Artikel 1. In het koninklijk besluit van 4 augustus 1981 houdende politie- en scheepvaartreglement voor de Belgische territoriale zee, de havens en de stranden van de Belgische kust, wordt een artikel 37bis ingevoegd, luidende :
" Art. 37bis. Zeilplanken mogen geen zee kiezen bij windkracht 8 of meer (op de schaal van Beaufort). Plankzeilen is verboden tussen zonsondergang en zonsopgang. ".
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
4 MEI 1999. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 augustus 1981 houdende politie- en scheepvaartreglement voor de Belgische territoriale zee, de havens en de stranden van de Belgische kust en van het koninklijk besluit van 15 maart 1966 betreffende de vlaggenbrieven en de uitrusting van de pleziervaartuigen.
Titre
4 MAI 1999. - ArrĂȘtĂ© royal modifiant l'arrĂȘtĂ© royal du 4 aoĂ»t 1981 portant rĂšglement de police et de navigation pour la mer territoriale belge, les ports et les plages du littoral belge et l'arrĂȘtĂ© royal du 15 mars 1966 relatif aux lettres de pavillon et Ă l'Ă©quipement des bĂątiments de plaisance.
Documentinformatie
Info du document
Tekst (5)
Texte (5)
Article 1. Un article 37bis, rĂ©digĂ© comme suit, est insĂ©rĂ© dans l'arrĂȘtĂ© royal du 4 aoĂ»t 1981 portant rĂšglement de police et de navigation pour la mer territoriale belge, les ports et les plages du littoral belge :
" Art. 37bis. Il est interdit aux planches à voile de prendre la mer lorsque la force du vent est de 8 ou plus (sur l'échelle de Beaufort). La pratique de la planche à voile est interdite du coucher au lever du soleil. ".
" Art. 37bis. Il est interdit aux planches à voile de prendre la mer lorsque la force du vent est de 8 ou plus (sur l'échelle de Beaufort). La pratique de la planche à voile est interdite du coucher au lever du soleil. ".
Art. 2. In artikel 39 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 9 februari 1996, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1°
§ 1, tweede zin, wordt vervangen als volgt :
" Zeilplanken mogen zich bovendien aldaar niet verder van de kust verwijderen dan tot op een afstand van een halve zeemijl (negenhonderd zesentwintig meter). ";
2°
§ 3 wordt vervangen als volgt :
" § 3. De in de §§ 1 en 2 bedoelde afstanden worden gerekend vanaf de laagwaterlijn zoals deze op de op grote schaal uitgevoerde officiële Belgische zeekaarten is aangebracht. ".
1°
§ 1, tweede zin, wordt vervangen als volgt :
" Zeilplanken mogen zich bovendien aldaar niet verder van de kust verwijderen dan tot op een afstand van een halve zeemijl (negenhonderd zesentwintig meter). ";
2°
§ 3 wordt vervangen als volgt :
" § 3. De in de §§ 1 en 2 bedoelde afstanden worden gerekend vanaf de laagwaterlijn zoals deze op de op grote schaal uitgevoerde officiële Belgische zeekaarten is aangebracht. ".
Art. 2. A l'article 39 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 9 fĂ©vrier 1996, sont apportĂ©es les modifications suivantes :
1° Au § 1er, la deuxiÚme phrase est remplacée par la disposition suivante :
" En outre, les planches à voile ne peuvent à ces endroits s'éloigner en mer qu'à une distance d'un demi mille marin (neuf cent vingt six mÚtres). ";
2° Le § 3 est remplacé par la disposition suivante :
" § 3. Les distances visées aux §§ 1er et 2 sont calculées à partir de la laisse de basse mer, telle que renseignée sur les cartes marines officielles belges à grande échelle. ".
1° Au § 1er, la deuxiÚme phrase est remplacée par la disposition suivante :
" En outre, les planches à voile ne peuvent à ces endroits s'éloigner en mer qu'à une distance d'un demi mille marin (neuf cent vingt six mÚtres). ";
2° Le § 3 est remplacé par la disposition suivante :
" § 3. Les distances visées aux §§ 1er et 2 sont calculées à partir de la laisse de basse mer, telle que renseignée sur les cartes marines officielles belges à grande échelle. ".
Art. 3. Artikel 17, § 3, van het koninklijk besluit van 15 maart 1966 betreffende de vlaggenbrieven en de uitrusting van de pleziervaartuigen, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 4 augustus 1981, wordt vervangen als volgt :
" § 3. Plankzeilers moeten een isotherm pak in goede staat dragen en twee waterdicht verpakte handstakellichten bij zich hebben. De zeilplanken moeten voorzien zijn van een bevestigingssysteem van de mast aan de plank. ".
" § 3. Plankzeilers moeten een isotherm pak in goede staat dragen en twee waterdicht verpakte handstakellichten bij zich hebben. De zeilplanken moeten voorzien zijn van een bevestigingssysteem van de mast aan de plank. ".
Art. 3. L'article 17, § 3, de l'arrĂȘtĂ© royal du 15 mars 1966 relatif aux lettres de pavillon et Ă l'Ă©quipement des bĂątiments de plaisance, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 4 aoĂ»t 1981, est remplacĂ© par la disposition suivante :
" § 3. Les personnes qui pratiquent la planche Ă voile doivent porter une combinaison isothermique en bon Ă©tat et avoir, auprĂšs d'eux, deux feux automatiques Ă main dans un emballage Ă©tanche Ă l'eau. Les planches Ă voile doivent ĂȘtre munies d'un systĂšme d'attache du mĂąt Ă la planche. ".
" § 3. Les personnes qui pratiquent la planche Ă voile doivent porter une combinaison isothermique en bon Ă©tat et avoir, auprĂšs d'eux, deux feux automatiques Ă main dans un emballage Ă©tanche Ă l'eau. Les planches Ă voile doivent ĂȘtre munies d'un systĂšme d'attache du mĂąt Ă la planche. ".
Art. 4. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art. 4. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.
Art. 5. Onze Minister van Vervoer is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 4 mei 1999.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Vervoer,
M. DAERDEN
Gegeven te Brussel, 4 mei 1999.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Vervoer,
M. DAERDEN
Art. 5. Notre Ministre des Transports est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Donné à Bruxelles, le 4 mai 1999.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre des Transports,
M. DAERDEN
Donné à Bruxelles, le 4 mai 1999.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre des Transports,
M. DAERDEN