Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
1° Minister : de Minister van Huisvesting;
2° bestuur : de Afdeling Huisvesting van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest;
3° aanvrager : een in artikel 30, eerste lid, van de Waalse Huisvestingscode bedoelde rechtspersoon.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
11 FEBRUARI 1999. - Besluit van de Waalse Regering waarbij door het Gewest een tegemoetkoming wordt verleend aan rechtspersonen voor de sloping van een onverbeterbaar gebouw (VERTALING).
Titre
11 FEVRIER 1999. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon relatif Ă l'octroi par la RĂ©gion d'une aide aux personnes morales en vue de la dĂ©molition d'un bĂątiment non amĂ©liorable.
Documentinformatie
Info du document
Tekst (11)
Texte (11)
Article 1. Pour l'application du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, il faut entendre par :
1° le Ministre : le Ministre qui a le Logement dans ses attributions;
2° l'administration : la Division du Logement de la Direction générale de l'Aménagement du territoire, du Logement et du Patrimoine du MinistÚre de la Région wallonne;
3° le demandeur : une personne morale visée à l'article 30, alinéa 1er, du Code wallon du logement.
1° le Ministre : le Ministre qui a le Logement dans ses attributions;
2° l'administration : la Division du Logement de la Direction générale de l'Aménagement du territoire, du Logement et du Patrimoine du MinistÚre de la Région wallonne;
3° le demandeur : une personne morale visée à l'article 30, alinéa 1er, du Code wallon du logement.
Art. 2. Binnen de perken van de daartoe op de begroting uitgetrokken kredieten kan de Minister de aanvrager een subsidie toekennen voor de aankoop en de sloping van een onverbeterbaar gebouw zodat nieuwe woningen opgetrokken of gemeenschappelijke voorzieningen aangelegd kunnen worden, voor zover de kosten voor de werken bedoeld in artikel 3 niet gedragen worden door de overheid krachtens andere wettelijke of regelgevende bepalingen.
Art. 2. Dans la limite des crĂ©dits inscrits Ă cette fin au budget, le Ministre peut accorder une subvention au demandeur, pour l'acquisition et la dĂ©molition d'un bĂątiment non amĂ©liorable, afin de permettre la construction de nouveaux logements ou la rĂ©alisation d'Ă©quipements d'intĂ©rĂȘt collectif, dans la mesure oĂč les travaux visĂ©s Ă l'article 3 ne sont pas pris en charge par des pouvoirs publics en vertu d'autres dispositions lĂ©gales ou rĂ©glementaires.
Art. 3. § 1. Als de aanvrager een privaatrechtelijke rechtspersoon is, wordt de subsidie op 30 % van de aankoop- en slopingskosten vastgesteld. De subsidie wordt op 45 % van bovenvermelde kosten gebracht voor gebouwen gelegen in een bijzondere wijk.
In de zin van dit besluit wordt verstaan onder bijzondere wijk :
1° een in artikel 79, § 2, 2°, 3° en 4°, van een Waalse Huisvestingscode bedoeld gebied;
2° een prioritaire actiezone bedoeld in artikel 4 van het besluit van de Waalse Regering van 6 maart 1997 tot uitvoering van het decreet van 4 juli 1996 betreffende de integratie van vreemdelingen of van personen van buitenlandse herkomst;
3° een krachtens artikel 173 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium erkende stadsvernieuwingsomtrek;
4° een krachtens artikel 167 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium erkende afgedankte bedrijfsruimte.
§ 2. Als de aanvrager een publiekrechtelijke rechtspersoon is, wordt de subsidie op 60 % van de aankoop- en slopingskosten vastgesteld. De toelage wordt op 90 % van bovenvermelde kosten gebracht voor gebouwen gelegen in een bijzondere wijk.
§ 3. De aankoopprijs van het gebouw wordt overgenomen, voor zover de authentieke aankoopakte is getekend hoogstens één jaar vóór de datum waarop de in artikel 4 bedoelde toelage is aangevraagd.
In de zin van dit besluit wordt verstaan onder bijzondere wijk :
1° een in artikel 79, § 2, 2°, 3° en 4°, van een Waalse Huisvestingscode bedoeld gebied;
2° een prioritaire actiezone bedoeld in artikel 4 van het besluit van de Waalse Regering van 6 maart 1997 tot uitvoering van het decreet van 4 juli 1996 betreffende de integratie van vreemdelingen of van personen van buitenlandse herkomst;
3° een krachtens artikel 173 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium erkende stadsvernieuwingsomtrek;
4° een krachtens artikel 167 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium erkende afgedankte bedrijfsruimte.
§ 2. Als de aanvrager een publiekrechtelijke rechtspersoon is, wordt de subsidie op 60 % van de aankoop- en slopingskosten vastgesteld. De toelage wordt op 90 % van bovenvermelde kosten gebracht voor gebouwen gelegen in een bijzondere wijk.
§ 3. De aankoopprijs van het gebouw wordt overgenomen, voor zover de authentieke aankoopakte is getekend hoogstens één jaar vóór de datum waarop de in artikel 4 bedoelde toelage is aangevraagd.
Art. 3. § 1er. Si le demandeur est une personne morale de droit privé, la subvention est fixée à 30 % du coût d'acquisition et de démolition.
La subvention est portée à 45 % des coûts précités pour les bùtiments situés dans un quartier spécifique.
Au sens du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, il y a lieu d'entendre par quartier spĂ©cifique :
1° une zone visée à l'article 79, § 2, 2°, 3° et 4°, du Code wallon du logement;
2° une zone d'actions prioritaires (ZAP) visĂ©e Ă l'article 4 de l'arrĂȘtĂ© du 6 mars 1997 portant exĂ©cution du dĂ©cret du 4 juillet 1996 relatif Ă l'intĂ©gration des personnes Ă©trangĂšres ou d'origine Ă©trangĂšre;
3° un périmÚtre de rénovations reconnu en vertu de l'article 173 du Code wallon de l'aménagement du territoire, de l'urbanisme et du patrimoine;
4° un site d'activité économique désaffecté reconnu en vertu de l'article 167 du Code wallon de l'aménagement du territoire, de l'urbanisme et du patrimoine.
§ 2. Si le demandeur est une personne morale de droit public, la subvention est fixée à 60 % du coût d'acquisition et de démolition. La subvention est portée à 90 % des coûts précités pour les bùtiments situés dans un quartier spécifique.
§ 3. Le coût de l'acquisition du bùtiment est pris en charge pour autant que l'acte authentique d'achat date de moins d'une année par rapport à la date de demande de la subvention visée à l'article 4.
La subvention est portée à 45 % des coûts précités pour les bùtiments situés dans un quartier spécifique.
Au sens du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, il y a lieu d'entendre par quartier spĂ©cifique :
1° une zone visée à l'article 79, § 2, 2°, 3° et 4°, du Code wallon du logement;
2° une zone d'actions prioritaires (ZAP) visĂ©e Ă l'article 4 de l'arrĂȘtĂ© du 6 mars 1997 portant exĂ©cution du dĂ©cret du 4 juillet 1996 relatif Ă l'intĂ©gration des personnes Ă©trangĂšres ou d'origine Ă©trangĂšre;
3° un périmÚtre de rénovations reconnu en vertu de l'article 173 du Code wallon de l'aménagement du territoire, de l'urbanisme et du patrimoine;
4° un site d'activité économique désaffecté reconnu en vertu de l'article 167 du Code wallon de l'aménagement du territoire, de l'urbanisme et du patrimoine.
§ 2. Si le demandeur est une personne morale de droit public, la subvention est fixée à 60 % du coût d'acquisition et de démolition. La subvention est portée à 90 % des coûts précités pour les bùtiments situés dans un quartier spécifique.
§ 3. Le coût de l'acquisition du bùtiment est pris en charge pour autant que l'acte authentique d'achat date de moins d'une année par rapport à la date de demande de la subvention visée à l'article 4.
Art. 4. De subsidie wordt toegekend mits naleving van de volgende voorwaarden :
1° de opdracht om de werken aan te vatten moet worden gegeven binnen twaalf maanden na de kennisgeving van de toekenning van de subsidie; de werken moeten binnen een termijn van achttien maanden te rekenen vanaf dezelfde kennisgeving voltooid worden;
2° de bouw van de woningen of van de gemeenschappelijke voorzieningen moet binnen vijf jaar na het einde van de slopingswerken uitgevoerd worden.
1° de opdracht om de werken aan te vatten moet worden gegeven binnen twaalf maanden na de kennisgeving van de toekenning van de subsidie; de werken moeten binnen een termijn van achttien maanden te rekenen vanaf dezelfde kennisgeving voltooid worden;
2° de bouw van de woningen of van de gemeenschappelijke voorzieningen moet binnen vijf jaar na het einde van de slopingswerken uitgevoerd worden.
Art. 4. Le bénéfice de la subvention est subordonné au respect des conditions suivantes :
1° l'ordre de commencer les travaux doit ĂȘtre donnĂ© dans les douze mois Ă dater de la notification de l'octroi de la subvention; la fin des travaux doit intervenir dans un dĂ©lai de dix-huit mois Ă dater de cette mĂȘme notification;
2° la construction des logements ou des Ă©quipements d'intĂ©rĂȘt collectif doit ĂȘtre rĂ©alisĂ©e dans les cinq ans Ă dater de la fin des travaux de dĂ©molition.
1° l'ordre de commencer les travaux doit ĂȘtre donnĂ© dans les douze mois Ă dater de la notification de l'octroi de la subvention; la fin des travaux doit intervenir dans un dĂ©lai de dix-huit mois Ă dater de cette mĂȘme notification;
2° la construction des logements ou des Ă©quipements d'intĂ©rĂȘt collectif doit ĂȘtre rĂ©alisĂ©e dans les cinq ans Ă dater de la fin des travaux de dĂ©molition.
Art. 5. De aanvrager dient zijn subsidie-aanvraag in bij het bestuur volgens de door de Minister bepaalde voorwaarden.
Art. 5. Le demandeur introduit une demande de subvention auprÚs de l'administration selon les modalités déterminées par le Ministre.
Art. 6. De subsidie wordt toegekend mits afleveren van een stedenbouwkundig attest of vergunning. Het voorlopige bedrag van de overheidsbijdrage wordt vastgesteld op grond van de raming van de vooropgestelde slopingswerken en van de aankoop- of onteigeningskosten.
Het definitieve bedrag wordt bepaald op grond van de aanbesteding van de werken en van de aankoop- of onteigeningsakten.
Deze bedragen worden als deelneming in de algemene onkosten met 5 % verhoogd.
Het definitieve bedrag van de subsidie kan pas worden aangepast indien tijdens de werken blijkt dat onverwachts moeilijkheden opduiken, wat door overlegging van bewijsstukken moet worden gestaafd.
De werken mogen niet uitgevoerd worden vóór de kennisgeving van de vaste belofte dat de overheid tussenbeide komt, behalve als de sloping van het gebouw bevolen wordt bij besluit van de burgemeester dat om redenen van openbare veiligheid is genomen.
Het definitieve bedrag wordt bepaald op grond van de aanbesteding van de werken en van de aankoop- of onteigeningsakten.
Deze bedragen worden als deelneming in de algemene onkosten met 5 % verhoogd.
Het definitieve bedrag van de subsidie kan pas worden aangepast indien tijdens de werken blijkt dat onverwachts moeilijkheden opduiken, wat door overlegging van bewijsstukken moet worden gestaafd.
De werken mogen niet uitgevoerd worden vóór de kennisgeving van de vaste belofte dat de overheid tussenbeide komt, behalve als de sloping van het gebouw bevolen wordt bij besluit van de burgemeester dat om redenen van openbare veiligheid is genomen.
Art. 6. L'octroi de la subvention est subordonnée à la délivrance d'un certificat d'urbanisme ou d'un permis d'urbanisme.
Le montant provisoire de l'intervention est établi sur base de l'estimation du projet des travaux de démolition et des coûts d'acquisition ou d'expropriation.
Le montant définitif est fixé sur base de l'adjudication des travaux et des actes d'acquisition ou d'expropriation.
Ces montants sont majorés de 5 % à titre d'intervention dans les frais généraux.
Le montant dĂ©finitif de la subvention ne peut ĂȘtre adaptĂ© que si des sujĂ©tions imprĂ©visibles apparaissent en cours de travaux et sur production de piĂšces justificatives.
Les travaux ne peuvent ĂȘtre entrepris avant la notification de la promesse dĂ©finitive d'intervention sauf si la dĂ©molition du bĂątiment est ordonnĂ©e par un arrĂȘtĂ© du bourgmestre pris pour cause de sĂ©curitĂ© publique.
Le montant provisoire de l'intervention est établi sur base de l'estimation du projet des travaux de démolition et des coûts d'acquisition ou d'expropriation.
Le montant définitif est fixé sur base de l'adjudication des travaux et des actes d'acquisition ou d'expropriation.
Ces montants sont majorés de 5 % à titre d'intervention dans les frais généraux.
Le montant dĂ©finitif de la subvention ne peut ĂȘtre adaptĂ© que si des sujĂ©tions imprĂ©visibles apparaissent en cours de travaux et sur production de piĂšces justificatives.
Les travaux ne peuvent ĂȘtre entrepris avant la notification de la promesse dĂ©finitive d'intervention sauf si la dĂ©molition du bĂątiment est ordonnĂ©e par un arrĂȘtĂ© du bourgmestre pris pour cause de sĂ©curitĂ© publique.
Art. 7. De subsidie wordt vereffend als volgt :
1° een eerste schijf, nl. 40 % van het bedrag, tegen overlegging van de opdracht om te werken aan te vatten;
2° een tweede schijf, nl. 30 %, tegen overlegging van de bewijsstukken van aanwending van de eerste schijf;
3° het resterend bedrag, tegen overlegging van de eindafrekening van de werken en na controle ter plaatse door het bestuur.
1° een eerste schijf, nl. 40 % van het bedrag, tegen overlegging van de opdracht om te werken aan te vatten;
2° een tweede schijf, nl. 30 %, tegen overlegging van de bewijsstukken van aanwending van de eerste schijf;
3° het resterend bedrag, tegen overlegging van de eindafrekening van de werken en na controle ter plaatse door het bestuur.
Art. 7. La liquidation de la subvention s'effectue selon les modalités suivantes :
1° la premiÚre tranche, soit 40 % du montant, sur production de l'ordre de commencer les travaux;
2° la deuxiÚme tranche, soit 30 %, sur production de justificatifs de l'utilisation de la premiÚre tranche;
3° le solde, sur production du décompte final des travaux et aprÚs contrÎle sur place par l'administration.
1° la premiÚre tranche, soit 40 % du montant, sur production de l'ordre de commencer les travaux;
2° la deuxiÚme tranche, soit 30 %, sur production de justificatifs de l'utilisation de la premiÚre tranche;
3° le solde, sur production du décompte final des travaux et aprÚs contrÎle sur place par l'administration.
Art. 8. Voor de voor gemeenschappelijke voorzieningen bestemde gronden wordt de in artikel 38 van de Waalse Huisvestingscode bedoelde termijn bepaald op dertig jaar nadat ze werden uitgevoerd.
In geval van verkoop van de grond of van afstand van zakelijke rechten erop legt de aanvrager de verkoop- of afstandsovereenkomst ter goedkeuring aan de Minister voor.
In geval van verkoop van de grond of van afstand van zakelijke rechten erop legt de aanvrager de verkoop- of afstandsovereenkomst ter goedkeuring aan de Minister voor.
Art. 8. Pour les terrains affectĂ©s Ă des Ă©quipements d'intĂ©rĂȘt collectif, le dĂ©lai visĂ© Ă l'article 38 du Code wallon du logement, est fixĂ© Ă trente ans Ă dater de leur rĂ©alisation.
En cas de vente du terrain ou de cession de droits réels sur celui-ci, le demandeur soumet à l'approbation du Ministre la convention de vente ou de cession.
En cas de vente du terrain ou de cession de droits réels sur celui-ci, le demandeur soumet à l'approbation du Ministre la convention de vente ou de cession.
Art. 9. Het bedrag dat de begunstigde moet terugbetalen in geval van niet-naleving van de voorwaarden betreffende de toekenning van de subsidie voor een grond bestemd voor gemeenschappelijke voorzieningen, wordt vastgesteld als volgt : R = (1 - (D/30) tot de 2e macht) x M.
Waarbij :
R = staat voor het bedrag dat terugbetaald moet worden;
D = voor de in jaren uitgedrukte duur van de periode waarin de voorwaarden werden nageleefd;
M = voor het bedrag van de subsidie.
Als de bouw van de woningen of van de gemeenschappelijke voorzieningen binnen vijf jaar na het einde van de slopingswerken niet wordt uitgevoerd, betaalt de tegemoetkomingsgerechtigde het bedrag van de toelage terug.
Waarbij :
R = staat voor het bedrag dat terugbetaald moet worden;
D = voor de in jaren uitgedrukte duur van de periode waarin de voorwaarden werden nageleefd;
M = voor het bedrag van de subsidie.
Als de bouw van de woningen of van de gemeenschappelijke voorzieningen binnen vijf jaar na het einde van de slopingswerken niet wordt uitgevoerd, betaalt de tegemoetkomingsgerechtigde het bedrag van de toelage terug.
Art. 9. Le montant Ă rembourser par le bĂ©nĂ©ficiaire, en cas de non-respect des conditions d'octroi de la subvention pour un terrain affectĂ© Ă des Ă©quipements d'intĂ©rĂȘt collectif, est fixĂ© par la formule suivante : R = (1 - (D/30) au carrĂ©) x M.
OĂč :
R = le montant du remboursement;
D = la durée, en années, pendant laquelle les conditions ont été respectées;
M = le montant de la subvention.
Si la construction des logements ou des Ă©quipements d'intĂ©rĂȘt collectif n'est pas rĂ©alisĂ©e dans les cinq ans Ă dater de la fin des travaux de dĂ©molition, le bĂ©nĂ©ficiaire rembourse le montant de la subvention.
OĂč :
R = le montant du remboursement;
D = la durée, en années, pendant laquelle les conditions ont été respectées;
M = le montant de la subvention.
Si la construction des logements ou des Ă©quipements d'intĂ©rĂȘt collectif n'est pas rĂ©alisĂ©e dans les cinq ans Ă dater de la fin des travaux de dĂ©molition, le bĂ©nĂ©ficiaire rembourse le montant de la subvention.
Art. 10. Dit besluit treedt in werking op 1 maart 1999.
Art. 10. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© entre en vigueur le 1er mars 1999.
Art. 11. De Minister van Huisvesting is belast met de uitvoering van dit besluit.
Namen, 11 februari 1999.
De Minister-President van de Waalse Regering, belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en Patrimonium,
R. COLLIGNON
De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid,
W. TAMINIAUX
Namen, 11 februari 1999.
De Minister-President van de Waalse Regering, belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en Patrimonium,
R. COLLIGNON
De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid,
W. TAMINIAUX
Art. 11. Le Ministre du Logement est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Namur, le 11 février 1999.
Le Ministre-Président du Gouvernement wallon, chargé de l'Economie, du Commerce extérieur, des P.M.E., du Tourisme et du Patrimoine,
R. COLLIGNON
Le Ministre de l'Action sociale, du Logement et de la Santé,
W. TAMINIAUX
Namur, le 11 février 1999.
Le Ministre-Président du Gouvernement wallon, chargé de l'Economie, du Commerce extérieur, des P.M.E., du Tourisme et du Patrimoine,
R. COLLIGNON
Le Ministre de l'Action sociale, du Logement et de la Santé,
W. TAMINIAUX