Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
8 JANUARI 1998. - Besluit van de Waalse Regering tot toekenning aan de erkende diensten voor gezins- en bejaardenhulp van een aanvullende toelage van 5 BEF per uur gepresteerd in 1997 ten gunste van gebruikers die in dunbevolkte gemeenten wonen (VERTALING).
Titre
8 JANVIER 1998. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon portant rĂšglement d'une subvention supplĂ©mentaire de 5 francs, octroyĂ©e aux services agréés d'Aide aux familles et aux personnes ĂągĂ©es, par heure prestĂ©e en 1997, au bĂ©nĂ©fice d'usagers habitant des communes Ă faible densitĂ© de population.
Documentinformatie
Info du document
Tekst (8)
Texte (8)
Artikel 1. De diensten voor gezins- en bejaardenhulp krijgen een aanvullende toelage van 5 BEF per uur gepresteerd in 1997 ten gunste van gebruikers die in dunbevolkte gemeenten wonen.
Article 1. Une subvention supplémentaire de 5 francs est octroyée aux services d'Aide aux familles et aux personnes ùgées, par heure prestée en 1997, au bénéfice d'usagers habitant des communes à faible densité de population.
Art. 2. De in dit besluit bedoelde diensten voor gezins- en bejaardenhulp zijn de diensten die erkend zijn overeenkomstig het besluit van de Franse Gemeenschapsexecutieve van 16 december 1988 tot regeling van de erkenning van de diensten voor gezins- en bejaardenhulp en van de toekenning van toelagen aan deze diensten, gewijzigd met name bij het besluit van de Waalse Regering van 25 april 1996.
Art. 2. Les services d'Aide aux familles et aux personnes ĂągĂ©es, visĂ©s par le prĂ©sent arrĂȘtĂ©, sont les services agréés sur base de l'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif de la CommunautĂ© française du 16 dĂ©cembre 1988 rĂ©glant l'agrĂ©ment des services d'Aide aux familles et aux personnes ĂągĂ©es et l'octroi de subventions Ă ces services, modifiĂ© notamment par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 25 avril 1996.
Art. 3. Dunbevolkte gemeenten zijn gemeenten waarvan de bevolkingsdichtheid niet hoger is dan 120 inwoners per km2.
Art. 3. Les communes à faible densité de population sont les communes dont la population a une densité inférieure ou égale à 120 habitants par kilomÚtre carré.
Art. 4. De bevolkingsdichtheid wordt bepaald op grond van : 1° de oppervlakte van de gemeente, zoals meegedeeld door de Centrale Administratie van het kadaster van het Ministerie van Financiën;
  2° de cijfers van de werkelijke bevolking per gemeente op 1 januari 1997, zoals bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 2 juli 1997 door het Nationaal Instituut voor de Statistiek.
  2° de cijfers van de werkelijke bevolking per gemeente op 1 januari 1997, zoals bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 2 juli 1997 door het Nationaal Instituut voor de Statistiek.
Art. 4. La densité de la population est déterminée grùce : 1° à la superficie des communes, telle que communiquée par l'Administration centrale du Cadastre du MinistÚre des Finances;
  2° aux chiffres de la population de droit par commune, à la date du 1er janvier 1997, tels que publiés au Moniteur belge du 2 juillet 1997 par l'Institut national de Statistique.
  2° aux chiffres de la population de droit par commune, à la date du 1er janvier 1997, tels que publiés au Moniteur belge du 2 juillet 1997 par l'Institut national de Statistique.
Art. 5. De toelagen worden toegekend voor alle in 1997 verleende diensten inzake gezins- en bejaardenhulp waarvan sprake in het besluit van de Franse Gemeenschapsexecutieve van 16 december 1988 tot regeling van de erkenning van de diensten voor gezins- en bejaardenhulp en van de toekenning van toelagen aan deze diensten, met uitzondering van de activiteiten waarvan sprake in de artikelen 14, 15 en 17 van hetzelfde besluit, zoals gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 25 april 1996.
Art. 5. Sont prises en considĂ©ration pour l'octroi de la subvention, toutes les activitĂ©s des aides familiales et seniors effectuĂ©es en 1997 et visĂ©es Ă l'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif de la CommunautĂ© française du 16 dĂ©cembre 1988 rĂ©glant l'agrĂ©ment des services d'Aide aux familles et aux personnes ĂągĂ©es et l'octroi de subventions Ă ces services, Ă l'exception des activitĂ©s visĂ©es aux articles 14, 15 et 17 dudit arrĂȘtĂ©, tel que modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 25 avril 1996.
Art. 6. Het in aanmerking te nemen aantal uren mag per dienst niet hoger zijn dan de beperkingen vastgesteld in het tweede, derde en vierde lid van artikel 9 van het besluit van de Franse Gemeenschapsexecutieve van 16 december 1988 tot regeling van de erkenning van de diensten voor gezins- en bejaardenhulp en van de toekenning van toelagen aan deze diensten, zoals gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 25 april 1996.
Art. 6. Pour chaque service, le nombre d'heures Ă prendre en considĂ©ration ne peut ĂȘtre supĂ©rieur aux limites fixĂ©es aux deuxiĂšme, troisiĂšme et quatriĂšme alinĂ©as de l'article 9 de l'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif de la CommunautĂ© française du 16 dĂ©cembre 1988 rĂ©glant l'agrĂ©ment des services d'Aide aux familles et aux personnes ĂągĂ©es et l'octroi de subventions Ă ces services, tel que modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 25 avril 1996.
Art. 7. De activiteit van gezins- en bejaardenhulp, die gesubsidieerd wordt door het Interdepartementaal Begrotingsfonds ter bevordering van de werkgelegenheid, bedoeld in hoofdstuk II van het koninklijk besluit nr. 25 van 24 maart 1982 tot opzetting van een programma ter bevordering van de werkgelegenheid in de niet-commerciële sector, komt in aanmerking voor de toekenning van de toelage onder de voorwaarden van dit besluit. De in artikel 6 van dit besluit bedoelde beperking is niet van toepassing op die uren.
Art. 7. L'activitĂ© des aides familiales et seniors, subsidiĂ©e par le Fonds budgĂ©taire interdĂ©partemental de Promotion de l'emploi, visĂ© au Chapitre II de l'arrĂȘtĂ© royal n° 25 du 24 mars 1982 crĂ©ant un programme de promotion de l'emploi dans le secteur non-marchand, est prise en considĂ©ration aux conditions du prĂ©sent arrĂȘtĂ© pour l'octroi de la subvention. La limite prĂ©vue Ă l'article 6 du prĂ©sent arrĂȘtĂ© n'est pas applicable Ă ces heures.
Art. 8. De Minister van Sociale Actie is belast met de uitvoering van dit besluit.
  Namen, 8 januari 1998.
  De Minister-President van de Waalse Regering,
  belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en Patrimonium,
  R. COLLIGNON
  De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid,
  W. TAMINIAUX
  Namen, 8 januari 1998.
  De Minister-President van de Waalse Regering,
  belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en Patrimonium,
  R. COLLIGNON
  De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid,
  W. TAMINIAUX
Art. 8. Le Ministre de l'Action sociale est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
  Namur, le 8 janvier 1998.
  Le Ministre-Président du Gouvernement wallon, chargé de l'Economie, du Commerce extérieur, des P.M.E., du Tourisme et du Patrimoine,
  R. COLLIGNON
  Le Ministre de l'Action sociale, du Logement et de la Santé,
  W. TAMINIAUX
  Namur, le 8 janvier 1998.
  Le Ministre-Président du Gouvernement wallon, chargé de l'Economie, du Commerce extérieur, des P.M.E., du Tourisme et du Patrimoine,
  R. COLLIGNON
  Le Ministre de l'Action sociale, du Logement et de la Santé,
  W. TAMINIAUX