Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
4 NOVEMBER 1997. - Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 14 juni 1989 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de weddeschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling in het secundair onderwijs en van het besluit van de Vlaamse regering van 26 september 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de weddeschalen en de bezoldigingsregeling van de leermeesters godsdienst en de godsdienstleraars.
Titre
4 NOVEMBRE 1997. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 juin 1989 relatif aux titres, aux traitements, au régime de prestations et au statut pécuniaire dans l'enseignement secondaire et l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 septembre 1990 relatif aux titres, aux échelles de traitement et au statut pécuniaire des maîtres de religion et des professeurs de religion (Traduction).
Documentinformatie
Info du document
Tekst (22)
Texte (22)
HOOFDSTUK I. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 14 juni 1989 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de weddeschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling in het secundair onderwijs.
CHAPITRE Ier. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 juin 1989 relatif aux titres, aux traitements, au régime de prestations et au statut pécuniaire dans l'enseignement secondaire.
Artikel 1. In artikel 2, § 3 van het besluit van de Vlaamse regering van 14 juni 1989 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de weddeschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling in het secundair onderwijs worden tussen de woorden " navorming " en " te volgen " de woorden " of nascholing " ingevoegd.
Article 1. Dans le texte néerlandais de l'article 2, §3 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 juin 1989 relatif aux titres, aux traitements, au régime de prestations et au statut pécuniaire dans l'enseignement secondaire, les mots "of nascholing" sont insérés entre les mots "navorming" et "te volgen".
Art. 2. In artikel 3, § 2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 25 januari 1995, wordt tussen het vierde en het vijfde streepje het volgende streepje ingevoegd :
  " - het getuigschrift van normaalleergangen, of ".
Art. 2. Dans l'article 3, §2 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 25 janvier 1995, le tiret suivant est inséré entre les quatrième et cinquième tirets:
  "- le certificat d'études de cours normaux, ou".
Art. 3. Aan artikel 3, § 3 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 19 december 1991 worden de volgende woorden toegevoegd :
  " of GVO. "
Art. 3. A l'article 3, §3, du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 décembre 1991, les mots suivants sont ajoutés :
  "ou AE".
Art. 4. In artikel 6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 25 januari 1995, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° Aan punt 4 wordt een f. toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " f. het diploma van meester, uitgereikt overeenkomstig de regelgeving op het hoger onderwijs; ";
  2° In punt 6 wordt tussen de woorden " architect " en " of van industrieel ingenieur " het woord " , interieurarchitect " ingevoegd;
  3° In punt 14, waarin onderdeel h. onderdeel j. zal vormen, wordt het nieuwe onderdeel h. als volgt geformuleerd
  " h. het diploma van een basisopleiding van één cyclus; ";
  4° Aan punt 14 wordt een onderdeel i. toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " i. het diploma van gegradueerde in de godsdienstwetenschappen; ";
  5° Aan 20°, waarvan de huidige tekst a) zal vormen, worden een b), c) en d) toegevoegd, die luiden als volgt :
  " b) het studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de vierde graad van het secundair onderwijs;
  c) het diploma in de psychiatrische verpleegkunde;
  d) het diploma in de ziekenhuisverpleegkunde. ".
Art. 4. A l'article 6 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 25 janvier 1995, les modifications suivantes sont apportées :
  1° Au point 4, il est ajouté une subdivision f., rédigée comme suit:
  "f. le diplôme de maître, délivré conformément à la législation de l'enseignement supérieur,";
  2° Au point 6, les mots "d'architecte d'intérieur" sont insérés entre les mots "d'architecte" et "du d'ingénieur industriel";
  3° Au point 14, il est ajouté une subdivision i., rédigée comme suit:
  "h. le diplôme d'une formation initiale d'un cycle;";
  4° Au point 14, il est ajouté une subdivision i., rédigée comme suit:
  "i. le diplôme de gradué en sciences religieuses;";
  5° Au point 20, dont le texte actuel deviendra la subdivision a), les subdivisions b), c) et d) seront ajoutées, rédigées ainsi qu'il suit:
  " b) le certificat d'études de la deuxième année d'études du quatrième degré de l'enseignement secondaire;
  c) le diplôme de nursing psychiatrique;
  d) le diplôme de nursing hospitalier.".
Art. 5. In artikel 7, § 1 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse regering van 26 september 1990, 19 december 1991 en 25 januari 1995 worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° In het eerste lid worden de woorden " in de bij dit besluit gevoegde bijlagen " geschrapt.
  2° Punt 2 wordt vervangen door wat volgt :
  " 2. HOLT - een bekwaamheidsbewijs van het hoger onderwijs van het lange type;
  - een diploma van een basisopleiding van twee cycli; ".
  3° Aan punt 3 wordt een liggend streepje toegevoegd, dat luidt als volgt :
  - " het diploma van meester, uitgereikt overeenkomstig de regelgeving op het hoger onderwijs; ".
  4° In punt 5 worden de woorden " de punten 1 tot en met 14g " vervangen door de woorden " de punten 1 tot en met 14i ".
  5° Aan punt 6, eerste lid worden een vierde en een vijfde liggend streepje toegevoegd, die luiden als volgt :
  " - een diploma van een basisopleiding van één cyclus;
  - een diploma van gegradueerde in de godsdienstwetenschappen. ".
  6° Aan punt 6, tweede lid worden vier streepjes toegevoegd, die luiden als volgt :
  " - het diploma van geaggregeerde voor het godsdienstonderricht in het lager secundair onderwijs;
  - het diploma van gegradueerde voor het godsdienstonderricht in het lager secundair onderwijs;
  - het diploma van de middelbare technische normaalschool;
  - het diploma van de technische normaalafdelingen met volledig leerplan gerangschikt in de cat. D. ".
  7° Een punt 6bis wordt ingevoegd dat luidt als volgt :
  " 6bis. Een bekwaamheidsbewijs van ten minste hoger onderwijs van het korte type (afgekort ten minste HOKT) : de bekwaamheidsbewijzen, bedoeld onder de punten 5 en 6, met uitzondering van het diploma of het getuigschrift van het pedagogisch hoger onderwijs van het korte type voor sociale promotie, alsmede van het getuigschrift van de middelbare technische normaalleergangen of van de pedagogische leergangen. ".
  8° Aan punt 7bis wordt een liggend streepje toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " - het diploma van geaggregeerde voor het onderwijs in de godsdienstwetenschappen ".
  9° Aan punt 8 wordt een liggend streepje toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " - het diploma van geaggregeerde voor het godsdienstonderricht in het hoger secundair onderwijs ".
  10° Aan punt 9 worden twee liggende streepjes toegevoegd, die luiden als volgt :
  " - het diploma van geaggregeerde voor het godsdienstonderricht in het lager secundair onderwijs;
  - het diploma van gegradueerde voor het godsdienstonderricht in het lager secundair onderwijs. ".
  11° Aan punt 10 worden de volgende woorden toegevoegd :
  " en het diploma van gegradueerde voor het godsdienstonderricht in het lager secundair onderwijs. ".
  12° Aan punt 11 wordt een vierde liggend streepje toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " - het diploma van secundair onderwijs, uitgereikt na de vierde graad van het beroepssecundair onderwijs. ".
  13° Aan punt 12, waarvan de tekst die volgt na het dubbel punt het eerste streepje zal vormen, worden een tweede, derde en vierde liggend streepje toegevoegd, die luiden als volgt :
  " - het studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de vierde graad van het secundair onderwijs;
  - het diploma in de psychiatrische verpleegkunde;
  - het diploma in de ziekenhuisverpleegkunde. ".
  14° Aan punt 16 wordt volgende alinea toegevoegd :
  " Onder " HSKO " wordt niet verstaan het deeltijds kunstonderwijs zoals bedoeld in titel V van het decreet van 31 juli 1990 betreffende het onderwijs II. ".
Art. 5. A l'article 7, §1er ,du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 26 septembre 1990, 19 décembre 1991 et 25 janvier 1995, les modifications suivantes sont apportées:
  1° Au premier alinéa, les mots "dans les annexes au présent arrêté" sont supprimés.
  2° Le point 2 est remplacé par ce qui suit:
  "2. par ESTL : un titre de l'enseignement supérieur de type long;
  - un diplôme de la formation initiale de deux cycles;".
  3° Au point 3, le tiret suivant est ajouté, rédigé comme suit:
  -"le diplôme de maître, délivré conformément à la législation sur l'enseignement supérieur;".
  4° Au point 5, les mots "aux points 1 à 14g inclus" sont remplacés par les mots "aux points 1 à 14i inclus".
  5° Au point 6, premier alinéa, un quatrième et un cinquième tiret sont ajoutés, rédigés comme suit:
  "- un diplôme d'une formation initiale d'un cycle;
  - un diplôme de gradué en sciences religieuses.".
  6° Au point 6, deuxième alinéa, quatre tirets sont ajoutés, rédigés comme suit:
  "- le diplôme d'agrégé de religion dans l'enseignement secondaire inférieur;
  - le diplôme de gradué de religion dans l'enseignement secondaire inférieur;
  - le diplôme de l'école normale technique moyenne;
  - le diplôme de cours normaux techniques de plein exercice classés dans la catégorie D.".
  7° Un point 6bis est inséré, rédigé comme suit:
  "6bis. Un titre de l'enseignement supérieur de type court au moins (en abrégé ESTC au moins): les titres, visés aux points 5 et 6, à l'exception du diplôme ou du certificat de l'enseignement supérieur pédagogique de type court de promotion sociale, ainsi que le certificat d'études des cours normaux techniques moyens ou des cours pédagogiques.".
  8° Au point 7bis, il est ajouté un tiret, rédigé comme suit:
  "- le diplôme d'agrégé de l'enseignement en sciences religieuses".
  9° Au point 8, un tiret est ajouté, rédigé comme suit:
  "- le diplôme d'agrégé de religion de l'enseignement secondaire supérieur;
  10° Au point 9, deux tirets sont ajoutés, rédigés comme suit:
  "- le diplôme d'agrégé de religion de l'enseignement secondaire inférieur;
  - le diplôme de gradué de religion de l'enseignement secondaire inférieur."
  11° Au point 10, les mots suivants sont ajoutés
  "et le diplôme de gradué de religion de l'enseignement secondaire inférieur.".
  12° Au point 11, un quatrième tiret est ajouté, rédigé comme suit:
  "- le diplôme de l'enseignement secondaire, délivré après le quatrième degré de l'enseignement secondaire professionnel.".
  13° Au point 12, dont le texte suivant formera le premier tiret après le deux-points, un deuxième, troisième et quatrième tiret sont ajoutés, rédigés comme suit:
  "- le certificat d'études de la deuxième année d'études du quatrième degré de l'enseignement secondaire;
  - le diplôme de nursing psychiatrique;
  - le diplôme de nursing hospitalier.".
  14° Au point 16, l'alinéa suivant est ajouté:
  "Par ESSA, il ne faut pas entendre l'enseignement artistique à temps partiel tel que visé au titre V du décret du 31 juillet 1990 relatif à l'enseignement-II.".
Art. 6. In artikel 8, § 2 van hetzelfde besluit wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " Voor de toepassing van deze bepalingen wordt het verklarend attest met vermelding van de specialiteit van de diploma's beeldende kunsten, uitgereikt door instellingen voor hoger kunstonderwijs met volledig leerplan in de periode van 1 september 1981 tot en met 31 augustus 1985, gelijkgesteld met de diploma's uitgereikt door instellingen voor hoger kunstonderwijs met volledig leerplan na deze periode. ".
Art. 6. A l'article 8, § 2, du même arrêté, il est ajouté un deuxième alinéa, rédigé comme suit:
  "Pour l'application de ces dispositions, l'attestation déclarative avec mention de la spécialité des diplômes d'arts plastiques, délivrés par les instituts d'enseignement supérieur artistique de plein exercice dans la période du 1er septembre 1981 au 31 août 1985 inclus, est assimilée aux diplômes délivrés par les instituts d'enseignement supérieur artistique de plein exercice après cette période.".
Art. 7. In artikel 8, § 3 van hetzelfde besluit wordt in de inleidende zin tussen de woorden " kunstvakken " en " wordt " de woorden " en de kunstvakken die als praktische vakken worden beschouwd " ingevoegd.
Art. 7. Dans l'article 8, §3, du même arrêté, les mots "et les cours artistiques considérés comme cours pratiques" sont insérés dans la phrase introductive entre les mots "cours artistiques" et "est assimilé".
Art. 8. In de artikelen 16 § 1, 2°, tweede lid, 16 bis, § 1, tweede lid, 16 ter, § 1, 2°, tweede lid en 16 sexies, § 1, 2°, tweede lid van hetzelfde besluit worden tussen de woorden " de vakantieperioden, " en " de militaire dienst " de woorden " de loopbaanonderbreking, " ingevoegd.
Art. 8. Dans les articles 16, §1er, 2°, deuxième alinéa, 16bis, §1er, deuxième alinéa, 16ter, §1er, 2°, deuxième alinéa et 16sexies, §1er, 2°, deuxième alinéa du même arrêté, les mots "l'interruption de carrière" sont insérés entre les mots "les périodes de vacances scolaires," et "le service militaire".
Art. 9. § 1. De bijlagen 1 tot 8 van hetzelfde besluit worden vanaf 1 september 1997 vervangen door de bijlage 1 (bijlagen I tot en met VIII), gevoegd bij dit besluit.
  § 2. In de bijlage 1 (bijlagen I tot en met VIII) bij dit besluit wordt in de kolom " code dd. " Bedoeld met :
  1 : vanaf 1 september 1989;
  2 : vanaf 1 september 1989, met de beperking evenwel dat hieruit tijdens de periode 1 september 1989 tot 31 augustus 1991 geen gevolgen kunnen voortvloeien voor de personeelsleden en de inrichtende machten met betrekking tot bezoldiging en terbeschikkingstelling bij ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling;
  3 : vanaf 1 september 1989 tot 31 augustus 1992;
  4 : vanaf 1 september 1990;
  5 : vanaf 1 september 1989, met de beperking evenwel dat hieruit tijdens de periode 1 september 1989 tot 31 december 1994 geen gevolgen kunnen voortvloeien voor de personeelsleden en de inrichtende machten met betrekking tot bezoldiging en terbeschikkingstelling bij ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling;
  6 : vanaf 1 januari 1994;
  7 : vanaf 1 september 1989 tot 31 december 1994;
  8 : vanaf 1 september 1996;
  9 : vanaf 1 januari 1995;
  10 : vanaf 1 september 1989, met de beperking evenwel dat hieruit tijdens de periode 1 september 1989 tot 31 augustus 1997 geen gevolgen kunnen voortvloeien voor de personeelsleden en de inrichtende machten met betrekking tot bezoldiging en terbeschikkingstelling bij ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling;
  11 : vanaf 1 september 1997;
  12 : vanaf 1 september 1996, met de beperking evenwel dat hieruit tijdens de periode 1 september 1996 tot 31 augustus 1997 geen gevolgen kunnen voortvloeien voor de personeelsleden en de inrichtende machten met betrekking tot bezoldiging en terbeschikkingstelling bij ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling.
  De vermelde bijlagen hebben uitwerking op de data vermeld in de kolom " code dd ".
  De onderstreepte bepalingen van de bijlage 1 ( bijlagen I tot en met VIII) hebben uitwerking met ingang van 1 september 1989, met de beperking evenwel dat hieruit tijdens de periode 1 september 1989 tot en met 31 december 1991 geen gevolgen kunnen voortvloeien voor de personeelsleden en de inrichtende machten met betrekking tot bezoldiging en terbeschikkingstelling bij gebrek aan ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling.
Art. 9. §1e r. Les annexes 1 à 8 du même arrêté sont remplacées à partir du 1er septembre 1997 par l'annexe 1 (annexes Ire à VIII incluses) au présent arrêté.
  § 2. Dans l'annexe 1 (annexes Ie à VIII incluses) au présent arrêté, la colonne "code d.d." se réfère aux dates suivantes:
  1: à partir du 1er septembre 1989;
  2 :à partir du 1er septembre 1989, avec la restriction que pendant la période du 1er septembre 1989 au 31 août 1991, il n'y aura aucune suite pour les personnels et les pouvoirs organisateurs par rapport à la rémunération et la mise en disponibilité par défaut d'emploi, de réaffectation et de réemploi;
  3: du 1er septembre 1989 au 31 août 1992;
  4: à partir du 1er septembre 1990;
  5: à partir du 1er septembre 1989, avec la restriction que pendant la période du 1er septembre 1989 au 31 août 1994 il n'y aura aucune suite pour les personnels et les pouvoirs organisateurs par rapport à la rémunération et la mise en disponibilité par défaut d'emploi, de réaffectation et de réemploi;
  6: à partir du 1er janvier 1994;
  7: du 1er septembre 1989 au 31 décembre 1994;
  8: à partir du 1er septembre 1996;
  9: à partir du 1er janvier 1995;
  10: à partir du 1er septembre 1989, avec la restriction que pendant la période du 1er septembre 1989 au 31 août 1997, il n'y aura aucune suite pour les personnels et les pouvoirs organisateurs par rapport à la rémunération et la mise en disponibilité par défaut d'emploi, de réaffectation et de réemploi;
  11: à partir du 1er septembre 1997;
  12: à partir du 1er septembre 1996, avec la restriction que pendant la période du 1er septembre 1996 au 31 août 1997 il n'y aura aucune suite pour les personnels et les pouvoirs organisateurs par rapport à la rémunération et la mise en disponibilité par défaut d'emploi, de réaffectation et de réemploi;
  Les annexes mentionnées produisent leurs effets aux dates mentionnées à la colonne "code dd".
  Les dispositions soulignées de l'annexe 1 (annexes Ire à VIII incluses) produisent leurs effets au 1er septembre 1989, avec la restriction que pendant la période du 1er septembre 1989 au 31 décembre 1991 inclus, il n'y aura aucune suite pour les personnels et les pouvoirs organisateurs par rapport à la rémunération et la mise en disponibilité par défaut d'emploi, de réaffectation et de réemploi;
Art. 10. De bepalingen van dit hoofdstuk hebben uitwerking met ingang van :
  - 1 september 1989 : artikel 4, 4°, artikel 5, 1°, 4°, 5°, tweede liggend streepje, 6°, eerste liggend streepje, 7°, 9° en 10°, eerste liggend streepje en artikel 7;
  - 1 september 1989 : artikel 2, artikel 5, 6°, tweede, derde en vierde liggend streepje, 10°, tweede liggend streepje en 11°, en artikel 6, met de beperking evenwel dat hieruit tijdens de periode van 1 september 1989 tot en met 31 augustus 1997 geen gevolgen kunnen voortvloeien voor de personeelsleden en de inrichtende machten met betrekking tot bezoldiging en terbeschikkingstelling bij gebrek aan ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling;
  - 1 september 1990 : artikel 5, 14°;
  - 1 september 1993 : artikel 3;
  - 1 september 1993 : artikel 5, 8°, met de beperking evenwel dat hieruit tijdens de periode van 1 september 1993 tot en met 31 augustus 1997 geen gevolgen kunnen voortvloeien voor de personeelsleden en de inrichtende machten met betrekking tot bezoldiging en terbeschikkingstelling bij ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling;
  - 1 januari 1995 : artikel 4, 1° en 3°, en artikel 5, 2°, 3° en 5°, eerste liggend streepje;
  - 1 september 1996 : artikel 4, 2° en 5°, en artikel 5, 12° en 13°;
  - 1 januari 1997 : artikel 8;
  - Het artikel 1 heeft uitwerking met ingang van 1 september 1997.
Art. 10. Les dispositions du présent chapitre produisent leurs effets au :
  -1er septembre 1989: l'article 4, 4°, l'article 5, 1°, 4°, 5°, deuxième tiret, 6°, premier tiret, 7°, 9° et 10°, premier tiret et l'article 7;
  -1er septembre 1989: l'article 2, l'article 5, 6°, deuxième, troisième et quatrième tirets, 10°, deuxième tiret et 11°, et l'article 6, avec la restriction que pendant la période du 1er septembre 1989 au 31 août 1997 inclus, il n'y aura aucune suite pour les personnels et les pouvoirs organisateurs par rapport à la rémunération et la mise en disponibilité par défaut d'emploi, de réaffectation et de réemploi;
  -1er septembre 1990: l'article 5, 14°;
  -1er septembre 1993: l'article 3;
  -1er septembre 1993: l'article 5, 8°, avec la restriction que pendant la période du 1er septembre 1993 au 31 août 1997 inclus, il n'y aura aucune suite pour les personnels et les pouvoirs organisateurs par rapport à la rémunération et la mise en disponibilité par défaut d'emploi, de réaffectation et de réemploi;
  -1er janvier 1995: l'article 4, 1° et 3°, et l'article 5, 2°, 3° et 5°, premier tiret;
  -1er septembre 1996: l'article 4, 2° et 5°, et l'article 5, 12° et 13°;
  -1er janvier 1997: l'article 8;
  - L'article 1er produit ses effets le 1er septembre 1997.
HOOFDSTUK II. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 26 september 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de weddeschalen en de bezoldigingsregeling van de leermeesters godsdienst en de godsdienstleraars.
CHAPITRE II. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 septembre 1990 relatif aux titres, aux échelles de traitement et au statut pécuniaire des maîtres de religion et des professeurs de religion.
Art. 11. In artikel 3, § 2 van het besluit van de Vlaamse regering van 26 september 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de weddeschalen en de bezoldigingsregeling van de leermeesters godsdienst en de godsdienstleraars worden tussen de woorden " navorming " en " te volgen " de woorden " of nascholing " ingevoegd.
Art. 11. Dans le texte néerlandais de l'article 3, §2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 septembre 1990 relatif aux titres, aux échelles de traitement et au statut pécuniaire des maîtres de religion et des professeurs de religion, les mots "of nascholing" sont insérés entre les mots "navorming" et "te volgen".
Art. 12. In hetzelfde besluit wordt een artikel 3bis ingevoegd, dat luidt als volgt :
  " Art. 3bis. § 1. Onder bewijs van pedagogische bekwaamheid wordt verstaan :
  - het diploma van geaggregeerde voor het hoger secundair onderwijs, of
  - het diploma van geaggregeerde voor het lager secundair onderwijs, of
  - het diploma van geaggregeerde voor het onderwijs, of
  - het getuigschrift van middelbare technische normaalleergangen, of
  - het getuigschrift van pedagogische bekwaamheid, of
  - het getuigschrift van normaalleergangen, of
  - het getuigschrift van pedagogische leergangen.
  § 2. Voor de houder van het diploma van licentiaat, die tevens houder is van het diploma van GLSO, wordt dit laatste diploma gelijkgesteld met het diploma van GHSO of GVO. ".
Art. 12. Dans le même arrêté, il est inséré un article 3bis, rédigé ainsi qu'il suit:
  " Art. 3bis. §1er . Par titre d'aptitudes pédagogiques, il faut entendre:
  - le diplôme d'agrégé de l'enseignement secondaire supérieur, ou
  - le diplôme d'agrégé de l'enseignement secondaire inférieur, ou
  - le diplôme d'agrégé de l'enseignement, ou
  - le certificat des cours normaux techniques moyens, ou
  - le certificat d'aptitudes pédagogiques, ou
  - le certificat des cours normaux, ou
  - le certificat des cours pédagogiques.
  §2. Pour le titulaire du diplôme de licencié, qui est également titulaire du diplôme AESI, ce dernier diplôme est assimilé au diplôme d'AESS ou AE.".
Art. 13. In artikel 5 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° In het eerste lid worden de woorden " in de bij dit besluit gevoegde bijlagen " geschrapt;
  2° Onder GHSO wordt een tweede liggend streepje toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " - het diploma van geaggregeerde voor het godsdienstonderricht in het hoger secundair onderwijs; "
  3° De volgende bepaling wordt toegevoegd :
  " GVO - het diploma van geaggregeerde voor het onderwijs;
  - het diploma van geaggregeerde voor het onderwijs in de godsdienstwetenschappen; "
  4° De volgende bepaling wordt toegevoegd :
  " ten minste HOLT
  1° de diploma's van arts, tandarts, dierenarts, doctor, ingenieur, apotheker of licentiaat, uitgereikt overeenkomstig de wetgeving op de academische graden alsmede de diploma's van hoger onderwijs van het lange type of de diploma's van een basisopleiding van twee cycli;
  2° de andere diploma's van arts, tandarts, dierenarts, doctor, ingenieur, apotheker of licentiaat, uitgereikt door een Belgische universiteit of een daarmee gelijkgestelde instelling, door een door de wet of door het decreet daartoe gemachtigde instelling of door een door de Staat of de Gemeenschap opgerichte examencommissie, indien de duur van de studie ten minste vier jaar bedraagt, zelfs als een gedeelte van de studiën niet in een van de voormelde onderwijsinstellingen werd volbracht;
  3° het diploma van hoger technisch onderwijs van de derde graad;
  4° a) het diploma van hoger kunstonderwijs van de derde graad met volledig leerplan;
  b) het diploma van voortgezet hoger kunstonderwijs met volledig leerplan;
  c) het diploma van hoger kunstonderwijs met volledig leerplan, uitgereikt na een cyclus van ten minste vijf studiejaren;
  d) het laureaatsattest van het Nationaal Hoger Instituut van Antwerpen, verleend na een cyclus van ten minste vijf studiejaren;
  e) de prijs Lemmens-Tinel, uitgereikt door het Lemmensinstituut te Leuven;
  f) het diploma van meester, uitgereikt overeenkomstig de regelgeving op het hoger onderwijs;
  5° het diploma van de officieren die vóór 1 januari 1965 met vrucht hun studie hebben volbracht aan de Oefenschool bij de Koninklijke Militaire School of aan de polytechnische afdeling van die school;
  6° het diploma van architect, interieurarchitect of van industrieel ingenieur.
  5° Worden onder GLSO twee liggende streepjes toegevoegd, die luiden als volgt :
  " - het diploma van geaggregeerde voor het godsdienstonderricht in het lager secundair onderwijs;
  - het diploma van gegradueerde voor het godsdienstonderricht in het lager secundair onderwijs. ".
Art. 13. Dans l'article 5 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées:
  1° Au premier alinéa, les mots "dans les annexes au présent arrêté" sont supprimés.
  2° Après AESS, il est ajouté un deuxième tiret, rédigé comme suit:
  "- le diplôme d'agrégé de religion de l'enseignement secondaire supérieur;" 3° La disposition suivante est ajoutée:
  "AE - le diplôme d'agrégé de l'enseignement;
  - le diplôme d'agrégé de l'enseignement en sciences religieuses;"
  4° La disposition suivante est ajoutée:
  "au moins ESTL:
  1° les diplômes de médecin, de dentiste, de médecin vétérinaire, de docteur, d'ingénieur, de pharmacien ou de licencié, délivrés conformément à la législation sur les grades académiques ainsi que les diplômes de l'enseignement supérieur de type long ou les diplômes d'une formation initiale de deux cycles;
  2° les autres diplômes de médecin, de dentiste, de médecin vétérinaire, de docteur, d'ingénieur, de pharmacien ou de licencié, délivrés par une université belge ou un établissement assimilé, par un établissement habilité par la loi ou par le décret ou par un jury d'examen institué à cet effet par l'Etat ou la Communauté, si la durée des études comprend quatre années au moins, même si une partie des études n'a pas été parcourue dans les établissements d'enseignement mentionnés;
  3° le diplôme de l'enseignement technique supérieur du troisième degré;
  4° a) le diplôme de l'enseignement supérieur artistique du troisième degré de plein exercice;
  b) le diplôme de l'enseignement supérieur artistique continue de plein exercice;
  c) le diplôme de l'enseignement supérieur artistique de plein exercice, délivré après un cycle d'au moins cinq années d'études;
  d) l'attestation de lauréat du " Nationaal Hoger Instituut " à Anvers, délivrée après un cycle d'au moins cinq années d'études;
  e) le prix Lemmens-Tinel, délivré par le " Lemmensinstituut " à Louvain;
  f) le diplôme de maître, délivré conformément à la législation sur l'enseignement supérieur;
  5° le diplôme des officiers qui, avant le 1 er janvier 1965, ont terminé avec succès leurs études à l'Ecole d'application de l'Ecole royale militaire ou à la section polytechnique de cette Ecole;
  6° le diplôme d'architecte, d'architecte d'intérieur ou d'ingénieur industriel.
  Après AESI, deux tirets sont ajoutés, rédigés comme suit:
  "- le diplôme d'agrégé de religion de l'enseignement secondaire inférieur;
  - le diplôme de gradué de religion de l'enseignement secondaire inférieur.".
Art. 14. In artikel 10, § 1, 2°, tweede lid, van hetzelfde besluit worden tussen de woorden " de vakantieperioden, " en " de militaire dienst " de woorden " de loopbaan-onderbreking, " ingevoegd.
Art. 14. Dans l'article 10, §1er , 2°, deuxième alinéa, du même arrêté les mots "l'interruption de carrière" sont insérés entre les mots "les périodes de vacances scolaires," et "le service militaire".
Art. 15. §1. De bijlagen 1 tot en met 4 van hetzelfde besluit worden met ingang van 1 september 1997 vervangen door de bijlage 2 (bijlagen I tot en met IV), gevoegd bij dit besluit.
  § 2. In de bijlage 2 (bijlagen I tot en met IV) bij dit besluit wordt in de kolom " code d.d. " bedoeld met :
  1. vanaf 1 september 1990;
  2. vanaf 1 september 1990, met de beperking evenwel dat hieruit tijdens de periode 1 september 1990 tot en met 31 augustus 1997 geen gevolgen kunnen voortvloeien voor de personeelsleden en de inrichtende machten met betrekking tot bezoldiging en terbeschikkingstelling bij ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling.
Art. 15. §1er . Les annexes 1 à 4 incluses du même arrêté sont remplacées à partir du 1er septembre 1997 par l'annexe 2 (annexes Ire à IV incluses) au présent arrêté.
  §2. Dans l'annexe 2 (annexes Ire à IV incluses) au présent arrêté, la colonne "code d.d." se réfère aux dates suivantes:
  1. à partir du 1er septembre 1990;
  2. à partir du 1er septembre 1990, avec la restriction que pendant la période du 1er septembre 1990 au 31 août 1997 inclus, il n'y aura aucune suite pour les personnels et les pouvoirs organisateurs par rapport à la rémunération et la mise en disponibilité par défaut d'emploi, de réaffectation et de réemploi.
Art. 16. De bepalingen van dit hoofdstuk hebben uitwerking met ingang van 1 september 1997, met uitzondering van :
  - artikel 13, 1°, dat uitwerking heeft op 1 september 1990;
  - artikel 12 en artikel 13, 2° en 5°, die uitwerking hebben vanaf 1 september 1990, met de beperking evenwel dat hieruit tijdens de periode 1 september 1990 tot en met 31 augustus 1997 geen gevolgen kunnen voortvloeien voor de personeelsleden en de inrichtende machten met betrekking tot bezoldiging en terbeschikkingstelling bij ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling;
  - het artikel 13, 3°, dat uitwerking heeft vanaf 1 september 1993, met de beperking evenwel dat hieruit tijdens de periode 1 september 1993 tot en met 31 augustus 1997 geen gevolgen kunnen voortvloeien voor de personeelsleden en de inrichtende machten met betrekking tot bezoldiging en terbeschikkingstelling bij ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling;
  - artikel 14, dat uitwerking heeft vanaf 1 januari 1997.
Art. 16. Les dispositions du présent chapitre produisent leurs effets au 1er septembre 1997, à l'exception:
  - de l'article 13, 1°, qui produit ses effets au 1er septembre 1990;
  - des articles 12 et 13, 2° et 5° qui produisent leurs effets au 1er septembre 1990, avec la restriction que pendant la période du 1er septembre 1990 au 31 août 1997 inclus, il n'y aura aucune suite pour les personnels et les pouvoirs organisateurs par rapport à la rémunération et la mise en disponibilité par défaut d'emploi, de réaffectation et de réemploi;
  - de l'article 13, 3° qui produit ses effets au 1er septembre 1993, avec la restriction que pendant la période du 1er septembre 1993 au 31 août 1997 inclus, il n'y aura aucune suite pour les personnels et les pouvoirs organisateurs par rapport à la rémunération et la mise en disponibilité par défaut d'emploi, de réaffectation et de réemploi;
  - de l'article 14, qui produit ses effets au 1er janvier 1997.
Art. 17. De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, is belast met de uitvoering van dit besluit.
  Brussel, 4 november 1997.
  De minister-president van de Vlaamse regering,
  L. VAN DEN BRANDE
  De Vlaamse minister van Onderwijs en Ambtenarenzaken,
  L. VAN DEN BOSSCHE
Art. 17. Le Ministre flamand ayant l'enseignement dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
  Bruxelles, le 4 novembre 1997 Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
  L. VAN DEN BRANDE
  Le Ministre flamand de l'Enseignement et de la Fonction publique,
  L. VAN DEN BOSSCHE
BIJLAGEN.
ANNEXES
Art. N1. Bijlage 1. - Bekwaamheidsbewijzen en weddeschalen in het secundair onderwijs.
  (Niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. 09-03-1998, bijvoegsel onder folio's 5 tot 716)
Art. N1. Titres et échelles de traitement dans l'enseignement secondaire. - Titres et échelles de traitements pour le personnel de direction et d'enseignement. - Premier degré.
  (Annexe non reprise en français, voir version néerlandaise dans le supplément au M.B. 09-03-1998, p. 5-716).
Art. N2. Bijlage 2. - Bekwaamheidsbewijzen en weddeschalen van de leermeesters godsdienst en de godsdienstleraars.
  (Niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. 09-03-1998, bijvoegsel onder folio's 717 tot 752)
Art. N2. Titres et échelles de traitements dans l'enseignement secondaire. - Titres et échelles de traitements pour le personnel de direction et d'enseignement. - Deuxième degré.
  Annexe non reprise en français, voir version néerlandaise dans le supplément au M.B. 09-03-1998, p. 716-752).