Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
20 JULI 2000. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de nadere regels voor de evaluatie van magistraten, de evaluatiecriteria en hun weging. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 02-08-2000 en tekstbijwerking tot 02-02-2015)
Titre
20 JUILLET 2000. - Arrêté royal déterminant les modalités d'évaluation des magistrats, les critères d'évaluation et leur pondération. (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 02-08-2000 et mise à jour au 02-02-2015)
Documentinformatie
Numac: 2000009684
Datum: 2000-07-20
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2000009684
Date: 2000-07-20
Moniteur: Voir
Tekst (45)
Texte (45)
HOOFDSTUK I. - De evaluatiecriteria.
CHAPITRE I. - Les critères d'évaluation.
Artikel 1. § 1. De evaluatiecriteria worden volgens hun relatief belang ondergebracht in drie groepen A, B en C waarbij het belang afneemt van A naar C toe.
  Aan de volgorde van de criteria binnen elke groep komt geen specifieke betekenis toe.
Article 1. § 1er. Les critères d'évaluation sont répartis, selon leur importance relative, en trois groupes, à savoir les groupes A, B et C dont l'importance est dégressive de A vers C.
  Aucune signification spécifique est attribuée à l'ordre des critères au sein de chaque groupe.
Art. 2. § 1. De evaluatiecriteria voor de magistraten van de zetel zijn :
  1° Groep A :
  a. juridische kennis vereist voor de te behandelen materies;
  b. doeltreffendheid en doelmatigheid;
  c. communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid;
  d. besluitvaardigheid;
  e. integriteit;
  2° Groep B :
  a. collegialiteit;
  b. zelfbeheersing;
  3° Groep C :
  a. vormingsbereidheid;
  b. aanpassingsvermogen;
  c. openheid van geest en engagement.
  Voor de raadsheren in het Hof van Cassatie wordt het criterium " collegialiteit " opgenomen in groep A en het criterium " besluitvaardigheid " in groep B.
  § 2. Voor de titularissen van een bijzonder mandaat worden aan groep A de volgende criteria toegevoegd :
  1° voor de beslagrechter :
  a. creativiteit en pragmatische ingesteldheid;
  b. omgevingsbewustzijn;
  2° voor de onderzoeksrechter :
  a. geschiktheid voor het leiden van een onderzoek;
  b. specifieke kennis;
  3° voor de rechter in de jeugdrechtbank en de jeugdrechter in hoger beroep : pedagogische en psychologische kwaliteiten.
  § 3. Voor de titularissen van een adjunct-mandaat worden de groepen A en B als volgt aangepast :
  1° voor de voorzitter en de afdelingsvoorzitters in het Hof van Cassatie :
  - wordt het criterium " collegialiteit " opgenomen in groep A en het criterium " besluitvaardigheid " in groep B;
  - wordt aan groep A het criterium " organisatorische vaardigheden " toegevoegd;
  2° voor de kamervoorzitters in het hof van beroep of in het arbeidshof wordt aan groep A het criterium " overtuigingskracht " toegevoegd;
  3° voor de ondervoorzitter in de rechtbank van eerste aanleg, in de rechtbank van koophandel of in de arbeidsrechtbank worden aan groep A de criteria " overtuigingskracht " en " delegatie " toegevoegd.
  (4° voor de rechter in de strafuitvoeringsrechtbank : sociale en psychologische kwaliteiten;
  5° voor de verbindingsmagistraat in jeugdzaken :
  a. praktische kennis van de sector jeugdbescherming;
  b. sociale en psychologische kwaliteiten;) <KB 2007-08-17/33, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 28-08-2007>
Art. 2. § 1er. Les critères d'évaluation pour les magistrats du siège sont :
  1° Groupe A :
  a. connaissances juridiques requises pour les matières traitées;
  b. efficience et efficacité dans le travail;
  c. aptitude à la communication et qualité de l'expression;
  d. esprit de décision;
  e. éthique professionnelle;
  2° Groupe B :
  a. collégialité;
  b. maîtrise de soi;
  3° Groupe C :
  a. intérêt pour une formation continue
  b. faculté d'adaptation;
  c. ouverture d'esprit et engagement.
  Pour les conseillers à la Cour de cassation le critère " collégialité " figure dans le groupe A et le critère " esprit de décision " dans le groupe B.
  § 2. Pour les titulaires d'un mandat spécifique les critères suivants sont ajoutés au groupe A :
  1° pour le juge des saisies :
  a. créativité et pragmatisme;
  b. perception du contexte extérieur;
  2° pour le juge d'instruction :
  a. aptitude à la direction des enquêtes;
  b. connaissances spécifiques;
  3° pour le juge au tribunal de la jeunesse et le juge d'appel de la jeunesse : qualités pédagogiques et psychologiques.
  § 3. Pour les titulaires d'un mandat adjoint, les groupes A et B sont modifiés comme suit :
  1° pour le président et les présidents de section à la Cour de cassation :
  - le critère " collégialité " figure dans le groupe A et le critère " esprit de décision " dans le groupe B;
  - au groupe A est ajouté le critère " capacité de gestion ";
  2° pour les présidents de chambre à la cour d'appel ou à la cour du travail le critère " force de persuasion " est ajouté au groupe A;
  3° pour le vice-président du tribunal de première instance, du tribunal de commerce ou du tribunal du travail les critères " force de persuasion " et " délégation " sont ajoutés au groupe A.
  (4° pour le juge au tribunal de l'application des peines : qualités sociales et psychologiques;
  5° pour le magistrat de liaison en matière de jeunesse :
  a. connaissance pratique du secteur de la protection de la jeunesse;
  b. qualités sociales et psychologiques;) <AR 2007-08-17/33, art. 1, 004; En vigueur : 28-08-2007>
Art. 3. § 1. De evaluatiecriteria voor de leden van het openbaar ministerie zijn :
  1° Groep A :
  a. juridische kennis vereist voor de te behandelen materies;
  b. doeltreffendheid en doelmatigheid;
  c. communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid;
  d. besluitvaardigheid;
  e. integriteit;
  f. beleid in strafzaken;
  2° Groep B :
  a. collegialiteit;
  b. zelfbeheersing;
  c. samenwerkingsvermogen in hiërarchisch verband;
  3° Groep C :
  a. vormingsbereidheid;
  b. aanpassingsvermogen;
  c. openheid van geest en engagement.
  Voor de advocaten-generaal bij het Hof van Cassatie wordt :
  - het criterium " collegialiteit " opgenomen in groep A en het criterium " besluitvaardigheid " in groep B;
  - het criterium " beleid in strafzaken " in groep A weggelaten;
  - het criterium " samenwerkingsvermogen in hiërarchisch verband " in groep B weggelaten.
  § 2. Voor de titularissen van een adjunct-mandaat worden in groep A de volgende criteria toegevoegd :
  1° voor de advocaat-generaal bij het hof van beroep, bij het arbeidshof, bij het Militair Gerechtshof en voor de eerste substituut-krijgsauditeur :
  a. overtuigingskracht;
  b. delegatie;
  2° voor eerste advocaat-generaal bij het hof van beroep, bij het arbeidshof, bij het Militair Gerechtshof :
  a. overtuigingskracht;
  b. delegatie;
  c. organisatorische vaardigheden;
  3° voor de eerste substituut-procureur des Konings en de eerste substituut-arbeidsauditeur :
  a. specifieke kennis;
  b. overtuigingskracht;
  c. delegatie;
  Voor de eerste advocaat-generaal bij het Hof van Cassatie wordt :
  - het criterium " collegialiteit " opgenomen in groep A en het criterium " besluitvaardigheid " in groep B;
  - aan groep A het criterium " organisatorische vaardigheden " toegevoegd en het criterium " beleid in strafzaken " weggelaten;
  - het criterium " samenwerkingsvermogen in hiërarchisch verband " in groep B weggelaten.
  § 3. (Voor de titularissen van een bijzonder mandaat worden aan groep A de volgende criteria toegevoegd :
  1° voor de federaal magistraat :
  a. geschiktheid voor het coördineren en voor het leiden van een onderzoek;
  b. specifieke kennis;
  2° voor de substituut-procureur des Konings gespecialiseerd in strafuitvoeringszaken : sociale en psychologische kwaliteiten;) <KB 2007-08-17/33, art. 2, 004; Inwerkingtreding : 28-08-2007>
Art. 3. § 1er. Les critères d'évaluation pour les membres du ministère public sont :
  1° Groupe A :
  a. connaissances juridiques requises pour les matières traitées;
  b. efficience et efficacité dans le travail;
  c. aptitude à la communication et qualité de l'expression;
  d. esprit de décision;
  e. éthique professionnelle;
  f. politique criminelle
  2° Groupe B :
  a. collégialité;
  b. maîtrise de soi;
  c. aptitude à travailler dans une structure hiérarchique;
  3° Groupe C :
  a. intérêt pour une formation continue
  b. faculté d'adaptation;
  c. ouverture d'esprit et engagement.
  Pour les avocats généraux près la Cour de cassation :
  - le critère " collégialité " figure dans le groupe A et le critère " esprit de décision " dans le groupe B;
  - le critère " politique criminelle " est omis du groupe A;
  - le critère " aptitude à travailler dans une structure hiérarchique " est omis du groupe B.
  § 2. Pour les titulaires d'un mandat adjoint les critères suivants sont ajoutés au groupe A :
  1° pour l'avocat général près la cour d'appel, près la cour du travail, près la Cour militaire et pour le premier substitut de l'auditeur militaire :
  a. force de persuasion;
  b. délégation;
  2° pour le premier avocat général près la cour d'appel, près la cour du travail, près la Cour militaire :
  a. force de persuasion;
  b. délégation;
  c. capacité de gestion;
  3° pour le premier substitut du procureur du Roi et le premier substitut de l'auditeur du travail :
  a. connaissances spécifiques;
  b. force de persuasion;
  c. délégation;
  Pour le premier avocat général près la Cour de cassation :
  - le critère " collégialité " figure dans le groupe A et le critère " esprit de décision " dans le groupe B;
  - dans le groupe A le critère " capacité de gestion " est ajouté tandis que le critère " politique criminelle " est omis;
  - le critère " aptitude à travailler dans une structure hiérarchique " est omis du groupe B.
  § 3. (Pour les titulaires d'un mandat spécifique les critères suivants sont ajoutés au groupe A :
  1° pour le magistrat fédéral :
  a. aptitude à la coordination et à la direction des l'enquêtes;
  b. connaissance spécifique;
  2° pour le substitut du procureur du Roi spécialisé en application des peines : qualités sociales et psychologiques;) <AR 2007-08-17/33, art. 2, 004; En vigueur : 28-08-2007>
Art. 4. § 1. Voor elk evaluatiecriterium bestaan er een aantal gedragsindicatoren die toelaten af te leiden of, en in welke, mate de magistraat aan het criterium beantwoordt.
  Aan de volgorde van de indicatoren per evaluatiecriterium komt geen specifieke betekenis toe.
  § 2. De indicatoren per criterium zijn niet voor alle ambten en mandaten dezelfde.
  De relevante indicatoren zijn opgenomen in de evaluatieformulieren die als bijlage bij dit besluit zijn gevoegd :
  A. voor de magistraten van de zetel :
  - vrederechter : bijlage 1;
  - rechter in de politierechtbank : bijlage 2;
  - [1 ...]1;
  - rechter in de rechtbank van eerste aanleg, in de rechtbank van koophandel, in de arbeidsrechtbank : bijlage 4;
  - raadsheer in het hof van beroep, in het arbeidshof : bijlage 5;
  - raadsheer in het Hof van Cassatie : bijlage 6;
  - beslagrechter : bijlage 7;
  - onderzoeksrechter : bijlage 8;
  - [1 rechter in de familie- en jeugdrechtbank]1 : bijlage 9;
  - [1 familie- en jeugdrechter in hoger beroep]1 : bijlage 10;
  - ondervoorzitter in de rechtbank van eerste aanleg, in de rechtbank van koophandel, in de arbeidsrechtbank : bijlage 11;
  - kamervoorzitter in het hof van beroep, in het arbeidshof : bijlage 12;
  - afdelingsvoorzitter in het Hof van Cassatie : bijlage 13;
  - voorzitter in het Hof van Cassatie : bijlage 14;
  (- rechter in de strafuitvoeringsrechtbank : bijlage 29;
  - verbindingsmagistraat in jeugdzaken : bijlage 30.) <KB 2007-08-17/33, art. 3, 004; Inwerkingtreding : 28-08-2007>
  B. voor de leden van het openbaar ministerie :
  - substituut-procureur des Konings, substituut-arbeidsauditeur : bijlage 15;
  - [1 ...]1;
  - substituut procureur-generaal bij het hof van beroep, substituut-generaal bij het arbeidshof : bijlage 17;
  - [1 ...]1;
  - advocaat-generaal bij het Hof van Cassatie : bijlage 19;
  - eerste substituut-procureur des Konings : bijlage 20;
  - eerste substituut-arbeidsauditeur : bijlage 21;
  - [1 ...]1;
  - advocaat-generaal bij het hof van beroep, bij het arbeidshof : bijlage 23;
  - [1 ...]1;
  - eerste advocaat-generaal bij het hof van beroep, bij het arbeidshof : bijlage 25;
  - [1 ...]1;
  - eerste advocaat-generaal bij het Hof van Cassatie : bijlage 27.
  (- federaal magistraat : bijlage 28.) <KB 2004-09-13/62, art. 2, 002; Inwerkingtreding : 21-10-2004>
  (- substituut-procureur des Konings gespecialiseerd in strafuitvoeringszaken : bijlage 31.) <KB 2007-08-17/33, art. 3, 004; Inwerkingtreding : 28-08-2007>
  
Art. 4. § 1er. Chaque critère d'évaluation est associé à un certain nombre d'indicateurs de comportement; qui permettent de déduire si le magistrat remplit le critère et dans quelle mesure il le fait.
  Aucune signification spécifique est attribuée à l'ordre d'énumération des indicateurs par critère.
  § 2. Les indicateurs par critère ne sont pas les mêmes pour toutes les fonctions et tous les mandats.
  Les indicateurs pertinents figurent sur les formulaires d'évaluation annexés au présent arrêté :
  A. pour les magistrats du siège :
  - juge de paix : annexe 1;
  - juge au tribunal de police : annexe 2;
  - [1 ...]1;
  - juge au tribunal de première instance, au tribunal de commerce, au tribunal du travail : annexe 4;
  - conseiller à la cour d'appel, à la cour du travail : annexe 5;
  - conseiller à la Cour de cassation : annexe 6;
  - juge des saisies : annexe 7;
  - juge d'instruction : annexe 8;
  - [1 juge au tribunal de la famille et de la jeunesse]1 : annexe 9;
  - [1 juge d'appel de la famille et de la jeunesse]1 : annexe 10;
  - vice-président du tribunal de première instance, du tribunal de commerce, du tribunal du travail : annexe 11;
  - président de chambre à la cour d'appel, à la cour du travail : annexe 12;
  - président de section à la Cour de cassation : annexe 13;
  - président à la Cour de cassation : annexe 14;
  (- juge au tribunal de l'application des peines : annexe 29;
  - magistrat de liaison en matière de jeunesse : annexe 30;) <AR 2007-08-17/33, art. 3, 004; En vigueur : 28-08-2007>
  B. les membres du ministère public :
  - substitut du procureur du Roi, substitut de l'auditeur du travail : annexe 15;
  - [1 ...]1;
  - substitut du procureur général près la cour d'appel, substitut général près la cour du travail : annexe 17;
  - [1 ...]1;
  - avocat général près la Cour de cassation : annexe 19;
  - premier substitut du procureur du Roi : annexe 20;
  - premier substitut de l'auditeur du travail : annexe 21;
  - [1 ...]1;
  - avocat général près la cour d'appel, près la cour du travail : annexe 23;
  - [1 ...]1;
  - premier avocat général près la cour d'appel, près la cour du travail : annexe 25;
  - [1 ...]1;
  - premier avocat général prés la Cour de cassation : annexe 27.
  (- magistrat fédéral : annexe 28.) <AR 2004-09-13/62, art. 2, 002; En vigueur : 21-10-2004>
  (- substitut du procureur du Roi spécialisé en application des peines : annexe 31.) <AR 2007-08-17/33, art. 3, 004; En vigueur : 28-08-2007>
  
HOOFDSTUK II. - De weging van de evaluatiecriteria.
CHAPITRE II. - La pondération des critères d'évaluation.
Art. 5. § 1. In het kader van de periodieke beoordeling wordt per evaluatiecriterium één van de volgende gemotiveerde vermeldingen toegekend : zeer goed, goed, voldoende of onvoldoende.
  Met het oog op de weging van de evaluatiecriteria stemmen de in het eerste lid bedoelde vermeldingen overeen met een waarde die verschilt per groep van criteria :
  1° Groep A :
  a. zeer goed = + 6;
  b. goed = + 3;
  c. voldoende = 0;
  d. onvoldoende = - 3;
  2° Groep B :
  a. zeer goed = + 4;
  b. goed = + 2;
  c. voldoende = 0;
  d. onvoldoende = - 2;
  3° Groep C :
  a. zeer goed = + 2;
  b. goed = + 1;
  c. voldoende = 0;
  d. onvoldoende = - 1;
  § 2. Na de beoordeling per evaluatiecriterium worden alle waarden opgeteld.
  De eindbeoordeling van een magistraat van zetel draagt de vermelding :
  - " zeer goed " indien dit totaal groter is dan +22;
  - " goed " indien dit totaal groter is dan +11 maar kleiner of gelijk is aan +22;
  - " voldoende " indien dit totaal groter is dan -11 maar kleiner of gelijk aan +11;
  - " onvoldoende " indien dit totaal groter is dan -22 maar kleiner of gelijk aan -11.
  De eindbeoordeling van een lid van het openbaar ministerie, met uitzondering van de advocaat-generaal bij het Hof van Cassatie die onder de toepassing van het tweede lid van deze paragraaf valt (...), draagt de vermelding : <KB 2006-12-15/43, art. 1, 003; Inwerkingtreding : 27-12-2006>
  - " zeer goed " indien dit totaal groter is dan +27;
  - " goed " indien dit totaal groter is dan +13 maar kleiner of gelijk is aan +27;
  - " voldoende " indien dit totaal groter is dan 13 maar kleiner of gelijk aan +13;
  - " onvoldoende " indien dit totaal groter is dan 27 maar kleiner of gelijk aan 13.
  (...) <KB 2006-12-15/43, art. 1, 003; Inwerkingtreding : 27-12-2006>
  De eindbeoordeling wordt met redenen omkleed.
Art. 5. § 1er. Dans le cadre de l'évaluation périodique, il est attribué, par critère d'évaluation, une des mentions suivantes : très bon, bon, suffisant, insuffisant. Cette mention sera motivée.
  En vue de la pondération des critères d'évaluation, les mentions énumérées à l'alinéa 1er correspondent à une valeur variant selon le groupe de critères :
  1° Groupe A
  a. très bon = + 6;
  b. bon = + 3;
  c. suffisant = 0;
  d. insuffisant = - 3;
  2° Groupe B
  a. très bon = + 4;
  b. bon = + 2;
  c. suffisant = 0;
  d. insuffisant = - 2;
  3° Groupe C
  a. très bon = + 2;
  b. bon = + 1;
  c. suffisant = 0;
  d. insuffisant = - 1;
  § 2. Après l'évaluation critère par critère, toutes les valeurs sont additionnées.
  L'évaluation finale d'un magistrat du siège porte la mention :
  - " très bon ", si le total obtenu est supérieur à +22;
  - " bon ", si le total obtenu est supérieur à +11 mais inférieur ou égal à +22;
  - " suffisant ", si le total obtenu est supérieur à -11 mais inférieur ou égal à +11;
  - " insuffisant ", si le total obtenu est supérieur à -22 mais inférieur ou égal à 11.
  Sauf pour l'avocat général près la Cour de cassation qui tombe sous l'application de l'alinéa 2 de ce paragraphe (...) l'évaluation finale d'un membre du ministère public porte la mention : <AR 2006-12-15/43, art. 1, 003; En vigueur : 27-12-2006>
  - " très bon ", si le total obtenu est supérieur à +27;
  - " bon ", si le total obtenu est supérieur à +13 mais inférieur ou égal à +27;
  - " suffisant ", si le total obtenu est supérieur à -13 mais inférieur ou égal à +13;
  - " insuffisant ", si le total obtenu est supérieur à -27 mais inférieur ou égal à -13.
  (...) <AR 2006-12-15/43, art. 1, 003; En vigueur : 27-12-2006>
  L'évaluation finale sera motivée.
Art. 6. § 1. In het kader van de beoordeling van de mandaten wordt per evaluatiecriterium een gemotiveerde vermelding " goed " of " onvoldoende " toegekend.
  Met het oog op de weging van de evaluatiecriteria stemmen de in het eerste lid bedoelde vermeldingen overeen met een waarde die verschilt per groep van criteria :
  1° Groep A :
  a. goed = + 3;
  b. onvoldoende = - 3;
  2° Groep B :
  a. goed = + 2;
  b. onvoldoende = - 2;
  3° Groep C :
  a. goed = + 1;
  b. onvoldoende = - 1;
  § 2. Na de beoordeling per evaluatiecriterium worden de waarden opgeteld.
  De beoordeling draagt de vermelding :
  - " goed " indien het totaal groter of gelijk is aan nul;
  - " onvoldoende " indien het totaal kleiner is dan nul.
  De eindbeoordeling wordt met redenen omkleed.
Art. 6. § 1er. Dans le cadre de l'évaluation des mandats, il est attribué, par critère d'évaluation, une de mention " bon " ou " insuffisant ". Cette mention sera motivée.
  En vue de la pondération des critères d'évaluation, les mentions figurant à l'alinéa 1er correspondent à une valeur variant selon le groupe de critères :
  1° Groupe A :
  a. bon = + 3;
  b. insuffisant = - 3;
  2° Groupe B :
  a. bon = + 2;
  b. insuffisant = - 2;
  3° Groupe C :
  a. bon = + 1;
  b. insuffisant = - 1;
  § 2. Après l'évaluation critère par critère, toutes les valeurs sont additionnées.
  L'évaluation finale porte la mention :
  - " bon ", si le total obtenu est supérieur ou égal à zéro;
  - " insuffisant ", si le total obtenu est inférieur à zéro
  L'évaluation finale sera motivée.
HOOFDSTUK III. - Toepassingsregels.
CHAPITRE III. - Modalités d'application.
Art. 7. § 1. Bij de aanvang van de periode waarover de magistraat dient te worden geëvalueerd vindt er een functioneringsgesprek plaats tussen de magistraat en zijn beoordelaars of één van hen.
  De plaats en het tijdstip waarop het functioneringsgesprek zal doorgaan, wordt uiterlijk acht dagen voordien bij ter post aangetekende brief of tegen gedagtekend ontvangstbewijs ter kennis gebracht van de magistraat.
  § 2. Het functioneringsgesprek strekt ertoe om op basis van de concrete functiebeschrijving van de magistraat en rekening houdend met de organisatorische context de doelstellingen voor de komende evaluatieperiode vast te stellen. Die doelstellingen moeten specifiek, meetbaar, aanvaardbaar en realiseerbaar zijn.
  De beoordelaars, of één van hen, bepalen welke beoordeling de magistraat zal bekomen indien hij de vooropgestelde doelstellingen haalt. Gaat het niet om de hoogste beoordeling dan wordt aan de magistraat meegedeeld welke doelstellingen bereikt zouden moeten worden om een betere beoordeling te behalen.
  § 3. De magistraat stelt, ten behoeve van zijn beoordelaars of één van hen, een verslag op van het functioneringsgesprek.
  Dit verslag vermeldt de punten waarover overeenstemming werd bereikt. Voor de punten waarover geen overeenstemming werd bereikt worden de verschillende standpunten weergegeven.
  Bij gebrek aan overeenstemming wordt het meningsverschil zo nauwkeurig mogelijk omschreven. Indien de beoordelaars, of één van hen, van oordeel is dat het verslag geen accurate weergave is van de inhoud van het functioneringsgesprek, dan voegen zij er hun versie aan toe. Een kopie wordt aan de magistraat bezorgd.
  Het origineel van het verslag en de eventuele versie van de beoordelaars worden bewaard in het evaluatiedossier.
  § 4. In de loop van de evaluatieperiode kan tot een nieuw functioneringsgesprek worden overgegaan wanneer er aanleiding bestaat om de functiebeschrijving of de doelstellingen aan te passen. Dit gebeurt hetzij op initiatief van de beoordelaars of één van hen, hetzij op verzoek van de magistraat.
  <NOTA : art. 7 vernietigd bij arrest van de Raad van State nr. 144.185 van 9 mei 2005 ; zie B.S. 12-07-2005, p. 32140>
Art. 7. § 1er. Au début de la période sur laquelle porte l'évaluation du magistrat, un entretien fonctionnel a lieu entre le magistrat et ses évaluateurs ou l'un d'entre eux.
  Le lieu et le moment auxquels aura lieu l'entretien fonctionnel sont communiqués au magistrat, par lettre recommandée à la poste ou contre accusé de réception daté, au plus tard huit jours avant la date de cet entretien.
  § 2. L'entretien vise à fixer les objectifs de la période d'évaluation qui suit, ce sur la base d'une description concrète de la fonction et en tenant compte du contexte organisationnel. Ces objectifs doivent être spécifiques, mesurables, acceptables et réalisables.
  Les évaluateurs, ou l'un d'entre eux, déterminent quelle mention sera attribuée au magistrat s'il atteint les objectifs fixés. Si la mention attribuée n'est pas la plus élevée, l'évaluateur indique au magistrat quels sont les objectifs qui devraient être atteints pour obtenir une mention plus favorable.
  § 3. Le magistrat rédige, à l'intention de ses évaluateurs ou de l'un d'entre eux, un rapport de l'entretien fonctionnel.
  Ce rapport mentionne les points sur lesquels un accord a été atteint. Pour les points sur lesquels aucun accord n'a été atteint, les différents points de vue sont exposés.
  A défaut d'accord, la divergence d'opinions est décrite aussi précisément que possible. Si les évaluateurs, ou l'un d'entre eux, estiment que le rapport n'est pas une transcription fidèle du contenu de l'entretien fonctionnel, ils y joignent leur version. Une copie est transmise au magistrat.
  L'original du rapport et, le cas échéant, de la version des évaluateurs sont conservés dans le dossier d'évaluation.
  § 4. Au cours de la période d'évaluation un nouvel entretien fonctionnel peut avoir lieu lorsqu'il existe des raisons d'adapter le profil de fonction ou les objectifs et ce, soit à l'initiative des évaluateurs ou de l'un d'entre eux, soit à la demande du magistrat.
  (NOTE :
Art. 8. § 1. De plaats en het tijdstip waarop het evaluatiegesprek zal doorgaan, wordt uiterlijk 15 dagen voordien bij ter post aangetekende brief of tegen gedagtekend ontvangstbewijs ter kennis gebracht van de magistraat.
  Bij dit schrijven wordt de magistraat verzocht om het evaluatiegesprek schriftelijk voor te bereiden en deze voorbereiding uiterlijk drie dagen voor het evaluatiegesprek aan de beoordelaars te bezorgen.
  De beoordelaars stellen vervolgens een ontwerp van voorlopige beoordeling op. Dit ontwerp wordt tijdens het evaluatiegesprek meegedeeld aan en besproken met de magistraat. Het kan eventueel nog worden aangepast in functie van het onderhoud.
  § 2. Het evaluatiegesprek wordt gevolgd door een functioneringsgesprek voor de volgende periode.
  <NOTA : art. 8 vernietigd bij arrest van de Raad van State nr. 144.185 van 9 mei 2005 ; zie B.S. 12-07-2005, p. 32140>
Art. 8. § 1er. Le lieu et le moment auxquels aura lieu l'entretien d'évaluation sont communiqués au magistrat, par lettre recommandée à la poste ou contre accusé de réception daté, au plus tard 15 jours avant la date de cet entretien.
  Par biais de cette notification le magistrat est invité à préparer l'entretien d'évaluation par écrit et à remettre le texte de cette préparation aux évaluateurs au plus tard 3 jours avant l'entretien d'évaluation.
  Ensuite, les évaluateurs rédigent un projet d'évaluation provisoire. Celui-ci est communiqué au magistrat pendant l'entretien d'évaluation et est examiné avec lui. Le projet peut éventuellement être adapté en fonction de l'entretien.
  § 2. L'entretien d'évaluation est suivi d'un entretien fonctionnel portant sur la période suivante.
  (NOTE :
OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN
DISPOSITIONS TRANSITOIRES ET FINALES
Art. 10. De evaluaties die ingevolge artikel 105, tweede lid, van de wet van 22 december 1998 tot wijziging van sommige bepalingen van deel II van het Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de Hoge Raad voor de Justitie, de benoeming en aanwijzing van magistraten en tot invoering van een evaluatiesysteem, onmiddellijk moeten gebeuren, worden niet voorafgegaan door een functioneringsgesprek.
Art. 10. Les évaluations qui doivent avoir lieu immédiatement en application de l'article 105, alinéa 2, de la loi du 22 décembre 1998 modifiant certaines dispositions de la deuxième partie du Code judiciaire concernant le Conseil supérieur de la Justice, la nomination et la désignation de magistrats et instaurant un système d'évaluation pour les magistrats ne sont pas précédées d'un entretien fonctionnel.
Art. 11. Dit besluit treedt in werking op 2 augustus 2000.
Art. 11. Le présent arrêté entre en vigueur le 2 août 2000.
Art. 12. Onze Minister van Justitie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 12. Notre Ministre de la Justice est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGEN.
ANNEXES.
Art. N1. Bijlage 1. Evaluatiecriteria en indicatoren
  Vrederechter
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd in de uitoefening van zijn rechtsprekende functie;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - Motiveert zijn beslissingen zowel in rechte als in feite;
  -...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren en termijnen;
  - Is bekwaam om een zitting of vergadering te leiden;
  - Is bekwaam zijn rechtbank te organiseren en hierbij een beleid te voeren, onder meer door het bepalen van prioriteiten en doelstellingen;
  - Motiveert leden van de griffie en medewerkers, kan leiding geven en coachen, met respect voor de door de wet bepaalde gezagsverhoudingen : bouwt hierbij een goede en vlotte samenwerking uit;
  - Weet bij zijn beslissingen steeds rekening te houden met de sociale, pedagogische, psychologische en medische aspecten; kan hierover zo nodig multidisciplinair overleggen;
  -...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - Vertoont een volgehouden luisterbereidheid t.o.v. sociaal en mentaal zwakkeren (geesteszieken, mentaal gehandicapten, dementen, . );
  - Kan de gevoelens en de behoeften van zijn gesprekspartners onderscheiden;
  -...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - Voert op een beheerste, fijngevoelige wijze delicate gesprekken met betrekking tot de familiale levenssfeer, in voorkomend geval met sociaal en mentaal zwakkeren, hun ouders en hun familieleden : weet hierbij zijn gesprekspartners te overtuigen en waar nodig tot inzicht te brengen;
  -...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (griffiers, notarissen, deskundigen, parketmagistraten, geneesheren, verantwoordelijken ziekenhuizen en rusthuizen . ), de rechtsonderhorigen en de collegae;
  - Heeft aandacht voor overleg en verzoening; zal waar mogelijk in samenspraak met partijen streven naar minnelijke oplossingen;
  - Heeft gemakkelijke contacten met anderen, weet hen op hun gemak te stellen, respectievelijk hun interesse op te wekken;
  -...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  -...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  -...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  -...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  -...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  -...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  -...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  -...
Art. N1. Annexe 1. Critères d'évaluation et indicateurs
  Juge de paix
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées.
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat dans l'exercice de sa fonction de juger;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - motiver ses décisions tant en fait qu'en droit;
  -.
  2. Efficience et efficacité dans le travail.
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe et dans la direction de celle-ci;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées et des délais;
  - être capable de diriger une audience ou une réunion;
  - être capable d'organiser et de gérer efficacement son tribunal notamment en fixant des priorités et des objectifs;
  - motiver les collègues, les membres du greffe et les collaborateurs, créer un esprit d'équipe et les diriger tout en respectant leurs fonctions telles qu'elles sont définies par la loi : travailler ainsi en bonne intelligence;
  - pouvoir tenir compte, à tout moment, dans ses décisions des aspects sociaux, pédagogiques et médicaux : pouvoir, le cas échéant, procéder à des concertations multidisciplinaires;
  -...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - manifester une disposition à l'écoute soutenue des défavorisés sociaux et des personnes qui présentent des troubles mentaux (les malades mentaux, les handicapés mentaux, les déments . );
  - discerner les sentiments et les besoins des interlocuteurs;
  -...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - mener, avec calme et sensibilité, des entretiens délicats avec le milieu familial, le cas échéant avec des défavorisés sociaux et des personnes qui présentent des troubles mentaux, leurs parents et membres de la famille : convaincre ses interlocuteurs et au besoin les amener à comprendre la situation;
  -...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (greffiers, notaires, experts, magistrats du parquet, médecins, responsables hôpitaux et de maisons de repos . ) les justiciables et les collègues;
  - avoir le souci de la concertation et de la conciliation , tenter, si possible, en concertation avec les parties, d'obtenir des solutions amiables;
  - avoir des contacts faciles avec ses interlocuteurs, arriver à les mettre à l'aise et à susciter leur intérêt;
  -...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  -...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  -...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  -...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  -.
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  -...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ..
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  -...
Art. N2. Bijlage 2. Evaluatiecriteria en indicatoren
  Rechter in de politierechtbank
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd in de uitoefening van zijn rechtsprekende functie;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - Motiveert zijn beslissingen zowel in rechte als in feite;
  -...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren en termijnen;
  - Is bekwaam om een zitting of vergadering te leiden;
  - Motiveert leden van de griffie en medewerkers, kan leiding geven en coachen, met respect voor de door de wet bepaalde gezagsverhoudingen : bouwt hierbij een goede en vlotte samenwerking uit;
  -...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  -...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  -...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (griffiers, deskundigen, . ), de rechtsonderhorigen en de collegae;
  - Heeft aandacht voor overleg en verzoening;
  -...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  -...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  -...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  -...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  -...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  -...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  -...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  -...
Art. N2. Annexe 2. Critères d'évaluation et indicateurs
  Juge au tribunal de police
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat dans l'exercice de sa fonction de juger;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - motiver ses décisions tant en fait qu'en droit;
  -...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe et dans la direction de celle-ci;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées et des délais;
  - être capable de diriger une audience ou une réunion;
  - motiver les collègues, les membres du greffe et les collaborateurs, les diriger et les entraîner, tout en respectant leurs fonctions telles qu'elles sont définies par la loi : travailler ainsi en bonne intelligence;
  -...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  -...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  -...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice ( greffiers, experts . ) les justiciables et les collègues;
  - avoir le souci de la concertation et de la conciliation;
  -...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  -...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  -...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  -...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  -...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  -...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  -...
Art. N4. Bijlage 4. Evaluatiecriteria en indicatoren
  Rechter in de rechtbank van eerste aanleg, rechter in de rechtbank van koophandel en rechter in de arbeidsrechtbank
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd in de uitoefening van zijn rechtsprekende functie;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - Motiveert zijn beslissingen zowel in rechte als in feite;
  -...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren en termijnen;
  - Is bekwaam om een zitting of vergadering te leiden;
  -...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  -...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  -...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (griffiers, juristen, onderzoekers, stagiairs . ), de rechtsonderhorigen en de collegae;
  - Heeft aandacht voor overleg en verzoening;
  -...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  -...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  -...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  -...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  -...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  -...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  -...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  -...
Art. N4. Annexe 4. Critères d'évaluation et indicateurs
  Juge au tribunal de première instance, juge au tribunal de commerce et juge au tribunal du travail
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat dans l'exercice de sa fonction de juger;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - motiver ses décisions tant en fait qu'en droit;
  -...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe et dans la direction de celle-ci;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées et des délais;
  - être capable de diriger une audience ou une réunion;
  -...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  -...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  -...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, greffiers, juristes, stagiaires . ) les justiciables et les collègues;
  - avoir le souci de la concertation et de la conciliation;
  -...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  -...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  -...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  -...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  -...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  -...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  -...
Art. N5. Bijlage 5. Evaluatiecriteria en indicatoren
  Raadsheer in het hof van beroep en raadsheer in het arbeidshof
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd in de uitoefening van zijn rechtsprekende functie;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - Motiveert zijn beslissingen zowel in rechte als in feite;
  - Heeft een grondige en gespecialiseerde kennis van de behandelde juridische materies;
  - Heeft bijzondere aandacht voor de jurisprudentiële draagwijdte van zijn arresten;
  -...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren en termijnen;
  - Is bekwaam om een zitting of vergadering te leiden;
  -...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  -...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  -...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (griffiers, juristen, onderzoekers, stagiairs . ), de rechtsonderhorigen en de collegae;
  - Heeft aandacht voor overleg en verzoening;
  -...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  -...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  -...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  -...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . Evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  -...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  -...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  -...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  -...
Art. N5. Annexe 5. Critères d'évaluation et indicateurs
  Conseiller à la cour d'appel et conseiller à la cour du travail
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat dans l'exercice de sa fonction de juger;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - motiver ses décisions tant en fait qu'en droit;
  - avoir une connaissance approfondie et spécialisée des matières juridiques traitées;
  - être particulièrement attentif à la portée jurisprudentielle de ses arrêts;
  -...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe et dans la direction de celle-ci;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées et des délais;
  - être capable de diriger une audience ou une réunion;
  -...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  -...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  -...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, greffiers, juristes, stagiaires . ) les justiciables et les collègues;
  - avoir le souci de la concertation et de la conciliation;
  -...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  -...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  -...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  -...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  -...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  -...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  -...
Art. N6. Bijlage 6. Evaluatiecriteria en indicatoren
  Raadsheer in het Hof van Cassatie
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst zeer grondig de juridische materies die behandeld worden;
  - Kan verwijzen naar de rechtsleer, rechtspraak en het vergelijkend recht;
  - Is bereid om diepgaand onderzoek te verrichten;
  - Is bereid tot studie;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collega's en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren (zittingen...) en termijnen;
  - Is bekwaam om een vergadering te leiden;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (gedelegeerde magistraten, griffiers, referendarissen...) en de collegae zowel van het parket als van de zetel;
  - ...
  4. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  5. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  GROEP B
  1. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N6. Annexe 6. Critères d'évaluation et indicateurs
  Conseiller à la Cour de cassation
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir une connaissance très approfondie des matières juridiques traitées;
  - pouvoir se référer à la doctrine, la jurisprudence et le droit comparé;
  - être disposé à effectuer des recherches approfondies;
  - être disposé à l'étude;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontres;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences....) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : spontanée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice ( greffiers, référendaires, magistrats délégués) et les collègues tant du parquet que du siège;
  - ...
  4. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  5. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  GROUPE B
  1. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibre :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N7. Bijlage 7. Evaluatiecriteria en indicatoren
  Beslagrechters
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd in de uitoefening van zijn rechtsprekende functie;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - Motiveert zijn beslissingen zowel in rechte als in feite;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren en termijnen;
  - Is bekwaam om een zitting of vergadering te leiden;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (griffiers, juristen, onderzoekers, stagiairs...), de rechtsonderhorigen en de collegae;
  - Heeft aandacht voor overleg en verzoening;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Creativiteit en pragmatische ingesteldheid :
  Indicatoren :
  - Heeft aandacht voor het zoeken naar oplossingen die aangepast zijn aan het spoedeisend karakter van de concrete situatie;
  - Slaagt er in de nodige maatregelen te nemen teneinde de dossiers snel in staat te stellen;
  - Moedigt verzoeningen en wederzijds besproken oplossingen aan;
  - ...
  7. Omgevingsbewustzijn :
  Indicatoren :
  - Is in staat de sociale, economische en financiële weerslag van de te nemen beslissingen te analyseren en in te schatten;
  - ...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N7. Annexe 7. Critères d'évaluation et indicateurs
  Juge des saisies
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat dans l'exercice de sa fonction de juger;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - motiver ses décisions tant en fait qu'en droit;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe et dans la direction de celle-ci;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées et des délais;
  - être capable de diriger une audience ou une réunion;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, greffiers, juristes, stagiaires...) les justiciables et les collègues;
  - avoir le souci de la concertation et de la conciliation;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Créativité et pragmatisme :
  Indicateurs :
  - être attentif à rechercher des solutions adaptées à l'urgence de la situation concrète;
  - être capable de prendre des mesures permettant une mise en état rapide des causes;
  - veiller à favoriser la conciliation et les solutions négociées;
  - ...
  7. Perception du contexte extérieur :
  Indicateurs :
  - Etre apte à analyser et mesurer les implications sociales, économiques et financières des décisions à prendre;
  - ...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibre :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  .capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N8. Bijlage 8. Evaluatiecriteria en indicatoren
  Onderzoeksrechters
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beschikt over een parate juridische kennis van het strafrecht en het strafprocesrecht, teneinde onmiddellijk in urgente situaties te kunnen optreden;
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd in de uitoefening van zijn rechtsprekende functie;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - Motiveert zijn beslissingen zowel in rechte als in feite;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren en termijnen;
  - Is bekwaam om een zitting of vergadering te leiden;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (griffiers, juristen, onderzoekers, stagiairs...), de rechtsonderhorigen en de collegae;
  - Heeft aandacht voor overleg en verzoening;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - Heeft aandacht voor de sociale gevolgen van zijn beslissingen op de betrokken personen;
  - ...
  6. Geschiktheid voor het leiden van de onderzoeken :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Heeft inzicht in de feiten die het voorwerp uitmaken van het onderzoek;
  - Heeft aandacht voor de verschillende hoofdlijnen van het onderzoek;
  - Houdt rekening met elk element dat van nut kan zijn om de waarheid aan het licht te brengen;
  - Blijft meester van het onderzoek;
  - Werkt de onderzoeken af binnen een redelijke termijn rekening houdende met de rechten van de slachtoffers en van de verdachten;
  - ...
  7. Specifieke kennis :
  Indicatoren :
  - Heeft elementaire wetenschappelijke en technologische kennis aangepast aan de onderzoeken;
  - Geeft blijk van een goede kennis van de werking van de politiediensten;
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N8. Annexe 8. Critères d'évaluation et indicateurs
  Juge d'instruction
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir une maîtrise suffisante du droit pénal et de la procédure pénale pour répondre aux situations d'urgence;
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat dans l'exercice de sa fonction de juger;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - motiver ses décisions tant en fait qu'en droit;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe et dans la direction de celle-ci;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées et des délais;
  - être capable de diriger une audience ou une réunion;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, greffiers, juristes, stagiaires...) les justiciables et les collègues;
  - avoir le souci de la concertation et de la conciliation;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  - être attentif aux répercussions sociales de ses décisions sur les personnes concernées;
  - ...
  6. Aptitude à la direction des enquêtes :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - être apte à appréhender les faits soumis à enquête;
  - être attentif aux divers axes d'enquête;
  - être attentif à recueillir tout élément utile à la manifestation de la vérité;
  - conserver la maîtrise de l'enquête;
  - finaliser les enquêtes dans des délais raisonnables en prenant en considération les droits des victimes et des prévenus;
  - ...
  7. Connaissances spécifiques :
  Indicateurs :
  - avoir des notions scientifiques et techniques utiles à la conduite des enquêtes;
  - témoigner d'une bonne connaissance du fonctionnement des services de police;
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N9. Bijlage 9. Evaluatiecriteria en indicatoren
  [1 Rechter in de familie- en jeugdrechtbank]1
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd in de uitoefening van zijn rechtsprekende functie;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - Motiveert zijn beslissingen zowel in rechte als in feite;
  - ...
  2. [1 Doeltreffendheid en doelmatigheid
   Indicatoren :
   - geeft blijk van analytisch vermogen;
   - geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
   - motiveert collegae en medewerkers;
   - werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
   - heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
   - behoudt een evenwicht tussen :
   o de kwaliteit van het werk
   - professionele nauwgezetheid
   - creativiteit
   o de kwantiteit van het werk
   - werkmethode
   - opvolging van dossiers;
   - is stipt : respecteert vastgestelde uren en termijnen;
   - is bekwaam om een zitting of vergadering te leiden;
   - is in staat om een duidelijk onderscheiden rol te spelen in burgerlijke en beschermende functies;
   - staat zowel op beschermend als op burgerlijk vlak open voor het menselijke aspect in de verschillende aspecten van de tegengekomen situaties;
   - ...]1

  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal; ze zijn opgesteld met zin voor objectiviteit, nuance en takt;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (griffiers, juristen, onderzoekers, stagiairs...), sociale sector, de rechtsonderhorigen en de collegae;
  - Heeft aandacht voor overleg en verzoening;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  - Is in staat dringende beslissingen te nemen;
  - Slaagt erin beslissingen te doen aanvaarden;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Pedagogische en psychologische kwaliteiten :
  Indicatoren :
  - Getuigt van een bijzondere luisterbereidheid t.o.v. de gesprekspartners;
  - Getuigt van beschikbaarheid;
  - Is in staat met fijnzinnigheid en nuance zowel jongeren als meerderjarigen te ondervragen; geeft blijk van een bekwaamheid tot overleg en verzoening;
  - Getuigt van empathie en pedagogische kwaliteiten;
  - Heeft respect voor andermans vrijheid welke ook zijn persoonlijke overtuiging is;
  - ...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - Kan afstand nemen in geval van crisissituaties;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
  
Art. N9. Annexe 9. Critères d'évaluation et indicateurs
  [1 Juge au tribunal de la famille et de la jeunesse]1
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat dans l'exercice de sa fonction de juger;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - motiver ses décisions tant en fait qu'en droit;
  - ...
  2. [1 Efficience et efficacité dans le travail
   Indicateurs :
   - faire preuve de capacité d'analyse;
   - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe et dans la direction de celle-ci;
   - motiver les collègues et collaborateurs;
   - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
   - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
   - équilibrer :
   o la qualité du travail
   - conscience professionnelle
   - créativité
   o la quantité du travail
   - méthode de travail
   - suivi des dossiers;
   - être ponctuel : respect des heures fixées et des délais;
   - être capable de diriger une audience ou une réunion;
   - être apte à tenir un rôle bien distinct dans les fonctions civiles et protectionnelles;
   - tant dans le cadre protectionnel que dans le cadre civil, témoigner d'une ouverture à l'aspect humain dans les différents aspects des situations rencontrées;
   - ...]1

  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible, ils sont rédigés avec nuance et tact;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice ( enquêteurs, greffier, juristes, stagiaires...), les collaborateurs sociaux, les justiciables et les collègues;
  - avoir le souci de la concertation et de la conciliation;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  - pouvoir prendre des décisions dans l'urgence;
  - veiller à faire accepter les décisions;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Qualités pédagogiques et psychologiques :
  Indicateurs
  - faire preuve de disposition particulière à l'écoute des autres;
  - faire preuve de disponibilité;
  - être capable d'interroger avec nuance, doigte et finesse, tant les jeunes que les adultes; faire preuve de capacité de négociation et de conciliation;
  - faire preuve d'empathie et de qualités pédagogiques;
  - respecter la liberté d'autrui quelles que soient ses convictions personnelles;
  - ...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - pouvoir prendre du recul par rapport aux situations de crise;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
  
Art. N10. Bijlage 10.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  [1 Familie- en jeugdrechter in hoger beroep]1
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd in de uitoefening van zijn rechtsprekende functie;
  - Heeft een grondige en gespecialiseerde kennis van de behandelde juridische materies;
  - Heeft bijzondere aandacht voor de jurisprudentiële draagwijdte van zijn arresten;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - Motiveert zijn beslissingen zowel in rechte als in feite;
  - ...
  2. [1 Doeltreffendheid en doelmatigheid
   Indicatoren :
   - geeft blijk van analytisch vermogen;
   - geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
   - motiveert collegae en medewerkers;
   - werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
   - heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
   - behoudt een evenwicht tussen :
   o de kwaliteit van het werk
   - professionele nauwgezetheid
   - creativiteit
   o de kwantiteit van het werk
   - werkmethode
   - opvolging van dossiers;
   - is stipt : respecteert vastgestelde uren en termijnen;
   - is bekwaam om een zitting of vergadering te leiden;
   - is in staat om een duidelijk onderscheiden rol te spelen in burgerlijke en beschermende functies;
   - staat zowel op beschermend als op burgerlijk vlak open voor het menselijke aspect in de verschillende aspecten van de tegengekomen situaties;
   - ...]1

  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal; ze zijn opgesteld met zin voor objectiviteit, nuance en takt;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (griffiers, juristen, onderzoekers, stagiairs...), sociale sector, de rechtsonderhorigen en de collegae;
  - Heeft aandacht voor overleg en verzoening;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  - Is in staat dringende beslissingen te nemen;
  - Slaagt erin beslissingen te doen aanvaarden;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Pedagogische en psychologische kwaliteiten :
  Indicatoren :
  - Getuigt van een bijzondere luisterbereidheid t.o.v. de gesprekspartners;
  - Getuigt van beschikbaarheid;
  - Is in staat met fijnzinnigheid en nuance zowel jongeren als meerderjarigen te ondervragen; geeft blijk van een bekwaamheid tot overleg en verzoening;
  - Getuigt van empathie en pedagogische kwaliteiten;
  - Heeft respect voor andermans vrijheid welke ook zijn persoonlijke overtuiging is;
  - ...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - Kan afstand nemen in geval van crisissituaties;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
  
Art. N10. Annexe 10.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  [1 Juge d'appel de la famille et de la jeunesse]1
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat dans l'exercice de sa fonction de juger;
  - avoir une connaissance approfondie et spécialisée des matières juridiques traitées;
  - être particulièrement attentif à la portée jurisprudentielle de ses arrêts;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - motiver ses décisions tant en fait qu'en droit;
  - ...
  2. [1 Efficience et efficacité dans le travail
   Indicateurs :
   - faire preuve de capacité d'analyse;
   - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe et dans la direction de celle-ci;
   - motiver les collègues et collaborateurs;
   - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
   - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
   - équilibrer :
   o la qualité du travail
   - conscience professionnelle
   - créativité
   o la quantité du travail
   - méthode de travail
   - suivi des dossiers;
   - être ponctuel : respect des heures fixées et des délais;
   - être capable de diriger une audience ou une réunion;
   - être apte à tenir un rôle bien distinct dans les fonctions civiles et protectionnelles;
   - tant dans le cadre protectionnel que dans le cadre civil, témoigner d'une ouverture à l'aspect humain dans les différents aspects des situations rencontrées;
   - ...]1

  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible, ils sont rédigés avec nuance et tact;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice ( enquêteurs, greffier, juristes, stagiaires...), les collaborateurs sociaux, les justiciables et les collègues;
  - avoir le souci de la concertation et de la conciliation;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  - pouvoir prendre des décisions dans l'urgence;
  - veiller à faire accepter les décisions;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Qualités pédagogiques et psychologiques :
  Indicateurs :
  - faire preuve de disposition particulière à l'écoute des autres;
  - faire preuve de disponibilité;
  - être capable d'interroger avec nuance, doigté et finesse, tant les jeunes que les adultes; faire preuve de capacité de négociation et de conciliation;
  - faire preuve d'empathie et de qualités pédagogiques;
  - respecter la liberté d'autrui quelles que soient ses convictions personnelles;
  - ...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - pouvoir prendre du recul par rapport aux situations de crise;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
  
Art. N11. Bijlage 11.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Ondervoorzitter in de rechtbank van eerste aanleg, ondervoorzitter in de rechtbank van koophandel en ondervoorzitter in de arbeidsrechtbank
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd in de uitoefening van zijn rechtsprekende functie;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - Motiveert zijn beslissingen zowel in rechte als in feite;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren en termijnen;
  - Is bekwaam om een zitting of vergadering te leiden;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (griffiers, juristen, onderzoekers, stagiairs...), de rechtsonderhorigen en de collegae;
  - Heeft aandacht voor overleg en verzoening;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Overtuigingskracht :
  Indicatoren :
  - Slaagt erin via een overtuigende argumentatie een deelname aan de projecten, initiatieven en doelstellingen te bewerkstelligen;
  - ...
  7. Delegatie :
  Indicatoren :
  - Kent bevoegdheden en verantwoordelijkheden toe aan zorgvuldig uitgekozen medewerkers;
  - ...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N11. Annexe 11.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Vice-président du tribunal de première instance, vice-président du tribunal de commerce et vice-président du tribunal du travail
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat dans l'exercice de sa fonction de juger;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - motiver ses décisions tant en fait qu'en droit;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe et dans la direction de celle-ci;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées et des délais;
  - être capable de diriger une audience ou une réunion;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, greffiers, juristes, stagiaires...) les justiciables et les collègues;
  - avoir le souci de la concertation et de la conciliation;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Force de persuasion :
  indicateurs :
  - être capable d'élaborer une argumentation convaincante pour susciter l'adhésion aux projets, initiatives et objectifs;
  - ...
  7. Délégation :
  indicateurs :
  - attribuer des compétences et des responsabilités à des collaborateurs judicieusement choisis;
  ...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N12. Bijlage 12.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Kamervoorzitter in het hof van beroep en kamervoorzitter in het arbeidshof
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd in de uitoefening van zijn rechtsprekende functie;
  - Heeft een grondige en gespecialiseerde kennis van de behandelde juridische materies;
  - Heeft bijzondere aandacht voor de jurisprudentiële draagwijdte van zijn arresten;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - Motiveert zijn beslissingen zowel in rechte als in feite;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren en termijnen;
  - Is bekwaam om een zitting of vergadering te leiden;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (griffiers, juristen, onderzoekers, stagiairs...), de rechtsonderhorigen en de collegae;
  - Heeft aandacht voor overleg en verzoening;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Overtuigingskracht :
  Indicatoren :
  - Slaagt erin via een overtuigende argumentatie een deelname aan de projecten, initiatieven en doelstellingen te bewerkstelligen;
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . Evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N12. Annexe 12.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Président de chambre à la cour d'appel et président de chambre à la cour du travail
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat dans l'exercice de sa fonction de juger;
  - avoir une connaissance approfondie et spécialisée des matières juridiques traitées;
  - être particulièrement attentif à la portée jurisprudentielle de ses arrêts;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - motiver ses décisions tant en fait qu'en droit;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe et dans la direction de celle-ci;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées et des délais;
  - être capable de diriger une audience ou une réunion;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, greffiers, juristes, stagiaires...) les justiciables et les collègues;
  - avoir le souci de la concertation et de la conciliation;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Force de persuasion :
  Indicateur :
  - être capable d'élaborer une argumentation convaincante pour susciter l'adhésion aux projets;
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N13. Bijlage 13.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Afdelingsvoorzitter in het Hof van Cassatie
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst zeer grondig de juridische materies die behandeld worden;
  - Kan verwijzen naar de rechtsleer, rechtspraak en het vergelijkend recht;
  - Is bereid om diepgaand onderzoek te verrichten;
  - Is bereid tot studie;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collega's en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren (zittingen...) en termijnen;
  - Is bekwaam om een vergadering te leiden;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (gedelegeerde magistraten, griffiers, referendarissen...) en de collegae zowel van het parket als van de zetel;
  - ...
  4. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  5. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  6. Organisatorische vaardigheden :
  Indicatoren :
  - Is in staat mee een beheersplan uit te werken, te plannen en te organiseren;
  - Is in staat de doelstellingen over te brengen en uit te leggen en zijn medewerkers aan te sporen en te motiveren deze ook aan te wenden;
  - Treedt op als tussenschakel voor de opgaande en neergaande informatie
  - ...
  GROEP B
  1. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N13. Annexe 13.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Président de section à la Cour de cassation
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir une connaissance très approfondie des matières juridiques traitées;
  - pouvoir se référer à la doctrine, la jurisprudence et le droit comparé;
  - être disposé à effectuer des recherches approfondies;
  - être disposé à l'étude;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences....) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : spontanée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice ( greffiers, référendaires, magistrats délégués) et les collègues tant du parquet que du siège;
  - ...
  4. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  5. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  6. Capacité de gestion :
  Indicateurs :
  - être capable de participer à l'élaboration d'un plan de gestion, de planifier et d'organiser;
  - être apte à communiquer et expliquer les objectifs et à encourager et motiver ses collaborateurs, à les mettre en oeuvre;
  - assurer le relais des informations en amont et en aval;
  - ...
  GROUPE B
  1. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demande;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N14. Bijlage 14.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Voorzitter in het Hof van Cassatie
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst zeer grondig de juridische materies die behandeld worden;
  - Kan verwijzen naar de rechtsleer, rechtspraak en het vergelijkend recht;
  - Is bereid om diepgaand onderzoek te verrichten;
  - Is bereid tot studie;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collega's en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren (zittingen...) en termijnen;
  - Is bekwaam om een vergadering te leiden;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld, in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (gedelegeerde magistraten, griffiers, referendarissen...) en de collegae zowel van het parket als van de zetel;
  - ...
  4. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig in alle beslissingen, tijdens het hele beslissingsproces;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten;
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  5. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  6. Organisatorische vaardigheden :
  Indicatoren :
  - Is in staat mee een beheersplan uit te werken, te plannen en te organiseren;
  - Is in staat de Eerste Voorzitter van het Hof van Cassatie te vertegenwoordigen;
  - ...
  GROEP B
  1. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze beslissingen of tussenvonnissen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting, in het kader van de beraadslagingen of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N14. Annexe 14.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Président à la Cour de cassation
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir une connaissance très approfondie des matières juridiques traitées;
  - pouvoir se référer à la doctrine, la jurisprudence et le droit comparé;
  - être disposé à effectuer des recherches approfondies;
  - être disposé à l'étude;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibre :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences....) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédiges avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : spontanée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice ( greffiers, référendaires, magistrats délégués) et les collègues tant du parquet que du siège;
  - ...
  4. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial dans toutes les décisions et tout au long du processus décisionnel;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats;
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  5. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercice des responsabilités;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  6. Capacité de gestion :
  Indicateurs :
  - être capable de participer à l'élaboration d'un plan de gestion, de planifier et d'organiser;
  - être en mesure de représenter le premier président de la Cour de Cassation;
  - ...
  GROUPE B
  1. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter des décisions et des actes de procédure susceptibles de retarder inutilement l'issue d'un litige;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, dans le cadre du délibéré ou en toutes autres circonstances;
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N15. Bijlage 15.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Substituut procureur des Konings en substituut-arbeidsauditeur
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd;
  - Beschikt over een parate juridische kennis van het strafrecht en het strafprocesrecht, teneinde onmiddellijk in urgente situaties te kunnen optreden;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een onderzoek;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en om een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren ( zittingen...) en termijnen;
  - Is bekwaam om een vergadering te leiden;
  - Heeft aandacht voor de mogelijkheden geboden door de procedures (strafbemiddeling, minnelijke schikking, onmiddellijke verschijning, mini-onderzoek,...);
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Heeft bijzondere aandacht voor de verwachtingen en de rechten van de slachtoffers;
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (onderzoekers, parketsecretarissen, griffiers, juristen, stagiairs...), de rechtsonderhorigen, de collegae, het publiek en de pers;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze plichten;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van het proces (sensu lato);
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Beleid in strafzaken :
  Indicatoren :
  - Is in staat te oordelen over de opportuniteit van de vervolging;
  - Kan zijn beslissing gepaard laten gaan met een reflexie over de sociale dimensie ervan;
  - ...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich zonder zich eraan te onttrekken ten nadele van collegae;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  3. Samenwerkingsvermogen in hiërarchisch verband :
  Indicatoren :
  - Kan autonoom werken onder een gesteld gezag;
  - Kan gerechtvaardigde opdrachten uitvoeren;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N15. Annexe 15.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Substitut du procureur du Roi et substitut de l'auditeur du travail
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat;
  - avoir une maîtrise suffisante du droit pénal et de la procédure pénale pour répondre aux situations d'urgence;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail et dans la direction d'une enquête;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences....) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion;
  - être attentif aux possibilités offertes par les procédures (médiation pénale, transaction, comparution immédiate, mini instruction...)
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - porter une attention particulière aux attentes et aux droits des victimes;
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, secrétaires de parquet, greffiers, juristes, stagiaires...) les justiciables, les collègues, le public et la presse;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter les devoirs inutiles;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la Justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des procès ( sensu lato);
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Politique criminelle :
  Indicateurs :
  - être capable de décider de l'opportunité des poursuites;
  - faire précéder sa décision par une réflexion sur la dimension sociale de celle-ci;
  - ...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : rechercher et prendre des responsabilités sans se décharger au détriment des collègues;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience ou en toute autre circonstance.
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  3. Aptitude à travailler dans une structure hiérarchique :
  Indicateurs :
  - pouvoir travailler de manière autonome sous autorité;
  - pouvoir exécuter des missions justifiées;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;.
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N17. Bijlage 17.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Substituut procureur-generaal bij het hof van beroep en substituut-generaal bij het arbeidshof
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd;
  - Beschikt over een parate juridische kennis van het strafrecht en het strafprocesrecht, teneinde onmiddellijk in urgente situaties te kunnen optreden;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een onderzoek;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en om een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren ( zittingen...) en termijnen;
  - Is bekwaam om een vergadering te leiden;
  - Heeft aandacht voor de mogelijkheden geboden door de procedures;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Heeft bijzondere aandacht voor de verwachtingen en de rechten van de slachtoffers;
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (onderzoekers, parketsecretarissen, griffiers, juristen, stagiairs...), de rechtsonderhorigen, de collegae, het publiek en de pers;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze plichten;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van het proces (sensu lato);
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Beleid in strafzaken :
  Indicatoren :
  - Is in staat te oordelen over de opportuniteit van de vervolging;
  - Kan zijn beslissing gepaard laten gaan met een reflexie over de sociale dimensie ervan;
  - ...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich zonder zich eraan te onttrekken ten nadele van collegae;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  3. Samenwerkingsvermogen in hiërarchisch verband :
  Indicatoren :
  - Kan autonoom werken onder een gesteld gezag;
  - Kan gerechtvaardigde opdrachten uitvoeren;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3.Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N17. Annexe 17.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Substitut du procureur général près la cour d'appel et substitut général près la cour du travail
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat;
  - avoir une maîtrise suffisante du droit pénal et de la procédure pénale pour répondre aux situations d'urgence;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail et dans la direction d'une enquête;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences....) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion;
  - être attentif aux possibilités offertes par les procédures;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - porter une attention particulière aux attentes et aux droits des victimes;
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, secrétaires de parquet, greffiers, juristes, stagiaires...) les justiciables, les collègues, le public et la presse;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter les devoirs inutiles;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la Justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des procès ( sensu lato);
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Politique criminelle :
  Indicateurs :
  - être capable de décider de l'opportunité des poursuites;
  - faire précéder sa décision par une réflexion sur la dimension sociale de celle-ci;
  - ...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : rechercher et prendre des responsabilités sans se décharger au détriment des collègues;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience ou en toute autre circonstance.
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  3. Aptitude à travailler dans une structure hiérarchique :
  Indicateurs :
  - pouvoir travailler de manière autonome sous autorité;
  - pouvoir exécuter des missions justifiées;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;.
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N19. Bijlage 19.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Advocaat-generaal bij het Hof van Cassatie
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst zeer grondig de juridische materies die behandeld worden;
  - Kan verwijzen naar de rechtsleer, rechtspraak en het vergelijkend recht;
  - Is bereid om diepgaand onderzoek te verrichten;
  - Is bereid tot studie;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en om een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren ( zittingen...) en termijnen;
  - Is bekwaam om een vergadering te leiden;
  - Kan op een autonome manier werken;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Heeft bijzondere aandacht voor de verwachtingen en de rechten van de slachtoffers;
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (gedelegeerde magistraten, referendarissen, griffiers,...), en de collegae zowel van het parket als van de zetel;
  - ...
  4. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich zonder zich eraan te onttrekken ten nadele van collegae;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van het proces (sensu lato);
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  GROEP B
  1. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - ...
  2 Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N19. Annexe 19.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Avocat général près la Cour de cassation
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir une connaissance très approfondie des matières juridiques traitées;
  - pouvoir se référer à la doctrine, la jurisprudence et le droit comparé;
  - être disposé à effectuer des recherches approfondies;
  - être disposé à l'étude;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences....) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion;
  - pouvoir travailler de manière autonome;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - porter une attention particulière aux attentes et aux droits des victimes;
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (greffiers, référendaires, magistrats délégués) et les collègues tant du parquet que du siège;
  - ...
  4. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : rechercher et prendre des responsabilités sans se décharger au détriment des collègues;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la Justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des procès (sensu lato);
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  GROUPE B
  1. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience ou en toute autre circonstance.
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;.
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement.
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N20. Bijlage 20.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Eerste substituut-procureur des Konings
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd;
  - Beschikt over een parate juridische kennis van het strafrecht en het strafprocesrecht, teneinde onmiddellijk in urgente situaties te kunnen optreden;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een onderzoek;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en om een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren ( zittingen...) en termijnen;
  - Is bekwaam om een vergadering te leiden;
  - Heeft aandacht voor de mogelijkheden geboden door de procedures (strafbemiddeling, minnelijke schikking, onmiddellijke verschijning, mini-onderzoek,...);
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Heeft bijzondere aandacht voor de verwachtingen en de rechten van de slachtoffers;
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (onderzoekers, parketsecretarissen, griffiers, juristen, stagiairs...), de rechtsonderhorigen, de collegae, het publiek en de pers;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze plichten;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van het proces (sensu lato);
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Beleid in strafzaken :
  Indicatoren :
  - Is in staat te oordelen over de opportuniteit van de vervolging;
  - Kan zijn beslissing gepaard laten gaan met een reflexie over de sociale dimensie ervan;
  - ...
  7. Specifieke kennis :
  Indicatoren :
  - Heeft elementaire wetenschappelijke en technologische kennis aangepast aan de onderzoeken;
  - Geeft blijk van een goede kennis van de werking van de politiediensten;
  8. Overtuigingskracht :
  Indicatoren :
  - Slaagt erin via een overtuigende argumentatie een deelname aan de projecten, initiatieven en doelstellingen te bewerkstelligen;
  - ...
  9. Delegatie :
  Indicatoren :
  - Kent bevoegdheden en verantwoordelijkheden toe aan zorgvuldig uitgekozen medewerkers;
  - ...
  GROEP B
  1 Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich zonder zich eraan te onttrekken ten nadele van collegae;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2 Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  3. Samenwerkingsvermogen in hiërarchisch verband :
  Indicatoren :
  - Kan autonoom werken onder een gesteld gezag;
  - Kan gerechtvaardigde opdrachten uitvoeren;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N20. Annexe 20.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Premier substitut du procureur du Roi
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat;
  - avoir une maîtrise suffisante du droit pénal et de la procédure pénale pour répondre aux situations d'urgence;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail et dans la direction d'une enquête;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences....) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion;
  - être attentif aux possibilités offertes par les procédures (médiation pénale, transaction, comparution immédiate, mini instruction...)
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - porter une attention particulière aux attentes et aux droits des victimes;
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, secrétaires de parquet, greffiers, juristes, stagiaires...) les justiciables, les collègues, le public et la presse;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter les devoirs inutiles;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial;
  - respecter éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la Justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des procès ( sensu lato);
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Politique criminelle :
  Indicateurs :
  - être capable de décider de l'opportunité des poursuites;
  - faire précéder sa décision par une réflexion sur la dimension sociale de celle-ci;
  - ...
  7. Connaissances spécifiques :
  Indicateurs :
  - avoir des notions scientifiques et techniques élémentaires utiles à la conduite des enquêtes;
  - témoigner d'une bonne connaissance du fonctionnement des services de police;
  8. Force de persuasion :
  Indicateurs :
  être capable d'élaborer une argumentation convaincante pour susciter l'adhésion aux projets, initiatives et objectifs;
  ...
  9. Délégation :
  Indicateurs :
  - attribuer des compétences et des responsabilités à des collaborateurs judicieusement choisis;
  - ...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : rechercher et prendre des responsabilités sans se décharger au détriment des collègues;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  .comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience ou en toute autre circonstance.
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  3. Aptitude à travailler dans une structure hiérarchique :
  Indicateurs :
  - pouvoir travailler de manière autonome sous autorité;
  - pouvoir exécuter des missions justifiées;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N21. Bijlage 21.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Eerste substituut-arbeidsauditeur
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd;
  - Beschikt over een parate juridische kennis van het strafrecht en het strafprocesrecht, teneinde onmiddellijk in urgente situaties te kunnen optreden;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een onderzoek;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en om een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren (zittingen...) en termijnen;
  - Is bekwaam om een vergadering te leiden;
  - Heeft aandacht voor de mogelijkheden geboden door de procedures (strafbemiddeling, minnelijk schikking, onmiddellijke verschijning, mini-onderzoek,...);
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Heeft bijzondere aandacht voor de verwachtingen en de rechten van de slachtoffers;
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (onderzoekers, parketsecretarissen, griffiers, juristen, stagiairs...), de rechtsonderhorigen, de collegae, het publiek en de pers;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze plichten;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van het proces (sensu lato);
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Beleid in strafzaken :
  Indicatoren :
  - Is in staat te oordelen over de opportuniteit van de vervolging;
  - Kan zijn beslissing gepaard laten gaan met een reflexie over de sociale dimensie ervan;
  - ...
  7. Specifieke kennis :
  Indicatoren :
  - Heeft elementaire wetenschappelijke en technologische kennis aangepast aan de onderzoeken;
  - Geeft blijk van een goede kennis van de werking van de politiediensten en de sociale inspecties;
  8. Overtuigingskracht :
  Indicatoren :
  - Slaagt erin via een overtuigende argumentatie een deelname aan de projecten te bewerkstelligen;
  - ...
  9. Delegatie :
  Indicatoren :
  - Kent bevoegdheden en verantwoordelijkheden toe aan zorgvuldig uitgekozen medewerkers;
  - ...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich zonder zich eraan te onttrekken ten nadele van collegae;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  3. Samenwerkingsvermogen in hiërarchisch verband :
  Indicatoren :
  - Kan autonoom werken onder een gesteld gezag;
  - Kan gerechtvaardigde opdrachten uitvoeren;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn rechtbank als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N21. Annexe 21.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Premier substitut de l'auditeur du travail
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat;
  - avoir une maîtrise suffisante du droit pénal et de la procédure pénale pour répondre aux situations d'urgence;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail et dans la direction d'une enquête;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences....) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion;
  - être attentif aux possibilités offertes par les procédures (médiation pénale, transaction, comparution immédiate, mini instruction...)
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à écoute :
  - porter une attention particulière aux attentes et aux droits des victimes;
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentes avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, secrétaires de parquet, greffiers, juristes, stagiaires...) les justiciables, les collègues, le public et la presse;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter les devoirs inutiles;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la Justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des procès (sensu lato);
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Politique criminelle :
  Indicateurs :
  - être capable de décider de l'opportunité des poursuites;
  - faire précéder sa décision par une réflexion sur la dimension sociale de celle-ci;
  - ...
  7. Connaissances spécifiques :
  Indicateurs :
  - avoir des notions scientifiques et techniques élémentaires utiles à la conduite des enquêtes;
  - témoigner d'une bonne connaissance du fonctionnement des services de police et d'inspections sociales;
  8. Force de persuasion :
  Indicateurs :
  - être capable d'élaborer une argumentation convaincante pour susciter l'adhésion aux projets;
  - ...
  9. Délégation :
  Indicateurs;
  - attribuer des compétences et des responsabilités à des collaborateurs judicieusement choisis;
  - ...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : rechercher et prendre des responsabilités sans se décharger au détriment des collègues;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience ou en toute autre circonstance.
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  3. Aptitude à travailler dans une structure hiérarchique :
  Indicateurs :
  - pouvoir travailler de manière autonome sous autorité;
  - pouvoir exécuter des missions justifiées;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demande;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N23. Bijlage 23.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Advocaat-generaal bij het hof van beroep en advocaat-generaal bij het arbeidshof
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd;
  - Beschikt over een parate juridische kennis van het strafrecht en het strafprocesrecht, teneinde onmiddellijk in urgente situaties te kunnen optreden;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een onderzoek;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en om een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers;
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren ( zittingen...) en termijnen;
  - Is bekwaam om een vergadering te leiden;
  - Heeft aandacht voor de mogelijkheden geboden door de procedures;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Heeft bijzondere aandacht voor de verwachtingen en de rechten van de slachtoffers;
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (onderzoekers, parketsecretarissen, griffiers, juristen, stagiairs...), de rechtsonderhorigen, de collegae, het publiek en de pers;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze plichten;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van het proces (sensu lato);
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Beleid in strafzaken :
  Indicatoren :
  - Is in staat te oordelen over de opportuniteit van de vervolging;
  - Kan zijn beslissing gepaard laten gaan met een reflexie over de sociale dimensie ervan;
  - ...
  7. Overtuigingskracht :
  Indicatoren :
  - Slaagt erin via een overtuigende argumentatie een deelname aan de projecten, initiatieven en doelstellingen te bewerkstelligen;
  - ...
  8. Delegatie :
  Indicatoren :
  - Kent bevoegdheden en verantwoordelijkheden toe aan zorgvuldig uitgekozen medewerkers;
  - ...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich zonder zich eraan te onttrekken ten nadele van collegae;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  3. Samenwerkingsvermogen in hiërarchisch verband :
  Indicatoren :
  - Kan autonoom werken onder een gesteld gezag;
  - Kan gerechtvaardigde opdrachten uitvoeren;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N23. Annexe 23.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Avocat général près la cour d'appel et avocat général près la cour du travail
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat;
  - avoir une maîtrise suffisante du droit pénal et de la procédure pénale pour répondre aux situations d'urgence;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail et dans la direction d'une enquête;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences....) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion;
  - être attentif aux possibilités offertes par les procédures;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . disposition à l'écoute :
  - porter une attention particulière aux attentes et aux droits des victimes;
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentes avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ..
  . qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, secrétaires de parquet, greffiers, juristes, stagiaires...) les justiciables, les collègues, le public et la presse;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter les devoirs inutiles;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la Justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des procès (sensu lato);
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Politique criminelle :
  Indicateurs :
  - être capable de décider de l'opportunité des poursuites;
  - faire précéder sa décision par une réflexion sur la dimension sociale de celle-ci;
  - ...
  7. Force de persuasion :
  Indicateurs :
  - être capable d'élaborer une argumentation pour susciter l'adhésion aux projets , initiatives et objectifs;
  - ...
  8. Délégation :
  Indicateurs :
  - attribuer des compétences et des responsabilités à des collaborateurs judicieusement choisis;
  - ...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : rechercher et prendre des responsabilités sans se décharger au détriment des collègues;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience ou en toute autre circonstance.
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  3. Aptitude à travailler dans une structure hiérarchique :
  Indicateurs :
  - pouvoir travailler de manière autonome sous autorité;
  - pouvoir exécuter des missions justifiées;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N25. Bijlage 25.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Eerste advocaat-generaal bij het hof van beroep en eerste advocaat-generaal bij het arbeidshof
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd;
  - Beschikt over een parate juridische kennis van het strafrecht en het strafprocesrecht, teneinde onmiddellijk in urgente situaties te kunnen optreden;
  - Toont belangstelling voor deze materies;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een onderzoek;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en om een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren ( zittingen...) en termijnen;
  - Is bekwaam om een vergadering te leiden;
  - Heeft aandacht voor de mogelijkheden geboden door de procedures;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Heeft bijzondere aandacht voor de verwachtingen en de rechten van de slachtoffers;
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (onderzoekers, parketsecretarissen, griffiers, juristen, stagiairs...), de rechtsonderhorigen, de collegae, het publiek en de pers;
  - ...
  4. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - Vermijdt nutteloze plichten;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van het proces (sensu lato);
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Beleid in strafzaken :
  Indicatoren :
  - Is in staat te oordelen over de opportuniteit van de vervolging;
  - Kan zijn beslissing gepaard laten gaan met een reflexie over de sociale dimensie ervan;
  - ...
  7. Overtuigingskracht :
  Indicatoren :
  - Slaagt erin via een overtuigende argumentatie een deelname aan de projecten, initiatieven en doelstellingen te bewerkstelligen;
  - ...
  8. Delegatie :
  Indicatoren :
  - Kent bevoegdheden en verantwoordelijkheden toe aan zorgvuldig uitgekozen medewerkers;
  - ...
  9. Organisatorische vaardigheden :
  Indicatoren :
  - Is in staat mee een beheersplan op te stellen, te plannen en te organiseren;
  - ...
  GROEP B
  1. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich zonder zich eraan te onttrekken ten nadele van collegae;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting of in alle andere omstandigheden;
  .Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  3. Samenwerkingsvermogen in hiërarchisch verband :
  Indicatoren :
  - Kan autonoom werken onder een gesteld gezag;
  - Kan gerechtvaardigde opdrachten uitvoeren;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N25. - Annexe 25.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Premier avocat général près la cour d'appel et premier avocat général près la cour du travail
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat;
  - avoir une maîtrise suffisante du droit pénal et de la procédure pénale pour répondre aux situations d'urgence;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail.
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail et dans la direction d'une enquête;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences....) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion;
  - être attentif aux possibilités offertes par les procédures;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - porter une attention particulière aux attentes et aux droits des victimes;
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice (enquêteurs, secrétaires de parquet, greffiers, juristes, stagiaires...) les justiciables, les collègues, le public et la presse;
  - ...
  4. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter les devoirs inutiles;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la Justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des procès ( sensu lato);
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Politique criminelle :
  Indicateurs :
  - être capable de décider de l'opportunité des poursuites;
  - faire précéder sa décision par une réflexion sur la dimension sociale de celle-ci;
  - ...
  7. Force de persuasion :
  Indicateurs :
  - être capable d'élaborer une argumentation pour susciter l'adhésion aux projets, initiatives et objectifs;
  - ...
  8. Délégation :
  Indicateurs :
  - attribuer des compétences et des responsabilités à des collaborateurs judicieusement choisis;
  - ...
  9. Capacité de gestion.
  Indicateurs :
  - être capable de participer à l'élaboration d'un plan de gestion, de planifier et d'organiser;
  - ...
  GROUPE B
  1. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : rechercher et prendre des responsabilités sans se décharger au détriment des collègues;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience ou en toute autre circonstance.
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  3. Aptitude à travailler dans une structure hiérarchique :
  Indicateurs :
  - pouvoir travailler de manière autonome sous autorité;
  - pouvoir exécuter des missions justifiées;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N27. Bijlage 27.
  Evaluatiecriteria en indicatoren
  Eerste advocaat-generaal bij het Hof van Cassatie
  GROEP A
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies :
  Indicatoren :
  - Beheerst zeer grondig de juridische materies die behandeld worden;
  - Kan verwijzen naar de rechtsleer, rechtspraak en het vergelijkend recht;
  - Is bereid om diepgaand onderzoek te verrichten;
  - Is bereid tot studie;
  - ...
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid :
  Indicatoren :
  - Geeft blijk van analytisch vermogen;
  - Geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een groep;
  - Motiveert collegae en medewerkers;
  - Werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en om een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - Heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - Behoudt een evenwicht tussen :
  . de kwaliteit van het werk
  - professionele nauwgezetheid
  - creativiteit
  . de kwantiteit van het werk
  - werkmethode
  - opvolging van dossiers
  - Is stipt : respecteert vastgestelde uren ( zittingen...) en termijnen;
  - Is bekwaam om een vergadering te leiden;
  - Kan op een autonome manier werken;
  - ...
  3. Communicatie- en uitdrukkingsvaardigheid :
  Indicatoren :
  . Luisterbereidheid :
  - Heeft bijzondere aandacht voor de verwachtingen en de rechten van de slachtoffers;
  - Achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - Is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - Kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - Is hoffelijk en beleefd;
  - ...
  . Mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - Drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld in een begrijpelijke taal;
  - Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - Synthetisch vermogen;
  - ...
  . Professionele relationele vaardigheid :
  - Heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met advocaten, justitiële medewerkers (gedelegeerde magistraten, referendarissen, griffiers,...), en de collegae zowel van het parket als van de zetel;
  - ...
  4. Collegialiteit :
  Indicatoren :
  - Is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - Wisselt professionele know-how en informatie uit;
  - Heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich zonder zich eraan te onttrekken ten nadele van collegae;
  - Is loyaal t.o.v. de anderen en de genomen beslissingen;
  - ...
  5. Integriteit :
  Indicatoren :
  - Is onpartijdig;
  - Gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - Is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - Oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - Is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - Heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van het proces (sensu lato);
  - Neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ...
  6. Organisatorische vaardigheden :
  Indicatoren :
  - Is in staat mee een beheersplan uit te werken, te plannen en te organiseren;
  - Is in staat de procureur-generaal van het Hof van Cassatie te vertegenwoordigen;
  - ...
  GROEP B
  1. Besluitvaardigheid :
  Indicatoren :
  - Neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - Neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - ...
  2. Zelfbeheersing :
  Indicatoren :
  . evenwichtig gedrag :
  - Gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - Overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting of in alle andere omstandigheden;
  . Stressbestendigheid :
  - Kan de werkdruk aan;
  - Behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ...
  GROEP C
  1. Vormingsbereidheid :
  Indicatoren :
  - Is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - Neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - Behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - ...
  2. Aanpassingsvermogen :
  Indicatoren :
  - Is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - Bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - ...
  3. Openheid van geest en engagement :
  Indicatoren :
  - Is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - Neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - ...
Art. N27. Annexe 27.
  Critères d'évaluation et indicateurs
  Premier avocat général près la Cour de cassation
  GROUPE A
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées :
  Indicateurs :
  - avoir une connaissance très approfondie des matières juridiques traitées;
  - pouvoir se référer à la doctrine, la jurisprudence et au droit comparé;
  - être disposé à effectuer des recherches approfondies;
  - être disposé à l'étude;
  - ...
  2. Efficience et efficacité dans le travail :
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontrés;
  - faire preuve d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibrer :
  . la qualité du travail
  - conscience professionnelle
  - créativité
  . la quantité du travail
  - méthode de travail
  - suivi des dossiers
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences....) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion;
  - pouvoir travailler de manière autonome;
  - ...
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression :
  Indicateurs :
  . la disposition à l'écoute :
  - porter une attention particulière aux attentes et aux droits des victimes;
  - rechercher les motivations ( explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ...
  . l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie, correcte, logique et précise;
  - expression écrite : les écrits sont structurés, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ...
  . La qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les avocats, les collaborateurs de justice ( greffiers, référendaires, magistrats délégués) et les collègues tant du parquet que du siège;
  - ...
  4. Collégialité :
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : rechercher et prendre des responsabilités sans se décharger au détriment des collègues;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ...
  5. Ethique professionnelle :
  Indicateurs :
  - être impartial;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la Justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des procès ( sensu lato);
  - faire preuve de réserve;
  - ...
  6. Capacité de gestion :
  Indicateurs :
  - être capable de participer à l'élaboration d'un plan de gestion, de planifier et d'organiser;
  - être en mesure de représenter le procureur général près la cour de cassation;
  - ...
  GROUPE B
  1. Esprit de décision :
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - ...
  2. Maîtrise de soi :
  Indicateurs :
  . comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience ou en toute autre circonstance.
  . capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - ...
  GROUPE C
  1. Intérêt pour une formation continue :
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - ...
  2. Faculté d'adaptation :
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...
  3. Ouverture d'esprit et engagement :
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives, tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ...
Art. N28. Bijlage 28. Evaluatiecriteria en indicatoren.
  Federaal magistraat.
  GROEP A.
  1. Juridische kennis vereist voor de te behandelen materies.
  Indicatoren :
  - beheerst de juridische materies die behandeld worden rekening houdend met de gegevens, feiten en situaties die de magistraat worden voorgelegd;
  - beschikt over een parate juridische kennis van het strafrecht en het strafprocesrecht, van de overeenkomsten inzake rechtshulp in strafzaken, rechtsvergelijking in strafzaken, wetgeving inzake politiediensten teneinde onmiddellijk in urgente situaties te kunnen optreden;
  - toont belangstelling voor deze materies;
  - ....
  2. Doeltreffendheid en doelmatigheid.
  Indicatoren :
  - geeft blijk van analytisch vermogen;
  - is bekwaam een bijzonder onderzoek te situeren in een nationale en/of internationale context;
  - kan de hoofdzaken onderscheiden en de prioriteiten bepalen, in het licht van de wettelijke opdracht van het federaal parket;
  - geeft blijk van organisatorische vaardigheden in de organisatie van het werk en de leiding van een onderzoek;
  - motiveert collegae en medewerkers;
  - werkt doeltreffend : is bekwaam om zijn eigen werk te organiseren en om een doeltreffende oplossing te vinden voor de problemen die zich voordoen;
  - heeft zin voor initiatief, getuigt van gezond verstand en praktisch inzicht;
  - behoudt een evenwicht tussen :
  --> de kwaliteit van het werk :
  - professionele nauwgezetheid;
  - creativiteit
  en
  --> de kwantiteit van het werk :
  - werkmethode;
  - opvolging van dossiers;
  - is stipt : respecteert vastgestelde uren (zittingen, vergaderingen, afspraken,...) en termijnen;
  - is bekwaam om bij het leiden van een vergadering het beslissingsproces te bevorderen en concrete waarborgen te bieden voor de opvolging van de beslissingen;
  - heeft aandacht voor de mogelijkheden geboden door de procedures;
  - ......
  3. Communicatie - en uitdrukkingsvaardigheid.
  Indicatoren :
  -> luisterbereidheid :
  - heeft bijzondere aandacht voor de verwachtingen en de rechten van de slachtoffers;
  - achterhaalt uitdrukkelijke en impliciete motieven bij de gesprekspartners;
  - is in staat om in mondelinge gesprekken belangrijke informatie te achterhalen, door het stellen van vragen en gepast te reageren op de tussenkomsten;
  - kan de meest geschikte communicatievorm kiezen;
  - is hoffelijk en beleefd;
  - ........
  -> mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid :
  - drukt zich op een evenwichtige, bedachtzame en correcte wijze uit;
  - schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid : de geschreven documenten zijn gestructureerd, duidelijk geargumenteerd, grammaticaal correct, logisch en precies opgesteld in een begrijpelijke taal;
  - mondelinge uitdrukkingsvaardigheid : vlot, helder, bondig en precies;
  - synthetisch vermogen;
  - ....
  -> professionele relationele vaardigheid :
  - heeft aandacht voor de kwaliteit van de relaties met de Belgische en buitenlandse actoren van het gerecht, (magistraten, onderzoekers, parketsecretarissen, griffiers, juristen, stagiairs,..), advocaten, rechtsonderhorigen, alsook met het publiek en de pers;
  - is bekwaam om op diplomatische wijze om te gaan met de Belgische of buitenlandse actoren van het gerecht en, eventueel, met de andere grondwetgevende machten;
  - kan vlot communiceren met de Belgische en buitenlandse actoren van het gerecht, zo veel mogelijk in de taal van de gesprekspartners;
  - ....
  4. Besluitvaardigheid.
  Indicatoren :
  - neemt zijn verantwoordelijkheid op niettegenstaande de moeilijkheidsgraad van de zaken en situaties waarin beslissingen moeten worden genomen;
  - neemt beslissingen binnen een redelijke termijn;
  - vermijdt nutteloze plichten;
  - baseert zich in het beslissingsproces op objectieve criteria;
  - .....
  5. Geschiktheid inzake coördinatie en leiding van onderzoeken.
  Indicatoren :
  - is bekwaam om een onderzoek te leiden, te coördineren, te ondersteunen en op te volgen, alsook om een toekomstgerichte visie te inspireren;
  - ...............
  6. Specifieke kennis.
  Indicatoren :
  - is in staat de bijzondere opsporingsmethodes aan te wenden volgens de geldende regelgeving;
  - is bekwaam om alle aspecten van de internationale samenwerking te onderkennen (grensoverschrijdende politieoperaties, verzoeken tot rechtshulp, samenwerking met de Europese en internationale rechtscolleges en instellingen);
  - .........
  7. Strafrechtelijk beleid :
  Indicatoren :
  - slaagt erin de opportuniteit van de vervolging te toetsen aan het strafrechtelijk beleid zoals het werd bepaald door de Minister van Justitie en het College van procureurs-generaal;
  - stemt de operationele aanpak af op de prioriteiten van het strafrechtelijk beleid (College van procureurs-generaal, Veiligheidsplan,...);
  - .....
  8. Integriteit.
  Indicatoren :
  - is onpartijdig in alle beslissingen tijdens het hele beslissingsproces;
  - gedraagt zich met respect voor de algemeen aanvaarde professionele ethiek en deontologie;
  - is bezorgd voor de openbare dienstverlening en bevordert in het bijzonder het vertrouwen van de rechtsonderhorige in de rechtsbedeling;
  - oefent in alle onafhankelijkheid zijn bevoegdheden uit en duldt hierbij geen enkele invloed;
  - is bestand tegen elke druk, provocatie of dwang;
  - heeft aandacht voor de rechten van de mens en het rechtvaardig verloop van de debatten (sensu lato);
  - neemt een zekere gereserveerdheid in acht;
  - ............
  GROEP B.
  1. Collegialiteit.
  Indicatoren :
  - is collegiaal ingesteld : zet zich in om de gemeenschappelijke doelstellingen van de groep te realiseren;
  - wisselt professionele knowhow en informatie uit;
  - heeft zin voor groepswerk : zoekt en neemt verantwoordelijkheid op zich;
  - is loyaal tov de anderen en de genomen beslissingen;
  - ........
  2. Zelfbeheersing.
  Indicatoren :
  -> evenwichtig gedrag :
  - gedraagt zich naar de genomen beslissingen;
  - overwint de moeilijkheden waarmee hij geconfronteerd wordt in zijn kabinet, op de zitting of in alle andere omstandigheden;
  -> stressbestendigheid :
  - kan de werkdruk aan;
  - behoudt zijn zelfbeheersing zelfs indien hij uitgedaagd wordt;
  - ........;
  3. Samenwerkingsvermogen in hiërarchisch verband.
  Indicatoren :
  - is in staat om de door de federale procureur uitgezette koers en de richtlijnen om te zetten in de praktijk;
  - kan autonoom werken onder een gesteld gezag;
  - ..........;
  GROEP C.
  1. Vormingsbereidheid.
  Indicatoren :
  - is bekommerd om zijn bekwaamheid te vervolledigen of te verbeteren;
  - neemt initiatief om zijn opleiding te verbeteren;
  - behoudt evenwicht tussen werk en vorming;
  - .........;
  2. Aanpassingsvermogen.
  Indicatoren :
  - is bereid nieuwe activiteiten uit te oefenen en toont zich hierin doeltreffend;
  - bekijkt elke verandering of gevraagde vervanging vanuit een positieve ingesteldheid;
  - .........;
  3. Openheid van geest en engagement.
  Indicatoren :
  - is beschikbaar om, zowel binnen zijn jurisdictie als erbuiten, opbouwende initiatieven te nemen of er aan mee te werken, maar blijft in staat een goed evenwicht te bewaren tussen de hoofd- en nevenactiviteiten;
  - neemt deel aan activiteiten die bijdragen tot een beter inzicht in de maatschappelijke werkelijkheid;
  - .......
Art. N28. Annexe 28. Critères d'évaluation et indicateurs.
  Magistrat fédéral.
  GROUPE A.
  1. Connaissances juridiques requises pour les matières traitées.
  Indicateurs :
  - avoir la maîtrise des matières juridiques traitées par référence aux données, faits et situations soumis au magistrat;
  - avoir une maîtrise suffisante du droit pénal et de la procédure pénale, des conventions d'entraide en matière pénale, du droit pénal comparé, de la législation en matière de police pour répondre aux situations d'urgence;
  - manifester de l'intérêt pour ces matières;
  - ....
  2. Efficience et efficacité dans le travail.
  Indicateurs :
  - faire preuve de capacité d'analyse;
  - être apte à situer une enquête particulière dans un contexte national et/ou international;
  - être en mesure de détecter l'essentiel et de déterminer les priorités par référence à la mission légale dévolue au parquet fédéral;
  - démontrer une capacité de gestion dans l'organisation du travail d'une équipe et dans la direction d'une enquête;
  - motiver les collègues et collaborateurs;
  - être efficace : gérer son travail et offrir des solutions efficaces aux problèmes rencontres;
  - témoigner d'esprit d'initiative, de bon sens et d'esprit pratique;
  - équilibre :
  --> la qualité du travail :
  - conscience professionnelle;
  - créativité
  et
  --> la quantité du travail :
  - méthode de travail;
  - suivi des dossiers;
  - être ponctuel : respect des heures fixées (audiences, réunions, rendez-vous,...) et des délais;
  - être capable de diriger une réunion aux fins de favoriser un processus décisionnel et d'en assurer le suivi de manière concrète;
  - être attentif aux possibilités offertes par les procédures;
  - .....
  3. Aptitude à la communication et qualité de l'expression.
  Indicateurs :
  -> la disposition à l'écoute :
  - être à l'écoute de chacun et particulièrement attentif aux attentes et aux droits des victimes;
  - rechercher les motivations (explicites et implicites) des interlocuteurs;
  - être capable d'identifier les informations importantes dans les communications orales, de poser des questions et de réagir adéquatement aux interventions;
  - être apte à choisir le mode d'échange le plus adéquat;
  - être poli et courtois;
  - ....
  -> l'expression orale et écrite :
  - s'exprimer de manière pondérée, réfléchie et correcte;
  - expression écrite : les écrits sont structures, argumentés avec clarté, grammaticalement corrects, rédigés avec logique et précision dans une langue compréhensible;
  - expression orale : aisée, claire, concise et précise;
  - esprit de synthèse;
  - ....
  -> la qualité des relations professionnelles :
  - être attentif à préserver une relation de qualité avec les acteurs de justice belges et étrangers (magistrats, enquêteurs, secrétaires de parquet, juristes, greffiers, stagiaires, avocats, justiciables,...) ainsi qu'avec le public et la presse;
  - être apte à agir avec diplomatie à l'égard des acteurs de justice belges ou étrangers et, le cas échéant, avec les autres pouvoirs constituants;
  - être en mesure de communiquer de manière aisée avec les acteurs de justice belges et étrangers et ce, dans la mesure du possible, dans leur langue;
  - ....
  4. Esprit de décision.
  Indicateurs :
  - prendre ses responsabilités nonobstant la difficulté des matières et situations soumises à décisions;
  - prendre des décisions dans un délai raisonnable;
  - éviter les devoirs inutiles;
  - mener le processus décisionnel sur la base de critères objectifs;
  - .....
  5. Aptitude à la coordination et à la direction des enquêtes.
  Indicateurs :
  - être apte à soutenir une enquête en terme de direction, coordination, appui et suivi, et à stimuler une vision prospective;
  - ....
  6. Connaissance spécifique.
  Indicateurs :
  - être en mesure de mettre en oeuvre les méthodes particulières de recherches selon les règles et les instructions en vigueur;
  - être apte à discerner tous les aspects liés à la coopération internationale (opérations policières transfrontalières, demandes d'entraide judiciaire, coopération avec les juridictions et institutions européennes et internationales);
  - .....
  7. Politique criminelle.
  Indicateurs :
  - parvenir à décider de l'opportunité des poursuites par référence à la politique criminelle définie par la Ministre de la Justice et le collège des procureurs généraux;
  - développer une approche opérationnelle conforme aux priorités déterminées par la politique criminelle (collège des procureurs généraux, plan de sécurité,...);
  - ......
  8. Ethique professionnelle.
  Indicateurs :
  - être impartial;
  - respecter l'éthique professionnelle et la déontologie généralement acceptées;
  - avoir le sens du service public en favorisant notamment la confiance du justiciable en la justice;
  - exercer les fonctions en toute indépendance, à l'abri de toute influence;
  - être apte à résister à toute pression, provocation ou contrainte;
  - être attentif aux droits de l'homme et au déroulement équitable des débats (sensu lato);
  - faire preuve de réserve;
  - .....
  GROUPE B.
  1. Collégialité.
  Indicateurs :
  - avoir le sens de la collégialité : participation à la réalisation des objectifs communs poursuivis;
  - transmettre le savoir-faire et de l'information;
  - avoir le sens du travail d'équipe : recherche et exercer des responsabilités sans se décharger au préjudice de collègues;
  - être loyal envers les autres et les décisions prises;
  - ....
  2. Maîtrise de soi.
  Indicateurs :
  -> comportement équilibré :
  - assumer les décisions prises;
  - surmonter les difficultés rencontrées dans son cabinet, à l'audience, ou en toutes autres circonstances;
  -> capacité à supporter le stress :
  - supporter la charge de travail;
  - être capable de se maîtriser même en cas de provocation;
  - .....;
  3. Aptitude à travailler dans une structure hiérarchique.
  Indicateurs :
  - être apte à mettre en oeuvre les orientations et directives déterminées par le procureur fédéral;
  - pouvoir travailler de manière autonome sous autorité;
  - .......;
  GROUPE C.
  1. Intérêt pour une formation continue.
  Indicateurs :
  - avoir le souci de se perfectionner et d'améliorer ses compétences;
  - prendre des initiatives pour améliorer sa formation;
  - maintenir un équilibre entre travail et formation;
  - .....;
  2. Faculté d'adaptation.
  Indicateurs :
  - se porter volontaire pour des activités nouvelles et s'y montrer efficace;
  - envisager de manière positive tout changement ou remplacement demandé;
  - ...;
  3. Ouverture d'esprit et engagement.
  Indicateurs :
  - être disponible pour prendre des initiatives constructives tant au sein de sa juridiction qu'en dehors, tout en préservant un juste équilibre entre les activités principales et subsidiaires;
  - participer à des activités susceptibles de contribuer à une meilleure perception des réalités sociales;
  - ....