateur notamment par la mesure des flux d'électricité, la gestion des données de comptage, le calcul de la répartition des volumes partagés sur une même période quart-horaire selon les modalités fixées par les utilisateurs du réseau concernés, le calcul et la facturation du tarif réseau applicable aux volumes partagés. Dans le cadre de l'exercice de ses missions de facilitateur, le gestionnaire du réseau de transport régional coopère de manière non discriminatoire et transparente avec les communautés d'énergie concernées et les clients actifs concernés ;
   13° en matière de développement des services de flexibilité et d'agrégation, assurer un rôle de facilitateur afin d'offrir un marché concurrentiel au bénéfice des clients finals. Ce rôle de facilitateur comprend notamment, à titre exclusif pour les clients finals raccordés au réseau de transport régional, les tâches suivantes :
   a) la mesure des flux d'électricité ;
   b) la relève et le traitement des données de comptage résultant de la flexibilité et de l'agrégation, y compris le calcul et l'envoi de ces données aux entreprises d'électricité concernées ;
   c) la gestion du registre d'accès ;
   d) la gestion du registre d'activation de la flexibilité.
   Le Gouvernement peut préciser les missions du facilitateur en matière de développement des services de flexibilité et d'agrégation et les conditions d'exercice de ces missions ;
   14° en matière de raccordement des points de recharge au réseau de transport régional, coopérer de manière non discriminatoire et transparente avec toute personne physique ou morale qui utilise, possède ou exploite des points de recharge.]6

  § 2. Le gestionnaire du réseau de transport régional est tenu de fournir aux gestionnaires des réseaux avec lesquels il est interconnecté les informations nécessaires pour garantir une exploitation sûre et efficace, un développement coordonné et l'interopérabilité des réseaux.
  § 3. Le gestionnaire du réseau de transport régional, s'il est propriétaire du réseau, ne peut en céder la propriété, en tout ou en partie, qu'avec l'autorisation du Gouvernement.
  § 4. Le gestionnaire du réseau de transport régional s'abstient de toute discrimination entre les utilisateurs du réseau ou [6 entre des catégories d'utilisateurs du réseau ou entre les autres acteurs du marché]6 et assure la confidentialité des données personnelles et commercialement sensibles dont il a connaissance au cours de l'exécution de ses tâches.
  § 5. Le gestionnaire du réseau de transport régional ne peut refuser l'accès au réseau que s'il ne dispose pas de la capacité nécessaire ou si le demandeur ne satisfait pas aux prescriptions techniques prévues par le règlement du réseau visé à [3 l'article 9ter. [6 La décision de refus est motivée et repose sur des critères objectifs et techniquement et économiquement fondés.]6]3.
  [6 Lorsque la décision de refus concerne le raccordement d'un point de recharge en raison de la non-disponibilité de la capacité nécessaire, les informations pertinentes sur les mesures nécessaires pour renforcer le réseau et sur les mesures alternatives sont fournies au tiers qui a sollicité le raccordement s'il en fait la demande.]6
  § 6. Après avis (de [1 Brugel]1, le Gouvernement peut imposer au gestionnaire du réseau de transport régional, des obligations de service public en matière de régularité et de qualité de la fourniture d'électricité. <ORD 2006-12-14/45, art. 14, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  § 7. Après avis (de [1 Brugel]1, le Gouvernement peut déterminer les informations ou les plans à fournir annuellement par le gestionnaire du réseau de transport régional (à [1 Brugel]1, en vue de garantir, en toutes circonstances, la continuité de la fonction de gestionnaire du réseau de transport régional. <ORD 2006-12-14/45, art. 15, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  [6 § 8. Le gestionnaire du réseau de transport régional établit, dans le cadre d'un processus transparent et participatif qui inclut les utilisateurs du réseau raccordés à son réseau et les acteurs du marché concernés ainsi que le gestionnaire du réseau de distribution et après approbation par Brugel, les spécifications techniques relatives à l'accès et à la participation aux marchés pour le commerce de services auxiliaires non liés au réglage de la fréquence et de services de flexibilité pour les utilisateurs raccordés à son réseau. Ces spécifications techniques sont basées sur les exigences techniques de ces marchés et la capacité technique des acteurs du marché.]6
  
Art. 5bis. [1 § 1 De gewestelijke transmissienetbeheerder mag geen lid zijn van een energiegemeenschap of rechtstreeks of onrechtstreeks daadwerkelijk controle uitoefenen over een energiegemeenschap.
   § 2. De gewestelijke transmissienetbeheerder mag geen oplaadpunten bezitten, ontwikkelen, beheren of exploiteren, behalve die welke hij nodig heeft om in zijn eigen behoeften te voorzien.
   § 3. De gewestelijke transmissienetbeheerder mag geen opslageenheden bezitten, ontwikkelen, beheren of exploiteren.
   In afwijking van het vorige lid kan de Regering, na goedkeuring door Brugel, de gewestelijke transmissienetbeheerder toestemming geven om opslageenheden te bezitten, te ontwikkelen, te beheren of te exploiteren wanneer deze eenheden volledig geïntegreerde netwerkcomponenten zijn.
   § 4. Onverminderd de voorgaande leden kan de Regering de gewestelijke transmissienetbeheerder machtigen om andere activiteiten uit te voeren dan degene die hem op grond van de geldende Europese regelgeving, deze ordonnantie en haar uitvoeringsbesluiten zijn toegewezen, indien deze voor de gewestelijke transmissienetbeheerder noodzakelijk zijn om zijn verplichtingen na te kunnen komen en op voorwaarde dat Brugel een dergelijke afwijking noodzakelijk achtte.
   Deze paragraaf doet geen afbreuk aan het recht van de gewestelijke transmissienetbeheerder om andere netwerken dan elektriciteitsnetten te bezitten of te exploiteren.]1

  
Art. 5bis. [1 § 1er. Le gestionnaire du réseau de transport régional ne peut ni être membre d'une communauté d'énergie ni exercer directement ou indirectement un contrôle effectif sur une communauté d'énergie.
   § 2. Le gestionnaire du réseau de transport régional ne peut être propriétaire de points de recharge, ni les développer, les gérer ou les exploiter, à l'exception de ceux dont il a besoin pour couvrir ses besoins propres.
   § 3. Le gestionnaire du réseau de transport régional ne peut être propriétaire d'unités de stockage, ni les développer, les gérer ou les exploiter.
   Par dérogation à l'alinéa précédent, le Gouvernement peut, après approbation de Brugel, autoriser le gestionnaire du réseau de transport régional à être propriétaire d'unités de stockage, à les développer, les gérer ou les exploiter, lorsque ces unités sont des composants pleinement intégrés au réseau.
   § 4. Sans préjudice des paragraphes précédents, le Gouvernement peut autoriser le gestionnaire du réseau de transport régional à exercer d'autres activités que celles qui lui sont assignées en vertu de la règlementation européenne en vigueur, de la présente ordonnance et de ses arrêtés d'exécution si celles-ci sont nécessaires pour que le gestionnaire du réseau de transport régional s'acquitte de ses obligations et à condition que Brugel ait estimé qu'une telle dérogation était nécessaire.
   Le présent paragraphe est sans préjudice du droit du gestionnaire du réseau de transport régional d'être propriétaire de réseaux autres que les réseaux d'électricité ou de les exploiter.]1

  
Afdeling II. - Beheer van het distributienet.
Section II. - Gestion du réseau de distribution.
Art.6. § 1. De Regering wijst de intercommunale die over het eigendoms- of gebruiksrecht van de zich op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bevindende distributienetten beschikt aan als distributienetbeheerder.
  Vanaf de datum van het besluit tot aanwijzing beschikt de intercommunale over een termijn van een jaar om haar statuten en bijlagen ervan in overeenstemming te brengen met deze ordonnantie.
  § 2. De aanwijzing van de distributienetbeheerder gebeurt voor een termijn van twintig jaar [2 ; de Regering kan deze aanwijzing vernieuwen op de datum die hij vaststelt na overleg met de netbeheerder voor een nieuwe periode van twintig jaar, zonder de afloop van de lopende termijn te moeten afwachten]2 .
  § 3. In geval van ontbinding van de als distributienetbeheerder aangewezen intercommunale, intrekking van de aanwijzing, alsook bij het verstrijken van de in de vorige paragraaf vermelde termijn, wijst de Regering de distributienetbeheerder aan na gunstig advies van de meerderheid van de gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  § 4. Na advies van [1 Brugel]1 kan de Regering, in geval de distributienetbeheerder blijk geeft van zware nalatigheid met betrekking tot de verplichtingen die hem door deze ordonnantie worden opgelegd : <ORD 2006-12-14/45, art. 16, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  1° de distributienetbeheerder aanmanen om zijn verplichtingen na te komen;
  2° voor een vastgestelde duur, een speciaal commissaris bij de organen van de distributienetbeheerder aanwijzen, die belast wordt met het toezicht op het naleven van deze verplichtingen en met het uitbrengen van verslag hierover bij de Regering; de speciaal commissaris mag te dien einde de vergaderingen van de organen bijwonen, er het woord voeren en ter plaatse alle documenten inzien.
  Indien, de distributienetbeheerder zich, na de aanstelling van een speciaal commissaris, niet schikt naar zijn verplichtingen kan de Regering, na verslag van deze commissaris en na de vertegenwoordigers van de distributienetbeheerder te hebben gehoord, zijn aanwijzing als beheerder intrekken. In dit geval stelt zij een speciaal commissaris aan, belast met het beheer in naam van de Regering, van de activiteiten waarmee de distributienetbeheerder wordt belast uit hoofde van deze ordonnantie, tot een nieuwe netbeheerder wordt aangesteld overeenkomstig § 3.
  
Art.6. § 1er. Le Gouvernement désigne comme gestionnaire du réseau de distribution l'intercommunale qui dispose du droit de propriété ou d'usage des réseaux de distribution situés sur le territoire de la Région de Bruxelles-Capitale.
  A dater de l'arrêté de désignation, l'intercommunale dispose d'un délai d'un an pour mettre ses statuts et leurs annexes en conformité avec la présente ordonnance.
  § 2. La désignation du gestionnaire du réseau de distribution a lieu pour un [2 terme de vingt ans, le Gouvernement étant habilité à renouveler cette désignation, à la date qu'il fixe après concertation avec le gestionnaire de réseau, pour une nouvelle période de vingt ans, sans devoir attendre l'expiration du terme en cours]2 .
  § 3. En cas de dissolution de l'intercommunale désignée comme gestionnaire du réseau de distribution, de retrait de la désignation ou à l'expiration du terme visé au paragraphe précédent, le Gouvernement désigne le gestionnaire du réseau de distribution après avis conforme de la majorité des communes de la Région de Bruxelles-Capitale.
  § 4. Après avis (de [1 Brugel]1, le Gouvernement peut, en cas de manquement grave du gestionnaire du réseau de distribution aux obligations que lui imposent la présente ordonnance et la loi : <ORD 2006-12-14/45, art. 16, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  1° mettre en demeure le gestionnaire du réseau de distribution de se conformer à ses obligations;
  2° désigner, pour une durée déterminée, un commissaire spécial auprès des organes du gestionnaire du réseau de distribution, chargé de veiller au respect de ses obligations et de faire rapport au Gouvernement sur celles-ci; le commissaire spécial peut à cette fin assister et intervenir aux réunions des organes et consulter sur place tout document.
  A défaut, pour le gestionnaire du réseau de distribution, de se conformer à ses obligations suite à la désignation d'un commissaire spécial, et après rapport de celui-ci, le Gouvernement peut retirer la désignation du gestionnaire, après avoir entendu ses représentants. Dans ce cas, il désigne un commissaire spécial chargé d'administrer, au nom du Gouvernement, les activités dont le gestionnaire du réseau de distribution est chargé en vertu de la présente ordonnance, jusqu'à la désignation d'un nouveau gestionnaire de réseau conformément au paragraphe 3.
  
Art.7. § 1. De distributienetbeheerder is verantwoordelijk voor de uitbating, het onderhoud en de ontwikkeling van het distributienet, met inbegrip van de aansluitingen op andere netten, met de bedoeling de regelmaat en de kwaliteit van de energievoorziening te verzekeren [2 in aanvaardbare economische voorwaarden]2, met inachtname van het respect voor het milieu [2 , voor energie-efficiëntie]2en een rationeel beheer van het openbaar wegennet.
  Hiertoe wordt de distributienetbeheerder met name belast met de volgende taken :
  1° (de verbetering, de vernieuwing en de uitbreiding van het net en de koppelingen ervan met het federale transmissienet en het distributienet in het kader van het [5 ontwikkelingsplan]5 bedoeld in artikel 12, met de bedoeling een voldoende capaciteit te waarborgen om aan de behoeften te voldoen en om de toelevering aan alle afnemers te waarborgen;) <ORD 2006-12-14/45, art. 17, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  2° de installatie en het ter beschikking stellen van de aansluitingen;
  3° het onderhoud van het net;
  4° het bestuur van het net en het beheer van de elektriciteitsstromen (met inbegrip van het waarborgen van de goede werking en het gebruik met dat doel van de koppelingen. Dit gebruik gebeurt in samenwerking met de beheerder van het transmissienet en de beheerder van het gewestelijk transmissienet;) <ORD 2006-12-14/45, art. 18, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  5° het opstellen en bewaren van de plannen van het net;
  6° het beheer van de toegang (tot zijn) net; <ORD 2006-12-14/45, art. 19, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  7° het installeren, het onderhoud en het opnemen van de meters [6 , inclusief de slimme meters]6;
  [6 7° bis de mededeling aan de eindafnemers van de gegevens die worden geleverd door de meters, met inbegrip van de slimme meters, en die op hen betrekking hebben. De eindafnemers kunnen toegang verlenen tot deze gegevens, door hier uitdrukkelijk de toestemming 59voor te geven, aan elke dienstverlener en elk elektriciteitsbedrijf. De distributienetbeheerder moet deze gegevens bezorgen aan de door de eindafnemer gemachtigde dienstverleners en elektriciteitsbedrijven. Er worden aan de eindafnemers geen extra kosten in rekening gebracht voor de toegang tot hun gegevens of voor het verzoek om hun gegevens beschikbaar te stellen ;]6
  [6 7° ter de mededeling van de noodzakelijke gegevens aan de overheden, de organen, de transmissienetbeheerder, de gewestelijke transmissienetbeheerder, de evenwichtsverantwoordelijken, de leveranciers, de leveranciers van energiediensten, de leveranciers van flexibiliteitsdiensten, de aankoopgroeperingen, de energiegemeenschappen, de actieve afnemers en Brugel om hun taken, opdrachten en verplichtingen uit te voeren of om de elektriciteitsmarkt te faciliteren ;]6
  [2 8° de aankoop van energie om energieverliezen te dekken volgens transparante, niet-discriminerende en op de markt gebaseerde procedures, door voorrang te geven aan de groene elektriciteit;
   9° [6 bij de planning van de ontwikkeling van het distributienet voorzien in maatregelen en de aankoop van diensten noodzakelijk voor de verbetering van de efficiëntie van het beheer en de ontwikkeling van het distributienet, die middels een goede kosten-efficiëntieverhouding de noodzaak van modernisering of vervanging van de elektriciteitscapaciteit kunnen beperken. De aankoop van deze diensten, met inbegrip van flexibiliteitsdiensten, gebeurt volgens transparante, niet-discriminerende procedures op basis van de regels van de markt, tenzij Brugel heeft vastgesteld dat de aankoop van deze diensten niet op een kosteneffectieve manier kan worden uitgevoerd of tot ernstige marktverstoringen of verhoogde congestie zou leiden ;]6
  [6 9° bis de aankoop van niet-frequentiegerelateerde ondersteunende producten en diensten die nodig zijn voor de efficiënte, betrouwbare en veilige exploitatie van het distributienet onder objectieve, transparante en niet-discriminerende voorwaarden en op basis van de regels van de markt, tenzij Brugel heeft vastgesteld dat de aankoop van deze diensten niet op een kosteneffectieve manier kan worden uitgevoerd. De aankoop van niet-frequentiegerelateerde ondersteunende diensten is niet van toepassing op volledig geïntegreerde netwerkcomponenten ;]6
   10° streven naar het bevorderen van energie-efficiëntie. In deze context bestudeert hij met name de technologieën die noodzakelijk zijn voor de transformatie van de netten naar slimme netten [3 ...]3.
   11° de mededeling aan de gebruikers van het distributienet van de informatie die zij nodig hebben voor een doeltreffende toegang tot het genoemde net, met inbegrip van het gebruik ervan;]2

  [3 12° [6 de rol van facilitator op zich nemen bij de ontwikkeling van de flexibiliteits- en aggregatiediensten, om een concurrentiële markt te bieden ten voordele van de eindafnemers. Deze rol van facilitator omvat met name, uitsluitend voor de eindafnemers aangesloten op het gewestelijk distributienet, de volgende taken :
   a) het meten van de elektriciteitsstromen ;
   b) het uitlezen en verwerken van de meetgegevens die het resultaat zijn van de flexibiliteit en de aggregatie, met inbegrip van de berekening en verzending van deze gegevens naar de betrokken elektriciteitsbedrijven ;
   c) het beheer van het toegangsregister ;
   d) het beheer van het flexibiliteitsactivatieregister.
   De Regering kan de opdrachten van de facilitator met betrekking tot de ontwikkeling van de flexibiliteits- en aggregatiediensten en de voorwaarden voor de uitoefening van deze opdrachten preciseren ;]6
]3

  [6 13° met betrekking tot de aansluiting van oplaadpunten op het distributienet op niet-discriminerende en transparante wijze samenwerken met iedere natuurlijke of rechtspersoon die oplaadpunten gebruikt, bezit of exploiteert ;
   14° met betrekking tot het delen en aankopen van zelf opgewekte elektriciteit en de ontwikkeling van energiegemeenschappen, een faciliterende rol spelen, met name door het meten van elektriciteitsstromen, het beheren van meetgegevens, het berekenen van de toewijzing van gedeelde volumes gedurende eenzelfde kwartuurperiode volgens de door de betrokken netgebruikers vastgestelde voorwaarden en het berekenen en factureren van het netwerktarief dat van toepassing is op gedeelde volumes. De distributienetbeheerder werkt bij de uitvoering van zijn rol als facilitator op niet-discriminerende en transparante wijze samen met de energiegemeenschappen en de actieve afnemers ;
   15° bij aanbestedingen voor productie-installaties voorrang geven aan productie-installaties die hernieuwbare energiebronnen gebruiken of aan hoogrenderende warmtekrachtkoppeling ;
   16° de samenwerking met de transmissienetbeheerder en de gewestelijke transmissienetbeheerder voor de effectieve deelname van de met hun net verbonden marktdeelnemers op de detailhandels-, groothandels- en balanceringsmarkten ;
   17° de terugvordering, volgens de voorwaarden vastgelegd in het technisch reglement, van de gebruiker van het distributienet van de kosten van de elektriciteit die is verbruikt zonder contractuele grondslag, zonder enige wettelijke of regelgevende verplichting, of met een contractuele grondslag maar zonder meting van het verbruik, alsook de hieraan verbonden technische en administratieve kosten.]6

  [6 De distributienetbeheerder deelt de in het tweede lid, 7° bis en 7° ter bedoelde gegevens op beveiligde, niet-discriminerende, transparante, gemakkelijke en simultane manier mee. In dit kader kan de distributienetbeheerder deze gegevens verstrekken aan de hand van een tool en een platform die toegankelijk zijn voor de partijen bedoeld in het tweede lid, 7° bis en 7° ter. Na overleg met de betrokken partijen stelt de distributienetbeheerder de nadere regels voor de presentatie van de gegevens voor, alsook een procedure voor de toegang tot de gegevens voor de partijen bedoeld in het tweede lid, 7° bis en 7° ter. Brugel keurt dit voorstel goed en ziet erop toe dat de eventuele kosten die de distributienetbeheerder aan de partijen bedoeld in het tweede lid, 7° ter oplegt, redelijk en naar behoren gerechtvaardigd zijn.]6
  § 2. De distributienetbeheerder zal zich onthouden van elke vorm van discriminatie tussen de netgebruikers of tussen [6 categorieën van netgebruikers of tussen de andere marktspelers]6, en waarborgt de vertrouwelijkheid van gevoelige persoonlijke en commerciële gegevens waarvan hij kennis heeft tijdens de uitoefening van zijn functie.
  § 3. De distributienetbeheerder kan de toegang tot het net slechts weigeren indien hij niet beschikt over de vereiste capaciteit of indien de aanvrager niet voldoet aan de technische voorschriften bepaald in het netreglement bepaald in [2 artikel 9ter. De weigeringsbeslissing wordt gemotiveerd, op basis van objectieve, technisch en economisch onderbouwde criteria.]2.
  [6 Wanneer de weigeringsbeslissing betrekking heeft op de aansluiting van een oplaadpunt omdat de benodigde capaciteit niet beschikbaar is, wordt aan de derde partij die de aansluiting heeft aangevraagd op diens verzoek de relevante informatie over de maatregelen die nodig zijn om het netwerk te versterken en over de alternatieve maatregelen, verstrekt.]6
  § 4. Na advies van [1 Brugel]1 kan de Regering de distributienetbeheerder openbare-dienstverplichtingen opleggen met betrekking tot de regelmaat en de kwaliteit van de levering van elektriciteit. <ORD 2006-12-14/45, art. 21, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  § 5. [2 Met het oog op de uitvoering van zijn opdrachten, heeft de distributienetbeheerder recht op toegang tot alle installaties waarop hij een eigendomsrecht of gebruiksrecht heeft en die zich op de site van een derde bevinden. Wanneer de toegang tot de voormelde installaties betrekking heeft op een woonplaats, wordt die toegang naargelang het geval onderworpen aan de instemming van de gebruiker of de eigenaar van de site in kwestie.
   Wanneer de veiligheid van goederen of personen ernstig in het gedrang komt, kan de distributienetbeheerder zonder voorafgaande toestemming van een administratieve of gerechtelijke instantie beroep doen op de openbare macht om toegang te krijgen tot voornoemde installaties en alle noodzakelijke acties ondernemen, met inbegrip van, indien nodig, het onderbreken van de elektriciteitsvoorziening.
   De regering kan de omstandigheden voor de uitvoering van die bepaling preciseren, evenals de noodzakelijke actie die de netbeheerder kan ondernemen.
   De toepassing van deze uitzonderingsmaatregel is onderworpen aan een regelmatige berichtgeving aan Brugel, die een gedetailleerd jaarverslag aan de regering bezorgt over de inzet van de uitzonderingsmaatregelen bedoeld in het kader van deze paragraaf.]2

  § 6. Na advies (van [1 Brugel]1), kan de Regering bepalen welke inlichtingen of plannen jaarlijks door de distributienetbeheerder (aan de [1 Brugel]1) dienen te worden bezorgd, om in alle omstandigheden de continuïteit van de functie van de distributienetbeheerder te waarborgen. <ORD 2006-12-14/45, art. 23, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  [4 § 7. [7 De oprichting van nieuwe privénetten is verboden.
   In afwijking van het eerste lid is de oprichting van nieuwe privénetten toegestaan :
   1° om de aansluiting van oplaadpunten te bevorderen op voorwaarde dat het technisch mogelijk en economisch verantwoord is ;
   2° voor het gewestelijk tractienet spoor en de stationsnetten.
   Elk nieuw privénet, bedoeld in het tweede lid, 1°, moet vooraf door de distributienetbeheerder zijn goedgekeurd onder de voorwaarden die zijn vastgelegd in het technisch reglement]7
.]4

  [6 § 8. In het kader van een transparant en participatief proces dat de aan zijn net aangesloten netgebruikers en de betrokken marktspelers omvat, alsook de transmissienetbeheerder en de gewestelijke transmissienetbeheerder, legt de distributienetbeheerder de technische specificaties vast voor de toegang tot en de deelname aan markten voor handel in niet-frequentiegerelateerde ondersteunende diensten en flexibiliteitsdiensten voor zijn net, na goedkeuring door Brugel. Deze technische specificaties zijn gebaseerd op de technische eisen van deze markten en de technische capaciteit van de marktspelers.]6
  
Art.7. § 1er. Le gestionnaire du réseau de distribution est responsable de l'exploitation, de l'entretien et du développement du réseau de distribution, y compris ses interconnexions avec d'autres réseaux, en vue d'assurer [2 , dans des conditions économiques acceptables,]2 la régularité et la qualité de l'approvisionnement, dans le respect de l'environnement [2 , de l'efficacité énergétique]2 et d'une gestion rationnelle de la voirie publique.
  A cette fin, le gestionnaire du réseau de distribution est notamment chargé des tâches suivantes :
  1° (l'amélioration, le renouvellement et l'extension du réseau et de ses interconnexions avec le réseau de transport fédéral et le réseau de transport régional dans le cadre du [5 plan de développement]5 visé à l'article 12, en vue de garantir une capacité adéquate pour rencontrer les besoins et d'assurer l'alimentation de tous les clients;) <ORD 2006-12-14/45, art. 17, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  2° l'installation et la mise à disposition des branchements;
  3° l'entretien du réseau;
  4° la conduite du réseau et la gestion des flux d'électricité, (en ce compris d'assurer le bon fonctionnement et l'utilisation à cette fin des interconnexions; cette utilisation se fait en coopération avec le gestionnaire du réseau de transport et le gestionnaire du réseau de transport régional); <ORD 2006-12-14/45, art. 18, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  5° la constitution et la conservation des plans du réseau;
  6° la gestion de l'accès (à son) réseau; <ORD 2006-12-14/45, art. 19, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  7° (la pose, l'entretien et le relevé des compteurs [6 , y compris des compteurs intelligents,]6 et le traitement des données de comptage). <ORD 2006-12-14/45, art. 20, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  [6 7° bis la communication aux clients finals des données issues des compteurs, y compris des compteurs intelligents, les concernant. Les clients finals peuvent donner accès à ces données, par accord exprès, à tout prestataire de service et toute entreprise d'électricité. Le gestionnaire du réseau de distribution est tenu de communiquer ces données aux prestataires de service et entreprises d'électricité mandatés par le client final. Aucun surcoût n'est imputé aux clients finals pour l'accès à leurs données ni pour leur demande de mise à disposition de leurs données ;]6
  [6 7° ter la communication des données nécessaires aux pouvoirs publics, aux organismes, au gestionnaire du réseau de transport, au gestionnaire du réseau de transport régional, aux responsables d'équilibre, aux fournisseurs, aux fournisseurs de services énergétiques, aux fournisseurs de services de flexibilité, aux agrégateurs, aux communautés d'énergie, aux clients actifs et à Brugel pour exécuter leurs tâches, missions et obligations ou faciliter le marché de l'électricité ;]6
  [2 8° l'achat d'énergie pour couvrir les pertes d'énergie selon des procédures transparentes, non discriminatoires et reposant sur les règles du marché, en donnant la priorité à l'électricité verte;
   9° [6 prévoir, lors de la planification du développement du réseau de distribution, les mesures et l'acquisition de services nécessaires à l'amélioration de l'efficacité de la gestion et du développement du réseau de distribution et permettant de réduire, avec un bon rapport coût-efficacité, la nécessité de moderniser ou de remplacer des capacités électriques. L'acquisition de ces services, y compris des services de flexibilité, est faite selon des procédures transparentes, non discriminatoires et reposant sur les règles du marché, à moins que Brugel n'ait établi que l'acquisition de ces services ne peut se faire dans un bon rapport coût-efficacité ou risque d'entraîner de graves distorsions du marché ou une congestion plus importante ;]6
  [6 9° bis l'acquisition de produits et services auxiliaires non liés au réglage de la fréquence nécessaires à l'exploitation efficace, fiable et sûre du réseau de distribution dans des conditions objectives, transparentes et non discriminatoires et reposant sur les règles du marché, à moins que Brugel n'ait établi que l'acquisition de ces services ne peut se faire dans un bon rapport coût-efficacité. L'acquisition de services auxiliaires non liés au réglage de la fréquence ne s'applique pas aux composants pleinement intégrés au réseau ;]6
   10° veiller à promouvoir l'efficacité énergétique. Dans cette optique, il étudie notamment les technologies nécessaires à la transformation des réseaux en réseaux intelligents [3 ...]3;
   11° la communication aux utilisateurs du réseau de distribution des informations dont ils ont besoin pour un accès efficace audit réseau, y compris pour l'utilisation de celui-ci;]2

  [3 12° [6 en matière de développement des services de flexibilité et d'agrégation, assurer un rôle de facilitateur afin d'offrir un marché concurrentiel au bénéfice des clients finals. Ce rôle de facilitateur comprend notamment, à titre exclusif pour les clients finals raccordés au réseau de distribution, les tâches suivantes :
   a) la mesure des flux d'électricité ;
   b) la relève et le traitement des données de comptage résultant de la flexibilité et de l'agrégation, y compris le calcul et l'envoi de ces données aux entreprises d'électricité concernées ;
   c) la gestion du registre d'accès ;
   d) la gestion du registre d'activation de la flexibilité.
   Le Gouvernement peut préciser les missions du facilitateur en matière de développement des services de flexibilité et d'agrégation et les conditions d'exercice de ces missions ;]6
]3

  [6 13° en matière de connexion des points de recharge au réseau de distribution, coopérer de manière non discriminatoire et transparente avec toute personne morale qui utilise, possède ou exploite des points de recharge ;
   14° en matière de partage et d'achat de l'électricité autoproduite et de développement des communautés d'énergie, assurer un rôle de facilitateur notamment par la mesure des flux d'électricité, la gestion des données de comptage, le calcul de la répartition des volumes partagés sur une même période quart-horaire selon les modalités fixées par les utilisateurs du réseau concernés, le calcul et la facturation du tarif réseau applicable aux volumes partagés. Dans le cadre de l'exercice de ses missions de facilitateur, le gestionnaire du réseau de distribution coopère de manière non discriminatoire et transparente avec les communautés d'énergie et les clients actifs ;
   15° lors de l'appel des installations de production, donner la priorité à celles qui utilisent des sources d'énergie renouvelables ou aux cogénérations à haut rendement ;
   16° la coopération avec le gestionnaire du réseau de transport et le gestionnaire du réseau de transport régional en vue de la participation effective des acteurs du marché raccordés à son réseau aux marchés de détail, de gros et d'équilibrage ;
   17° la récupération, dans les conditions définies par le règlement technique, auprès de l'utilisateur du réseau de distribution des coûts de l'électricité consommée sans base contractuelle, en dehors d'une obligation légale ou réglementaire, ou avec une base contractuelle mais sans mesure de la consommation ainsi que les frais techniques et administratifs liés.]6

  [6 Le gestionnaire du réseau de distribution communique les données visées à l'alinéa 2, 7° bis et 7° ter d'une manière sécurisée, non discriminatoire, transparente, aisée et simultanée. Dans ce cadre, le gestionnaire du réseau de distribution peut fournir ces données au moyen d'un outil et d'une plateforme accessibles aux parties visées à l'alinéa 2, 7° bis et 7° ter. Après concertation des acteurs concernés, le gestionnaire du réseau de distribution propose les modalités de présentation des données et une procédure d'accès aux données pour les parties visées à l'alinéa 2, 7° bis et 7° ter. Brugel approuve cette proposition et veille à ce que les frais éventuellement imposés par le gestionnaire du réseau de distribution aux parties visées à l'alinéa 2, 7° ter soient raisonnables et dûment justifiés.]6
  § 2. Le gestionnaire du réseau de distribution s'abstient de toute discrimination entre les utilisateurs du réseau ou [6 entre des catégories d'utilisateurs du réseau ou entre les autres acteurs du marché]6 et assure la confidentialité des données personnelles et commerciales sensibles dont il a connaissance au cours de l'exécution de ses tâches.
  § 3. Le gestionnaire du réseau de distribution ne peut refuser l'accès au réseau que s'il ne dispose pas de la capacité nécessaire ou si le demandeur ne satisfait pas aux prescriptions techniques prévues par le règlement du réseau visé à [2 l'article 9ter. La décision de refus est motivée et repose sur des critères objectifs et techniquement et économiquement fondés.]2.
  [6 Lorsque la décision de refus concerne le raccordement d'un point de recharge, en raison de la non-disponibilité de la capacité nécessaire, les informations pertinentes sur les mesures nécessaires pour renforcer le réseau et sur les mesures alternatives sont fournies au tiers qui a sollicité le raccordement s'il en fait la demande.]6
  § 4. Après avis (de [1 Brugel]1, le Gouvernement peut imposer au gestionnaire du réseau de distribution des obligations de service public en matière de régularité et de qualité de la fourniture d'électricité. <ORD 2006-12-14/45, art. 21, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  § 5. [2 Aux fins de l'exercice de ses missions, le gestionnaire du réseau de distribution a le droit d'accéder à toutes les installations sur lesquelles il possède un droit de propriété ou d'usage et qui se trouvent sur le site d'un tiers. Lorsque l'accès aux installations précitées concerne un domicile, cet accès est subordonné, selon les cas, à l'accord de l'occupant ou du propriétaire du site concerné.
   Lorsque la sécurité des biens ou des personnes est gravement menacée, le gestionnaire du réseau de distribution peut, sans devoir disposer d'une autorisation préalable d'une instance administrative ou judiciaire, recourir à l'assistance de la force publique pour obtenir l'accès aux installations précitées et entreprendre toutes les actions nécessaires, en ce compris, s'il y a lieu, l'interruption de l'alimentation en électricité.
   Le Gouvernement peut préciser les circonstances de mise en oeuvre de la présente disposition, comme les actions nécessaires que le gestionnaire de réseau peut entreprendre.
   Le recours à cette mesure d'exception fait l'objet d'une information régulière auprès de Brugel, laquelle transmet un rapport annuel détaillé au Gouvernement sur le recours aux mesures d'exception prévues dans le cadre du présent paragraphe.]2

  § 6. Après avis (de [1 Brugel]1, le Gouvernement peut déterminer les informations ou les plans à fournir annuellement par le gestionnaire du réseau de distribution (à [1 Brugel]1, en vue de garantir, en toutes circonstances, la continuité de la fonction de gestionnaire du réseau de distribution. <ORD 2006-12-14/45, art. 23, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  [4 § 7. [7 La création de nouveaux réseaux privés est interdite.
   Par dérogation à l'alinéa 1er, la création de nouveaux réseaux privés est autorisée :
   1° pour favoriser le raccordement de points de recharge à condition que cela soit techniquement possible et économiquement raisonnable ;
   2° pour le réseau de traction ferroviaire régional et les réseaux de gares.
   Tout nouveau réseau privé visé à l'alinéa 2, 1°, fait l'objet d'un agrément préalable par le gestionnaire du réseau de distribution dans les conditions définies par le règlement techniquE]7
.]4

  [6 § 8. Le gestionnaire du réseau de distribution établit, dans le cadre d'un processus transparent et participatif qui inclut les utilisateurs du réseau raccordés à son réseau et les acteurs du marché concernés ainsi que les gestionnaires des réseaux de transport et de transport régional et après approbation par Brugel, les spécifications techniques relatives à l'accès et à la participation aux marchés pour le commerce de services auxiliaires non liés au réglage de la fréquence et de services de flexibilité pour son réseau. Ces spécifications techniques sont basées sur les exigences techniques de ces marchés et la capacité technique des acteurs du marché.]6
  
Art.8. § 1. Onverminderd de bepalingen van artikel 20, § 2, mogen de personen die beschikken over een leveringsvergunning voor België, of die rechtstreeks of onrechtstreeks door dergelijke personen worden gecontroleerd of die dergelijke personen rechtstreeks of onrechtstreeks controleren :
  1° in de beheersorganen van de distributienetbeheerder niet vertegenwoordigd worden door bestuurders die samen meer dan een derde van het totaal aantal toe te kennen mandaten uitoefenen;
  2° in de controle- of beheersorganen, niet beschikken over een vetorecht over beslissingen met betrekking tot de opdrachten van de distributienetbeheerder, en deze beslissingen evenmin kunnen blokkeren.
  § 2. De gemeenten mogen het aandeel dat zij rechtstreeks of onrechtstreeks hebben in het maatschappelijk kapitaal van de distributienetbeheerder, niet verminderen zonder toelating van de Regering.
  § 3. De privé-aandeelhouders van de distributienetbeheerder mogen hun aandelen niet overdragen aan niet-aandeelhouders zonder toelating van de Regering.
  (§ 4. [2 De distributienetbeheerder mag geen activiteiten i.v.m. elektriciteitsproductie uitoefenen, behalve om de eigen behoeften te dekken. Iedere bijkomstige elektriciteitsaankoop voltrekt zich overeenkomstig transparante en niet-discriminerende procedures.
   De distributienetbeheerder mag geen activiteiten i.v.m. elektriciteitslevering uitoefenen, behalve om zijn openbaredienstopdrachten te vervullen zoals bedoeld in artikel 24bis, § 1, 3° en 8°.]2

  [2 § 5. De distributienetbeheerder mag geen lid zijn van een energiegemeenschap of rechtstreeks of onrechtstreeks daadwerkelijk controle uitoefenen over een energiegemeenschap.
   § 6. De distributienetbeheerder mag geen oplaadpunten bezitten, ontwikkelen, beheren of exploiteren, behalve die welke hij nodig heeft om in zijn eigen behoeften te voorzien.
   § 7. De distributienetbeheerder mag geen opslageenheden bezitten, ontwikkelen, beheren of exploiteren.
   In afwijking van het vorige lid kan de Regering, na goedkeuring door Brugel, de distributienetbeheerder toestemming geven om opslageenheden te bezitten, te ontwikkelen, te beheren of te exploiteren wanneer deze eenheden volledig geïntegreerde netwerkcomponenten zijn.
   § 8. Onverminderd de voorgaande leden kan de Regering de distributienetbeheerder machtigen om andere activiteiten uit te voeren dan deze die hem op grond van de geldende Europese regelgeving, deze ordonnantie en haar uitvoeringsbesluiten zijn toegewezen, indien deze voor de distributienetbeheerder noodzakelijk zijn om zijn verplichtingen na te kunnen komen en op voorwaarde dat Brugel een dergelijke afwijking noodzakelijk achtte.
   Deze paragraaf doet geen afbreuk aan het recht van de distributienetbeheerder om andere netwerken dan elektriciteitsnetten te bezitten of te exploiteren.]2

  
Art.8. § 1er. Sans préjudice des dispositions visées à l'article 20, paragraphe 2, les personnes disposant d'une autorisation de fourniture en Belgique, ou contrôlées directement ou indirectement par de telles personnes, ou encore contrôlant directement ou indirectement de telles personnes :
  1° ne peuvent être représentées, ensemble ou individuellement, aux organes de gestion du gestionnaire du réseau de distribution par des administrateurs exerçant ensemble plus d'un tiers du nombre total de mandats à conférer;
  2° ne peuvent exercer, ensemble ou individuellement, dans les organes de contrôle ou de gestion, un droit de veto ou un blocage sur une décision relative aux missions du gestionnaire du réseau de distribution.
  § 2. Les communes ne peuvent réduire la part qu'elles détiennent directement ou indirectement dans le capital social du gestionnaire du réseau de distribution sans l'autorisation du Gouvernement.
  § 3. Les actionnaires privés du gestionnaire du réseau de distribution ne peuvent céder, sans l'autorisation du Gouvernement, les parts sociales qu'ils détiennent, à des personnes qui n'ont pas la qualité d'actionnaire.
  § 4. [2 Le gestionnaire du réseau de distribution ne peut s'engager dans des activités de production d'électricité si ce n'est pour couvrir ses besoins propres. Tout achat complémentaire d'électricité se fait selon des procédures transparentes et non discriminatoires.
   Le gestionnaire du réseau de distribution ne peut s'engager dans des activités de fourniture d'électricité si ce n'est pour remplir les missions de service public visées à l'article 24bis, § 1er, 3° et 8°.]2

  [2 § 5. Le gestionnaire du réseau de distribution ne peut ni être membre d'une communauté d'énergie ni exercer directement ou indirectement un contrôle effectif sur une communauté d'énergie.
   § 6. Le gestionnaire du réseau de distribution ne peut être propriétaire de points de recharge, ni les développer, les gérer ou les exploiter, à l'exception de ceux dont il a besoin pour couvrir ses besoins propres.
   § 7. Le gestionnaire du réseau de distribution ne peut être propriétaire d'unités de stockage, ni les développer, les gérer ou les exploiter.
   Par dérogation à l'alinéa précédent, le Gouvernement peut, après approbation de Brugel, autoriser le gestionnaire du réseau de distribution à être propriétaire d'unités de stockage, à les développer, les gérer ou les exploiter, lorsque ces unités sont des composants pleinement intégrés au réseau.
   § 8. Sans préjudice des paragraphes précédents, le Gouvernement peut autoriser le gestionnaire du réseau de distribution à exercer d'autres activités que celles qui lui sont assignées en vertu de la règlementation européenne en vigueur, de la présente ordonnance et de ses arrêtés d'exécution si celles-ci sont nécessaires pour que le gestionnaire du réseau de distribution s'acquitte de ses obligations et à condition que Brugel ait estimé qu'une telle dérogation était nécessaire.
   Le présent paragraphe est sans préjudice du droit du gestionnaire du réseau de distribution d'être propriétaire de réseaux autres que les réseaux d'électricité ou de les exploiter.]2

  
Art.9. <ORD 2006-12-14/45, art. 25, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007> § 1. De distributienetbeheerder komt zijn verplichtingen en opdrachten bedoeld in de artikelen 7, 24, 24bis [2 ...]2 en in hoofdstuk IVbis na, met inachtneming van de principes die hierna volgen :
  1° hij zorgt voor de relaties met de regulatoren en met de overheden, alsook voor het voeren van zijn boekhouding, het beheer van zijn bankrekeningen en zijn financiering, in volledige onafhankelijkheid van de personen bedoeld in artikel 8, § 1;
  2° de hem verschuldigde bedragen worden gestort op bankrekeningen geopend op zijn naam;
  3° hij beschikt over een informaticasysteem dat, met name wat het beheer ervan betreft, onafhankelijk is van de personen bedoeld in artikel 8, § 1;
  4° met het doel te voldoen aan de voorafgaande vereisten, zorgt hij ervoor dat hij, naast andere middelen, over voldoende gekwalificeerd personeel beschikt.
  § 2. De distributienetbeheerder kan de dagelijkse uitbating van zijn activiteiten geheel of gedeeltelijk toevertrouwen aan één of meer uitbatingsbedrijven, onder de hierna volgende voorwaarden :
  1° de gedelegeerde verplichtingen en opdrachten moeten uitgeoefend worden met naleving van de principes beschreven in § 1;
  2° de netwerkbeheerder moet voor voldoende middelen zorgen om een effectieve controle uit te oefenen op de uitoefening van de gedelegeerde verplichtingen en opdrachten;
  3° wat de openbaredienstverplichtingen betreft, dienen de nadere regels van de delegatie door de distributienetbeheerder ter goedkeuring aan de regering te worden voorgelegd na advies van [1 Brugel]1;
  4° de activiteiten die verband houden met de toegang tot het netwerk, met de metingen evenals met de relaties met de toeganghouders en gebruikers van het distributienet, met inbegrip van het bijhorende informatiesysteem, mogen niet worden toevertrouwd aan personen zoals bedoeld in artikel 8, § 1;
  5° onder voorbehoud van de voorwaarden die voorafgaan, stelt de distributienetbeheerder vrij de verplichtingen en opdrachten vast die hij delegeert, alsook de nadere regels voor deze delegatie.
  § 3. [3 Als de opdrachten gedelegeerd werden aan uitbatingsbedrijven bedoeld in § 2, geeft de distributienetbeheerder aan Brugel toegang tot de rekeningen, facturen en het budget van deze bedrijven, binnen de grenzen van de controle die hij alleen of gezamenlijk met andere over hen uitoefent; Brugel mag hem alle noodzakelijke en relevante informatie vragen over de voorwaarden voor de uitbating of voor de uitvoering van de gedelegeerde verplichtingen en opdrachten.]3
  § 4. De regering kan aanvullende maatregelen treffen inzake de organisatie van diensten en beheersdelegaties, teneinde de onafhankelijkheid van de distributienetbeheerder ten aanzien van de personen bedoeld in artikel 8, § 1. te waarborgen.
  
Art.9. <ORD 2006-12-14/45, art. 25, 003; En vigueur : 01-01-2007> § 1er. Le gestionnaire du réseau de distribution remplit ses obligations et missions visées aux articles 7, 24, 24bis [2 ...]2 et au chapitre IVbis, dans le respect des principes ci-après :
  1° il assure les relations avec les régulateurs et les pouvoirs publics ainsi que la tenue de sa comptabilité, la gestion de ses comptes bancaires et de son financement en totale indépendance à l'égard des personnes visées à l'article 8, § 1er;
  2° les sommes qui lui sont dues sont versées sur des comptes bancaires qui lui sont propres;
  3° il dispose d'un système informatique indépendant, notamment en ce qui concerne sa gestion, à l'égard des personnes visées à l'article 8, § 1er;
  4° afin de répondre aux exigences qui précèdent, il se dote, entre autres moyens, d'un personnel qualifié suffisant.
  § 2. Le gestionnaire du réseau de distribution peut confier l'exploitation journalière de ses activités, en tout ou en partie, à une ou plusieurs sociétés exploitantes, aux conditions ci-après :
  1° les obligations et missions déléguées doivent être exercées dans le respect des principes visés au § 1er;
  2° le gestionnaire du réseau doit se réserver les moyens d'exercer un contrôle effectif sur l'exercice des obligations et missions déléguées;
  3° en ce qui concerne les obligations de service public, les modalités de la délégation par le gestionnaire du réseau de distribution sont soumises à l'approbation du Gouvernement après avis de [1 Brugel]1;
  4° les activités liées à l'accès au réseau, au comptage ainsi qu'aux relations avec les détenteurs d'accès et les utilisateurs du réseau de distribution, en ce compris le système d'information y afférent, ne peuvent être confiées aux personnes visées à l'article 8, § 1er;
  5° sous réserve des conditions qui précèdent, le gestionnaire du réseau de distribution fixe librement les obligations et missions qu'il délègue ainsi que les modalités de cette délégation.
  § 3. [3 Lorsque des missions ont été déléguées à des sociétés exploitantes visées au § 2, le gestionnaire du réseau de distribution donne accès à Brugel aux comptes, factures et budget de ces sociétés dans les limites du contrôle qu'il exerce seul ou conjointement avec d'autres sur celles-ci ; Brugel peut lui demander toute information nécessaire et pertinente sur les conditions d'exploitation ou d'exercice des obligations et missions déléguées.]3
  § 4. Le Gouvernement peut arrêter des mesures complémentaires relatives à l'organisation des services et aux délégations d'exploitation, en vue de garantir l'indépendance du gestionnaire du réseau de distribution à l'égard des personnes visées à l'article 8, § 1er.
  
Afdeling IIbis. Toegang tot de netten.
Section IIbis. Accès aux réseaux.
Art. 9bis. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 26; Inwerkingtreding : 01-01-2007> De gewestelijke transmissienetbeheerder voor elektriciteit verleent toegang tot zijn net aan de afnemers aangesloten op het gewestelijk transmissienet en aan de producenten die één of meerdere productie-installaties hebben, gelegen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die aangesloten zijn op dit net, onder de voorwaarden bepaald door het technisch reglement. Hij erkent aan de toegangshouders tot het distributienet het recht van toegang tot het gewestelijk transmissienet teneinde hun afnemers aangesloten op het distributienet met elektriciteit te bevoorraden.
  De distributienetbeheerder verleent, onder de voorwaarden die zijn vastgesteld in het technisch reglement, toegang tot zijn net aan de leveranciers die beschikken over een leveringsvergunning voor de distributie van de elektriciteit die bestemd is voor hun afnemers die zijn aangesloten op het distributienet, aan de producenten die één of meerdere productie-installaties hebben, gelegen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en aan de gebruikers die, in voorkomend geval, gemachtigd zijn om een aanvraag tot toegang in te dienen en die zijn aangesloten op ditzelfde net.
  [1 De distributienetbeheerder houdt een toegangsregister bij om de toegang tot zijn net te beheren.
   In het toegangsregister zijn, voor elk toegangspunt dat door een uniek identificatienummer aangeduid wordt, alle gegevens opgenomen die vereist zijn voor het beheer van de toegang, en meer bepaald, het statuut actief of inactief van het toegangspunt en, voor de actieve toegangspunten, de identiteit van de leverancier die toegangsgerechtigde is van het betreffende toegangspunt en die van zijn afnemer.
   Elke door een leverancier geformuleerde aanvraag tot wijziging van gegevens in het toegangsregister wordt gedaan overeenkomstig de in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest geldende MIG [3 ...]3.
   De in het toegangsregister opgenomen gegevens gelden, met name voor de facturering aan leveranciers voor het gebruik van het distributienet en de prestaties voor toegang tot het net in kwestie.]1

  [2 De leverancier is verantwoordelijk voor de toegang tot het net gerealiseerd door de distributienetbeheerder, overeenkomstig een naar behoren geformuleerde vraag van zijn kant, om een leveringscontract of zijn wettelijke verbintenis als leverancier uit te oefenen.]2
  
Art. 9bis. Le gestionnaire du réseau de transport régional d'électricité donne l'accès à son réseau, aux conditions définies par le règlement technique, aux clients raccordés sur le réseau de transport régional et aux producteurs ayant une ou plusieurs installations de production dans la Région de Bruxelles-Capitale raccordées à ce réseau. Il reconnaît aux détenteurs d'accès au réseau de distribution le droit d'accéder au réseau de transport régional, pour fournir en électricité leurs clients raccordés sur le réseau de distribution.
  Le gestionnaire du réseau de distribution donne l'accès à son réseau, aux conditions définies par le règlement technique, aux fournisseurs titulaires d'une licence de fourniture pour la distribution de l'électricité destinée à leurs clients raccordés au réseau de distribution, aux producteurs ayant une ou plusieurs installations de production dans la Région de Bruxelles-Capitale et aux utilisateurs autorisés le cas échéant à introduire une demande d'accès, raccordés à ce même réseau.
  [1 Pour gérer les accès à son réseau, le gestionnaire du réseau de distribution tient un registre d'accès.
   Le registre d'accès reprend pour chaque point d'accès caractérisé par un numéro d'identification univoque toutes les données nécessaires à la gestion de l'accès, et notamment le statut actif ou inactif du point d'accès et, pour les points d'accès actifs, l'identité du fournisseur qui est détenteur d'accès du point d'accès considéré et celle de son client.
   Toute demande d'adaptation d'une donnée du registre d'accès, formulée par un fournisseur, est faite conformément au MIG applicable en Région de Bruxelles-Capitale [3 ...]3.
   Les données reprises dans le registre d'accès font foi notamment pour la facturation aux fournisseurs de l'utilisation du réseau de distribution et des prestations d'accès audit réseau.]1

  [2 Le fournisseur est responsable des prestations d'accès au réseau effectuées par le gestionnaire du réseau de distribution, conformément à une demande en bonne et due forme de sa part, aux fins de l'exécution d'un contrat de fourniture ou de ses obligations légales en qualité de fournisseur.]2
  
Afdeling IIter. Technische reglementen.
Section IIter. Règlements techniques.
Art. 9ter. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 27; Inwerkingtreding : 01-01-2007> [4 Elke netbeheerder werkt een voorstel van technisch reglement uit voor het beheer van zijn eigen net, de toegang hiertoe en legt dit ter goedkeuring voor aan Brugel.
   Brugel legt het voorstel van technisch reglement voor advies voor aan de betrokken administraties, de daadwerkelijke of potentiële gebruikers van het net en aan de Raad. Die adviezen worden binnen dertig dagen ingediend toe te voegen.
   Brugel brengt dit voorstel ter informatie ter kennis van de Regering. Vervolgens keurt hij het technisch reglement goed, na onderzoek van het voorstel en de resultaten van het raadplegingsproces.
   Er kunnen wijzigingen aan de geldende technische reglementen voorgesteld worden aan Brugel door de Regering of door elke netbeheerder voor het net waarvoor hij verantwoordelijk is. Als een voorstel tot wijziging van een technisch reglement afkomstig is van de Regering, legt Brugel dit voor advies voor aan de betrokken netbeheerder. Deze beschikt over een termijn van twee maand om zijn advies over te maken aan Brugel. Brugel spreekt zich vervolgens uit over de voorgestelde wijzigingen en keurt ze desgevallend volledig of gedeeltelijk goed.
   Wanneer Brugel op basis van klachten of op grond van haar eigen waarnemingen, een slechte werking of een weinig efficiënte werking identificeert met betrekking tot de uitvoering van een of ander technisch reglement, of om enige andere wettige reden, kan Brugel voorstellen een technisch reglement te wijzigen. In dit geval stelt hij een lijst met aan te brengen wijzigingen op; Brugel legt deze lijst ter advies voor aan de betrokken administraties en de daadwerkelijke of potentiële gebruikers van het net. Die adviezen worden binnen dertig dagen ingediend; Brugel brengt deze ter informatie ter kennis aan de Regering en legt ze voor advies voor aan de netbeheerder. Deze beschikt over een termijn van twee maand om zijn advies over te maken aan Brugel. Brugel keurt binnen de maand na het advies van de betrokken netbeheerder of na het verstrijken van de termijn die hem werd toegekend om zijn advies te verstrekken al deze wijzigingen of een deel ervan goed, al naargelang het geval.]4

  [2 De technische reglementen waarborgen de interoperabiliteit van de netten; ze zijn objectief en niet-discriminerend.]2
  De technische reglementen worden gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Ze bepalen met name :
  1° de minimale technische vereisten voor de aansluiting op het net, de bepalingen betreffende de grenzen van het net en de nadere regels van het ter beschikking stellen van plaatsen en infrastructuren door de aanvragers van een aansluiting;
  2° de voorwaarden voor toegang tot het net, waaronder de specifieke voorschriften die van toepassing zijn op de in aanmerking komende eindafnemers die aangesloten zijn op eenzelfde privé-net;
  3° de respectievelijke verantwoordelijkheden van de netbeheerders en van de gebruikers die aangesloten zijn op deze netten;
  4° de operationele regels waaraan de netbeheerders onderworpen zijn in hun technisch beheer van de elektriciteitsstromen en de maatregelen die ze moeten treffen met het doel de problemen op te lossen inzake congestie en technische storingen die de zekerheid en de continuïteit van de bevoorrading in het gedrang kunnen brengen;
  5° de prioriteit die moet worden gegeven aan de aansluitingen van de installaties voor productie van groene elektriciteit;
  6° de prioriteit die moet worden gegeven aan de ingraving van de elektrische leidingen bij de verbetering, de vernieuwing en de uitbreiding van het net;
  7° de ondersteunde diensten die de netbeheerders moeten voorzien;
  8° de informatie en de gegevens die door de netgebruikers moeten worden verstrekt aan de netbeheerders;
  9° de maatregelen die tot doel hebben elke discriminatie tussen de netgebruikers of categorieën van netgebruikers te voorkomen;
  10° de maatregelen die moeten worden genomen om de vertrouwelijkheid te waarborgen van de persoonlijke en commerciële gegevens waarvan de netbeheerder kennis heeft bij de uitvoering van zijn opdrachten;
  11° de gegevens die moeten worden uitgewisseld, met name om de opstelling van het [5 ontwikkelingsplan]5 mogelijk te maken;
  12° de informatie die door de netbeheerder moet worden verstrekt aan de beheerders van de andere elektriciteitsnetten waarmee dit net is verbonden, om een veilige en efficiënte uitbating, een gecoördineerde ontwikkeling en de wisselwerking tussen de verbonden netten te waarborgen;
  13° de regels en de voorwaarden voor de terbeschikkingstelling van installaties van de gebruiker aan de netbeheerders, teneinde de veiligheid van hun net te waarborgen [3 , evenals de te volgen aanbestedingprocedure voor een uitbater van een hoogrenderende warmtekrachtkoppelingsinstallatie om een operationele dienst te bieden [4 met name voor aanpassing]4 ten voordele van de netbeheerders; deze procedure is transparant, niet-discriminerend en kan het onderwerp van een controle zijn " bijgevoegd na de woorden]3 ;
  14° de operationele regels betreffende de privé-netten bedoeld in artikel 2, 36° [4 die tot stand kwamen voor de inwerkingtreding van het verbod vastgelegd in artikel 7, § 7 of die niet binnen het toepassingsgebied van dit verbod vallen;]4
  [2 15° de gevallen waarin het opschorten van de toegang, het buiten dienst stellen of het afschaffen van een aansluiting, het opleggen van aanpassingen aan de installaties van de netgebruiker of het afschaffen ervan door de netbeheerder zijn toegestaan, en de bijbehorende modaliteiten;]2
  [4 16° [6 de modaliteiten voor de berekening door de distributienetbeheerder van het elektriciteitsverbruik zonder contractuele grondslag, zonder enige wettelijke of regelgevende verplichting, of met contractuele grondslag maar zonder meting van het verbruik, op basis van concrete, betrouwbare en voldoende elementen over de netgebruiker ; alsook, bij gebrek aan dergelijke elementen, de modaliteiten voor raming door de distributienetbeheerder van het niet-gefactureerd elektriciteitsverbruik op basis van het profiel van de netgebruiker. In elk geval worden de modaliteiten voor facturering van dit niet-gefactureerd elektriciteitsverbruik vastgelegd op basis van gereguleerde tarieven die voldoen aan de voorwaarden vastgelegd in artikel 9quinquies, punt 17° ;]6]4
  [4 17° de toegangsregels [6 tot de markt van aankoopgroeperingen,]6 van leveranciers van flexibiliteits- en energiediensten, conform de bepalingen van het Reglement (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van fysieke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en het vrij verkeer van die gegevens;]4
  [6 18° de objectieve, transparante en niet-discriminerende voorwaarden voor het leveren van producten en diensten aan netbeheerders, inclusief niet-frequentiegerelateerde ondersteunende diensten en flexibiliteitsdiensten, die nodig zijn voor de efficiënte, betrouwbare en veilige exploitatie van hun net ;
   19° de voorwaarden waaronder de netbeheerder op basis van objectieve, transparante en niet-discriminerende technische criteria de activering van de flexibiliteit gedurende een bepaalde periode kan beperken of weigeren om de veiligheid van het gewestelijk transmissienet of het distributienet te waarborgen ;
   20° de voorwaarden waaronder de netbeheerder op basis van objectieve, transparante en niet-discriminerende technische criteria het opladen van een elektrisch voertuig aangesloten op zijn net kan sturen, en het geleverd vermogen voor het opladen van een elektrisch voertuig aangesloten op zijn net of het teruggeleverde vermogen bij het ontladen van een elektrisch voertuig aangesloten op zijn net gedurende een bepaalde periode kan beperken of weigeren om de veiligheid van het gewestelijk transmissienet of het distributienet te waarborgen.]6

  Ze bevatten eveneens :
  1° een meetcode die met name de technische en administratieve voorschriften vaststelt om de meting te kunnen organiseren;
  2° een samenwerkingscode, die met name de regels voor samenwerking tussen de netbeheerders vaststelt en die onder andere de uitwisseling van meetgegevens, de voorbereiding van de [5 ontwikkelingsplannen]5, de organisatie van de uitbatingprocedures op de koppelingspunten, de manier van factureren van de netbeheerders overeenkomstig [2 de federale bepalingen ter zake]2 bepaalt.
  [4 [6 De distributienetbeheerder keurt de MIG die van toepassing is in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest goed na openbare raadpleging, volgens de modaliteiten die zijn vastgelegd in het technisch reglement, en na advies van Brugel.]6 [6 Brugel kan een vetorecht inbrengen]6 tegen de MIG die van toepassing is in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de datum van inwerkingtreding ervan. Brugel overlegt met de distributienetbeheerder, de leveranciers en de andere actoren waarop de MIG van toepassing is, in het kader van een samenwerkingsplatform waarop al deze actoren en netbeheerders vertegenwoordigd zijn. Elke toepasselijke wijziging aan de MIG kan het voorwerp zijn van een veto door Brugel binnen de twee maanden die volgen op de kennisgeving ervan.
   De netbeheerder wendt alle gepaste middelen aan om zich van de optimale werking van het platform voor de samenwerking met de marktactoren en de goede uitvoering van de in deze MIG voorziene processen te vergewissen.]4

  [4 De technische reglementen worden gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en op de website van Brugel en de betrokken netbeheerder. Brugel en de distributienetbeheerder komen overeen over de voorwaarden voor het opstellen en het publiceren van een gevulgariseerde versie van het technisch reglement voor de residentiële consumenten wat betreft de bepalingen die op hen van toepassing zijn. De technische reglementen en de MIG zijn in elk geval compatibel met de bepalingen van deze ordonnantie en haar uitvoeringsbesluiten.]4
  
Art. 9ter. [4 Chaque gestionnaire du réseau élabore une proposition de règlement technique pour la gestion de son réseau propre et l'accès à celui-ci et le soumet à l'approbation de Brugel.
   Brugel soumet, pour avis, la proposition de règlement technique aux administrations concernées, aux utilisateurs effectifs ou potentiels du réseau et au Conseil. Ces avis sont remis dans les trente jours.
   Brugel notifie cette proposition, pour information, au Gouvernement. Elle adopte ensuite le règlement technique, après examen de la proposition et des résultats du processus de consultation.
   Des modifications aux règlements techniques en vigueur peuvent être proposées à Brugel par le Gouvernement ou par chaque gestionnaire du réseau pour le réseau dont il a la charge. Lorsqu'une proposition de modification d'un règlement technique provient du Gouvernement, Brugel la soumet, pour avis, au gestionnaire du réseau concerné. Celui-ci dispose d'un délai de deux mois pour communiquer son avis à Brugel. Brugel statue ensuite sur les modifications proposées et les adopte, le cas échéant, en tout ou en partie.
   Lorsqu'elle identifie, sur la base de plaintes ou de ses propres constatations, un dysfonctionnement ou un fonctionnement peu efficace en rapport avec l'exécution de l'un ou l'autre règlement technique, ou pour tout autre juste motif, Brugel peut décider de modifier un règlement technique. En ce cas, elle établit une liste des modifications à y apporter ; elle soumet cette liste pour avis aux administrations concernées, aux utilisateurs effectifs ou potentiels du réseau et au Conseil. Ces avis sont remis dans les trente jours ; elle notifie celle-ci, à titre informatif, au Gouvernement et la soumet, pour avis, au gestionnaire du réseau. Celui-ci dispose d'un délai de deux mois pour communiquer son avis à Brugel. Dans le mois qui suit l'avis du gestionnaire du réseau concerné ou, à l'expiration du délai qui lui était imparti pour rendre son avis, Brugel adopte, le cas échéant, tout ou partie de ces modifications.]4

  [2 Les règlements techniques assurent l'interopérabilité des réseaux; ils sont objectifs et non discriminatoires.]2
  Les règlements techniques sont publiés au Moniteur belge. Ils définissent notamment :
  1° les exigences techniques minimales pour le raccordement au réseau, les dispositions relatives aux limites du réseau et les modalités de mise à disposition d'emplacements et d'infrastructures par les demandeurs d'un raccordement;
  2° les conditions d'accès au réseau dont les prescriptions particulières applicables aux clients éligibles finals raccordés à un même réseau privé;
  3° les responsabilités respectives des gestionnaires des réseaux et des utilisateurs raccordés à ces réseaux;
  4° les règles opérationnelles auxquelles les gestionnaires des réseaux sont soumis dans leur gestion technique des flux d'électricité et dans les actions qu'ils doivent entreprendre en vue de remédier aux problèmes de congestion et aux désordres techniques pouvant compromettre la sécurité et la continuité d'approvisionnement;
  5° la priorité à donner aux raccordements des installations de production d'électricité verte;
  6° la priorité à donner à l'enfouissement des lignes électriques lors de l'amélioration, du renouvellement et de l'extension du réseau;
  7° les services auxiliaires que les gestionnaires des réseaux doivent mettre en place;
  8° les informations et données à fournir par les utilisateurs du réseau aux gestionnaires des réseaux;
  9° les mesures visant à éviter toute discrimination entre les utilisateurs ou catégories d'utilisateurs du réseau;
  10° les mesures à prendre pour assurer la confidentialité des données personnelles et commerciales dont le gestionnaire du réseau a connaissance dans l'accomplissement de ses missions;
  11° les données devant être échangées, notamment pour permettre l'élaboration du [5 plan de développement]5;
  12° les informations à fournir par le gestionnaire de réseau aux gestionnaires des autres réseaux électriques avec lesquels ledit réseau est interconnecté, en vue d'assurer une exploitation sûre et efficace, un développement coordonné et l'interopérabilité des réseaux interconnectés;
  13° les modalités et conditions de mise à disposition d'installations de l'utilisateur au profit des gestionnaires de réseau afin d'assurer la sécurité de leur réseau [3 ainsi que la procédure d'appel d'offres à suivre pour un exploitant d'une installation de cogénération à haut rendement en vue de rendre un service opérationnel [4 notamment d'ajustement]4 au profit des gestionnaires de réseau; cette procédure est transparente, non discriminatoire et peut faire l'objet d'un contrôle]3 ;
  14° les règles opérationnelles relatives aux réseaux privés visés à l'article 2, 36° [4 dont la création est antérieure à l'entrée en vigueur de l'interdiction prévue à l'article 7, § 7 ou qui n'entrent pas dans le champ d'application de cette interdiction;]4
  [2 15° les cas dans lesquels la suspension de l'accès, la mise hors service ou la suppression d'un raccordement, l'imposition d'adaptations aux installations de l'utilisateur du réseau voire la suppression de celles-ci par le gestionnaire du réseau sont autorisées et les modalités y afférentes;]2
  [4 16° [6 les modalités de calcul par le gestionnaire du réseau de distribution, des consommations d'électricité survenues sans base contractuelle, en dehors d'une obligation légale ou règlementaire, ou avec une base contractuelle mais sans mesure de la consommation, sur la base d'éléments concrets, fiables et suffisants propres à l'utilisateur du réseau ; ainsi que, en l'absence de tels éléments, les modalités d'estimation par le gestionnaire du réseau de distribution des consommations d'électricité non facturées sur la base du profil de l'utilisateur du réseau. En tout état de cause, les modalités de facturation de ces consommations d'électricité non facturées sont définies sur la base de tarifs régulés répondant aux conditions fixées à l'article 9quinquies, point 17° ;]6]4
  [4 17° les règles d'accès [6 au marché des agrégateurs,]6 des fournisseurs de service de flexibilité et des fournisseurs de services énergétiques, dans le respect des dispositions du Règlement (UE) 2016/679 du Parlement européen et du Conseil du 27 avril 2016 relatif à la protection des personnes physiques à l'égard du traitement des données à caractère personnel et à la libre circulation de ces données;]4
  [6 18° les conditions objectives, transparentes et non discriminatoires pour la fourniture aux gestionnaires de réseaux de produits et services, y compris des services auxiliaires non liés au réglage de fréquence et des services de flexibilité, nécessaires à l'exploitation efficace, fiable et sûre de leur réseau ;
   19° les conditions dans lesquelles le gestionnaire de réseau peut, sur la base de critères techniques objectifs, transparents et non discriminatoires, limiter ou refuser l'activation de la flexibilité pour une durée déterminée afin de garantir la sécurité du réseau de transport régional ou du réseau de distribution ;
   20° les conditions dans lesquelles le gestionnaire de réseau peut, sur la base de critères techniques objectifs, transparents et non discriminatoires, piloter la recharge d'un véhicule électrique raccordé à son réseau, limiter ou refuser la puissance délivrée pour la recharge d'un véhicule électrique raccordé à son réseau, limiter ou refuser la puissance réinjectée lors de la décharge d'un véhicule électrique raccordé à son réseau, pour une durée déterminée afin de garantir la sécurité du réseau de transport régional ou du réseau de distribution.]6

  Ils contiennent également :
  1° un code de comptage, qui fixe notamment les prescriptions techniques et administratives pour permettre l'organisation du comptage;
  2° un code de collaboration, qui fixe notamment les modalités de coopération entre gestionnaires de réseaux et qui détermine entre autres l'échange des données de mesure, la préparation des [5 plans de développement]5, l'organisation des procédures d'exploitation aux points d'interconnexions, le mode de facturation des gestionnaires de réseaux conformément aux dispositions [2 fédérales en la matière]2.
  [4 [6 Le gestionnaire du réseau de distribution approuve le MIG applicable en Région de Bruxelles-Capitale après consultation publique, selon les modalités définies dans le règlement technique, et après avis de Brugel]6 Brugel peut opposer un droit de veto à l'égard du MIG applicable en Région de Bruxelles-Capitale et de sa date d'entrée en vigueur. Brugel se concerte avec le gestionnaire du réseau de distribution, les fournisseurs et les autres acteurs auxquels le MIG est applicable, au sein d'une plateforme de collaboration où sont représentés l'ensemble de ces acteurs et des gestionnaires de réseaux. Toute modification au MIG applicable peut faire l'objet d'un veto par Brugel endéans les deux mois qui suivent sa notification.
   Le gestionnaire du réseau de distribution met en oeuvre tous les moyens adéquats afin d'assurer le fonctionnement optimal de la plateforme de collaboration avec les acteurs du marché et la bonne exécution des processus prévus dans le MIG.]4

  [4 Les règlements techniques sont publiés au Moniteur belge et sur le site internet de Brugel et du gestionnaire du réseau concerné. Brugel et le gestionnaire du réseau de distribution conviennent des modalités de rédaction et de publication d'une version vulgarisée du règlement technique à destination des consommateurs résidentiels pour les dispositions qui les concernent. Les règlements techniques et le MIG sont en toute hypothèse compatibles avec les dispositions de la présente ordonnance et de ses arrêtés d'exécution.]4
  
Afdeling IIquater. [1 Inzake de tariefmethodologie en de tarieven]1
Section IIquater. [1 De la méthodologie tarifaire et des tarifs]1
Art. 9quater. [1 § 1. De aansluiting en de toegang tot het distributienet voor de afname en injectie van energie, met inbegrip van de meetdiensten en, desgevallend, de ondersteunende diensten, maken het voorwerp uit van gereguleerde tarieven.
  Na gestructureerd, gedocumenteerd en transparant overleg met de distributienetbeheerder, werkt Brugel de tariefmethodologie uit die deze netbeheerder moet gebruiken voor het opstellen van diens tariefvoorstel.
  § 2. De tariefmethodologie preciseert met name :
  1° de definitie van de kostencategorieën die door de tarieven worden gedekt;
  2° de regels van de evolutie in de tijd van de kostencategorieën bedoeld in 1°, met inbegrip van de methode voor de bepaling van de parameters die zijn opgenomen in de evolutieformules;
  3° de regels voor de toewijzing van de kosten aan de categorieën van netgebruikers;
  4° de algemene tariefstructuur en de tariefcomponenten.
  § 3. De tariefmethodologie kan worden opgesteld door Brugel volgens een vastgestelde procedure van gemeenschappelijk akkoord met de distributienetbeheerder op basis van een uitdrukkelijk transparant en niet-discriminerend akkoord. Bij gebrek aan een akkoord wordt het overleg ten minste gehouden als volgt :
  1° Brugel stuurt de oproeping van de overlegvergaderingen bedoeld in lid 1 naar de distributienetbeheerder samen met de documentatie betreffende de agendapunten van deze vergaderingen, binnen een termijn van drie weken voorafgaand aan de vergaderingen in kwestie. De oproeping vermeldt de plaats, de datum en het uur van de vergadering, alsook de punten van de dagorde;
  2° na de vergadering stelt Brugel een ontwerp van proces-verbaal op van de vergadering waarin de argumenten worden opgenomen die naar voren werden geschoven door de verschillende partijen en de vastgestelde punten waarover overeenstemming en waarover geen overeenstemming bestond die zij ter goedkeuring verzendt naar de distributienetbeheerder binnen een termijn van twee weken na de vergadering;
  3° binnen een termijn van één maand na de ontvangst van het door de partijen goedgekeurde proces-verbaal van Brugel, verstuurt de netbeheerder naar Brugel zijn formeel advies over de tariefmethodologie dat het resultaat is van dit overleg, waarbij desgevallend de eventuele resterende punten waarover geen overeenstemming werd bereikt worden benadrukt.
  De termijnen bepaald in de punten 1°, 2° en 3° kunnen worden verkort in gemeen overleg tussen Brugel en de distributienetbeheerder.
  § 4. Brugel wint het advies in van de Raad over de tariefmethodologie die uit dit overleg volgt. Deze laatste brengt zijn advies uit binnen de 30 dagen na de ontvangst van het verzoek.
  Brugel kan het advies vragen van elke speler van de elektriciteitsmarkt indien hij dit nodig acht voor de uitwerking van de tariefmethodologie.
  § 5. Brugel publiceert op haar website de toepasselijke tariefmethodologie, de relevante stukken met betrekking tot het overleg met de distributienetbeheerder, het advies van de Raad en alle documenten die zij nuttig acht voor de motivering van haar beslissing betreffende de tariefmethodologie, met inachtneming van de vertrouwelijkheid van commercieel gevoelige gegevens betreffende de leveranciers of de netgebruikers, persoonsgegevens en/of gegevens waarvan de vertrouwelijkheid wordt beschermd krachtens bijzondere wetgevingen.
  § 6. Behoudens korter overeengekomen termijn tussen Brugel en de distributienetbeheerder wordt de tariefmethodologie die van toepassing is voor de vaststelling van het tariefvoorstel meegedeeld aan de netbeheerder ten laatste zes maanden vóór de datum waarop het tariefvoorstel moet worden ingediend bij Brugel. De inaanmerkingneming van de wijzigingsvoorstellen moet gemotiveerd worden.
  § 7. Deze tariefmethodologie [2 is stabiel en]2 blijft van toepassing gedurende de hele tariefperiode, met inbegrip van de eindbalans van de saldi die betrekking heeft op deze periode. Wijzigingen aangebracht tijdens de periode aan de tariefmethodologie, conform de bepalingen van § 1, zijn slechts van toepassing vanaf de volgende tariefperiode [2 ...]2.
  [2 Bij wijze van uitzondering op de regel van de stabiliteit van de tariefmethodologie, kan Brugel na gestructureerd, gedocumenteerd en transparant overleg met de distributienetbeheerder beslissen dat deze wijzigingen onmiddellijk van toepassing zijn. In dat geval, motiveert Brugel zijn beslissing in het licht van de uitzonderlijke omstandigheden die deze afwijking van de regel van tarifaire stabiliteit rechtvaardigen.]2
  Brugel vraagt het advies van de Raad en kan het advies vragen van elke speler van de elektriciteitsmarkt indien hij dit nodig acht in het kader van de wijzigingen van de tariefmethodologie tijdens de periode.]1

  
Art. 9quater. [1 § 1er. Le raccordement et l'accès au réseau de distribution pour le prélèvement et l'injection d'énergie, en ce compris les services de comptage et le cas échéant, les services auxiliaires, font l'objet de tarifs régulés.
  Après concertation structurée, documentée et transparente avec le gestionnaire du réseau de distribution, Brugel établit la méthodologie tarifaire que doit utiliser ce gestionnaire pour l'établissement de sa proposition tarifaire.
  § 2. La méthodologie tarifaire précise notamment :
  1° la définition des catégories de coûts qui sont couverts par les tarifs;
  2° les règles d'évolution au cours du temps des catégories de coûts visés en 1°, y compris la méthode de détermination des paramètres figurant dans les formules d'évolution;
  3° les règles d'allocation des coûts aux catégories d'utilisateurs du réseau;
  4° la structure tarifaire générale et les composants tarifaires.
  § 3. La méthodologie tarifaire peut être établie par Brugel suivant une procédure déterminée de commun accord avec le gestionnaire du réseau de distribution sur la base d'un accord explicite, transparent et non discriminatoire. A défaut d'accord, la concertation est tenue au minimum comme suit :
  1° Brugel envoie au gestionnaire du réseau de distribution la convocation aux réunions de concertation visées à l'alinéa 1er, ainsi que la documentation relative aux points mis à l'ordre du jour de ces réunions dans un délai de trois semaines avant lesdites réunions. La convocation mentionne le lieu, la date et l'heure de la réunion, ainsi que les points mis à l'ordre du jour;
  2° à la suite de la réunion, Brugel établit un projet de procès-verbal de réunion reprenant les arguments avancés par les différentes parties et les points d'accord et de désaccord constatés qu'elle transmet, pour approbation, au gestionnaire du réseau de distribution dans un délai de deux semaines suivant la réunion;
  3° dans un délai d'un mois suivant la réception du procès-verbal de Brugel approuvé par les parties, le gestionnaire du réseau de distribution envoie à Brugel son avis formel sur la méthodologie tarifaire résultant de cette concertation, en soulignant le cas échéant les éventuels points de désaccord subsistants.
  Les délais prévus aux points 1°, 2° et 3° peuvent être raccourcis de commun accord entre Brugel et le gestionnaire du réseau de distribution.
  § 4. Brugel sollicite l'avis du Conseil sur la méthodologie tarifaire résultant de cette concertation. Ce dernier rend son avis dans les 30 jours de la réception de la demande.
  Brugel peut solliciter l'avis de tout acteur du marché de l'électricité qu'elle estime nécessaire pour l'élaboration de la méthodologie tarifaire.
  § 5. Brugel publie sur son site la méthodologie tarifaire applicable, les pièces pertinentes relatives à la concertation avec le gestionnaire du réseau de distribution, l'avis du Conseil et tous documents qu'elle estime utiles à la motivation de sa décision relative à la méthodologie tarifaire, tout en préservant la confidentialité des informations commercialement sensibles concernant des fournisseurs ou des utilisateurs du réseau, des données à caractère personnel et/ou des données dont la confidentialité est protégée en vertu de législations spécifiques.
  § 6. Sauf délai plus court convenu entre Brugel et le gestionnaire du réseau de distribution, la méthodologie tarifaire applicable à l'établissement de la proposition tarifaire est communiquée au gestionnaire du réseau de distribution au plus tard six mois avant la date à laquelle la proposition tarifaire doit être introduite auprès de Brugel. La prise en compte des propositions de modifications doit être motivée.
  § 7. Cette méthodologie tarifaire [2 est stable et]2 reste en vigueur pendant toute la période tarifaire, en ce compris la clôture des soldes relatifs à cette période. Des modifications apportées à la méthodologie tarifaire en cours de période, conformément aux dispositions du § 1er, s'appliquent seulement à partir de la période tarifaire suivante [2 ...]2.
  [2 Par exception à la règle de stabilité de la méthodologie tarifaire, Brugel peut décider après concertation structurée, documentée et transparente avec le gestionnaire du réseau de distribution, que ces modifications seront d'application immédiate. Dans ce cas, Brugel motive sa décision au regard des circonstances exceptionnelles qui justifient cette dérogation à la règle de la stabilité tarifaire.]2
  Brugel sollicite l'avis du Conseil et peut solliciter l'avis de tout acteur du marché de l'électricité qu'elle estime nécessaire dans le cadre des modifications à la méthodologie tarifaire en cours de période.]1

  
Art. 9quinquies. [1 Brugel stelt de tariefmethodologie op met inachtneming van volgende richtsnoeren :
  1° de tariefmethodologie, moet exhaustief en transparant zijn, teneinde het de distributienetbeheerder mogelijk te maken om zijn tariefvoorstellen op deze enkele basis op te stellen. Het bevat de elementen die verplicht moeten voorkomen in het tariefvoorstel. Het definieert rapporteringmodellen die moeten worden gebruikt door de distributienetbeheerder;
  2° de tariefmethodologie moet toelaten om het geheel van de kosten op efficiënte wijze te dekken die noodzakelijk of doeltreffend zijn voor de uitvoering van de wettelijke of reglementaire verplichtingen die op de distributienetbeheerder rusten alsook voor de uitoefening van zijn activiteiten;
  3° de tariefmethodologie stelt het aantal jaren van de gereguleerde periode vast dat aanvangt op 1 januari. De jaarlijkse tarieven die hieruit voortvloeien worden bepaald bij toepassing van de voor die periode toepasselijke tariefmethodologie;
  4° de tariefmethodologie maakt de evenwichtige ontwikkeling mogelijk van de distributienetten, in overeenstemming met de verschillende [4 ontwikkelingsplannen]4 van de distributienetbeheerder zoals goedgekeurd volgens de procedure beoogd in artikel 12, § 3;
  5° de eventuele criteria voor de verwerping van bepaalde kosten zijn niet-discriminerend en transparant;
  6° de tarieven zijn niet-discriminerend en proportioneel. Zij respecteren een transparante toewijzing van de kosten;
  7° de structuur van de tarieven bevordert [5 de energietransitie en]5 het rationeel gebruik van energie en infrastructuren;
  8° de verschillende tarieven zijn uniform op het grondgebied dat door het net van de distributienetbeheerder bediend wordt;
  9° [5 het normale en billijke kapitaalrendement dat in de gereglementeerde activa wordt geïnvesteerd, moet de distributienetbeheerder in staat stellen de investeringen te doen die nodig zijn voor de uitvoering van zijn taken. Deze vergoeding waarborgt een voldoende stabiel rendement dat de distributienetbeheerder in staat stelt zijn verplichtingen op lange termijn na te komen ;]5
  10° de kosten betreffende de uitvoering van de begroting van de openbare dienstopdrachten bedoeld in artikel 25, § 1, worden op transparante wijze in de tarieven opgenomen;
  11° de belastingen, de taksen, de toeslagen, de vergoedingen en bijdragen van alle aard, alsook hun aanpassingen, die worden opgelegd door een wettelijke of reglementaire bepaling worden [2 toegevoegd aan de tarieven binnen een termijn van drie maanden te tellen vanaf de datum]2 van hun inwerkingtreding. Brugel controleert de conformiteit van de aanpassing van de tarieven met deze wettelijke en reglementaire bepalingen;
  12° de methodologie bepaalt de nadere regels voor de integratie en controle van de gestrande kosten bestaande uit de niet-gekapitaliseerde lasten voor het aanvullend pensioen of het pensioen van de openbare sector die worden betaald aan personeelsleden die een gereguleerde elektriciteitsdistributieactiviteit hebben verricht, die verschuldigd zijn voor de jaren vóór de liberalisering krachtens statuten, collectieve arbeidsovereenkomsten of andere voldoende geformaliseerde overeenkomsten, die werden goedgekeurd vóór 30 april 1999, of die worden betaald aan hun rechthebbenden of vergoed aan hun werkgever door een distributienetbeheerder, die in de tarieven kunnen worden opgenomen;
  13° de kosten bedoeld in punten 10°, 11° en 12° zijn niet gebonden aan beslissingen die op vergelijkingsmethoden zijn gebaseerd, noch aan een bevorderende regulering. De eventuele saldi betreffende deze kosten worden op transparante wijze afgetrokken van of toegevoegd aan de kosten die aangerekend worden aan de afnemers volgens de modaliteiten bepaald door Brugel;
  14° onder voorbehoud van de conformiteitscontrole van Brugel, maken de tarieven het mogelijk voor de distributienetbeheerder wiens efficiëntie rond het marktgemiddelde ligt om de totaliteit van zijn kosten en een normale vergoeding van de kapitalen in te vorderen. De controle van deze kosten is gebaseerd op criteria die Brugel relevant acht, zoals een vergelijking wanneer die mogelijk is, en houdt rekening met de bestaande objectieve verschillen tussen distributienetbeheerders die niet kunnen worden weggewerkt op initiatief van deze laatsten.
  Iedere beslissing die gebruik maakt van vergelijkende technieken integreert kwalitatieve parameters en is gebaseerd op homogene, transparante, betrouwbare gegevens en gegevens die gepubliceerd zijn of integraal mededeelbaar zijn in de motivering van de beslissing van Brugel.
  Iedere vergelijking met andere netbeheerders wordt verwezenlijkt tussen bedrijven die een vergelijkbare activiteit hebben onder vergelijkbare omstandigheden;
  15° de kruissubsidiëring tussen gereguleerde en niet-gereguleerde activiteiten is niet toegelaten;
  16° de tarieven moedigen de distributienetbeheerder aan om de prestaties te verbeteren, de integratie van de markt en de bevoorradingszekerheid te bevorderen alsook aan onderzoek en ontwikkeling te doen die nodig zijn voor zijn activiteiten door onder anderen met zijn [4 ontwikkelingsplan]4 en met de criteria van energie-efficiëntie rekening te houden;
  17° [5 de tarieven strekken ertoe een juist evenwicht te bieden tussen de kwaliteit van de gepresteerde diensten en de prijzen die door de eindafnemers worden gedragen. Wanneer deze diensten uitgevoerd worden zonder contractuele grondslag, zonder enige wettelijke of regelgevende verplichting, of met een contractuele grondslag maar zonder meting van het verbruik, zijn de tarieven die de eindafnemers moeten betalen aangepast aan het geval. De gepastheid van het tarief wordt, geval per geval, beoordeeld rekening houdend met juridische en feitelijke elementen die hebben geleid tot de verstrekking van deze diensten. Standaard is het toegepaste tarief in verhouding, redelijk en niet-discriminerend ten aanzien van gebruikers met hetzelfde profiel. Wanneer uit de feitelijke en juridische elementen die aanleiding hebben gegeven tot de dienstverlening blijkt dat de eindafnemer er opzettelijk of op oneerlijke manier gebruik van heeft gemaakt, kan een verhoogd tarief worden toegepast op deze diensten ;]5
  18° [3 ...]3
  19° het tarief waarin de distributienetbeheerder de transmissietarieven doorberekent, wordt automatisch aangepast zodra het transmissietarief wordt aangepast. Brugel controleert de juistheid van de aanpassing. De structuur van de doorberekening van het transmissietarief kan niet degressief zijn;
  20° het positieve of negatieve saldo, tussen de kosten (inclusief de vergoeding bepaald in 9° ) en de ontvangsten die jaarlijks opgelopen en geboekt zijn door de distributienetbeheerder tijdens een regulatoire periode, wordt elk jaar door de distributienetbeheerder op transparante en niet-discriminerende wijze berekend. Dat jaarlijks saldo wordt gecontroleerd en gevalideerd door Brugel die bepaalt volgens welke modaliteiten het wordt afgetrokken van of toegevoegd aan de kosten ten laste van de afnemers, of toegewezen wordt aan het boekhoudkundig resultaat van de distributienetbeheerder;]1

  [5 21° de tarieven voor de installatie van een slimme meter zijn transparant, redelijk en proportioneel. De tarieven bevorderen de toegang tot slimme meters voor gezinnen, met inbegrip van kwetsbare gezinnen ;
   22° de tariefstructuur zorgt voor evenwicht tussen de solidariteit van de dekking van de totale kosten van de netten en van de belastingen, de taksen, de toeslagen, de vergoedingen en bijdragen van alle aard en de voordelen van deelname aan een energiegemeenschap en het delen van elektriciteit, waarbij rekening wordt gehouden met de periodieke kosten-batenanalyse met betrekking tot energiegemeenschappen en van het delen van elektriciteit. De tariefstructuur bevordert in het bijzonder het delen van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen dat rekening houdt met de structuur van het bestaande distributienet.]5

  
Art. 9quinquies. [1 Brugel établit la méthodologie tarifaire dans le respect des lignes directrices suivantes :
  1° la méthodologie tarifaire doit être exhaustive et transparente, de manière à permettre au gestionnaire du réseau de distribution d'établir ses propositions tarifaires sur cette seule base. Elle comprend les éléments qui doivent obligatoirement figurer dans la proposition tarifaire. Elle définit les modèles de rapport à utiliser par le gestionnaire du réseau de distribution;
  2° la méthodologie tarifaire doit permettre de couvrir de manière efficiente l'ensemble des coûts nécessaires ou efficaces pour l'exécution des obligations légales ou réglementaires qui incombent au gestionnaire du réseau de distribution, ainsi que pour l'exercice de ses activités;
  3° la méthodologie tarifaire fixe le nombre d'années de la période régulatoire débutant au 1er janvier. Les tarifs annuels qui en résultent sont déterminés en application de la méthodologie tarifaire applicable pour cette période;
  4° la méthodologie tarifaire permet le développement équilibré des réseaux de distribution, conformément aux différents [4 plans de développement]4 du gestionnaire du réseau de distribution, tels qu'approuvés selon la procédure visée à l'article 12, § 3;
  5° les éventuels critères de rejet de certains coûts sont non discriminatoires et transparents;
  6° les tarifs sont non discriminatoires et proportionnés. Ils respectent une allocation transparente des coûts;
  7° la structure des tarifs favorise [5 la transition énergétique et]5 l'utilisation rationnelle de l'énergie et des infrastructures;
  8° les différents tarifs sont uniformes sur le territoire desservi par le gestionnaire du réseau de distribution;
  9° [5 la rémunération normale et équitable des capitaux investis dans les actifs régulés doit permettre au gestionnaire du réseau de distribution de réaliser les investissements nécessaires à l'exercice de ses missions. Cette rémunération reconnait un taux de rendement suffisamment stable permettant d'assurer que le gestionnaire du réseau de distribution puisse faire face à ses obligations sur le long terme ;]5
  10° les coûts relatifs à l'exécution du budget des missions de service public visé à l'article 25, § 1er, sont pris en compte dans les tarifs de manière transparente;
  11° les impôts, taxes, surcharges, redevances et contributions de toutes natures, ainsi que leurs adaptations, imposés par une disposition légale ou réglementaire, sont ajoutés aux tarifs [2 dans un délai de trois mois à compter de]2 la date de leur entrée en vigueur. Brugel contrôle la conformité de l'adaptation des tarifs à ces dispositions légales et réglementaires;
  12° la méthodologie détermine les modalités d'intégration et de contrôle des coûts échoués constitués par les charges de pension complémentaire ou de pension du secteur public non capitalisées, versées à des agents ayant presté une activité régulée de distribution d'électricité, dues pour les années antérieures à la libéralisation en vertu des statuts, de conventions collectives du travail ou d'autres conventions suffisamment formalisées, approuvés avant le 30 avril 1999, ou versées à leurs ayants droits ou remboursées à leur employeur par un gestionnaire du réseau de distribution, qui peuvent être intégrés aux tarifs;
  13° les coûts visés aux 10°, 11° et 12° ne sont soumis ni à des décisions basées sur des méthodes de comparaison, ni à une régulation incitative. Les soldes éventuels relatifs à ces coûts sont déduits ou ajoutés de manière transparente aux coûts imputés aux clients, suivant les modalités fixées par Brugel;
  14° sous réserve du contrôle de conformité de Brugel, les tarifs permettent au gestionnaire du réseau de distribution dont l'efficacité se situe dans la moyenne du marché de recouvrer la totalité de ses coûts et une rémunération normale des capitaux. Le contrôle de ces coûts repose sur des critères considérés comme pertinents par Brugel, tels une comparaison lorsqu'une telle comparaison est possible et tient compte des différences objectives existant entre gestionnaires de réseau de distribution et qui ne peuvent être éliminées à l'initiative de ces derniers.
  Toute décision utilisant des techniques de comparaison intègre des paramètres qualitatifs et est basée sur des données homogènes, transparentes, fiables et publiées ou intégralement communicables dans la motivation de la décision de Brugel.
  Toute comparaison avec d'autres gestionnaires de réseau est réalisée entre des sociétés ayant des activités similaires et opérant dans des circonstances analogues;
  15° la subsidiation croisée entre activités régulées et non régulées n'est pas autorisée;
  16° les tarifs encouragent le gestionnaire du réseau de distribution à améliorer les performances, à favoriser l'intégration du marché et la sécurité de l'approvisionnement et à mener la recherche et le développement nécessaires à ses activités, en tenant notamment compte de ses [4 plans de développement]4 et de critères d'efficacité énergétique;
  17° [5 les tarifs visent à offrir un juste équilibre entre la qualité des services prestés et les prix supportés par les clients finals. Lorsque ces services sont prestés sans base contractuelle, en dehors d'une obligation légale ou réglementaire, ou avec une base contractuelle mais sans mesure de la consommation, les tarifs supportés par les clients finals sont adaptés au cas d'espèce. Le caractère adapté du tarif s'apprécie, au cas par cas en tenant compte des éléments de fait et de droit qui ont donné lieu à la prestation de ces services. Par défaut, le tarif appliqué est proportionné, raisonnable et non discriminatoire vis-à-vis des utilisateurs de même profil. Cependant, lorsqu'il ressort des éléments de fait et de droit qui ont donné lieu à la prestation de ces services que le client final a bénéficié de ceux-ci de manière intentionnelle ou déloyale, un tarif majoré peut être appliqué à ces services ;]5
  18° [3 ...]3
  19° le tarif par lequel le gestionnaire du réseau de distribution répercute les tarifs de transport est adapté automatiquement dès la modification des tarifs de transport. Brugel vérifie l'exactitude de l'adaptation. La structure de la répercussion du tarif de transport ne peut pas être dégressive;
  20° le solde positif ou négatif entre les coûts rapportés (y compris la rémunération visée au 9° ) et les recettes enregistrées annuellement au cours d'une période régulatoire par le gestionnaire de réseau est calculé chaque année par celui-ci de manière transparente et non discriminatoire. Ce solde annuel est contrôlé et validé par Brugel qui détermine selon quelles modalités il est déduit ou ajouté aux coûts imputés aux clients, ou affecté au résultat comptable du gestionnaire du réseau de distribution;]1

  [5 21° les tarifs applicables à l'installation d'un compteur intelligent sont transparents, raisonnables et proportionnés. Les tarifs favorisent l'accès des ménages, y compris des ménages vulnérables, à un compteur intelligent ;
   22° La structure des tarifs veille à assurer un équilibre entre la solidarité de la couverture des coûts globaux des réseaux ainsi que de la contribution aux impôts, taxes, surcharges, redevances et contributions de toutes natures et l'intérêt de participer à une communauté d'énergie et de partager de l'électricité, tout en tenant compte de l'évaluation coûts-avantages périodique relative aux communautés d'énergie et au partage de l'électricité. La structure des tarifs favorise notamment le partage d'électricité issue de sources d'énergie renouvelables qui tient compte de la structure du réseau de distribution existant.]5

  
Art. 9sexies. [1 § 1. De distributienetbeheerder stelt het tariefvoorstel op, rekening houdend met de tariefmethodologie die werd opgesteld door Brugel, en dient deze in, met inachtneming van de indienings- en goedkeuringsprocedure voor de tariefvoorstellen beoogd in § 3.
  § 2. Brugel beslist, na onderzoek van het tariefvoorstel, over de goedkeuring ervan op basis van zijn overeenstemming met de tariefmethodologie en deelt haar gemotiveerde beslissing mee aan de distributienetbeheerder met inachtneming van de indienings- en goedkeuringsprocedure voor de tariefvoorstellen beoogd in § 3. Brugel kan in de tariefbeslissing aanvullende modaliteiten invoeren die niet in de tariefmethodologie gedefinieerd zijn en die op transparante en niet discriminerende wijze met de distributienetbeheerder overeengekomen zijn.
  § 3. De indienings- en goedkeuringsprocedure voor de tariefvoorstellen maakt het voorwerp uit van een akkoord tussen Brugel en de distributienetbeheerder. Bij gebrek aan een akkoord, is de procedure de volgende :
  1° de distributienetbeheerder dient binnen een redelijke termijn voor het einde van het laatste jaar van elke lopende gereguleerde periode zijn tariefvoorstel in, vergezeld van het budget, voor de volgende gereguleerde periode in de vorm van het rapporteringmodel dat vastgesteld wordt door Brugel;
  2° het tariefvoorstel, vergezeld van het budget, wordt per drager en tegen ontvangstbevestiging overgezonden aan Brugel. De distributienetbeheerder zendt eveneens een elektronische versie over op basis waarvan Brugel, indien nodig, het tariefvoorstel, vergezeld van budget, kan bewerken;
  3° binnen een redelijke termijn na ontvangst van het tariefvoorstel, vergezeld van het budget, bevestigt Brugel aan de distributienetbeheerder per brief per drager met ontvangstbevestiging, evenals per e-mail, de volledigheid van het dossier of bezorgt zij hem een lijst van bijkomende inlichtingen die het moet verstrekken.
  Binnen een redelijke termijn, na ontvangst van de hierboven bedoelde brief waarin hem bijkomende inlichtingen werden gevraagd, verstrekt de distributienetbeheerder aan Brugel per brief per drager met ontvangstbevestiging deze inlichtingen. De distributienetbeheerder bezorgt eveneens een elektronische versie van de antwoorden en bijkomende gegevens aan Brugel;
  4° binnen een redelijke termijn na ontvangst van het tariefvoorstel bedoeld in 2° of, in voorkomend geval, binnen een redelijke termijn na ontvangst van de antwoorden en de bijkomende inlichtingen van de distributienetbeheerder, bedoeld in 3°, brengt Brugel de distributienetbeheerder per brief per drager en tegen ontvangstbevestiging op de hoogte van haar beslissing tot goedkeuring van zijn voorstel of van haar ontwerp van beslissing tot weigering van het betrokken tariefvoorstel, vergezeld van het betrokken budget.
  In haar ontwerp van beslissing tot weigering van het tariefvoorstel, vergezeld van het budget, geeft Brugel op gemotiveerde wijze aan welke punten de distributienetbeheerder moet aanpassen om een beslissing tot goedkeuring van Brugel te verkrijgen. Brugel heeft de bevoegdheid om aan de distributienetbeheerder te vragen om zijn tariefvoorstel te wijzigen om ervoor te zorgen dat dit proportioneel is en op niet-discriminerende wijze wordt toegepast;
  5° indien Brugel het tariefvoorstel, vergezeld van het budget, van de distributienetbeheerder afwijst in haar ontwerp van beslissing tot weigering van het tariefvoorstel, vergezeld van het budget, kan de netbeheerder, binnen een redelijke termijn na de ontvangst van dit ontwerp van beslissing zijn bezwaren hieromtrent meedelen aan Brugel.
  Deze bezwaren worden per drager en tegen ontvangstbevestiging overhandigd aan Brugel alsook in elektronische vorm.
  Op zijn verzoek wordt de distributienetbeheerder, binnen een redelijke termijn na ontvangst van het ontwerp van beslissing tot weigering van het tariefvoorstel, vergezeld van het budget, gehoord door Brugel.
  Desgevallend, dient de distributienetbeheerder, binnen een redelijke termijn na ontvangst van het ontwerp van beslissing tot weigering van het tariefvoorstel, vergezeld van het budget, per drager en tegen ontvangstbevestiging zijn aangepast tariefvoorstel, vergezeld van het budget, in bij Brugel. De distributienetbeheerder bezorgt eveneens een elektronische kopie aan Brugel.
  Binnen een redelijke termijn na verzending door Brugel van het ontwerp van de beslissing tot weigering van het tariefvoorstel, vergezeld van het budget, of, in voorkomend geval, binnen een redelijke termijn na ontvangst van de bezwaren en het aangepaste tariefvoorstel, vergezeld van het budget, brengt Brugel de netbeheerder per brief per drager en tegen ontvangstbevestiging, evenals elektronisch, op de hoogte van haar beslissing tot goedkeuring of weigering van het in voorkomend geval aangepaste tariefvoorstel, vergezeld van het budget;
  6° indien de distributienetbeheerder zijn verplichtingen niet nakomt binnen de termijnen zoals bepaald in de punten 1° tot 5°, of indien Brugel een beslissing heeft genomen tot weigering van het tariefvoorstel, vergezeld van het budget, of van het aangepaste tariefvoorstel, vergezeld van het aangepaste budget, zijn voorlopige tarieven van kracht tot alle bezwaren van de distributienetbeheerder of van Brugel zijn uitgeput of totdat over de twistpunten tussen Brugel en de distributienetbeheerder een akkoord wordt bereikt. Brugel is bevoegd om te besluiten tot passende compenserende maatregelen na overleg met de distributienetbeheerder indien de definitieve tarieven afwijken van de tijdelijke tarieven;
  7° in geval van overgang naar nieuwe diensten en/of een aanpassing van bestaande diensten kan de distributienetbeheerder binnen de gereguleerde periode aan Brugel een geactualiseerd tariefvoorstel ter goedkeuring voorleggen. Dit geactualiseerd tariefvoorstel houdt rekening met het door Brugel goedgekeurde tariefvoorstel, zonder de integriteit van de bestaande tariefstructuur te wijzigen.
  Het geactualiseerde voorstel wordt ingediend door de distributienetbeheerder en door Brugel behandeld overeenkomstig de geldende procedure, bedoeld in deze artikel met dien verstande dat de bedoelde termijnen gehalveerd worden;
  8° indien er zich tijdens een gereguleerde periode uitzonderlijke omstandigheden voordoen, onafhankelijk van de wil van de distributienetbeheerder, kan deze op elk ogenblik binnen de gereguleerde periode een gemotiveerde vraag tot herziening van zijn tariefvoorstel ter goedkeuring voorleggen aan Brugel voor wat de komende jaren van de gereguleerde periode betreft.
  Het gemotiveerde verzoek tot herziening van het tariefvoorstel wordt door de distributienetbeheerder ingediend en door Brugel behandeld overeenkomstig de toepasselijke procedure bedoeld in dit artikel met dien verstande dat de bedoelde termijnen gehalveerd worden;
  9° Brugel beslist, onverminderd haar mogelijkheid om de kosten te controleren in het licht van de toepasselijke wettelijke en reglementaire bepalingen, over de goedkeuring van de door de distributienetbeheerder voorgestelde tariefaanpassingen aan alle wijzigingen van openbare dienstverplichtingen binnen de drie maanden na het verzenden door de distributienetbeheerder van dergelijke wijzigingen;
  10° Brugel publiceert op haar website, op een transparante wijze, de stand van zaken van de goedkeuringsprocedure van de tariefvoorstellen evenals, in voorkomend geval, de tariefvoorstellen die neergelegd worden door de netbeheerder.]1

  
Art. 9sexies. [1 § 1er. Le gestionnaire du réseau de distribution établit sa proposition tarifaire dans le respect de la méthodologie tarifaire établie par Brugel et introduit celle-ci dans le respect de la procédure d'introduction et d'approbation des propositions tarifaires visée au § 3.
  § 2. Brugel, après examen de la proposition tarifaire, décide de l'approbation de celle-ci sur la base de sa conformité à la méthodologie tarifaire et communique sa décision motivée au gestionnaire du réseau de distribution dans le respect de la procédure d'introduction et d'approbation des propositions tarifaires visée au § 3. Brugel peut introduire dans la décision tarifaire des modalités complémentaires non définies dans la méthodologie tarifaire et convenues de manière transparente et non discriminatoire avec le gestionnaire du réseau de distribution.
  § 3. La procédure d'introduction et d'approbation des propositions tarifaires fait l'objet d'un accord entre Brugel et le gestionnaire du réseau de distribution. A défaut d'accord, la procédure est la suivante :
  1° le gestionnaire du réseau de distribution soumet, dans un délai raisonnable avant la fin de la dernière année de chaque période régulatoire en cours, sa proposition tarifaire accompagnée du budget pour la période régulatoire suivante sous la forme du modèle de rapport fixé par Brugel;
  2° la proposition tarifaire accompagnée du budget est transmise par porteur avec accusé de réception à Brugel. Le gestionnaire du réseau de distribution transmet également une version électronique sur laquelle Brugel peut, au besoin, retravailler la proposition tarifaire accompagnée du budget;
  3° dans un délai raisonnable suivant la réception de la proposition tarifaire accompagnée du budget, Brugel confirme au gestionnaire du réseau de distribution, par lettre par porteur avec accusé de réception, ainsi que par courrier électronique, que le dossier est complet ou elle lui fait parvenir une liste des informations complémentaires qu'il devra fournir.
  Dans un délai raisonnable suivant la réception de la lettre susvisée dans laquelle des informations complémentaires lui ont été demandées, le gestionnaire du réseau de distribution transmet ces informations à Brugel par lettre par porteur avec accusé de réception. Le gestionnaire du réseau de distribution transmet également une version électronique des réponses et des renseignements complémentaires à Brugel;
  4° dans un délai raisonnable suivant la réception de la proposition tarifaire visée au point 2° ou, le cas échéant, suivant la réception des réponses et des informations complémentaires du gestionnaire du réseau de distribution visées au point 3°, Brugel informe ce dernier par lettre par porteur avec accusé de réception, de sa décision d'approbation ou de son projet de décision de refus de la proposition tarifaire accompagnée du budget concerné.
  Dans son projet de décision de refus de la proposition tarifaire accompagnée du budget, Brugel indique de manière motivée les points que le gestionnaire du réseau de distribution doit adapter pour obtenir une décision d'approbation de Brugel. Brugel est habilitée à demander au gestionnaire du réseau de distribution de modifier sa proposition tarifaire pour faire en sorte que celle-ci soit proportionnée et appliquée de manière non discriminatoire;
  5° si Brugel communique au gestionnaire du réseau de distribution un projet de décision de refus de la proposition tarifaire accompagnée du budget, ce dernier peut communiquer ses objections à ce sujet à Brugel dans un délai raisonnable suivant la réception de ce projet de décision.
  Ces objections sont transmises à Brugel par porteur avec accusé de réception, ainsi que sous forme électronique.
  Le gestionnaire du réseau de distribution est entendu, à sa demande, dans un délai raisonnable après réception du projet de décision de refus de la proposition tarifaire accompagnée du budget par Brugel.
  Le cas échéant, le gestionnaire du réseau de distribution soumet, dans un délai raisonnable suivant la réception du projet de décision de refus de la proposition tarifaire accompagnée du budget, à Brugel par porteur avec accusé de réception, sa proposition tarifaire adaptée accompagnée du budget. Le gestionnaire du réseau de distribution remet aussi une copie électronique à Brugel.
  Dans un délai raisonnable suivant l'envoi par Brugel du projet de décision de refus de la proposition tarifaire accompagnée du budget ou, le cas échéant, après réception des objections ainsi que de la proposition tarifaire adaptée accompagnée du budget, Brugel informe le gestionnaire du réseau de distribution, par lettre par porteur avec accusé de réception, ainsi que par voie électronique, de sa décision d'approbation ou de sa décision de refus de la proposition tarifaire, le cas échéant adaptée, accompagnée du budget;
  6° si le gestionnaire du réseau de distribution ne respecte pas ses obligations dans les délais visés aux points 1° à 5°, ou si Brugel a pris la décision de refus de la proposition tarifaire accompagnée du budget ou de la proposition tarifaire adaptée accompagnée du budget, des tarifs provisoires sont fixés par Brugel et sont d'application jusqu'à ce que toutes les objections du gestionnaire du réseau de distribution ou de Brugel soient épuisées ou jusqu'à ce qu'un accord soit atteint entre Brugel et le gestionnaire du réseau de distribution sur les points litigieux. Brugel arrête, après concertation avec le gestionnaire du réseau de distribution, les mesures compensatoires appropriées lorsque les tarifs définitifs s'écartent de ces tarifs provisoires;
  7° en cas de passage à de nouveaux services et/ou d'adaptation de services existants, le gestionnaire du réseau de distribution peut soumettre une proposition tarifaire actualisée à l'approbation de Brugel dans la période régulatoire. Cette proposition tarifaire actualisée tient compte de la proposition tarifaire approuvée par Brugel, sans altérer l'intégrité de la structure tarifaire existante.
  La proposition actualisée est introduite par le gestionnaire du réseau de distribution et traitée par Brugel suivant la procédure visée au présent article, étant entendu que les délais correspondants sont réduits de moitié;
  8° si des circonstances exceptionnelles surviennent au cours d'une période régulatoire indépendamment de la volonté du gestionnaire du réseau de distribution, celui-ci peut à tout moment de la période régulatoire soumettre à l'approbation de Brugel une demande motivée de révision de sa proposition tarifaire, pour ce qui concerne les années suivantes de la période régulatoire.
  La demande motivée de révision de la proposition tarifaire est introduite par le gestionnaire du réseau de distribution et traitée par Brugel suivant la procédure visée au présent article, étant entendu que les délais visés sont réduits de moitié;
  9° Brugel décide de l'approbation, sans préjudice de sa possibilité de contrôler les coûts sur la base des dispositions légales et réglementaires applicables, des propositions d'adaptation des tarifs du gestionnaire du réseau de distribution à toutes modifications des obligations de service public, au plus tard dans les trois mois de la transmission par le gestionnaire du réseau de distribution de telles modifications;
  10° Brugel publie sur son site Internet, de manière transparente, l'état de la procédure d'adoption des propositions tarifaires ainsi que, le cas échéant, les propositions tarifaires déposées par le gestionnaire du réseau de distribution.]1

  
Art. 9octies. [1 Het Parlement kan aan Brugel vragen om zich uit te spreken over de noodzaak om al dan niet de tariefmethodologieën die krachtens de artikelen 9quater en 9quinquies worden vastgesteld te herzien teneinde de financieringsmiddelen van de vastgelegde investeringen te waarborgen.]1
  
Art. 9octies. [1 Le Parlement peut demander à Brugel de se prononcer sur la nécessité de réviser ou non les méthodologies tarifaires fixées en application des articles 9quater et 9quinquies pour garantir les moyens de financement des investissements engagés.]1
  
Afdeling III. - Gemeenschappelijke bepalingen.
Section III. - Dispositions communes.
Art.10. [1 De netbeheerders evenals de vennootschappen en hun potentiële onderaannemers waaraan de distributienetbeheerder de dagelijkse uitoefening van zijn activiteiten heeft toevertrouwd en hun personeelsleden mogen aan derden geen vertrouwelijke en commercieel gevoelige informatie openbaar maken waarvan zij kennis hebben gekregen in het kader van de uitoefening van de taken die toevertrouwd zijn aan de netbeheerders, behalve in geval van oproeping als getuige voor een rechtbank en onder voorbehoud van mededelingen aan beheerders van andere netten of aan Brugel, die uitdrukkelijk zijn toestaan uit hoofde van deze ordonnantie of haar uitvoeringsbesluiten.]1
  
Art.10. [1 Les gestionnaires de réseau ainsi que les sociétés et leurs sous-traitants éventuels auxquelles le gestionnaire du réseau de distribution a confié l'exploitation journalière de ses activités, et les membres de leurs personnels ne peuvent divulguer à des tiers les informations confidentielles et commercialement sensibles dont ils ont eu connaissance dans le cadre de l'exécution des tâches confiées aux gestionnaires de réseau, hormis les cas où ils sont appelés à témoigner en justice et sans préjudice des communications à des gestionnaires d'autres réseaux ou à Brugel, expressément autorisées par la présente ordonnance ou ses arrêtés d'exécution.]1
  
Art.12. § 1. [2 De netbeheerders stellen, elk voor wat hen betreft, een [5 ontwikkelingsplan]5 op om de veiligheid, de betrouwbaarheid, de regelmaat en de kwaliteit van de bevoorrading op het net waarvan zij respectievelijk het beheer verzekeren, te garanderen met inachtneming van het leefmilieu en de energie-efficiëntie [4 , volgens de procedures voorzien in § 3]4.
   Brugel kan [4 ...]4 het model voor de voorgestelde [5 ontwikkelingsplan]5 nader bepalen.
   Het [5 ontwikkelingsplannen]5 bevat tenminste de volgende gegevens :
   1° een gedetailleerde beschrijving van de bestaande infrastructuur, van haar verouderde staat, en van haar gebruiksgraad evenals van de belangrijkste infrastructuren die moeten worden aangelegd of die gemoderniseerd moeten worden gedurende de door het zogenaamde plan gedekte jaren;
   2° een schatting van de capaciteitsbehoeften, rekening houdend met de waarschijnlijke evolutie van de productie, van de maatregelen van energie-efficiëntie die door de autoriteiten worden bevorderd en door de netbeheerder worden overwogen, van de levering, van het verbruik, van de scenario's van ontwikkeling van elektrische wagens en van de handel met de twee andere Gewesten en van hun kenmerken;
   3° een beschrijving van de ingezette middelen en van de te verwezenlijken investeringen om in de geschatte behoeften te voorzien, met inbegrip van, desgevallend, [6 de informaticaontwikkelingen, ]6 de versterking of de aanleg van interconnecties om de correcte aansluiting op de netten te waarborgen waarop het net is aangesloten, evenals een lijst van de belangrijke investeringen waartoe reeds besloten werd, een beschrijving van de nieuwe belangrijke investeringen die tijdens [6 de eerstkomende vijf jaar]6 verwezenlijkt moeten worden en een kalender voor deze investeringsprojecten;
   4° de vaststelling van de nagestreefde kwaliteitsdoelstellingen, in het bijzonder betreffende de duur van de pannes en de kwaliteit van de spanning;
   5° het beleid dat op milieugebied [3 en inzake energie-efficiëntie]3 wordt gevoerd;
   6° de beschrijving van het beleid inzake onderhoud;
   7° de lijst van de acties die tijdens het afgelopen jaar dringend zijn uitgevoerd;
   8° de staat van de studies, projecten en implementaties [6 van de technische oplossingen van de energietransitie,]6 van slimme netten en [4 slimme meters]4;
   9° het beleid op het vlak van bevoorrading en noodoproepen, waaronder de prioriteit voor productie-installaties die gebruik maken van hernieuwbare energiebronnen en voor [6 warmtekrachtkoppeling met hoog rendement]6;]2

  [3 10° een gedetailleerde beschrijving van de financiële aspecten van de beoogde investeringen;]3
  [6 11° informatie over de diensten, met inbegrip van de flexibiliteitsdiensten op middellange en lange termijn die door de netbeheerder moeten worden gebruikt als alternatief voor de uitbreiding van het netwerk, met inbegrip van de kosten-batenanalyse ;
   12° de lijst van de infrastructuur die nodig is om de nieuwe productiecapaciteit en de nieuwe ladingen aan te sluiten, met inbegrip van oplaadpunten ;
   13° een gedetailleerde beschrijving van de modaliteiten voor de uitrol van slimme meters met toepassing van artikel 26octies ;
   14° een financiële evaluatie met betrekking tot de geplande modaliteiten voor de uitrol van slimme meters en de daarmee samenhangende informaticaontwikkelingen.]6

  § 2. Het [6 ontwikkelingsplan]6, opgesteld door de regionale transmissienetbeheerder, heeft betrekking op een periode van [2 tien]2 jaar; het wordt [6 om de twee jaar]6 aangepast voor de volgende zeven jaren, volgens de procedure vastgesteld [6 in paragrafen 2bis en 3]6. [4 ...]4 [6 Voor 31 mei van elk jaar bezorgt de gewestelijke transmissienetbeheerder Brugel een verslag van de staat van uitvoering van het ontwikkelingsplan. Brugel stelt een modelverslag op.]6
  Het [5 ontwikkelingsplannen]5, opgesteld door de distributienetbeheerder, heeft betrekking tot een periode van vijf jaar; het wordt elk jaar aangepast voor de volgende vijf jaren, volgens de procedure vastgesteld in [4 § 3]4.
  [6 § 2bis. Elke netbeheerder bevraagt de betrokken administraties, de feitelijke of potentiële gebruikers van het net en de Raad over het ontwerp van het ontwikkelingsplan. Daartoe wordt hen een gevulgariseerde versie van het ontwerp van het ontwikkelingsplan overgemaakt. De distributienetbeheerder raadpleegt ook de transmissienetbeheerder.
   De netbeheerders publiceren een raadplegingsverslag en het ontwerp van het ontwikkelingsplan.]6

  § 3. [6 Elke netbeheerder bezorgt aan Brugel zijn voorstel van ontwikkelingsplan en een raadplegingsverslag voor 15 juni van het jaar dat voorafgaat aan het eerste jaar waarop het plan betrekking heeft.
   Brugel deelt de netbeheerder ten laatste op 15 juli van hetzelfde jaar haar opmerkingen en verzoeken tot wijzigingen van het ontwerp van het ontwikkelingsplan mee.
   De netbeheerder werkt op basis van de opmerkingen en verzoeken tot wijziging van Brugel zijn definitief ontwerp van ontwikkelingsplan en een gemotiveerd antwoord op de opmerkingen en verzoeken van Brugel uit en bezorgt dit aan Brugel voor 15 september van het jaar dat voorafgaat aan het eerste jaar waarop het plan betrekking heeft.
   Brugel maakt ten laatste op 30 oktober van hetzelfde jaar het definitief ontwerp van plan ter goedkeuring over aan de Regering, samen met haar advies en het door de netbeheerders opgestelde gemotiveerd antwoord op de opmerkingen en verzoeken van Brugel en het raadplegingsverslag. Voor zijn advies gaat Brugel met name na of de investeringen die voorzien zijn in dit ontwerpplan alle investeringsbehoeften dekken die tijdens de raadpleging zijn opgetekend en of dit plan overeenkomt met het tienjarige netontwikkelingsplan dat de gehele Europese Unie dekt. Het houdt eveneens rekening met de relatie tussen de elektriciteits- en de gasmarkt.
   Als de Regering op 31 december van hetzelfde jaar geen beslissing genomen heeft en de documenten wel degelijk aan het Parlement tegen ten laatste 30 oktober van hetzelfde jaar overgemaakt zijn, wordt het definitief ontwerp van het ontwikkelingsplan als goedgekeurd geacht. Brugel houdt toezicht op en evalueert de uitvoering van deze ontwikkelingsplannen.
   Brugel kan, in het belang van de gebruikers en rekening houdend met milieucriteria, de netbeheerder aanmanen om in zijn ontwikkelingsplan bepaalde alternatieve of aanvullende investeringen te bestuderen. Deze studies worden uitgevoerd binnen een termijn die verenigbaar is met de in het vorige lid genoemde termijnen voor de goedkeuring van de ontwikkelingsplannen.]6

  § 4. [2 Vóór [4 31 maart]4 van elk jaar dienen de netbeheerders Brugel, elk voor wat hen betreft, een verslag over te maken waarin ze de kwaliteit van hun dienstverlening tijdens het voorgaande kalenderjaar beschrijven.
   Dit verslag omvat minstens de volgende gegevens :
   1° het aantal, de frequentie en de gemiddelde duur van de onderbrekingen van de toegang tot het net;
   2° de aard van de defecten en de lijst van de dringende tussenkomsten;
   3° de naleving van de kwaliteitscriteria met betrekking tot de vorm van de spanningsgolf, zoals beschreven in norm NBN EN 5016;
   4° de termijnen voor de klachtenbehandeling en het beheer van de noodoproepen;
   5° de termijnen voor aansluiting en herstelling.
   De nadere regels betreffende deze verplichting kunnen worden vastgesteld door Brugel die de netbeheerders eveneens de verplichting kan opleggen om haar hun onderhoudsprogramma's te bezorgen.]2

  
Art.12. § 1er. [2 Les gestionnaires de réseaux établissent, chacun pour ce qui les concerne, un [5 plan de développement]5 en vue d'assurer la sécurité, la fiabilité, la régularité et la qualité de l'approvisionnement sur le réseau dont ils assurent respectivement la gestion dans le respect de l'environnement et de l'efficacité énergétique [4 , selon la procédure prévue au § 3]4.
   Brugel peut préciser [4 ...]4 le modèle de canevas des [5 plans de développement]5 proposés.
   Le [5 plan de développement]5 contient au moins les données suivantes :
   1° une description détaillée de l'infrastructure existante, de son état de vétusté et de son degré d'utilisation, ainsi que des principales infrastructures devant être construites ou mises à niveau durant les années couvertes par ledit plan;
   2° une estimation des besoins en capacité, compte tenu de l'évolution probable de la production, des mesures d'efficacité énergétique promues par les autorités et envisagées par le gestionnaire de réseau, de la fourniture, de la consommation, des scenarii de développement des voitures électriques et des échanges avec les deux autres Régions et de leurs caractéristiques;
   3° une description des moyens mis en oeuvre et des investissements à réaliser pour rencontrer les besoins estimés, y compris, le cas échéant, [6 les développements informatiques, ]6 le renforcement ou l'installation d'interconnexions de façon à assurer la correcte connexion aux réseaux auxquels le réseau est connecté, ainsi qu'un répertoire des investissements importants déjà décidés, une description des nouveaux investissements importants devant être réalisés durant les [6 cinq prochaines années]6 et un calendrier pour ces projets d'investissements;
   4° la fixation des objectifs de qualité poursuivis, en particulier concernant la durée des pannes et la qualité de la tension;
   5° la politique menée en matière environnementale [3 et en matière d'efficacité énergétique]3 ;
   6° la description de la politique de maintenance;
   7° la liste des interventions d'urgence effectuées durant l'année écoulée;
   8° l'état des études, projets et mises en oeuvre [6 des solutions techniques de la transition énergétique,]6 des réseaux intelligents et [4 des compteurs intelligents]4;
   9° la politique d'approvisionnement et d'appel de secours, dont la priorité octroyée aux installations de production qui utilisent des sources d'énergie renouvelables ou aux [6 cogénérations à haut rendement]6; ]2

  [3 10° une description détaillée des aspects financiers des investissements envisagés;]3
  [6 11° les informations sur les services, y compris les services de flexibilité à moyen et long terme, auxquels le gestionnaire de réseau doit recourir comme alternative à l'expansion du réseau, y compris l'analyse coût-efficacité ;
   12° la liste des infrastructures nécessaires pour raccorder les nouvelles capacités de production et les nouvelles charges, y compris les points de recharge ;
   13° une description détaillée des modalités de déploiement des compteurs intelligents en application de l'article 26octies ;
   14° une évaluation financière relative aux modalités de déploiement des compteurs intelligents programmées et aux développements informatiques y liés.]6

  § 2. Le [5 plan de développement]5 établi par le gestionnaire du réseau de transport régional couvre une période de [2 dix]2 ans; il est adapté [6 tous les deux ans]6 pour les [2 dix]2 années suivantes, selon la procédure prévue [6 aux paragraphes 2bis et 3]6. [6 Avant le 31 mai de chaque année, le gestionnaire du réseau de transport régional transmet à Brugel un rapport sur l'état de l'exécution du plan de développement. Brugel établit un modèle de rapport.]6[4 ...]4
  Le [5 plan de développement]5 établi par le gestionnaire du réseau de distribution couvre une période de cinq ans; il est adapté chaque année pour les cinq années suivantes, selon la procédure prévue au [4 § 3]4.
  [6 § 2bis. Chaque gestionnaire de réseau procède à une consultation des administrations concernées, des utilisateurs effectifs ou potentiels du réseau et du Conseil au sujet du projet de plan de développement. A cette fin, une version vulgarisée du projet de plan de développement leur est communiquée. Le gestionnaire du réseau de distribution consulte également le gestionnaire du réseau de transport.
   Les gestionnaires de réseaux publient un rapport de consultation et le projet de plan de développement.]6

  § 3. [6 Chaque gestionnaire de réseau transmet son projet de plan de développement et un rapport de consultation à Brugel avant le 15 juin de l'année qui précède la première année couverte par le plan.
   Brugel informe le gestionnaire de réseau, pour le 15 juillet de la même année au plus tard, de ses remarques et demandes de modifications du projet de plan de développement.
   Sur la base des remarques et demandes de modification de Brugel, le gestionnaire de réseau élabore son projet définitif de plan de développement et une réponse motivée aux remarques et demandes de Brugel qu'il transmet à Brugel pour le 15 septembre de l'année qui précède la première année couverte par le plan.
   Pour le 30 octobre de la même année au plus tard, Brugel transmet au Gouvernement, pour approbation, le projet définitif de plan, accompagné de son avis, de la réponse motivée aux remarques et demandes de Brugel et du rapport de consultation rédigés par les gestionnaires de réseaux. Pour son avis, Brugel examine notamment si les investissements prévus dans le projet de plan couvrent tous les besoins recensés en matière d'investissement durant le processus de consultation et si ce plan est cohérent avec le plan décennal de développement du réseau dans l'ensemble de l'Union européenne. Elle tient également compte des relations entre les marchés de l'électricité et du gaz.
   A défaut de décision du Gouvernement au 31 décembre de la même année et pour autant que les documents aient bien été transmis au Gouvernement pour le 30 octobre au plus tard de la même année, le projet définitif de plan de développement est réputé approuvé. Brugel surveille et évalue la mise en oeuvre de ces plans de développement.
   Brugel peut, dans l'intérêt des utilisateurs et en tenant compte des critères environnementaux, donner injonction au gestionnaire de réseau d'étudier certains investissements alternatifs ou complémentaires dans le plan de développement. Ces études sont réalisées dans un délai compatible avec les délais d'approbation des plans de développement mentionnés à l'alinéa précédent.]6

  § 4. [2 Avant le [4 31 mars]4 de chaque année, les gestionnaires de réseau transmettent à Brugel, chacun pour ce qui le concerne, un rapport dans lequel ils décrivent la qualité de leur service pendant l'année civile précédente.
   Ce rapport contient au moins les données suivantes :
   1° le nombre, la fréquence et la durée moyenne des interruptions de l'accès au réseau;
   2° la nature des défaillances et la liste des interventions d'urgence;
   3° le respect des critères de qualité relatifs à la forme d'onde de la tension, tels que décrits par la norme NBN EN 5016;
   4° les délais de traitement des réclamations et de gestion des appels de secours;
   5° les délais de raccordement et de réparation.
   Les modalités de cette obligation peuvent être fixées par Brugel qui peut également imposer aux gestionnaires de réseau de lui transmettre leurs programmes d'entretien.]2

  
HOOFDSTUK III. - In aanmerking komende afnemers en toegang tot de netten.
CHAPITRE III. - Eligibilité et accès aux réseaux.
Art.13. <ORD 2004-04-01/50, art. 33, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004> [1 Iedere eindafnemer [3 , met inbegrip van iedere eindafnemer aangesloten op een privénet,]3 komt in aanmerking.]1 [2 De gebruikers van het gewestelijk tractienet spoor of van een stationsnet kunnen door een uitdrukkelijke volmacht de uitoefening van hun inaanmerkingkoming toevertrouwen aan de beheerder van dit netwerk. Deze volmacht is herroepbaar.]2
  Een verbruikslocatie kan bevoorraad worden via meerdere leveringspunten. Een locatie die door een openbare wee doorkruist wordt, kan niet beschouwd worden als één verbruikslocatie. De spoorwegnetten van de NMBS en van de MIVB worden elk beschouwd als één verbruikslocatie.
  (De distributienetbeheerder komt in aanmerking voor de aankoop van elektriciteit bestemd om zijn net- en transformatieverlies te dekken en om zijn openbare dienstverplichtingen en -opdrachten bepaald in artikel 24 en 24bis en in hoofdstuk IVbis, te vervullen.) <ORD 2006-12-14/45, art. 33, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  [3 Het staat elke eindafnemer vrij om meer dan een elektriciteitsleveringscontract tegelijk te hebben, mits de vereiste aansluiting en meetpunten zijn vastgelegd.]3
  
Art.13. <ORD 2004-04-01/50, art. 33, 002; En vigueur : 06-05-2004> [1 Tout client final [3 , y compris tout client final raccordé à un réseau privé,]3 est éligible.]1 [2 Les utilisateurs du réseau de traction ferroviaire régional ou d'un réseau de gares peuvent confier, par un mandat explicite, l'exercice de leur éligibilité au gestionnaire dudit réseau. Ce mandat est révocable.]2
  Un site de consommation peut être alimenté par plusieurs points de fourniture. Un site traversé par une voirie publique ne peut être tenu pour un seul site de consommation. Les réseaux de voies ferrées de la SNCB et de la STIB sont chacun réputés constituer un site de consommation.
  (Le Gouvernement fixe la date à laquelle les clients résidentiels sont éligibles. Les clients raccordés au réseau de distribution ou au réseau de transport régional sont éligibles au plus tard au 1er juillet 2007. Néanmoins, les clients résidentiels ayant fait le choix de se fournir en électricité verte sont immédiatement éligibles.) <ORD 2006-12-14/45, art. 33, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  [3 Tout client final est libre d'avoir plus d'un contrat de fourniture d'électricité à la fois, pourvu que la connexion requise et les points de mesure soient établis.]3
  
Art. 13bis. [1 § 1. Elke actieve afnemer kan een of meerdere van de onderstaande activiteiten uitoefenen :
   1° optreden als prosumer ;
   2° zelf opgewekte elektriciteit opslaan in zijn lokalen door middel van een opslageenheid ;
   3° overtollige zelf opgewekte elektriciteit laten aankopen, inclusief door peer-to-peerhandel of door de leverancier, overeenkomstig artikel 27, § 3, of overtollige zelf opgewekte elektriciteit aankopen door peer-to-peerhandel ;
   4° elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen delen overeenkomstig paragraaf 6 ;
   5° deelnemen aan energiediensten, flexibiliteitsdiensten en aggregatiediensten, onafhankelijk van zijn leveringscontract en met het elektriciteitsbedrijf van zijn keuze.
   De actieve afnemer oefent zijn activiteiten uit in naleving van de voorwaarden die zijn vastgelegd door, of krachtens, deze ordonnantie.
   Hij kan het beheer van de voor zijn activiteit vereiste installaties, met inbegrip van de plaatsing, de exploitatie, het onderhoud en de gegevensverwerking, aan een derde partij delegeren zonder dat deze derde partij als een actieve afnemer wordt beschouwd.
   § 2. Elke actieve afnemer met een opslageenheid :
   1° wordt binnen een redelijke termijn op het net aangesloten volgens de voorwaarden van het technisch reglement ;
   2° mag meerdere diensten tegelijk verlenen voor zover dit technisch mogelijk is.
   § 3. De actieve afnemer die de aankoopactiviteit uitoefent door peer-to-peerhandel volgens § 1, eerste lid, 3°, zonder een beroep te doen op een tussenpersoon, is gebonden aan de verplichtingen die ten laste vallen aan de leveranciers indien de aankoopactiviteit betrekking heeft op meerdere actieve afnemers.
   De actieve afnemer die de aankoopactiviteit uitoefent door peer-to-peerhandel volgens § 1, eerste lid, 3°, zonder een beroep te doen op een tussenpersoon en gedurende eenzelfde kwartuurperiode, is niet gebonden aan de verplichtingen die ten laste vallen van de leveranciers indien de aankoopactiviteit uitsluitend betrekking heeft op een andere actieve afnemer, op voorwaarde dat hun toegangspunten elk gedekt zijn door een leveringscontract bij een houder van een leveringsvergunning en ze zijn aangesloten op hetzelfde netwerk.
   § 4. Eventuele kosten of vergoeding voor toegang tot het net die van toepassing zijn op actieve afnemers zijn niet-discriminerend en evenredig, weerspiegelen de kosten voor het net die door hun activiteiten worden gegenereerd en maken een onderscheid tussen de kosten die worden toegerekend aan de geïnjecteerde elektriciteit en de elektriciteit die wordt afgenomen. In geen geval mogen aan de actieve afnemer kosten of een vergoeding voor toegang tot het net worden opgelegd voor elektriciteit die hij heeft geproduceerd en zelf heeft verbruikt of opgeslagen en die in zijn eigen lokalen blijft. Eveneens mag geen kost of vergoeding voor toegang tot het net meer dan één keer worden toegerekend wanneer de actieve afnemer elektriciteit opslaat of flexibiliteitsdiensten aanbiedt.
   § 5. Actieve afnemers behouden de rechten en plichten die voortvloeien uit hun hoedanigheid als netgebruiker.
   § 6. Gezamenlijk optredende actieve afnemers, kunnen op vrije en vrijwillige basis het onderling delen van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen organiseren, inclusief voor het opladen van een elektrisch voertuig, zonder afbreuk aan de kosten voor toegang tot het net, belastingen, taksen, toeslagen, vergoedingen en bijdragen van alle aard die van toepassing zijn op elke actieve afnemer.
   Het delen van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen is gebonden aan de volgende voorwaarden :
   1° de installatie voor de productie van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen staat in of op het gebouw waarin de gezamenlijk optredende actieve afnemers zich bevinden ;
   2° de toegangspunten van de gezamenlijk optredende actieve afnemers zijn elk gedekt door een leveringscontract bij een houder van een leveringsvergunning.
   Gezamenlijk optredende actieve afnemers zijn niet gebonden aan de verplichtingen die ten laste vallen van de leveranciers voor de onderling gedeelde elektriciteit.
   § 7. De actieve afnemer die de titularis van het injectiepunt is of desgevallend een door deze laatste aangewezen derde partij, is de enige contactpersoon van de desbetreffende netbeheerder voor activiteiten betreffende het delen en aankopen van elektriciteit. Deze afnemer maakt zich bij de betrokken netbeheerder kenbaar voor de uitvoering van zijn activiteiten volgens de in het technisch reglement vastgelegde voorwaarden. Bij deze kennisgeving verstrekt de actieve afnemer die de titularis van het injectiepunt is, of desgevallend een door deze afnemer aangewezen derde persoon, het bewijs dat alle gezamenlijk optredende actieve afnemers die deelnemen aan de regeling voor het delen van elektriciteit zich in hetzelfde gebouw bevinden.
   De netbeheerder informeert de leverancier die de titularis van het toegangspunt is in het geval elektriciteit wordt gedeeld tussen gezamenlijk optredende actieve afnemers en/of in het geval elektriciteit wordt aangekocht door peer-to-peerhandel.
   § 8. De actieve afnemer die de titularis van het injectiepunt is, sluit een overeenkomst met de actieve afnemer die deelneemt aan de regeling voor het delen van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen of met de derde die zijn overtollige zelf opgewekte elektriciteit van hem aankoopt, waarin hun rechten en plichten zijn opgenomen, met inbegrip van billijke, transparante en niet-discriminerende regels voor het delen of aankopen van elektriciteit en, desgevallend, regels voor de facturering van de elektriciteit en de netwerkkosten, belastingen, taksen, toeslagen, vergoedingen en bijdragen van alle aard die van toepassing zijn op deze elektriciteit. Het sluiten van een dergelijke overeenkomst gebeurt op volstrekt vrijwillige basis en kan niet verplicht worden gesteld door enige andere overeenkomst die de partijen bindt. Elke partij mag de overeenkomst kosteloos beëindigen mits een vooropzeg van drie weken. De inhoud van de overeenkomst wordt uitgedrukt in duidelijke en begrijpelijke taal en omvat alle informatie die nuttig is om de partijen hun rechten en plichten te laten begrijpen.
   § 9. Wanneer het delen van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen of het aankopen van overtollige zelf opgewekte elektriciteit betrekking heeft op de toevoer van een hoofdverblijfplaats of een verblijfplaats voor hoofdzakelijk huishoudelijk gebruik, omvat de procedure die van toepassing is bij niet-betaling minimum de verzending van een aanmaning en een ingebrekestelling.
   § 10. De Regering kan de bovenvermelde modaliteiten en voorwaarden voor het delen van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen en het aankopen van overtollige zelf opgewekte elektriciteit nader bepalen en de minimuminhoud van de in paragraaf 8 bedoelde overeenkomst specificeren.
   § 11. De actieve afnemer draagt de evenwichtsverantwoordelijkheid, of belast een evenwichtsverantwoordelijke met zijn verantwoordelijkheid.
   § 12. De netbeheerders bezorgen Brugel om de zes maanden een verslag van de activiteiten van het delen en aankopen van elektriciteit tussen actieve afnemers die op hun net zijn aangesloten. Brugel stelt een verslagmodel op.]1

  
Art. 13bis. [1 § 1er. Tout client actif peut exercer une ou plusieurs des activités visées ci-dessous :
   1° agir comme prosumer ;
   2° stocker l'électricité autoproduite dans ses locaux, au moyen d'une unité de stockage ;
   3° se faire acheter l'électricité autoproduite excédentaire, y compris par un échange de pair à pair ou par un fournisseur conformément à l'article 27, § 3, ou acheter de l'électricité autoproduite excédentaire par un échange de pair à pair ;
   4° partager de l'électricité issue de sources d'énergie renouvelables conformément au paragraphe 6 ;
   5° participer à des services énergétiques, des services de flexibilité et des services d'agrégation, indépendamment de son contrat de fourniture et auprès de l'entreprise d'électricité de son choix.
   Le client actif exerce ses activités dans le respect des conditions fixées par, ou en vertu, de la présente ordonnance.
   Il peut déléguer à un tiers la gestion des installations requises pour son activité, y compris l'installation, le fonctionnement, la maintenance et le traitement des données, sans que ce tiers ne soit considéré comme un client actif.
   § 2. Tout client actif disposant d'une unité de stockage ;
   1° est connecté au réseau dans un délai raisonnable selon les conditions fixées par le règlement technique ;
   2° est autorisé à fournir plusieurs services simultanément dans la mesure où cela est techniquement possible.
   § 3. Le client actif qui exerce l'activité d'achat par un échange de pair à pair visée au § 1er, alinéa 1er, 3°, sans passer par un intermédiaire, est soumis aux obligations à charge des fournisseurs lorsque l'activité d'achat concerne plusieurs clients actifs.
   Le client actif qui exerce l'activité d'achat par un échange de pair à pair visée au § 1er, alinéa 1er, 3°, sans passer par un intermédiaire et sur une même période quart-horaire, n'est pas soumis aux obligations à charge des fournisseurs lorsque l'activité d'achat concerne uniquement un autre client actif pour autant que leurs points d'accès soient chacun couverts par un contrat de fourniture auprès d'un titulaire d'une licence de fourniture et qu'ils soient raccordés au même réseau.
   § 4. Tous frais ou redevances d'accès au réseau éventuellement applicables aux clients actifs sont non discriminatoires et proportionnés, reflètent les coûts générés par leurs activités pour le réseau et distinguent les coûts imputés à l'électricité injectée et à l'électricité prélevée. Dans tous les cas, aucun frais ou redevance d'accès au réseau ne peut être appliqué au client actif pour l'électricité qu'il a produite et autoconsommée ou stockée et qui reste dans ses propres locaux. De même aucun frais ou redevance d'accès au réseau ne peut être comptabilisé plusieurs fois lorsque le client actif stocke de l'électricité ou offre des services de flexibilité.
   § 5. Les clients actifs conservent les droits et obligations découlant de leur qualité d'utilisateur du réseau.
   § 6. Les clients actifs agissant conjointement peuvent, sur une base libre et volontaire, organiser entre eux un partage d'électricité issue de sources d'énergie renouvelables, y compris à des fins de recharge d'un véhicule électrique, sans préjudice des frais d'accès au réseau, impôts, taxes, surcharges, redevances et contributions de toutes natures applicables à chaque client actif.
   Le partage d'électricité issue de sources d'énergie renouvelables est soumis aux conditions suivantes :
   1° l'installation de production d'électricité issue de sources d'énergie renouvelables est située dans ou sur le bâtiment dans lequel les clients actifs agissant conjointement sont situés ;
   2° les points d'accès des clients actifs agissant conjointement sont chacun couverts par un contrat de fourniture auprès d'un titulaire d'une licence de fourniture.
   Les clients actifs agissant conjointement ne sont pas soumis aux obligations à charge des fournisseurs pour l'électricité partagée entre eux.
   § 7. Le client actif titulaire du point d'injection ou, le cas échéant, une tierce partie désignée par ce dernier, est l'interlocuteur unique du gestionnaire de réseau concerné pour les activités de partage et d'achat de l'électricité. Il se déclare auprès du gestionnaire du réseau concerné préalablement à l'exercice de ses activités selon les conditions fixées dans le règlement technique. Lors de cette déclaration, le client actif titulaire du point d'injection ou, le cas échéant, une tierce partie désignée par ce dernier, fournit une preuve attestant que l'ensemble des clients actifs agissant conjointement participant au partage d'électricité sont situés dans le même bâtiment.
   Le gestionnaire de réseau informe le fournisseur titulaire du point d'accès lorsque celui-ci est concerné par une activité de partage d'électricité entre clients actifs agissant conjointement et/ou d'achat d'électricité par un échange de pair à pair.
   § 8. Le client actif titulaire du point d'injection conclut avec le client actif participant au partage d'électricité issue de sources d'énergie renouvelables ou avec le tiers qui lui achète son électricité autoproduite excédentaire une convention portant sur leurs droits et obligations, en ce compris les règles équitables, transparentes et non discriminatoires de partage ou d'achat ainsi que, le cas échéant, les règles de facturation de l'électricité et des frais de réseau, impôts, taxes, surcharges, redevances et contributions de toutes natures applicables à cette électricité. La conclusion d'une telle convention se fait sur une base exclusivement volontaire et ne peut être rendue obligatoire par toute autre convention liant les parties. Chaque partie peut mettre fin à la convention, sans frais, moyennant un préavis de trois semaines. Le contenu de la convention est exprimé dans un langage clair et compréhensible et reprend toutes les informations utiles à la compréhension des droits et obligations des parties.
   § 9. Lorsque le partage d'électricité issue de sources d'énergie renouvelable ou l'achat d'électricité autoproduite excédentaire concerne l'alimentation d'une résidence principale ou à utilisation principalement domestique, la procédure applicable en cas de défaut de paiement comprend au minimum l'envoi d'un rappel et d'une mise en demeure.
   § 10. Le Gouvernement peut préciser les modalités et les conditions précitées concernant le partage d'électricité issue de sources d'énergie renouvelables et l'achat d'électricité autoproduite excédentaire ainsi que préciser et compléter le contenu minimal de la convention visée au paragraphe 8.
   § 11. Le client actif assure la fonction de responsable d'équilibre ou délègue sa responsabilité en matière d'équilibrage à un responsable d'équilibre.
   § 12. Les gestionnaires de réseaux transmettent semestriellement à Brugel un rapport sur les activités de partage et d'achat d'électricité entre clients actifs raccordés sur leur réseau. Brugel établit un modèle de rapport.]1

  
Art.16. [3 § 1. Elke gebruiker van het net informeert de netbeheerder zo snel mogelijk over de installatie of de aanwezigheid van een oplaadpunt volgens de modaliteiten die zijn vastgelegd in het technisch reglement. Elke gebruiker van het net informeert de netbeheerder zo snel mogelijk over de installatie of de aanwezigheid van een oplaadpunt volgens de modaliteiten die zijn vastgelegd in het technisch reglement.]3
  [1 [3 § 2]3. Elke gebruiker van het net informeert de netbeheerder zo snel mogelijk over de installatie of de aanwezigheid van een oplaadpunt volgens de modaliteiten die zijn vastgelegd in het technisch reglement.]3 Alle publiek toegankelijke oplaadpunten voorzien een ad hoc oplaadmogelijkheid voor de gebruikers van elektrische voertuigen zonder dat een contract moet worden gesloten met de betrokken elektriciteitsleverancier [2 , eigenaar]2 of exploitant.
   De Regering stelt, na advies van Brugel, de criteria vast waaraan een oplaadpunt voor het publiek moet voldoen. De oplaadpunten [2 op de openbare weg]2, worden exclusief gevoed met groene elektriciteit.]1

  [2 [3 § 3]3. Elke gebruiker van het net informeert de netbeheerder zo snel mogelijk over de installatie of de aanwezigheid van een oplaadpunt volgens de modaliteiten die zijn vastgelegd in het technisch reglement.]3 In afwijking van artikel 21 is voor de levering van een oplaaddienst voor een elektrisch voertuig aan een oplaadpunt geen leveringsvergunning vereist, mits de toevoer van dit oplaadpunt valt onder een leveringscontract met een houder van een leveringsvergunning.]2
  
Art.16. [3 § 1er. Chaque utilisateur du réseau informe, dans les meilleurs délais, le gestionnaire du réseau de l'installation ou de la présence sur le réseau de distribution ou sur le réseau de transport régional d'un point de recharge selon les modalités définies dans le règlement technique. ]3
  [1 [3 § 2]3. Chaque utilisateur du réseau informe, dans les meilleurs délais, le gestionnaire du réseau de l'installation ou de la présence sur le réseau de distribution ou sur le réseau de transport régional d'un point de recharge selon les modalités définies dans le règlement technique. ]3 Tous les points de recharge ouverts au public prévoient la possibilité d'une recharge ad hoc pour les utilisateurs de véhicules électriques sans souscription d'un contrat avec le fournisseur d'électricité [2 , le propriétaire]2 ou l'exploitant concerné.
   Le Gouvernement arrête, après avis de Brugel, les critères auxquels doit répondre un point de recharge ouvert au public. Les points de recharge ouverts au public [2 en voirie]2 sont exclusivement alimentés en électricité verte.]1

  [2 [3 § 3.]3 Chaque utilisateur du réseau informe, dans les meilleurs délais, le gestionnaire du réseau de l'installation ou de la présence sur le réseau de distribution ou sur le réseau de transport régional d'un point de recharge selon les modalités définies dans le règlement technique. ]3 Par dérogation à l'article 21, la fourniture d'un service de recharge d'un véhicule électrique sur un point de recharge ne nécessite pas l'obtention d'une licence de fourniture pour autant que l'alimentation de ce point de recharge soit couverte par un contrat de fourniture auprès d'un titulaire d'une licence de fourniture.]2
  
Art.17. [1 Iedere producent die een productie-installatie heeft op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft toegang tot het distributienet en tot het gewestelijk transmissienet, overeenkomstig de technische reglementen.]1
  
Art.17. [1 Tout producteur qui a une installation de production sur le territoire de la Région de Bruxelles-Capitale a accès au réseau de distribution ou au réseau de transport régional, conformément aux règlements techniques.]1
  
Art.18. <ORD 2006-12-14/45, art. 35, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007> De distributienetbeheerder komt in aanmerking voor de aankoop van elektriciteit bestemd om zijn net- en transformatieverlies te dekken en om zijn openbare dienstverplichtingen en -opdrachten bepaald in artikel 24 en 24bis en in hoofdstuk IVbis, te vervullen.
Art.18. <ORD 2006-12-14/45, art. 35, 003; En vigueur : 01-01-2007> Le gestionnaire du réseau de distribution est éligible pour l'achat de l'électricité destinée à couvrir ses pertes de réseau et de transformation et à remplir les missions ou obligations de service public visées aux articles 24 et 24bis et au chapitre IVbis.
Art.19. <ORD 2004-04-01/50, art. 36, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004> De netbeheerder publiceert jaarlijks op zijn internetsite en volgens de andere regels die de Regering kan bepalen, de tarieven die van kracht zijn voor het net waarvan hij het beheer verzekert, met inbegrip van de tarieven die betrekking hebben op de ondersteunende diensten.
Art.19. <ORD 2004-04-01/50, art. 36, 002; En vigueur : 06-05-2004> Le gestionnaire de réseau publie chaque année sur son site Internet et selon les autres modalités que le Gouvernement peut arrêter, les tarifs en vigueur pour le réseau dont il assure la gestion, en ce compris les tarifs relatifs aux services auxiliaires.
Art.20. [1 De gemeenten stellen een standaardleverancier aan, belast met het bevoorraden van afnemers, die op de datum dat zij in aanmerking komen, ten laatste op 1 januari 2007, nog geen leverancier aangeduid hebben. Deze aanstelling is aan de goedkeuring van de Regering onderworpen die de voorwaarden kan bepalen om de belangen van de gemeenten en van de andere eindafnemers te beschermen en om de daadwerkelijke openstelling van de markt te waarborgen.]1
  
Art.20. [1 Les communes désignent un fournisseur par défaut, chargé d'alimenter les clients qui, à la date de leur éligibilité au plus tard au 1er janvier 2007, n'ont pas choisi de fournisseur. Cette désignation est soumise à l'approbation du Gouvernement qui peut fixer les conditions en vue de protéger les intérêts des communes et des autres clients finals et d'assurer l'ouverture effective du marché.]1
  
Art.21. [1 Onverminderd artikel 16, derde lid, beschikken de leveranciers over een leveringsvergunning om aan de in aanmerking komende afnemers elektriciteit te leveren voor een verbruikslocatie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
   Leveranciers kunnen een leveringsvergunning hebben die beperkt is tot :
   1° ofwel een maximumhoeveelheid elektriciteit, als ze hun financiële waarborg wensen te beperken ;
   2° ofwel bepaalde categorieën afnemers ;
   3° ofwel hun eigen bevoorrading, met inbegrip van bevoorrading van hun dochterondernemingen.
   De Regering legt de criteria en regels vast voor de toekenning, de hernieuwing, de overdracht en de intrekking van deze verschillende leveringsvergunningen, evenals de nadere regels betreffende deze levering en de rechten en plichten opgelegd aan de leveranciers. De criteria voor de toekenning van deze leveringsvergunningen kunnen onder meer betrekking hebben op de betrouwbaarheid en de beroepservaring van de aanvrager, zijn technische en financiële bekwaamheid en de kwaliteit van zijn organisatie.
   De vergunning van een leverancier die artikel 8 van deze ordonnantie of zijn openbaredienstverplichtingen niet meer naleeft of die niet meer beantwoordt aan de door de Regering op grond van dit artikel vastgelegde criteria wordt ingetrokken.
   Elke leveringsvergunning waarvan sprake in dit artikel wordt verstrekt, overgedragen, hernieuwd, of desgevallend ingetrokken door Brugel.
   De Regering bepaalt de toekenningscriteria waarvan de leveranciers die een leveringsvergunning op federaal niveau, in een ander Gewest of in een andere lidstaat van de Europese Unie hebben verkregen, niet langer hoeven aan te tonen dat ze eraan voldoen.]1

  
Art.21. [1 Sans préjudice de l'article 16, alinéa 3, les fournisseurs disposent d'une licence de fourniture pour approvisionner en électricité des clients éligibles sur un site de consommation situé en Région de Bruxelles-Capitale.
   Les fournisseurs peuvent disposer d'une licence de fourniture limitée :
   1° soit à une quantité d'électricité plafonnée, lorsqu'ils désirent limiter leur garantie financière ;
   2° soit à certaines catégories de clients ;
   3° soit à leur propre fourniture, en ce compris la fourniture de leurs filiales.
   Le Gouvernement arrête les critères et les modalités d'octroi, de renouvellement, de transfert et de retrait de ces différentes licences de fourniture, les modalités relatives à cette fourniture et les droits et les obligations incombant aux fournisseurs. Les critères d'octroi des licences de fourniture peuvent notamment porter sur l'honorabilité et l'expérience professionnelle du demandeur, ses capacités techniques et financières et la qualité de son organisation.
   La licence d'un fournisseur qui ne se conforme plus à l'article 8, qui ne remplit plus ses obligations de service public ou qui ne répond plus aux critères fixés en vertu du présent article est retirée.
   Toute licence de fourniture visée dans le présent article est délivrée, transférée, renouvelée, ou, le cas échéant, retirée par Brugel.
   Le Gouvernement prévoit les critères d'octroi pour lesquels les fournisseurs ayant obtenu une licence de fourniture au niveau fédéral, dans une autre Région ou dans un autre Etat membre de l'Union européenne ne doivent plus démontrer la satisfaction.]1

  
Art. 21bis. [1 Elke producent van wie de elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen wordt aangekocht door een eindafnemer terwijl de elektriciteit niet over het distributienet of het gewestelijk transmissienet wordt vervoerd, is niet gebonden aan de verplichtingen die ten laste vallen van de leveranciers op voorwaarde dat het toegangspunt van de eindafnemer wordt gedekt door een leveringscontract met een houder van een leveringsvergunning.
   De in het eerste lid bedoelde producent sluit met de eindafnemer die zijn elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen bij hem aankoopt een overeenkomst die betrekking heeft op hun rechten en verplichtingen, met inbegrip van de billijke, transparante en niet-discriminerende regels voor aankoop evenals, desgevallend, de regels voor facturatie van de elektriciteit en de belastingen, taksen, toeslagen, vergoedingen en bijdragen van alle aard die van toepassing zijn op deze elektriciteit. De inhoud van deze overeenkomst wordt uitgedrukt in een duidelijke en verstaanbare taal en omvat alle nuttige informatie om de rechten en verplichtingen van de partijen te begrijpen.]1

  
Art. 21bis. [1 Tout producteur qui se fait acheter son électricité issue de sources d'énergie renouvelables par un client final lorsque l'électricité ne transite pas par le réseau de distribution ou le réseau de transport régional n'est pas soumis aux obligations à charge des fournisseurs pour autant que le point d'accès du client final soit couvert par un contrat de fourniture auprès d'un titulaire d'une licence de fourniture.
   Le producteur visés à l'alinéa 1er conclut avec le client final qui lui achète son électricité issue de sources d'énergie renouvelables une convention portant sur leurs droits et obligations, en ce compris les règles équitables, transparentes et non discriminatoires d'achat ainsi que, le cas échéant, les règles de facturation de l'électricité et des impôts, taxes, surcharges, redevances et contributions de toutes natures applicables à cette électricité. Le contenu de cette convention est exprimé dans un langage clair et compréhensible et reprend toutes les informations utiles à la compréhension des droits et obligations des parties.]1

  
Art.22. [1 De Regering kan, in geval van plotse crisis op de energiemarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest of van bijzondere omstandigheden, die de veiligheid en de integriteit van personen of netten bedreigen, alle tijdelijke maatregelen nemen, zoals een beperking van de toegang tot de netten of iedere andere maatregel om de situatie op te lossen.
   Die maatregelen moeten de werking van de interne markt zo min mogelijk verstoren en mogen niet verder reiken dan strikt noodzakelijk is om de plotseling gerezen moeilijkheden te verhelpen.]1

  
Art.22. [1 Le Gouvernement peut, en cas de crise soudaine sur le marché de l'énergie en Région de Bruxelles-Capitale ou de circonstances exceptionnelles menaçant la sécurité et l'intégrité des personnes ou des réseaux, prendre toute mesure temporaire, telle qu'une limite de l'accès aux réseaux, pour pallier la situation.
   Ces mesures provoquent le moins de perturbations possibles et n'excèdent pas la portée strictement indispensable pour remédier aux difficultés soudaines qui se sont présentées.]1

  
HOOFDSTUK IIIbis. [1 - Gewestelijk tractienet spoor en stationsnetten.]1
CHAPITRE IIIbis. [1 - Réseau de traction ferroviaire régional et réseau de gares.]1
Art.23. [1 Toelatingsaanvraag
   § 1. Het gewestelijk tractienet spoor en de stationsnetten zijn onderworpen aan de toekenning van een individuele toelating, verstrekt door de Regering, na advies van de distributienetbeheerder en van Brugel.
   De toelatingsaanvraag wordt ingediend door de natuurlijke of rechtspersoon die beschikt over de eigendom of het beheer van het gewestelijk tractienet spoor of het stationsnet verzekert.
   Deze aanvraag bevat minstens :
   1° de contactgegevens van de aanvrager;
   2° de documenten die zijn eigendomsrecht of het recht op het beheer van het betreffende net staven;
   3° de argumentatie om aan te tonen dat het net beantwoordt aan de definitie van gewestelijk tractienet spoor of een stationsnet, overeenkomstig artikel 2, 36bis of artikel 2, 36quinquies;
   4° een functioneel schema van het gewestelijk tractienet spoor of het stationsnet.
   De toelating waarvan sprake is in het eerste lid vermeldt daarnaast ook de aanstelling van de natuurlijke persoon of rechtspersoon bedoeld in het tweede lid als gemachtigde netbeheerder.
   Deze toelating is geldig voor een periode van twintig jaar te tellen vanaf de verstrekking ervan, de Regering is gemachtigd deze toelating te hernieuwen voor een nieuwe periode van twintig jaar, op de datum die ze vastlegt na overleg met de betrokken netbeheerder, zonder het verstrijken van de lopende termijn te moeten afwachten.
   De voorwaarden, modaliteiten en procedure voor de toekenning van de individuele toelating worden vastgelegd door de Regering, na advies van Brugel.
   § 2. Zodra er een substantiële wijziging met impact op de criteria vermeld in § 1 wordt aangebracht aan het gewestelijk tractienet spoor of het stationsnet of indien deze betrekking heeft op de beheerder van dit net, dient deze laatste Brugel in te lichten. Brugel mag bijkomende informatie vragen. Brugel verstrekt een advies dat de kwaliteit van het gewestelijk tractienet spoor, het stationsnet en/of van de beheerder van dit net al dan niet bevestigt en maakt dit over aan de Regering. Als dit advies de kwaliteit van het gewestelijk tractienet spoor, het stationsnet of van de beheerder van dit net niet bevestigt, trekt de Regering de individuele toelating bedoeld in § 1 in.]1

  
Art.23. [1 Demande d'autorisation
   § 1er. Le réseau de traction ferroviaire régional et les réseaux de gares sont soumis à l'octroi d'une autorisation individuelle délivrée par le Gouvernement, après avis du gestionnaire du réseau de distribution et de Brugel.
   La demande d'autorisation est introduite par la personne physique ou morale qui dispose de la propriété ou assure la gestion du réseau de traction ferroviaire régional ou du réseau de gares.
   Cette demande comprend au minimum :
   1° les coordonnées du demandeur ;
   2° les documents qui attestent de son droit de propriété ou de gestion sur le réseau concerné ;
   3° l'argumentation montrant que le réseau répond à la définition de réseau de traction ferroviaire régional ou d'un réseau de gares conformément à l'article 2, 36bis ou à l'article 2, 36quinquies ;
   4° un schéma fonctionnel du réseau de traction ferroviaire régional ou du réseau de gares.
   L'autorisation visée à l'alinéa 1er contient en outre la désignation de la personne physique ou morale visée à l'alinéa 2 comme gestionnaire du réseau autorisé.
   Cette autorisation est valable pour une période de vingt ans à compter de sa délivrance, le Gouvernement étant habilité à renouveler cette autorisation, à la date qu'il fixe après concertation avec le gestionnaire du réseau concerné, pour une nouvelle période de vingt ans, sans devoir attendre l'expiration du terme en cours.
   Les conditions, modalités et la procédure d'octroi de l'autorisation individuelle sont déterminées par le Gouvernement, après avis de Brugel.
   § 2. Dès lors qu'une modification substantielle ayant un impact sur les critères visés au § 1er est apportée au réseau de traction ferroviaire régional ou au réseau de gares ou qu'elle concerne le gestionnaire dudit réseau, ce dernier en informe Brugel. Brugel peut demander des informations complémentaires. Brugel rend un avis qui confirme ou non la qualité du réseau de traction régional, du réseau de gares et/ou du gestionnaire dudit réseau et le transmet au Gouvernement. Lorsque cet avis ne confirme pas la qualité du réseau de traction régional ou du réseau de gares ou celle de gestionnaire dudit réseau, le Gouvernement procède au retrait de l'autorisation individuelle visée au § 1er.]1

  
Art. 23bis. [1 Het beheer van een gewestelijk tractienet spoor of van een stationsnet omvat onder meer de volgende taken :
   1° het beheer van de elektriciteitsstromen op zijn net, inclusief de waarborgen betreffende de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het net, en het beroep doen op de nodige ondersteuningsdiensten;
   2° het beheer van een voldoende netcapaciteit om de redelijke behoefte aan elektriciteit van stroomafwaartse afnemers en gebruikers van het stationsnet te dekken en het vervoer van elektriciteit naar en van het net waarop het gewestelijk tractienet spoor of het stationsnet is aangesloten mogelijk te maken;
   3° de uitbreiding van het net in de geografisch afgebakende zone waarvoor hij werd aangesteld;
   4° het herstel, het preventief onderhoud, de vernieuwing en de verbetering van zijn net en de bijbehorende installaties;
   5° het herstel van onderbrekingen en defecten aan de elektriciteitstoevoer op zijn net;
   6° het opstellen, bewaren en ter beschikking stellen van plannen van zijn net aan de bevoegde regulator, aan de gebruikers van het gewestelijk tractienet spoor en aan de netbeheerder op wiens net hij aangesloten is;
   7° de aansluiting, afsluiting en herplaatsing van installaties op zijn net en de versterking van de aansluitingen op zijn net;
   8° de toelating voor toegang tot zijn net;
   9° het beheer van het toegangsregister van zijn net;
   10° de terbeschikkingstelling, installatie, activering, desactivering, het onderhoud en herstel van tellers op toegangspunten van het net;
   11° het opmeten van de meterstanden op de toegangspunten van zijn net, de definitie van de injectie en afname van de onderliggende netgebruikers en de verwerking en bewaring van deze gegevens;
   12° de mededeling van de noodzakelijke gegevens aan de elektriciteitsproducenten, de verantwoordelijken voor het evenwicht, de tussenpersonen, de leveranciers, de leveranciers van energiediensten, de afnemers en Brugel;
   13° de mededeling van noodzakelijke informatie aan de netbeheerders waarop het gewestelijk tractienet spoor of het stationsnet aangesloten is, om een veilige en efficiënte uitbating, een gecoördineerde ontwikkeling en een goede interactie tussen de netten te garanderen.
   De beheerder van een gewestelijk tractienet spoor of stationsnet kan de taken vermeld onder punt 8° tot 13° van het voorgaand lid in onderaanneming toevertrouwen aan de distributienetbeheerder.]1

  
Art. 23bis. [1 La gestion d'un réseau de traction ferroviaire régional ou d'un réseau de gares comprend notamment les tâches suivantes :
   1° la gestion des flux d'électricité sur son réseau, y compris les garanties de la sécurité, la fiabilité et l'efficience de son réseau, et le recours aux services d'appui nécessaires ;
   2° la gestion d'une capacité de réseau suffisante pour couvrir le besoin raisonnable d'électricité des clients avals et des utilisateurs du réseau de gares et rendre possible le transport d'électricité de et vers le réseau auquel le réseau de traction ferroviaire régional ou le réseau de gares est raccordé ;
   3° l'extension de son réseau dans la zone géographiquement délimitée pour laquelle il a été désigné ;
   4° la réparation, l'entretien préventif, la rénovation et l'amélioration de son réseau et des installations y afférentes ;
   5° la réparation d'interruptions et de pannes de l'alimentation en courant électrique via son réseau ;
   6° l'établissement, la conservation et la mise à disposition de plans de son réseau au régulateur compétent, aux utilisateurs du réseau de traction ferroviaire régional et au gestionnaire du réseau auquel son réseau est connecté ;
   7° le raccordement, la coupure et le rétablissement d'installations à son réseau et le renforcement de raccordements à son réseau ;
   8° l'autorisation d'accès à son réseau ;
   9° la gestion du registre d'accès de son réseau ;
   10° la mise à disposition, l'installation, l'activation, la désactivation, l'entretien et la réparation de compteurs aux points d'accès du réseau ;
   11° le relevé des compteurs aux points d'accès à son réseau, la définition de l'injection et le prélèvement des utilisateurs du réseau sous-jacent et le traitement et la conservation de ces données ;
   12° la communication des données nécessaires aux producteurs d'électricité, aux responsables de l'équilibre, aux intermédiaires, aux fournisseurs, aux fournisseurs de services énergétiques, aux clients et à Brugel ;
   13° la communication des informations nécessaires aux gestionnaires des réseaux auxquels le réseau de traction ferroviaire régional ou le réseau de gares est connecté, afin de garantir une exploitation sûre et efficace, un développement coordonné et une bonne interaction entre les réseaux.
   Le gestionnaire d'un réseau de traction ferroviaire régional ou d'un réseau de gares peut confier en sous-traitance les six tâches mentionnées aux points 8° à 13° de l'alinéa précédent au gestionnaire du réseau de distribution.]1

  
Art. 23ter. [1 De beheerders van het gewestelijk tractienet spoor of het stationsnet hebben de volgende verplichtingen :
   1° zich in het kader van deze functie onthouden van discriminatie tussen de gebruikers van hun net en redelijke, transparante en niet-discriminerende tarieven toepassen;
   2° de aansluiting en de toegang tot hun net vorm geven via een contract met de gebruikers van hun net. Dit contract vermeldt onder meer :
   a) de technische minimumvereisten voor het ontwerp en de werking van de installaties aangesloten op het gewestelijk tractienet spoor of het stationsnet, de maximumvermogens van de aansluiting en de kenmerken van de geleverde toevoer;
   b) de commerciële modaliteiten van de aansluiting op het net en de toegang ertoe;
   c) de voorwaarden voor het afsluiten van de aansluiting bij niet-naleving van de contractuele verbintenissen of omwille van de veiligheid van het net;
   3° aan de gebruikers van het gewestelijk tractienet spoor of het stationsnet dat ze beheren :
   a) een duidelijke en gedetailleerde factuur overmaken, op basis van hun verbruik, conform een door Brugel goedgekeurd factuurmodel;
   b) een evenwichtige spreiding op hun facturen van de meerkosten voor transport, regionaal transport en distributie die op de facturen worden toegepast; de methodologie die voor deze verdeling wordt toegepast, moet ter goedkeuring worden voorgelegd aan Brugel;
   c) de mededeling van hun relevante verbruiksgegevens en de informatie die daadwerkelijke toegang tot het net mogelijk maakt;
   4° de vertrouwelijkheid van commercieel gevoelige informatie van netgebruikers waarvan ze in het kader van hun activiteiten kennis zouden nemen bewaren;
   5° de uitbating en het onderhoud van het net waarvoor ze werden aangeduid garanderen, in economisch aanvaardbare omstandigheden, om de veiligheid en de continuïteit in de bevoorrading te garanderen.]1

  
Art. 23ter. [1 Les gestionnaires de réseaux de traction ferroviaire régional ou de réseaux de gares sont tenus aux obligations suivantes :
   1° s'abstenir, dans le cadre de cette fonction, de discrimination entre les utilisateurs de leur réseau et leur appliquer des tarifs raisonnables, transparents et non discriminatoires ;
   2° modaliser le raccordement et l'accès à leur réseau par contrat avec les utilisateurs de leur réseau. Ce contrat précise notamment :
   a) les exigences techniques minimales de conception et de fonctionnement des installations raccordées au réseau de traction ferroviaire régional ou au réseau de gares, les puissances maximales au raccordement et les caractéristiques des alimentations fournies ;
   b) les modalités commerciales du raccordement au réseau et d'accès à celui-ci ;
   c) les conditions de coupure du raccordement pour non-respect des engagements contractuels ou pour la sécurité du réseau ;
   3° remettre aux utilisateurs du réseau de traction ferroviaire régional ou du réseau de gares qu'ils gèrent :
   a) une facturation détaillée et claire, basée sur leurs consommations, selon un canevas de facture approuvé par Brugel ;
   b) une juste répartition, sur leurs factures, des surcoûts appliqués sur les factures de transport, de transport régional et de distribution ; la méthodologie utilisée pour cette répartition est soumise à l'approbation préalable de Brugel ;
   c) la communication des données pertinentes de leurs consommations ainsi que les informations permettant un accès efficace au réseau ;
   4° préserver la confidentialité des informations commercialement sensibles des utilisateurs du réseau dont ils ont connaissance dans le cadre de leurs activités ;
   5° garantir l'exploitation et l'entretien du réseau pour lequel ils ont été désignés, dans des conditions économiquement acceptables en vue d'assurer la sécurité et la continuité d'approvisionnement.]1

  
Art. 23quater. [1 De beheerder van het gewestelijk tractienet spoor of het stationsnet sluit een aansluitings- en toegangscontract met de bevoegde distributienetbeheerder.]1
  
Art. 23quater. [1 Le gestionnaire du réseau de traction ferroviaire régional ou du réseau de gares conclut un contrat de raccordement et un contrat d'accès avec le gestionnaire du réseau compétent.]1
  
HOOFDSTUK IV. - (Openbare dienstverplichtingen en -opdrachten).
CHAPITRE IV. - (Obligations et missions de service public.)
Art.24. <ORD 2006-12-14/45, art. 41, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007> § 1. De distributienetbeheerder en de leveranciers zullen, elkeen wat hen betreft, de openbare dienstverplichtingen hierna bepaald onder de punten [4 1° tot en met 6°]4 nakomen :
  1° het ter beschikking stellen van een ononderbroken minimumlevering van elektriciteit voor het verbruik van het gezin onder de voorwaarden bepaald onder Hoofdstuk IVbis;
  2° de levering van elektriciteit tegen een specifiek sociaal tarief aan personen en volgens de voorwaarden bepaald door de federale wetgeving en in Hoofdstuk IVbis;
  3° [2 het nemen en uitvoeren van de nodige technische maatregelen om toe te laten dat de elektrische bevoorrading van een oplaadpunt het voorwerp kan uitmaken van een ander contract dan het contract voor de levering van elektriciteit aan de woning of de lokalen waar dit oplaadpunt gelegen is [4 en opdat elke eindafnemer de mogelijkheid zou hebben meer dan een contract voor elektriciteitslevering tegelijk te sluiten, op voorwaarde dat deze maatregelen economisch in verhouding staan tot de voordelen die voor de eindafnemer worden verwacht ;]4]2
  [4 4° het bepalen en uitvoeren van de technische maatregelen die nodig zijn om uiterlijk op 1 januari 2026 de verandering van leverancier binnen vierentwintig uur te kunnen uitvoeren overeenkomstig artikel 25duodecies, eerste lid ;
   5° het bepalen en uitvoeren van de technische maatregelen die nodig zijn om leveranciers in staat te stellen leveringscontracten op basis van een dynamische elektriciteitsprijs aan te bieden aan eindafnemers die zijn uitgerust met slimme meters ;
   6° het bepalen en uitvoeren van de technische maatregelen die nodig zijn om het gebruik van gegevens afkomstig van slimme meters door de eindafnemers mogelijk te maken.]4

  § 2. [1 [3 Leefmilieu Brussel]3 wordt belast met de openbare dienstverplichtingen betreffende het promoten van rationeel elektriciteitsgebruik door het geven van informatie en demonstraties, de terbeschikkingstelling van uitrustingen en diensten en het verstrekken van financiële hulp ten voordele van iedere categorie van eindafnemers [2 ...]2
   [3 Leefmilieu Brussel]3 bezorgt jaarlijks een verslag aan de Regering over de uitoefening van de opdrachten waarmee het krachtens deze paragraaf belast is.
   De Regering hecht voor 1 oktober van ieder jaar haar goedkeuring aan het programma van uitvoering voor het volgende jaar van maatregelen inzake rationeel energiegebruik ten voordele van alle categorieën van alle eindafnemers [4 bedoeld in het eerste lid]4 en de daaraan verbonden begroting.
   Dit programma van uitvoering bevat onder andere de financiële en technische voorwaarden die het verkrijgen van een financiële hulp toelaat. Het beheer van het verkrijgen en van het betalen van financiële hulp wordt door [3 Leefmilieu Brussel]3 georganiseerd.
   Na advies van Brugel, kan de Regering aanpassingen aan het programma van uitvoering en aan de daaraan verbonden begroting in de loop van het jaar goedkeuren.
   De financiële hulp waarvan sprake in het 1ste lid van deze paragraaf wordt jaarlijks toegekend binnen de grenzen van de begrotingskredieten.
   De Regering kan de modaliteiten van uitvoering van deze paragraaf vaststellen.]1

  § 3. [1 ...]1.
  
Art.24. <ORD 2006-12-14/45, art. 41, 003; En vigueur : 01-01-2007> § 1er. Le gestionnaire du réseau de distribution et les fournisseurs sont, chacun pour ce qui les concerne, chargés des obligations de service public définies aux points [4 1° à 6° ci-dessous]4 :
  1° la mise à disposition d'une fourniture minimale ininterrompue d'électricité pour la consommation du ménage, aux conditions définies au Chapitre IVbis;
  2° la fourniture d'électricité à un tarif social spécifique aux personnes et dans les conditions définies par la législation fédérale et au Chapitre IVbis;
  3° [2 l'adoption et la mise en oeuvre des mesures techniques nécessaires pour que l'approvisionnement électrique d'un point de recharge puisse faire l'objet d'un contrat distinct du contrat de fourniture d'électricité relatif à l'habitation ou aux locaux où ce point de recharge est situé [4 et pour que tout client final puisse avoir la possibilité de conclure plus d'un contrat de fourniture d'électricité à la fois pour autant que ces mesures soient économiquement proportionnées au regard des bénéfices attendus pour le client final ;]4]2
  [4 4° l'adoption et la mise en oeuvre des mesures techniques nécessaires pour que, au plus tard pour le 1er janvier 2026, le changement de fournisseur puisse être réalisé en vingt-quatre heures conformément à l'article 25duodecies, alinéa 1er ;
   5° l'adoption et la mise en oeuvre des mesures techniques nécessaires pour que les fournisseurs puissent offrir des contrats de fourniture à tarification dynamique au client final équipé d'un compteur intelligent ;
   6° l'adoption et la mise en oeuvre des mesures techniques nécessaires pour permettre l'utilisation par les clients finals des données issues des compteurs intelligents.]4

  § 2. [1 [3 Bruxelles Environnement]3 est chargé des obligations de service public relatives à la promotion de l'utilisation rationnelle de l'électricité par des informations, des démonstrations et la mise à disposition d'équipements, des services et des aides financières au bénéfice de toutes les catégories de clients finals [2 ...]2.
   [3 Bruxelles Environnement]3 adressera annuellement un rapport au Gouvernement sur l'exercice des missions dont il a la charge en vertu du présent paragraphe.
   Le Gouvernement approuve avant le 1er octobre de chaque année le programme d'exécution pour l'année suivante des actions en matière d'utilisation rationnelle de l'électricité au bénéfice de toutes les catégories de clients finals [4 visés à l'alinéa 1er]4, ainsi que le budget y afférent.
   Ce programme d'exécution contient notamment les conditions financières et techniques permettant d'obtenir une aide financière. La gestion de l'obtention et du paiement des aides financières est organisée par [3 Bruxelles Environnement]3.
   Après avis de Brugel, le Gouvernement peut approuver des adaptations au programme d'exécution et au budget y afférent en cours d'année.
   Le soutien financier dont question au premier alinéa du présent paragraphe est octroyé annuellement dans les limites des crédits budgétaires.
   Le Gouvernement peut préciser les modalités d'exécution du présent paragraphe.]1

  § 3. [1 ...]1.
  
Art. 24bis. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 43; Inwerkingtreding : 01-01-2007> [7 § 1.]7 De distributienetbeheerder is bovendien belast met de volgende openbare dienstverplichtingen :
  1° [7 ...]7
  2° [1 een exclusieve opdracht inzake de constructie, het onderhoud en de vernieuwing van de installaties van openbare verlichting op het wegennet en in de gemeentelijke openbare ruimten, met inachtneming van de prerogatieven van de gemeenten vastgesteld in artikel 135 van de Nieuwe Gemeentewet, volgens een driejarig programma, opgesteld in gemeenschappelijk overleg tussen elke gemeente en de distributienetbeheerder of ten gevolge van bijkomende aanvragen voor werken [3 ...]3 alsook de elektriciteitsvoorziening voor die installaties;]1 [3 door voorrang te geven aan de productie-eenheden die gebruik maken van hernieuwbare energiebronnen of aan de [4 hoogrenderende]4 warmtekrachtkoppelingen bevat deze opdracht doelstellingen van verbetering van de energie-efficiëntie en verminderd verbruik. [10 Deze opdracht heeft geen betrekking op decoratieve verlichting. De distributienetbeheerder voert deze opdracht uit rekening houdend met een evenwicht tussen de kwaliteit van de dienstverlening, het bereiken van de doelstellingen op het vlak van verbetering van de energie-efficiëntie en lager verbruik en kostenbeheersing. ]10
   Aldus bevat het programma van uitvoering van de openbare dienstverplichtingen en -opdrachten bedoeld in artikel 25, § 1, lid 1 voor deze opdracht een specifiek hoofdstuk genaamd " Verbetering van de energieprestatie van openbare verlichting " met onder andere de volgende gegevens :
   - het energiekadaster van de straatverlichting beheerd door de distributienetbeheerder;
   - een weergave van de verbruiksevolutie in de komende vijf jaar;
   - het investeringsprogramma;
   - een weergave van de mogelijke technologische en beheerskeuzes;
   - de bevoorradingsbronnen;
   - een prognose van de verbruiksevolutie voor de komende vijf jaar;
   - een beschrijving van het aantal en de frequentie van de pannes, gebreken en de interventietermijnen van de distributienetbeheerder en de door de distributienetbeheerder genomen maatregelen om een snel herstel van de installaties te verzekeren.
   De kosten betreffende openbare verlichtingswerken die niet opgenomen zijn in het driejarig programma en die door een gemeente worden aangevraagd bij de distributienetbeheerder en die door deze laatste aanvaard worden, zijn ten laste van de betrokken gemeente.
   De kosten betreffende openbare verlichtingswerken die niet opgenomen zijn in het driejarig programma en die door een subsidiërende instantie worden aangevraagd bij de distributienetbeheerder en die door deze laatste aanvaard worden, zijn ten laste van de betrokken subsidiërende instantie;]3

  [9 Voor de uitvoering van zijn opdracht van openbare dienst met betrekking tot de openbare verlichting, beschikt de distributienetbeheerder over de rechten en is onderworpen aan de plichten bepaald in artikel 13 en volgende van de wet van 10 maart 1925.]9
  3° [3 de rol van de noodleverancier en ]3 de organisatie van een dienst voor de opvolging van de consumenten [3 die aan hem worden overgedragen in het kader van deze rol]3;
  4° [10 ...]10
  5° de verspreiding op een toegankelijke informatiedrager via Internet van de inlichtingen betreffende de diverse maatregelen genomen door de distributienetbeheerders inzake het onthaal van huishoudelijke afnemers in het kader van hun opdracht als noodleverancier;
  6° de overzending, elk jaar, bij [2 Brugel]2, van een verslag over de kwaliteit van het onthaal geboden aan de gezinnen in het kader van hun opdracht als noodleverancier;
  7° de overzending, elk jaar, aan [2 Brugel]2, van een verslag over de lijst van verplichtingen waarmee de distributienetbeheerder garandeert dat elke vorm van discriminerende praktijken wordt uitgesloten. [2 Brugel]2 deelt dit verslag [3 en zijn advies]3 mede aan de Regering en maakt het bekend.
  (8° bij afname van elektriciteit van het distributienet, het leveren van elektriciteit voor tijdelijke festiviteiten op de weg volgens de technische en financiële voorwaarden bepaald bij of krachtens het technisch reglement van het net. [10 Desgevallend wordt het verschil tussen de kosten die verband houden met deze opdracht en de facturatie gedragen door de begroting voor uitvoering van de openbaredienstopdrachten ;]10) <ORD 2008-09-04/33, art. 10, 005; Inwerkingtreding : 26-09-2008>
  [8 [10 overeenkomstig de modaliteiten vastgelegd in § 2, de begeleiding van gewestelijke, gemeenschaps- en lokale besturen in het kader van het gewestelijk project voor de renovatie van de gebouwen van deze besturen en de invoering van eenheden voor de productie van groene elektriciteit op de sites van deze besturen, via informatie, adviezen, hulp bij het identificeren van kansen, technische en administratieve ondersteuning en organisatie van aankoopcentrales ;]10
   10° [10 ...]10
   11° de overname van het verschil tussen het toegepaste sociaal tarief op grond van hoofdstuk IVbis aan een beschermde afnemer op het regionale niveau en het toegepaste sociaal tarief uit hoofde de federale wetgeving, wanneer het eerste hoger ligt dan het tweede en de betrokken afnemer dit laatste tarief niet geniet ;
   12° volgens de voorwaarden en de financiering bepaald door de Regering, de begeleiding van de gewestelijke en lokale overheden ten gunste van de uitrol van infrastructuur voor de verdeling van alternatieve brandstoffen, [11 en voor de aankoop van elektrische voertuigen]11 via adviezen, steun bij het zoeken naar opportuniteiten [11 en administratieve en technische ondersteuning en de organisatie van een aankoopcentrale ]11;]8

  [10 13° de terbeschikkingstelling aan alle huishoudelijke afnemers, alle actieve afnemers die gezamenlijk optreden en alle deelnemers aan een energiegemeenschap, van een via het internet toegankelijke tool die hen de mogelijkheid biedt hun meetgegevens te raadplegen waarover de distributienetnetbeheerder beschikt ;
   14° een exclusieve opdracht met betrekking tot de organisatie van plaatsingsprocedures voor concessie voor diensten in verband met de eigendom van voor het publiek toegankelijke oplaadpunten op de openbare weg volgens open, transparante en niet-discriminerende voorwaarden die voorafgaandelijk door Brugel zijn onderzocht en goedgekeurd ;
   15° in afwijking van artikel 8, § 6 en overeenkomstig de in § 3 vastgelegde modaliteiten een opdracht van noodoperator met betrekking tot de eigendom, de ontwikkeling, het beheer of de exploitatie van voor het publiek toegankelijke oplaadpunten op de openbare weg mits aan de volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan :
   a) geen enkele andere partij heeft als gevolg van een overeenkomstig punt 14° georganiseerde plaatsingsprocedure voor concessie voor diensten het recht gekregen om eigenaar te zijn van dergelijke oplaadpunten, of om dergelijke oplaadpunten te ontwikkelen, te beheren of te exploiteren, of zou de dienst tegen redelijke kosten en tijdig kunnen verlenen ;
   b) de distributienetbeheerder exploiteert deze oplaadpunten overeenkomstig de modaliteiten van artikel 7, §§ 2 en 3.
   De distributienetbeheerder organiseert hoogstens om de vijf jaar, onder toezicht van Brugel, een openbare raadpleging die de mogelijke belangstelling van andere partijen om deze voor het publiek toegankelijke oplaadpunten op de openbare weg te bezitten, te ontwikkelen, te beheren of te exploiteren beoordeelt. Indien uit de openbare raadpleging blijkt dat andere partijen in staat zijn om dergelijke voor het publiek toegankelijke oplaadpunten op de openbare weg te bezitten, te ontwikkelen, te beheren of te exploiteren, moet de distributienetbeheerder ze geleidelijk overdragen door middel van plaatsingsprocedures voor concessie voor diensten die worden georganiseerd in overeenstemming met punt 14°.]10

  [8 § 2. De kosten noodzakelijk voor het uitvoeren [10 van de openbaredienstopdracht bedoeld in punt 9°]10 worden gedekt door de middelen van het klimaatfonds, ingevoerd in punt 18° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen of door alle andere middelen die het Gewest ter beschikking stelt van de distributienetbeheerder.
  [10 Een beheersovereenkomst tussen het Gewest en de distributienetbeheerder legt de lijst vast van de begunstigde gewestelijke, gemeenschaps- en lokale besturen evenals de regels, modaliteiten en doelstellingen volgens dewelke de distributienetbeheerder de openbaredienstopdrachten bedoeld in punt 9° die hem werden toevertrouwd uitoefent.]10]8

  [10 § 3. De kosten noodzakelijk voor het uitvoeren van de openbaredienstopdracht bedoeld in punt 15° worden gedekt door de door het gebruik van deze oplaadpunten gegenereerde inkomsten en bijkomstig, indien deze inkomsten onvoldoende zouden blijken om de kosten voor de uitvoering van deze openbaredienstopdracht te dekken, door de middelen die het Gewest ter beschikking stelt van de distributienetbeheerder.
   Een beheerscontract tussen het Gewest en de distributienetbeheerder legt de regels, modaliteiten en doelstellingen vast volgens dewelke de distributienetbeheerder de openbaredienstopdracht bedoeld in punt 15° uitoefent.]10

  
Art. 24bis. [7 § 1er.]7 Le gestionnaire du réseau de distribution est en outre chargé des missions de service public suivantes :
  1° [7 ...]7
  2° [1 une mission exclusive portant sur la construction, l'entretien et le renouvellement des installations d'éclairage public sur les voiries et dans les espaces publics communaux, dans le respect des prérogatives définies par l'article 135 de la Nouvelle Loi communale, selon un programme triennal établi de commun accord par chaque commune avec le gestionnaire du réseau de distribution ou suite à des demandes de travaux supplémentaires [3 ...]3 ainsi que l'alimentation de ces installations en électricité [3 en donnant la priorité aux installations de production qui utilisent des sources d'énergie renouvelables ou aux cogénérations [4 à haut rendement]4 , cette mission contient des objectifs d'amélioration d'efficacité énergétique et de gain de consommation. [10 Cette mission ne concerne pas l'éclairage décoratif. Le gestionnaire du réseau de distribution exécute cette mission en tenant compte d'un équilibre entre la qualité du service, l'atteinte des objectifs d'amélioration d'efficacité énergétique et de gain de consommation et la maîtrise des coûts.]10
   Ainsi, le programme d'exécution des obligations et missions de service public visé à l'article 25, § 1er, alinéa 1er contient pour cette mission un chapitre spécifique intitulé " Amélioration de la performance énergétique de l'éclairage public " reprenant notamment les données suivantes :
   - le cadastre énergétique des luminaires gérés par le gestionnaire du réseau de distribution;
   - une présentation de l'évolution des consommations sur les cinq dernières années;
   - le programme d'investissement;
   - une présentation des choix technologiques et de gestion envisagés;
   - les sources d'approvisionnement;
   - une prévision de l'évolution des consommations pour les cinq années suivantes;
   - une description du nombre et de la fréquence des pannes, des défectuosités, des délais d'intervention du gestionnaire du réseau de distribution et des mesures prises par le gestionnaire du réseau de distribution pour assurer une remise en état rapide des installations.
   Les coûts relatifs à des travaux d'éclairage public qui n'ont pas été inscrits dans le programme triennal et qui sont demandés par une commune au gestionnaire du réseau de distribution et acceptés par celui-ci, sont à charge de la commune concernée.
   Les coûts relatifs à des travaux d'éclairage public qui n'ont pas été inscrits dans le programme triennal et qui sont demandés par un pouvoir subsidiant au gestionnaire du réseau de distribution et acceptés par celui-ci, sont à charge de ce pouvoir subsidiant.]3;]1
  [9 Pour l'exercice de sa mission de service public liée à l'éclairage public, le gestionnaire du réseau de distribution dispose des droits et est soumis aux obligations visés aux articles 13 et suivants de la loi du 10 mars 1925.]9
  3° [3 le rôle de fournisseur de dernier ressort et]3 l'organisation d'un service de suivi auprès des clients [3 qui lui sont transférés dans le cadre de ce rôle]3;
  4° [10 ...]10
  5° la diffusion sur un serveur accessible via Internet des informations relatives aux différentes mesures d'accueil des clients résidentiels prises par le gestionnaire du réseau de distribution dans le cadre de sa mission en tant que fournisseur de dernier ressort;
  6° la transmission, chaque année, à [2 Brugel]2 d'un rapport sur la qualité de l'accueil offert aux ménages dans le cadre de sa mission en tant que fournisseur de dernier ressort;
  7° la transmission, chaque année, à [2 Brugel]2 d'un rapport relatif au programme des engagements par lesquels le gestionnaire [3 du réseau]3 de distribution garantit l'exclusion de toute pratique discriminatoire. [2 Brugel]2 communique ce rapport [3 et son avis]3 au Gouvernement et le publie.
  (8°. En cas de prélèvement d'électricité sur le réseau de distribution, la fourniture d'électricité pour des manifestations festives temporaires en voirie aux conditions techniques et financières précisées par ou en vertu du règlement technique du réseau. [10 Le cas échéant, la différence entre les coûts liés à cette mission et la facturation est mise à charge du budget d'exécution des missions de service public ;]10) <ORD 2008-09-04/33, art. 10, 005; En vigueur : 26-09-2008>
  [8 [10 suivant les modalités fixées au § 2, l'accompagnement des pouvoirs publics régionaux, communautaires et locaux dans le cadre du projet régional de rénovation des bâtiments de ces pouvoirs publics et de déploiement des installations de production d'électricité verte sur les sites de ces pouvoirs publics, au travers d'informations, de conseils, d'aide à l'identification d'opportunités, d'un support technique et administratif et de l'organisation de centrales d'achat ;]10
   10° [10 ...]10
   11° la prise en charge de la différence entre le tarif social appliqué en vertu du chapitre IVbis à un client protégé au niveau régional et le tarif social appliqué en vertu de la législation fédérale, lorsque le premier est supérieur au second et que le client concerné ne bénéficie pas de ce dernier ;
   12° suivant les modalités et financements arrêtés par le Gouvernement, l'accompagnement des pouvoirs publics régionaux et locaux en faveur du déploiement d'infrastructures pour la distribution de carburants alternatifs, [11 et pour l'acquisition de véhicules électriques ]11 au travers de conseils, d'aide à l'identification d'opportunités et [11 , d'un support technique et administratif et de l'organisation d'une centrale d'achat ]11;]8

  [10 13° la mise à disposition pour tout client résidentiel, tout client actif agissant conjointement et tout participant à une communauté d'énergie d'un outil accessible via Internet permettant la consultation de leurs données de comptage dont le gestionnaire du réseau de distribution dispose ;
   14° une mission exclusive portant sur l'organisation des procédures de passation de concession de services relatives à la propriété de points de recharge ouverts au public en voirie selon des conditions ouvertes, transparentes et non discriminatoires préalablement examinées et approuvées par Brugel ;
   15° par dérogation à l'article 8, § 6 et suivant les modalités fixées au § 3, une mission d'opérateur de dernier ressort relative à la propriété, au développement, à la gestion ou à l'exploitation de points de recharge ouverts au public en voirie pour autant que les conditions cumulatives suivantes soient remplies :
   a) aucune autre partie, à la suite d'une procédure de passation de concession de services organisée conformément au point 14°, ne s'est vue conférer le droit d'être propriétaire de ces points de recharge, de les développer, de les gérer ou de les exploiter, ou ne pourrait fournir ce service à un coût raisonnable et en temps utile ;
   b) le gestionnaire du réseau de distribution exploite ces points de recharge dans le respect des modalités prévues à l'article 7, §§ 2 et 3.
   Au maximum tous les cinq ans, le gestionnaire du réseau de distribution organise, sous le contrôle de Brugel, une consultation publique qui évalue l'intérêt potentiel d'autres parties à être propriétaires de ces points de recharge ouverts au public en voirie, ou à les développer, les gérer ou les exploiter. Si la consultation publique indique que d'autres parties sont en mesure d'être propriétaires de ces points de recharge ouverts au public en voirie, de les développer, de les gérer ou de les exploiter, le gestionnaire du réseau de distribution cède progressivement ceux-ci au travers de procédures de passation de concession de services organisées conformément au point 14°.]10

  [8 § 2. Les coûts nécessaires à l'exécution [10 de la mission de service public visée au point 9°]10 sont couverts par les moyens du fonds climat instauré au point 18° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, ou tout autres moyens mis à la disposition du gestionnaire du réseau de distribution par la Région.
  [10 Un contrat de gestion entre la Région et le gestionnaire du réseau de distribution détermine la liste des pouvoirs publics régionaux, communautaires et locaux bénéficiaires ainsi que les règles, modalités et objectifs selon lesquels le gestionnaire du réseau de distribution exerce la mission de service public visée au point 9° qui lui est confiée.]10]8

  [10 § 3. Les coûts nécessaires à l'exécution de la mission de service public visée au point 15° sont couverts par les revenus générés par l'utilisation de ces points de recharge et de manière complémentaire, dans l'hypothèse où ces revenus sont insuffisants pour couvrir les coûts d'exécution de cette mission de service public, par les moyens mis à disposition du gestionnaire du réseau de distribution par la Région.
   Un contrat de gestion entre la Région et le gestionnaire du réseau de distribution détermine les règles, modalités et objectifs selon lesquels le gestionnaire du réseau de distribution exerce la mission de service public visée au point 15°.]10

  
Art.25. <ORD 2006-12-14/45, art. 45, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007> § 1. [2 Voor 1 oktober van ieder jaar legt de distributienetbeheerder aan de Regering zijn programma voor met betrekking tot de uitvoering van zijn openbare dienstverplichtingen en -opdrachten, voor het volgend jaar en de daaraan verbonden begroting, die door de Regering, na advies van Brugel, worden goedgekeurd. [6 Bij deze goedkeuring kan de Regering de redelijkheid van de voorgestelde begroting verifiëren.]6
  [6 In afwijking van het eerste lid hebben het specifieke hoofdstuk van het programma van uitvoering van de openbaredienstverplichtingen en -opdrachten bedoeld in artikel 24bis, § 1, 2°, tweede lid en de begroting ervan betrekking op de volgende drie jaren.]6
   Vóór 31 maart van ieder jaar maakt de distributienetbeheerder een verslag van de uitvoering van alle openbare dienstopdrachten en -verplichtingen over aan de Regering die verwezenlijkt werden tijdens het voorbije jaar alsook van de daaraan verbonden rekeningen. [5 Dit rapport omvat tevens een vergelijking van het budget dat is ingeschreven en gerealiseerd voor de uitvoering van de openbare dienstverplichtingen met de inkomsten die door de distributienetbeheerder werden aangeduid in zijn tariefvoorstel " ingevoegd tussen de woorden " de daaraan verbonden rekeningen.]5 De Regering keurt dit verslag goed na advies van Brugel.
   Het [6 programma, het]6 verslag en de rekeningen worden na goedkeuring door de Regering overgemaakt aan het Brussels Hoofdstedelijk Parlement. De Regering kan de vorm en de inhoud [6 van het programma en]6 van het verslag bepalen.]2

  § 2. [3 ...]3.
  [1 Brugel]1 kan bovendien ter plaatse alle boekhoudkundige en andere stukken [3 ...]3 inkijken, en bij wijze van steekproef de daadwerkelijke omvang van de gefinancierde werken in verband met de kostprijs en de uitvoering van de openbare dienstverplichtingen en -opdrachten laten onderzoeken.
  [3 het aangewezen personeel]3 die deze raadplegingen en controles uitvoeren [3 wordt daartoe aangewezen]3 bij [3 besluit ]3. [1 Brugel]1 kan een bedrijfsrevisor toevoegen aan [3 het aangewezen personeel]3, om de rekeningen met betrekking tot de uitvoering van de openbare dienstverplichtingen en -opdrachten van de distributienetbeheerder te onderzoeken.
  § 3. De distributienetbeheerder organiseert zijn boekhouding zo dat de kosten en opbrengsten verbonden [3 aan elke openbaredienstopdracht]3 die hij vervult, geïdentificeerd worden.
  § 4. [4 ...]4.
  
Art.25. <ORD 2006-12-14/45, art. 45, 003; En vigueur : 01-01-2007> § 1er. [2 Avant le 1er octobre de chaque année, le gestionnaire du réseau de distribution soumet au Gouvernement son programme d'exécution des obligations et missions de service public pour l'année suivante, et le budget y afférent, qui sont approuvés par le Gouvernement après avis de Brugel. [6 Lors de cette approbation, le Gouvernement peut vérifier le caractère raisonnable du budget proposé.]6
  [6 Par dérogation à l'alinéa 1er, le chapitre spécifique du programme d'exécution des obligations et missions de service public visé à l'article 24bis, § 1er, 2°, alinéa 2 et le budget y afférant portent sur les trois années suivantes.]6
   Avant le 31 mars de chaque année, le gestionnaire du réseau de distribution soumet au Gouvernement un rapport sur l'exécution de toutes ses obligations et missions de service public réalisées pendant l'année précédente ainsi que les comptes y afférents. [5 Ce rapport contient également une comparaison du budget inscrit et réalisé pour l'exécution des obligations de service public avec les recettes indiquées par le gestionnaire de réseau de distribution dans sa proposition tarifaire. ]5 Le Gouvernement approuve ce rapport après avis de Brugel.
   Après approbation par le Gouvernement, [6 le programme,]6 le rapport et les comptes sont transmis au Parlement de la Région de Bruxelles-Capitale. Le Gouvernement peut déterminer la forme et le contenu [6 du programme et]6 du rapport.]2

  § 2. [3 ...]3.
   [1 Brugel]1 peut [3 ...]3 consulter sur place toutes les pièces comptables ou autres, faire vérifier sur place et par sondage l'effectivité des travaux financés en rapport avec le coût et l'exécution des obligations et missions de service public.
   [3 Le personnel désigné]3 effectuant ces consultations et vérifications [3 est désigné]3 à cette fin par [3 arrêté]3. [1 Brugel]1 peut adjoindre un réviseur d'entreprise au [3 personnel désigné ]3 pour vérifier les comptes relatifs à l'exécution des obligations et missions de service public du gestionnaire [3 du réseau]3 de distribution.
  § 3. Le gestionnaire du réseau de distribution organise sa comptabilité de manière a identifier les charges et les produits afférents [3 à chacune des missions de service public]3 qu'il assume.
  § 4. [4 ...]4.
  
Art. 25bis. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 46; Inwerkingtreding : 01-01-2007> [2 § 1.]2 Ten minste één keer per jaar, vóór 31 maart, worden met name de volgende statistische gegevens over de gezinnen en met betrekking tot het voorgaande kalenderjaar ter beschikking gesteld van [1 Brugel]1. Deze gegevens worden telkens opgesplitst volgens gemeente en volgens beschermde en niet-beschermde afnemers :
  1° door de houder van een leveringsvergunning :
  a) het aantal aansluitingen waar een aanmaning aan de eindafnemer werd verstuurd;
  b) het aantal aansluitingen waar een ingebrekestelling aan de eindafnemer werd verstuurd;
  c) het aantal aanvaarde betalingsplannen en het gemiddelde bedrag van betaling per maand door de eindafnemer;
  d) het aantal niet-nageleefde betalingsplannen;
  e) het aantal dossiers overgemaakt aan het O.C.M.W.;
  f) het aantal dossiers overgemaakt aan een schuldbemiddelingsinstantie;
  2° door de netbeheerder :
  a) [5 ...]5
  b) [5 ...]5
  c) het aantal [5 eindafnemers]5 dat wordt afgesloten en de redenen van afsluiting;
  d) het aantal gezinnen dat opnieuw wordt aangesloten binnen de vierentwintig uur, tussen één en zeven kalenderdagen, tussen acht en dertig kalenderdagen en na meer dan dertig kalenderdagen.
  [1 Brugel]1 bezorgt de voornoemde gegevens met haar eventuele opmerkingen aan de Regering vóór 31 mei van elk jaar.
  De Regering kan de lijst van die gegevens aanvullen, bepaalt de regels voor de mededeling ervan en stelt te dien einde de formulieren op.
  [2 § 2. De leveranciers en de tussenpersonen houden gedurende ten minste vijf jaar de ter zake dienende gegevens met betrekking tot al hun transacties in elektriciteitsleveringscontracten aan afnemers en elektriciteitsderivaten met grootafnemers en netbeheerders ter beschikking van de bevoegde autoriteiten, met inbegrip van Brugel, de Raad voor de mededinging en de Europese Commissie, voor uitvoering van hun taken.
   De gegevens omvatten bijzonderheden betreffende de kenmerken van de betrokken transacties, zoals looptijd-, leverings- en betalingsregels, hoeveelheden, uitvoeringsdata en -tijdstippen, transactieprijzen, totaalprijzen, prijzen van de bestanddelen en middelen om de betrokken grootafnemer te identificeren, alsmede specifieke nadere gegevens over alle openstaande elektriciteitsleveringscontracten en elektriciteitsderivaten.
   Brugel kan de lijst van die gegevens aanvullen.
   Brugel kan deze informatie ter beschikking stellen van marktspelers, op voorwaarde dat vertrouwelijke of commercieel gevoelige gegevens inzake afzonderlijke marktspelers of afzonderlijke transacties niet worden vrijgegeven.
   Deze paragraaf is niet van toepassing op informatie over financiële instrumenten die onder het toepassingsgebied van Richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende markten voor financiële instrumenten, tot wijziging van de Richtlijnen 85/611/EEG en 93/6/EEG van de Raad en van Richtlijn 2000/12/EG van het Europees Parlement en de Raad en houdende intrekking van Richtlijn 93/22/EEG van de Raad vallen. Ingeval de in lid 1 van deze paragraaf genoemde autoriteiten toegang moeten hebben tot gegevens die door de onder het toepassingsgebied van bovengenoemde Richtlijn 2004/39/EG vallende entiteiten worden bijgehouden, verstrekken de krachtens deze richtlijn verantwoordelijke autoriteiten hen de opgevraagde gegevens.]2

  [2 § 3. [5 Brugel, de leveranciers en de netbeheerders bezorgen Leefmilieu Brussel ten laatste op 31 maart van ieder jaar de door Leefmilieu Brussel gevraagde gegevens teneinde de opstelling van het energierapport of ieder rapport, iedere evaluatie of studie die vereist is door deze ordonnantie, de Europese of internationale regelgeving inzake elektriciteit mogelijk te maken. Tot deze gegevens behoren de in bijlage 3 gespecificeerde gegevens.
   Het energierapport omvat :
   1° een gewestelijke energiebalans ;
   2° een gedetailleerde beschrijving en een analyse van de energieproductie en -consumptie, per sector en per energievector.
   De in punten 4° tot en met 6° van bijlage 3 bedoelde gegevens kunnen worden gebruikt wanneer zij nodig zijn om de activiteitensector of de geografische locatie te bepalen om de energiebalans of de voornoemde rapporten, evaluaties of studies te specificeren. Deze gegevens worden na gebruik verwijderd.
   De Regering kan de lijst van de in bijlage 3 bedoelde te melden gegevens specificeren. Ze kan deze lijst ook aanvullen op voorwaarde dat de uitbreiding ervan geen betrekking heeft op persoonsgegevens.]5
]2

  
Art. 25bis. [2 § 1er.]2 Au moins une fois par an, avant le 31 mars, sont mises à disposition de [1 Brugel]1 les données statistiques suivantes concernant les ménages et portant sur l'année précédente, ces données étant ventilées chaque fois par commune et par clients protégés et clients non protégés :
  1° par le titulaire d'une licence de fourniture :
  a) le nombre de raccordements où un rappel a été envoyé au client final;
  b) le nombre de raccordements où une mise en demeure a été envoyée au client final;
  c) le nombre de plans de paiement autorisés et le montant de paiement moyen devant être payé par mois par le client final;
  d) le nombre de plans de paiement non respectés;
  e) le nombre de dossiers transmis au C.P.A.S.;
  f) le nombre de dossiers transmis à une institution de médiation de dettes;
  2° par le gestionnaire du réseau :
  a) [5 ...]5
  b) [5 ...]5
  c) le nombre de [5 clients finals]5 coupés et les motifs de la coupure;
  d) le nombre de ménages raccordés à nouveau dans les vingt-quatre heures, entre un et sept jours calendrier, entre huit et trente jours calendrier et après plus de trente jours calendrier.
  [1 Brugel]1 transmet les données précitées avec ses observations éventuelles au Gouvernement avant le 31 mai de chaque année.
  Le Gouvernement peut compléter la liste de ces données, fixe les modalités de leur communication et établit des formulaires à cette fin.
  [2 § 2. Les fournisseurs et intermédiaires tiennent à la disposition des autorités compétentes, y compris de Brugel, du Conseil de la concurrence et de la Commission européenne, aux fins d'exécution de leurs tâches, pour une durée minimale de cinq ans, les données pertinentes relatives à toutes les transactions portant sur des contrats de fourniture d'électricité à des clients ou des instruments dérivés sur l'électricité passés avec des clients grossistes et le gestionnaire du réseau.
   Les données comprennent des informations sur les caractéristiques des transactions pertinentes, telles que les règles relatives à la durée, à la livraison et à la liquidation, la quantité, la date et l'heure de l'exécution, le prix de la transaction, le prix total, le prix des composants et le moyen d'identifier le client grossiste concerné, ainsi que les informations requises concernant tous les contrats de fourniture d'électricité et instruments dérivés sur l'électricité non liquidés.
   Brugel peut compléter la liste de ces données.
   Brugel peut mettre certaines de ces données à la disposition des acteurs du marché, pour autant que ne soient pas divulguées des informations confidentielles ou commercialement sensibles sur des acteurs du marché ou des transactions déterminées.
   Le présent paragraphe ne s'applique pas aux informations relatives aux instruments financiers qui relèvent de la Directive 2004/39/CE du Parlement européen et du Conseil du 21 avril 2004 concernant les marchés d'instruments financiers, modifiant les Directives 85/611/CEE et 93/6/CEE du Conseil et la Directive 2000/12/CE du Parlement européen et du Conseil et abrogeant la Directive 93/22/CEE du Conseil. Lorsque les autorités visées au premier alinéa du présent paragraphe ont besoin d'accéder aux données détenues par des entités relevant de la Directive 2004/39/CE précitée, ce sont les autorités responsables en vertu de cette directive qui leur fournissent les informations demandées.]2

  [2 § 3. [5 Brugel, les fournisseurs et les gestionnaires de réseaux communiquent à Bruxelles Environnement, au plus tard le 31 mars de chaque année, les données demandées par celui-ci aux fins de permettre l'élaboration du rapport sur l'énergie, ou de tout rapport, évaluation ou étude exigés par la présente ordonnance, la règlementation européenne ou internationale, pour ce qui concerne l'électricité. Parmi ces données se trouvent celles précisées à l'annexe 3.
   Le rapport sur l'énergie comprend :
   1° un bilan énergétique régional ;
   2° une description détaillée et une analyse de la production et de la consommation d'énergie, par secteur et par vecteur d'énergie.
   Les données visées aux points 4° à 6° de l'annexe 3 peuvent être utilisées lorsqu'elles sont nécessaires à identifier le secteur d'activité ou la localisation géographique pour préciser le bilan énergétique ou les rapports, évaluations ou études précités. Ces données sont supprimées après leur utilisation.
   Le Gouvernement peut spécifier la liste des données à notifier, visées à l'annexe 3. Il peut également compléter cette liste pour autant que l'extension ne porte pas sur des données à caractère personnel.]5
]2

  
HOOFDSTUK IVbis. Openbare dienstverplichtingen betreffende de levering van elektriciteit.
CHAPITRE IVbis. Obligations de service public relatives à la fourniture d'électricité.
Art. 25ter. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 47; Inwerkingtreding : 01-01-2007> [2 § 1.]2 De leverancier [1 maakt, aan elke afnemer die erom verzoekt, binnen tien werkdagen een redelijk en niet-discriminerend voorstel van leveringscontract over en deelt hem de algemene leveringsvoorwaarden mee]1 evenals, met name wanneer de afnemer een huishoudelijke afnemer is, de bepalingen van deze ordonnantie die betrekking hebben op de beschermde afnemers. [2 Deze verplichting berust op de leverancier voor alle soorten meetregimes.]2
  [3 De leverancier maakt aan elke eindafnemer met een slimme meter die hierom verzoekt binnen tien werkdagen een redelijk en niet-discriminerend voorstel van leveringscontract op basis van een dynamische elektriciteitsprijs over. Naast de informatie vermeld in het eerste lid, delen de leveranciers in het voorstel van leveringscontract op basis van een dynamische elektriciteitsprijs de mogelijkheden, kosten, risico's en verplichtingen mee die verbonden zijn aan een leveringscontract op basis van een dynamische elektriciteitsprijs, met inbegrip van de noodzaak een slimme meter te hebben.
   Leveranciers die minder dan 200.000 eindafnemers op nationaal niveau hebben, zijn vrijgesteld van de verplichting vermeld in het vorige lid.]3

  [1 Indien de vraag uitgaat van een afnemer of een voormalige afnemer die zijn schulden bij de betrokken leverancier niet volledig heeft gezuiverd en die het eventueel opgesteld afbetalingsplan niet heeft nageleefd, kan de leverancier ofwel schriftelijk weigeren om een voorstel tot leveringscontract te doen ofwel schriftelijk een voorstel tot leveringscontract verzenden dat wordt gesloten nadat de afnemer een borg heeft verschaft.
  [2 ...]2
  [2 § 2. De leveranciers delen de algemene voorwaarden alsook elke wijziging daarvan inzake de leveringscontracten mee aan Brugel, zodat de regulator hun conformiteit met de Brusselse wetgeving kan controleren.
   Indien de in het vorige lid opgesomde documenten niet worden bezorgd, worden sancties voorzien. De Regering legt de modaliteiten daarvan vast.]2

  
Art. 25ter. [2 § 1er.]2 A tout client qui le lui demande, le fournisseur [1 fait, dans les 10 jours ouvrables,]1 une proposition raisonnable et non discriminatoire de contrat de fourniture, [1 et communique]1 les conditions générales de fourniture et notamment, s'il s'agit d'un client résidentiel, les dispositions de la présente ordonnance relatives aux clients protégés. [2 Cette obligation s'impose au fournisseur pour tous les types de régime de comptage.]2
  [3 A tout client final équipé d'un compteur intelligent qui le lui demande, le fournisseur fait également, dans les dix jours ouvrables, une proposition raisonnable et non discriminatoire de contrat de fourniture à tarification dynamique. En plus des informations prévues au 1er alinéa, les fournisseurs communiquent dans la proposition de contrat de fourniture à tarification dynamique les opportunités, les coûts, les risques et les obligations, y compris la nécessité d'être équipé d'un compteur intelligent, liés à un contrat de fourniture à tarification dynamique.
   Le fournisseur qui a moins de 200.000 clients finals au niveau national est exempté de l'obligation visée à l'alinéa précédent.]3

  [1 Dans le cas où la demande émane d'un client ou ancien client qui n'a pas apuré entièrement ses dettes contractées auprès du fournisseur concerné tout en ne respectant pas le plan d'apurement éventuellement conclu, le fournisseur peut refuser par écrit de faire une proposition de contrat de fourniture ou faire par écrit une proposition de contrat de fourniture qui sera conclu après que le client aura apporté une caution.
  [2 ...]2
  [2 § 2. Les fournisseurs notifient à Brugel les conditions générales ainsi que toute modification de ces dernières relatives aux contrats de fourniture, afin que le régulateur vérifie leur conformité avec la législation bruxelloise.
   En cas de non-transmission des documents énumérés à l'alinéa précédent, des sanctions sont prévues. Le Gouvernement en définit les modalités.]2

  
Art.25ter /1. [1 Voor wat betreft de contracten voor elektriciteitslevering die uitsluitend bestemd zijn voor de elektrische bevoorrading van oplaadpunt zijn de openbaredienstverplichtingen opgenomen in de artikelen 25quater, vierde lid, 25sexies, 25septies, 25octies, 25decies, 25undecies en 25tredies niet van toepassing. ]1
  
Art. 25te /1.. [1 En ce qui concerne les contrats de fourniture d'électricité destinés exclusivement à l'approvisionnement électrique d'un point de recharge, les obligations de service public reprises dans l'article 25quater, alinéa 4, et dans les articles 25sexies, 25septies, 25octies, 25decies, 25undecies et 25tredies ne s'appliquent pas ]1
  
Art. 25quater. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 47; Inwerkingtreding : 01-01-2007> De leveranciers waarborgen de gezinnen een minimale ononderbroken levering van elektriciteit voor het verbruik van het gezin tegen niet-discriminerende voorwaarden. Wordt beschouwd als discriminerend, elk verschil in behandeling dat niet redelijk verantwoord kan worden en dat met name steunt op het statuut, het inkomstenniveau of de woonplaats. [2 ...]2
  Deze bevoorrading is niet voorzien voor de gemeenschappelijke ruimtes van woongebouwen, noch voor tweede woningen, noch voor woningen die onbewoond zijn.
  Voor [1 gemeenschappelijk gebouw met gemeenschappelijke verwarmingsketel]1 legt de Regering de regels van de verplichting betreffende deze minimale ononderbroken elektriciteitsbevoorrading vast.
  [1 Onder voorbehoud van een federale norm die gunstiger is voor de verbruiker, [2 ...]2 en onder voorbehoud van de in dit hoofdstuk vastgestelde opzeggingstermijnen, worden de leveringscontracten gesloten voor een vaste periode van minimum drie jaar.
  Een gezin kan ze evenwel altijd opzeggen mits een opzeggingstermijn van maximum [2 drie weken]2.]1
.
  
Art. 25quater. Les fournisseurs garantissent aux ménages une alimentation minimale ininterrompue d'électricité pour la consommation du ménage à des conditions non discriminatoires. Est considérée comme discriminatoire, toute différence de traitement, non raisonnablement justifiée, fondée notamment sur le statut, le niveau de revenu ou le lieu de résidence. [2 ...]2
  Cette alimentation n'est pas prévue pour les locaux communs des bâtiments d'habitation, ni pour les secondes résidences, ni pour des habitations inoccupées.
  Pour les immeubles [1 collectifs avec chaudière commune]1, le Gouvernement arrête les modalités de l'obligation relative à cette alimentation minimale ininterrompue d'électricité.
  [1 Sous réserve d'une norme fédérale plus favorable au consommateur, [2 ...]2 et sous réserve également des délais de résolution prévus au présent chapitre, les contrats de fourniture sont conclus pour une période fixe de trois ans au moins.
   Toutefois, un ménage peut toujours y mettre fin moyennant un délai de résiliation de maximum [2 trois semaines]2.]1
.
  
Art. 25sexies. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 47; Inwerkingtreding : 01-01-2007> § 1. [1 De niet-betaling van het gefactureerde bedrag voor het elektriciteitsverbruik maakt het voorwerp van een herinnering door de leverancier uit binnen de 15 dagen na de vervaldatum van de factuur. In geval van niet-betaling van het gefactureerde bedrag, stuurt de leverancier een ingebrekestelling per aangetekende brief en per gewone brief binnen ten vroegste 15 dagen en ten laatste 30 dagen na de verzending van de herinnering. Bij ontstentenis van betaling binnen zeven dagen vanaf de ontvangst van de ingebrekestelling stelt de leverancier een redelijk afbetalingsplan aan het gezin voor en [3 stelt de distributienetbeheerder in kennis van zijn voornemen om de procedure tot beëindiging van het leveringscontract op te starten]3. De leverancier [3 licht eveneens het gezin in]3 over zijn voornemen om het O.C.M.W. van de gemeente waar het leveringspunt zich bevindt in te lichten, [2 met name om hem toe te laten de bijstand ervan te genieten bij het onderhandelen over zijn afbetalingsplan,]2 evenals over zijn recht om de mededeling van zijn naam aan het O.C.M.W. te weigeren, door aangetekende brief, gericht aan de leverancier, binnen de tien dagen.]1 [2 Deze mededeling gebeurt in de vorm van een listing met de contactgegevens van de betrokken afnemers van de leverancier, opgesteld overeenkomstig het door Brugel vastgelegde model en met de door hem vastgelegde frequentie. De leverancier deelt het gezin zijn voorstel van afbetalingsplan schriftelijk mee, indien het gezin hem daarom verzoekt; hij deelt het gezin het tussen hen overeengekomen afbetalingsplan ambtshalve schriftelijk mee.]2 [3 Het gezin, of het O.C.M.W. op verzoek van het gezin, kan ook een afbetalingsplan voorstellen aan de leverancier.]3
  [2 Het redelijk karakter van het afbetalingsplan, met name de duur en het bedrag van de gespreide betalingen, wordt beoordeeld in functie van het evenwicht dat het tot stand doet komen tussen het belang van de leverancier om zijn schuld terugbetaald te krijgen binnen een redelijke termijn en het belang van de afnemer om zijn schuld te vereffenen binnen een termijn die aangepast is aan zijn financiële situatie. Een afbetalingsplan is niet redelijk als het de afnemer en zijn gezin niet in de mogelijkheid stelt een menswaardig bestaan te leiden. [3 Indien het gezin wordt bijgestaan door een erkend centrum voor schuldbemiddeling of door het O.C.M.W., dan zal deze instantie opnieuw onderhandelen over het afbetalingsplan indien ze vaststelt dat het niet of niet langer redelijk is.]3 [3 De minimuminformatie die elk afbetalingsplan moet vermelden, wordt gespecificeerd in bijlage 3.]3
   Bij overdracht van schuldvordering door de leverancier :
   1° de overdracht is slechts tegenwerpelijk aan de overgedragen schuldenaar vanaf het ogenblik dat de overgedragen schuldenaar hiervan per aangetekende brief in kennis werd gesteld of door hem werd erkend. Ingeval een gerechtelijke procedure wordt ingeleid, moet de kennisgeving gebeuren twee maanden voordat de overnemer een gerechtelijke procedure tegen hem kan instellen;
   2° de overnemer blijft gebonden aan dezelfde verplichtingen als de overdrager met inbegrip van die opgelegd in deze ordonnantie en in de artikelen 591, 215° en 628, 25° van het Gerechtelijk Wetboek;
   3° de overnemer blijft gebonden aan zijn informatieplicht, zowel ten overstaan van de overdrager als van de eindafnemer.]2

  § 2. [1 Overeenkomstig artikel 5 van de wet van 20 december 2002 betreffende de minnelijke invordering van de schulden van de consument, mag aan de verbruiker geen andere vergoeding gevraagd worden dan de bedragen bepaald in het contract.
   Op voorwaarde dat die contractueel vastgelegd zijn, mag geen enkel bedrag ander dan die hieronder aangegeven van de verbruiker geëist worden :
   1° alle invorderingskosten voor onbetaalde facturen, mogen 7,50 euro voor een herinnering en 15 euro voor ingebrekestelling niet overschrijden, met dien verstande dat het totaal van de invorderings- en administratieve kosten de som van 55 euro [3 per leveringscontract]3 niet mag overschrijden. De Regering kan deze forfaitaire sommen aanpassen in rekening met het indexcijfer van de consumptieprijzen te houden. [3 Voor de toepassing van dit punt :
   a) het maximum van 55 euro is van toepassing tijdens de minnelijke invorderingsprocedure, vanaf het moment dat de eerste aanmaning tot betaling wordt verzonden, en eindigt wanneer de schuld volledig is betaald of wanneer de zaak wordt doorverwezen naar de vrederechter ;
   b) onder " totale invorderings- en administratiekosten " wordt verstaan : de aanmanings- en ingebrekestellingskosten, de contractuele verwijlinteresten, de boeteclausule of de kosten van een derde die een activiteit van minnelijke invordering van schulden uitoefent ;]3

   2° het verschuldigde resterende saldo;
   3° [3 ...]3
   Zodra de ontbindingsprocedure wordt ingeleid, zullen geen andere herinnerings- en ingebrekestellingskosten mogen worden geëist. [3 ...]3]1

  § 3. [3 Van zodra de leverancier hem in kennis heeft gesteld van zijn voornemen om de procedure tot beëindiging van het leveringscontract op te starten en ten laatste tien dagen na de ontvangst van deze informatie, waarschuwt de distributienetbeheerder de eindafnemer voor de gevolgen van het niet-betalen van het gefactureerde bedrag. Hij informeert hem ook over het bestaan van het beschermingssysteem van artikelen 25sexies tot en met 25octies en stuurt hem de contactgegevens van het O.C.M.W. van zijn woonplaats en van het informatiecentrum voor afnemers van gas en elektriciteit bedoeld in artikel 33bis. Die informatie wordt verstrekt in duidelijke en begrijpelijke taal.]3
  § 4. In geen geval mag [1 een leveringspunt van elektriciteit dat bestemd is voor een hoofdwoonplaats of voor hoofdzakelijk]1 huishoudelijk gebruik worden afgesloten zonder de goedkeuring van de vrederechter.
  [1 Deze bepaling is niet van toepassing wanneer de afsluiting vereist is omdat de veiligheid van goederen of personen, of de goede werking van het distributienetwerk ernstig in het gedrang komt.
   Iedere afsluiting zonder de instemming van de vrederechter op basis van dit artikel maakt het voorwerp uit van een informatiemaatregel via aangetekende zending, met vermelding voor de verbruiker van de precieze redenen die tot die afsluiting geleid hebben, alsook de duur ervan. Een kopie van de brief wordt naar Brugel gestuurd.
  [3 Bovendien, als de distributienetbeheerder door een leverancier belast wordt met het afsluiten van een afnamepunt dat niet gedekt is door een contract of niet standaard beleverd wordt, neemt hij de nodige maatregelen om de mogelijke aanwezigheid van een eindafnemer vast te stellen en nodigt hij deze uit zijn contractuele situatie binnen de veertig dagen in orde te brengen. Deze maatregelen bestaan uit een administratief onderzoek, gevolgd door een kort onderzoek ter plaatse als de eindafnemer zijn situatie niet in regel brengt. Bij gebrek aan regularisatie door de eindafnemer binnen deze termijn van veertig dagen of zodra de afwezigheid van een eindafnemer is bevestigd, is de toestemming van de vrederechter voor de afsluiting niet langer vereist. In het kader van het administratief onderzoek vraagt de distributienetbeheerder de nodige gegevens voor de identificatie van de eigenaar van de plaats van verbruik aan de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie op grond van artikel 36, 1°, van het koninklijk besluit van 30 juli 2018 betreffende het aanleggen en bijhouden van de kadastrale documentatie en tot vaststelling van de modaliteiten voor het afleveren van kadastrale uittreksels. De modaliteiten van het administratief onderzoek en van het onderzoek ter plaatse worden door Brugel en de distributienetbeheerder in onderling overleg bepaald.]3
  [3 Wanneer de distributienetbeheerder door een leverancier wordt belast met het afsluiten van een afnamepunt dat niet gedekt is door een contract of niet standaard beleverd wordt, en uit het administratief onderzoek of het in het vierde lid bedoelde onderzoek ter plaatse blijkt dat de eindafnemer de laatste bewoner is die gekend is bij de distributienetbeheerder, dan sluit de distributienetbeheerder het afnamepunt niet af en vraagt hij de leverancier om de afsluitingsaanvraag te annuleren. De distributienetbeheerder brengt Brugel hiervan op de hoogte.]3
  § 5. [3 Tenzij het gezin vroeger de mededeling van zijn naam heeft geweigerd overeenkomstig paragraaf 1, kan het O.C.M.W. een maatschappelijk onderzoek bij het gezin in kwestie uitvoeren en begeleidingsmaatregelen voor het gezin voorstellen, eventueel met de hulp van een schuldbemiddelingsdienst.]3
  § 6. [3 Als het gezin weigert zijn naam aan het O.C.M.W. mee te delen, als er geen afbetalingsplan wordt overeengekomen met of zonder de begeleiding van het O.C.M.W. of als het betalingsplan niet wordt nageleefd, kan de leverancier een brief sturen naar het gezin met de mededeling dat, indien het niet binnen vijftien kalenderdagen betaalt, het afbetalingsplan opnieuw volgt of geen bewijs levert dat het een beschermde afnemer is, de vrederechter toestemming zal worden gevraagd om het contract op te zeggen en de stroom af te sluiten.]3
  § 7. [3 ...]3
  § 8. [3 ...]3
  § 9. [3 ...]3
  
Art. 25sexies. § 1er. [1 Le non-paiement du montant facturé relatif à la consommation d'électricité fait l'objet d'un rappel par le fournisseur dans les 15 jours suivant la date de l'échéance de la facture. En cas de non-paiement du montant facturé, le fournisseur envoie une mise en demeure par lettre recommandée et par courrier ordinaire au plus tôt dans les 15 jours et au plus tard dans les 30 jours suivant l'envoi du rappel. A défaut de paiement dans les sept jours de la réception de la mise en demeure, le fournisseur propose au ménage un plan d'apurement raisonnable et [3 informe le gestionnaire du réseau de distribution de son intention d'entamer la procédure de résolution du contrat de fourniture]3. Le fournisseur [3 informe également le ménage]3 de son intention de prévenir le C.P.A.S. de la commune où se situe le point de fourniture, [2 notamment pour lui permettre de bénéficier de son assistance dans la négociation du plan d'apurement, ]2 ainsi que de son droit de refuser, par lettre recommandée adressée au fournisseur dans les dix jours, la communication de son nom au C.P.A.S.]1 [2 Cette communication a lieu sous la forme d'un listing reprenant les coordonnées des clients du fournisseur concernés, établi conformément au modèle fixé par Brugel et selon la fréquence fixée par celle-ci. Le fournisseur communique au ménage sa proposition de plan d'apurement par écrit, à la demande de celui-ci ; il lui communique d'office par écrit le plan d'apurement qui a été conclu entre eux.]2 [3 Le ménage, ou le C.P.A.S. si le ménage lui en a fait la demande, peut également proposer un plan d'apurement au fournisseur.]3
  [2 Le caractère raisonnable du plan d'apurement, notamment de sa durée et du montant des paiements échelonnés, s'apprécie en fonction de l'équilibre qu'il établit entre l'intérêt du fournisseur à obtenir le remboursement de sa dette dans un délai raisonnable et l'intérêt du client à apurer sa dette dans un délai adapté à sa situation financière. Un plan d'apurement n'est pas raisonnable s'il porte atteinte à la possibilité pour le client et sa famille de mener une vie conforme à la dignité humaine. [3 Lorsque le ménage bénéficie de l'assistance d'un centre de médiation de dettes agréé ou du C.P.A.S., celui-ci renégocie le plan d'apurement s'il constate qu'il n'est pas ou plus raisonnable.]3 [3 Les informations minimales que tout plan d'apurement doit contenir sont précisées à l'annexe 3.]3
   En cas de cession de créance par le fournisseur :
   1° la cession n'est opposable au débiteur cédé qu'à partir du moment où elle a été notifiée par lettre recommandée au débiteur cédé ou reconnue par celui-ci. Dans le cas de l'introduction d'une procédure judiciaire, la notification doit intervenir deux mois avant que le cessionnaire ne puisse entamer une procédure judiciaire contre lui ;
   2° le cessionnaire reste tenu par les mêmes obligations que le cédant y compris celles imposées dans la présente ordonnance et dans les articles 591, 215° et 628, 25° du Code judiciaire ;
   3° le cessionnaire reste tenu de ses obligations d'informations tant vis-à-vis du cédant que vis-à-vis du client final.]2

   [1 § 2. Conformément à l'article 5 de la loi du 20 décembre 2002 relatif au recouvrement amiable des dettes du consommateur, aucune indemnité autre que les montants convenus dans le contrat ne peut être demandée au consommateur.
   Pour autant qu'elles aient été contractuellement fixées, aucune somme autre que celles indiquées ci-dessous ne peut être réclamée au consommateur :
   1° tous frais de recouvrement pour impayés ne peuvent excéder 7,50 euros pour un rappel et 15 euros pour la mise en demeure, étant entendu que les frais totaux de recouvrement et administratifs ne pourront excéder la somme de 55 euros [3 par contrat de fourniture]3. Le Gouvernement peut adapter ces montants forfaitaires en tenant compte de l'indice des prix à la consommation. [3 Pour l'application du présent point :
   a) le plafond de 55 euros s'applique pendant la procédure de recouvrement amiable, dès l'envoi du premier rappel de paiement, et prend fin lors du paiement intégral de la dette ou lors de la saisine du juge de paix ;
   b) on entend par " frais totaux de recouvrement et administratifs " : les frais de rappel, de mise en demeure, d'intérêt contractuel de retard, de clause pénale ou d'un tiers qui exerce une activité de recouvrement amiable des dettes ;]3
;
   2° le solde restant dû;
   3° [3 ...]3
   Une fois que la procédure de résolution est intentée, aucun autre frais de rappel et de mise en demeure ne pourra être réclamé. [3 ...]3]1

  § 3. [3 Dès que le fournisseur l'a informé de son intention d'entamer une procédure de résolution du contrat, et au plus tard dans les dix jours suivant la réception de cette information, le gestionnaire du réseau de distribution avertit le client final des conséquences du non-paiement du montant facturé. Il l'informe également de l'existence du système de protection des articles 25sexies à 25octies et lui transmet les coordonnées du C.P.A.S. de sa commune de résidence et du centre d'information aux consommateurs de gaz et d'électricité visé à l'article 33bis. Ces informations sont énoncées dans un langage clair et compréhensible.]3
  § 4. Aucune coupure d'électricité [1 sur un point de fourniture alimentant une résidence principale ou à utilisation principalement]1 domestique ne peut être effectuée sans l'autorisation du juge de paix.
  [1 Cette disposition n'est pas d'application lorsque la coupure est requise au motif que la sécurité des biens ou des personnes, ou le bon fonctionnement du réseau de distribution est gravement menacé.
   Toute coupure effectuée sans l'autorisation du juge de paix sur la base du présent article fait l'objet d'une mesure d'information par lettre recommandée, mentionnant au consommateur les raisons précises qui ont justifié cette coupure, ainsi que la durée de celle-ci. Une copie de la lettre est adressée à Brugel.
  [3 En outre, lorsque le gestionnaire du réseau de distribution est chargé par un fournisseur de couper un point de prélèvement non couvert par un contrat ou non fourni par défaut, il prend les mesures nécessaires pour vérifier la présence éventuelle d'un client final et l'invite à régulariser sa situation contractuelle dans les quarante jours. Ces mesures consistent en une enquête administrative suivie, en cas de non régularisation par le client final, d'une courte enquête sur place. A défaut de régularisation de la part du client final dans le délai de quarante jours ou dès que l'absence d'un client final est confirmée, l'autorisation du juge de paix pour la coupure n'est plus requise. Dans le cadre de l'enquête administrative, le gestionnaire du réseau de distribution demande les données nécessaires à l'identification du propriétaire du lieu de consommation à l'Administration générale de la Documentation patrimoniale en vertu de l'article 36, 1°, de l'arrêté royal du 30 juillet 2018 relatif à la constitution et la mise à jour de la documentation cadastrale et fixant les modalités pour la délivrance des extraits cadastraux. Les modalités de l'enquête administrative et de l'enquête sur place sont fixées par Brugel et le gestionnaire du réseau de distribution, en concertation.]3
  [3 Lorsque le gestionnaire du réseau de distribution est chargé par un fournisseur de couper un point de prélèvement non couvert par un contrat ou non fourni par défaut, et qu'il résulte de l'enquête administrative ou de l'enquête sur place visée à l'alinéa 4 que le client final est le dernier occupant connu du gestionnaire du réseau de distribution, le gestionnaire du réseau de distribution ne coupe pas le point de prélèvement et demande au fournisseur d'annuler la demande de coupure. Le gestionnaire du réseau de distribution en informe Brugel.]3
  § 5. [3 A moins que le ménage ait précédemment refusé la communication de son nom en application du paragraphe 1er, le C.P.A.S. peut réaliser une enquête sociale auprès du ménage concerné et proposer des mesures de guidance au ménage, éventuellement avec l'aide d'un service de médiation de dettes.]3
  § 6. [3 Si le ménage refuse la communication de son nom au C.P.A.S., si aucun plan d'apurement n'est conclu avec ou sans la guidance du C.P.A.S. ou encore si le plan d'apurement n'est pas respecté, le fournisseur peut envoyer une lettre au ménage l'informant que si, dans les quinze jours calendrier, il ne paye pas, ne reprend pas le suivi du plan d'apurement ou ne lui fournit pas la preuve qu'il est client protégé, l'autorisation de résilier le contrat et de procéder à la coupure d'électricité sera demandée au juge de paix.]3
  § 7. [3 ...]3
  § 8. [3 ...]3
  § 9. [3 ...]3
  
Art. 25septies. [1 § 1. Vanaf de ingebrekestelling, wordt het gezin dat het vraagt erkend als beschermde afnemer indien het één of meerdere van de volgende voorwaarden vervult :
   1° het geniet van het specifiek sociaal tarief;
   2° het maakt gebruik van een procedure voor schuldbemiddeling met een erkend centrum voor schuldbemiddeling of een collectieve schuldenregeling;
   3° het geniet [2 de verhoogde tussenkomst]2.
  [4 § 1bis. Het gezin bedoeld in paragraaf 1, 1°, waarvan het schuldbedrag hoger is dan 150 euro voor de elektriciteitsfactuur of 250 euro voor de enkele factuur voor beide energieën, wordt automatisch erkend als beschermde afnemer zestig dagen na de verzending van de ingebrekestelling, tenzij het gezin bezwaar maakt zoals bedoeld in het tweede lid.
   Vanaf de ingebrekestelling stelt de leverancier het gezin in kennis van deze procedure, waarna het gezin bezwaar kan maken tegen de automatische toekenning van het statuut van beschermde afnemer.
   Vanaf de automatische toekenning van dat statuut stelt de leverancier de noodleverancier in kennis en wordt de beschermde afnemer door laatstgenoemde bevoorraad, voor zover het gezin nog steeds aan de in het eerste lid vastgestelde voorwaarden voldoet.
   De Regering kan de bovengenoemde voorwaarden en modaliteiten aanpassen en aanvullen en de categorie van begunstigden van de procedure voor de automatische toekenning van het statuut van beschermde afnemer uitbreiden op basis van een evaluatie van het aantal gezinnen dat overeenkomstig die procedure als beschermde afnemer wordt erkend.]4

   § 2. - Vanaf de ingebrekestelling, op verzoek van de afnemer en na het sociale onderzoek, kan het O.C.M.W. eveneens het statuut van beschermde afnemer aan het gezin toekennen. Vanaf de verkrijging van dit statuut, brengt het O.C.M.W. de noodleverancier hiervan op de hoogte en wordt de beschermde afnemer door laatstgenoemde beleverd.
   § 3. [4 Indien het gezin aan geen enkele van de in § 1 van dit artikel opgesomde voorwaarden voldoet, kan het zich vanaf de ingebrekestelling tot Brugel richten om dit statuut te verkrijgen. De toekenningscriteria houden rekening met de inkomsten overeenkomstig de leden 2 tot 5 en het aantal personen in het gezin.
   De samengevoegde inkomsten van alle leden van het gezin dat kandidaat is voor het in lid 1 bedoelde statuut van beschermde afnemer mogen, voor een gegeven belastingjaar, niet hoger zijn dan 37.600 euro. Deze inkomsten omvatten niet deze van de kinderen ten laste, zijnde kinderen waarvoor kinderbijslag of wezenbijslag wordt uitbetaald aan een lid van dit gezin. Deze inkomsten houden rekening met het kadastraal inkomen van de in België of in het buitenland gelegen onroerende goederen, al dan niet bewoond als hoofdverblijfplaats, verminderd met een bedrag van 745 euro.
   Voor de gezinnen waarvan ten minste twee leden op de datum van de indiening van de aanvraag beroepsinkomsten ontvangen in de zin van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen, wordt het in lid 2 bedoelde bedrag verhoogd tot 52.600 euro.
   Voor elk lid van het in lid 1 bedoelde kandidaat-gezin dat door de fiscale wetgeving wordt beschouwd als persoon ten laste, worden de in de leden 2 en 3 bedoelde bedragen verhoogd. Deze verhoging bedraagt 3.000 euro voor de eerste persoon ten laste en 1.500 euro voor de volgende personen ten laste.
   Deze bedragen zijn gekoppeld aan de evolutie van de prijsindex overeenkomstig het mechanisme dat is vastgelegd door de wet van 2 augustus 1971 houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de openbare schatkist, sommige sociale uitkeringen, de bezoldigingsgrenzen waarmee rekening dient gehouden bij de berekening van sommige bijdragen van de sociale zekerheid der arbeiders, alsmede de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, aan het indexcijfer van de consumptieprijzen worden gekoppeld.
   Brugel voert jaarlijks een evaluatie uit van de aan de eindafnemers aangerekende prijzen en van de weerslag van de evolutie van die prijzen op het aantal gezinnen dat kandidaat is voor het in lid 1 bedoelde statuut van beschermde afnemer en op de overeenkomstig de leden 2, 3 en 4 vastgestelde bedragen van de inkomsten. De eerste evaluatie wordt uiterlijk op 1 januari 2023 aan de regering meegedeeld.
   Op basis van de in lid 6 bedoelde evaluatie kan de regering de in de leden 2, 3 en 4 bedoelde bedragen van de inkomsten wijzigen.
   De regering kan bepalen welk soort inkomen in overweging moet worden genomen en welke procedure Brugel moet volgen voor het verkrijgen van het statuut van beschermde afnemer. Vanaf het verkrijgen van dat statuut, brengt Brugel de noodleverancier hiervan op de hoogte en wordt de beschermde afnemer door laatstgenoemde beleverd.]4

  [4 § 3bis. Het gezin wordt erkend als een beschermde afnemer voor een bepaalde duur van maximaal vijf jaar, onder voorbehoud van de toepassing van paragraaf 6. Indien een gezin dat als beschermde afnemer is erkend, betrokken raakt bij een schuldbemiddelingsproces met een erkend bemiddelingscentrum of een collectieve schuldenrekening, wordt het voor onbepaalde tijd erkend als beschermde afnemer, onder voorbehoud van de toepassing van paragraaf 6.]4
   § 4. [4 Zodra het gezin het statuut van beschermde afnemer heeft, wordt het contract dat met de leverancier werd gesloten opgeschort en kan de leverancier de vrederechter niet om de ontbinding van het contract vragen tijdens de duur van de opschorting. Zodra hij het bewijs heeft ontvangen dat het gezin beschermd is, levert de netbeheerder aan het gezin als noodleverancier. Indien de noodleverancier het gezin voorziet van elektriciteit en gas, is artikel 25undecies, tweede lid van toepassing. Het afbetalingsplan kan heronderhandeld worden en wordt door de leverancier aan de noodleverancier meegedeeld.]4
   § 5. [4 Elke " beschermde afnemer " is een " kwetsbare afnemer " in de zin van richtlijn (EU) 2019/944 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot wijziging van richtlijn 2012/27/EU.]4
   § 6. [4 Zodra het gezin alle schuld heeft aangezuiverd in naleving van het afbetalingsplan deelt de leverancier dit mee aan de noodleverancier. Het gezin wordt niet meer erkend als beschermde afnemer en de opschorting van het contract zoals bedoeld in § 4 wordt beëindigd.
   Behalve indien het statuut afloopt overeenkomstig paragraaf 3bis of beëindigd wordt overeenkomstig het eerste lid of op schriftelijk verzoek van het gezin blijft het gezin het statuut van beschermde afnemer behouden zolang het voldoet aan de voorwaarden vastgelegd in paragraaf 1, 2 of 3 en het zijn afbetalingsplan naleeft.
   De noodleverancier vraag om de twee jaar :
   1° dat het gezin binnen de negentig dagen na zijn schriftelijk verzoek het bewijs levert dat het voldoet aan de voorwaarden vastgelegd in paragraaf 1, 2 of 3. De noodleverancier brengt het O.C.M.W. hiervan op de hoogte. Na deze termijn wordt de schorsing beëindigd en wordt het contract tussen de leverancier en het gezin volledig hervat. De noodleverancier brengt het O.C.M.W. hiervan op de hoogte ;
   2° aan de leverancier te bevestigen dat het gezin zich aan zijn afbetalingsplan houdt. Als het gezin zijn afbetalingsplan niet naleeft, wordt de schorsing beëindigd en wordt het contract tussen de leverancier en het gezin volledig hervat. De noodleverancier brengt het O.C.M.W. hiervan op de hoogte.]4
]1

  
Art. 25septies. [1 § 1er. Dès la mise en demeure, le ménage qui le demande est reconnu comme client protégé s'il remplit une ou plusieurs conditions suivantes :
   1° il bénéficie du tarif social spécifique;
   2° il est engagé dans un processus de médiation de dettes avec un centre de médiation agréé ou de règlement collectif de dettes;
   3° il bénéficie [2 de l'intervention majorée]2.
  [4 § 1erbis. Le ménage visé au paragraphe 1er, 1°, dont le montant de la dette est supérieur à 150 euros pour la facture d'électricité ou 250 euros pour la facture unique reprenant les deux énergies, est automatiquement reconnu comme client protégé soixante jours après l'envoi de la mise en demeure, sauf en cas d'opposition du ménage visée à l'alinéa 2.
   Dès la mise en demeure, le fournisseur informe le ménage de cette procédure, à la suite de quoi le ménage peut s'opposer à l'obtention automatique du statut de client protégé.
   Dès l'obtention automatique de ce statut, le fournisseur en informe le fournisseur de dernier ressort et le client protégé est fourni par ce dernier pour autant que le ménage remplisse toujours les conditions définies à l'alinéa 1er.
   Le Gouvernement peut adapter et compléter les conditions et modalités précitées et étendre la catégorie des bénéficiaires de la procédure d'obtention automatique du statut de client protégé sur la base d'une évaluation du nombre de ménages reconnus comme client protégé conformément à cette procédure.]4

   § 2. Dès la mise en demeure, sur demande du client et après l'enquête sociale, le C.P.A.S. peut également attribuer au ménage le statut de client protégé. Dès l'obtention de ce statut, le C.P.A.S. en informe le fournisseur de dernier ressort et le client protégé est fourni par ce dernier.
   § 3. [4 Si le ménage ne remplit aucune des conditions énumérées au § 1er du présent article, il peut, dès la mise en demeure, s'adresser à Brugel pour obtenir ce statut. Les critères d'attribution tiennent compte des revenus conformément aux alinéas 2 à 5 et du nombre de personnes qui constituent le ménage.
   Les revenus globalisés de tous les membres du ménage candidat au statut de client protégé visé à l'alinéa 1er ne peuvent excéder, au cours du même exercice fiscal, la somme de 37.600 euros. Ces revenus n'incluent pas ceux des enfants à charge étant les enfants pour lesquels des allocations familiales ou d'orphelins sont attribuées à un membre dudit ménage. Ces revenus tiennent compte du revenu cadastral des biens immeubles situés en Belgique ou à l'étranger, occupés ou non à titre de résidence principale, diminué d'un montant de 745 euros.
   Pour les ménages dont deux membres au moins perçoivent, au jour de l'introduction de la demande, des revenus professionnels au sens du Code des Impôts sur le Revenu, le montant visé à l'alinéa 2 est porté à 52.600 euros.
   Pour chaque membre du ménage candidat visé à l'alinéa 1er considéré comme personne à charge par la législation fiscale, les montants visés aux alinéas 2 et 3 sont majorés. Cette majoration s'élève à 3.000 euros pour la première personne à charge et à 1.500 euros pour les personnes à charge suivantes.
   Ces montants sont liés à l'évolution de l'indice des prix conformément au mécanisme fixé par la loi du 2 août 1971 organisant un régime de liaison à l'indice des prix à la consommation des traitements, salaires, pensions, allocations et subventions à charge du trésor public, de certaines prestations sociales, des limites de rémunération à prendre en considération pour le calcul de certaines cotisations de sécurité sociale des travailleurs, ainsi que des obligations imposées en matière sociale aux travailleurs indépendants.
   Brugel réalise annuellement une évaluation relative aux prix facturés aux clients finals et à l'impact de l'évolution de ces prix sur le nombre de ménages candidats au statut de client protégé visé à l'alinéa 1er et sur les montants des revenus définis conformément aux alinéas 2, 3 et 4. La première évaluation est communiquée au Gouvernement au plus tard le 1er janvier 2023.
   Sur la base de l'évaluation visée à l'alinéa 6, le Gouvernement peut modifier les montants des revenus visés aux alinéas 2, 3 et 4.
   Le Gouvernement peut préciser le type de revenus à prendre en considération et la procédure à suivre par Brugel pour l'obtention du statut de client protégé. Dès l'obtention de ce statut, Brugel en informe le fournisseur de dernier ressort et le client protégé est fourni par ce dernier.]4

  [4 § 3bis. Le ménage est reconnu comme client protégé pour une durée déterminée de maximum cinq ans, sous réserve de l'application du paragraphe 6. Dans le cas où le ménage reconnu comme client protégé est engagé dans un processus de médiation de dettes avec un centre de médiation agréé ou de règlement collectif de dettes, il est reconnu comme client protégé pour une durée indéterminée, sous réserve de l'application du paragraphe 6.]4
   § 4. [4 Dès que le ménage a le statut de client protégé, le contrat conclu avec le fournisseur est suspendu et le fournisseur ne peut demander au juge de paix la résolution du contrat pendant la durée de la suspension. Dès qu'il a reçu la preuve que le ménage est protégé, le gestionnaire du réseau le fournit en tant que fournisseur de dernier ressort. Dans l'hypothèse où le fournisseur de dernier ressort alimente le ménage en électricité et en gaz, l'article 25undecies, alinéa 2 s'applique à celui-ci. Le plan d'apurement peut être renégocié et est communiqué par le fournisseur au fournisseur de dernier ressort.]4
   § 5. [4 Tout " client protégé " est un " client vulnérable " au sens de la directive (UE) 2019/944 du Parlement européen et du Conseil du 5 juin 2019 concernant des règles communes pour le marché intérieur de l'électricité et modifiant la directive 2012/27/UE.]4
   § 6. [4 Dès que le ménage a remboursé la totalité de sa dette en respectant le plan d'apurement, le fournisseur en informe le fournisseur de dernier ressort et le ménage n'est plus reconnu comme client protégé et la suspension du contrat visée au paragraphe 4 prend fin.
   Sauf si le statut est arrivé à expiration conformément au paragraphe 3bis ou s'il y est mis fin conformément à l'alinéa 1er ou à la demande écrite du ménage, le statut de client protégé est maintenu aussi longtemps que le ménage réunit les conditions requises par les paragraphes 1er, 2 ou 3 et qu'il respecte son plan d'apurement.
   Tous les deux ans, le fournisseur de dernier ressort demande :
   1° au ménage de fournir la preuve qu'il réunit les conditions requises par les paragraphes 1er, 2 ou 3, dans les nonante jours de sa demande écrite. Le fournisseur de dernier ressort en avertit le C.P.A.S. Passé ce délai, la suspension prend fin et le contrat entre le fournisseur et le ménage reprend tous ses effets. Le fournisseur de dernier ressort en avertit le C.P.A.S. ;
   2° au fournisseur de confirmer que le ménage respecte son plan d'apurement. Si le ménage ne respecte pas son plan d'apurement, la suspension prend fin et le contrat entre le fournisseur et le ménage reprend tous ses effets. Le fournisseur de dernier ressort en avertit le C.P.A.S.]4
]1

  
Art. 25octies. [1 § 1. - Als het afbetalingsplan niet wordt nageleefd en indien de afnemer niet als beschermde afnemer werd erkend, kan de leverancier aan de vrederechter de ontbinding van het contract verbonden met het gezin en de toestemming tot afsluiting door de netbeheerder vragen na het bewijs te hebben geleverd van de naleving van de procedure voorzien in de artikelen 25ter tot 25septies en na handhaving van de levering gedurende een periode van minimum zestig dagen op onafgebroken wijze, vanaf de datum dat [3 de ingebrekestelling naar het gezin werd verstuurd]3.
   § 2. - Het verzoek tot ontbinding van het contract en de toestemming tot afsluiting kan worden ingeleid op tegensprekelijk verzoekschrift, overeenkomstig artikel 1034bis van het Gerechtelijk Wetboek.
   [3 De akte van rechtsingang]3 bevat de vermelding die bepaalt dat het gezin, teneinde het bedrag dat voor zijn verbruik wordt opgeëist te verifiëren, een afrekening van de verschuldigde sommen en een opname van zijn meter kan laten uitvoeren op kosten van de leverancier, bij gebrek aan een opgenomen meterstand of wanneer de meterstand niet werd meegedeeld door de afnemer en gevalideerd door de distributienetbeheerder, in de laatste drie maanden.
   De distributienetbeheerder voert de opname uit binnen de vijftien dagen vanaf het in vorig lid bedoelde verzoek van het gezin.
   § 3. - De vraag aan de vrederechter wordt door de leverancier aan het O.C.M.W. van de gemeente van de woonplaats van de afnemer meegedeeld, evenals het bewijs van de naleving van de procedure, tenzij het gezin vroeger de mededeling van zijn naam heeft geweigerd overeenkomstig artikel 25sexies, § 1, teneinde het voor het O.C.M.W. mogelijk te maken om in te grijpen.
   § 4. - Ieder vonnis dat de ontbinding van het contract uitspreekt geeft van rechtswege de toelating tot afsluiting door de betrokken distributienetbeheerder, met inbegrip van de toegang tot de meter met bijstand van de openbare macht indien noodzakelijk.
   § 5. [2 Voor het geval dat het gezin op het adres van het verbruik is gedomicilieerd, kan de leverancier slechts laten overgaan tot de afsluiting één maand na enerzijds de betekening aan het gezin van het vonnis van ontbinding en anderzijds de mededeling via schriftelijke of elektronische weg van zijn beslissing om over te gaan tot deze afsluiting in uitvoering van dit vonnis aan het O.C.M.W. van de gemeente waar zijn afnemer gedomicilieerd is, tenzij het gezin voordien de mededeling van zijn naam in toepassing van artikel 25sexies, § 1, geweigerd zou hebben.]2
   § 6. - [3 Zonder afbreuk te doen aan artikel 25sexies, § 4 kan de afsluiting van een gezin niet plaatsvinden in de winterperiode, de periode tijdens dewelke de levering aan het gezin door de noodleverancier wordt gewaarborgd. Indien de noodleverancier het gezin voorziet van elektriciteit en gas, is artikel 25undecies, tweede lid van toepassing. Dat verbod op het afsluiten van een gezin heeft betrekking op de afsluitingsaanvragen na machtiging door de vrederechter en de aanvragen voor de afsluiting van een afnamepunt waarvoor het contract afloopt tijdens de winterperiode. Dit verbod tot afsluiting heeft geen betrekking op afsluitingen om veiligheidsredenen. Wanneer de reden voor de aanvraag tot afsluiting van een afnamepunt het aflopen van het contract tijdens de winterperiode is, wordt de afsluitingsaanvraag uitgevoerd aan het einde van de winterperiode, tenzij het gezin over een nieuw leveringscontract voor het desbetreffende afnamepunt beschikt.]3
  [3 ...]3
   De Regering kan na advies van Brugel de aanvullende regels en voorwaarden vaststellen met betrekking tot de leveringen in de winter van deze paragraaf. Zij kan uitzonderlijk de winterperiode verlengen tot na 31 maart indien het klimaat dat vereist [3 of in geval van overmacht]3.
   § 7. - De leverancier en de noodleverancier delen onderling en elk semester de staat van de naleving van het afbetalingsplan mee.
   § 8. - Indien de beschermde afnemer echter schulden ten opzichte van de noodleverancier heeft gevestigd, kan deze zijn vorderingen door wettelijke middelen terugvorderen.
  [3 Als de beschermde afnemer zijn afbetalingsplan ten aanzien van zijn leverancier niet naleeft maar deze zijn leveringen aan de noodleverancier wel betaalt, herinnert de noodleverancier het gezin aan de noodzaak zijn afbetalingsplan na te leven teneinde zijn statuut van beschermde afnemer te behouden en brengt hij het O.C.M.W. op de hoogte.]3
   Als de beschermde afnemer in gebreke blijft van betaling van de noodleverancier, nadat deze hem in gebreke gesteld heeft, deelt deze leverancier aan het O.C.M.W. van de gemeente van het leveringspunt de naam en het adres van de beschermde afnemer mee. Als uiterlijk zestig dagen na de mededeling van de naam van de beschermde afnemer aan het O.C.M.W., deze laatstgenoemde niet aan de noodleverancier heeft laten weten dat deze afnemer bijstand van het O.C.M.W. geniet of niet aan de noodleverancier een voorstel van afbetalingsplan voor alle schulden ten aanzien van de noodleverancier, medeondertekend voor akkoord door de afnemer, heeft overgemaakt, kan de noodleverancier aan de vrederechter de ontbinding van het noodleveringscontract vragen, met bewijs van naleving van de voorziene procedure. Evenzo, kan de noodleverancier de ontbinding van het noodleveringscontract vragen in geval van niet-naleving van het hierboven aangehaalde afbetalingsplan. De ontbinding van het noodleveringscontract heeft van rechtswege de ontbinding van het contract met de oorspronkelijke leverancier tot gevolg. De Regering kan de modaliteiten voor deze procedures vastleggen.]1

  [3 § 9. Indien een gezin niet beleverd wordt of schulden heeft bij minstens twee leveranciers, kan het O.C.M.W. na een maatschappelijk onderzoek de noodleverancier een gewaarborgde levering ten laste van het gezin opleggen gedurende twaalf maanden.
   De noodleverancier kan de gewaarborgde levering weigeren als het gezin een schuld van minstens 300 euro heeft bij de noodleverancier en er voor deze schuld geen redelijk afbetalingsplan is overeengekomen.
   De gewaarborgde levering loopt af na een periode van twaalf maanden, te rekenen vanaf de eerste dag van de gewaarborgde levering door de noodleverancier, tenzij deze vooraf op verzoek van het gezin is beëindigd of het gezin een leveringscontract heeft gesloten voor het betreffende afnamepunt.
   Het O.C.M.W. kan de gewaarborgde levering na een maatschappelijk onderzoek verlengen voor een nieuwe periode van twaalf maanden.
   Na afloop van deze periode van twaalf maanden en bij gebrek aan een leveringscontract voor het betreffende afnamepunt of van een verlenging van het recht op gewaarborgde levering, sluit de distributienetbeheerder het betreffende afnamepunt af. De afsluiting van een gezin op grond van deze paragraaf kan, overeenkomstig paragraaf 6, niet plaatsvinden tijdens de winterperiode.
   De noodleverancier stuurt het gezin dat een gewaarborgde levering geniet uiterlijk vier maanden voor het verstrijken van de periode van twaalf maanden een brief om :
   1° het te herinneren aan de vervaldatum van zijn recht op gewaarborgde levering ;
   2° het uit te nodigen om een leveringscontract te sluiten dat uiterlijk bij het verstrijken van zijn recht op gewaarborgde levering in werking treedt ;
   3° het te herinneren aan de mogelijkheid om zijn recht op gewaarborgde levering te verlengen en het te verzoeken om contact op te nemen met het O.C.M.W. van zijn woonplaats indien het een dergelijke verlenging wenst aan te vragen ;
   4° het eraan te herinneren dat bij het verstrijken van zijn recht op gewaarborgde levering het afnamepunt in kwestie zal worden afgesloten als er geen leveringscontract is afgesloten of het recht op gewaarborgde levering niet werd verlengd.
   Deze kennisgeving gebeurt per aangetekende brief.
   Indien het gezin dat een gewaarborgde levering geniet echter schulden ten opzichte van de noodleverancier heeft gevestigd, kan deze zijn schuldvorderingen met alle rechtsmiddelen terugvorderen.
   Een kwalitatieve en kwantitatieve evaluatie van de uitvoering van deze paragraaf wordt uiterlijk in januari 2025 door de Regering, op voorstel van de minister, aan het Brussels Hoofdstedelijk Parlement meegedeeld. Deze beoordeling omvat minstens de volgende elementen : het aantal gezinnen dat een gewaarborgde levering geniet en de kosten die de uitvoering van deze paragraaf meebrengt.]3

  
Art. 25octies. [1 § 1er. - Si le plan d'apurement n'est pas respecté et que le client n'est pas reconnu comme client protégé, le fournisseur peut demander au juge de paix la résolution du contrat qui le lie au ménage et l'autorisation de coupure par le gestionnaire de réseau après avoir fourni la preuve du respect de la procédure prévue aux articles 25ter à 25septies et après maintien de la fourniture pendant une période de soixante jours minimum de façon ininterrompue, à partir de la date à laquelle [3 la mise en demeure a été adressée au ménage]3.
   § 2. - La demande de résolution du contrat et d'autorisation de coupure peut être introduite par requête contradictoire, conformément à l'article 1034bis du Code judiciaire.
   [3 L'acte introductif d'instance]3 contient la mention selon laquelle le ménage peut, afin de vérifier le montant réclamé pour sa consommation, faire effectuer un décompte des sommes dues ainsi qu'un relevé de son compteur aux frais du fournisseur, à défaut d'index relevé ou d'index communiqué par le client et validé par le gestionnaire du réseau de distribution, au cours des trois derniers mois.
   Le gestionnaire du réseau de distribution effectue le relevé endéans les quinze jours de la demande du ménage visée à l'alinéa précédent.
   § 3. - La demande au juge de paix est communiquée par le fournisseur au C.P.A.S. de la commune du domicile du client, à moins que le ménage ait précédemment refusé la communication de son nom en application de l'article 25sexies, § 1er, ainsi que la preuve du respect de la procédure, dans le but de permettre au C.P.A.S. d'intervenir.
   § 4. - Tout jugement prononçant la résolution du contrat autorise de plein droit la coupure par le gestionnaire du réseau de distribution concerné, en ce compris l'accès au compteur avec l'aide de la force publique si nécessaire.
   § 5. [2 Dans l'hypothèse où le ménage est domicilié à l'adresse de consommation, le fournisseur ne peut faire procéder à la coupure qu'un mois après, d'une part, la signification au ménage du jugement de résolution et, d'autre part, la communication par écrit ou par voie électronique de sa décision de procéder à cette coupure en exécution de ce jugement au C.P.A.S. de la commune du domicile de son client, sauf si le ménage a précédemment refusé la communication de son nom en application de l'article 25sexies, § 1er.]2
   § 6. - [3 Sans préjudice de l'article 25sexies, § 4, la coupure d'un ménage ne peut intervenir pendant la période hivernale, période durant laquelle la fourniture à charge du ménage est assurée par le fournisseur de dernier ressort. Dans l'hypothèse où le fournisseur de dernier ressort alimente le ménage en électricité et en gaz, l'article 25undecies, alinéa 2 s'applique à celui-ci. Cette interdiction de coupure d'un ménage concerne les demandes de coupure sur autorisation du juge de paix et les demandes de coupure d'un point de prélèvement pour lequel le contrat arrive à terme durant la période hivernale. Cette interdiction de coupure ne concerne pas les coupures pour raisons de sécurité. Lorsque le motif de la demande de coupure d'un point de prélèvement est l'échéance du contrat durant la période hivernale, la demande de coupure est exécutée à l'expiration de la période hivernale, sauf si le ménage dispose d'un nouveau contrat de fourniture portant sur le point de prélèvement concerné.]3
  [3 ...]3
   Le Gouvernement peut, après avis de Brugel, arrêter les modalités et conditions complémentaires relatives aux fournitures hivernales du présent paragraphe. Il peut exceptionnellement prolonger la période hivernale au-delà du 31 mars si le climat l'exige [3 ou dans un cas de force majeure]3.
   § 7. - Le fournisseur et le fournisseur de dernier ressort se communiquent réciproquement et semestriellement l'état de suivi du plan d'apurement.
   § 8. - Si le client protégé a toutefois constitué des dettes à l'égard du fournisseur de dernier ressort, celui-ci peut recouvrer ses créances par toute voie de droit.
  [3 Si le client protégé ne respecte pas son plan d'apurement vis-à-vis de son fournisseur tout en payant ses fournitures au fournisseur de dernier ressort, le fournisseur de dernier ressort rappelle au ménage la nécessité de respecter son plan d'apurement pour conserver son statut de client protégé et en informe le C.P.A.S.]3
   Si le client protégé reste en défaut de paiement vis-à-vis du fournisseur de dernier ressort, après que celui-ci l'a mis en demeure, ce fournisseur transmet au C.P.A.S. de la commune du point de fourniture, le nom et l'adresse du client protégé. Si au plus tard soixante jours après la transmission du nom du client protégé au C.P.A.S., ce dernier n'a pas fait savoir au fournisseur de dernier ressort que ce client bénéficie d'une aide sociale par le C.P.A.S. ou n'a pas transmis au fournisseur de dernier ressort une proposition de plan d'apurement pour toutes les dettes vis-à-vis du fournisseur de dernier ressort, contresignée pour accord par le client, le fournisseur de dernier ressort peut demander devant le juge de paix la résolution du contrat de fourniture de dernier ressort avec preuve du respect de la procédure prévue. De même, le fournisseur de dernier ressort peut demander la résolution du contrat de fourniture de dernier ressort en cas de non-respect du plan d'apurement évoqué ci-dessus. La résolution du contrat de fourniture de dernier ressort entraîne de plein droit la résolution du contrat avec le fournisseur initial. Le Gouvernement peut préciser les modalités de ces procédures.]1

  [3 § 9. Dans l'hypothèse où l'alimentation d'un ménage fait défaut ou dans l'hypothèse où le ménage a des dettes auprès d'au moins deux fournisseurs, le C.P.A.S. peut, après enquête sociale, imposer au fournisseur de dernier ressort une fourniture garantie à charge du ménage pour une durée déterminée de douze mois.
   Le fournisseur de dernier ressort peut refuser la fourniture garantie dans l'hypothèse où le ménage a une dette de 300 euros ou plus auprès du fournisseur de dernier ressort et qu'aucun plan d'apurement raisonnable n'est conclu pour cette dette.
   La fourniture garantie prend fin à l'expiration d'un délai de douze mois à compter du premier jour de la fourniture garantie par le fournisseur de dernier ressort, sauf si elle a pris fin préalablement à la demande du ménage ou si le ménage a conclu un contrat de fourniture portant sur le point de prélèvement concerné.
   Le C.P.A.S. peut, après enquête sociale, renouveler pour une nouvelle durée déterminée de douze mois la fourniture garantie.
   A l'échéance du délai de douze mois et en l'absence de contrat de fourniture pour le point de prélèvement concerné ou de renouvellement du droit à la fourniture garantie, le gestionnaire du réseau de distribution procède à la coupure du point de prélèvement concerné. La coupure d'un ménage en vertu du présent paragraphe ne peut intervenir pendant la période hivernale conformément au paragraphe 6.
   Au plus tard quatre mois avant la fin de l'expiration du délai de douze mois, le fournisseur de dernier ressort envoie au ménage bénéficiant de la fourniture garantie une lettre pour :
   1° lui rappeler la date d'échéance de son droit à la fourniture garantie ;
   2° l'inviter à conclure un contrat de fourniture sortant ses effets au plus tard à l'échéance de son droit à la fourniture garantie ;
   3° lui rappeler la possibilité de renouveler son droit à la fourniture garantie et l'inviter à s'adresser au C.P.A.S. de sa commune de résidence s'il souhaite demander ce renouvellement ;
   4° lui rappeler qu'à l'échéance de son droit à la fourniture garantie, en l'absence de contrat de fourniture ou de renouvellement du droit à la fourniture garantie, il sera procédé à la coupure du point de prélèvement concerné.
   Cette notification se fait par lettre recommandée.
   Si le ménage bénéficiant de la fourniture garantie a constitué des dettes à l'égard du fournisseur de dernier ressort, celui-ci peut recouvrer ses créances par toute voie de droit.
   Une évaluation qualitative et quantitative de la mise en oeuvre du présent paragraphe est communiquée au Parlement de la Région de Bruxelles-Capitale par le Gouvernement, sur proposition du Ministre, au plus tard en janvier 2025. Cette évaluation comprend au minimum les éléments suivants : le nombre de ménage bénéficiant d'une fourniture garantie et le coût que représente la mise en oeuvre de ce paragraphe.]3

  
Art. 25novies. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 47; Inwerkingtreding : 01-01-2007> Om aan de afnemers begrijpelijke en onderling vergelijkbare voorstellen te doen, vermeldt de leverancier, ongeacht zijn prijzen en tarieven, in zijn voorstel, duidelijk en afzonderlijk, de eenheidsprijs en de gemiddelde prijs van elke gefactureerde kWh volgens de verkochte hoeveelheden en per tariefcategorie, de periodieke forfaits, de retributies, indexatieformules, de belastingen, de abonnementen en de prijzen van eventuele andere diensten.
  Op voorstel van [1 Brugel]1, stelt de Regering de minimumnormen vast waaraan de documenten van voorstellen van contract en de facturatiedocumenten moeten voldoen.
  
Art. 25novies. Pour faciliter la compréhension et la comparaison des offres, quels que soient ses prix et tarifs, le fournisseur indique clairement et séparément dans son offre, le prix unitaire et le prix moyen de chaque kWh facturé selon les quantités vendues et par catégorie tarifaire, les forfaits périodiques, redevances, formules d'indexation, taxes, abonnements et prix des autres services éventuels.
  Sur proposition de [1 Brugel]1, le Gouvernement fixe les normes minimales que doivent respecter les documents de proposition de contrat et de facturation.
  
Art. 25decies. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 47; Inwerkingtreding : 01-01-2007> In geval van verhuizing binnen het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest [2 ...]2, zal de leverancier ervoor zorgen, voor zover dit technisch mogelijk is, dat de gezinnen kunnen genieten van hetzij, hetzelfde contract, hetzij dezelfde contractuele voorwaarden en tariefvoorwaarden als die waarvan zij tot dusver genoten, en dit tot het verstrijken van het lopende contract.
  [1 In geval van verhuis en bij afwezigheid van afsluiting van de meter wordt een tegensprekelijk opname van de meterstand uitgevoerd door de oude en de nieuwe bewoner of door de oude bewoner en de eigenaar van het goed dat beleverd wordt. Hiertoe wordt een verhuisformulier opgesteld en door Brugel aangeboden op haar website. Bij ontstentenis van een tegensprekelijke opname die wordt overgemaakt aan de distributienetbeheerder [2 , per aangetekende brief of elektronisch,]2 of van opname die aan deze werd gevraagd door een leverancier, heeft [2 houdt de netbeheerder rekening met de stand die bezorgd wordt [3 door de oude of de nieuwe bewoner aan de hand van een foto van de meter genomen op de dag van zijn vertrek of op de dag dat hij op de plaats aankomt,]3]2 de schatting van de effectieve stand die werd uitgevoerd door de distributienetbeheerder bewijskracht tot het tegendeel bewezen is.]1
  
Art. 25decies. En cas de déménagement au sein du territoire de la Région de Bruxelles-Capitale [2 ...]2, le fournisseur assure, lorsque c'est techniquement possible, que les ménages puissent bénéficier soit du même contrat, soit des mêmes conditions contractuelles et tarifaires dont ils bénéficiaient jusqu'alors, et ce jusqu'à l'expiration du contrat en cours.
  [1 En cas de déménagement et en l'absence de fermeture du compteur, un relevé contradictoire des index du compteur est effectué entre l'ancien et le nouvel occupant, ou entre l'ancien occupant et le propriétaire du bien alimenté. Un formulaire de déménagement est établi à cette fin et mis à disposition par Brugel sur son site Internet. A défaut de relevé contradictoire transmis au gestionnaire du réseau de distribution [2 , par lettre recommandée ou voie électronique,]2 ou de relevé demandé à celui-ci par un fournisseur, [2 le gestionnaire du réseau prend en considération l'index fourni [3 par l'ancien ou le nouvel occupant à partir d'une photographie du compteur le jour de son départ ou de son arrivée sur les lieux,]3]2 l'estimation des index effectuée par le gestionnaire du réseau de distribution fait foi jusqu'à preuve du contraire.]1
  
Art. 25undecies. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 47; Inwerkingtreding : 01-01-2007> Het systeem inzake bescherming [3 van artikelen 25sexies tot en met 25octies]3 [2 evenals de contactgegevens van het Informatiecentrum voor gas- en elektriciteitsconsumenten van artikel 33bis worden vermeld op iedere factuur,]2 herinnering tot betaling of ingebrekestelling van een factuur [3 ...]3. [2 Deze documenten omvatten ook een exacte en gedetailleerde afrekening van alle van de verbruiker geëiste bedragen, volgens een door Brugel vastgelegd model, inclusief de forfaitaire bedragen geëist bij wijze van kosten voor de herinnering en de ingebrekestelling, in uitvoering van artikel 25sexies, § 2.]2
  De elektriciteitsfacturatie mag niet worden verward met de gasfacturatie. [1 Nochtans mag de elektriciteits- en gasleverancier één enkele factuur verzenden voor de twee soorten energie, waarbij in detail het verbruik wordt vermeld in monetaire eenheden en in energetische eenheden van de twee soorten geleverde energie.]1
  [2 De Regering kan de regels hiervoor bepalen.]2
  
Art. 25undecies. Le système de protection [3 des articles 25sexies à 25octies]3 [2 ainsi que les coordonnées du centre d'information aux consommateurs de gaz et d'électricité de l'article 33bis sont rappelés sur chaque facture,]2 rappel de paiement ou mise en demeure d'une facture [3 ...]3. [2 Ces documents comprennent également un décompte précis et détaillé de tous les montants qui sont réclamés au consommateur selon un canevas fixé par Brugel, en ce compris les montants forfaitaires réclamés à titre de frais de rappel et de mise en demeure, en exécution de l'article 25sexies, § 2.]2
  La facturation de l'électricité ne peut être confondue avec la facturation du gaz. [1 Néanmoins, le fournisseur d'électricité et de gaz peut envoyer une facture unique reprenant les deux énergies, tout en mentionnant en détail la consommation en unités monétaires et en unités énergétiques des deux énergies fournies.]1
  Le Gouvernement peut fixer les modalités relatives à [2 ces dispositions]2.
  
Art. 25duodecies. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 47; Inwerkingtreding : 01-01-2007> [1 Zonder dat zij op geen enkele wijze mogen discrimineren en met name discriminatie inzake kost, investering en tijd, zien de leveranciers en de tussenpersonen erop toe dat :
   1° [2 wanneer hun eindafnemers individueel of collectief van leverancier wensen te veranderen, met inachtneming van de contractuele voorwaarden, deze wissel gebeurt binnen een termijn van maximaal drie weken te rekenen vanaf de datum van de vraag van de eindafnemer. Uiterlijk op 1 januari 2026 moet de technische procedure voor het veranderen van leverancier voor elke eindafnemer met een slimme meter binnen 24 uur worden uitgevoerd op elke werkdag ;]2
   2° aan hun eindafnemers alle relevante gegevens verstrekt worden betreffende hun verbruik, evenals het geheel van de persoonlijke gegevens in hun dossiers.
   Bovendien, zien de leveranciers en de tussenpersonen erop toe dat een hoog beschermingsniveau aan hun afnemers wordt verzekerd, met name wat de transparantie van de [2 contractuele voorwaarden]2, de algemene informatie en de mechanismen voor de beslechting van geschillen betreft.]1

  [2 ...]2
  
Art. 25duodecies. [1 Sans qu'ils puissent discriminer de quelque façon et notamment discrimination en matière de coût, d'investissement et de temps, les fournisseurs et intermédiaires veillent à :
   1° [2 lorsque les clients finals souhaitent changer de fournisseur, individuellement ou collectivement, dans le respect des conditions contractuelles, effectuer ce changement dans un délai de maximum trois semaines à compter de la date de la demande du client final. Au plus tard pour le 1er janvier 2026, la procédure technique de changement de fournisseur pour tout client final équipé d'un compteur intelligent est effectuée en vingt-quatre heures et peut être réalisée n'importe quel jour ouvrable ;]2
   2° fournir à leurs clients finals toutes les données pertinentes concernant leurs consommations, ainsi que l'ensemble des données personnelles dans leurs dossiers.
   De plus, les fournisseurs et intermédiaires veillent à garantir un niveau élevé de protection à leurs clients, notamment en ce qui concerne la transparence des [2 conditions contractuelles]2, l'information générale et les mécanismes de règlement des litiges.]1

  [2 ...]2
  
Art. 25tredecies. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 47; Inwerkingtreding : 01-01-2007> De sociale bescherming voorzien door [1 de federale wetgeving inzake tarieven voor beschermde afnemers]1 wordt uitgebreid tot de afnemers die worden bevoorraad door de [1 noodleverancier]1 krachtens deze ordonnantie.
  
Art. 25tredecies. La protection sociale prévue par [1 la législation fédérale en matière tarifaire pour les clients protégés]1 est étendue aux clients fournis par le [1 fournisseur de dernier ressort ]1 en vertu de la présente ordonnance.
  
Art. 25quattuordecies. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 47; Inwerkingtreding : 01-01-2007> § 1. [2 Onder voorbehoud van een federale norm die gunstiger is voor de verbruiker, met name in de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming, en het kaderakkoord van 16 september 2004, bijgewerkt op 11 juni 2008, betreffende de consument in de geliberaliseerde gas- en elektriciteitsmarkt, hebben de nadere regels inzake de voorlichting van de eindgebruikers door de leveranciers tot doel dat de afnemers :
   1° recht hebben op een contract met hun elektriciteitsleverancier waarin zijn opgenomen :
   a) de identiteit en het adres van de leverancier;
   b) de geleverde diensten, de aangeboden kwaliteitsniveaus van de diensten en de benodigde tijd voor de eerste aansluiting;
   c) de aangeboden soorten onderhoudsdiensten;
   d) de wijze waarop de meest recente informatie over alle geldende tarieven [6 , gebundelde producten of diensten]6 en onderhoudskosten kan worden verkregen;
   e) [6 de duur van het contract, de voorwaarden voor verlenging en beëindiging van het contract en onderbreking van de diensten, met inbegrip van producten of diensten die met deze diensten gebundeld zijn en of kosteloze opzegging van het contract toegestaan is ;]6
   f) alle vergoedingen en terugbetalingsregelingen die gelden indien de contractuele kwaliteitsniveaus van de diensten niet worden gehaald, met inbegrip van onnauwkeurige [6 of te late]6 facturering;
   g) de methode voor het beginnen van [6 buitengerechtelijke]6 procedures voor de beslechting van geschillen;
   h) informatie over consumentenrechten, met inbegrip van klachtenbehandeling en de in dit punt bedoelde informatie, [4 de contactgegevens (met name het internetadres) van onafhankelijke adviesinstellingen voor de consumenten, van energie-agentschappen of van gelijkaardige instellingen bij wie ze advies kunnen inwinnen over de bestaande maatregelen inzake energie-efficiëntie, de referentieprofielen die met hun energieverbruik overeenstemmen en de technische specificaties van energieapparaten die het verbruik kunnen verminderen,]4 welke duidelijk wordt meegedeeld door middel van de facturen of via de websites van het elektriciteitsbedrijf.
   De contractuele voorwaarden zijn eerlijk en vooraf bekend. In ieder geval wordt deze informatie voorafgaand aan de ondertekening of bevestiging van het contract verstrekt. Indien contracten door middel van tussenpersonen worden gesloten, wordt bovengenoemde informatie eveneens voorafgaand aan de ondertekening van het contract verstrekt;
  [6 De eindafnemers krijgen een goed zichtbare, beknopte en duidelijke samenvatting van de voornaamste contractuele voorwaarden ;]6
   2° [6 tijdig in kennis worden gesteld van ieder voornemen de contractuele voorwaarden te wijzigen en op de hoogte worden gesteld van hun recht het contract op te zeggen wanneer zij van een dergelijk voornemen in kennis worden gesteld. De leveranciers brengen hun eindafnemers op een transparante en begrijpelijke manier op de hoogte van aanpassingen van de leveringsprijs en van de redenen, de voorafgaande omstandigheden en de reikwijdte van deze aanpassingen, en doen dit tijdig en ten laatste twee weken voor de aanpassing van kracht wordt of, voor huishoudelijke afnemers, ten laatste een maand voor de aanpassing van kracht wordt. Het staat de eindafnemers vrij om een contract op te zeggen indien zij de hun door de elektriciteitsleverancier meegedeelde nieuwe contractuele voorwaarden of aanpassingen van de leveringsprijs niet aanvaarden ;]6
   3° transparante informatie ontvangen over de geldende prijzen en tarieven, waaronder de sociale tarieven, en over de algemene voorwaarden met betrekking tot de toegang tot en het gebruik van elektriciteitsdiensten [4 , op verzoek van de afnemers worden hen tijdig informatie en schattingen met betrekking tot de energiekosten verstrekt in een bevattelijke vorm die hen toelaat aanbiedingen op basis van gelijke criteria te vergelijken]4 ;
   4° [6 een ruime keuze van betalingswijzen wordt aangeboden, die geen enkele categorie eindafnemers ongegrond discrimineert. Systemen voor vooruitbetaling zijn billijk en vormen een goede afspiegeling van het vermoedelijke maandelijkse verbruik. Ieder verschil in de tarifering van betalingswijzen of systemen voor vooruitbetaling is objectief, niet-discriminerend en evenredig en mag niet meer bedragen dan de rechtstreekse kosten die de begunstigde maakt voor het gebruik van een specifieke betalingswijze of een specifiek systeem voor voorafbetaling. Huishoudelijke afnemers die gebruik maken van systemen voor vooruitbetaling, worden niet benadeeld door deze systemen voor vooruitbetaling ;]6
   5° geen kosten in rekening worden gebracht indien zij van leverancier veranderen;
   [6 ...]6
   [6 ]6 naar behoren worden geïnformeerd, [6 door middel van de factuur of op enige andere wijze]6 [4 , met name via elektronische weg,]4 over hun daadwerkelijk elektriciteitsverbruik en de kosten daarvan, zulks voldoende frequent, minstens eenmaal in een periode van 12 maanden, om hen in staat te stellen hun eigen elektriciteitsverbruik te regelen [6 en als de eindafnemer uitgerust is met een slimme meter, minstens 1 keer per maand]6. Voor de verstrekking van de informatie wordt een voldoende ruime termijn ingesteld, waarbij rekening wordt gehouden met de capaciteit van de meetapparatuur van de afnemer, met het elektriciteitsproduct in kwestie en met de kostenefficiëntie van deze maatregelen. Voor deze dienst mogen de verbruiker geen extra kosten worden aangerekend, het omvat niet het recht om een gratis aanpassing van de meterinrichting of van de periodiciteit van de meteropname te eisen. [4 De leverancier informeert de afnemer proactief over zijn recht om, één keer per trimester een meteropname aan zijn leverancier mee te delen met het oog op het kosteloos verkrijgen van precieze informatie over de facturatie en de actuele energiekost. [6 De eindafnemer kan zijn meterstand ofwel rechtstreeks opnemen, ofwel onrechtstreeks via een hiervoor geschikte interface.]6 Slechts een opname die gevalideerd werd door de distributienetbeheerder is geldig voor iedere facturatie, zelfs als de eindafnemer uitgerust is met [6 ...]6]4 [5 een slimme meter]5. [6 De informatie over het werkelijke elektriciteitsverbruik omvat een vergelijking van het huidige elektriciteitsverbruik van de eindafnemer met zijn verbruik in dezelfde periode van het voorgaande jaar, in grafische vorm, evenals een vergelijking met het gemiddelde en mediaanverbruik van een eindafnemer die tot dezelfde gebruikerscategorie behoort en de norm of referentie vormt. De Regering kan aanvullende modaliteiten met betrekking tot de periodiciteit en de inhoud van de informatie en facturatie vastleggen;]6
   [6 ]6 na iedere verandering van elektriciteitsleverancier ten laatste [6 maximaal]6 zes weken nadat deze leverancier hiervan in kennis is gesteld een definitieve afsluitingsrekening ontvangen. De nadere regels met betrekking tot de informatie van de eindafnemers door de distributienetbeheerders, de gewestelijke transmissienetbeheerders en de leveranciers, en in het bijzonder betreffende de incidenten en stopzettingen van levering, evenals de nadere regels betreffende het klachtenbeheer, worden vastgelegd door Brugel;]2

  [6 8° eerlijke en transparante algemene voorwaarden krijgen, die opgesteld zijn in duidelijke en begrijpelijke taal en die geen niet-contractuele belemmeringen bevatten voor het uitoefenen van de rechten van eindafnemers, zoals overdreven contractuele documentatie. Eindafnemers worden beschermd tegen oneerlijke of misleidende verkoopmethoden.]6
  § 2. Onverminderd § 1, behalve indien kan worden aangetoond dat het om een noodsituatie of een situatie met verschillende incidenten gaat, informeren de distributienetbeheerders en de gewestelijke transmissienetbeheerders de gebruikers van het midden- en hoogspanningsnet, evenals hun evenwichtsverantwoordelijke, minimum tien werkdagen van tevoren over het begin en de vermoedelijke duur van de onderbreking. Deze termijn wordt herleid tot vijf werkdagen indien het gaat om de regularisering van een voorlopige herstelling. De evenwichtsverantwoordelijke informeert de leverancier in voorkomend geval.
  § 3. Naast de onder § 2 voorziene informatie maken de transmissienetbeheerder, de distributienetbeheerder en de gewestelijke transmissienetbeheerder binnen de 24 uur de lijst, de duur en de oorzaken bekend op hun website van de geplande of incidentele onderbrekingen die hebben plaatsgevonden op het midden- en hoogspanningsnet. Deze informatie wordt eveneens meegedeeld aan [1 Brugel]1.
  § 4. [2 De leveranciers en de netbeheerders stellen een efficiënte klachtenbehandelingdienst ter beschikking van hun respectieve afnemers waarbij de afnemers genieten van transparante, eenvoudige en gratis procedures. Deze dienst bevestigt de ontvangst van iedere klacht binnen een termijn van vijf werkdagen en verstrekt een met redenen omkleed antwoord binnen twintig werkdagen vanaf de datum van ontvangstbevestiging.
   Deze procedure van buitengerechtelijke geschillenbeslechting laat een billijke en snelle regeling van de geschillen toe binnen een termijn van twee maanden, die wordt aangevuld met, waar dat gerechtvaardigd is, een systeem van terugbetaling en/of vergoeding. Brugel bepaalt de straffen die in geval van niet-naleving van deze verplichting worden opgelopen en kan de modaliteiten bepalen die met betrekking tot de doeltreffendheid van de dienst worden verwacht.]2

  § 5. [5 ...]5
  
Art. 25quattuordecies. § 1er. [2 Sous réserve d'une norme fédérale plus favorable au consommateur, [6 ...]6 les modalités relatives à l'information des clients finals par les fournisseurs ont pour objet de faire en sorte que les clients :
   1° aient droit à un contrat conclu avec leur fournisseur d'électricité précisant :
   a) l'identité et l'adresse du fournisseur;
   b) le service fourni, les niveaux de qualité du service offert, ainsi que le délai nécessaire au raccordement initial;
   c) les types de services de maintenance offerts;
   d) les moyens par lesquels des informations actualisées sur l'ensemble des tarifs applicables [6 , des produits ou services groupés]6 et des redevances de maintenance peuvent être obtenues;
   e) [6 la durée du contrat, les conditions de renouvellement et de résiliation du contrat et d'interruption des services, y compris des produits ou services qui sont groupés avec ces services, et l'existence d'une clause de résiliation sans frais ;]6
   f) les compensations et les formules de remboursement éventuellement applicables dans le cas où les niveaux de qualité des services prévus dans le contrat ne sont pas atteints, y compris une facturation inexacte [6 ou retardée]6;
   g) les modalités de lancement des procédures [6 extrajudiciaires]6 pour le règlement des litiges;
   h) la communication de façon claire, sur les factures ou sur le site web du fournisseur d'électricité, d'informations concernant les droits des consommateurs, notamment les modalités de traitement de leurs plaintes et toutes les informations visées au présent point [4 , les coordonnées de contact (notamment l'adresse Internet) d'organismes indépendants de conseil aux consommateurs, d'agences de l'énergie ou d'organismes similaires auprès desquels ils peuvent obtenir des conseils sur les mesures existantes en matière d'efficacité énergétique, sur les profils de référence correspondant à leur consommation d'énergie et sur les spécifications techniques d'appareils consommateurs d'énergie qui peuvent permettre d'en réduire la consommation]4 .
   Les conditions des contrats sont équitables et communiquées à l'avance. En tout état de cause, ces informations sont fournies avant la conclusion ou la confirmation du contrat. Lorsque le contrat est conclu par un intermédiaire, les informations relatives aux éléments visés au présent point sont également communiquées avant que le contrat soit conclu;
  [6 Les clients finals reçoivent une synthèse des principales conditions contractuelles de manière bien visible, et dans un langage simple et concis ;]6
   2° [6 soient avertis en temps utile de toute intention de modifier les conditions contractuelles et soient informés qu'ils ont le droit de résilier le contrat au moment où ils sont avisés de l'intention de le modifier. Les fournisseurs avisent directement leurs clients finals, de manière transparente et compréhensible, de tout ajustement du prix de fourniture ainsi que des raisons, des conditions préalables et de la portée de cet ajustement, en temps utile et au plus tard deux semaines avant que l'ajustement ne prenne effet ou, en ce qui concerne les clients résidentiels, au plus tard un mois avant que l'ajustement ne prenne effet. Les clients finals sont libres de résilier un contrat s'ils n'en acceptent pas les nouvelles conditions contractuelles ou les ajustements du prix de fourniture qui leur sont notifiés par leur fournisseur d'électricité ;]6
   3° reçoivent des informations transparentes relatives aux prix et aux tarifs pratiqués, dont les tarifs sociaux, ainsi qu'aux conditions générales applicables, en ce qui concerne l'accès aux services d'électricité et à l'utilisation de ces services [4 à la demande des consommateurs, des informations et des estimations concernant les coûts énergétiques leur sont fournies en temps utile, sous une forme aisément compréhensible de telle manière qu'ils puissent comparer les offres sur une base équivalente;]4
   4° [6 disposent d'un large choix de modes de paiement, qui n'opèrent pas de discrimination entre clients finals. Les systèmes de paiement par provision sont équitables et reflètent de manière appropriée la consommation mensuelle probable. Toute différence dans la tarification des modes de paiement ou des systèmes de paiement par provision est objective, non discriminatoire et proportionnée et ne dépasse pas les coûts directs supportés par le bénéficiaire pour l'utilisation d'un mode de paiement ou d'un système de paiement par provision spécifique. Les clients résidentiels qui ont recours aux systèmes de paiement par provision ne sont pas désavantagés par ces systèmes de paiement par provision ;]6
   5° n'aient rien à payer lorsqu'ils changent de fournisseur;
   [6 6° ...]6
   [6 ]6 soient dûment informés [6 par le biais de la facture ou par tout autre moyen]6 [4 , notamment par voie électronique,]4 de la consommation réelle d'électricité et des coûts s'y rapportant, à une fréquence suffisante, au moins une fois dans une période de 12 mois, pour leur permettre de réguler leur propre consommation d'électricité [6 et lorsque le client final est équipé d'un compteur intelligent, au moins une fois par mois]6. Cette information est fournie à des intervalles appropriés, compte tenu de la capacité du compteur du client, du produit électrique en question et du rapport coût-efficacité de telles mesures. Ce service ne donne lieu à aucun surcoût pour le consommateur, il ne comprend pas le droit d'exiger une modification gratuite de l'équipement de comptage ou de la périodicité de relevé. [4 Le fournisseur informe de manière proactive le client final de son droit de lui communiquer, une fois par trimestre, un relevé d'index en vue d'obtenir sans frais des informations précises sur la facturation et les coûts actuels de l'énergie. [6 Le client final peut relever son index soit directement, soit indirectement par l'intermédiaire d'une interface appropriée.]6 Seul un relevé validé par le gestionnaire du réseau de distribution est valide pour toute facturation, même lorsque le client final est équipé [6 ...]6]4 [5 d'un compteur intelligent]5. [6 L'information sur la consommation réelle d'électricité comprend une comparaison de la consommation d'électricité actuelle du client final avec sa consommation pour la même période au cours de l'année précédente, sous forme graphique ainsi qu'une comparaison avec les consommations moyennes et médianes d'un client final appartenant à la même catégorie d'utilisateurs et constituant la norme ou la référence. Le Gouvernement peut fixer des modalités complémentaires en matière de périodicité et de contenu des informations et de facturation;]6
   [6 ]6 reçoivent, à la suite de tout changement de fournisseur d'électricité, un décompte final de clôture, dans un délai [6 maximal]6 de six semaines après que ce changement a eu lieu. Les modalités relatives à l'information des clients par les gestionnaires du réseau de distribution, de transport régional et les fournisseurs, en particulier sur les incidents, les arrêts de fourniture et les modalités relatives à la gestion des plaintes, sont fixées par Brugel;]2

  [6 8° bénéficient de conditions générales équitables et transparentes, qui sont formulées dans un langage clair et compréhensible et ne constituent pas d'obstacles non contractuels à l'exercice par les clients finals de leurs droits, par exemple par un excès de documentation sur le contrat. Les clients finals sont protégés des méthodes de vente déloyales ou trompeuses.]6
  § 2. Sans préjudice du § 1er, sauf s'ils justifient une situation d'urgence ou une situation d'incidents multiples, les gestionnaires du réseau de distribution et de transport régional informent les utilisateurs du réseau en moyenne et haute tension, ainsi que leur responsable d'équilibre, au minimum dix jours ouvrables à l'avance, du début de l'interruption et de la durée probable de l'interruption. Ce délai est ramené à cinq jours ouvrables s'il s'agit de la régularisation d'une réparation provisoire. Le responsable d'équilibre informe le fournisseur le cas échéant.
  § 3. En plus des informations prévues au § 2, les gestionnaires du réseau de transport, de distribution et de transport régional publient sur leur site Internet la liste, la durée et les causes des interruptions planifiées ou accidentelles qui ont eu lieu sur le réseau en moyenne et haute tension, endéans les 24 heures. Ces éléments d'information sont également notifiés à [1 Brugel]1.
  § 4. [2 Les fournisseurs et les gestionnaires de réseaux mettent à disposition de leurs clients respectifs un service de traitement des plaintes efficace dans lequel les clients bénéficient de procédures transparentes, simples et gratuites. Ce service accuse réception de chaque plainte dans un délai de cinq jours ouvrables et y répond de manière motivée endéans les vingt jours ouvrables à dater de l'accusé de réception.
   Ces procédures de règlement extrajudiciaire des litiges permettent un règlement équitable et rapide des litiges, dans un délai de deux mois, assorti, lorsque cela se justifie, d'un système de remboursement et/ou de compensation. Brugel fixe les pénalités encourues en cas de non-respect de cette obligation et peut préciser les modalités attendues en termes d'efficacité du service.]2

  § 5. [5 ...]5
  
Art. 25quindecies. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 47; Inwerkingtreding : 01-01-2007> Ten aanzien van de professionele afnemers die minder dan 5 personen in dienst hebben en die aan het distributie- of lokale transmissienet verbonden zijn, is de leverancier verplicht om een herinneringsbrief en een aanmaningsbrief te versturen en om daarna een aanzuiveringplan te onderhandelen voordat hij zijn leveringscontract kan verbreken.
Art. 25quindecies. A l'égard des clients professionnels qui emploient moins de 5 personnes et qui sont raccordés au réseau de distribution ou de transport régional, le fournisseur est tenu d'envoyer un rappel, une lettre de mise en demeure et de négocier ensuite un plan d'apurement avant de pouvoir résilier son contrat de fourniture.
Art. 25sexiesdecies. [1 § 1. De Regering kan de leveranciers, bij wijze van openbaredienstverplichting, verplichten de doelstellingen en de prestatie-indicatoren met betrekking tot hun prestaties na te leven, in functie van het aantal door hen beleverde afnemers, op basis van een voorstel dat door Brugel wordt geformuleerd na overleg met de leveranciers. Brugel controleert of deze doelstellingen worden nagekomen en publiceert elk jaar op zijn website de respectievelijke prestaties van elke leverancier ten opzichte van deze doelstellingen.]1
   [1 § 2.]1 De Regering kan andere modaliteiten van verplichtingen van openbare dienst bepalen voor wat betreft de regelmatigheid, de kwaliteit en de facturatie van de leveringen.
  
Art. 25sexiesdecies. [1 § 1er. Le Gouvernement peut imposer aux fournisseurs, à titre d'obligation de service public, le respect d'objectifs et la communication d'indicateurs de performance relatifs à leurs prestations, en fonction du nombre de clients fournis par ceux-ci, sur la base d'une proposition formulée par Brugel après concertation avec les fournisseurs. Brugel contrôle le respect de ces objectifs et publie annuellement sur son site internet les performances respectives de chaque fournisseur au regard de ceux-ci.]1
  [1 § 2.]1 Le Gouvernement peut fixer d'autres modalités d'obligations de service public en matiere de régularité, qualité et facturation des fournitures.
  
Art. 25septiesdecies.   (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)">Opgeheven art. 38 van 20 JULI 2011. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen. (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)
Art. 25septiesdecies.   (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)">Abrogé art. 38 van 20 JULI 2011. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen. (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)
Art. 25octiesdecies. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 47; Inwerkingtreding : 01-01-2007> De opdrachten toevertrouwd aan de O.C.M.W.'s door en krachtens deze ordonnantie moeten worden opgevat en worden uitgevoerd onverminderd artikel 109 van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en met uitsluiting van elke vorm van administratief toezicht op de beslissingen inzake toekenning van individuele hulp en terugvordering..
Art. 25octiesdecies. Les missions attribuées aux C.P.A.S. par et en vertu de la présente ordonnance s'entendent et s'exercent sans préjudice de l'article 109 de la loi du 8 juillet 1976 organique des centres publics d'action sociale et à l'exclusion de toute forme de tutelle administrative sur les décisions d'octroi d'aide individuelle et de récupération. ".
Art. 25noviesdecies. [1 In geval van faillissement of van intrekking van de leveringsvergunning van een leverancier, zal de levering van de eindafnemers door de standaardleverancier worden verzekerd aan de voorwaarden van de standaardlevering voor een maximale duur van een jaar.]1
  
Art. 25noviesdecies. [1 En cas de faillite ou de retrait de l'autorisation de fourniture d'un fournisseur, l'alimentation des clients finals sera assurée par le fournisseur par défaut aux conditions de la fourniture par défaut pour une durée maximale d'un an.]1
  
Art.26. § 1. Het bezit van een leveringsvergunning afgeleverd op grond van artikel 21, geeft aanleiding tot de inning van een (maandelijkse) bijdrage betaalbaar door natuurlijke en rechtspersonen die de vergunning hebben verkregen, hierna schuldenaars genoemd. <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004>
  (§ 2.) De bijdrage is verschuldigd op (de 1ste dag van elke maand). Zij is betaalbaar tegen (de vijftiende van de volgende maand). <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004>
  (De bijdrageplichtige zal ontheven worden van de bijdrage voor het vermogen dat ter beschikking wordt gehouden van de afnemers voor hun spoorweg-, tram- of metronet.) <ORD 2006-12-14/45, art. 48, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  (§ 3.) De bijdrage wordt berekend op basis van het vermogen dat (...) ter beschikking van de in aanmerking komende eindafnemers wordt gehouden (...), door middel van netten, aansluitingen en directe lijnen van 70 kV of minder, op verbruikslocaties die zich bevinden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004>
  (Voor de hoogspanningsafnemers is het ter beschikking gestelde vermogen het aansluitingsvermogen. Dit is gelijk aan het maximale vermogen, in kVA uitgedrukt, dat ter beschikking wordt gesteld volgens het aansluitingscontract. Bij gebrek aan aansluitingscontract of wanneer het afgenomen vermogen overschreden wordt in verhouding tot het maximale vermogen dat volgens het aansluitingscontract ter beschikking wordt gesteld, dan is het aansluitingsvermogen gelijk aan het maximale vermogen, in kVA uitgedrukt, dat wordt afgenomen tijdens de zesendertig voorafgaande maanden, vermenigvuldigd met een factor 1,2.) <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004>
  Voor de [1 laagspanningsafnemers]1 is het ter beschikking gehouden vermogen het vermogen van hun meter gedeeld door elf. Bij deze ordonnantie wordt een tabel gevoegd met telkens de corresponderende nominale intensiteiten voor weerstand en vermogen.
  (Het vermogen dat voor de berekening van het bedrag van de bijdrage in aanmerking wordt genomen wordt echter begrensd tot 5 MVa per [1 maand ]1.) <ORD 2006-12-14/45, art. 49, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  (§ 4.) (Het maandelijks te innen recht wordt vastgelegd op 0,67 euro per kVa voor de hoogspanning.
  Voor de laagspanning wordt het vastgelegd volgens het volgende barema :
  1° ter beschikking gesteld vermogen kleiner dan of gelijk aan 1,44 kVa : 0,00 euro;
  2° ter beschikking gesteld vermogen tussen :
  1,44 en 6,00 kVa : 0,60 euro
  6,01 en 9,60 kVa : 0,96 euro
  (9,61 en 13,00 kVa : 1,20 euro;
  13,01 en 18,00 kVa : 1,80 euro;
  18,01 en 36,00 kVa : 2,40 euro) <ORD 2006-12-14/45, art. 50, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  36,01 en 56,00 kVa : 4,80 euro
  56,01 en 100,00 kVa : 7,80 euro.) <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004>
  [6 Bovenstaande bedragen worden jaarlijks aangepast aan de consumptieprijsindex. De herziening gebeurt een keer per jaar, op 1 januari van het jaar in de loop waarvan het recht verschuldigd is, volgens de volgende formule :
   Het basisbedrag van het recht wordt vermenigvuldigd met een coëfficiënt verkregen door de consumptieprijsindex van de maand juli van het jaar voorafgaand aan 1 januari van het jaar in de loop waarvan het recht verschuldigd werd te delen door het gemiddelde van de consumptieprijsindexen van het jaar 2001.]6

  (§ 5.) De Regering bepaalt de uitvoeringsmaatregelen van dit artikel. Zij kan namelijk de distributienetbeheerder, de gewestelijke transmissienetbeheerder en de gebruikers van directe lijnen opleggen, hem alle nuttige gegevens omtrent de inning van de bijdrage te laten geworden. <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004>
  De Regering kan de distributienetbeheerder opdragen de schuldenaars een uitnodiging tot betaling van de bijdrage te sturen. Deze uitnodiging omvat met name de opgave van het boekjaar, de berekeningsbasis, het tarief, de vervaldatum voor de betaling en de wijze van betaling van de bijdrage. Het al dan niet verzenden van deze uitnodiging doet echter niets af aan de rechten en plichten van de schuldenaars.
  § 6. [4 [7 De Brusselse Codex Fiscale Procedure is van toepassing op de bijdragen bedoeld in dit artikel, met uitzondering van :
   1° hoofdstuk 1 van titel 2;
   2° hoofdstuk 2 van titel 2;
   3° artikel 32.]7
]4

  § 7. ([2 De opbrengst van de bijdrage wordt toegewezen aan de fondsen bedoeld respectievelijk in punten 15° en 16° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen volgens de volgende verdeling :]2
  1° 5 % aan het " Fonds voor sociale energiebegeleiding " bestemd voor de opdrachten uitgevoerd door de O.C.M.W.'s krachtens Hoofdstuk IVbis van deze ordonnantie en van Hoofdstuk Vbis van de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  2° [2 ...]2;
  3° [2 ...]2;
  4° [2 ...]2.
  [2 ]2 (oud 5°) [2 95]2 % aan het " Fonds voor energiebeleid " [2 ...]2.
  (§ 8.) De bijdrage is verschuldigd vanaf (de maand januari 2004). <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2004>
  § 9. [3 ...]3.
  
Art.26. § 1er. La détention d'une autorisation de fourniture délivrée sur la base de l'article 21 donne lieu à la perception (mensuelle) d'un droit à charge de la personne physique ou morale bénéficiant de l'autorisation, ci-après dénommée le redevable. <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; En vigueur : 06-05-2004>
  (§ 2.) Le droit est dû au 1er (de chaque mois). Il est payable pour le (15 du mois suivant). <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; En vigueur : 06-05-2004>
  (Le redevable est exonéré du droit pour la puissance tenue à disposition des clients pour leur réseau de transport ferroviaire, par tramway ou métro.) <ORD 2006-12-14/45, art. 48, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  (§ 3.) Le droit est calculé sur la base de la puissance tenue (...) à disposition des clients finals éligibles, (...), au moyen de réseaux, branchements et lignes directes de 70 kV et moins, sur des sites de consommation situés en Région de Bruxelles-Capitale. <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; En vigueur : 06-05-2004>
  (Pour les clients haute tension, la puissance tenue à disposition est la puissance de raccordement. Celle-ci est égale à la puissance maximale, exprimée en kVA, mise à disposition en vertu du contrat de raccordement. A défaut de mention dans le contrat de raccordement ou en cas de dépassement de la puissance prélevée par rapport à la puissance maximale mise à disposition en vertu du contrat de raccordement, la puissance de raccordement est égale à la puissance maximale, exprimée en kVA, prélevée au cours des trente-six mois précédents, multipliée par un facteur 1,2.) <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; En vigueur : 06-05-2004>
  Pour les clients basse tension, la puissance tenue à disposition est la puissance déterminée en fonction du calibre de leurs protections, exprimée en kVa et divisée par un facteur onze. Le tableau de la correspondance entre les intensités nominales des protections et puissances figure en annexe à la présente ordonnance.
  (Toutefois, la puissance prise en compte pour le calcul du montant du droit est plafonnie « 5 MVa par [1 mois]1.) <ORD 2006-12-14/45, art. 49, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  (§ 4.) (Le droit à percevoir mensuellement est fixé à 0,67 euros par kVa pour la haute tension.
  Il est fixé pour la basse tension selon le barème suivant :
  1° Puissance mise à disposition inférieure ou égale à 1,44 kVa : 0,00 euro;
  2° Puissance mise à disposition comprise entre :
  1,44 et 6,00 kVa : 0,60 euro
  6,01 et 9,60 kVa : 0,96 euro
  (9,61 et 13,00 kVa : 1,20 euro;
  13,01 et 18,00 kVa : 1,80 euros;
  18,01 et 36,00 kVa : 2,40 euros) <ORD 2006-12-14/45, art. 50, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  36,01 et 56,00 kVa : 4,80 euros
  56,01 et 100,00 kVa : 7,80 euros.) <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; En vigueur : 06-05-2004>
  [6 Les montants ci-dessus sont adaptés annuellement à l'indice des prix à la consommation. La révision se fait une fois par an au 1er janvier de l'année au cours de laquelle le droit est dû, selon la formule suivante :
   Le montant de base du droit est multiplié par un coefficient obtenu en divisant l'indice des prix à la consommation du mois de juillet de l'année précédant le 1er janvier de l'année au cours de laquelle le droit est dû par la moyenne des indices des prix à la consommation de l'année 2001.]6

  (§ 5.) Le Gouvernement détermine les mesures d'exécution du présent article. Il peut notamment imposer au gestionnaire du réseau de distribution, au gestionnaire du réseau de transport régional et aux utilisateurs de lignes directes de lui fournir les données utiles à la perception du droit. <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; En vigueur : 06-05-2004>
  Le Gouvernement peut charger le gestionnaire du réseau de distribution d'adresser aux redevables une invitation à s'acquitter du droit. L'invitation comprend notamment l'indication de l'exercice, la base de calcul, le taux, l'échéance de paiement et la manière d'acquitter le droit. Toutefois, l'envoi ou le défaut d'envoi de cette invitation ne préjudicie en rien aux droits et obligations des redevables.
  § 6. [4 [7 Le Code bruxellois de procédure fiscale s'applique au droit cité dans le présent article, à l'exception des dispositions suivantes :
   1° le chapitre 1er du titre 2;
   2° le chapitre 2 du titre 2;
   3° l'article 32.]7
]4

  § 7. [2 Le produit du droit est affecté aux fonds visés respectivement aux points 15° et 16° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, selon la répartition suivante :]2
  1° 5 % au " Fonds de guidance énergétique " destinés aux missions exercées par les C.P.A.S., en vertu du Chapitre IVbis de la présente ordonnance et du Chapitre Vbis de l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale;
  2° [2
  ]2.
  3° [2
  ]2.
  4° [2
  ]2.
  [2 ]2 (anc. 5°) [2 95]2 % au " Fonds relatif à la politique de l'énergie " [2
  ]2.) <ORD 2006-12-14/45, art. 51, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  (§ 8.) Le droit est dû a partir (du mois de janvier 2004). <ORD 2004-04-01/50, art. 39, 002; En vigueur : 06-05-2004>
  § 9. [3
  ]3.
  
Art. 26bis.   Opgeheven art. 36 van 17 MAART 2022. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen met het oog op de omzetting van richtlijn 2018/2001 en richtlijn 2019/944
Art. 26bis. [1 § 1. Elke eindafnemer heeft het recht zijn afname of injectie voor eigen gebruik te sturen of om flexibiliteitsdiensten aan te bieden.
   Hij neemt op niet-discriminerende wijze deel aan de elektriciteitsmarkt, samen met de elektriciteitsproducenten.
   § 2. Elke eindafnemer kan zijn leverancier van flexibiliteitsdiensten of zijn aankoopgroepering kiezen onafhankelijk van zijn elektriciteitsleverancier.
   § 3. Eindafnemers die flexibiliteitsdiensten leveren of deelnemen aan aggregatiediensten en andere eindafnemers worden op niet-discriminerende wijze behandeld.]1

  
Art. 26bis.   Abrogé art. 36 van 17 MAART 2022. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen met het oog op de omzetting van richtlijn 2018/2001 en richtlijn 2019/944
Art. 26bis. [1 § 1er. Tout client final a le droit de piloter son prélèvement ou son injection pour son usage propre ou pour offrir des services de flexibilité.
   Il participe d'une manière non discriminatoire, aux côtés des producteurs d'électricité, au marché de l'électricité.
   § 2. Tout client final peut choisir son fournisseur de services de flexibilité ou son agrégateur indépendamment de son fournisseur d'électricité.
   § 3. Les clients finals offrant des services de flexibilité ou participant à des services d'agrégation et les autres clients finals sont traités d'une manière non discriminatoire.]1

  
Art. 26ter.   Opgeheven art. 36 van 17 MAART 2022. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen met het oog op de omzetting van richtlijn 2018/2001 en richtlijn 2019/944
Art. 26ter. [1 § 1. Leveranciers van flexibiliteitsdiensten en aankoopgroeperingen moeten respectievelijk beschikken over een door Brugel afgeleverde leveringsvergunning voor flexibiliteitsdiensten en een leveringsvergunning voor aggregatiediensten om flexibiliteitsdiensten en aggregatiediensten aan te bieden.
   In afwijking van het voorgaande lid is een eindafnemer die flexibiliteitsdiensten aanbiedt via een leverancier van flexibiliteitsdiensten niet aan deze verplichting onderworpen.
   Er zijn twee categorieën van leveringsvergunningen van flexibiliteitsdiensten :
   1° de algemene leveringsvergunning van flexibiliteitsdiensten ;
   2° de beperkte leveringsvergunning van flexibiliteitsdiensten, die aan een eindafnemer wordt toegekend om vanuit zijn eigen installaties rechtstreeks flexibiliteitsdiensten te leveren, zonder tussenpersoon.
   De Regering kan bijkomende categorieën van leveringsvergunningen van flexibiliteitsdiensten invoeren.
   § 2. Na advies van Brugel bepaalt de Regering de criteria en modaliteiten voor de toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van deze verschillende leveringsvergunningen van flexibiliteitsdiensten en leveringsvergunningen van aggregatiediensten. De criteria voor de toekenning van deze leveringsvergunningen kunnen onder meer betrekking hebben op de betrouwbaarheid en de beroepservaring van de aanvrager, zijn technische en financiële bekwaamheid en de kwaliteit van zijn organisatie.
   De vergunning van een leverancier van flexibiliteitsdiensten of van een aankoopgroepering die de verplichtingen vastgelegd in of op grond van deze ordonnantie niet langer nakomt of niet langer voldoet aan de op grond van dit artikel vastgelegde criteria wordt ingetrokken.
   § 3. Elke leveringsvergunning van flexibiliteitsdiensten en elke leveringsvergunning van aggregatiediensten bedoeld in dit artikel worden verstrekt, overgedragen, hernieuwd, of desgevallend ingetrokken door Brugel.
   § 4. Brugel publiceert op haar website de lijst van de houders van een algemene leveringsvergunning van flexibiliteitsdiensten en van de aankoopgroeperingen.
   § 5. De houders van een vergunning voor flexibiliteitsdiensten en de aankoopgroeperingen hebben het recht om de elektriciteitsmarkt te betreden zonder de toestemming van een andere speler op de elektriciteitsmarkt.]1

  
Art. 26ter.   Abrogé art. 36 van 17 MAART 2022. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen met het oog op de omzetting van richtlijn 2018/2001 en richtlijn 2019/944
Art. 26ter. [1 § 1er. Les fournisseurs de services de flexibilité et les agrégateurs disposent respectivement d'une licence de fourniture de services de flexibilité et d'une licence de fourniture de services d'agrégation délivrées par Brugel pour offrir des services de flexibilité et des services d'agrégation.
   Par dérogation à l'alinéa précédent, le client final qui offre des services de flexibilité par l'intermédiaire d'un fournisseur de services de flexibilité n'est pas soumis à cette obligation.
   Il existe deux catégories de licences de fourniture de services de flexibilité :
   1° la licence de fourniture de services de flexibilité générale ;
   2° la licence de fourniture de services de flexibilité limitée octroyée à un client final en vue de fournir directement des services de flexibilité au départ de ses propres installations et sans passer par un intermédiaire.
   Le Gouvernement peut prévoir des catégories supplémentaires de licences de fourniture de services de flexibilité.
   § 2. Après avis de Brugel, le Gouvernement arrête les critères et les modalités d'octroi, de renouvellement, de transfert et de retrait de ces différentes licences de fourniture de services de flexibilité et des licences de fourniture de services d'agrégation. Les critères d'octroi des licences de fourniture peuvent notamment porter sur l'honorabilité et l'expérience professionnelle du demandeur, ses capacités techniques et financières et la qualité de son organisation.
   La licence d'un fournisseur de services de flexibilité ou d'un agrégateur qui ne respecte plus les obligations prévues par ou en vertu de la présente ordonnance ou qui ne répond plus aux critères fixés en vertu du présent article est retirée.
   § 3. Toute licence de fourniture de services de flexibilité et toute licence de fourniture de services d'agréation visées dans le présent article sont octroyées, transférées, renouvelées ou, le cas échéant, retirées par Brugel.
   § 4. Brugel publie sur son site internet la liste des titulaires d'une licence de fourniture de services de flexibilité générale et des agrégateurs.
   § 5. Les titulaires d'une licence de services de flexibilité et les agrégateurs ont le droit d'entrer sur le marché de l'électricité sans le consentement d'un autre acteur du marché de l'électricité.]1

  
HOOFDSTUK IVter. [1 - Flexibiliteit en aggregatie.]1
CHAPITRE IVter. [1 - Flexibilité et agrégation.]1
Art. 26quater. [1 § 1. De houders van een leveringsvergunning van flexibiliteitsdiensten en de aankoopgroeperingen stellen Brugel in kennis van de algemene voorwaarden van de door hen aangeboden contracten van flexibiliteitsdiensten of aggregatiecontracten en de eventuele wijzigingen ervan, zodat de regulator kan nagaan of ze in regel zijn met deze ordonnantie en haar uitvoeringsbesluiten.
   § 2. De houders van een leveringsvergunning van flexibiliteitsdiensten en de aankoopgroeperingen sluiten een contract met de betrokken netbeheerder en verstrekken hem de in het technisch reglement vastgesteld essentiële informatie.]1

  
Art. 26quater. [1 § 1er. Les titulaires d'une licence de fourniture de services de flexibilité et les agrégateurs notifient à Brugel les conditions générales des contrats de services de flexibilité ou d'agrégation qu'ils offrent ainsi que toute modification de ces dernières, afin que le régulateur vérifie leur conformité avec la présente ordonnance et ses arrêtés d'exécution.
   § 2. Les titulaires d'une licence de fourniture de services de flexibilité et les agrégateurs concluent un contrat avec le gestionnaire du réseau concerné et lui communiquent les informations essentielles selon les conditions fixées dans le règlement technique.]1

  
Art. 26quinquies. [1 Zonder dat zij op enigerlei wijze mogen discrimineren, in het bijzonder op het vlak van kosten, investering en tijd, zien de houders van een algemene vergunning voor flexibiliteitsdiensten en de aankoopgroeperingen erop toe :
   1° aan elke eindafnemer die dit vraagt een redelijk en niet-discriminerend voorstel van contract voor flexibiliteits- en aggregatiediensten te bezorgen, en de algemene voorwaarden van dit contract mee te delen. Elke eindafnemer heeft het recht om een contract voor flexibiliteits- of aggregatiediensten te sluiten zonder de toestemming van een elektriciteitsbedrijf dat een contract heeft gesloten met deze eindafnemer ;
   2° als een eindafnemer met inachtneming van de contractuele voorwaarden wenst te veranderen van houder van een algemene vergunning voor flexibiliteitsdiensten of van aankoopgroepering, deze verandering kosteloos door te voeren binnen een termijn van maximaal drie weken vanaf de datum van het verzoek van de eindafnemer ;
   3° elke eindafnemer die hierom verzoekt, ten minste eenmaal per factureringsperiode kosteloos de relevante gegevens betreffende zijn deelname aan flexibiliteits- of aggregatiediensten te verstrekken.]1

  
Art. 26quinquies. [1 Sans qu'ils puissent discriminer de quelque façon et notamment en matière de coût, d'investissement et de temps, les titulaires d'une licence de services de flexibilité générale et les agrégateurs veillent à :
   1° communiquer, à tout client final qui le lui demande, une proposition raisonnable et non discriminatoire de contrat de services de flexibilité ou d'agrégation et communiquer les conditions générales dudit contrat. Tout client final a le droit de conclure un contrat de services de flexibilité ou d'agrégation sans le consentement d'une entreprise d'électricité ayant conclu un contrat avec ce client final ;
   2° lorsque un client final souhaite changer de titulaire d'une licence de services de flexibilité générale ou d'agrégateur, dans le respect des conditions contractuelles, effectuer, sans frais, ce changement dans un délai de maximum trois semaines à compter de la date de la demande du client final ;
   3° fournir, gratuitement, à tout client final qui le lui demande, les données pertinentes concernant sa participation à des services de flexibilité ou d'agrégation au moins une fois par période de facturation.]1

  
Art. 26sexies. [1 Eindafnemers die een contract hebben gesloten met een houder van een algemene vergunning voor flexibiliteitsdiensten of met een aankoopgroepering mogen niet te maken krijgen met buitensporige en discriminerende technische en administratieve vereisten, procedures, sancties of betalingen vanwege hun elektriciteitsleveranciers.]1
  
Art. 26sexies. [1 Un client final qui a conclu un contrat avec un titulaire d'une licence de services de flexibilité générale ou avec un agrégateur n'est pas soumis à des exigences techniques et administratives, des procédures, des sanctions ou des paiements abusifs et discriminatoires de la part de son fournisseur d'électricité.]1
  
Art. 26septies. [1 Houders van vergunningen voor flexibiliteitsdiensten en aankoopgroeperingen dragen de evenwichtsverantwoordelijkheid, of belasten een evenwichtsverantwoordelijke met hun verantwoordelijkheid.]1
  
Art. 26septies. [1 Les titulaires d'une licence de services de flexibilité et les agrégateurs assurent la fonction de responsable d'équilibre ou délèguent leur responsabilité en matière d'équilibrage à un responsable d'équilibre.]1
  
HOOFDSTUK IVquater. [1 - Slimme meters en bescherming van de persoonlijke levenssfeer.]1
CHAPITRE IVquater. [1 - Compteurs intelligents et protection de la vie privée.]1
Afdeling I. [1 - Slimme meters.]1
Section 1re. [1 - Compteurs intelligents.]1
Art. 26octies. [1 § 1. De distributienetbeheerder plaatst slimme meters onder voorwaarden die waarborgen dat rekening wordt gehouden met het algemeen belang, dat de kosten en baten worden geoptimaliseerd en dat wordt voldaan aan de modaliteiten vastgelegd in dit artikel.
   § 2. De distributienetbeheerder plaatst systematisch slimme meters op het distributienet in de volgende gevallen :
   1° als er een aansluiting wordt uitgevoerd in een nieuw of een ingrijpend gerenoveerd gebouw ; onder " ingrijpende renovatie " wordt verstaan : de renovatie met betrekking tot de bouwschil of de technische bouwsystemen met een totale kostprijs van meer dan 25 % van de waarde van het gebouw, exclusief de grond waarop het zich bevindt ;
   2° als een meter vervangen wordt wegens ouderdom of technisch defect ;
   3° als een gebruiker van het distributienet prosumer is of wordt ;
   4° als een gebruiker van het distributienet vraagt om het vermogen van zijn aansluiting te wijzigen ;
   5° als een gebruiker van het distributienet een elektrisch voertuig oplaadt ;
   6° als een gebruiker van het distributienet deelneemt aan het delen van elektriciteit of overtollige zelf opgewekte elektriciteit laat aankopen of aankoopt ;
   7° als een gebruiker van het distributienet deelneemt aan flexibiliteits- of aggregatiediensten ;
   8° als een gebruiker van het distributienet elektriciteit opslaat ;
   9° als een gebruiker van het distributienet een jaarlijks verbruik heeft van meer dan 6.000 kWh per jaar ;
   10° als een gebruiker van het distributienet beschikt over een warmtepomp ;
   11° als een gebruiker van het distributienet hierom verzoekt.
   Als een slimme meter wordt geplaatst naar aanleiding van een aanvraag, plaatst de distributienetbeheerder deze ten laatste binnen de vier maanden na de indiening van de aanvraag.
   Wanneer de slimme meter, die wordt geplaatst in overeenstemming met het eerste lid, een meter vervangt die deel uitmaakt van een technisch ondeelbaar geheel van meerdere meters, kunnen alle meters die deel uitmaken van dit geheel vervangen worden door slimme meters. De distributienetbeheerder publiceert de technische criteria voor het geval dat wordt bedoeld in dit lid.
   § 3. De distributienetbeheerder stelt voor elk leveringspunt, systematisch of als de gelegenheid zich voordoet, voor de bestaande meter te vervangen door een slimme meter. Hij voegt bij zijn voorstel objectieve, duidelijke en begrijpelijke informatie over de diensten waar de gebruiker van het distributienet toegang toe zou hebben als hij een slimme meter zou hebben.
   De distributienetbeheerder mag pas een slimme meter plaatsen krachtens deze paragraaf nadat hij hiervoor de toestemming heeft gekregen van de betrokken gebruiker van het distributienet.
   § 4. De distributienetbeheerder mag pas persoonsgegevens verzamelen op afstand nadat hij hiervoor de toestemming heeft gekregen van de gebruiker van het distributienet die geïdentificeerd is op het toegangspunt. Deze verplichting geldt ook wanneer een nieuwe gebruiker van het distributienet wordt geïdentificeerd op een toegangspunt, onafhankelijk van de keuze gemaakt door de gebruiker van het distributienet die eerder geïdentificeerd was op het toegangspunt. De distributienetbeheerder zorgt ervoor dat de gebruiker van het distributienet gemakkelijk zijn toestemming kan geven.
   De distributienetbeheerder stelt de gebruiker van het distributienet uiterlijk bij de plaatsing van de slimme meter in kennis van de mogelijkheid de communicatiefunctie van de slimme meter te activeren. Deze mededeling gaat vergezeld van informatie over de kwaliteitsnormen van de slimme meter, het elektromagnetisch stralingsvermogen van de slimme meter, de diensten die toegankelijk zijn voor de gebruiker van het distributienet en de bepalingen die de bescherming van de persoonlijke levenssfeer met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens waarborgen.
   De gebruiker van het distributienet activeert de communicatiefunctie van zijn slimme meter om de volgende activiteiten te kunnen uitoefenen : opladen van een elektrisch voertuig, deelnemen aan flexibiliteits- of aggregatiediensten, delen van elektriciteit, aankoop van elektriciteit door peer-to-peerhandel of elke activiteit die een injectie van elektriciteit op het distributienet kan veroorzaken.
   § 5. De distributienetbeheerder informeert en adviseert de distributienetgebruikers over het gebruik van de slimme meter en de diensten die via deze meter toegankelijk zijn. Deze informatie en dit advies worden gratis verstrekt, via verschillende middelen, in duidelijke en begrijpelijke taal, met bijzondere aandacht voor kwetsbare afnemers.
   § 6. In de gevallen vermeld in paragraaf 2 mag niemand de plaatsing of het onderhoud van een slimme meter weigeren of vragen deze weg te halen.
   In het kader van de toepassing van het eerste lid bepaalt de Regering de procedure en de specifieke maatregelen die de distributienetbeheerder moet treffen indien de eindafnemer, of een lid van zijn gezin, die blootgesteld is of zou worden aan elektromagnetische velden voortgebracht door een slimme meter onder de door de Regering vastgelegde voorwaarden, verklaart dat deze blootstelling een naar behoren geobjectiveerd risico voor zijn gezondheid vormt.
   § 7. De distributienetbeheerder dient, uiterlijk op 30 oktober 2022, bij de Regering een stappenplan in betreffende de organisatie van de uitrol van slimme meters tegen 2030 met toepassing van de in de paragrafen 1 tot en met 6 vastgelegde modaliteiten.
   § 8. De distributienetbeheerder dient jaarlijks, uiterlijk op 30 oktober, bij Brugel en bij de Regering een verslag in over de stand van zaken met betrekking tot de uitrol van slimme meters, dat ten minste de in bijlage 5 vermelde informatie bevat.
   § 9. Leefmilieu Brussel voert periodiek een evaluatie uit van de uitrol van slimme meters. Deze evaluatie heeft betrekking op de ecologische, sociale, technische en economische aspecten van de uitrol.
   De eerste evaluatie wordt uiterlijk in december 2023 meegedeeld en gepubliceerd. De distributienetbeheerder werkt samen met Leefmilieu Brussel om deze evaluatie mogelijk te maken.
   De Regering kan de uitvoeringsmodaliteiten van de in het eerste lid bedoelde evaluatie vaststellen.
   § 10. Op basis van de resultaten van de in paragraaf 9 bedoelde evaluatie, kan de Regering de in dit artikel bedoelde voorwaarden voor de installatie van slimme meters verduidelijken en andere gevallen bepalen waarin de distributienetbeheerder slimme meters moet installeren.]1

  
Art. 26octies. [1 § 1er. Le gestionnaire du réseau de distribution installe des compteurs intelligents dans des conditions qui garantissent la prise en compte de l'intérêt général, l'optimisation des coûts et bénéfices et le respect des modalités fixées au présent article.
   § 2. Le gestionnaire du réseau de distribution installe systématiquement des compteurs intelligents sur le réseau de distribution dans les cas suivants :
   1° lorsqu'il est procédé à un raccordement dans un bâtiment neuf ou un bâtiment faisant l'objet d'une rénovation importante ; on entend par " rénovation importante " : la rénovation qui concerne l'enveloppe ou les systèmes techniques du bâtiment, qui a un coût total supérieur à 25 % de la valeur du bâtiment à l'exclusion de la valeur du terrain sur lequel il se trouve ;
   2° lorsqu'un compteur est remplacé pour cause de vétusté ou de défaillance technique ;
   3° lorsqu'un utilisateur du réseau de distribution est ou devient prosumer ;
   4° lorsqu'un utilisateur du réseau de distribution demande la modification de la puissance de son raccordement ;
   5° lorsqu'un utilisateur du réseau de distribution recharge un véhicule électrique ;
   6° lorsqu'un utilisateur du réseau de distribution participe à un partage d'électricité ou se fait acheter ou achète de l'électricité autoproduite excédentaire ;
   7° lorsqu'un utilisateur du réseau de distribution participe à des services de flexibilité ou d'agrégation ;
   8° lorsqu'un utilisateur du réseau de distribution stocke de l'électricité ;
   9° lorsqu'un utilisateur du réseau de distribution a une consommation annuelle supérieure à 6.000 kWh ;
   10° lorsqu'un utilisateur du réseau de distribution dispose d'une pompe à chaleur ;
   11° lorsqu'un utilisateur du réseau de distribution le demande.
   Lorsque le placement d'un compteur intelligent fait suite à une demande, le gestionnaire du réseau de distribution installe le compteur intelligent au plus tard dans les quatre mois suivant l'introduction de celle-ci.
   Lorsque le compteur intelligent, placé conformément à l'alinéa 1er, remplace un compteur qui fait partie d'un ensemble techniquement indivisible de plusieurs compteurs, tous les compteurs faisant partie de cet ensemble peuvent être remplacés par des compteurs intelligents. Le gestionnaire du réseau de distribution publie les critères techniques relatifs au cas visé par le présent alinéa.
   § 3. Le gestionnaire du réseau de distribution propose, pour chaque point de fourniture, systématiquement ou par opportunité, le remplacement du compteur existant par un compteur intelligent. Il accompagne sa proposition d'une information objective, exprimée dans un langage clair et compréhensible, sur les services auxquels pourraient accéder l'utilisateur du réseau de distribution s'il disposait d'un compteur intelligent.
   Le gestionnaire du réseau de distribution ne peut installer un compteur intelligent en vertu du présent paragraphe qu'après avoir obtenu le consentement de l'utilisateur du réseau de distribution concerné.
   § 4. Le gestionnaire du réseau de distribution ne peut collecter des données à caractère personnel à distance qu'après avoir obtenu le consentement de l'utilisateur du réseau de distribution identifié sur le point d'accès. Cette obligation s'impose également lorsqu'un nouvel utilisateur du réseau de distribution est identifié sur un point d'accès, indépendamment du choix effectué par l'utilisateur du réseau de distribution précédemment identifié sur le point d'accès. Le gestionnaire du réseau de distribution veille à ce que l'utilisateur du réseau de distribution puisse donner son consentement d'une manière aisée.
   Le gestionnaire du réseau de distribution informe l'utilisateur du réseau de distribution de la possibilité d'activer la fonction communicante du compteur intelligent au plus tard lors de son installation. Cette communication est accompagnée d'une information sur les normes de qualité du compteur intelligent, la puissance de rayonnement électromagnétique du compteur intelligent, les services auxquels peut accéder l'utilisateur du réseau de distribution et les dispositions garantissant la protection de la vie privée à l'égard des traitements de données à caractère personnel.
   L'utilisateur du réseau de distribution active la fonction communicante de son compteur intelligent pour pouvoir exercer les activités suivantes : recharge d'un véhicule électrique, participation à des services de flexibilité ou d'agrégation, partage d'électricité, achat d'électricité par un échange de pair à pair ou toute activité susceptible de générer l'injection d'électricité sur le réseau de distribution.
   § 5. Le gestionnaire du réseau de distribution informe et conseille les utilisateurs du réseau de distribution en matière d'utilisation du compteur intelligent et de services accessibles via ce compteur. Ces informations et conseils sont délivrés gratuitement, sur des supports variés, dans un langage clair et compréhensible, avec une attention particulière pour les clients vulnérables.
   § 6. Dans les cas visés au paragraphe 2, nul ne peut refuser l'installation ou le maintien d'un compteur intelligent ni en demander la suppression.
   Dans le cadre de l'application de l'alinéa 1er, le Gouvernement détermine la procédure et les mesures particulières à prendre par le gestionnaire du réseau de distribution lorsque le client final, ou un membre de son ménage, qui est ou serait amené à être exposé aux champs électromagnétiques émis par un compteur intelligent dans les conditions définies par le Gouvernement, déclare que cette exposition présente un risque pour sa santé dûment objectivé.
   § 7. Le gestionnaire du réseau de distribution communique, au plus tard le 30 octobre 2022, au Gouvernement une feuille de route relative à l'organisation du déploiement de compteurs intelligents à l'échéance 2030 en application des modalités fixées aux paragraphes 1er à 6.
   § 8. Le gestionnaire du réseau de distribution communique annuellement, pour le 30 octobre au plus tard, un rapport à Brugel et au Gouvernement sur l'état du déploiement de compteurs intelligents qui reprend au minimum les informations précisées à l'annexe 5.
   § 9. Bruxelles Environnement réalise périodiquement une évaluation relative au déploiement des compteurs intelligents. Cette évaluation porte sur les aspects environnementaux, sociaux, techniques et économiques du déploiement.
   La première évaluation devra être communiquée et publiée au plus tard en décembre 2023. Le gestionnaire du réseau de distribution coopère avec Bruxelles Environnement pour permettre la réalisation de cette évaluation.
   Le Gouvernement peut déterminer les modalités relatives à la réalisation de l'évaluation visée à l'alinéa 1er.
   § 10. Sur la base des résultats de l'évaluation prévue au paragraphe 9, le Gouvernement peut préciser les conditions d'installation des compteurs intelligents visées dans le présent article et peut déterminer d'autres cas dans lesquels le gestionnaire du réseau de distribution installe des compteurs intelligents.]1

  
Art. 26novies. [1 § 1. De slimme meter levert lokaal aan de gebruiker van het distributienet informatie in real time over de elektriciteit die hij afneemt of injecteert.
   Deze informatie in real time moet gemakkelijk geëxporteerd kunnen worden naar een informatietoepassing beschikbaar op de markt, ook als de gebruiker van het distributienet de communicatiefunctie van zijn slimme meter niet geactiveerd heeft.
   § 2. De slimme meter moet de in bijlage 6 gespecificeerde minimumfuncties hebben.
   De Regering kan de lijst van minimumfuncties aanvullen en de modaliteiten voor de uitvoering ervan specificeren.]1

  
Art. 26novies. [1 § 1er. Le compteur intelligent fournit localement à l'utilisateur du réseau de distribution des informations instantanées sur l'électricité qu'il prélève ou qu'il injecte.
   Ces informations instantanées doivent pouvoir être facilement exportées vers une application informatique disponible sur le marché, y compris dans l'hypothèse où l'utilisateur du réseau de distribution n'a pas activé la fonction communicante de son compteur intelligent.
   § 2. Le compteur intelligent est doté des fonctionnalités minimales précisées à l'annexe 6.
   Le Gouvernement peut compléter la liste des fonctionnalités minimales et préciser les modalités de mise en oeuvre de celles-ci.]1

  
Art. 26decies. [1 De distributienetbeheerder kan op afstand een slimme meter van een afnemer openen of afsluiten en de meterstand aflezen tijdens deze openings- of sluitingsoperaties, met strikte inachtneming van de voorwaarden en procedures vastgelegd in hoofdstuk IVbis van deze ordonnantie of in uitvoering ervan en, als het gaat om een huishoudelijke afnemer, van boek VI van het Wetboek van economisch recht en van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. De distributienetbeheerder mag slimme meters enkel op werkdagen afsluiten.
   Indien deze afsluiting niet volgt op een aanvraag van de gebruiker van het distributienet, stelt de distributienetbeheerder hem ten minste drie weken van tevoren per aangetekende brief in kennis van de datum waarop hij voornemens is de meter af te sluiten. Hij stuurt hem ook de contactgegevens van het informatiecentrum voor gas- en elektriciteitsconsumenten bedoeld in artikel 33bis en van het O.C.M.W. van de gemeente waar het leveringspunt gelegen is door.
   De Regering legt de andere handelingen vast die de distributienetbeheerder op afstand op een slimme meter kan uitvoeren en de situaties waarin de distributienetbeheerder, om zijn opdrachten uit te voeren en zijn openbaredienstverplichtingen en -opdrachten na te komen, bepaalde handelingen op afstand kan stellen. De gebruiker wordt in alle gevallen geïnformeerd over de redenen van die tussenkomst.]1

  
Art. 26decies. [1 Le gestionnaire du réseau de distribution peut, à distance, ouvrir ou fermer un compteur intelligent d'un utilisateur et relever l'index lors de ces opérations d'ouverture ou de fermeture dans le strict respect des conditions et procédures fixées par le Chapitre IVbis de la présente ordonnance ou en exécution de celui-ci et, s'agissant d'un client résidentiel, du Livre VI du Code de droit économique et de la protection de la vie privée. Le gestionnaire du réseau de distribution ne peut fermer un compteur intelligent que les jours ouvrables.
   Dans l'hypothèse où cette fermeture ne fait pas suite à une demande de l'utilisateur du réseau de distribution, le gestionnaire du réseau de distribution l'avertit par lettre recommandée de la date à laquelle il a l'intention d'exécuter la coupure, au minimum trois semaines avant celle-ci. Il lui transmet également les coordonnées du centre d'information aux consommateurs de gaz et d'électricité visé à l'article 33bis et du C.P.A.S. de la commune où est situé le point de fourniture.
   Le Gouvernement détermine les autres actes que le gestionnaire du réseau de distribution peut poser à distance sur un compteur intelligent et les cas dans lesquels, pour réaliser ses tâches et respecter ses obligations et missions de service public, le gestionnaire du réseau de distribution peut poser certains actes à distance. Dans tous les cas, l'utilisateur est obligatoirement informé des raisons de cette intervention.]1

  
Art. 26undecies. [1 De gebruiker van het distributienet die beschikt over een slimme meter kiest vrij een van de meetregimes omschreven in het technisch reglement. Elk meetregime maakt facturering op basis van het reële verbruik mogelijk. De vastlegging van de meetregimes doet geen afbreuk aan het recht van de eindafnemer om een factuur te krijgen die is opgesteld op basis van zijn jaarlijks verbruik met vooruitbetaling.
   De Regering legt een standaard meetregime en een standaard facturatiefrequentie vast, evenals een meetregime en een facturatiefrequentie die van toepassing zijn als de distributienetbeheerder technisch gezien geen communicatie op afstand kan tot stand brengen zonder onredelijke investeringen.]1

  
Art. 26undecies. [1 L'utilisateur du réseau de distribution qui dispose d'un compteur intelligent choisit librement un des régimes de comptage définis dans le règlement technique. Chaque régime de comptage permet une facturation fondée sur la consommation réelle. L'établissement des régimes de comptage est sans préjudice du droit du client final de disposer d'une facture établie sur la base de sa consommation annuelle avec des paiements par provision.
   Le Gouvernement définit un régime de comptage et une fréquence de facturation par défaut ainsi qu'un régime de comptage et une fréquence de facturation applicables lorsque le gestionnaire du réseau de distribution ne peut techniquement pas établir une communication à distance sans investissements déraisonnables.]1

  
Afdeling 2. [1 - Bescherming van de persoonlijke levenssfeer.]1
Section 2. [1 - Protection de la vie privée.]1
Art. 26duodecies. [1 § 1. De distributienetbeheerder is, alleen of samen met één of meerdere exploitatiebedrijven volgens de modaliteiten die zijn vastgelegd krachtens het technisch reglement, verantwoordelijk voor de verwerking van de technische gegevens, de meetgegevens en de identificatiegegevens. In die hoedanigheid streeft hij de doelstellingen na waarvoor de gegevensverwerking werd ingevoerd na voor de uitvoering van de taken en om de openbaredienstverplichtingen en -opdrachten bedoeld in artikelen 7, 24, § 1 en 24bis, § 1.
   De technische gegevens, de meetgegevens en de identificatiegegevens die worden bedoeld in het eerste lid kunnen ook persoonsgegevens zijn.
   Alleen persoonlijke gegevens die relevant en correct zijn, en die beperkt zijn tot wat nodig is voor de in het eerste lid bedoelde doelstellingen waarvoor ze worden gebruikt, worden ingezameld en verwerkt.
   In het kader van de in het eerste lid bedoelde doelstellingen waakt hij erover dat de slimme meters overeenkomstig de toepasselijke technische normen zijn. Hij waakt eveneens over de veiligheid van het slimme net en de mededeling van gegevens waarbij terdege rekening wordt gehouden met de beste beschikbare technieken om te zorgen voor het hoogste niveau van bescherming van de cyberveiligheid en rekening houdend met de kosten en het evenredigheidsbeginsel, alsook de waarborg op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de netgebruikers, met name bij de verwerking van persoonsgegevens.
   De slimme meters moeten zo ontworpen worden dat toevallige of ongeoorloofde vernietiging, toevallig verlies, verspreiding, bekendmaking, toegang tot en wijziging van persoonsgegevens vermeden worden, vanaf het ontwerp.
   De frequentie van de verzameling van de persoonsgegevens is evenredig met de doeleinden ervan. In elk geval is deze frequentie beperkt tot een keer per uur. De frequentie van verzameling is onafhankelijk van de periodieke opnames van de meterstanden die de distributienetbeheerder dient uit te voeren in het kader van de uitvoering van zijn taken en van de naleving van zijn openbaredienstverplichtingen en -opdrachten.
   De persoonsgegevens mogen niet langer worden bewaard dan noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de in het eerste lid bedoelde doeleinden waarvoor deze werden verzameld. In ieder geval mag deze termijn niet langer duren dan vijf jaar.
   De persoonsgegevens worden anoniem gemaakt zodra hun individualisering niet meer noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de in het eerste lid bedoelde doeleinden waarvoor deze werden verzameld.
   § 2. Zijn verboden : alle verwerkingen van persoonsgegevens voor de volgende doeleinden :
   1° de handel in persoonsgegevens ;
   2° de handel in energie-informatie of -profielen die statistisch opgesteld werden op basis van persoonsgegevens, die periodiek verzameld worden door de netbeheerder en waaruit het consumptiegedrag van de eindafnemer afgeleid kan worden ;
   3° het opstellen van " zwarte lijsten " van eindafnemers door de automatische verwerking van nominatieve informatie betreffende fraudeurs en slechte betalers.
   § 3. Voor de verwerking van de informatie verstrekt door de slimme meters moeten de gebruikers van het distributienet door de distributienetbeheerder van het volgende in kennis gesteld worden :
   1° de exacte doelstellingen van de verwerking ;
   2° de betrokken gegevenscategorieën ;
   3° de duur van de verwerking en de bewaring van de gegevens ;
   4° het feit dat hij verantwoordelijk is voor deze verwerking ;
   5° de bestemmelingen en de categorieën bestemmelingen van de gegevens ;
   6° het bestaan van het recht op toegang tot en rechtzetting van de gegevens ;
   7° het volledige potentieel van de meter, met name wat de mogelijkheid betreft voor de gebruiker om zijn energieverbruik te controleren.
   De informatie vermeld in het eerste lid dient op neutrale, eenvormige en duidelijke wijze meegedeeld te worden via verschillende informatiekanalen, zoals brochures, brieven of websites.
   De distributienetbeheerder vermeldt op de websites en in de aan de gebruikers overhandigde documenten een contactpunt waar de betrokken personen voornoemde rechten inzake privacy kunnen uitoefenen.]1

  
Art. 26duodecies. [1 § 1er. Le gestionnaire du réseau de distribution est, seul ou conjointement avec une ou plusieurs sociétés exploitantes selon les modalités définies en vertu du règlement technique, responsable du traitement des données techniques, de comptage et d'identification. En cette qualité, il poursuit les finalités pour lesquelles le traitement de données est mis en place pour réaliser les tâches et respecter les obligations et missions de service public visées aux articles 7, 24, § 1er et 24bis, § 1er.
   Les données techniques, de comptage et d'identification visées à l'alinéa 1er peuvent également être des données à caractère personnel.
   Ne seront collectées et traitées que les données à caractère personnel pertinentes, adéquates et limitées à ce qui est nécessaire au regard des finalités visées à l'alinéa 1er pour lesquelles elles seront utilisées.
   Il veille, dans le cadre des finalités visées à l'alinéa 1er, à la conformité des compteurs intelligents aux normes techniques applicables, à la sécurité du réseau intelligent et de la communication des données en tenant dûment compte des meilleures techniques disponibles pour garantir le plus haut niveau de protection en matière de cybersécurité, tout en tenant compte des coûts et du principe de proportionnalité, ainsi qu'à la garantie de la protection de la vie privée des utilisateurs du réseau, notamment dans le traitement des données à caractère personnel.
   Les compteurs intelligents doivent être conçus de manière à éviter la destruction accidentelle ou illicite, la perte accidentelle, la divulgation, la diffusion, l'accès et la modification des données à caractère personnel dès la conception.
   La fréquence de collecte des données à caractère personnel est proportionnée à sa finalité. En tout état de cause, cette fréquence est limitée à une fois par heure. La fréquence de collecte est indépendante des relevés périodiques des compteurs qui s'imposent au gestionnaire du réseau de distribution dans le cadre de la réalisation de ses tâches et du respect de ses obligations et missions de service public.
   Les données à caractère personnel ne peuvent être conservées que le temps nécessaire à la réalisation des finalités visées à l'alinéa 1er pour lesquelles elles ont été collectées. En tout état de cause ce délai ne pourra excéder cinq ans.
   Les données à caractère personnel sont rendues anonymes dès que leur individualisation n'est plus nécessaire pour la réalisation des finalités visées à l'alinéa 1er pour lesquelles elles ont été collectées.
   § 2. Sont interdits, tous traitements de données à caractère personnel ayant les finalités suivantes :
   1° le commerce de données à caractère personnel ;
   2° le commerce d'informations ou profils énergétiques établis statistiquement à partir des données à caractère personnel collectées périodiquement par le gestionnaire du réseau qui permettent de déduire les comportements de consommation du client final ;
   3° l'établissement de " listes noires " des clients finals par un traitement automatisé d'informations nominatives concernant les fraudeurs et mauvais payeurs.
   § 3. Les utilisateurs du réseau de distribution sont informés par le gestionnaire du réseau de distribution, préalablement à la mise en oeuvre du traitement des informations fournies par les compteurs intelligents :
   1° des finalités précises du traitement ;
   2° des catégories de données concernées ;
   3° de la durée du traitement et de la conservation des données ;
   4° du fait qu'il est le responsable de ce traitement ;
   5° des destinataires ou catégories de destinataires des données ;
   6° de l'existence d'un droit d'accès et de rectification des données ;
   7° du potentiel complet du compteur intelligent, notamment en ce qui concerne la possibilité pour l'utilisateur de contrôler sa consommation d'énergie.
   Les informations visées à l'alinéa 1er sont communiquées de manière neutre, uniforme et claire à travers différents canaux d'informations tels que des brochures, lettres ou sites Internet.
   Le gestionnaire du réseau de distribution indique sur les sites Internet et les documents remis aux utilisateurs les coordonnées du point de contact auprès duquel les personnes concernées peuvent exercer les droits précités en matière de vie privée.]1

  
Art. 26tredecies. [1 § 1. De distributienetbeheerder verleent aan de volgende partijen toegang tot de persoonsgegevens die hij uit de slimme meter verzamelt :
   1° de overheden voor de gegevens die ze gemachtigd zijn te kennen krachtens een wet, een decreet of een ordonnantie ;
   2° de organen en natuurlijke of rechtspersonen voor de informatie die noodzakelijk is voor de uitvoering van de openbaredienstopdrachten die hen zijn toevertrouwd door of krachtens een wet, een decreet of een ordonnantie ;
   3° de transmissienetbeheerder, de gewestelijke transmissienetbeheerder, de evenwichtsverantwoordelijken, de leveranciers, de leveranciers van energiediensten, de leveranciers van flexibiliteitsdiensten, de aankoopgroeperingen, de energiegemeenschappen, de actieve afnemers en Brugel ;
   4° de netgebruiker en, desgevallend, de natuurlijke persoon van wie persoonsgegevens worden verwerkt ;
   5° een andere partij, op voorwaarde dat de netgebruiker en, desgevallend, de natuurlijke persoon van wie de persoonsgegevens worden verwerkt, aan die partij toegang heeft verleend tot zijn gegevens.
   De distributienetbeheerder verleent aan de partijen bedoeld onder het eerste lid alleen toegang tot de gegevens die strikt noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun respectieve taken, opdrachten en verplichtingen. Deze gegevens zijn relevant, correct en beperkt tot wat noodzakelijk is voor de doelstellingen waarvoor ze zullen worden gebruikt.
   § 2. Zijn verboden, alle verwerkingen van persoonlijke gegevens voor de volgende doeleinden :
   1° de handel in persoonlijke meetgegevens ;
   2° de handel in energie-informatie of -profielen die statistisch opgesteld werden op basis van persoonlijke meetgegevens, die periodiek opgenomen worden door de netbeheerder en waaruit het consumptiegedrag van de eindafnemer afgeleid kan worden ;
   3° het opstellen van " zwarte lijsten " van eindafnemers door de automatische verwerking van nominatieve informatie betreffende fraude en slechte betalers.]1

  
Art. 26terdecies. [1 § 1er. Le gestionnaire du réseau de distribution accorde aux parties suivantes l'accès aux données à caractère personnel qu'il collecte à partir du compteur intelligent :
   1° les pouvoirs publics pour les données qu'ils sont habilités à connaître en vertu d'une loi, d'un décret ou d'une ordonnance ;
   2° les organismes et les personnes physiques ou les personnes morales pour les informations nécessaires à l'accomplissement de missions d'intérêt public qui leur sont confiées par ou en vertu d'une loi, d'un décret ou d'une ordonnance ;
   3° le gestionnaire du réseau de transport, le gestionnaire du réseau de transport régional, les responsables d'équilibre, les fournisseurs, les fournisseurs de services énergétiques, les fournisseurs de services de flexibilité, les agrégateurs, les communautés d'énergie, les clients actifs et Brugel ;
   4° l'utilisateur du réseau et, le cas échéant, la personne physique dont les données à caractère personnel sont traitées ;
   5° une autre partie, à condition que l'utilisateur du réseau et, le cas échéant, la personne physique dont les données à caractère personnel sont traitées aient donné accès à ses données à cette partie.
   Le gestionnaire du réseau de distribution n'accorde aux parties visées à l'alinéa 1er l'accès qu'aux données strictement nécessaires à l'exécution de leurs tâches, missions et obligations respectives. Ces données sont pertinentes, adéquates et limitées à ce qui est nécessaire au regard des finalités pour lesquelles elles seront utilisées.
   § 2. Sont interdits, tous traitements de données à caractère personnel ayant les finalités suivantes :
   1° le commerce de données à caractère personnel ;
   2° le commerce d'informations ou profils énergétiques établis statistiquement à partir des données à caractère personnel collectées périodiquement par le gestionnaire du réseau qui permettent de déduire les comportements de consommation du client final ;
   3° l'établissement de " listes noires " des clients finals par un traitement automatisé d'informations nominatives concernant les fraudeurs et mauvais payeurs.]1

  
Art. 26quattuordecies. [1 De overheden zijn verantwoordelijk voor de verwerking van de door de distributienetbeheerder verstrekte persoonsgegevens overeenkomstig artikel 26tredecies voor de uitvoering van de taken die hun worden opgelegd door of krachtens een wet, een decreet of een ordonnantie.]1
  
Art. 26quattuordecies. [1 Les pouvoirs publics sont responsables du traitement des données à caractère personnel fournies par le gestionnaire du réseau de distribution conformément à l'article 26tredecies en vue de l'exécution des tâches qui leur sont imposées par ou en vertu d'une loi, d'un décret ou d'une ordonnance.]1
  
Art. 26quindecies. [1 De organen en natuurlijke personen of rechtspersonen bedoeld in artikel 26tredecies, eerste lid, 2° zijn verantwoordelijk voor de verwerking van de door de netbeheerder verstrekte persoonsgegevens overeenkomstig artikel 26tredecies voor de uitvoering van de openbaredienstopdrachten die hun worden toevertrouwd door of krachtens een wet, een decreet of een ordonnantie.]1
  
Art. 26quindecies. [1 Les organismes et les personnes physiques ou les personnes morales visées à l'article 26tredecies, alinéa 1er, 2° sont responsables du traitement des données à caractère personnel fournies par le gestionnaire du réseau de distribution conformément à l'article 26tredecies en vue de l'accomplissement de missions d'intérêt public qui leur sont confiées par ou en vertu d'une loi, d'un décret ou d'une ordonnance.]1
  
Art. 26sexiesdecies. [1 De transmissienetbeheerder is verantwoordelijk voor de verwerking van de door de distributienetbeheerder verstrekte persoonsgegevens overeenkomstig artikel 26tredecies en verwerkt deze gegevens met het oog op het beheer en de operationele veiligheid van het transmissienet.]1
  
Art. 26sexiesdecies. [1 Le gestionnaire du réseau de transport est responsable du traitement des données à caractère personnel fournies par le gestionnaire du réseau de distribution conformément à l'article 26tredecies et traite ces données en vue d'assurer la gestion et la sécurité opérationnelle du réseau de transport.]1
  
Art. 26septiesdecies. [1 De gewestelijke transmissienetbeheerder is verantwoordelijk voor de verwerking van de door de distributienetbeheerder verstrekte persoonsgegevens overeenkomstig artikel 26tredecies en verwerkt deze gegevens met het oog op de uitvoering van zijn taken zoals bedoeld in artikel 5.]1
  
Art. 26septiesdecies. [1 Le gestionnaire du réseau de transport régional est responsable du traitement des données à caractère personnel fournies par le gestionnaire du réseau de distribution conformément à l'article 26tredecies et traite ces données pour réaliser ses tâches visées à l'article 5.]1
  
Art. 26octiesdecies. [1 De leveranciers zijn verantwoordelijk voor de verwerking van de door de distributienetbeheerder verstrekte persoonsgegevens overeenkomstig artikel 26tredecies en verwerken deze gegevens met het oog op de levering van elektriciteit en diensten, de facturatie en het klantenbeheer overeenkomstig de verplichtingen bedoeld in artikel 24, § 1 en in hoofdstuk IVbis.]1
  
Art. 26octiesdecies. [1 Les fournisseurs sont responsables du traitement des données à caractère personnel fournies par le gestionnaire du réseau de distribution conformément à l'article 26tredecies et traitent ces données en vue de la fourniture d'électricité et de services, de la facturation et de la gestion de la clientèle conformément aux obligations visées à l'article 24, § 1er et au chapitre IVbis.]1
  
Art. 26noviesdecies. [1 De evenwichtsverantwoordelijken zijn verantwoordelijk voor de verwerking van de door de distributienetbeheerder verstrekte persoonsgegevens overeenkomstig artikel 26tredecies en verwerken deze gegevens met het oog op het evenwicht van het netwerk.]1
  
Art. 26noviesdecies. [1 Les responsables d'équilibre sont responsables du traitement des données à caractère personnel fournies par le gestionnaire du réseau de distribution conformément à l'article 26tredecies et traitent ces données en vue d'assurer l'équilibre du réseau.]1
  
Art. 26vicies. [1 De leveranciers van energiediensten, de leveranciers van flexibiliteitsdiensten en de aankoopgroeperingen zijn verantwoordelijk voor de verwerking van de door de distributienetbeheerder verstrekte persoonsgegevens overeenkomstig artikel 26tredecies en verwerken deze gegevens met het oog op de levering van diensten en het klantenbeheer.]1
  
Art. 26vicies. [1 Les fournisseurs de services énergétiques, les fournisseurs de service de flexibilité et les agrégateurs sont responsables du traitement des données à caractère personnel fournies par le gestionnaire du réseau de distribution conformément à l'article 26tredecies et traitent ces données en vue de la fourniture de services et de la gestion de la clientèle.]1
  
Art. 26unvicies. [1 De energiegemeenschappen en de actieve afnemers zijn verantwoordelijk voor de verwerking van de door de distributienetbeheerder verstrekte persoonsgegevens overeenkomstig artikel 26tredecies en verwerken deze gegevens met het oog op de uitvoering van taken en verplichtingen die hun worden opgelegd door of krachtens deze ordonnantie.]1
  
Art. 26unvicies. [1 Les communautés d'énergie et les clients actifs sont responsables du traitement des données à caractère personnel fournies par le gestionnaire du réseau de distribution conformément à l'article 26tredecies et traitent ces données en vue de l'exécution de leurs tâches et obligations imposées par ou en vertu de la présente ordonnance.]1
  
Art. 26duovicies. [1 Brugel is verantwoordelijk voor de verwerking van de door de distributienetbeheerder verstrekte persoonsgegevens overeenkomstig artikel 26tredecies en verwerkt deze gegevens met het oog op de uitvoering van taken, opdrachten en verplichtingen die haar worden opgelegd door of krachtens deze ordonnantie.]1
  
Art. 26duovicies. [1 Brugel est responsable du traitement des données à caractère personnel fournies par le gestionnaire du réseau de distribution conformément à l'article 26tredecies et traite ces données vue de l'exécution de ses tâches, missions et obligations qui lui sont imposées par ou en vertu de la présente ordonnance.]1
  
HOOFDSTUK V. - (Promotie van groene elektriciteit[1 ...]1.)
CHAPITRE V. - (Promotion de l'électricité verte [1
Art.27. <HERSTELD door ORD 2006-12-14/45, art. 53, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007> § 1. [3 Om te kunnen genieten van garanties van oorsprong en, desgevallend, van groenestroomcertificaten, maakt de installatie voor de productie van groene stroom op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest het voorwerp uit van een voorafgaande certificatie. De Regering bepaalt de criteria, de procedure en de modaliteiten van deze certificatie.]3
  § 2. De Regering bepaalt de criteria en de procedure voor de toekenning, de erkenning, de herziening en [4 de intrekking van de garanties van oorsprong]4. Deze criteria hebben in het bijzonder betrekking op de mogelijkheid om de daadwerkelijk geproduceerde hoeveelheid elektriciteit te controleren. Voor inrichtingen met laag vermogen kan een vereenvoudigde procedure worden toegepast. De Regering bepaalt de vermogensdrempel beneden dewelke de vereenvoudigde procedure van toepassing is. [4 ...]4
  [2 ...]2
  [2 ...]2
  [4 De Regering kan uitzonderingen vastleggen voor de toekenning van garanties van oorsprong, afhankelijk van een minimumcapaciteit van de productie-installatie en het ontvangen van steun.
   Brugel wordt belast met het toezicht op de afgifte, de overdracht en de schrapping van de garanties van oorsprong op transparante, objectieve en niet-discriminerende manier.
   Brugel kan een vergoeding vaststellen die moet worden betaald in het geval van een overdracht of schrapping van de garanties van oorsprong. Deze vergoeding hangt af van het betrokken aantal garanties van oorsprong en is verschuldigd door de persoon van wie de garantie van oorsprong wordt overgedragen of die de schrapping ervan aanvraagt. Brugel legt de modaliteiten voor betaling van deze vergoeding vast.]4

  [2 § 2bis. Een garantie van oorsprong stemt overeen met een volume type van 1 MWh [3 groene stroom]3. Hoogstens een garantie van oorsprong wordt uitgegeven voor iedere geproduceerde energie-eenheid.
   De " garantie van oorsprong " die hoort bij de elektrictieit opgewekt uit hernieuwbare energiebronnen en/of kwalitatieve warmtekrachtkoppeling, vermeldt :
   1° de energiebron aan de oorsprong van de productie;
   2° de geproduceerde hoeveelheden;
   3° de data en de plaats van productie;
   4° de naam, de locatie, het type en het vermogen van de installatie [4 waarin de energie werd opgewekt]4;
   5° het type, het bedrag en de geldigheidsperiode van de steun waarvan de installatie en/of de energie-eenheid eventueel heeft genoten;
   6° de datum waarop de installatie in dienst is gesteld;
   7° de datum en het land van uitgifte en een identificatienummer.
   De garanties van oorsprong voor de elektriciteit opgewekt ui kwalitatieve warmtekrachtkoppeling, vermelden tevens de volgende informatie :
   1° de zwakste calorische waarde van de brandstofbron waaruit de elektriciteit werd geproduceerd;
   2° de hoeveelheid nuttige warmte die parallel met de elektriciteit is geproduceerd, en de aanwending ervan;
   3° de hoeveelheid elektriciteit die is geproduceerd door de kwalitatieve warmtekrachtkoppeling;
   4° de besparingen van primaire energie berekend op basis van de geharmoniseerde rendementsreferentiewaarden vermeld in bijlage II, punt f) van de Richtlijn 2012/27/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende energie-efficiëntie, tot wijziging van Richtlijnen 2009/125/EC en 2010/30/EU en houdende intrekking van de Richtlijnen 2004/8/EC en 2006/32/EC;
   5° het nominaal elektrisch en thermisch rendement van de installatie.
   Teneinde zijn groene levering te bewijzen, dient iedere leverancier [3 periodiek]3 een quota van garanties van oorsprong in bij Brugel. De Regering bepaalt de modaliteiten dienaangaande.]2

  § 3. Indien de onder paragraaf 1 bedoelde producenten er niet in slagen hun hele productie te verkopen, [1 is de leverancier die verantwoordelijk is voor het afname- en/of injectiepunt, verplicht tot [3 zijn beste aanbod doen voor de aankoop]3]1 van de elektriciteitsoverschotten die overeenkomstig paragraaf 1 werden geproduceerd. [3 Het mag geen negatief aanbod of nulprijs betreffen]3.
  
Art.27. § 1er. [3 Pour pouvoir bénéficier de garanties d'origine et, le cas échéant, de certificats verts, l'installation de production d'électricité verte située sur le territoire de la Région de Bruxelles-Capitale fait l'objet d'une certification préalable. Le Gouvernement définit les critères, la procédure et les modalités de cette certification.]3
  § 2. Le Gouvernement définit les critères et la procédure d'octroi, de reconnaissance, de révision et [4 de retrait de garanties d'origine]4. Ces critères portent notamment sur la capacité à contrôler la quantité d'électricité réellement produite. Les installations de faible puissance peuvent faire l'objet d'une procédure simplifiée. Le Gouvernement détermine le seuil de puissance sous lequel la procédure simplifiée est applicable. [4 ...]4
  [2 ...]2
  [2 ...]2
  [4 Le Gouvernement peut prévoir des exceptions pour l'octroi de garanties d'origine en fonction d'une capacité minimale de l'installation de production et de l'obtention d'une aide.
   Brugel est chargée de superviser la délivrance, le transfert et l'annulation des garanties d'origine de manière transparente, objective et non discriminatoire.
   Brugel peut établir une redevance à payer en cas de transfert ou d'annulation des garanties d'origine. Cette redevance est fonction du nombre de garanties d'origines concernées et est due par la personne qui se voit transférer la garantie d'origine ou en demande l'annulation. Brugel fixe les modalités de paiement de cette redevance.]4

  [2 § 2bis. Une garantie d'origine correspond à un volume type d'1 MWh [3 d'électricité verte]3. Au maximum une garantie d'origine est émise pour chaque unité d'énergie produite.
   La " garantie d'origine " qui accompagne l'électricité produite à partir de sources d'énergie renouvelables et/ou de cogénération à haut rendement mentionne :
   1° la source d'énergie à l'origine de la production;
   2° les quantités produites;
   3° les dates et lieu de production;
   4° le nom, l'emplacement, le type et la capacité de l'installation [4 dans laquelle l'énergie a été produite]4;
   5° le type, le montant et la période de validité de l'aide dont l'installation et/ou l'unité d'énergie a éventuellement bénéficié;
   6° la date à laquelle l'installation est entrée en service;
   7° la date et le pays d'émission et un numéro d'identification.
   Les garanties d'origine pour l'électricité produite à partir de cogénération à haut rendement contiennent également les informations suivantes :
   1° la valeur calorifique la plus faible de la source de combustible à partir de laquelle a été produite l'électricité;
   2° la quantité de chaleur utile générée parallèlement à l'électricité, et son utilisation;
   3° la quantité d'électricité produite par cogénération à haut rendement;
   4° les économies d'énergie primaire calculées sur la base des valeurs harmonisées de rendement de référence indiquées à l'annexe II, point f) de la Directive 2012/27/UE du Parlement européen et du Conseil du 25 octobre 2012 relative à l'efficacité énergétique, modifiant les Directives 2009/125/CE et 2010/30/UE et abrogeant les Directives 2004/8/CE et 2006/32/CE;
   5° le rendement nominal électrique et thermique de l'installation.
   Pour attester de sa fourniture verte, tout fournisseur remet [3 périodiquement]3 à Brugel un quota de garanties d'origine. Le Gouvernement arrête les modalités relatives à ce sujet.]2

  § 3. Si les producteurs visés au paragraphe 1er ne parviennent pas à vendre l'ensemble de leur production, [1 le fournisseur responsable du point de prélèvement et/ou d'injection est tenu de [3 faire sa meilleure offre pour le rachat de]3]1 l'électricité excédentaire produite conformément au paragraphe 1er. [3 Celle-ci ne peut pas être une offre de prix négatif ou de prix nul.]3
  
Art.28. <ORD 2006-12-14/45, art. 54, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007> § 1. [6 Om de productie van groene energie op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest te bevorderen wordt een systeem van groenestroom-certificaten ingevoerd.
   Brugel is belast met de toekenning van groenestroom-certificaten op basis van objectieve en niet-discriminerende criteria.
   Een systeem van overeenkomst tot aankoop van groenestroomcertificaten door de gewestelijke transmissie-netbeheerder, met een gegarandeerde minimumprijs van 65 euro, wordt ingevoerd. Alle kosten in verband met het systeem van overeenkomst tot aankoop door de gewestelijke transmissie-netbeheerder zijn een openbare dienst-verplichting. Iedere persoon die beschikt over een installatie die recht geeft op groenestroomcertificaten, beslist driemaandelijks of hij al dan niet gebruik maakt van het systeem van overeenkomst tot aankoop. De gewestelijke transmissienetbeheerder deelt Brugel minstens eenmaal per jaar de lijst van de aangekochte groenestroomcertificaten mee. Groenestroom-certificaten aangekocht door de gewestelijke transmissienetbeheerder worden rechtstreeks geannuleerd in de gegevensbank van groenestroom-certificaten die door Brugel werd ingericht. Brugel controleert de verplichtingen van de gewestelijke transmissienetbeheerder die uit deze paragraaf voortvloeien.
   Na advies van Brugel, bepaalt de regering de criteria, de voorwaarden, de procedure voor toekenning van groenestroomcertificaten en het systeem van overeenkomst tot aankoop door de gewestelijke transmissienetbeheerder.]6

  § 2. Iedere leverancier, met uitzondering van de distributienetbeheerder, levert aan [1 Brugel]1 een aantal groenestroomcertificaten af dat overeenstemt met de in deze paragraaf opgelegde jaarlijkse quota, vermenigvuldigd met het geheel van leveringen, uitgedrukt in MWu, in de loop van het jaar aan in aanmerking komende afnemers gevestigd op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, en gedeeld door 1 MWu.
  De quota is van :
  1° 2 % voor het jaar 2004;
  2° 2,25 % voor het jaar 2005;
  3° 2,5 % voor het jaar 2006.
  De Regering bepaalt, na advies van [1 Brugel]1, de quota voor de volgende jaren op basis van de evolutie van de groene-elektriciteitsmarkt en van de werking van de vrijgemaakte markt.
  [5 Het geheel van de geleverde volumes wordt berekend op basis van de door de netbeheerders verstrekte gegevens. Op voorstel van en na overleg met de marktspelers kan Brugel een correctie opnemen in de berekening van het aantal aan deze organisatie af te geven groenestroomcertificaten, om rekening te houden met de reconciliëringsvolumes. Na afloop van een openbare raadpleging kan Brugel een beslissing nemen waarin de modaliteiten van deze rectificatie nader worden toegelicht.]5
  Na advies van [1 Brugel]1, bepaalt de Regering de voorwaarden waaronder de leveranciers door andere overheden uitgegeven groenestroomcertificaten aan [1 Brugel]1 kunnen afleveren, alsook de praktische uitvoeringsregels van deze paragraaf.
  § 3. In geval van, gehele of gedeeltelijke,niet-uitvoering van de verplichting bepaald in § 2, legt [1 Brugel]1 op basis van een dossier voorbereid door [1 haar personeel]1 een boete op aan de betrokken leverancier overeenkomstig artikel 32.
  
Art.28. <ORD 2006-12-14/45, art. 54, 003; En vigueur : 01-01-2007>§ 1er. [6 En vue d'encourager la production d'électricité verte sur le territoire de la Région de Bruxelles-Capitale, il est établi un système de certificats verts.
   Brugel est chargée de la délivrance des certificats verts de manière objective et non discriminatoire.
   Un système de convention de rachat des certificats verts par le gestionnaire du réseau de transport régional, au prix minimum garanti de 65 euros, est instauré. L'ensemble des coûts liés au système de convention de rachat par le gestionnaire du réseau de transport régional constitue une obligation de service public. Toute personne disposant d'une installation donnant droit à des certificats verts décide trimestriellement si elle recourt ou non au système de convention de rachat. Le gestionnaire du réseau de transport régional communique au moins une fois par an à Brugel la liste des certificats verts achetés. Les certificats verts achetés par le gestionnaire du réseau de transport régional sont directement annulés dans la banque de données de certificats verts mise sur pied par Brugel. Brugel contrôle les obligations du gestionnaire du réseau de transport régional qui découlent du présent paragraphe.
   Après avis de Brugel, le gouvernement arrête les critères, les conditions, la procédure d'octroi des certificats verts et le système de convention de rachat par le gestionnaire du réseau de transport régional.]6

  § 2. Tout fournisseur, à l'exclusion du gestionnaire de réseau de distribution, remet à [1 Brugel]1 un nombre de certificats verts correspondant au produit du quota annuel qui lui est imposé en vertu du présent paragraphe, par le total des fournitures à des clients éligibles établis en Région de Bruxelles-Capitale, exprimées en MWh, qu'il a effectuées au cours de l'année, divisé par 1 MWh.
  Le quota est de :
  1° 2 % pour l'année 2004;
  2° 2,25 % pour l'année 2005;
  3° 2,5 % pour l'année 2006.
  Le Gouvernement arrête, après avis de [1 Brugel]1, les quotas pour les années suivantes, sur la base de l'évolution du marché de l'électricité verte et du fonctionnement du marché libéralisé.
  [5 Le total des volumes fournis est calculé sur la base des données fournies par les gestionnaires de réseaux. Sur proposition des acteurs de marché et après concertation avec ceux-ci, Brugel peut rectifier le décompte du nombre de certificats verts à lui remettre, pour tenir compte des volumes de réconciliation. Brugel peut, après consultation publique, adopter une décision précisant les modalités de cette rectification.]5
  Après avis de [1 Brugel]1, le Gouvernement détermine les conditions auxquelles des certificats verts émis par d'autres autorités peuvent être remis par les fournisseurs à [1 Brugel]1 ainsi que les modalités pratiques d'exécution du présent paragraphe.
  § 3. En cas d'inexécution totale ou partielle de l'obligation visée au § 2, une amende est imposée par [1 Brugel]1 au fournisseur défaillant conformément à l'article 32 sur la base d'un dossier préparé par [1 son personnel ]1.
  
Art. 28bis.   (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)">Opgeheven art. 46 van 20 JULI 2011. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen. (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)
Art. 28bis. [1 § 1. Elke natuurlijke of rechtspersoon kan lid zijn van een energiegemeenschap van burgers, op voorwaarde dat de voorwaarden die bij of krachtens deze ordonnantie worden opgelegd, worden nageleefd.
   § 2. De daadwerkelijke controle op de energiegemeenschap van burgers wordt alleen uitgeoefend door de leden ervan die natuurlijke personen zijn, lokale overheden of kleine ondernemingen waarvoor de energiesector niet het belangrijkste economische activiteitengebied is en die zich niet bezighouden met grootschalige commerciële activiteiten.]1

  
Art. 28bis.   (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)">Abrogé art. 46 van 20 JULI 2011. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen. (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)
Art. 28bis. [1 § 1er. Toute personne, physique ou morale, peut être membre d'une communauté d'énergie citoyenne moyennant le respect des conditions fixées par, ou en vertu de, la présente ordonnance.
   § 2. Le contrôle effectif de la communauté d'énergie citoyenne est exercé uniquement par ses membres qui sont des personnes physiques, des autorités locales ou des petites entreprises pour lesquelles le secteur de l'énergie n'est pas le principal domaine d'activité économique et qui n'exercent pas une activité commerciale à grande échelle.]1

  
HOOFDSTUK Vbis. [1 - Energiegemeenschappen en energiedelen.]1
CHAPITRE Vbis. [1 - Communauté et partage d'énergie.]1
Afdeling 1. [1 - Energiegemeenschap van burgers.]1
Section 1re. [1 - Communauté d'énergie citoyenne.]1
Art. 28ter. [1 § 1. Een energiegemeenschap van burgers kan elektriciteit produceren, verbruiken, opslaan of leveren. Ze kan eveneens deelnemen aan aggregatiediensten en flexibiliteitsdiensten, energiediensten of oplaaddiensten voor elektrische voertuigen aanbieden.
   § 2. Een energiegemeenschap van burgers kan intern een gezamenlijk gebruik van de elektriciteit die wordt geproduceerd door de productie-installaties die eigendom zijn van de gemeenschap organiseren, inclusief met als doeleinde het opladen van elektrische voertuigen.
   De toegangspunten van de leden van de energiegemeenschap van burgers die deelnemen aan het delen van elektriciteit worden elk gedekt door een leveringscontract met een houder van een leveringsvergunning.
   De energiegemeenschap van burgers is niet onderworpen aan de verplichtingen die ten laste komen van de leveranciers voor elektriciteit die binnen de gemeenschap wordt gedeeld.
   § 3. De energiegemeenschap van burgers oefent haar activiteiten uit met inachtneming van de voorwaarden vastgelegd door of krachtens deze ordonnantie.]1

  
Art. 28ter. [1 § 1er. La communauté d'énergie citoyenne peut produire, consommer, stocker ou fournir de l'électricité. Elle peut également participer à des services d'agrégation et fournir des services de flexibilité, des services énergétiques ou des services de recharge pour les véhicules électriques.
   § 2. La communauté d'énergie citoyenne peut organiser en son sein un partage de l'électricité produite par les installations de production dont la communauté a la propriété, y compris à des fins de recharge d'un véhicule électrique.
   Les points d'accès des membres de la communauté d'énergie citoyenne participant au partage de l'électricité sont chacun couverts par un contrat de fourniture auprès d'un titulaire d'une licence de fourniture.
   La communauté d'énergie citoyenne n'est pas soumise aux obligations à charge des fournisseurs pour l'électricité partagée en son sein.
   § 3. La communauté d'énergie citoyenne exerce ses activités dans le respect des conditions fixées par, ou en vertu, de la présente ordonnance.]1

  
Afdeling 2. [1 - Hernieuwbare-energiegemeenschap.]1
Section 2. [1 - Communauté d'énergie renouvelable.]1
Art. 28quater. [1 § 1. Elke natuurlijke persoon, lokale overheid of kleine of middelgrote onderneming kan lid zijn van een hernieuwbare-energiegemeenschap, met inachtneming van de voorwaarden vastgelegd door of krachtens deze ordonnantie, mits, voor ondernemingen, hun deelname aan een of meer energiegemeenschappen niet hun voornaamste commerciële of professionele activiteit is.
   § 2. De daadwerkelijke controle op de hernieuwbare-energiegemeenschap wordt alleen uitgeoefend door haar leden die gevestigd zijn in de nabijheid van de door de hernieuwbare-energiegemeenschap opgezette projecten.]1

  
Art. 28quater. [1 § 1er. Toute personne physique, autorité locale, ou petite ou moyenne entreprise, peut être membre d'une communauté d'énergie renouvelable, moyennant le respect des conditions fixées par, ou en vertu de, la présente ordonnance, sous réserve que, pour les entreprises, leur participation à une ou plusieurs communautés d'énergie ne constitue pas leur principale activité commerciale ou professionnelle.
   § 2. Le contrôle effectif de la communauté d'énergie renouvelable est exercé uniquement par ses membres qui se trouvent à proximité des projets élaborés par la communauté d'énergie renouvelable.]1

  
Art. 28quinquies. [1 § 1. Een hernieuwbare-energiegemeenschap kan elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen produceren, verbruiken, opslaan of leveren. Ze kan ook deelnemen aan aggregatiediensten en flexibiliteitsdiensten en energiediensten leveren.
   § 2. Een hernieuwbare-energiegemeenschap kan intern het delen organiseren van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen die wordt geproduceerd door de productie-installaties die eigendom zijn van de gemeenschap, inclusief voor doeleinden van het opladen van een elektrisch voertuig.
   De toegangspunten van de leden van de hernieuwbare-energiegemeenschap van burgers die deelnemen aan het delen van elektriciteit worden elk gedekt door een leveringscontract met een houder van een leveringsvergunning.
   De hernieuwbare-energiegemeenschap is niet onderworpen aan de verplichtingen die ten laste komen van de leveranciers voor elektriciteit die binnen de gemeenschap wordt gedeeld.
   § 3. De hernieuwbare-energiegemeenschap oefent haar activiteiten uit met inachtneming van de voorwaarden vastgelegd door of krachtens deze ordonnantie.]1

  
Art. 28quinquies. [1 § 1er. La communauté d'énergie renouvelable peut produire, consommer, stocker ou fournir de l'électricité issue de sources d'énergie renouvelables. Elle peut également participer à des services d'agrégation, fournir des services de flexibilité et des services énergétiques.
   § 2. La communauté d'énergie renouvelable peut organiser en son sein un partage de l'électricité issue de sources d'énergie renouvelables produite par les installations de production dont la communauté a la propriété, y compris à des fins de recharge d'un véhicule électrique.
   Les points d'accès des membres de la communauté d'énergie renouvelable participant au partage de l'électricité sont chacun couverts par un contrat de fourniture auprès d'un titulaire d'une licence de fourniture.
   La communauté d'énergie renouvelable n'est pas soumise aux obligations à charge des fournisseurs pour l'électricité partagée en son sein.
   § 3. La communauté d'énergie renouvelable exerce ses activités dans le respect des conditions fixées par, ou en vertu, de la présente ordonnance.]1

  
Afdeling 3. [1 - Lokale energiegemeenschap.]1
Section 3. [1 - Communauté d'énergie locale.]1
Art. 28sexies. [1 § 1. Elke natuurlijke persoon, lokale overheid of kleine of middelgrote onderneming kan lid zijn van een lokale energiegemeenschap, met inachtneming van de voorwaarden vastgelegd door of krachtens deze ordonnantie, mits, voor ondernemingen, hun deelname aan een of meer energiegemeenschappen niet hun voornaamste commerciële of professionele activiteit is.
   § 2. De daadwerkelijke controle op de lokale energiegemeenschap wordt alleen uitgeoefend door haar leden die gevestigd zijn in de nabijheid van de door de lokale energiegemeenschap opgezette projecten.
   § 3. De Regering kan de voorwaarden, zoals bedoeld in paragrafen 1 en 2, bepalen en aanvullen en er de modaliteiten van vastleggen.]1

  
Art. 28sexies. [1 § 1er. Toute personne physique, pouvoir public, ou petite ou moyenne entreprise, peut être membre d'une communauté d'énergie locale, moyennant le respect des conditions fixées par, ou en vertu de, la présente ordonnance, sous réserve que, pour les entreprises, leur participation à une ou plusieurs communautés d'énergie ne constitue pas leur principale activité commerciale ou professionnelle.
   § 2. Le contrôle effectif de la communauté d'énergie locale est exercé uniquement par ses membres qui se trouvent à proximité des projets élaborés par la communauté d'énergie locale.
   § 3. Le Gouvernement peut préciser et compléter les conditions visées aux paragraphes 1er et 2 et en fixer les modalités.]1

  
Art. 28septies. [1 § 1. De lokale energiegemeenschap mag enkel elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen produceren, verbruiken, opslaan en intern delen. Alleen de lokale energiegemeenschap kan eigenaar zijn, of een van haar leden kan of meerdere leden kunnen eigenaar zijn of houder van een gebruiksrecht op de productie-installaties die de gemeenschap gebruikt om de elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen te delen.
   § 2. De toegangspunten van de leden van de lokale energiegemeenschap die deelnemen aan het delen van elektriciteit worden elk gedekt door een leveringscontract met een houder van een leveringsvergunning.
   § 3. De lokale energiegemeenschap is niet onderworpen aan de verplichtingen die ten laste komen van de leveranciers voor elektriciteit die binnen de gemeenschap wordt gedeeld.
   § 4. De Regering kan de voorwaarden zoals bedoeld in paragrafen 1, 2 en 3 bepalen en aanvullen en er de modaliteiten van vastleggen]1

  
Art. 28septies. [1 § 1er. La communauté d'énergie locale peut uniquement produire, consommer, stocker et partager, en son sein, de l'électricité issue de sources d'énergie renouvelables. Seule la communauté d'énergie locale peut être propriétaire ou un ou plusieurs de ses membres peuvent être propriétaires ou titulaires d'un droit d'usage sur les installations de production que la communauté utilise pour partager de l'électricité issue de sources d'énergie renouvelables.
   § 2. Les points d'accès des membres de la communauté d'énergie locale participant au partage de l'électricité sont chacun couverts par un contrat de fourniture auprès d'un titulaire d'une licence de fourniture.
   § 3. La communauté d'énergie locale n'est pas soumise aux obligations à charge des fournisseurs pour l'électricité partagée en son sein.
   § 4. Le Gouvernement peut préciser et compléter les conditions visées aux paragraphes 1er, 2 et 3 et en fixer les modalités.]1

  
Afdeling 4. [1 - Gemeenschappelijke bepalingen.]1
Section 4. [1 - Dispositions communes.]1
Art. 28octies. [1 De deelname aan een energiegemeenschap is vrij en vrijwillig en gebeurt op basis van objectieve, transparante en niet-discriminerende criteria.]1
  
Art. 28octies. [1 La participation à une communauté d'énergie est libre et volontaire et se fait sur la base de critères objectifs, transparents et non discriminatoires.]1
  
Art. 28novies. [1 De leden van een energiegemeenschap behouden de rechten en plichten die voortvloeien uit hun hoedanigheid als netgebruiker.]1
  
Art. 28novies. [1 Les membres d'une communauté d'énergie conservent les droits et obligations découlant de leur qualité d'utilisateur du réseau.]1
  
Art. 28decies. [1 De energiegemeenschap kan rechtstreeks of via een aankoopgroepering toegang krijgen tot de elektriciteitsmarkt. De toegang tot de elektriciteitsmarkt mag niet discriminerend zijn.]1
  
Art. 28decies. [1 La communauté d'énergie peut accéder, directement ou par l'intermédiaire d'un agrégateur, au marché de l'électricité. L'accès au marché de l'électricité s'effectue de manière non discriminatoire.]1
  
Art. 28undecies. [1 De energiegemeenschap draagt de evenwichtsverantwoordelijkheid, of belast een evenwichtsverantwoordelijke met zijn verantwoordelijkheid.]1
  
Art. 28undecies. [1 La communauté d'énergie assure la fonction de responsable d'équilibre ou délègue sa responsabilité en matière d'équilibrage à un responsable d'équilibre.]1
  
Art. 28duodecies. [1 De energiegemeenschap is voor de activiteiten die door de energiegemeenschap worden uitgevoerd de enige contactpersoon van de betreffende netbeheerder en is verantwoordelijk voor het beheer van haar activiteiten.
   De energiegemeenschap maakt zich bij de betrokken netbeheerder kenbaar voor de uitvoering van zijn activiteiten volgens de in het technisch reglement vastgelegde voorwaarden.
   Desgevallend brengt de netbeheerder de leverancier die de titularis van het toegangspunt is ervan op de hoogte dat een activiteit van delen van elektriciteit plaatsvindt binnen een gemeenschap.]1

  
Art. 28duodecies. [1 La communauté d'énergie est l'interlocuteur unique du gestionnaire du réseau concerné pour les activités exercées par la communauté d'énergie et assume la responsabilité de la gestion de ses activités.
   La communauté d'énergie se déclare auprès du gestionnaire du réseau concerné préalablement à l'exercice de ses activités selon les conditions fixées dans le règlement technique.
   Le cas échéant, le gestionnaire de réseau informe le fournisseur titulaire du point d'accès lorsque celui-ci est concerné par une activité de partage d'électricité au sein d'une communauté.]1

  
Art. 28tredecies. [1 § 1. De statuten of andere gelijkwaardige oprichtingsdocumenten van energiegemeenschappen bevatten minstens de volgende elementen :
   1° de bepalingen met betrekking tot de daadwerkelijke controle van de energiegemeenschap en de wijze van uitoefening van het stemrecht binnen de energiegemeenschap en, in het geval van een hernieuwbare-energiegemeenschap en een lokale energiegemeenschap, de criteria volgens welke de voorwaarde van nabijheid als bedoeld in artikel 28quater, § 2 en in artikel 28sexies, § 2 zal worden vastgelegd ;
   2° de bepalingen die de autonomie van de energiegemeenschap waarborgen ten opzichte van haar individuele leden en ten opzichte van de andere marktspelers die op andere wijze met haar samenwerken ;
   3° een beschrijving van de ecologische, sociale of economische doelstellingen van de energiegemeenschap ;
   4° een beschrijving van de activiteiten die de energiegemeenschap mag uitoefenen ;
   5° de bepalingen met betrekking tot het gebruik van de eventuele winst die door de activiteiten van de energiegemeenschap wordt gegenereerd. Deze bepalingen garanderen dat het nastreven van milieu-, sociale of economische doelstellingen voorrang heeft op het nastreven van financieel gewin ;
   6° de bepalingen betreffende toetreding van de leden tot en uitstap uit de gemeenschap : deze bepalingen zijn transparant, objectief, billijk, niet-discriminerend en proportioneel ;
   7° de bepalingen betreffende de modaliteiten van overdracht en overgang van de aandelen en inbreng van de leden ;
   8° de bepalingen betreffende de duur en de ontbinding van de energiegemeenschap.
   § 2. De Regering kan nader bepalen en aanvullen welke bepalingen de statuten of andere gelijkwaardige oprichtingsdocumenten van energiegemeenschappen minimaal moeten bevatten.]1

  
Art. 28tredecies. [1 § 1er. Les statuts ou autres documents constitutifs équivalents des communautés d'énergie contiennent au minimum les éléments suivants :
   1° les dispositions relatives au contrôle effectif de la communauté d'énergie et aux modalités de l'exercice du droit de vote en son sein et, dans les cas d'une communauté d'énergie renouvelable et d'une communauté d'énergie locale, les critères selon lesquels sera établie la condition de proximité visée à l'article 28quater, § 2 et à l'article 28sexies, § 2 ;
   2° les dispositions garantissant l'autonomie de la communauté d'énergie vis-à-vis de ses membres individuels et des autres acteurs du marché qui coopèrent avec celle-ci sous d'autres formes ;
   3° une description des objectifs environnementaux, sociaux ou économiques de la communauté d'énergie ;
   4° une description des activités que la communauté d'énergie peut exercer ;
   5° les dispositions relatives à l'utilisation des profits, le cas échéant, générés par les activités de la communauté d'énergie. Ces dispositions assurent la primauté de la poursuite d'objectifs environnementaux, sociaux ou économiques sur la recherche du profit financier ;
   6° les dispositions relatives aux modalités d'entrée et de sortie des membres : ces modalités sont transparentes, objectives, équitables, non discriminatoires et proportionnées ;
   7° les dispositions relatives aux modalités de cession et de transmission des parts et apports des membres ;
   8° les dispositions relatives à la durée ainsi qu'à la dissolution de la communauté d'énergie.
   § 2. Le Gouvernement peut préciser et compléter les dispositions minimales des statuts ou autres documents constitutifs équivalents des communautés d'énergie.]1

  
Art. 28quattuordecies. [1 § 1. De deelnemers aan een activiteit van een energiegemeenschap sluiten elk een overeenkomst met deze energiegemeenschap. De overeenkomst omvat minstens de volgende elementen :
   1° de regels en verantwoordelijkheden die van toepassing zijn inzake de naleving van de persoonlijke levenssfeer en de bescherming van de persoonsgegevens ;
   2° de modaliteiten voor uitoefening van de activiteiten van de energiegemeenschap waaraan de deelnemer deelneemt ;
   3° in het geval van het delen van elektriciteit, de billijke, transparante en niet-discriminerende regels voor het delen en, desgevallend, factureren van elektriciteit en de netwerkkosten, belastingen, taksen, toeslagen, vergoedingen en bijdragen van alle aard die van toepassing zijn op deze elektriciteit ;
   4° de procedure die van toepassing is in het geval van niet-betaling : deze procedure omvat ten minste de verzending van een aanmaning en een ingebrekestelling ;
   5° de modaliteiten voor het opstarten van buitengerechtelijke procedures voor de beslechting van geschillen.
   De inhoud van de overeenkomst wordt uitgedrukt in duidelijke en begrijpelijke taal en omvat alle informatie die nuttig is om de partijen hun rechten en plichten te laten begrijpen. Deze overeenkomsten maken geen onderscheid tussen de deelnemers.
   § 2. De Regering kan de minimuminhoud van de overeenkomst bedoeld in paragraaf 1 vastleggen en aanvullen. Zij kan eveneens standaardregels voor het delen vastleggen die standaard van toepassing zijn en bepalen welke procedure van toepassing is in het geval van niet-betaling.]1

  
Art. 28quattuordecies. [1 § 1er. Les participants à une activité d'une communauté d'énergie concluent chacun avec ladite communauté d'énergie une convention portant sur ses droits et obligations. La convention contient au minimum les éléments suivants :
   1° les règles et responsabilités applicables en matière de respect de la vie privée et de protection des données à caractère personnel ;
   2° les modalités d'exercice des activités de la communauté d'énergie auxquelles le participant prend part ;
   3° en cas de partage d'électricité, les règles équitables, transparentes et non discriminatoires de partage et, le cas échéant, de facturation de l'électricité et des frais de réseau, impôts, taxes, surcharges, redevances et contributions de toute nature applicables à cette électricité ;
   4° la procédure applicable en cas de défaut de paiement : cette procédure comprend au minimum l'envoi d'un rappel et d'une mise en demeure ;
   5° les modalités de lancement des procédures extrajudiciaires pour le règlement des litiges.
   Le contenu de la convention est exprimé dans un langage clair et compréhensible et reprend toutes les informations utiles à la compréhension des droits et obligations des parties. Ces conventions ne créent pas de discrimination entre participants.
   § 2. Le Gouvernement peut préciser et compléter le contenu minimal de la convention visée au paragraphe 1er. Il peut également fixer des règles de partage standards applicables par défaut et préciser la procédure applicable en cas de défaut de paiement.]1

  
Art. 28quindecies. [1 Zonder op enigerlei wijze te kunnen discrimineren, met name wat betreft kosten, investeringen en tijd, waakt de gemeenschap erover dat ze, wanneer een lid van een energiegemeenschap niet langer wenst deel te nemen aan een door de energiegemeenschap georganiseerd delen van elektriciteit, binnen maximaal drie weken na de datum van het verzoek van dit lid stopt met het delen van elektriciteit met deze laatste, met inachtneming van de contractuele voorwaarden. Uiterlijk op 1 januari 2026 houdt de energiegemeenschap binnen 24 uur op met het delen van elektriciteit met dit lid. Dit recht geeft geen aanleiding tot extra kosten voor het lid.]1
  
Art. 28quindecies. [1 Sans qu'elle puisse discriminer de quelque façon, notamment en matière de coût, d'investissement et de temps, la communauté d'énergie, lorsqu'un membre d'une communauté d'énergie souhaite ne plus participer au partage de l'électricité organisé par la communauté d'énergie, dans le respect des conditions contractuelles, veille à cesser de partager de l'électricité avec ce membre dans un délai de maximum trois semaines à compter de la date de la demande du membre. Au plus tard pour le 1er janvier 2026, la communauté d'énergie cesse de partager de l'électricité avec ce membre dans un délai de vingt-quatre heures. Ce droit ne donne lieu à aucun surcoût pour le membre.]1
  
Art. 28sexiesdecies. [1 § 1. De energiegemeenschap is onderworpen aan de toekenning van een vergunning door Brugel, mits de door of krachtens deze ordonnantie vastgelegde voorwaarden worden nageleefd. Deze vergunning is geldig voor een periode van tien jaar, te rekenen vanaf de datum van afgifte, en kan worden verlengd.
   § 2. De eerste aanvraag of de aanvraag tot verlenging van de vergunning wordt aan Brugel gericht met behulp van het door Brugel ter beschikking gestelde modelformulier. Dit formulier is in duidelijke en begrijpelijke taal opgesteld. De aanvraag gaat ten minste vergezeld van de statuten of andere gelijkwaardige oprichtingsdocumenten van de energiegemeenschap zoals bedoeld in artikel 28tredecies.
   § 3. Brugel stelt de energiegemeenschap uiterlijk binnen zestig dagen na ontvangst van de vergunnings- of verlengingsaanvraag of na ontvangst van de gevraagde aanvullende informatie in kennis van haar met redenen omklede beslissing. Brugel brengt de minister, Leefmilieu Brussel en de netbeheerder in kwestie eveneens op de hoogte van haar beslissing.
   § 4. Brugel publiceert op haar website een lijst van de energiegemeenschappen wier vergunning werd goedgekeurd of vernieuwd, samen met een algemene beschrijving van hun activiteiten.
   § 5. Brugel ziet toe op de naleving door de energiegemeenschappen van de verplichtingen en criteria die hen door of krachtens deze ordonnantie worden opgelegd.
   § 6. De vergunning van een energiegemeenschap die niet meer voldoet aan de door of krachtens deze ordonnantie vastgestelde verplichtingen of die niet meer voldoet aan de door of krachtens deze ordonnantie vastlegde criteria, wordt door Brugel ingetrokken.
   § 7. De Regering kan, na advies van Brugel, de modaliteiten van de procedure voor het toekennen en verlengen van de vergunning aanvullen en de modaliteiten van de procedure voor het intrekken van de vergunning bepalen.]1

  
Art. 28sexiesdecies. [1 § 1er. La communauté d'énergie est soumise à l'octroi d'une autorisation délivrée par Brugel moyennant le respect des conditions fixées par ou en vertu de la présente ordonnance. Cette autorisation est valable pour une période de dix ans, renouvelable, à compter de sa délivrance.
   § 2. La demande initiale ou de renouvellement de l'autorisation est adressée à Brugel en utilisant le modèle de formulaire mis à disposition par Brugel. Ce formulaire est exprimé dans un langage clair et compréhensible. La demande est accompagnée au minimum des statuts ou autres documents constitutifs équivalents des communautés d'énergie visés à l'article 28tredecies.
   § 3. Brugel notifie sa décision motivée à la communauté d'énergie au plus tard dans les soixante jours suivant la réception de la demande d'autorisation ou de renouvellement ou de la réception des compléments d'informations requis qu'elle a sollicités. Brugel informe également de sa décision le ministre, Bruxelles Environnement et le gestionnaire du réseau concerné.
   § 4. Brugel publie sur son site internet la liste des communautés d'énergie ayant été autorisées ou renouvelées ainsi que le descriptif général de leurs activités.
   § 5. Brugel contrôle le respect par les communautés d'énergie des obligations et critères qui leur sont imposés par ou en vertu de la présente ordonnance.
   § 6. L'autorisation d'une communauté d'énergie qui ne respecte plus les obligations prévues par ou en vertu de la présente ordonnance ou qui ne répond plus aux critères fixés par ou en vertu de la présente ordonnance est retirée par Brugel.
   § 7. Après avis de Brugel, le Gouvernement peut compléter les modalités de la procédure d'octroi et de renouvellement de l'autorisation et détermine les modalités de la procédure de retrait de l'autorisation.]1

  
Art. 28septiesdecies. [1 Leefmilieu Brussel publiceert voor 31 december 2023, in overleg met Brugel, een studie over het potentieel, de ontwikkeling en de werking van de energiegemeenschappen, met inbegrip van eventuele ongerechtvaardigde belemmeringen en beperkingen voor hun ontwikkeling. De eerste studie moet uiterlijk in december 2023 worden gecommuniceerd en gepubliceerd.]1
  
Art. 28septiesdecies. [1 Bruxelles Environnement publie pour le 31 décembre 2023 une étude relative au potentiel, au développement et au fonctionnement des communautés d'énergie, y compris les éventuels obstacles et restrictions injustifiés à leur développement, en concertation avec Brugel.]1
  
HOOFDSTUK VI. - Kabels, directe lijnen en installaties.
CHAPITRE VI. - Câbles, lignes directes et installations.
Art.29. § 1. De gewestelijke transmissienetbeheerder heeft het recht kabels en installaties van 36 kV te onderhouden, te vervangen en eventueel aan te leggen, in het kader van het [1 ontwikkelingsplan]1 zoals bedoeld in artikel 12, § 2, eerste lid.
  Te dien einde beschikt hij over de rechten en is hij onderworpen aan de verplichtingen bepaald in artikel 13 en volgende van de wet van 10 maart 1925.
  Indien de gewestelijke transmissienetbeheerder geen intercommunale is, wordt het recht om de kabels en installaties aan te leggen zoals bepaald in lid 1, ondergeschikt gemaakt aan het verkrijgen van een vergunning van wegennet, afgeleverd overeenkomstig de artikelen 9 en volgende van de wet van 10 maart 1925.
  § 2. De distributienetbeheerder heeft het alleenrecht om kabels en installaties van minder dan 36 kV te onderhouden, te vervangen en aan te leggen in het kader van het [1 ontwikkelingsplan]1 zoals bedoeld in artikel 12, § 2, tweede lid.
  Hij beschikt bovendien over het recht om kabels en installaties van 36 kV te onderhouden, te vervangen en aan te leggen, in het kader van hetzelfde plan.
  De distributienetbeheerder beschikt te dien einde over de rechten en is onderworpen aan de plichten bepaald in artikel 13 en volgende van de wet van 10 maart 1925.
  (§ 3. De netbeheerders beschikken eveneens over het alleenrecht voor plaatsing van de aansluitings- en meetuitrustingen waaruit de aansluiting bestaat.
  Tenzij anders is overeengekomen, behouden de netbeheerders de eigendom van de overeenkomstig dit artikel geplaatste uitrustingen, zonder dat de eigenaar van het gebouw waarin de uitrustingen geïnstalleerd zijn zich kan beroepen op het recht van natrekking.
  § 4. Wanneer de netbeheerder, in overeenstemming met de voorgaande paragrafen, een transformatorcabine plaatst op een privéterrein, dan zal deze plaatsing aanleiding geven tot een schadeloosstelling onder de voorwaarden voorzien in het technisch reglement, voor zover deze cabine, in normale uitbatingwijze, niet bedoeld is om uitsluitend de installaties die aangesloten zijn op het terrein in kwestie van stroom te voorzien.) <ORD 2006-12-14/45, art. 55, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  
Art.29. § 1er. Le gestionnaire du réseau de transport régional dispose du droit de maintenir, de remplacer et, le cas échéant, de poser des câbles et des installations de 36 kV, dans le cadre du [1 plan de développement]1 visé à l'article 12, § 2, alinéa 1.
  Il dispose a cette fin des droits et est soumis aux obligations visés par les articles 13 et suivants de la loi du 10 mars 1925.
  Lorsque le gestionnaire du réseau de transport régional n'est pas une intercommunale, le droit de poser des câbles et des installations prévu à l'alinéa 1er est subordonné à l'obtention d'une permission de voirie délivrée conformément aux articles 9 et suivants de la loi du 10 mars 1925.
  § 2. Le gestionnaire du réseau de distribution dispose du droit exclusif de maintenir, de remplacer et de poser les câbles et les installations de moins de 36 kV, dans le cadre du [1 plan de développement]1 visé à l'article 12, § 2, alinéa 2.
  Il dispose en outre du droit de maintenir, de remplacer et de poser des câbles et des installations de 36 kV dans le cadre de ce même plan.
  Le gestionnaire du réseau de distribution dispose à cette fin des droits et est soumis aux obligations visés aux articles 13 et suivants de la loi du 10 mars 1925.
  (§ 3. Les gestionnaires de réseau disposent également du droit exclusif de poser les équipements de raccordement et de comptage constitutifs du branchement.
  A moins qu'il n'en soit convenu autrement, les gestionnaires de réseau conservent la propriété des équipements placés conformément au présent article, sans que le propriétaire de l'immeuble dans lequel les équipements sont installés ne puisse se prévaloir du bénéfice de l'accession.
  § 4. Lorsque le gestionnaire de réseau place, conformément aux paragraphes précédents, une cabine de transformation sur un site privatif, ce placement pourra donner lieu à une indemnisation dans les conditions prévues par le règlement technique pour autant que cette cabine ne soit pas, en mode d'exploitation normale, destinée à servir exclusivement à l'alimentation des installations raccordées sur le site en question.) <ORD 2006-12-14/45, art. 55, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  
Art.30. § 1. Directe lijnen met een spanning gelijk aan of kleiner dan 70 kV kunnen worden aangelegd mits de voorafgaande toekenning van een individuele vergunning afgeleverd door de Minister. De vergunning vermeldt de rechten en verplichtingen van de houder.
  [2 De minister kan, mits voldaan wordt aan de voorwaarden vastgelegd in paragraaf 2, de aanleg van alle directe lijnen bestemd voor elektriciteitstoevoer toestaan :
   1° van een vestiging, een dochteronderneming of een eindafnemer, door een elektriciteitsproducent en -leverancier, zonder aan onevenredige administratieve procedures of kosten te worden onderworpen ;
   2° van een eindafnemer, individueel of collectief, door een elektriciteitsproducent en -leverancier.]2

  § 2. De Regering bepaalt de criteria [1 objectieve en niet-discriminerende]1 en de toekenningsprocedure voor de vergunningen bepaald in § 1. De toekenning van een vergunning is slechts mogelijk na weigering van toegang tot het gewestelijk transmissienet of tot het distributienet. [1 De mogelijkheden van elektriciteitslevering door directe lijnen tast de mogelijkheid om elektriciteitsleveringscontracten te sluiten met de leverancier van zijn keuze niet uit.]1
  § 3. Het aanleggen van een directe lijn ontneemt de leverancier zijn leveringsvergunning zoals bepaald in artikel 21, niet.
  
Art.30. § 1er. Des lignes directes d'une tension inférieure ou égale à 70 kV peuvent être établies moyennant l'octroi préalable d'une autorisation individuelle délivrée par le Ministre. L'autorisation détermine les droits et obligations de son titulaire.
  [2 Le ministre peut, sous respect des conditions prévues au paragraphe 2, autoriser la construction de toute ligne directe qui est destinée à l'alimentation en électricité :
   1° d'un établissement, d'une filiale ou d'un client final, par un producteur et un fournisseur d'électricité, sans être soumis à des procédures ou à des coûts administratifs disproportionnés ;
   2° d'un client final, individuellement ou collectivement, par un producteur et un fournisseur d'électricité.]2

  § 2. Le Gouvernement arrête les critères [1 objectifs et non discriminatoires]1 et la procédure d'octroi des autorisations visées au paragraphe 1. L'octroi d'une autorisation est en tout cas subordonné au refus d'accès au réseau de transport régional ou au réseau de distribution. [1 Les possibilités de fourniture d'électricité par ligne directe n'affectent pas la possibilité de conclure des contrats de fourniture d'électricité avec le fournisseur de son choix.]1
  § 3. L'établissement d'une ligne directe ne dispense pas le fournisseur d'être titulaire de l'autorisation de fourniture visée à l'article 21.
  
HOOFDSTUK VIbis. Reguleringsautoriteit.
CHAPITRE VIbis. Autorité de régulation.
Art. 30bis. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 56; Inwerkingtreding : 01-01-2007> § 1. Een Reguleringscommissie voor energie wordt opgericht in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, genaamd Brussel Gas Electriciteit, afgekort " BRUGEL ". [2 ...]2.
  [1 Brugel]1 is een [3 autonome instelling die beschikt over een publiekrechtelijke rechtspersoonlijkheid]3. Haar zetel is gevestigd in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  [10 ...]10
  § 2. [1 Brugel]1 wordt bekleed met een opdracht tot verlening van advies aan de overheid over de organisatie en de werking van de gewestelijke energiemarkt enerzijds, en met een algemene opdracht van toezicht op en controle van de toepassing van de hiermee verband houdende ordonnanties en besluiten anderzijds.
  [1 Brugel]1 is belast met volgende opdrachten :
  1° het geven van adviezen, studies of gemotiveerde beslissingen, en het indienen van voorstellen in de gevallen die voorzien zijn door deze ordonnantie en door de bovenbedoelde ordonnantie van 1 april 2004 of hun uitvoeringsbesluiten;
  2° op eigen initiatief of op vraag van de Minister of de Regering, het uitvoeren van onderzoeken en studies [4 of het geven van adviezen,]4 betreffende de elektriciteits- en gasmarkt;
  3° het jaarlijks publiceren van een verslag betreffende de resultaten van de controle uitgevoerd door [1 haar personeel]1 over de jaarlijkse rendementen van de uitbatingsinstallaties, bedoeld in artikel 2, 6°bis;
  4° [10 de technische reglementen goedkeuren en wijzigen overeenkomstig artikel 9ter van deze ordonnantie en artikel 9 van de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de toepassing ervan te controleren ;]10
  5° het opstellen van de voorwaarden voor vergunningen die worden afgeleverd voor de constructie van nieuwe directe lijnen;
  6° [8 een advies verstrekken betreffende de erkenning van een gewestelijk tractienet spoor of een stationsnet;]8
  7° het goedkeuren, elk jaar, van het verslag over de werking van de markt van de groene certificaten en de garanties van oorsprong dat [4 ...]4 wordt opgesteld ten behoeve van de Regering;
  8° het samenwerken met de gewestelijke, federale en Europese regulatoren van de elektriciteits- en de gasmarkt;
  9° [10 de volgende documenten opstellen en meedelen aan het Parlement :
   a) een jaarverslag over de ontwikkelingen op de elektriciteits- en de gasmarkt, waarin ten minste een analyse is opgenomen van de maatregelen die door de distributienetbeheerder en de leveranciers zijn genomen in het kader van de uitvoering van hun openbaredienstverplichtingen en van de behaalde resultaten, voornamelijk met betrekking tot de rechten van huishoudelijke en professionele afnemers ;
   b) een jaarlijks activiteitenverslag over de nakoming van haar verplichtingen, met een staat van haar werkingskosten en de wijze waarop deze worden gedekt, met inbegrip van een overzicht van haar activa/passiva en het verslag van het Rekenhof ;
   De in punten a) en b) bedoelde jaarverslagen worden in aanwezigheid van de minister aan het Parlement voorgelegd ;
   Brugel publiceert de in punten a) en b) bedoelde jaarverslagen binnen een maand na goedkeuring op haar website ;]10

  10° het vervullen van alle andere taken die haar worden toevertrouwd door de ordonnanties en besluiten, verordeningen en beslissingen van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt en de gasmarkt;
  11° het beschikken over een controlebevoegdheid ter plaatse en deze controles te laten uitoefenen door [1 haar personeel]1;
  12° het publiceren van haar adviezen, studies en beslissingen binnen een termijn van 21 dagen, behalve wat betreft de elementen voor dewelke vertrouwelijkheid vereist is;
  13° [10 het ter beschikking stellen aan de eindafnemers van instrumenten voor informatie over de situatie en de organisatie van de elektriciteits- en gasmarkt en over de bepalingen van deze ordonnantie en de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, met name op basis van de informatie die periodiek aan de leveranciers en distributienetbeheerders wordt gevraagd. Deze instrumenten bestaan met name uit het op de website van Brugel gratis ter beschikking stellen van een tool voor de vergelijking van leveringscontracten, met inbegrip van de leveringscontracten op basis van een dynamische elektriciteitsprijs, met alle nuttige functies om een transparante vergelijking van leveringscontracten beschikbaar op de elektriciteits- en gasmarkt mogelijk te maken. Deze vergelijkingstool voldoet aan de volgende vereisten :
   a) hij is gratis toegankelijk en dekt de hele Brusselse markt ;
   b) hij vermeldt duidelijk dat de vergelijkingstool ontwikkeld is door Brugel, alsook hoe het instrument wordt gefinancierd ;
   c) hij garandeert de onafhankelijkheid van de marktspelers, in het bijzonder door alle elektriciteits- of gasbedrijven op dezelfde manier te verwerken in de zoekresultaten ;
   d) hij publiceert duidelijke en objectieve criteria als basis voor de vergelijking, waaronder de diensten ;
   e) hij maakt gebruik van duidelijke en ondubbelzinnige bewoordingen ;
   f) hij geeft nauwkeurige en geactualiseerde informatie, met vermelding van het tijdstip van de meest recente actualisering ;
   g) hij is toegankelijk voor personen met een handicap door waarneembaar, bedienbaar, begrijpelijk en robuust te zijn ;
   h) hij biedt een doeltreffende procedure om onjuiste informatie over gepubliceerde aanbiedingen te melden ;
   i) hij voert vergelijkingen uit waarbij de opgevraagde persoonlijke gegevens strikt beperkt blijven tot gegevens die strikt noodzakelijk zijn voor de vergelijking ;
   De leveranciers bezorgen Brugel informatie over de aan de eindafnemers voorgestelde producten en diensten, met het oog op de opname daarvan in de vergelijkingstool, vermeld in het eerste lid. Brugel bepaalt de manier waarop bovenvermelde informatie wordt doorgegeven ;]10

  [10 13° bis de informatieverstrekking aan de eindafnemers over het statuut van beschermde afnemer en over hun rechten en plichten op de elektriciteits- en gasmarkt, meer bepaald de verplichting een leveringscontract te sluiten en de verplichtingen in geval van wijziging van leveringspunt. Deze informatie wordt verstrekt op verschillende dragers, in duidelijke en begrijpelijke taal ;]10
  [4 14° onderzoeken het niveau van transparantie, met inbegrip van groothandelsprijzen, en waken over de naleving van de transparantieverplichtingen door de elektriciteitsbedrijven;
   15° [10 de aan de eindafnemers aangerekende prijzen onderzoeken, inclusief de systemen voor vooruitbetaling, de impact van het gebruik van slimme meters, de overstappercentages, het aantal afsluitingen, de verhouding tussen de huishoudelijke tarieven voor gezinnen en de groothandelsprijzen, de evolutie van de belastingen en vergoedingen die van toepassing zijn op het gebruik van het distributienet en de levering van elektriciteit, de klachten van huishoudelijke afnemers en de eventuele concurrentieverstoringen of -beperkingen van de concurrentie en, desgevallend, de Belgische Mededingingsautoriteit hiervan op de hoogte brengen ;]10
   16° onderzoeken het vóórkomen van praktijken die [10 ...]10 afnemers kunnen weerhouden van of hen beperkingen kunnen opleggen met betrekking tot een keuze voor het gelijktijdig sluiten van overeenkomsten met meer dan een leverancier, en in voorkomend geval de Raad voor de Mededinging van dergelijke praktijken in kennis stellen;
   17° [8 toezien op de prestatie-indicatoren die werden vastgelegd op grond van artikel 12, § 4;]8
   18° samen met andere betrokken instanties helpen waarborgen dat de maatregelen ter bescherming van de eindafnemers doeltreffend zijn en gehandhaafd worden;
   19° enerzijds de eindafnemers snel en gratis [10 en niet-discriminerende toegang]10 verlenen tot hun verbruiksgegevens, alsook de mogelijkheid bieden om deze gegevens, met uitdrukkelijke toestemming en kosteloos, ter beschikking te stellen van elk geregistreerd leveringsbedrijf; anderzijds het ter beschikking stellen van een gemakkelijk te begrijpen facultatieve methode voor het voorstellen van deze gegevens.]4

  [6 20° het beheer van de databank van de groenestroomcertificaten en de garanties van oorsprong verzekeren;]6
  [6 21° [10 erop toezien dat de netbeheerders de criteria voor de weigering van toegang tot hun netwerk op uniforme wijze toepassen en dat netgebruikers aan wie de toegang is geweigerd een procedure kunnen aanspannen bij de Geschillendienst overeenkomstig artikel 30novies ;]10]6
  [8 22° de toegang tot, de deelname en de ontwikkeling van flexibiliteitsdiensten faciliteren;
   23° waken over de correcte toepassing van de tarieven voor de gas- en elektriciteitsdistributie die ze heeft goedgekeurd door de distributienetbeheerder en de leveranciers, overeenkomstig de bepalingen van afdeling IIquater van deze ordonnantie en van hoofdstuk IIIbis van de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;]8

  [10 24° toezicht houden op oneerlijke en onrechtmatige praktijken in verband met leveringscontracten op basis van een dynamische elektriciteitsprijs ;
   25° toezicht houden op het congestiebeheer van de netten en op de toepassing van de regels voor congestiebeheer ;
   26° indicatieve richtsnoeren of bepalingen opstellen met betrekking tot de plaatsingsprocedures voor concessie voor diensten betreffende de eigendom van voor het publiek toegankelijke oplaadpunten op de openbare weg die de billijkheid van de plaatsingsprocedures garanderen ;
   27° het vooronderzoek uitvoeren en de technische clausules en gunningscriteria van de door de distributienetbeheerder georganiseerde plaatsingsprocedures voor concessie voor diensten met betrekking tot de eigendom van voor het publiek toegankelijke oplaadpunten op de openbare weg goedkeuren binnen de dertig dagen na ontvangst ervan ;
   28° de geselecteerde producten en de open, transparante en niet-discriminerende voorwaarden goedkeuren van de door de netbeheerder georganiseerde plaatsingsprocedures voor openbare aanbestedingen voor de aankoop van niet-frequentiegerelateerde ondersteunende diensten ;
   29° de op grond van artikelen 59, 60 en 61 van verordening (EU) nr. 2019/943 vastgelegde netcodes en richtsnoeren door middel van gewestelijke maatregelen ten uitvoer te leggen ;
   30° de juridisch bindende beslissingen van de Commissie en van ACER naleven en ten uitvoer leggen ;
   31° ervoor zorgen dat er geen sprake is van kruissubsidies tussen distributie- en leveringsactiviteiten of andere activiteiten in de elektriciteitssector ;
   32° de prestaties van de distributienetbeheerder met betrekking tot de ontwikkeling van een slim net dat energie-efficiëntie en de integratie van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen bevordert, controleren en evalueren, aan de hand van een beperkt aantal indicatoren, en om de twee jaar een verslag publiceren met aanbevelingen ;
   33° normen en eisen voor de kwaliteit van de dienstverlening en de kwaliteit van de leveringen goedkeuren, of hieraan bijdragen in samenwerking met andere bevoegde instanties, en toezien op de naleving van de regels voor de veiligheid en betrouwbaarheid van het net en hun prestaties in het verleden beoordelen ;
   34° toezicht houden op de uitvoering van de regels met betrekking tot de functies en verantwoordelijkheden van de gewestelijke transmissienetbeheerder, de distributienetbeheerder, de leveranciers, de eindafnemers en de andere marktspelers krachtens verordening (EU) 2019/943 ;
   35° de vergunningen van energiegemeenschappen toekennen, vernieuwen en intrekken ;
   36° een periodieke kosten-batenanalyse uitvoeren met betrekking tot de energiegemeenschappen en het delen van elektriciteit. De eerste studie moet uiterlijk op 31 december 2023 op de website van Brugel worden gepubliceerd ;
   37° het wegwerken van ongerechtvaardigde belemmeringen en beperkingen voor de ontwikkeling van energiegemeenschappen en het verbruik en het delen van zelf opgewekte elektriciteit beoordelen ;
   38° leveringsvergunningen, leveringsvergunningen van flexibiliteitsdiensten en leveringsvergunningen van aggregatiediensten toekennen, vernieuwen, overdragen en intrekken ;
   39° een jaarverslag publiceren, uiterlijk op 30 oktober, over de op de markt beschikbare diensten in verband met het gebruik van de functies van de slimme meters ;
   40° toezicht houden op de contracten en de modaliteiten van de organisatie van de collectieve verandering van leveranciers ;
   41° goedkeuren van de standaardcontracten en de algemene voorwaarden die door de netbeheerders aan de leveranciers, netgebruikers en toegangshouders worden opgelegd, ter gelegenheid van, wegens of na een aansluiting, een toegang tot het net en de wijzigingen daarvan.]10

  De Regering kan deze [4 opdrachten]4 nader bepalen in een besluit.
  § 3. [5 Brugel oefent de volgende bevoegdheden op onpartijdige en transparante wijze uit :
   1° bindende besluiten vast te stellen in verband met [7 bedrijven actief op het gebied van elektriciteit en/of gas]7 in geval van niet-naleving van de bepalingen van deze ordonnantie, de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en hun uitvoeringsbesluiten;
   2° onderzoeken uitvoeren naar de werking van de [7 elektriciteit- en gasmarkten]7 en noodzakelijke en evenredige maatregelen opleggen om daadwerkelijke mededinging te bevorderen en de goede werking van de markt te waarborgen. [8 Hiertoe kan het de prestatiedoelstellingen van de marktspelers vastleggen.]8 In voorkomend geval, is Brugel ook bevoegd om samen te werken met de Raad voor de Mededinging en de marktregulators van de financiële markt in het kader van een onderzoek in verband met de mededingingswetgeving;
   3° opvragen bij de beheerders [8 inclusief de beheerders van het gewestelijk tractienet spoor of het stationsnet]8 van informatie die relevant is voor de uitvoering van haar taken, met inbegrip van verklaringen voor de weigering een derde partij toegang te geven [8 hun net aan]8 en informatie over maatregelen die nodig zijn om het net te versterken [8 en om de prestatiedoelstellingen overeenkomstig punt 2° vast te leggen]8;
   4° over passende bevoegdheden om onderzoek te voeren en nodige onderzoeksbevoegdheden met het oog op geschillenbeslechting beschikken;
   5° [10 ...]10]5

  [5 ]5 zich door een producent, een netbeheerder, de houder van een leveringsvergunning of om het even welke actor op de markt de gegevens en informatie te laten meedelen die ze nodig heeft voor de uitvoering van haar taken;
  [7 7° een tariefmethodologie opstellen voor de elektriciteitdistributie, overeenkomstig de bepalingen van afdeling IIquater van deze ordonnantie en voor de gasdistributie, overeenkomstig hoofdstuk IIIbis van de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;]7
  [7 8° beslissen over de goedkeuring van de tarieven voor de elektriciteitsdistributie, overeenkomstig de bepalingen van afdeling IIquater van deze ordonnantie en voor de gasdistributie, overeenkomstig het hoofdstuk IIIbis van de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.]7
  Degene aan wie een aanvraag tot mededeling van gegevens of informatie wordt gericht, is verplicht mee te werken binnen de door [1 Brugel]1 meegedeelde termijn. De gegevens of informatie die worden meegedeeld door een producent, een netbeheerder, de houder van een leveringsvergunning of elke andere actor van de markt voor elke activiteit die betrekking heeft op de uitvoering van deze ordonnantie, mogen slechts worden gebruikt in het kader van deze ordonnantie.
  [5 [9 Leefmilieu Brussel]9 kan in het kader van zijn opdrachten Brugel verzoeken om hem de gegevens te bezorgen die worden meegedeeld op grond van dit paragraaf.]5
  § 4. Tenzij hierover anders wordt beslist in een specifieke bepaling, is [1 Brugel]1 gehouden, indien deze ordonnantie of de uitvoeringsbesluiten ervan het advies van [1 Brugel]1 eisen, om haar advies te geven binnen een termijn van veertig dagen vanaf de datum van ontvangst van de schriftelijke aanvraag. Indien ze geen advies geeft binnen de bovenvermelde termijn, wordt ze geacht een gunstig advies te hebben gegeven.
  [8 § 5. [10 Brugel maakt elk jaar ten laatste op 1 september de jaarverslagen zoals bedoeld in § 2, 9°, over aan het Parlement en legt ze voor. Een keer per jaar legt Brugel aan het Parlement de belangrijkste gebeurtenissen van het afgelopen jaar voor, alsook de inzet van zijn beslissingen en de samenhang van deze beslissingen met het beleid van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest op het gebied van energie, water en mobiliteit.
   Indien in de loop van het jaar waarop het verslag betrekking heeft wijzigingen zijn aangebracht in het technisch reglement, geeft Brugel een gedetailleerde toelichting over deze wijzigingen en de redenen daarvoor.
   Het Parlement kan Brugel oproepen om het te horen over elk onderwerp dat onder haar bevoegdheden valt.]10
]8

  [8 § 6. De raad van bestuur beschikt over alle beheersbevoegdheden op het vlak van materies die onder de bevoegdheid van Brugel ressorteren [10 en is verantwoordelijk voor alle door Brugel genomen beslissingen]10.
  [10 De raad van bestuur kan de uitoefening van een van zijn bevoegdheden inzake dagelijks beheer uitbesteden aan de directeurs die in overeenstemming met paragraaf 7 zijn aangesteld. De volgende bevoegdheden kunnen in geen geval worden gedelegeerd :
   1° de goedkeuring van de begroting, de rekeningen en het personeelsplan ;
   2° de uitoefening van de bevoegdheid om administratieve sancties op te leggen en het bepalen van straffen ;
   3° de goedkeuring van alle adviezen, studies, verslagen, voorstellen of beslissingen met een niet strikt operationele reikwijdte, met inbegrip van beslissingen met betrekking tot technische reglementen, ontwikkelingsplannen, openbaredienstopdrachten, tariefmethodologieën, tariefsaldi en tarieven ;
   4° het vetorecht tegen beslissingen die genomen werden binnen het samenwerkingsplatform beoogd in artikel 9ter.]10

   § 7. [10 De raad van bestuur duidt twee directeurs aan. De ene is Nederlandstalig en de andere is Franstalig. De twee directeurs nemen alle organisatorische maatregelen die nodig zijn om het functioneren van Brugel en de goede uitvoering van zijn taken te waarborgen. Ze oefenen tevens de bevoegdheden uit die hen worden toevertrouwd door de raad van bestuur onder toezicht van deze laatste.]10]8

  [10 § 8. Het ontwerp van begroting van Brugel wordt ter goedkeuring overgemaakt aan het Parlement. Brugel legt de toewijzing van de goedgekeurde begroting artikel per artikel vast.
   De Regering neemt een beslissing over de dotatie van Brugel op basis van de door het Parlement goedgekeurde begroting.
   Brugel maakt haar jaarrekening uiterlijk op 31 mei volgend op het jaar in kwestie over aan het Parlement en het Rekenhof. Het Rekenhof controleert de jaarrekening van Brugel en legt zijn auditverslag voor aan het Parlement.
  [11 De algemene rekening en de eindregeling van de begroting van BRUGEL worden door BRUGEL aan het Parlement overgemaakt uiterlijk op 31 oktober van het jaar dat volgt op het begrotingsjaar waarop deze algemene rekening en deze eindregeling van de begroting betrekking hebben. De goedkeuring door het Parlement vindt uiterlijk op 31 december van het jaar van die overmaking plaats.]11
   § 9. Brugel voert haar administratief, budgettair en boekhoudkundig beheer onafhankelijk.]10

  
Art. 30bis. § 1er. Il est créé une Commission de régulation pour l'énergie en Région de Bruxelles-Capitale, dénommée " Bruxelles Gaz Electricité ", en abrégé " BRUGEL ". [2 ...]2.
  [1 Brugel]1 [3 est un organisme autonome doté]3 de la personnalité juridique de droit public. Son siège est situé dans la Région de Bruxelles-Capitale.
  [10 ...]10
  § 2. [1 Brugel]1 est investie d'une mission de conseil auprès des autorités publiques en ce qui concerne l'organisation et le fonctionnement du marché régional de l'énergie, d'une part, et d'une mission générale de surveillance et de contrôle de l'application des ordonnances et arrêtés y relatifs, d'autre part.
  [1 Brugel]1 est chargée des missions suivantes :
  1° donner des avis, études ou décisions motivés et soumettre des propositions dans les cas prévus par la présente ordonnance et par l'ordonnance susvisée du 1er avril 2004 ou leurs arrêtés d'exécution;
  2° d'initiative ou à la demande du Ministre ou du Gouvernement, effectuer des recherches et des études [4 ou donner des avis, relatifs]4 au marché de l'électricité et du gaz;
  3° publier annuellement un rapport concernant les résultats du contrôle effectué par [1 son personnel]1 sur les rendements annuels d'exploitation des installations visées à l'article 2, 6°bis;
  4° [10 approuver et modifier les règlements techniques conformément à l'article 9ter de la présente ordonnance et l'article 9 de l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale et exercer un contrôle sur leur application ;]10
  5° établir les conditions des autorisations délivrées pour la construction de nouvelles lignes directes;
  6° [8 rendre un avis relatif à la reconnaissance d'un réseau de traction ferroviaire régional ou d'un réseau de gares ;]8
  7° approuver, chaque année, le rapport sur le fonctionnement du marché des certificats verts et des garanties d'origine rédigé [4 ...]4 à l'attention du Gouvernement;
  8° coopérer avec les régulateurs régionaux, fédéraux et européens des marchés de l'électricité et du gaz;
  9° [10 établir et communiquer au Parlement :
   a) un rapport annuel sur l'évolution des marchés de l'électricité et du gaz, comprenant au minimum une analyse des mesures prises par le gestionnaire du réseau de distribution et les fournisseurs dans le cadre de leurs obligations de service public et des résultats obtenus, essentiellement en matière de droit des clients résidentiels et professionnels ;
   b) un rapport d'activités annuel portant sur l'exécution de ses obligations, reprenant un état de ses frais de fonctionnement et de leur mode de couverture, y compris une situation actif/passif et le rapport de la Cour des comptes ;
   Les rapports annuels visés aux points a) et b) sont présentés au Parlement, en présence du ministre ;
   Brugel publie dans le mois de leurs adoptions les rapports annuels visées aux points a) et b) sur son site internet ;]10

  10° accomplir toutes les autres tâches qui lui sont confiées par les ordonnances et arrêtés, règlements et décisions du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale en matière d'organisation des marchés de l'électricité et du gaz;
  11° disposer d'un pouvoir de contrôle sur place et faire effectuer ces contrôles par [1 son personnel]1;
  12° publier ses avis, études et décisions, dans un délai de 21 jours, sauf en ce qui concerne les éléments pour lesquels la confidentialité est requise;
  13° [10 mettre à disposition des clients finals des outils d'information sur la situation et l'organisation des marchés de l'électricité et du gaz ainsi que sur les dispositions de la présente ordonnance et de l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale, notamment sur la base des informations demandées périodiquement aux fournisseurs et gestionnaires de réseau. Ces outils consistent notamment en la mise à disposition gratuite sur le site internet de Brugel d'un outil de comparaison des contrats de fourniture, y compris des contrats de fourniture à tarification dynamique, muni de toutes les fonctionnalités utiles permettant la comparaison transparente des contrats de fourniture disponibles sur les marchés de l'électricité et du gaz. Cet outil de comparaison répond aux exigences suivantes :
   a) il est accessible gratuitement et couvre l'ensemble du marché bruxellois ;
   b) il indique clairement que l'outil de comparaison est développé par Brugel ainsi que son mode de financement ;
   c) il garantit l'indépendance par rapport aux acteurs du marché notamment en réservant le même traitement à toutes les entreprises d'électricité ou de gaz dans les résultats de recherche ;
   d) il publie les critères clairs et objectifs sur la base desquels la comparaison est effectuée, y compris les services ;
   e) il utilise un langage clair et dénué d'ambiguïté ;
   f) il fournit des informations exactes et à jour et indique la date et l'heure de la dernière mise à jour ;
   g) il est accessible aux personnes handicapées en étant perceptible, exploitable, compréhensible et robuste ;
   h) il prévoit une procédure efficace de signalement des informations inexactes quant aux offres publiées ;
   i) il effectue des comparaisons en limitant les données à caractère personnel demandées à celles qui sont strictement nécessaires à la comparaison ;
   Les fournisseurs transmettent à Brugel des informations sur les produits et services proposés aux clients finals, en vue de les inclure dans l'outil de comparaison visé à l'alinéa 1er. Brugel détermine les modalités de transmission des informations précitées ;]10

  [10 13° bis informer les clients finals sur le statut de client protégé et sur leurs droits et obligations sur les marchés de l'électricité et du gaz, notamment l'obligation de conclure un contrat de fourniture et les obligations en cas de changement de point de fourniture. Ces informations sont délivrées sur des supports variés, dans un langage clair et compréhensible ;]10
  [4 14° examiner le degré de transparence, y compris des prix de gros, et veiller au respect des obligations de transparence par les entreprises d'électricité;
   15° [10 examiner les prix facturés aux clients finals, y compris les systèmes de paiement par provision, l'impact de l'utilisation de compteurs intelligents, les taux de changement de fournisseur, le nombre de coupure, la relation entre les tarifs appliqués aux ménages et les prix de gros, l'évolution des taxes et redevances applicables à l'utilisation du réseau de distribution et à la fourniture d'électricité, les plaintes des clients résidentiels et les distorsions ou restrictions de concurrence éventuelles et, le cas échéant, en informer l'Autorité belge de la concurrence ;]10
   16° examiner l'apparition de pratiques qui peuvent empêcher les clients [10 ...]10 de passer contrat simultanément avec plus d'un fournisseur ou qui pourraient limiter leur choix en la matière et, le cas échéant, informer le Conseil de la concurrence de ces pratiques;
   17° [8 surveiller les indicateurs de performance fixés en vertu de l'article 12, § 4 ;]8
   18° contribuer à garantir, en collaboration avec toutes autres autorités compétentes, l'effectivité et la mise en oeuvre des mesures de protection des clients finals;
   19° d'une part, garantir aux clients finals [10 un accès non discriminatoire,]10 rapide et gratuit à leurs données de consommation, ainsi que la possibilité de les mettre, par accord exprès et gratuitement, à la disposition de toute entreprise enregistrée comme fournisseur; d'autre part, mettre à disposition une méthode facultative de présentation de ces données, facilement compréhensible;]4

  [6 20° assurer la gestion de la banque de données des certificats verts et des garanties d'origine;]6
  [6 21° [10 veiller à ce que les gestionnaires de réseaux appliquent les critères de refus d'accès à leur réseau de manière homogène et à ce que l'utilisateur du réseau auquel l'accès a été refusé puisse engager une procédure devant le Service des litiges conformément à l'article 30novies ;]10]6
  [8 22° faciliter l'accès, la participation et le développement des services de flexibilité ;
   23° veiller à l'application correcte, par le gestionnaire du réseau de distribution et les fournisseurs, des tarifs pour la distribution d'électricité et de gaz qu'elle a approuvés conformément aux dispositions de la section IIquater de la présente ordonnance et du chapitre IIIbis de l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale;]8

  [10 24° contrôler les pratiques déloyales et abusives liées aux contrats de fourniture à tarification dynamique ;
   25° surveiller la gestion de la congestion des réseaux et la mise en oeuvre des règles de gestion de la congestion ;
   26° établir des lignes directrices ou des dispositions indicatives relatives aux procédures de passation de concession de services portant sur la propriété des points de recharge ouverts au public en voirie qui garantissent l'équité des procédures de passation ;
   27° réaliser l'examen préalable et approuver les clauses techniques et les critères d'attribution des procédures de passation de concession de services organisées par le gestionnaire du réseau de distribution et portant sur la propriété des points de recharge ouverts au public en voirie, dans les trente jours suivant leur réception ;
   28° approuver les produits choisis et les conditions ouvertes, transparentes et non discriminatoires des procédures de passation de marché public organisées par le gestionnaire de réseau pour l'acquisition de services auxiliaires non liés au réglage de la fréquence ;
   29° mettre en oeuvre les codes de réseau et les lignes directrices adoptés en vertu des articles 59, 60 et 61 du règlement (UE) 2019/943 au moyen de mesures régionales ;
   30° respecter les décisions juridiquement contraignantes de la Commission et de l'ACER et les mettre en oeuvre ;
   31° assurer l'absence de subventions croisées entre les activités de distribution et de fourniture ou d'autres activités relevant du secteur de l'électricité ;
   32° contrôler et évaluer la performance du gestionnaire du réseau de distribution en ce qui concerne le développement d'un réseau intelligent qui promeut l'efficacité énergétique et l'intégration de l'électricité issue de sources d'énergie renouvelables, sur la base d'un ensemble limité d'indicateurs, et publier un rapport tous les deux ans, comprenant des recommandations ;
   33° approuver des normes et exigences en matière de qualité de service et de qualité de fourniture, ou y contribuer en collaboration avec d'autres autorités compétentes, et veiller au respect des règles régissant la sécurité et la fiabilité du réseau et évaluer leurs performances passées ;
   34° surveiller la mise en oeuvre des règles relatives aux fonctions et responsabilités du gestionnaire du réseau de transport régional, du gestionnaire du réseau de distribution, des fournisseurs, des clients finals et autres acteurs du marché en vertu du règlement (UE) 2019/943 ;
   35° octroyer, renouveler et retirer les autorisations des communautés d'énergie ;
   36° réaliser une évaluation coûts-avantages périodique relative aux communautés d'énergie et au partage d'électricité. La première étude devra être publiée sur le site internet de Brugel au plus tard le 31 décembre 2023 ;
   37° évaluer la suppression des obstacles et restrictions injustifiés au développement des communautés d'énergie et de la consommation et du partage d'électricité autoproduite ;
   38° octroyer, renouveler, transférer et retirer les licences de fourniture, les licences de fourniture de services de flexibilité et les licences de fourniture de services d'agrégation ;
   39° publier un rapport annuel, pour le 30 octobre au plus tard, relatif aux services disponibles sur le marché associés à l'utilisation des fonctionnalités des compteurs intelligents ;
   40° surveiller les contrats et les modalités d'organisation des changements collectifs de fournisseur ;
   41° approuver les contrats types et conditions générales imposés par les gestionnaires de réseaux aux fournisseurs, aux utilisateurs du réseau et aux détenteurs d'accès à l'occasion, en raison ou à la suite d'un raccordement, d'un accès au réseau et de leurs modifications.]10

  Le Gouvernement peut préciser ces [4 missions]4 par arrêté.
  § 3. [5 Brugel exerce les compétences suivantes de manière impartiale et transparente :
   1° prendre des décisions contraignantes à l'égard des entreprises [7 actives dans le domaine de l'électricité et/ou du gaz]7 en cas de non-respect des dispositions de la présente ordonnance, de l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale et de leurs arrêtés d'exécution;
   2° procéder à des enquêtes sur le fonctionnement des marchés de l'électricité [7 et du gaz]7 et arrêter les mesures proportionnées et nécessaires afin de promouvoir une concurrence effective et d'assurer le bon fonctionnement du marché. [8 A cette fin, il peut fixer des objectifs de performance à charge des acteurs du marché.]8 Le cas échéant, Brugel a aussi compétence pour coopérer avec le Conseil de la concurrence et les régulateurs des marchés financiers dans le cadre d'une enquête concernant le droit de la concurrence;
   3° exiger des gestionnaires [8 , y compris des gestionnaires de réseau de traction ferroviaire régional ou de réseau de gares,]8 toute information nécessaire à l'exécution de ses tâches, y compris la justification de tout refus de donner accès à [8 leur réseau à]8 un tiers, et toute information sur les mesures nécessaires pour renforcer le réseau [8 et pour fixer des objectifs de performance conformément au point 2°]8;
   4° disposer de droits d'enquête appropriés et pouvoirs d'instruction nécessaires pour le règlement des litiges;
   5° [10 ...]10
  [1 ]1 se faire communiquer par un producteur, un gestionnaire de réseau, le titulaire d'une licence de fourniture ou tout acteur du marché de l'électricité ou du gaz les données et informations nécessaires à l'accomplissement de ses tâches;
  [7 7° établir une méthodologie tarifaire pour la distribution d'électricité, conformément aux dispositions de la section IIquater de la présente ordonnance, et pour la distribution de gaz, conformément au chapitre IIIbis de l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale;]7
  [7 8° décider de l'approbation des tarifs pour la distribution d'électricité, conformément aux dispositions de la section IIquater de la présente ordonnance, et pour la distribution de gaz, conformément au chapitre IIIbis de l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale.]7
  Celui à qui est adressée une demande de communication de données ou d'informations, est tenu de coopérer dans le délai imparti par [1 Brugel]1. Les données ou informations communiquées par un producteur, un gestionnaire de réseau, le titulaire d'une licence de fourniture ou tout acteur du marché pour toute activité concernant l'exécution de la présente ordonnance ne pourront être utilisées que dans le cadre de la présente ordonnance.
  [5 Dans le cadre de ses missions, [9 Bruxelles Environnement]9 peut demander à Brugel de lui transmettre les données qui lui sont communiquées en vertu du présent paragraphe.]5

  § 4. A moins qu'une disposition spécifique n'en dispose autrement, lorsque l'avis de [1 Brugel]1 est requis par la présente ordonnance ou ses arrêtés d'exécution, [1 Brugel]1 est tenue de rendre son avis dans un délai de quarante jours à compter de la date à laquelle la demande écrite lui est parvenue. Le défaut d'avis dans le délai susmentionné équivaut à un avis favorable.
  [8 § 5. [10 Chaque année, pour le 1er septembre au plus tard, Brugel transmet les rapports annuels visés au paragraphe 2, 9°, au Parlement et les présente. Une fois par an, Brugel présente au Parlement les évènements marquants de l'année écoulée et les enjeux de ses décisions ainsi que la cohérence de celles-ci avec les politiques menées par la Région de Bruxelles-Capitale en matière d'énergie, d'eau et de mobilité.
   Si, au cours de l'année couverte par le rapport, des modifications ont été apportées au règlement technique, Brugel présente de manière détaillée lesdites modifications et leurs raisons.
   Le Parlement peut convoquer Brugel pour l'auditionner sur toute thématique relevant de ses compétences.]10
]8

  [8 § 6. Le conseil d'administration dispose de tous les pouvoirs d'administration dans les matières qui relèvent de la compétence de Brugel [10 et est responsable de l'ensemble des décisions prises par Brugel]10.
  [10 Le conseil d'administration peut déléguer l'exercice de l'une de ses compétences de gestion journalière aux directeurs désignés conformément au paragraphe 7. Les compétences suivantes ne peuvent en tout cas pas être déléguées :
   1° l'approbation du budget, des comptes et du plan de personnel ;
   2° l'exercice du pouvoir de sanctions administratives et la fixation de pénalités ;
   3° l'approbation de tout avis, étude, rapport, proposition ou décision dont la portée n'est pas strictement opérationnelle, en ce compris les décisions relatives aux règlements techniques, aux plans de développement, aux missions de service public, aux méthodologies tarifaires, aux soldes tarifaires et aux tarifs ;
   4° le droit de veto contre les décisions prises au sein de la plateforme de collaboration visée à l'article 9ter.]10

   § 7. [10 Le conseil d'administration désigne deux directeurs. L'un est d'expression néerlandaise, l'autre est d'expression française. Les deux directeurs prennent toutes les mesures d'organisation nécessaires pour garantir le fonctionnement de Brugel et l'exécution correcte de ses tâches. Ils exercent également les compétences qui leur sont déléguées par le conseil d'administration, sous l'autorité de celui-ci.]10]8

  [10 § 8. Le projet de budget de Brugel est transmis au Parlement pour approbation. Brugel fixe l'affectation article par article du budget approuvé.
   Sur la base du budget approuvé par le Parlement, le Gouvernement arrête la dotation de Brugel.
   Brugel transmet au Parlement et à la Cour des comptes ses comptes annuels avant le 31 mai suivant l'année concernée. La Cour des comptes vérifie les comptes annuels de Brugel et transmet son rapport d'audit au Parlement.
  [11 Le compte général et le règlement définitif du budget de BRUGEL, sont transmis au Parlement par BRUGEL, au plus tard le 31 octobre de l'année qui suit l'année budgétaire à laquelle ce compte général et ce règlement définitif du budget se rapportent. L'approbation du Parlement a lieu au plus tard le 31 décembre de l'année de cette transmission.]11
   § 9. Brugel dirige sa gestion administrative, budgétaire et comptable en toute indépendance.]10

  
Art. 30ter. [1 § 1. [2 Brugel wordt beheerd door een raad van bestuur samengesteld uit zes bestuurders, waaronder een voorzitter die over de competenties in de elektriciteits- en gasmarkt, de watertarifering, de regulering van de netmarkten en het openbaar ambt beschikken.]2 De bestuurders worden benoemd door de Regering voor een mandaat van vijf jaar, dat eenmaal hernieuwbaar is. [2 Elke bestuurder heeft maximaal tien jaar zitting in de raad van bestuur.]2
  [2 ...]2
   De hernieuwing van de mandaten is verschillend in de tijd teneinde tenminste één bestuurder te behouden, met het oog op de verzekering van de continuïteit van Brugel.
   § 2. [2 De bestuurders worden gekozen op voordracht van een jury, samengesteld uit een voorzitter en twee assessoren, aangesteld door de Regering op basis van de volgende criteria :
   1° elke assessor moet beschikken over specifieke kennis over ten minste een van de volgende vakgebieden : de elektriciteitsmarkt, de gasmarkt, de watertarifering, de regulering van de netmarkten en de organisatie van het openbaar ambt. Hij moet hiertoe een hoge functie uitoefenen in een van deze gebieden of deel uitmaken van het academisch personeel van een universiteit of hogeschool ;
   2° de voorzitter van de jury moet beschikken over specifieke kennis over ten minste twee van de volgende vakgebieden : de elektriciteitsmarkt, de gasmarkt, de watertarifering, de regulering van de netmarkten en de organisatie van het openbaar ambt. Hij moet hiertoe een hoge functie uitoefenen in een van deze gebieden of deel uitmaken van het academisch personeel van een universiteit of hogeschool ;
   3° de leden van de jury begrijpen de Nederlandse en de Franse taal ;
   4° de leden van de jury moeten de onverenigbaarheidsregels van artikel 30quinquies, § 2, van toepassing op de bestuurders van Brugel, naleven.]2

  [2 De Regering ziet er bij de aanstelling van de juryleden op toe dat hun kennis complementair is.]2
   Een forfaitaire vergoeding van 1.500 euro bruto wordt toegekend aan de leden van de jury voor elke selectieprocedure. De Regering kan deze forfaitaire som aanpassen rekening houdend met het indexcijfer van de consumptieprijzen.
   § 3. [2 Brugel publiceert de kandidatuuroproep voor bestuurders]2 in het Belgisch Staatsblad alsook in vier Belgische dagbladen die op landelijk niveau verspreid worden; een minimumtermijn van dertig dagen is voorzien tussen de publicatie in het Belgisch Staatsblad en de einddatum voor indiening van de kandidaturen.
   Op basis van het dossier van de kandidaten, doet de jury een eerste selectie. De jury kan besluiten een proef te organiseren die bestaat uit een casestudie, voor de weerhouden kandidaten.
   De weerhouden kandidaten worden door de jury uitgenodigd voor een gesprek.
  [2 De jury stelt de kandidaten in kennis van de in artikel 30quinquies, § 2, bedoelde onverenigbaarheids- en onafhankelijkheidsvoorwaarden en controleert de naleving van deze voorwaarden. Op het einde van de selectie maakt de jury een selectieverslag over aan de Regering. In dit verslag wordt met name ingegaan op het verloop van de selectieprocedure, de motivering voor de vermelding toegekend aan iedere kandidaat op basis van de in paragraaf 4 vastgelegde criteria en het bestaan van een situatie van onverenigbaarheid van functie voor elke kandidaat overeenkomstig de in artikel 30quinquies, § 2, vastgelegde voorwaarden.]2
  Voor iedere functie, kent de jury aan de kandidaten een van de volgende vermeldingen toe :
   A : volledig geschikt voor de functie;
   B : geschikt voor de functie;
   C : niet geschikt voor de functie.
  [2 De selectie gebeurt tussen de kandidaten die de vermelding A of B kregen, rekening houdende met hun complementariteit. De kandidaturen van laureaten die de vermelding A of B kregen en niet benoemd werden, zijn twee jaar geldig vanaf de datum van de overhandiging van het selectieverslag van de jury aan de Regering.]2
   De namen van de niet-weerhouden kandidaten worden niet gepubliceerd.
   § 4. De bestuurders :
   1° vertonen een gedrag dat overeenstemt met de functievereisten;
   2° zijn houder van een masterdiploma uitgereikt door een universiteit of hogeschool, of kunnen een ervaring voorleggen van ten minste 10 jaar binnen het domein van elektriciteit en gas of, voor de bestuurder specifiek voor de watersector, binnen het domein van water;
   3° hebben een goede kennis van de milieu-, sociale, economische en institutionele toestand van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
   4° [2 hebben diepgaande kennis van minstens een van de volgende vakgebieden : de elektriciteits- en gasmarkt, de watertarifering, de regulering van de netmarkten en de organisatie van het openbaar ambt. Deze kennis kan betrekking hebben op de technische, juridische, sociale, organisatorische en financiële aspecten, op de bescherming van consumenten en toegang tot energie en water, concurrentie en energietransitie ;]2
   5° beschikken over de capaciteit om de elektriciteits- en gasmarkt of de watersector binnen een stedelijke omgeving te kunnen inschatten, meer bepaald de sociale, economische en milieudimensie;
   6° geven blijk van belangstelling voor het algemene belang, onafhankelijkheid ten opzichte van de spelers van de energiemarkt of wateroperatoren, en de energie- en waterbezorgdheden, met inbegrip van de duurzame ontwikkeling [2 , de energietransitie en de milieubescherming en de toegang tot energie en water ;]2
   7° kunnen in een multidisciplinair team werken;
   8° zijn voldoende beschikbaar om de functie te kunnen uitoefenen, met inbegrip van de voorbereiding van de vergaderingen;
   9° beheersen de Nederlandse en de Franse taal.
   § 5. De voorzitter van de bestuursraad, naast de voorwaarden 1°, 2°, 3°, 5°, 6°, 7°, 8° hierboven vermeld in paragraaf 4 :
   1° [2 heeft diepgaande kennis van de elektriciteitsmarkt, de gasmarkt en de watertarifering. Deze kennis heeft betrekking op minstens vier van de volgende aspecten : technisch, juridisch, sociaal, organisatorisch, financieel, bescherming van consumenten en toegang tot energie en water, concurrentie en energietransitie ;]2
   2° beheerst het Nederlands en het Frans en heeft een passieve kennis van het Engels;]1

  [2 3° heeft goede kennis van de regulering van de netmarkten en de organisatie van het openbaar ambt.]2
  
Art. 30ter. [1 § 1er. [2 Brugel est dirigé par un conseil d'administration composé de six administrateurs, dont un président, qui disposent de compétences dans les marchés de l'électricité et du gaz, la tarification de l'eau, la régulation des marchés de réseau et la fonction publique.]2 Les administrateurs sont nommés par le Gouvernement pour un mandat d'une durée de cinq ans, renouvelable une fois. [2 Chaque administrateur cumule au maximum dix ans de présence au sein du conseil d'administration.]2
  [2 ...]2
   Le renouvellement des mandats est décalé dans le temps afin de maintenir au moins un administrateur, en vue d'assurer la continuité de Brugel.
   § 2. [2 La sélection des administrateurs se fait sur la proposition d'un jury, composé d'un président et de deux assesseurs désignés par le Gouvernement sur la base des critères suivants :
   1° chaque assesseur doit disposer de connaissances spécifiques dans au moins un des domaines suivants : marché de l'électricité, marché du gaz, tarification de l'eau, régulation des marchés de réseau, organisation de la fonction publique. A ce titre, l'assesseur exerce une fonction de haut niveau dans un de ces domaines ou fait partie du personnel académique d'une université ou d'une haute école ;
   2° le président du jury doit disposer de connaissances spécifiques dans au moins deux des domaines suivants : marché de l'électricité, marché du gaz, tarification de l'eau, régulation des marchés de réseau, organisation de la fonction publique. A ce titre, il exerce une fonction de haut niveau dans un de ces domaines ou fait partie du personnel académique d'une université ou d'une haute école ;
   3° les membres du jury comprennent le français et le néerlandais ;
   4° les membres du jury doivent respecter les règles d'incompatibilité visées à l'article 30quinquies, § 2, applicables aux administrateurs de Brugel.]2

  [2 Le Gouvernement veille à la complémentarité des connaissances des membres du jury lorsqu'il les désigne.]2
   Une indemnité forfaitaire brute de 1.500 euros est allouée aux membres du jury pour chaque procédure de sélection. Le Gouvernement peut adapter ce montant forfaitaire en tenant compte de l'indice des prix à la consommation.
   § 3. [2 Brugel publie l'appel à candidatures pour les administrateurs]2 au Moniteur belge et dans quatre journaux belges de couverture nationale; un délai minimum de trente jours s'écoule entre cette publication au Moniteur belge et la date limite de dépôt des candidatures.
   Au vu du dossier des candidats, le jury opère une première sélection de ceux-ci. Le jury peut décider de l'organisation d'une épreuve consistant en une étude de cas, pour les candidats retenus.
   Les candidats retenus sont convoqués par le jury à un entretien.
  [2 Le jury informe les candidats des conditions d'incompatibilité et d'indépendance visées à l'article 30quinquies, § 2, et vérifie le respect de ces conditions. Au terme de la sélection, le jury remet un rapport de sélection au Gouvernement. Ce rapport aborde notamment le déroulement de la procédure de sélection, la motivation de la mention attribuée à chaque candidat sur la base des critères fixées au paragraphe 4 et l'existence d'une situation d'incompatibilité de fonction pour chaque candidat selon les conditions prévues à l'article 30quinquies, § 2.]2
   Pour chaque fonction, le jury attribue aux candidats une des mentions suivantes :
   A : convient particulièrement pour la fonction;
   B : convient pour la fonction;
   C : ne convient pas pour la fonction.
  [2 La nomination intervient parmi les candidats ayant obtenu la mention A ou B, en tenant compte de leurs complémentarités. Les candidatures des lauréats ayant obtenu la mention A ou B et n'ayant pas été nommés sont valables durant deux ans à partir de la date de remise du rapport de sélection du jury au Gouvernement.]2
   Les noms des candidats non retenus ne sont pas publiés.
   § 4. Les administrateurs :
   1° sont d'une conduite répondant aux exigences de la fonction;
   2° sont porteurs d'un diplôme de master délivré par une université ou une haute école, ou justifient d'une expérience d'au moins 10 ans dans le domaine de l'électricité et du gaz ou, pour l'administrateur spécifique au secteur de l'eau, dans le domaine de l'eau;
   3° ont une bonne connaissance de la situation environnementale, sociale, économique et institutionnelle de la Région de Bruxelles-Capitale;
   4° [2 ont des connaissances approfondies dans au moins un des domaines suivants : marché de l'électricité, marché du gaz, tarification de l'eau, régulation des marchés de réseau, organisation de la fonction publique. Ces connaissances peuvent porter sur les aspects technique, juridique, social, organisationnel et financier, sur la protection des consommateurs et de l'accès à l'énergie et à l'eau, la concurrence et la transition énergétique ;]2
   5° ont la capacité d'appréhender les marchés de l'électricité, du gaz ou le secteur de l'eau en site urbain, particulièrement dans les dimensions environnementales, sociales et économiques;
   6° démontrent le souci de l'intérêt général, d'esprit d'indépendance par rapport aux acteurs du marché de l'énergie ou de l'eau, et de préoccupations énergétiques ou liées à l'eau intégrant le développement durable [2 , la transition énergétique et la protection de l'environnement et de l'accès à l'énergie et à l'eau ;]2
   7° ont la capacité de travailler en équipe multidisciplinaire;
   8° disposent d'une disponibilité suffisante pour exercer la fonction, en ce compris la préparation des réunions;
   9° maîtrisent le français et le néerlandais.
   § 5. Le président du conseil d'administration démontre, outre les conditions 1°, 2°, 3°, 5°, 6°, 7°, 8° énoncées au paragraphe 4 ci-dessus :
   1° [2 des connaissances approfondies du marché de l'électricité, du marché du gaz et de la tarification de l'eau. Ces connaissances portent sur au moins quatre des aspects suivants : technique, juridique, social, organisationnel, financier, protection des consommateurs et de l'accès à l'énergie et à l'eau, concurrence et transition énergétique ;]2
   2° maîtrise le français et le néerlandais et a une connaissance passive de l'anglais;]1

  [2 3° de bonnes connaissances de la régulation des marchés de réseau et de l'organisation de la fonction publique.]2
  
Art. 30quater. [1 De raad van bestuur van Brugel komt bijeen telkens als zijn taken dit vereisen. Hij komt geldig bijeen als minstens vier bestuurders aanwezig zijn.
   De beslissing wordt genomen met een absolute meerderheid van de aanwezige bestuurders. Bij staking van stemming beslist de stem van de voorzitter.
   Indien de voorzitter belet is, beslissen de bestuurders bij consensus over de organisatie van het ad-interimvoorzitterschap. Indien er geen consensus bereikt wordt, treedt de bestuurder met de meeste anciënniteit in de raad van bestuur op als voorzitter.]1

  
Art. 30quater. [1 Le conseil d'administration de Brugel se réunit chaque fois que ses missions l'exigent. Il se réunit valablement si au moins quatre administrateurs sont présents.
   Il se prononce à la majorité absolue des administrateurs présents. En cas de partage des voix, la voix du président est prépondérante.
   En cas d'empêchement du président, les administrateurs décident par consensus sur les modalités d'organisation de la présidence ad interim. A défaut de consensus, l'administrateur présent ayant le plus d'ancienneté au sein du conseil d'administration préside.]1

  
Art. 30quinquies. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 56; Inwerkingtreding : 01-01-2007> § 1. [2 De regering bepaalt de voorwaarden voor de benoeming en de revocatie van de personeelsleden van Brugel, alsook hun statuut.]2
  § 2. De [1 bestuurders van Brugel]1 mogen [2 , zoals het personeel van Brugel,]2 geen andere functies uitoefenen die de onafhankelijke [2 , meer bepaald hun onafhankelijkheid ten opzichte van ieder commercieel belang in verband met de elektriciteits- en gassector [3 of met de watersector]3,]2 en objectieve uitoefening van hun mandaat [2 of hun functie ]2 op het spel zouden kunnen zetten.
  Zijn onverenigbaar met het mandaat van voorzitter of [1 van bestuurder van Brugel]1, de functies van Minister, Staatssecretaris, lid van een ministerieel kabinet of lid van een parlementaire vergadering, [4 een functie in Brugel of in Leefmilieu Brussel of elke andere instelling van openbaar nut van type A van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest,]4 alsook van om het even welke, al dan niet bezoldigd, activiteit of mandaat ten voordele van een producent, een netbeheerder, een leverancier of een tussenpersoon [2 of aandelen of andere belangen houden in gas- of elektriciteitsondernemingen [3 of in de watersector]3, of werken, met inbegrip van deeltijds of als deskundige, in een gas- of elektriciteitsonderneming [3 of bij een wateroperator]3]2. Bovendien is het verboden om een activiteit of een mandaat uit te oefenen, al dan niet bezoldigd, ten voordele van een producent, een netbeheerder, een leverancier [3 , een wateroperator]3 of een tussenpersoon binnen [5 een jaar]5 na het aflopen van het mandaat van voorzitter [1 van bestuurder van Brugel]1.
  § 3. [2 Brugel beschikt over het voldoende personeel om te voldoen aan haar verplichtingen. Het personeel en de bestuurders van Brugel verzoeken, noch aanvaarden rechtstreekse instructies van geen enkele regering of andere openbare of private entiteit in de uitvoering van haar opdrachten in toepassing van § 2 van dit artikel.
   De bestuurders van Brugel kunnen van hun functies tijdens hun mandaat ontheven worden als ze niet meer aan de onafhankelijkheidsvoorwaarden voldoen die door deze ordonnantie worden bepaald of een wettelijke of reglementaire bepaling schenden. Indien een bestuurder van Brugel niet langer aan deze vereisten voldoet of ernstig aan zijn plichten verzaakt, heeft de Regering volle bevoegdheid om onderzoek te voeren en zich uit te spreken over het ontslag van een of meerdere bestuurders van Brugel. De Regering spreekt zich uit met inachtneming van het recht op verweer, na de partijen en, desgevallend, hun raadsheren te hebben gehoord.
   In geval van vrijwillig ontslag van een bestuurder loopt zijn mandaat ten einde na een opzeggingstermijn van maximum drie maanden.]2

  § 4. [5 De voorzitter vertegenwoordigt Brugel bij de gewestelijke, intergewestelijke, nationale, internationale en Europese instanties, in fora in verband met de sectoren elektriciteit, gas of water alsook in de gerechtelijke en buitengerechtelijke handelingen. De rechtsvorderingen worden ingesteld door Brugel. De voorzitter mag de uitoefening van deze vertegenwoordiging met het akkoord van de raad van bestuur overdragen aan een bestuurder of aan een directeur.]5
  § 5. [2 De Regering stelt de modaliteiten van de vergoeding van de bestuurders en de regeringscommissarissen vast.]2
  § 6. [5 De bestuurders van Brugel zijn publieke mandatarissen in de zin van artikel 5bis van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen. Ze vertegenwoordigen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en handelen in het belang van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en in het algemeen belang.]5
  
Art. 30quinquies. § 1er. [2 Le Gouvernement fixe les conditions de nomination et de révocation des membres du personnel de Brugel, ainsi que leur statut.]2
  § 2. Les [1 administrateurs de Brugel]1 ne peuvent exercer [2 , de même que le personnel de Brugel ]2 d'autres fonctions susceptibles de compromettre leur indépendance [2 , notamment leur indépendance de tout intérêt commercial lié au secteur de l'électricité et du gaz]2 [3 ou de l'eau]3 et leur objectivité dans l'exercice de leur mandat [2 ou de leur fonction ]2.
  Sont incompatibles avec le mandat de président ou [1 d'administrateur de Brugel]1 les fonctions de Ministre, de Secrétaire d'Etat, de membre d'un cabinet ministériel ou de membre d'une assemblée parlementaire, [4 une fonction au sein de Brugel ou au sein de Bruxelles Environnement ou de tout autre organisme d'intérêt public de type A de la Région Bruxelles-Capitale,]4 ainsi que l'exercice de quelque activité ou mandat que ce soit, rémunéré ou non, au profit d'un producteur, d'un gestionnaire de réseau, d'un fournisseur ou d'un intermédiaire [2 ou détenir des parts ou autres intérêts dans des entreprises de gaz ou d'électricité [3 ou dans le secteur de l'eau]3, ou de travailler, y compris à temps partiel ou comme expert, dans une entreprise d'électricité ou de gaz [3 ou auprès d'un opérateur de l'eau]3]2. En outre, il est interdit d'exercer une activité quelconque ou un mandat de quelque nature que ce soit, rémunéré ou non, au profit d'un producteur, d'un gestionnaire de réseau, d'un fournisseur [3 , d'un opérateur de l'eau]3 ou d'un intermédiaire dans [5 l'année]5 suivant l'expiration du mandat de président ou [1 d'administrateur de Brugel]1.
  § 3. [2 Brugel dispose du personnel suffisant pour s'acquitter de ses obligations. Le personnel et les administrateurs de Brugel ne sollicitent, ni n'acceptent d'instructions directes d'aucun gouvernement ou autre entité publique ou privée dans l'exécution de ses missions en application du § 2 du présent article.
   Les administrateurs de Brugel peuvent être démis de leurs fonctions au cours de leur mandat s'ils ne satisfont plus aux conditions d'indépendance fixées par la présente ordonnance ou violent des dispositions légales et réglementaires. Si un administrateur de Brugel ne satisfait plus à ces exigences ou manque gravement à ses devoirs, le Gouvernement a pleins pouvoirs pour instruire et statuer sur la démission d'un ou de plusieurs administrateurs de Brugel. Le Gouvernement statue dans le respect des droits de la défense, après avoir entendu les parties et, le cas échéant, leurs conseils.
   En cas de démission volontaire de la part d'un administrateur de Brugel, son mandat prend fin au terme d'un délai de préavis de maximum trois mois.]2

  § 4. [5 Le président représente Brugel auprès des instances régionales, interrégionales, nationales, internationales et européennes, dans les forums liés aux secteurs de l'électricité, du gaz ou dans le secteur de l'eau ainsi que dans les actes judiciaires et extrajudiciaires. Les actions judiciaires sont exercées par Brugel. Le président peut, après approbation du conseil d'administration, déléguer l'exercice de cette représentation à un administrateur ou à un directeur.]5
  § 5. [2 Le Gouvernement fixe les modalités de la rémunération des administrateurs et des commissaires du Gouvernement.]2
  § 6. [5 Les administrateurs de Brugel sont des mandataires publics au sens de l'article 5bis de l'arrêté royal n° 38 du 27 juillet 1967 organisant le statut social des travailleurs indépendants. Ils représentent la Région de Bruxelles-Capitale et agissent dans son intérêt et dans l'intérêt général.]5
  
Art. 30sexies. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 56; Inwerkingtreding : 01-01-2007> [1 Brugel]1 stelt een huishoudelijk reglement [2 ...]2. [2 Dit wordt op de website van Brugel gepubliceerd. Het bevat de samenstelling en de werkwijze van de Geschillendienst bedoeld in artikel 30novies van deze ordonnantie, alsook het statuut van het personeel dat eraan is verbonden.]2
  
Art. 30sexies. [1 Brugel]1 élabore un règlement d'ordre intérieur [2 ...]2. [2 Celui-ci est publié sur le site de Brugel. Il contient la composition et le mode de fonctionnement du Service des litiges visé à l'article 30novies de la présente ordonnance, ainsi que le statut du personnel qui y est attaché.]2
  
Art. 30septies. [1 Brugel is onafhankelijk van de Regering. Twee commissarissen worden door de Regering aangewezen en nemen deel aan de vergaderingen van Brugel zonder stemrecht, als waarnemers.]1
  
Art. 30septies. [1 Brugel est indépendante du Gouvernement. Deux commissaires sont désignés par le Gouvernement et assistent aux réunions de Brugel sans voix délibérative, en tant qu'observateurs.]1
  
Art. 30octies.   (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)">Opgeheven art. 55 van 20 JULI 2011. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen. (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)
Art. 30octies.[1 Brugel streeft, in verband met haar taken, desgevallend in nauw overleg, met de andere betrokken nationale en gewestelijke autoriteiten, met inbegrip van de Raad voor de Mededinging en de federale ombudsman, de volgende doelstellingen na :
   1° de bevordering, in nauwe samenwerking met ACER, eventueel, via andere Belgische regulerende instanties voor gas of elektriciteit, de regulerende instanties van de andere Lidstaten en de Europese Commissie, van een door concurrentie gekenmerkte, [2 flexibele,]2 zekere en vanuit milieuoogpunt duurzame interne markt voor elektriciteit binnen de Europese Gemeenschap en van een daadwerkelijke openstelling van de markt voor alle afnemers en leveranciers in de Europese Gemeenschap, en waarborgen dat de elektriciteitsnetten op een doeltreffende en betrouwbare manier werken, rekening houdend met doelstellingen op lange termijn;
   2° de ontwikkeling van door concurrentie gekenmerkte en goed functionerende regionale markten binnen de Europese Gemeenschap met het oog op het bereiken van de onder punt 1° genoemde doelstelling;
   3° bijdragen tot de ontwikkeling, op de meest kosteneffectieve manier, van veilige, betrouwbare en efficiënte niet-discriminerende netten die op eindafnemers gericht zijn, de adequaatheid van netten bevorderen, alsmede aansluitend bij de doelstellingen van het algemene energiebeleid, energie-efficiëntie en de integratie van groot- en kleinschalige productie van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen en gedistribueerde productie in transmissie- en distributienetten [2 en hun exploitatie in relatie tot andere energienetten bevorderen]2;
   4° de toegang van nieuwe productiecapaciteit [2 en opslageenheden]2 tot het net vergemakkelijken, met name door de belemmeringen voor de toegang van nieuwkomers op de markt weg te nemen en de integratie van elektriciteitsproductie uit hernieuwbare energiebronnen;
   5° ervoor zorgen dat de netbeheerders en -gebruikers de nodige stimulansen krijgen, zowel op korte als op lange termijn, om de efficiëntie van netprestaties te verbeteren [2 , met name met betrekking tot energie-efficiëntie]2 en de marktintegratie te versterken;
   6° bijdragen tot het bereiken van een hoog niveau van universele en openbare dienstverlening bij het leveren van elektriciteit, tot de bescherming van kwetsbare afnemers en tot de compatibiliteit van de processen voor de uitwisseling van gegevens die nodig zijn voor het veranderen van leverancier;
  [2 7° ervoor zorgen dat de eindafnemers profiteren van de efficiënte werking van de elektriciteits- en gasmarkt van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, een daadwerkelijke concurrentie bevorderen en bijdragen tot een hoog niveau van consumentenbescherming, in nauwe samenwerking met de betrokken consumentenbeschermingsautoriteiten.]2
  [2 ...]2]1

  
Art. 30octies.   (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)">Abrogé art. 55 van 20 JULI 2011. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen. (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)
Art. 30octies.[1 Brugel poursuit dans le cadre de ses missions, le cas échéant en étroite concertation avec les autres autorités nationales et régionales concernées, y compris le Conseil de la concurrence et le médiateur fédéral, les objectifs suivants :
   1° promouvoir, en étroite collaboration avec l'ACER, le cas échéant, par le biais d'autres autorités belges de régulation d'électricité ou de gaz, les autorités de régulation des autres Etats membres et la Commission européenne, un marché intérieur de l'électricité concurrentiel, [2 flexible,]2 sûr et durable pour l'environnement au sein de la Communauté européenne, et une ouverture effective du marché pour l'ensemble des clients et des fournisseurs de la Communauté européenne, et garantir des conditions appropriées pour que les réseaux fonctionnent de manière effective et fiable, en tenant compte d'objectifs à long terme;
   2° développer des marchés régionaux concurrentiels et fonctionnant correctement au sein de la Communauté européenne, en vue de la réalisation des objectifs visés au point 1°;
   3° contribuer à assurer, de la manière la plus avantageuse par rapport au coût, la mise en place de réseaux non discriminatoires qui soient sûrs, fiables, performants et axés sur les clients finals, et promouvoir l'adéquation des réseaux et, conformément aux objectifs généraux de politique énergétique, l'efficacité énergétique ainsi que l'intégration de la production d'électricité, à grande ou à petite échelle, à partir de sources d'énergie renouvelables et de la production distribuée dans les réseaux [2 ainsi que faciliter leur exploitation en relation avec d'autres réseaux énergétiques]2;
   4° faciliter l'accès au réseau des nouvelles capacités de production [2 et unités de stockage]2, notamment en supprimant les obstacles qui pourraient empêcher l'arrivée de nouveaux venus sur le marché et l'intégration de la production d'électricité à partir de sources d'énergie renouvelables;
   5° faire en sorte que les gestionnaires de réseau et les utilisateurs du réseau reçoivent des incitations suffisantes, tant à court terme qu'à long terme, pour améliorer les performances des réseaux [2 , en particulier sur le plan de l'efficacité énergétique,]2 et favoriser l'intégration du marché;
   6° contribuer à assurer un service public et universel de grande qualité dans le secteur de la fourniture d'électricité, et contribuer à la protection des clients vulnérables et à la compatibilité des mécanismes nécessaires d'échange de données pour permettre aux clients de changer de fournisseur;
  [2 7° assurer que les clients finals bénéficient du fonctionnement efficace des marchés de l'électricité et du gaz en Région de Bruxelles-Capitale, promouvoir une concurrence effective et contribuer à garantir un niveau élevé de protection des consommateurs en étroite coopération avec les autorités de protection des consommateurs concernées.]2
  [2 ...]2]1

  
Art. 30novies. [1 § 1. - Er wordt in de schoot van Brugel een " Geschillendienst " gecreëerd die klachten behandeld :
   1° betreffende de toepassing van deze ordonnantie [2 ,]2 haar uitvoeringsbesluiten [2 en van de geldende MIG]2;
   2° betreffende de toepassing van de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest [2 , van]2 haar uitvoeringsbesluiten [2 en van de geldende MIG]2;
   3° betreffende de werking van de gas- en elektriciteitsmarkten;
   4° met betrekking tot de activiteiten van een leverancier [2 , van een leverancier van flexibiliteitsdiensten]2, netbeheerder [3 , energiegemeenschap, actieve afnemer]3 of tussenpersoon [2 of van elk bedrijf actief in de elektriciteits- of gassector]2;
   5° [3 ...]3
  [2 6° betreffende de klachten over het gewestelijk tractienet spoor en het stationsnet.]2
   De Geschillendienst is niet bevoegd om de klachten tegen de beslissingen van Brugel te behandelen.
   § 2. - Deze Dienst is samengesteld uit een of meerdere personeelsleden van Brugel die zich kunnen laten bijstaan door andere personeelsleden van Brugel en/of door deskundigen.
   Brugel wijst de leden van haar personeel aan die belast zijn met de Geschillendienst. De leden van deze Dienst moeten onafhankelijk en onpartijdig zijn. Het huishoudelijk reglement voorziet in de modaliteiten die het de leden van deze Dienst mogelijk maken om te handelen in volledige onafhankelijkheid en onpartijdigheid. De personeelsleden van Brugel die worden aangewezen voor deze Dienst genieten specifieke bepalingen met betrekking tot deze onafhankelijkheid, die worden ingevoegd in hun statuut of arbeidsovereenkomst.
   Elke belanghebbende maakt een geschil aanhangig bij de Geschillendienst nadat deze eerst zonder resultaat stappen heeft ondernomen hetzij bij de betroffen gesprekspartner, hetzij bij de dienst klachtenbehandeling van de leveranciers en de netbeheerders.
  [3 Van zodra de Geschillendienst besluit de behandeling van de klacht voort te zetten, overeenkomstig zijn huishoudelijk reglement, heeft de aanhangigmaking schorsende werking.]3
   De Dienst nodigt de partijen die dit wensen uit om te verschijnen in persoon, vergezeld door hun raadsman of vertegenwoordigd door hem. Hij beveelt iedere onderzoeks- en verhoormaatregel die hij nodig acht.
   In geval van hoogdringendheid, en indien de verzoeker een risico van ernstige en moeilijk herstelbare schade laat gelden, kan de Dienst dwingende voorlopige maatregelen treffen.
   De Geschillendienst wijst haar beslissing binnen de twee maanden nadat de zaak aanhangig werd gemaakt. Deze termijn kan met twee maanden worden verlengd indien de Geschillendienst bijkomende informatie behoeft, of nog met een nieuwe termijn mits het akkoord van de aanklager.
   De beslissingen van de Geschillendienst zijn gemotiveerd en dwingend.
   De beslissingen van de Geschillendienst worden gepubliceerd, met inachtneming van de vertrouwelijke gegevens en/of commercieel gevoelige informatie, op de website van Brugel. Een jaarverslag wordt gepubliceerd en vermeldt met name de nieuwste trends inzake rechtspraak van de Geschillendienst.]1

  [3 § 2bis. Onverminderd de gewone rechtsmiddelen kan elke bij een beslissing van de Geschillendienst betrokken partij binnen de twee maanden na de kennisgeving van die beslissing een klacht voor herziening bij de Geschillendienst indienen. Deze klacht heeft geen schorsende werking.
   De Dienst neemt zijn beslissing binnen een termijn van twee maanden vanaf de ontvangst van de klacht. Indien binnen deze termijn geen beslissing wordt genomen, wordt de initiële beslissing geacht te zijn bevestigd.]3

  [2 § 3. [3 Tegen de beslissingen van de Geschillendienst kan binnen zestig dagen na de kennisgeving ervan beroep worden aangetekend bij de rechtbank van eerste aanleg van Brussel. Het Gerechtelijk Wetboek is van toepassing op alle aspecten die betrekking hebben op de procedure bij de rechtbank van eerste aanleg van Brussel.
   In geval van een klacht ter herziening overeenkomstig paragraaf 2bis wordt de termijn bedoeld in het eerste lid geschorst tot de kennisgeving van de beslissing van de Geschillendienst over de klacht, of bij ontstentenis van een beslissing van de Geschillendienst, tot de termijn bedoeld in paragraaf 2bis is verstreken.]3

   § 4. De Geschillendienst kan in het algemeen belang zijn expertise aanbieden aan de hoven en rechtbank die hierom verzoeken.]2

  
Art. 30novies. [1 § 1er. - Il est créé, au sein de Brugel, un " Service des litiges " qui statue sur les plaintes :
   1° concernant l'application de la présente ordonnance [2 ,]2 de ses arrêtés d'exécution [2 et du MIG en vigueur]2;
   2° concernant l'application de l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale, concernant des redevances de voiries en matière de gaz et d'électricité et portant modification de l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale [2 ,de]2 ses arrêtés d'exécution [2 et du MIG en vigueur]2;
   3° relatives au fonctionnement des marchés du gaz et de l'électricité;
   4° ayant trait aux activités d'un fournisseur [2 , d'un fournisseur de service de flexibilité]2, d'un gestionnaire de réseau [3 , d'une communauté d'énergie, d'un client actif]3 ou d'un intermédiaire [2 ou de toute entreprise active dans le domaine de l'électricité et/ou du gaz " sont insérés après le mot " intermédiaire]2;
   5° [3 ...]3
  [2 6° concernant les plaintes relatives au réseau de traction ferroviaire régional et au réseau de gares.]2
   Le Service des litiges n'est pas compétent pour statuer sur les plaintes contre les décisions de Brugel.
   § 2. - Ce Service est composé d'un ou plusieurs membres du personnel de Brugel qui peuvent se faire assister par d'autres membres du personnel de Brugel et/ou par des experts.
   Brugel désigne les membres de son personnel chargés du Service des litiges. Les membres dudit Service doivent être indépendants et impartiaux. Le règlement d'ordre intérieur prévoit les modalités qui permettent aux membres dudit Service d'agir en toute indépendance et en toute impartialité. Les membres du personnel de Brugel désignés pour ledit Service jouissent de dispositions spécifiques relatives à cette indépendance, insérées dans leur statut ou contrat de travail.
   Tout intéressé saisit le Service des litiges après avoir vainement tenté d'obtenir satisfaction soit auprès de l'interlocuteur concerné, soit auprès du service de traitement des plaintes des fournisseurs et des gestionnaires de réseau.
  [3 Dès lors que le Service des litiges décide de poursuivre le traitement de la plainte, conformément à son règlement intérieur, sa saisine a un effet suspensif.]3
   Le Service invite les parties qui le souhaitent à comparaître en personne, accompagnées de leur conseil ou représentées par lui. Il ordonne toute mesure d'instruction et d'enquête qu'il juge utile.
   En cas d'urgence, et lorsque le requérant fait valoir un risque de préjudice grave et difficilement réparable, le Service peut prendre des mesures provisoires contraignantes.
   Le Service des litiges rend sa décision dans les deux mois de sa saisine. Ce délai peut être prolongé de deux mois lorsque le Service des litiges demande des informations complémentaires. Une nouvelle prolongation de ce délai est possible moyennant l'accord du requérant.
   Les décisions du Service des litiges sont motivées et contraignantes.
   Les décisions du Service des litiges sont publiées, moyennant le respect des données confidentielles et/ou commercialement sensibles, sur le site de Brugel. Un rapport annuel est publié, et mentionne notamment les dernières tendances de la jurisprudence du Service des litiges.]1

  [3 § 2bis. Sans préjudice des voies de recours ordinaires, toute partie concernée par une décision prise par le Service des litiges peut introduire auprès du Service des litiges une plainte en réexamen contre ladite décision dans les deux mois suivant sa notification. Cette plainte n'a pas d'effet suspensif.
   Le Service rend sa décision dans un délai de deux mois à dater de la réception de la plainte. A défaut d'une décision rendue dans les délais, la décision initiale est réputée confirmée.]3

  [2 § 3. [3 Les décisions du Service des litiges peuvent, dans les soixante jours suivant la date de leur notification, faire l'objet d'un recours devant le Tribunal de première instance de Bruxelles. Pour l'ensemble des aspects ayant trait à la procédure devant le Tribunal de première instance de Bruxelles, le Code judiciaire est applicable.
   En cas de plainte en réexamen conformément au paragraphe 2bis, le délai visé à l'alinéa 1er est suspendu jusqu'à la notification de la décision sur plainte du Service des litiges ou, en l'absence de décision du Service des litiges, jusqu'à l'expiration du délai visé au paragraphe 2bis.]3

   § 4. Dans l'intérêt général, le Service des litiges peut offrir son expertise aux cours et tribunaux qui lui en font la demande.]2

  
Art. 30decies. [1 § 1. Onverminderd de gewone rechtsmiddelen heeft elke benadeelde partij het recht om binnen de twee maanden na publicatie of kennisgeving van een beslissing of voorstel van Brugel in het kader van een raadplegingsprocedure een klacht voor herziening bij Brugel in te dienen. Deze klacht heeft geen schorsende werking.
   § 2. Brugel neemt een met redenen omklede beslissing binnen de twee maanden na ontvangst van de klacht of de door haar gevraagde aanvullende informatie. Indien binnen deze termijn geen beslissing wordt genomen, wordt de oorspronkelijke beslissing of het oorspronkelijke voorstel geacht te zijn bevestigd.]1

  
Art. 30decies. [1 § 1er. Sans préjudice des voies de recours ordinaires, toute partie lésée a le droit de présenter, devant Brugel, une plainte en réexamen contre une décision ou une proposition de Brugel dans le cadre d'une procédure de consultation, dans les deux mois suivant sa publication ou sa notification. Cette plainte n'a pas d'effet suspensif.
   § 2. Brugel rend sa décision motivée dans un délai de deux mois à dater de la réception de la plainte ou des compléments d'informations qu'elle a sollicités. A défaut d'une décision rendue dans les délais, la décision ou la proposition initiale est réputée confirmée.]1

  
Art. 30undecies. [1 § 1. Elke persoon die blijk geeft van een belang kan beroep aantekenen tegen de beslissingen die Brugel neemt op basis van deze ordonnantie, de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en hun uitvoeringsbesluiten bij het Marktenhof van Brussel, zetelend zoals in kort geding.
   § 2. De procedure die wordt geregeld door artikelen 29bis, § 2, en 29quater van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt is van toepassing in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor de beroepen bedoeld in paragraaf 1.
   In geval van een klacht ter herziening overeenkomstig artikel 30decies wordt de termijn bedoeld in artikel 29quater, § 2, van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt geschorst tot de kennisgeving van de beslissing van Brugel over de klacht, of bij ontstentenis van een beslissing van Brugel, tot de termijn bedoeld in artikel 30decies, § 2, is verstreken.]1

  
Art. 30undecies. [1 § 1er. Les décisions de Brugel prises sur la base de la présente ordonnance, de l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale, concernant des redevances de voiries en matière de gaz et d'électricité et portant modification de l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale et de leurs arrêtés d'exécution peuvent faire l'objet d'un recours par toute personne justifiant d'un intérêt devant la Cour des marchés de Bruxelles siégeant comme en référé.
   § 2. La procédure organisée par les articles 29bis, § 2, et 29quater de la loi du 29 avril 1999 relative à l'organisation du marché de l'électricité est applicable en Région de Bruxelles-Capitale pour les recours visés au paragraphe 1er.
   En cas de plainte en réexamen conformément à l'article 30decies, le délai visé à l'article 29quater, § 2, de la loi du 29 avril 1999 relative à l'organisation du marché de l'électricité est suspendu jusqu'à la notification de la décision sur plainte de Brugel, ou en l'absence de décision de Brugel, jusqu'à l'expiration du délai visé à l'article 30decies, § 2.]1

  
HOOFDSTUK VII. - Sancties.
CHAPITRE VII. - Sanctions.
Art.31. § 1. (Wordt gestraft met een gevangenisstraf van een maand en een boete van 1,20 tot 495 euro, of met één van deze straffen :
  1° al wie zich verzet tegen de controles en onderzoeken van [1 Brugel]1 en van de Regering krachtens deze ordonnantie;
  2° al wie weigert [1 Brugel]1 en de Regering [2 , [3 Leefmilieu Brussel]3]2 de inlichtingen te verschaffen die hij gehouden is te geven krachtens deze ordonnantie, of wie hun opzettelijk onjuiste of onvolledige inlichtingen verschaft;
  3° al wie de bepalingen van de artikelen 21, eerste lid, 29. en 30 niet naleeft.) <ORD 2006-12-14/45, art. 57, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  [4 § 1bis. Wordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden en een boete van 500 tot 5.000 euro of, als de overtreder een rechtspersoon is, van maximaal tien percent van zijn jaaromzet of met één van deze straffen : al wie, door gebrek aan voorzorg, infrastructuren voor productie, plaatselijk vervoer, distributie en gebruik van elektriciteit onopzettelijk heeft vernietigd of beschadigd, of de transmissie van elektriciteit op de netten belet of belemmerd heeft.]4
  § 2. De Regering kan de door haar bepaalde inbreuken op de bepalingen van de uitvoeringsbesluiten van deze ordonnantie, strafbaar stellen met een gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden en een boete van twintigduizend frank of met één van deze straffen alleen.
  [4 ...]4
  [2 [4 § 3.]4 Elke inbreuk op de regels van vertrouwelijkheid die door deze ordonnantie en haar uitvoeringsbesluiten worden afgekondigd, wordt met de straffen voorzien in artikel 458 van het Strafwetboek bestraft. [4 ...]4]2
  
Art.31. § 1er. (Est puni d'une peine d'emprisonnement d'un mois et d'une amende de 1,20 à 495 euros, ou d'une de ces peines seulement :
  1° celui qui fait obstacle aux vérifications et investigations de [1 Brugel]1 et du Gouvernement exécutées en vertu de la présente ordonnance;
  2° celui qui refuse de fournir à [1 Brugel]1 [2 , à [3 Bruxelles Environnement]3]2 ou au Gouvernement les informations qu'il est tenu de donner en vertu de la présente ordonnance, ou qui leur donne sciemment des informations inexactes ou incomplètes;
  3° celui qui contrevient aux dispositions des articles 21, alinéa 1er, 29 et 30.) <ORD 2006-12-14/45, art. 57, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  [4 § 1erbis. Est puni d'une peine d'emprisonnement de huit jours à six mois et d'une amende de 500 à 5.000 euros ou, si le contrevenant est une personne morale, au maximum dix pour cent de son chiffre d'affaires annuel, ou d'une de ces peines seulement, celui qui, par défaut de précaution, a involontairement détruit ou dégradé des infrastructures de production, de transport régional, de distribution et d'utilisation de l'électricité, empêché ou entravé la transmission de l'électricité sur les réseaux.]4
  § 2. Le Gouvernement peut sanctionner les infractions qu'il détermine aux dispositions des arrêtés d'exécution de la présente ordonnance par une peine d'emprisonnement de six mois maximum et une amende de (495 euros) maximum ou par une de ces peines seulement. <ORD 2006-12-14/45, art. 58, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  [4 ...]4
  [2 [4 § 3.]4 Toute infraction aux règles de confidentialité énoncées par la présente ordonnance et ses arrêtés d'exécution est punie des peines prévues par l'article 458 du Code pénal. [4 ...]4]2
  
Art.32. <ORD 2006-12-14/45, art. 59, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007> § 1. Onverminderd de andere maatregelen bepaald in deze ordonnantie of de uitvoeringsbesluiten ervan, kan [1 Brugel]1 elke natuurlijke of rechtspersoon gelasten zich te houden aan de bepalingen van deze ordonnantie of de uitvoeringsbesluiten ervan [3 of van de technische reglementen]3 binnen de termijn die [1 Brugel]1 bepaalt. Als deze persoon in gebreke blijft [4 om zijn verplichtingen na te komen bij het verstrijken van de termijn]4, kan [1 Brugel]1 hem een administratieve boete opleggen. Deze boete mag, per kalenderdag, niet lager zijn dan 1.239 euro en niet hoger dan 99.157 euro. De totale boete mag niet meer bedragen dan [2 tien]2 procent van de omzet die de betreffende persoon gerealiseerd heeft op de gewestelijke markt voor elektriciteit in de loop van het laatste afgesloten boekjaar [4 ...]4.
  Dit artikel is niet van toepassing in het geval van een geschil dat betrekking heeft op de betaling van de bijdrage vermeld in artikel 26.
  Er mag geen enkele administratieve boete worden opgelegd voor feiten waarvoor al een vonnis is geveld in laatste instantie op basis van artikel 31.
  § 2. [4 Vooraleer het bedrag van de boete te bepalen, informeert Brugel de betrokken persoon per aangetekend schrijven dat tegen hem een administratieve sanctieprocedure is gestart, met daarbij het verzoek Brugel een nota te bezorgen met betrekking tot zijn verdedigingsgronden.
   Het aangetekend schrijven bevat de vermelding van de in aanmerking genomen bezwaren, de overwogen sanctie, de plaats en de uren waarop het dossier kan worden ingekeken en de datum van het voorafgaande verhoor. Dit hele artikel zal er ook in vervat zijn.
   De nota wordt Brugel per aangetekend schrijven of via e-mail overgemaakt binnen dertig dagen na ontvangst van het schrijven vermeld in het eerste lid.
   Het dossier kan worden ingekeken op de eerste werkdag na verzending van het aangetekend schrijven bedoeld in het eerste lid, tot op de datum van het eerste verhoor.
   Minstens één verhoor wordt georganiseerd. Het eerste verhoor vindt plaats ten vroegste op de twintigste dag na de verzending van het aangetekend schrijven vermeld in het eerste lid. De betrokken persoon mag zich laten bijstaan door een advocaat of door deskundigen naar keuze.
   Brugel stelt een proces-verbaal op van elk verhoor en verzoekt de betrokken persoon dit te tekenen, desgevallend nadat deze er zijn opmerkingen aan heeft toegevoegd.
   De betrokken persoon kan Brugel een nota met betrekking tot zijn verweermiddelen bezorgen binnen de tien dagen na het verhoor.
   Na het eerste verhoor kunnen schriftelijke uitwisselingen of bijkomende verhoren worden georganiseerd, binnen dezelfde termijnen.
   Brugel neemt de zaak in beraad op de elfde dag na het laatste verhoor. Zij bepaalt de administratieve boete middels een gemotiveerde beslissing en informeert de betrokken persoon binnen de zestig dagen na het laatste verhoor, per aangetekend schrijven. Na deze termijn wordt ze geacht definitief af te zien van elke sanctie gebaseerd op de aan de betrokken persoon ten laste gelegde feiten, behalve indien zich nieuwe feiten zouden voordoen.
   De kennisgeving van de beslissing vermeldt de mogelijkheden tot beroep bepaald door de wet en door deze ordonnantie, alsmede de termijn waarbinnen het kan worden ingesteld.]4

  § 3. Wat betreft de administratieve boete bedoeld in artikel 28, § 3, wordt het bedrag per ontbrekend certificaat vastgesteld op 75 euro voor de jaren 2004, 2005, 2006, en op 100 euro voor de daaropvolgende jaren.
  Elk jaar deelt [1 Brugel]1, bij aangetekend schrijven, op basis van de inlichtingen die hem werden verstrekt, aan de betrokken leverancier het totaal bedrag van de administratieve boete mee die verschuldigd is voor de niet-naleving van de verplichting bepaald in artikel 28, § 2.
  Deze leverancier kan, binnen vijftien dagen na deze mededeling, zijn opmerkingen aan [1 Brugel]1 bezorgen.
  Na onderzoek van de eventuele opmerkingen van debetrokken leverancier, deelt [1 Brugel]1 hem zijn met redenen omklede beslissing inzake het opleggen van een boete mee.
  § 4. [2 ...]2.
  [2 § 4.]2 (oud § 5) De administratieve boete [2 wordt]2 betaald binnen de dertig dagen na de uitspraak [2 ...]2.
  [1 Brugel]1 kan, op verzoek van de betrokken persoon, uitstel van betaling verlenen voor een door haar te bepalen termijn.
  Indien de betrokken persoon in gebreke blijft wat betreft de betaling van de administratieve boete, zal deze worden geïnd door middel van een dwangbevel. De Regering stelt de agenten aan die worden belast met het indienen van aanmaningen en het bevel tot tenuitvoerlegging ervan. De tenuitvoerlegging wordt betekend door een deurwaardersexploot met bevel tot betaling.
  
Art.32. <ORD 2006-12-14/45, art. 59, 003; En vigueur : 01-01-2007> § 1er. Sans préjudice des autres mesures prévues par la présente ordonnance ou ses arrêtés d'exécution, [1 Brugel]1 peut enjoindre à toute personne physique ou morale de se conformer aux dispositions de la présente ordonnance ou de ses arrêtés d'exécution [3 ou des règlements techniques]3 dans le délai qu'elle détermine. Si cette personne reste en défaut [4 de se conformer à l'expiration du délai]4, [1 Brugel]1 peut lui infliger une amende administrative. Cette amende ne peut, par jour calendrier, être inférieure à 1.239 euros ni supérieure à 99.157 euros. L'amende totale ne peut excéder [2 dix]2 pour cent du chiffre d'affaires que la personne en cause a réalisé sur le marché régional de l'électricité au cours du dernier exercice clôturé [4 ...]4.
  Le présent article ne trouve pas à s'appliquer en cas de litige relatif au paiement du droit visé à l'article 26.
  Aucune amende administrative ne peut être infligée pour des faits déjà jugés en dernier ressort sur la base de l'article 31.
  § 2. [4 Préalablement à la fixation de l'amende, Brugel informe la personne concernée par lettre recommandée de l'ouverture d'une procédure de sanction administrative à son encontre et l'invite à lui transmettre un mémoire contenant ses moyens de défense.
   La lettre recommandée contient la mention des griefs retenus, la sanction envisagée, le lieu et les horaires durant lesquels le dossier est consultable et la date de l'audition préalable. Elle reproduit intégralement le présent article.
   Le mémoire est notifié à Brugel par lettre recommandée ou par courriel dans les trente jours qui suivent la réception de la lettre visée à l'alinéa 1er.
   Le dossier est consultable dès le premier jour ouvrable qui suit l'envoi de la lettre recommandée visée à l'alinéa 1er, et jusqu'à la date de la première audition.
   Au moins une audition est organisée. La première audition se déroule au plus tôt le vingtième jour qui suit l'envoi de la lettre recommandée visée à l'alinéa 1er. La personne concernée peut s'y faire assister par un avocat ou par les experts de son choix.
   Brugel dresse un procès-verbal de chaque audition et invite la personne concernée à le signer, le cas échéant après qu'elle y a consigné ses observations.
   La personne concernée peut transmettre à Brugel un mémoire contenant ses moyens de défense dans les dix jours qui suivent l'audition.
   Après la première audition, des échanges écrits ou des auditions complémentaires peuvent être organisés, dans les mêmes délais.
   Brugel prend l'affaire en délibéré le onzième jour qui suit la dernière audition. Elle détermine l'amende administrative par une décision motivée et en informe la personne concernée dans les soixante jours qui suivent la dernière audition, par lettre recommandée. Passé ce délai, elle est réputée renoncer définitivement à toute sanction fondée sur les faits mis à charge de la personne concernée, sauf élément nouveau.
   La notification de la décision fait mention des recours prévus par la loi et la présente ordonnance et du délai dans lequel ceux-ci peuvent être exercés.]4

  § 3. En ce qui concerne l'amende administrative visée à l'article 28, § 3, son montant est fixé, par certificat man quant, à 75 euros pour les années 2004, 2005, 2006, et à 100 euros pour les années suivantes.
  Chaque année, [1 Brugel]1 avise par lettre recommandée, sur la base des informations qui lui sont communiquées, le fournisseur défaillant du montant total de l'amende administrative due pour non-respect de l'obligation visée à l'article 28, § 2.
  Ledit fournisseur peut, dans les quinze jours de cet avis, faire valoir ses observations auprès de [1 Brugel]1.
  Après examen des observations formulées le cas échéant par le fournisseur défaillant, [1 Brugel]1 lui notifie sa décision motivée d'imposer une amende.
  § 4. [2 ...]2.
  [2 § 4.]2 (anc. § 5) L'amende administrative [2 est]2 payée dans les trente jours de la notification de la décision [2 ...]2.
  [1 Brugel]1 peut, sur demande de la personne concernée, accorder un sursis de paiement pour un délai qu'elle détermine.
  Si la personne concernée reste en défaut de payer l'amende administrative, celle-ci est recouvrée par voie de contrainte. Le Gouvernement désigne les agents qui sont chargés de procéder aux sommations et de les déclarer exécutoires. La contrainte est signifiée par exploit d'huissier avec ordre de payer.
  
HOOFDSTUK VIIbis. - [1 Schadevergoedingsregeling]1
CHAPITRE VIIbis. [1 - Régime d'indemnisation]1
Afdeling 1. - [1 Verschuldigde schadevergoeding voor een lange onderbreking van de levering]1
Section 1re. - [1 Indemnisation due pour une interruption prolongée de fourniture]1
Art. 32bis. [1 § 1. - Iedere niet-geplande onderbreking van de levering voor een duur van meer dan zes opeenvolgende uren en die zijn oorsprong vindt op het distributienet of het gewestelijk transmissienet geeft aanleiding tot een schadevergoeding van 100 euro ten voordele van de eindafnemer die aangesloten is op het distributienet of het gewestelijke transmissienet, ten laste van de beheerder van het net dat aan de oorsprong ligt van de onderbreking of het voortduren ervan die hebben plaatsgevonden.
  Deze schadevergoeding is niet door deze verschuldigd in de hypothese dat de onderbreking van de levering en het voortduren ervan gedurende meer dan zes opeenvolgende uren allebei veroorzaakt werden door een geval van overmacht, de daad van een derde of een incident op een stroomafwaarts of stroomopwaarts gekoppeld net.
  § 2. - Om te kunnen genieten van de schadevergoeding bedoeld in paragraaf 1 dient de betrokken eindafnemer, per aangetekende brief, fax of e-mail, een aanvraag in bij de beheerder van het net waarop hij is aangesloten. Deze aanvraag moet worden verzonden binnen de [2 zestig]2 kalenderdagen volgend op het voorvallen van de onderbreking van levering. De afnemer vermeldt daarbij de gegevens die essentieel zijn voor de behandeling van zijn aanvraag.
  § 3. - Binnen de dertig kalenderdagen na de aangetekende brief, fax of e-mail bedoeld in § 2 maakt de beheerder van het net waarop de eindafnemer is aangesloten, de schadevergoeding over op het bankrekeningnummer van de eindafnemer of stelt deze, in voorkomend geval, op de hoogte van het doorgeven van diens aanvraag aan de derde die aan de oorsprong ligt van de onderbreking van de levering voor een duur van meer dan zes opeenvolgende uren.]1

  
Art. 32bis. [1 § 1er. - Toute interruption de fourniture non planifiée d'une durée supérieure à six heures consécutives et ayant son origine sur un réseau de distribution ou de transport régional donne lieu à une indemnisation de 100 euros, au profit du client final raccordé au réseau de distribution ou de transport régional, à charge du gestionnaire de réseau par le fait duquel l'interruption ou son maintien sont intervenus.
  Cette indemnisation n'est pas due par ce dernier dans l'hypothèse où l'interruption de fourniture et son maintien pendant plus de six heures consécutives sont l'un et l'autre causés par un cas de force majeure, le fait d'un tiers ou un incident sur un réseau interconnecté en aval ou en amont.
  § 2. - Pour bénéficier de l'indemnisation visée au paragraphe 1er, le client final concerné introduit, par courrier recommandé, télécopie ou courrier électronique, une demande auprès du gestionnaire de réseau auquel il est raccordé. Cette demande doit être adressée dans les [2 soixante]2 jours calendrier de la survenance de l'interruption de fourniture. Le client y mentionne les données essentielles au traitement de sa demande.
  § 3. - Dans les trente jours calendrier de la date du courrier recommandé, de la télécopie ou du courrier électronique visé au § 2, le gestionnaire de réseau auquel ce client final est raccordé verse l'indemnité sur le compte bancaire du client final ou avise celui-ci, le cas échéant, du transfert de sa demande au tiers à l'origine de l'interruption de fourniture et son maintien pendant plus de six heures consécutives.]1

  
Afdeling 2. - [1 Verschuldigde schadevergoeding ten gevolge van een administratieve fout of van een laattijdige aansluiting]1
Section 2. - [1 Indemnisation due suite à une erreur administrative ou un retard de raccordement]1
Art. 32ter. [1 § 1. - Iedere afwezigheid van elektriciteitslevering die zich voordoet bij schending van de voorschriften van deze ordonnantie of van haar uitvoeringsbesluiten ten gevolge van een administratieve fout die werd begaan door de netbeheerder, verplicht deze netbeheerder om aan de eindafnemer een dagelijkse forfaitaire schadevergoeding van 125 euro te betalen tot aan het herstel van de levering, met een maximum van 1.875 euro. De kosten voor de afsluiting en het herstel worden eveneens gedragen door de betrokken netbeheerder, zonder dat deze kunnen worden verhaald op de eindafnemer.
  § 2. - De eindafnemer richt zijn aanvraag tot schadevergoeding aan de beheerder van het net waarop hij is aangesloten, per aangetekende brief, fax of e-mail, binnen de [2 zestig]2 dagen na het opduiken van de afwezigheid van levering. De eindafnemer vermeldt hierbij de gegevens die essentieel zijn voor de behandeling van de aanvraag.
  De netbeheerder vergoedt de afnemer binnen de dertig kalenderdagen na de ontvangst van de aanvraag tot schadevergoeding.
  Indien de netbeheerder van oordeel is dat de afwezigheid van levering voortkomt uit een fout van de leverancier, brengt hij de afnemer hiervan op de hoogte binnen de dertig dagen na de ontvangst van de aanvraag tot schadevergoeding en verstuurt, binnen dezelfde termijn, de aanvraag aan de leverancier.
  De leverancier is gehouden om de aanvraag tot schadevergoeding te behandelen en om desgevallend deze te storten binnen dezelfde termijnen als deze die van toepassing zijn op de netbeheerders.]1

  
Art. 32ter. [1 § 1er. - Toute absence de fourniture d'électricité intervenant en violation des prescriptions de la présente ordonnance ou de ses arrêtés d'exécution en suite d'une erreur administrative commise par le gestionnaire de réseau oblige ce gestionnaire a payer au client final une indemnité forfaitaire journalière de 125 euros jusqu'au rétablissement de l'alimentation, avec un maximum de 1.875 euros. Les frais de fermeture et de rétablissement de l'alimentation sont également supportés par le gestionnaire du réseau concerné, sans pouvoir être répercutés auprès du client final.
  § 2. - Le client final adresse la demande d'indemnisation au gestionnaire de réseau auquel il est raccordé, par courrier recommandé, télécopie ou courrier électronique, dans les [2 soixante]2 jours calendrier de la survenance de l'absence de fourniture. Le client final y mentionne les données essentielles au traitement de sa demande.
  Le gestionnaire de réseau indemnise le client dans les trente jours calendrier de la réception de la demande d'indemnisation.
  Si le gestionnaire de réseau estime que l'absence de fourniture résulte d'une erreur d'un fournisseur, il en informe le client dans les trente jours calendrier de la réception de la demande d'indemnisation et, dans le même délai, adresse directement la demande à ce fournisseur.
  Le fournisseur est tenu de traiter la demande d'indemnisation et, le cas échéant, de verser celle-ci dans les mêmes délais que ceux applicables au gestionnaire de réseau.]1

  
Art. 32quater. [1 § 1. - Zonder afbreuk te doen aan het laatste lid, heeft elke eindafnemer recht op een forfaitaire dagvergoeding ten laste van de netbeheerder als deze de effectieve aansluiting niet heeft gerealiseerd binnen de volgende termijnen :
  1° voor de laagspanningsafnemers, binnen de termijn vermeld in het schrijven dat door de netbeheerder aan de afnemer werd gericht, en waarin de technische en financiële voorwaarden van de aansluiting worden vermeld; tenzij anders overeengekomen begint die termijn te lopen vanaf de betaling van de offerte voor de aansluiting. Voor een eengezinswoning mag deze termijn 20 werkdagen niet overschrijden voor zover de gevraagde aansluitingscapaciteit niet groter is dan 25 kVA en het distributienet in de omgeving van het aansluitingspunt wordt gevestigd en aan dezelfde kant van de rijweg is gelegen;
  2° voor de hoogspanningsafnemers, binnen de termijn vermeld in het ontwerp van aansluiting; tenzij anders overeengekomen begint die termijn te lopen vanaf het terugsturen van het ondertekende aansluitingscontract en de betaling van alle kosten door de aanvrager.
  De verschuldigde dagvergoeding bedraagt 50 euro voor de laagspanningsafnemers en 100 euro voor de hoogspanningsafnemers.
  De schadevergoeding is niet verschuldigd indien de overschrijding van de hierboven bedoelde termijnen te wijten is aan een eventuele vertraging van de bevoegde instanties of een weigering om de gevraagde toelatingen of vergunningen af te leveren of aan een niet-uitvoering door de netgebruiker van de werken op zijn kosten.
  § 2. - De eindafnemer zendt de aanvraag tot schadevergoeding aan de beheerder van het net waarop hij is aangesloten, per aangetekende brief, fax of e-mail, binnen de [2 zestig]2 kalenderdagen na het verstrijken van de termijnen bedoeld in § 1. De eindafnemer vermeldt hierbij de gegevens die noodzakelijk zijn voor de behandeling van zijn aanvraag.
  De netbeheerder vergoedt de afnemer binnen de dertig kalenderdagen vanaf de ontvangst van de aanvraag tot schadevergoeding.]1

  
Art. 32quater. [1 § 1er. - Sans préjudice du dernier alinéa, tout client final a droit à une indemnité forfaitaire journalière a charge du gestionnaire de réseau si celui-ci n'a pas réalisé le raccordement effectif dans les délais suivants :
  1° pour les clients basse tension, dans le délai mentionné dans le courrier adressé par le gestionnaire de réseau au client reprenant les conditions techniques et financières du raccordement; sauf convention contraire, ce délai commence à courir à partir du paiement de l'offre de raccordement. Pour une maison unifamiliale, ce délai ne peut excéder vingt jours ouvrables pour autant que la capacité de raccordement demandée n'excède pas 25 kVA et que le réseau de distribution soit implanté à proximité du point de raccordement et se trouve du même côté de la voie carrossable que celui-ci;
  2° pour les clients haute tension, dans le délai indiqué dans le projet de raccordement; sauf convention contraire, ce délai commence à courir à partir du renvoi du contrat de raccordement signé et du paiement de l'ensemble des coûts par le demandeur.
  L'indemnité journalière due est de 50 euros pour les clients basse tension et 100 euros pour les clients haute tension.
  L'indemnité n'est pas due si le non-respect des délais visés ci-avant résulte d'un éventuel retard des autorités compétentes ou d'un refus de délivrer les autorisations ou permis demandés ou de la non-réalisation, par l'utilisateur du réseau, des travaux à sa charge.
  § 2. - Le client final adresse la demande d'indemnisation au gestionnaire de réseau auquel il est raccordé, par courrier recommandé, télécopie ou courrier électronique, dans les [2 soixante]2 jours calendrier du dépassement des délais visés au § 1er. Le client final y mentionne les données essentielles au traitement de sa demande.
  Le gestionnaire de réseau indemnise le client dans les trente jours calendrier de la réception de la demande d'indemnisation.]1

  
Afdeling 3. - [1 Schadevergoeding voor de schade die veroorzaakt werd door de onderbreking, de niet-conformiteit of de onregelmatigheid van de levering]1
Section 3. - [1 Indemnisation des dommages causés par l'interruption, la non-conformité ou l'irrégularité de la fourniture]1
Art. 32quinquies. [1 De schade geleden door een eindafnemer die aangesloten is op het gewestelijk transmissie- of distributienet ingevolge de onderbreking, de niet-conformiteit of de onregelmatigheid van de stroomvoorziening, maakt het voorwerp uit van een schadevergoeding door de verantwoordelijke netbeheerder, volgens de modaliteiten bepaald in deze afdeling :
  1° de schadevergoeding is niet verschuldigd wanneer de onderbreking, de niet-conformiteit of de onregelmatigheid van de levering zijn oorsprong vindt in een geval van overmacht, de daad van een derde of een incident op een stroomafwaarts of stroomopwaarts gekoppeld net. Ze is ook niet van toepassing als de onderbreking aan de oorsprong van de schade gepland was of het gevolg is van een onderbreking of een opschorting van de toegang, toegelaten uit hoofde van deze ordonnantie of het ter uitvoering daarvan genomen technisch reglement;
  2° de schadevergoeding is niet verschuldigd in geval van een discontinuïteit in de toevoer die het gevolg is van een micro-onderbreking of in geval van een fluctuatie in de spanning of de frequentie die niet meer bedraagt dan respectievelijk het verschil tussen de gemiddelde spanning en de waarde van de nominale spanning van het net en het verschil tussen de stroomfrequentie en de nominale waarde ervan toegelaten door de norm NBN EN 50160. De distributienetgebruiker moet zijn installaties ongevoelig maken voor dergelijke micro-onderbrekingen of dergelijke fluctuaties of maatregelen treffen om de eventuele schade te beperken;
  3° indirecte en immateriële schade wordt niet vergoed, onder voorbehoud van toepassing van andere toepasselijke wettelijke bepalingen;
  4°de rechtstreekse lichamelijke schade wordt integraal vergoed;
  5° voor de rechtstreekse materiële schade geldt een individuele franchise van 30 euro per schadegeval en is geplafonneerd, per schadeverwekkende gebeurtenis, op 2.000.000 euro voor het geheel van de schadegevallen. Indien het totale bedrag van de schadevergoedingen dit plafond overschrijdt, is de schadevergoeding die verschuldigd is aan de eindafnemer beperkt tot dat bedrag;
  6° de toepassing van het plafond van de schadevergoeding en van de individuele franchise is uitgesloten in geval van bedrog of een zware fout van de netbeheerder.]1

  
Art. 32quinquies. [1 Le dommage subi par un client final raccordé au réseau de transport régional ou de distribution, du fait de l'interruption, de la non-conformité ou de l'irrégularité de la fourniture d'énergie électrique, fait l'objet d'une indemnisation par le gestionnaire de réseau fautif, selon les modalités prévues à la présente section :
  1° l'indemnisation n'est pas due lorsque l'interruption, la non-conformité ou l'irrégularité de la fourniture trouve son origine dans un cas de force majeure, le fait d'un tiers ou un incident sur un réseau interconnecté en aval ou en amont. Elle ne s'applique pas davantage si l'interruption à l'origine du dommage était planifiée ou résulte d'une coupure ou d'une suspension d'accès autorisées par la présente ordonnance ou le règlement technique pris en exécution de celle-ci;
  2° l'indemnisation n'est pas due en cas de discontinuité de l'alimentation trouvant son origine dans une micro-coupure ou en cas de fluctuation de la tension ou de la fréquence n'excédant pas respectivement l'écart de la tension moyenne par rapport à la valeur de la tension nominale du réseau et l'écart de la fréquence du courant par rapport à sa valeur normale admise par la norme NBN EN 50160. Il appartient à l'utilisateur du réseau de distribution de rendre ses installations insensibles à de tels phénomènes ou à de telles fluctuations ou de prendre des mesures pour limiter les dommages éventuels;
  3° les dommages indirects et immatériels ne sont pas indemnisés, sous réserve de l'application d'autres dispositions légales applicables;
  4° le dommage corporel direct est intégralement indemnisé;
  5° l'indemnisation du dommage matériel direct intervient sous déduction d'une franchise individuelle de 30 euros par sinistre et est plafonnée, par événement dommageable, à 2.000.000 d'euros pour l'ensemble des sinistres. Si le montant total des indemnisations dépasse ce plafond, l'indemnisation due à chaque client final est réduite à due concurrence;
  6° l'application du plafond d'indemnisation et de la franchise individuelle est exclue en cas de dol ou de faute lourde du gestionnaire de réseau.]1

  
Art. 32sexies. [1 § 1. - De eindafnemer die het slachtoffer is van het schadegeval zoals gedefinieerd in voorgaand artikel meldt de vordering per aangetekende brief, fax of email aan de beheerder van het net waarop hij is aangesloten uiterlijk negentig kalenderdagen vanaf het voorvallen van het schadegeval of ten minste vanaf de datum waarop hij kennis heeft gekregen van het schadegeval indien de kennis die de eindafnemer heeft gekregen voor hem later is, zonder dat de aangifte van het schadegeval meer dan zes maanden na het voorvallen van het schadegeval mag worden gedaan.
  Indien de eindafnemer binnen de termijn bedoeld in voorgaand lid per vergissing de aangifte van het schadegeval heeft gericht aan zijn leverancier, wordt deze geacht te zijn toegestuurd binnen de vereiste termijn. De leverancier verstuurt onverwijld de aangifte van het schadegeval aan de netbeheerder.
  § 2. - De eindafnemer die schade heeft geleden verzendt als bijlage bij zijn aangifte van het schadegeval ieder stuk en ieder document dat toelaat om de werkelijkheid van het schadegeval en de omvang van de geleden schade vast te stellen.
  § 3. - De netbeheerder bevestigt de ontvangst van de aangifte van het schadegeval binnen de vijftien kalenderdagen vanaf de ontvangst van de aangetekende brief, de fax of de e-mail bedoeld in § 1.
  Binnen de zestig kalenderdagen na de verzending van de ontvangstbevestiging brengt hij de eindafnemer op de hoogte van het vervolg dat hij voornemens is te geven aan de aangifte van schadegeval.
  Indien blijkt dat het schadegeval zijn oorsprong niet vindt op zijn net, brengt de netbeheerder de eindafnemer binnen dezelfde termijn en maakt de aangifte over aan de derde die aan de oorsprong ligt van, desgevallend, de onderbreking, de niet-conformiteit of de onregelmatigheid van de levering. Deze laatste volgt de procedure die in deze paragraaf beschreven wordt.
  Desgevallend vergoedt de netbeheerder de eindafnemer binnen de zes maanden na de kennisgeving van een aangifte van schadegeval.]1

  
Art. 32sexies. [1 § 1er. - Le client final victime d'un dommage tel que défi ni à l'article précédent déclare le sinistre par courrier recommandé, télécopie ou courrier électronique au gestionnaire du réseau auquel il est raccordé, au plus tard nonante jours calendrier à dater de la survenance de l'événement dommageable ou, à tout le moins, à dater de la prise de connaissance du sinistre si la connaissance qu'en a eue le client final lui est postérieure, sans que la déclaration de sinistre puisse être faite plus de six mois après la survenance de l'événement dommageable.
  Si le client final a, dans le délai visé à l'alinéa précédent, adressé par erreur la déclaration de sinistre à son fournisseur, celle-ci est réputée avoir été adressée dans le délai requis. Le fournisseur transmet sans délai la déclaration de sinistre au gestionnaire de réseau.
  § 2. - Le client final préjudicié transmet en annexe à la déclaration de sinistre toute pièce et tout document permettant d'établir la réalité du sinistre et l'importance du dommage subi.
  § 3. - Le gestionnaire de réseau accuse réception de la déclaration de sinistre dans les quinze jours calendrier de la réception du courrier recommandé, de la télécopie ou du courrier électronique visé au § 1er.
  Dans les soixante jours calendrier de l'envoi de l'accusé de réception, il informe le client final de la suite qu'il entend réserver à la déclaration de sinistre.
  S'il apparaît que l'événement dommageable ne trouve pas son origine sur son réseau, le gestionnaire de réseau en informe le client final dans le même délai et transmet la déclaration au tiers à l'origine, selon le cas, de l'interruption, de la non-conformité ou de l'irrégularité de la fourniture d'électricité. Ce dernier se conforme à la procédure décrite dans le présent paragraphe.
  Le cas échéant, le gestionnaire de réseau indemnise le client final préjudicié dans les six mois de la notification d'une déclaration de sinistre]1

  
Afdeling 3bis. [1 - Schadevergoeding verschuldigd door de netbeheerder in geval van onregelmatige beslissing voor het weigeren of beperken van de activering van de vraagflexibiliteit.]1
Section 3bis. [1 - Indemnisation due par le gestionnaire du réseau en cas de décision irrégulière de refus d'activation de la flexibilité de la demande ou de limitation de celle-ci]1
Art. 32unsexies. [1 Indien de netbeheerder beslist om de activering van de flexibiliteit van een eindafnemer te weigeren of te beperken in strijd met de voorwaarden vastgelegd in het technisch reglement, maakt het verlies opgelopen door de leverancier van de flexibiliteitsdienst vanwege deze beslissing het voorwerp uit van een eenmalige schadevergoeding door de netbeheerder overeenkomstig de modaliteiten vastgelegd door de Regering, na advies van Brugel.]1
  
Art. 32unsexies. [1 En cas de décision du gestionnaire de réseau refusant ou limitant l'activation de la flexibilité d'un client final en violation des conditions définies dans le règlement technique, le dommage causé par cette décision au fournisseur de service de flexibilité fait l'objet d'une indemnisation unique par le gestionnaire de réseau, selon les modalités fixées par le Gouvernement, après avis de Brugel.]1
  
Afdeling 3ter. [1 - Door de netbeheerder verschuldigde vergoeding in geval van een onregelmatige beslissing om het geleverde vermogen voor het opladen van een elektrisch voertuig of het teruggeleverde vermogen bij het ontladen van een elektrisch voertuig te weigeren of te beperken.]1
Section 3ter. [1 - Indemnisation due par le gestionnaire de réseau en cas de décision irrégulière de refus de la puissance délivrée pour la recharge d'un véhicule électrique, de refus de la puissance réinjectée pour la décharge d'un véhicule électrique ou de limitation de celles-ci.]1
Art. 32duosexies. [1 Indien de netbeheerder beslist om het vermogen geleverd voor het opladen van een elektrisch voertuig of het teruggeleverde vermogen bij het ontladen van een elektrisch voertuig te weigeren of te beperken in strijd met de voorwaarden vastgelegd in het technisch reglement, maakt het verlies opgelopen door de eindafnemer vanwege deze beslissing het voorwerp uit van een schadevergoeding door de netbeheerder overeenkomstig de modaliteiten vastgelegd door de Regering, na advies van Brugel.]1
  
Art. 32duosexies. [1 En cas de décision du gestionnaire de réseau refusant ou limitant la puissance délivrée pour la recharge d'un véhicule électrique ou refusant ou limitant la puissance réinjectée lors de la décharge d'un véhicule électrique en violation des conditions définies dans le règlement technique, le dommage causé par cette décision à l'utilisateur du réseau de distribution fait l'objet d'une indemnisation par le gestionnaire de réseau, selon les modalités fixées par le Gouvernement, après avis de Brugel.]1
  
Afdeling 4. - [1 Verschuldigde schadevergoeding door de leveranciers en tussenpersonen]1
Section 4. - [1 Indemnisation due par les fournisseurs et intermédiaires]1
Art. 32septies. [1 § 1. - Elke onderbreking van de elektriciteitslevering die op verzoek van de leverancier in strijd met de bepalingen van onderhavige ordonnantie of van de uitvoeringsbesluiten ervan wordt uitgevoerd, of ten gevolge van een beheer- of facturatiefout uit hoofde van de leverancier met de procedure voor niet-betaling tot gevolg, verplicht deze om de eindafnemer een forfaitaire schadevergoeding van 125 euro per dag te betalen tot de datum van de aanvraag tot herstel van de levering, wat op onbetwistbare wijze door de leverancier aan de netbeheerder wordt betekend.
  De netbeheerder herstelt de levering binnen de termijn voorzien door het technisch reglement. Bij ontstentenis kan de afnemer beroep doen op de toepassing van artikel 32ter.
  De vergoeding is geplafonneerd op 1.875 euro. De leverancier betaalt ook de kosten voor de sluiting en de herstelling van de stroomverbinding, zonder dat hij deze op de eindafnemer kan verhalen.
  [2 § 1bis. [3 ...]3]2
  § 2. - Behoudens [3 het geval bedoeld in § 1]3, heeft elke eindafnemer ook recht op een maandelijkse forfaitaire vergoeding van 100 euro per maand ten laste van de leverancier wanneer de overeenkomst niet van kracht kan worden op de datum die de partijen waren overeengekomen omdat de leverancier geen correct gevolg heeft gegeven aan de overeenkomst met de eindafnemer.
  § 3. - De eindafnemer stuurt het verzoek tot schadevergoeding per aangetekende brief, fax of e-mail naar de leverancier, binnen de [2 zestig]2 dagen na, afhankelijk van het geval :
  1° het ontstaan van de onderbreking bedoeld in § 1;
  [2 1bis [3 ...]3]2
  2° de kennisneming door de eindafnemer van de fout in de procedure van leverancierswissel, in toepassing van § 2.
  De eindafnemer vermeldt alle vereiste gegevens voor de verwerking van zijn vraag in zijn aanvraag.
  De leverancier vergoedt de afnemer binnen de dertig kalenderdagen na ontvangst van de aanvraag tot schadevergoeding.
  § 4. - Indien de leverancier oordeelt dat de onderbreking of de fout in de procedure van leverancierswissel uit een fout van de netbeheerder voortvloeit, licht hij de afnemer binnen de dertig kalenderdagen na ontvangst van de aanvraag tot schadevergoeding in en stuurt de aanvraag binnen dezelfde termijn rechtstreeks naar de netbeheerder.
  De netbeheerder moet de aanvraag tot vergoeding behandelen en de schadevergoeding desgevallend storten binnen dezelfde termijnen als deze die voor de leverancier gelden.]1

  
Art. 32septies. [1 § 1er. - Toute coupure d'électricité réalisée à la demande du fournisseur en violation des prescriptions de la présente ordonnance ou de ses arrêtés d'exécution, ou intervenant en suite d'une erreur de gestion ou de facturation, ayant conduit à la mise en oeuvre de la procédure de défaut de paiement, commise par le fournisseur, oblige celui-ci à payer au client final une indemnité forfaitaire journalière de 125 euros jusqu'à la date de la demande de rétablissement de l'alimentation, notifiée de manière non contestable par le fournisseur au gestionnaire de réseau.
  Le gestionnaire de réseau rétablit l'alimentation dans les délais prévus par le règlement technique. A défaut, le client peut recourir à l'application de l'article 32ter.
  L'indemnité est plafonnée à 1.875 euros. Les frais de fermeture et de rétablissement de l'alimentation sont également supportés par le fournisseur sans pouvoir être répercutés auprès du client final.
  [2 § 1erbis. [3 ...]3]2
  § 2. - De même, en dehors [3 du cas visé au paragraphe 1er]3, tout client final a droit à une indemnité forfaitaire mensuelle de 100 euros à charge du fournisseur lorsque, celui-ci n'ayant pas correctement donné suite au contrat conclu avec le client final, le contrat ne peut effectivement entrer en vigueur à la date convenue entre les parties.
  § 3. - Le client final adresse la demande d'indemnisation au fournisseur par courrier recommandé, télécopie ou courrier électronique, dans les [2 soixante]2 jours calendrier, selon le cas :
  1° de la survenance de la coupure visée au § 1er;
  [2 1bis [3 ...]3]2
  2° de la prise de connaissance, par le client final, de l'erreur dans la procédure de changement de fournisseur, en application du § 2.
  Le client final mentionne dans sa demande les données essentielles au traitement de celle-ci.
  Le fournisseur indemnise le client dans les trente jours calendrier de la réception de la demande d'indemnisation.
  § 4. - Si le fournisseur estime que la coupure ou l'erreur dans la procédure de changement de fournisseur résulte d'une erreur du gestionnaire de réseau, il en informe le client dans les trente jours calendrier de la réception de la demande d'indemnisation et, dans le même délai, adresse directement la demande au gestionnaire de réseau.
  Le gestionnaire de réseau est tenu de traiter la demande d'indemnisation et, le cas échéant, de verser celle-ci dans les mêmes délais que ceux applicables au fournisseur.]1

  
Art. 32octies. [1 § 1. - Elke facturatiefout ten koste van de eindafnemer verplicht de leverancier om deze eindafnemer een schadevergoeding te betalen waarvan het bedrag gelijk is aan dat van de tussentijdse factuur van de afnemer, teruggebracht tot één maand verbruik en voor het lopende jaar en dit, in volgende gevallen :
  1° ofwel wanneer de leverancier de klacht die een eindafnemer per aangetekende brief, fax of e-mail heeft gestuurd om het bedrag te betwisten van de factuur die hij heeft betaald, niet behandeld heeft binnen de dertig kalenderdagen na ontvangst;
  2° ofwel wanneer de leverancier, naar aanleiding van een klacht per aangetekende brief, fax of e-mail van een eindafnemer die de factuur heeft betaald, bevestigt aan de afnemer dat er een facturatiefout werd begaan die verband houdt met een fout in de meteropname, ongeacht de oorsprong, maar zich onthoudt van de verzending van een factuur tot rechtzetting naar de eindafnemer en desgevallend van de verschuldigde terugbetaling binnen de dertig kalenderdagen na de erkenning van de fout, onder voorbehoud van het geval bedoeld in paragraaf 3.
  § 2. - De eindafnemer stuurt een aanvraag tot schadevergoeding naar de leverancier per aangetekende brief, fax of e-mail, binnen de [2 zestig]2 kalenderdagen na de overschrijding van de termijnen voorzien in § 1.
  De eindafnemer vermeldt alle vereiste gegevens voor de verwerking van zijn aanvraag.
  De leverancier vergoedt de afnemer binnen de dertig kalenderdagen na ontvangst van de aanvraag tot schadevergoeding.
  § 3. - Indien de leverancier oordeelt dat de overschrijding van de termijnen bedoeld in § 1 aan de netbeheerder te wijten is, licht hij de eindafnemer binnen de dertig kalenderdagen na ontvangst van de aanvraag tot schadevergoeding in en stuurt de aanvraag binnen dezelfde termijn rechtstreeks naar de netbeheerder.
  De netbeheerder moet de aanvraag tot schadevergoeding behandelen en de vergoeding desgevallend storten binnen dezelfde termijnen als deze die voor de leverancier gelden.
  De vergoeding is niet verschuldigd bij de verkeerde mededeling door de eindafnemer van de gegevens voor het opstellen van de factuur.]1

  
Art. 32octies. [1 § 1er. - Toute erreur de facturation commise au détriment du client final oblige le fournisseur à payer à ce client final une indemnité d'un montant équivalent à celui de la facture intermédiaire du client rapportée à un mois de consommation et relative à l'année en cours, dans les hypothèses suivantes :
  1° soit lorsque le fournisseur s'abstient de traiter, dans les trente jours calendrier à compter de la réception de celle-ci, la plainte adressée par courrier recommandé, télécopie ou courrier électronique d'un client final qui conteste le montant de la facture qu'il a honorée;
  2° soit lorsque le fournisseur, suite à une plainte adressée par courrier recommandé, télécopie ou courrier électronique par un client final ayant honoré la facture, confirme au client une erreur dans la facturation liée à une erreur de relevé d'index, quelle qu'en soit l'origine, mais s'abstient d'adresser au client final une facture rectificative et de procéder, le cas échéant, au remboursement dû dans les trente jours calendrier de la reconnaissance de l'erreur, sous réserve de l'hypothèse visée au paragraphe 3.
  § 2. - Le client final adresse la demande d'indemnisation au fournisseur par courrier recommandé, télécopie ou courrier électronique, dans les [2 soixante]2 jours calendrier du dépassement des délais prévus au § 1er.
  Le client final mentionne dans sa demande les données essentielles au traitement de celle-ci.
  Le fournisseur indemnise le client dans les trente jours calendrier de la réception de la demande d'indemnisation.
  § 3. - Si le fournisseur estime que le dépassement des délais prévus au § 1er est imputable au gestionnaire de réseau, le fournisseur en informe le client final dans les trente jours calendrier de la réception de la demande d'indemnisation et, dans le même délai, adresse directement la demande au gestionnaire de réseau.
  Le gestionnaire de réseau est tenu de traiter la demande d'indemnisation et, le cas échéant, de verser celle-ci dans les mêmes délais que ceux applicables au fournisseur.
  L'indemnité n'est pas due en cas de transmission erronée par le client final des données permettant d'établir la facturation.]1

  
Afdeling 5. - [1 Gemeenschappelijke bepalingen]1
Section 5. - [1 Dispositions communes]1
Art. 32novies. [1 § 1. - De bepalingen van de afdelingen 1 tot 4 verhinderen niet de toepassing van andere wettelijke bepalingen. In ieder geval, kan de gecombineerde toepassing van verschillende aansprakelijkheidsregimes niet leiden tot een schadevergoeding van de eindafnemer die het volledige herstel van de geleden schade overtreft.
  § 2. - Teneinde de demarche van de eindafnemer en de behandeling van de aanvragen tot schadevergoeding te vergemakkelijken, stellen de netbeheerders en de leveranciers, elk voor wat hem betreft, op hun websites aanvraagformulieren tot schadevergoeding ter beschikking van eindafnemers. Deze formulieren worden voorafgaandelijk goedgekeurd door Brugel, die deze eveneens publiceert op haar website. Iedere aanvraag tot schadevergoeding wordt tot stand gebracht door middel van deze formulieren.
  § 3. - De netbeheerders stellen iedere vorm van financiële waarborg die hen toelaat om de schadevergoedingen bedoeld in de artikelen 32bis tot 32quinquies te dekken. De last die verbonden is met de gestelde waarborg om de schadevergoedingen in geval van zware fout te dekken zal duidelijk onderscheiden zijn in de rekeningen van de netbeheerder. Vóór 31 maart van elk jaar bezorgen de netbeheerders het bewijs van het bestaan van zulke financiële waarborg aan Brugel.
  De artikelen 32bis tot 32novies worden integraal hernomen in de aansluitingsreglementen en -contracten die van toepassing zijn op de afnemers die aangesloten zijn op het net.
  Vóór 15 mei van ieder jaar maken de netbeheerders een verslag over aan Brugel dat de staat opmaakt van het aantal aanvragen tot schadevergoeding die gestoeld zijn op de artikelen 32bis tot 32quinquies in de loop van het afgelopen jaar, alsook van het vervolg dat daaraan werd gegeven, dat ze bij het in artikel 12, § 4 van deze ordonnantie bedoelde verslag voegen. Brugel stelt te dien einde een model van verslag op.
  Minstens één keer per jaar schrijft de raad van bestuur van de netbeheerder de bespreking van een geactualiseerd verslag in op de agenda met betrekking tot het aantal aanvragen tot schadevergoeding die gestoeld zijn op de artikelen 32bis tot 32quinquies, alsook het gevolg dat eraan werd gegeven.
  [2 § 3bis. Voor 15 mei van ieder jaar maken de leveranciers een verslag over aan Brugel dat de staat opmaakt van het aantal aanvragen tot schadevergoeding die gestoeld zijn op de artikelen 32septies tot en met 32octies in de loop van het afgelopen jaar, alsook van het gevolg dat daaraan werd gegeven. Brugel stelt te dien einde een model van verslag op.]2
  § 4. - De bedragen van de schadevergoedingen die in de voorafgaande afdelingen bepaald worden, worden ieder jaar geïndexeerd overeenkomstig het indexcijfer door ze te vermenigvuldigen met het indexcijfer van de consumptieprijzen voor juni van het jaar en door ze te verdelen door het indexcijfer van juni van het jaar dat aan de inwerkingtreding van deze ordonnantie voorafgaat. Brugel publiceert op haar site de geïndexeerde bedragen, afgerond op een hele euro naar boven of naar beneden. ]1

  
Art. 32novies. [1 § 1er. - Les dispositions des sections 1re à 4 ne font pas échec à l'application d'autres dispositions légales. En tout état de cause, l'application conjuguée de différents régimes de responsabilité ne peut entraîner une indemnisation du client final supérieure à la réparation intégrale du préjudice subi.
  § 2. - En vue de faciliter la démarche des clients finals et le traitement des demandes d'indemnisation, les gestionnaires de réseau et les fournisseurs, chacun pour ce qui les concerne, mettent à la disposition des clients finals, sur leurs sites internet, des formulaires de demande d'indemnisation. Ces formulaires sont préalablement approuvés par Brugel, qui les publie également sur son site internet. Toute demande d'indemnisation est réalisée au moyen de ces formulaires.
  § 3. - Les gestionnaires de réseau constituent toutes formes de garantie financière leur permettant d'assurer les indemnisations visées aux articles 32bis à 32quinquies. La charge liée à la garantie constituée pour assurer les indemnisations en cas de faute lourde sera clairement distinguée dans les comptes des gestionnaires de réseau. Avant le 31 mars de chaque année, les gestionnaires de réseaux fournissent à Brugel la preuve de l'existence d'une telle garantie financière.
  Les articles 32bis à 32novies sont reproduits intégralement dans les règlements et contrats de raccordement applicables aux clients raccordés aux réseaux.
  Avant le 15 mai de chaque année, les gestionnaires de réseau adressent à Brugel un rapport faisant état du nombre de demandes d'indemnisation fondées sur les articles 32bis à 32quinquies réceptionnées au cours de l'année écoulée, ainsi que de la suite qui leur a été réservée, qu'ils joignent au rapport visé à l'article 12, § 4 de la présente ordonnance. Brugel établit à cet effet un modèle de rapport.
  Au minimum une fois par an, le conseil d'administration du gestionnaire de réseau inscrit à l'ordre du jour de ses délibérations la discussion d'un rapport actualisé relatif au nombre de demandes d'indemnisation fondées sur les articles 32bis à 32quinquies, ainsi qu'à la suite qui leur a été réservée.
  [2 Avant le 15 mai de chaque année, les fournisseurs adressent à Brugel un rapport faisant état du nombre de demandes d'indemnisation fondées sur les articles 32septies à 32octies réceptionnées au cours de l'année écoulée, ainsi que de la suite qui leur a été réservée. Brugel établit à cet effet un modèle de rapport.]2
  § 4. - Les montants des indemnisations fixées aux sections qui précèdent sont indexés tous les ans conformément à l'indice des prix à la consommation en les multipliant par l'indice des prix à la consommation pour le mois de juin de l'année et en les divisant par l'indice des prix à la consommation du mois de juin de l'année précédant l'entrée en vigueur de la présente ordonnance. Brugel publie sur son site les montants indexés, arrondis à l'euro près.]1

  
Art. 32decies. [1 Onverminderd de bepalingen van het technisch reglement voor het beheer van het distributienet betreffende de informatie-uitwisseling en behalve in gevallen waarin de verplichting van aangetekende zending geldt, mogen alle betalingsherinneringen, ontvangstbewijzen, communicaties, mededelingen of andere informatie-uitwisselingen voorzien in deze ordonnantie per e-mail worden verstuurd, tenzij uitdrukkelijk verzet van de bestemmelingen.]1
  
Art. 32decies. [1 Sans préjudice des dispositions du règlement technique pour la gestion du réseau de distribution relatives à l'échange d'information et hormis les cas où la formalité du recommandé est imposée, tous les rappels, accusés de réception, communications, notifications ou autres échanges d'informations prévus dans la présente ordonnance peuvent s'effectuer par courrier électronique sauf opposition expresse des destinataires.]1
  
Art. 32undecies. [1 Alle vormen van verwerking van persoonsgegevens die plaatsvinden in uitvoering van deze ordonnantie moeten in overeenstemming zijn met de toepasselijke reglementering met betrekking tot de bescherming van persoonsgegevens.]1
  
Art. 32undecies. [1 Tous les traitements de données à caractère personnel qui ont lieu en exécution de cette ordonnance doivent se conformer à la réglementation applicable en matière de protection des données à caractère personnel.]1
  
HOOFDSTUK VIII. - Diverse maatregelen en wijzigingsmaatregelen.
CHAPITRE VIII. - Mesures diverses et modificatives.
Art.33. § 1. Er wordt een " Raad van gebruikers van elektriciteit en gas " opgericht.
  § 2. De Raad heeft als taak advies te verstrekken aan de Regering, hetzij op eigen initiatief hetzij op diens verzoek, betreffende de bescherming van de gebruikers, (openbaredienstverplichtingen en -opdrachten) en het rationeel gebruik van energie (bij de levering en) bij de elektriciteits- en gasdistributie. <ORD 2006-12-14/45, art. 60, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
  § 3. De Raad is samengesteld uit [2 zeventien leden benoemd door de regering, te weten " worden ingevoegd na de woorden]2 :
  1° [2 twee vertegenwoordigers van de Economische en Sociale Raad van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest]2;
  2° [2 twee vertegenwoordigers van de Milieuraad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest]2
  3° acht consumentenvertegenwoordigers,
  4° vijf vertegenwoordigers, voorgedragen door de distributienetbeheerder, de gewestelijke transmissienetbeheerder, de houders van een leveringsvergunning en de lokale producenten [2 ...]2.
  § 4. De Voorzitter van de Raad wordt door de Regering benoemd en gekozen uit de consumentenvertegenwoordigers.
  § 5. Een vertegenwoordiger van de Minister woont alle vergaderingen van de Raad bij en heeft een raadgevende stem.
  § 6. Het secretariaat van de Raad wordt waargenomen door [1 [3 Leefmilieu Brussel]3 ]1.
  § 7. De Regering keurt de statuten en het huishoudelijk reglement en de begroting van de Raad goed.
  § 8. De werkingskosten van de Raad worden gedragen door de begroting voor Energie van het Gewest.
  
Art.33. § 1er. Un " Conseil des usagers de l'électricité et du gaz " est créé.
  § 2. Le Conseil a pour mission de remettre des avis au Gouvernement, d'initiative ou à sa demande, en matière de protection des consommateurs, (d'obligations et) de missions de service public et d'utilisation rationnelle de l'énergie dans (la fourniture et) la distribution d'électricité et de gaz. <ORD 2006-12-14/45, art. 60, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  § 3. Le Conseil est composé de [2 dix-sept membres désignés par le gouvernement, à savoir ]2 :
  1° ([2 deux représentants du]2 Conseil économique et social de la Région de Bruxelles-Capitale;) <ORD 2006-12-14/45, art. 60, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  2° ([2 deux représentants du]2 Conseil de l'environnement de la Région de Bruxelles-Capitale,) <ORD 2006-12-14/45, art. 60, 003; En vigueur : 01-01-2007>
  3° huit représentants des consommateurs,
  4° cinq représentants choisis parmi les candidats présentés par les gestionnaires de réseaux, les détenteurs d'une autorisation de fourniture et les producteurs locaux [2 ...]2.
  § 4. Le Président du Conseil est désigné par le Gouvernement parmi les représentants des consommateurs.
  § 5. Un représentant du Ministre assiste aux réunions du Conseil avec voix consultative.
  § 6. Le secrétariat du Conseil est assuré par [1 [3 Bruxelles Environnement]3]1.
  § 7. Le Gouvernement approuve les statuts, le règlement d'ordre intérieur et le budget du Conseil.
  § 8. Les frais de fonctionnement du Conseil sont a charge du budget Energie de la Région.
  
Art. 33bis. [1 § 1. - Teneinde de afnemers zo goed mogelijk te begeleiden en hen informatie te bezorgen over hun rechten, is de Regering belast met de organisatie van een informatiecentrum voor afnemers van gas en elektriciteit, hierna genaamd Informatiecentrum, dat een of meerdere vestigingseenheden kan hebben.
   De Regering kan de organisatie van het Informatiecentrum toevertrouwen aan derden die onafhankelijk zijn van de energieleveranciers en/of -producenten, volgens transparante procedures en waarbij het gelijkheidsbeginsel nageleefd wordt.
   § 2. - Te dien einde heeft het Informatiecentrum de hoofdopdrachten :
   1° om op gepersonaliseerde, onafhankelijke en objectieve manier aan de Brusselse afnemers, waarbij bijzondere aandacht wordt geschonken aan kwetsbare afnemers, alle nodige informatie te bezorgen over hun rechten, de vigerende wetgeving en de verschillende middelen van geschillenbeslechting die hen ter beschikking staan, de bevoegde overheden en de stappen die zij moeten nemen om hun rechten te laten gelden;
   2° om op gepersonaliseerde, onafhankelijke en objectieve manier aan de Brusselse afnemers, waarbij bijzondere aandacht wordt geschonken aan kwetsbare afnemers, informatie te bezorgen betreffende de voorwaarden van de contracten die hen worden voorgesteld, over de stappen die zij moeten nemen om van leveranciers te veranderen en over de sociale bescherming, alsook hen een mogelijkheid te bieden om hen te begeleiden in hun demarches;
   3° om een jaarverslag op te stellen, met name op basis van de activiteit van informatie en raadgeving, met betrekking tot de problemen van toegang tot energie die afnemers ondervinden, waarin een deel wordt opgenomen dat specifiek gewijd is aan de problemen die ondervonden worden door het publiek in een situatie van armoede.
   § 3. - Het Informatiecentrum beschikt over de nodige deskundigheid en over gekwalificeerd personeel.
   § 4. - De Regering kan de opdrachten van het Informatiecentrum, evenals de modaliteiten van samenwerking met andere informatiecentra voor afnemers preciseren.]1

  
Art. 33bis. [1 § 1er. - Afin de guider au mieux les consommateurs et leur fournir des informations sur leurs droits, le Gouvernement est chargé de l'organisation d'un centre d'information aux consommateurs de gaz et d'électricité, ci-après dénommé Centre d'information, et qui peut avoir une ou plusieurs unités d'établissement.
   Le Gouvernement peut confier l'organisation du Centre d'information à des tiers indépendants des fournisseurs et/ou des producteurs d'énergie, selon des procédures transparentes et en veillant au principe d'égalité.
   § 2. - A cette fin, le Centre d'information a pour missions principales :
   1° de fournir de façon personnalisée, indépendante et objective, aux consommateurs bruxellois, avec une attention particulière réservée aux consommateurs vulnérables, l'ensemble des informations nécessaires concernant leurs droits, la législation en vigueur, les différentes voies de règlement des litiges à leur disposition, les autorités compétentes et les démarches à effectuer pour faire valoir leurs droits;
   2° de fournir de façon personnalisée, indépendante et objective aux consommateurs bruxellois, avec une attention particulière réservée aux consommateurs vulnérables, une information concernant les termes des contrats qui leurs sont proposés, sur les démarches à effectuer pour changer de fournisseur et sur les protections sociales dont ils peuvent bénéficier, ainsi que de leur offrir une possibilité d'accompagnement dans leurs démarches;
   3° de produire, notamment à partir de l'activité d'information et de conseil, un rapport annuel relatif aux problèmes d'accès à l'énergie rencontrés par les consommateurs, en intégrant une partie spécifique relative aux problèmes rencontrés par le public en situation de précarité.
   § 3. - Le Centre d'information dispose de l'expertise nécessaire et d'un personnel qualifié.
   § 4. - Le Gouvernement peut préciser les missions du Centre d'information, ainsi que les modalités de collaboration avec d'autres centres d'information aux consommateurs.]1

  
Art.34.   (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)">Opgeheven art. 63 van 20 JULI 2011. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen. (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)
Art.34.   (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)">Abrogé art. 63 van 20 JULI 2011. - Ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen. (NOTA : Inwerkingtreding van art. 55 vastgesteld op 01-05-2016 bij BESL2016-04-21/29, art. 2)
Art.35. <ORD 2006-12-14/45, art. 64, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2007> § 1. [1 Brugel]1 kan de netbeheerders, de leveranciers en de gebruikers van de netten verzoeken, hem alle gegevens en informatie die nodig zijn voor de uitoefening van zijn functie, te verschaffen, binnen een door hem vastgestelde termijn, met uitsluiting van de gegevens betreffende de huishoudelijke afnemers.
  § 2. De ambtenaren van de [1 [3 Leefmilieu Brussel]3 ]1, de [1 bestuurders van Brugel]1 en [1 het personeel van Brugel]1 mogen de vertrouwelijke gegevens, de gegevens die het mogelijk maken de identiteit te kennen van de afnemers en de commercieel gevoelige gegevens waarvan ze kennis hebben in het kader van hun functie niet vrijgeven, behalve in de gevallen waar ze opgeroepen worden om in rechte te getuigen, onverminderd § 3, en de uitwisseling van informatie met de Belgische en Europese autoriteiten waarin uitdrukkelijk voorzien wordt in wettelijke of verordenende bepalingen.
  Elke inbreuk op het eerste lid wordt bestraft met de straffen waarin voorzien in het artikel 458 van het Strafwetboek.
  § 3. [2 Voor zover zij tot dezelfde vertrouwelijkheid zouden gehouden zijn en daarop dezelfde sancties rusten, kan Brugel aan de andere Belgische reguleringsinstanties en aan [3 Leefmilieu Brussel]3 de vertrouwelijke of commercieel gevoelige gegevens meedelen die zijn nodig hebben om hun bevoegdheid uit te oefenen.]2
  
Art.35. <ORD 2006-12-14/45, art. 64, 003; En vigueur : 01-01-2007> § 1er. [1 Brugel]1 peut requérir des gestionnaires de réseau, des fournisseurs et des utilisateurs des réseaux qu'ils lui procurent, dans le délai qu'il fixe, toutes les données et informations nécessaires à l'exercice de sa mission à l'exclusion des données relatives aux clients résidentiels.
  § 2. Les agents [1 de [3 Bruxelles Environnement]3]1, les [1 administrateurs de Brugel]1 et [1 le personnel de Brugel]1 ne peuvent révéler les données confidentielles, les données permettant l'identification des clients ou les données commercialement sensibles dont ils ont connaissance dans le cadre de leurs fonctions hormis les cas où ils sont appelés à témoigner en justice et sans préjudice du § 3 et de l'échange d'informations avec des autorités belges ou européennes expressément prévu et autorisé par des dispositions légales ou règlementaires.
  Toute infraction à l'alinéa 1er est punie des peines prévues par l'article 458 du Code pénal.
  § 3. [2 Pour autant qu'elles soient soumises à la même obligation de confidentialité assortie des mêmes sanctions, Brugel peut communiquer aux autres instances de régulation belges et à [3 Bruxelles Environnement]3 les données confidentielles ou commercialement sensibles qui leur sont nécessaires pour exercer leur compétence.]2
  
Art. 35bis. <INGEVOEGD bij ORD 2004-04-01/50, art. 44; Inwerkingtreding : 06-05-2004> Eenieder die een bij deze ordonnantie bepaalde functie dan wel een functie krachtens deze ordonnantie uitoefent, is, overeenkomstig artikel 458 van het Strafwetboek, verplicht tot geheimhouding met betrekking tot de naamgegevens of de persoonsgebonden gegevens van de eindafnemers.
Art. 35bis. Toute personne qui exerce des fonctions prévues par ou en vertu de la présente ordonnance est tenue au secret professionnel conformément à l'article 458 du Code pénal pour tout ce qui concerne les données nominatives ou à caractère personnel relatives aux clients finaux.
Art.36. De personen die, bij het in werking treden van deze ordonnantie, titularis zijn van het eigendomsrecht of van een gebruiksrecht van het gewestelijk transmissienet en van het distributienet worden voorlopig aangewezen als respectievelijk gewestelijke transmissienetbeheerder en als distributienetbeheerder.
  Deze aanstellingen eindigen op het ogenblik van de aanstellingen bepaald in artikelen 3 en 6.
  De duur van deze aanstellingen is evenwel begrepen in de termijn van twintig jaar bepaald in de artikelen 3, § 2, eerste lid, en 6, § 2.
  Uiterlijk op 31 december 2002, dienen de netbeheerders hun statuten en bijlagen ervan in overeenstemming te brengen met de bepalingen van deze ordonnantie. Ten laatste op dezelfde datum, dient de vennootschap, aangewezen als gewestelijke transmissienetbeheerder, eveneens haar statuten en bijlagen ervan, in overeenstemming te brengen met de wetsbepalingen.
Art.36. Les personnes titulaires, lors de l'entrée en vigueur de la présente ordonnance, du droit de proprieté ou d'usage du réseau de transport régional et du réseau de distribution sont respectivement désignées, à titre transitoire, comme gestionnaire du réseau de transport régional et comme gestionnaire du réseau de distribution.
  Ces désignations prennent fin lors des désignations visées aux articles 3 et 6.
  Toutefois, la durée de ces désignations est incluse dans le terme de vingt ans visé aux articles 3, § 2, alinéa 1er, et 6, § 2.
  Au plus tard pour le 31 décembre 2002, les gestionnaires de réseaux doivent mettre leurs statuts et leurs annexes en conformité avec les dispositions de la présente ordonnance. Au plus tard à cette même date, le gestionnaire du réseau de transport régional doit en outre mettre ses statuts et leurs annexes en conformité avec les dispositions de la loi.
Art. 36bis. [1 Afdeling IIquater van Hoofdstuk II en artikel 30bis, § 3, 7° en 8° treden in werking op de dag van de inwerkingtreding van de wet houdende overdracht van de bevoegdheden inzake distributietarieven door de federale wet, behoudens afwijking door de Regering.]1
  
Art. 36bis. [1 La section IIquater du Chapitre II et l'article 30bis, § 3, 7° et 8° entrent en vigueur au jour de l'entrée en vigueur de la loi de transfert de compétences en matière de tarifs de distribution opéré par la loi fédérale, sauf dérogation par le Gouvernement.]1
  
Art.37. [1 De slimme meters die reeds zijn geïnstalleerd of waarvan de aanvang van de werkzaamheden heeft plaatsgevonden voor 4 juli 2019 mogen gedurende hun hele levensduur in werking blijven. De slimme meters die niet voldoen aan de bepalingen van hoofdstuk IVquater worden uiterlijk tegen 5 juli 2031 hiermee in overeenstemming gebracht.
   Voor de toepassing van dit artikel moet worden verstaan onder " aanvang van de werkzaamheden " : hetzij de start van de bouwwerkzaamheden, hetzij de eerste vaste toezegging om uitrusting te bestellen, hetzij een andere toezegging die de investering onomkeerbaar maakt, naargelang wat als eerste plaatsvindt. De aankoop van gronden en voorbereidende werkzaamheden zoals het verkrijgen van vergunningen en de uitvoering van voorbereidende haalbaarheidsstudies worden niet als aanvang van de werkzaamheden beschouwd. Bij overnames is de aanvang van de werkzaamheden het tijdstip van de verwerving van de activa die rechtstreeks met de overgenomen vestiging verband houden.]1

  
Art.37. [1 Les compteurs intelligents déjà installés ou pour lesquels le début des travaux a eu lieu avant le 4 juillet 2019 peuvent rester en fonctionnement pendant toute leur durée de vie. Les compteurs intelligents qui ne satisfont pas aux dispositions du chapitre IVquater sont mis en conformité pour le 5 juillet 2031 au plus tard.
   Pour l'application du présent article, on entend par " début des travaux " : soit le début des travaux de construction liés à l'investissement, soit le premier engagement ferme de commande d'équipement ou tout autre engagement rendant l'investissement irréversible, selon l'événement qui se produit en premier. L'achat de terrains et les préparatifs tels que l'obtention d'autorisations et la réalisation d'études de faisabilité préliminaires ne sont pas considérés comme le début des travaux. Dans le cas des rachats, le " début des travaux " est le moment de l'acquisition des actifs directement liés à l'établissement acquis.]1

  
Art.38. Het Hulpfonds vermeld in artikel 8 van de ordonnantie van 11 juli 1991 wordt opgeheven op 1 januari 2004.
Art.38. Le Fonds d'entraide visé à l'article 8 de l'ordonnance du 11 juillet 1991 est abrogé à la date du 1er janvier 2004.
Art. 38bis. <INGEVOEGD bij ORD 2006-12-14/45, art. 66; Inwerkingtreding : 01-01-2007> De eindafnemers die aangesloten zijn op de distributienetten en op het gewestelijk transmissienetten op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest worden vrijgesteld van de federale bijdrage die bedoeld is als compensatie voor het inkomensverlies van de gemeenten ten gevolge van de vrijmaking van de elektriciteitsmarkt, waarvan sprake in artikel 6, § 1, VIII, lid 1, 9°bis van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming van de instellingen.
  De vrijstelling wordt toegekend vanaf 1 januari 2004 (...). <ORD 2008-12-19/59, art. 2, 006; Inwerkingtreding : 01-01-2007>
Art. 38bis. Les clients finals raccordés aux réseaux de distribution et aux réseaux de transport régional établis sur le territoire de la Région de Bruxelles-Capitale sont exonérés de la cotisation federale destinée a compenser la perte de revenus des communes résultant de la libéralisation du marché de l'électricité, dont question à l'article 6 § 1er, VIII, alinéa 1er, 9°bis de la loi spéciale du 8 août 1980 de reformes institutionnelles.
  L'exonération est octroyee à dater du 1er janvier 2004 (...). <ORD 2008-12-19/59, art. 2, 006; En vigueur : 01-01-2007>
Art.39. De ordonnantie van 12 december 1991 waarbij begrotingsfondsen worden opgericht, wordt aangevuld met een artikel 3bis dat luidt als volgt : " Art. 3bis. Het Fonds inzake energiebeleid, opgericht krachtens de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is een begrotingsfonds in de zin van artikel 45 van de wetten op de Rijkscomptabiliteit, gecoördineerd op 17 juli 1991. ".
Art.39. A l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires est ajoute l'article 3bis suivant : " Art. 3bis. Le 'Fonds relatif à la politique de l'énergie' créé par l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale est un fonds budgétaire au sens de l'article 45 des lois sur la comptabilité de l'Etat, coordonnées le 17 juillet 1991. ".
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. [1 Bijlage 1]1 Bijlage bij artikel 26. Waarden van de ter beschikking gestelde vermogens in functie van de nominale stroomsterkte van de schakelaars en smeltveiligheden.
  Overeenstemming tussen de stroomsterkte en het vermogen van automatische LS-schakelaars.
Art. N1. [1 Annexe 1.]1 Annexe à l'article 26. - Valeurs des puissances mises à disposition en fonction des intensités nominales des disjoncteurs et fusibles.
  Equivalence entre l'intensité et la puissance des disjoncteurs BT.
Stroomsterkte2, 230 V3, 230 V3N, 400 V
AVermogen kVAVermogen kVAVermogen kVA

Wijzigingen

<tr><td valign="top">4<td valign="top">0,9<td valign="top">1,6<td valign="top">2,8<tr><td valign="top">5<td valign="top">1,2<td valign="top">2,0<td valign="top">3,5<tr><td valign="top">6<td valign="top">1,4<td valign="top">2,4<td valign="top">4,2<tr><td valign="top">7<td valign="top">1,6<td valign="top">2,8<td valign="top">4,8<tr><td valign="top">8<td valign="top">1,8<td valign="top">3,2<td valign="top">5,5<tr><td valign="top">9<td valign="top">2,1<td valign="top">3,6<td valign="top">6,2<tr><td valign="top">10<td valign="top">2,3<td valign="top">4,0<td valign="top">6,9<tr><td valign="top">11<td valign="top">2,5<td valign="top">4,4<td valign="top">7,6<tr><td valign="top">12<td valign="top">2,8<td valign="top">4,8<td valign="top">8,3<tr><td valign="top">13<td valign="top">3,0<td valign="top">5,2<td valign="top">9,0<tr><td valign="top">14<td valign="top">3,2<td valign="top">5,6<td valign="top">9,7<tr><td valign="top">15<td valign="top">3,5<td valign="top">6,0<td valign="top">10,4<tr><td valign="top">16<td valign="top">3,7<td valign="top">6,4<td valign="top">11,1<tr><td valign="top">17<td valign="top">3,9<td valign="top">6,8<td valign="top">11,8<tr><td valign="top">18<td valign="top">4,1<td valign="top">7,2<td valign="top">12,5<tr><td valign="top">19<td valign="top">4,4<td valign="top">7,6<td valign="top">13,2<tr><td valign="top">20<td valign="top">4,6<td valign="top">8,0<td valign="top">13,9<tr><td valign="top">21<td valign="top">4,8<td valign="top">8,4<td valign="top">14,5<tr><td valign="top">22<td valign="top">5,1<td valign="top">8,8<td valign="top">15,2<tr><td valign="top">23<td valign="top">5,3<td valign="top">9,2<td valign="top">15,9<tr><td valign="top">24<td valign="top">5,5<td valign="top">9,6<td valign="top">16,6<tr><td valign="top">25<td valign="top">5,8<td valign="top">10,0<td valign="top">17,3<tr><td valign="top">26<td valign="top">6,0<td valign="top">10,4<td valign="top">18,0<tr><td valign="top">27<td valign="top">6,2<td valign="top">10,8<td valign="top">18,7<tr><td valign="top">28<td valign="top">6,4<td valign="top">11,2<td valign="top">19,4<tr><td valign="top">29<td valign="top">6,7<td valign="top">11,6<td valign="top">20,1<tr><td valign="top">30<td valign="top">6,9<td valign="top">12,0<td valign="top">20,8<tr><td valign="top">31<td valign="top">7,1<td valign="top">12,3<td valign="top">21,5<tr><td valign="top">32<td valign="top">7,4<td valign="top">12,7<td valign="top">22,2<tr><td valign="top">33<td valign="top">7,6<td valign="top">13,1<td valign="top">22,9<tr><td valign="top">34<td valign="top">7,8<td valign="top">13,5<td valign="top">23,6<tr><td valign="top">35<td valign="top">8,1<td valign="top">13,9<td valign="top">24,2<tr><td valign="top">36<td valign="top">8,3<td valign="top">14,3<td valign="top">24,9<tr><td valign="top">37<td valign="top">8,5<td valign="top">14,7<td valign="top">25,6<tr><td valign="top">38<td valign="top">8,7<td valign="top">15,1<td valign="top">26,3<tr><td valign="top">39<td valign="top">9,0<td valign="top">15,5<td valign="top">27,0<tr><td valign="top">40<td valign="top">9,2<td valign="top">15,9<td valign="top">27,7<tr><td valign="top">41<td valign="top">9,4<td valign="top">16,3<td valign="top">28,4<tr><td valign="top">42<td valign="top">9,7<td valign="top">16,7<td valign="top">29,1<tr><td valign="top">43<td valign="top">9,9<td valign="top">17,1<td valign="top">29,8<tr><td valign="top">44<td valign="top">10,1<td valign="top">17,5<td valign="top">30,5<tr><td valign="top">45<td valign="top">10,4<td valign="top">17,9<td valign="top">31,2<tr><td valign="top">46<td valign="top">10,6<td valign="top">18,3<td valign="top">31,9<tr><td valign="top">47<td valign="top">10,8<td valign="top">18,7<td valign="top">32,6<tr><td valign="top">48<td valign="top">11,0<td valign="top">19,1<td valign="top">33,3<tr><td valign="top">49<td valign="top">11,3<td valign="top">19,5<td valign="top">33,9<tr><td valign="top">50<td valign="top">11,5<td valign="top">19,9<td valign="top">34,6<tr><td valign="top">51<td valign="top">11,7<td valign="top">20,3<td valign="top">35,3<tr><td valign="top">52<td valign="top">12,0<td valign="top">20,7<td valign="top">36,0<tr><td valign="top">53<td valign="top">12,2<td valign="top">21,1<td valign="top">36,7<tr><td valign="top">54<td valign="top">12,4<td valign="top">21,5<td valign="top">37,4<tr><td valign="top">55<td valign="top">12,7<td valign="top">21,9<td valign="top">38,1<tr><td valign="top">56<td valign="top">12,9<td valign="top">22,3<td valign="top">38,8<tr><td valign="top">57<td valign="top">13,1<td valign="top">22,7<td valign="top">39,5<tr><td valign="top">58<td valign="top">13,3<td valign="top">23,1<td valign="top">40,2<tr><td valign="top">59<td valign="top">13,6<td valign="top">23,5<td valign="top">40,9<tr><td valign="top">60<td valign="top">13,8<td valign="top">23,9<td valign="top">41,6<tr><td valign="top">61<td valign="top">14,0<td valign="top">24,3<td valign="top">42,3<tr><td valign="top">62<td valign="top">14,3<td valign="top">24,7<td valign="top">43,0<tr><td valign="top">63<td valign="top">14,5<td valign="top">25,1<td valign="top">43,6<tr><td valign="top">64<td valign="top"> <td valign="top">25,5<td valign="top">44,3<tr><td valign="top">65<td valign="top"> <td valign="top">25,9<td valign="top">45,0<tr><td valign="top">66<td valign="top"> <td valign="top">26,3<td valign="top">45,7<tr><td valign="top">67<td valign="top"> <td valign="top">26,7<td valign="top">46,4<tr><td valign="top">68<td valign="top"> <td valign="top">27,1<td valign="top">47,1<tr><td valign="top">69<td valign="top"> <td valign="top">27,5<td valign="top">47,8<tr><td valign="top">70<td valign="top"> <td valign="top">27,9<td valign="top">48,5<tr><td valign="top">71<td valign="top"> <td valign="top">28,3<td valign="top">49,2<tr><td valign="top">72<td valign="top"> <td valign="top">28,7<td valign="top">49,9<tr><td valign="top">73<td valign="top"> <td valign="top">29,1<td valign="top">50,6<tr><td valign="top">74<td valign="top"> <td valign="top">29,5<td valign="top">51,3<tr><td valign="top">75<td valign="top"> <td valign="top">29,9<td valign="top">52,0<tr><td valign="top">76<td valign="top"> <td valign="top">30,3<td valign="top">52,7<tr><td valign="top">77<td valign="top"> <td valign="top">30,7<td valign="top">53,3<tr><td valign="top">78<td valign="top"> <td valign="top">31,1<td valign="top">54,0<tr><td valign="top">79<td valign="top"> <td valign="top">31,5<td valign="top">54,7<tr><td valign="top">80<td valign="top"> <td valign="top">31,9<td valign="top">55,4<tr><td valign="top">81<td valign="top"> <td valign="top">32,3<td valign="top">56,1<tr><td valign="top">82<td valign="top"> <td valign="top">32,7<td valign="top">56,8<tr><td valign="top">83<td valign="top"> <td valign="top">33,1<td valign="top">57,5<tr><td valign="top">84<td valign="top"> <td valign="top">33,5<td valign="top">58,2<tr><td valign="top">85<td valign="top"> <td valign="top">33,9<td valign="top">58,9<tr><td valign="top">86<td valign="top"> <td valign="top">34,3<td valign="top">59,6<tr><td valign="top">87<td valign="top"> <td valign="top">34,7<td valign="top">60,3<tr><td valign="top">88<td valign="top"> <td valign="top">35,1<td valign="top">61,0<tr><td valign="top">89<td valign="top"> <td valign="top">35,5<td valign="top">61,7<tr><td valign="top">90<td valign="top"> <td valign="top">35,9<td valign="top">62,4<tr><td valign="top">91<td valign="top"> <td valign="top">36,3<td valign="top">63,0<tr><td valign="top">92<td valign="top"> <td valign="top">36,7<td valign="top">63,7<tr><td valign="top">93<td valign="top"> <td valign="top">37,0<td valign="top">64,4<tr><td valign="top">94<td valign="top"> <td valign="top">37,4<td valign="top">65,1<tr><td valign="top">95<td valign="top"> <td valign="top">37,8<td valign="top">65,8<tr><td valign="top">96<td valign="top"> <td valign="top">38,2<td valign="top">66,5<tr><td valign="top">97<td valign="top"> <td valign="top">38,6<td valign="top">67,2<tr><td valign="top">98<td valign="top"> <td valign="top">39,0<td valign="top">67,9<tr><td valign="top">99<td valign="top"> <td valign="top">39,4<td valign="top">68,6<tr><td valign="top">100<td valign="top"> <td valign="top">39,8<td valign="top">69,3</td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></td></tr></td></td></td></td></tr></td></td></td></td></tr></table>Stroomsterkte2, 230 V3, 230 V3N, 400 VAVermogen kVAVermogen kVAVermogen kVA-------------------------------------------------40,91,62,851,22,03,561,42,44,271,62,84,881,83,25,592,13,66,2102,34,06,9112,54,47,6122,84,88,3133,05,29,0143,25,69,7153,56,010,4163,76,411,1173,96,811,8184,17,212,5194,47,613,2204,68,013,9214,88,414,5225,18,815,2235,39,215,9245,59,616,6255,810,017,3266,010,418,0276,210,818,7286,411,219,4296,711,620,1306,912,020,8317,112,321,5327,412,722,2337,613,122,9347,813,523,6358,113,924,2368,314,324,9378,514,725,6388,715,126,3399,015,527,0409,215,927,7419,416,328,4429,716,729,1439,917,129,84410,117,530,54510,417,931,24610,618,331,94710,818,732,64811,019,133,34911,319,533,95011,519,934,65111,720,335,35212,020,736,05312,221,136,75412,421,537,45512,721,938,15612,922,338,85713,122,739,55813,323,140,25913,623,540,96013,823,941,66114,024,342,36214,324,743,06314,525,143,66425,544,36525,945,06626,345,76726,746,46827,147,16927,547,87027,948,57128,349,27228,749,97329,150,67429,551,37529,952,07630,352,77730,753,37831,154,07931,554,78031,955,48132,356,18232,756,88333,157,58433,558,28533,958,98634,359,68734,760,38835,161,08935,561,79035,962,49136,363,09236,763,79337,064,49437,465,19537,865,89638,266,59738,667,29839,067,99939,468,610039,869,3
Intensite2, 230 V3, 230 V3N, 400 V
APuissance KVAPuissance KVAPuissance kVA
______________________________________________________
40,91,62,8
51,22,03,5
61,42,44,2
71,62,84,8
81,83,25,5
92,13,66,2
102,34,06,9
112,54,47,6
122,84,88,3
133,05,29,0
143,25,69,7
153,56,010,4
163,76,411,1
173,96,811,8
184,17,212,5
194,47,613,2
204,68,013,9
214,88,414,5
225,18,815,2
235,39,215,9
245,59,616,6
255,810,017,3
266,010,418,0
276,210,818,7
286,411,219,4
296,711,620,1
306,912,020,8
317,112,321,5
327,412,722,2
337,613,122,9
347,813,523,6
358,113,924,2
368,314,324,9
378,514,725,6
388,715,126,3
399,015,527,0
409,215,927,7
419,416,328,4
429,716,729,1
439,917,129,8
4410,117,530,5
4510,417,931,2
4610,618,331,9
4710,818,732,6
4811,019,133,3
4911,319,533,9
5011,519,934,6
5111,720,335,3
5212,020,736,0
5312,221,136,7
5412,421,537,4
5512,721,938,1
5612,922,338,8
5713,122,739,5
5813,323,140,2
5913,623,540,9
6013,823,941,6
6114,024,342,3
6214,324,743,0
6314,525,143,6
64 25,544,3
65 25,945,0
66 26,345,7
67 26,746,4
68 27,147,1
69 27,547,8
70 27,948,5
71 28,349,2
72 28,749,9
73 29,150,6
74 29,551,3
75 29,952,0
76 30,352,7
77 30,753,3
78 31,154,0
79 31,554,7
80 31,955,4
81 32,356,1
82 32,756,8
83 33,157,5
84 33,558,2
85 33,958,9
86 34,359,6
87 34,760,3
88 35,161,0
89 35,561,7
90 35,962,4
91 36,363,0
92 36,763,7
93 37,064,4
94 37,465,1
95 37,865,8
96 38,266,5
97 38,667,2
98 39,067,9
99 39,468,6
100 39,869,3
Intensite2, 230 V3, 230 V3N, 400 VAPuissance KVAPuissance KVAPuissance kVA______________________________________________________40,91,62,851,22,03,561,42,44,271,62,84,881,83,25,592,13,66,2102,34,06,9112,54,47,6122,84,88,3133,05,29,0143,25,69,7153,56,010,4163,76,411,1173,96,811,8184,17,212,5194,47,613,2204,68,013,9214,88,414,5225,18,815,2235,39,215,9245,59,616,6255,810,017,3266,010,418,0276,210,818,7286,411,219,4296,711,620,1306,912,020,8317,112,321,5327,412,722,2337,613,122,9347,813,523,6358,113,924,2368,314,324,9378,514,725,6388,715,126,3399,015,527,0409,215,927,7419,416,328,4429,716,729,1439,917,129,84410,117,530,54510,417,931,24610,618,331,94710,818,732,64811,019,133,34911,319,533,95011,519,934,65111,720,335,35212,020,736,05312,221,136,75412,421,537,45512,721,938,15612,922,338,85713,122,739,55813,323,140,25913,623,540,96013,823,941,66114,024,342,36214,324,743,06314,525,143,66425,544,36525,945,06626,345,76726,746,46827,147,16927,547,87027,948,57128,349,27228,749,97329,150,67429,551,37529,952,07630,352,77730,753,37831,154,07931,554,78031,955,48132,356,18232,756,88333,157,58433,558,28533,958,98634,359,68734,760,38835,161,08935,561,79035,962,49136,363,09236,763,79337,064,49437,465,19537,865,89638,266,59738,667,29839,067,99939,468,610039,869,3
  Overeenstemmende vermogens voor smeltveiligheden
  Wanneer men een smeltveiligheid gebruikt, wordt de nominale stroomsterkte, vermeerderd met X %, beschouwd als de waarde van het kaliber van de overeenkomende automatische schakelaar.
  X = 50 % voor smeltveiligheden kleiner dan 16 A
  X = 25 % voor smeltveiligheden groter dan of gelijk aan 16 A.
  
  Equivalence pour les fusibles
  Lorsqu'un fusible est utilisé, son intensité nominale augmentée de X % est à considérer comme étant la valeur du calibre du disjoncteur correspondant.
  X = 50 % pour les fusibles de moins de 16 A
  X = 25 % pour les fusibles à partir de 16 A.
  
Art. N2. [1 Bijlage 2 van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende hoogrenderende warmtekrachtkoppeling]1
  
Art. N2. [1 Annexe 2 de l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale, relative à la cogénération à haut rendement]1
  
Art. N3. [1 Bijlage 3]1
Art. N3. [1 Annexe 3]1
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 20-04-2022, p. 37270)
  
   (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 20-04-2022, p. 37270)
  
Art. N4. [1 Bijlage 4]1
Art. N4. [1 Annexe 4]1
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 20-04-2022, p. 37272)
  
   (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 20-04-2022, p. 37272)
  
Art. N5. [1 Bijlage 5]1
Art. N5. [1 Annexe 5]1
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 20-04-2022, p. 37273)
  
   (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 20-04-2022, p. 37273)
  
Art. N6. [1 Bijlage 6]1
Art. N6. [1 Annexe 6]1
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 20-04-2022, p. 37274)
  
   (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 20-04-2022, p. 37274)