Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
8 JULI 1998. - Koninklijk besluit tot vermindering, wat de mijnwerkers en de ermee gelijkgestelden betreft, van sommige werkgeversbijdragen voor sociale zekerheid.
Titre
8 JUILLET 1998. - ArrĂȘtĂ© royal rĂ©duisant, en ce qui concerne les ouvriers mineurs et assimilĂ©s, certaines cotisations patronales de sĂ©curitĂ© sociale.
Documentinformatie
Info du document
Tekst (13)
Texte (13)
Artikel 1. In artikel 1 van het koninklijk besluit van 3 november 1987 tot uitvoering van artikel 5, § 1, van het koninklijk besluit nr. 495 tot invoering van een stelsel van alternerende tewerkstelling en opleiding voor de jongeren tussen 18 en 25 jaar en tot tijdelijke vermindering van de sociale zekerheidsbijdragen van de werkgever verschuldigd in hoofde van deze jongeren, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 23 mei 1990, worden tussen de woorden "zekerheid voor werknemers" en ", zijn niet verschuldigd" de woorden "of bij artikel 2, § 3, 1° tot 5° en 7° en § 3bis van de besluitwet van 10 januari 1945 betreffende de maatschappelijke zekerheid van de mijnwerkers en er mee gelijkgestelden, bij artikel 56, 1° en 2° van de wetten betreffende de schadeloosstelling voor beroepsziekten, gecoördineerd op 3 juni 1970 en bij artikel 59, 1° van de arbeidsongevallenwet van 10 april 1971" ingevoegd.
Article 1. Dans l'article 1er de l'arrĂȘtĂ© royal du 3 novembre 1987 portant exĂ©cution de l'article 5, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© royal n° 495 visant Ă instaurer un systĂšme associant le travail et la formation pour les jeunes de 18 Ă 25 ans et visant une diminution temporaire des cotisations patronales de sĂ©curitĂ© sociale dues dans le chef de ces jeunes, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 23 mai 1990, les mots " ou Ă l'article 2, § 3, 1° Ă 5° et 7° et § 3bis de l'arrĂȘtĂ©-loi du 10 janvier 1945 concernant la sĂ©curitĂ© sociale des ouvriers mineurs et assimilĂ©s, Ă l'article 56, 1° et 2° des lois relatives Ă la rĂ©paration des dommages rĂ©sultant des maladies professionnelles coordonnĂ©es le 3 juin 1970 et Ă l'article 59, 1° de la loi du 10 avril 1971 sur les accidents du travail " sont insĂ©rĂ©s entre les mots " des travailleurs salariĂ©s " et " ne sont pas dues ".
Art. 2. In artikel 2 van het koninklijk besluit van 26 augustus 1993 tot uitvoering van de wet van 23 juli 1993 houdende maatregelen ter bevordering van de tewerkstelling van jongeren in het raam van het jongerenbanenplan, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 10 februari 1994, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het eerste lid wordt aangevuld als volgt :
  "indien de werkgever aangesloten is bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid of tot het einde van de twaalfde maand volgend op deze waarin de indienstneming heeft plaatsgehad indien de werkgever aangesloten is bij het Nationaal pensioenfonds voor mijnwerkers.";
  2° in het tweede lid worden tussen de woorden "heeft plaatsgehad" en ", wordt deze vrijstelling" de woorden "indien de werkgever aangesloten is bij de R.S.Z. of gedurende de dertiende tot en met de vierentwintigste maand volgend op deze waarin de indienstneming heeft plaatsgehad indien de werkgever aangesloten is bij het N.P.M." ingevoegd.
  3° in het derde lid worden tussen de woorden "heeft plaatsgehad" en ", wordt deze vrijstelling" de woorden "indien de werkgever aangesloten is bij de R.S Z. of gedurende de vijfentwintigste tot en met de zesendertigste maand volgend op deze waarin de indienstneming heeft plaatsgehad indien de werkgever aangesloten is bij het N.P.M." ingevoegd.
  4° in het vierde lid, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 10 februari 1994, worden tussen de woorden "van het aantal kwartalen" en "rekening gehouden met" de woorden "indien de werkgever aangesloten is bij de R.S.Z. of van het aantal maanden indien de werkgever aangesloten is bij het N.P.M." ingevoegd.
  1° het eerste lid wordt aangevuld als volgt :
  "indien de werkgever aangesloten is bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid of tot het einde van de twaalfde maand volgend op deze waarin de indienstneming heeft plaatsgehad indien de werkgever aangesloten is bij het Nationaal pensioenfonds voor mijnwerkers.";
  2° in het tweede lid worden tussen de woorden "heeft plaatsgehad" en ", wordt deze vrijstelling" de woorden "indien de werkgever aangesloten is bij de R.S.Z. of gedurende de dertiende tot en met de vierentwintigste maand volgend op deze waarin de indienstneming heeft plaatsgehad indien de werkgever aangesloten is bij het N.P.M." ingevoegd.
  3° in het derde lid worden tussen de woorden "heeft plaatsgehad" en ", wordt deze vrijstelling" de woorden "indien de werkgever aangesloten is bij de R.S Z. of gedurende de vijfentwintigste tot en met de zesendertigste maand volgend op deze waarin de indienstneming heeft plaatsgehad indien de werkgever aangesloten is bij het N.P.M." ingevoegd.
  4° in het vierde lid, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 10 februari 1994, worden tussen de woorden "van het aantal kwartalen" en "rekening gehouden met" de woorden "indien de werkgever aangesloten is bij de R.S.Z. of van het aantal maanden indien de werkgever aangesloten is bij het N.P.M." ingevoegd.
Art. 2. _ Dans l'article 2 de l'arrĂȘtĂ© royal du 26 aoĂ»t 1993 portant exĂ©cution de la loi du 23 juillet 1993 portant des mesures de promotion de l'emploi des jeunes dans le cadre du plan d'embauche des jeunes, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 10 fĂ©vrier 1994, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° l'alinéa 1er est complété comme suit :
  " si l'employeur est affilié à l'Office national de sécurité sociale ou jusqu'à la fin du douziÚme mois suivant celui pendant lequel cet engagement a pris cours si l'employeur est affilié au Fonds national de retraite des ouvriers mineurs " ;
  2° à l'alinéa 2, les mots " si l'employeur est affilié à l'O.N.S.S. ou durant le treiziÚme et jusqu'au vingt-quatriÚme mois inclus, suivant celui pendant lequel l'engagement a pris cours, si l'employeur est affilié au F.N.R.O.M. " sont insérés entre les mots " a pris cours, " et les mots " cette exonération ";
  3° à l'alinéa 3, les mots " si l'employeur est affilié à l'O.N.S.S. ou durant le vingt-cinquiÚme et jusqu'au trente-sixiÚme mois inclus, suivant celui pendant lequel l'engagement a pris cours si l'employeur est affilié au F.N.R.O.M. " sont insérés entre les mots " a pris cours, " et les mots " cette exonération ";
  4° Ă l'alinĂ©a 4, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 10 fĂ©vrier 1994, les mots " si l'employeur est affiliĂ© Ă l'O.N.S.S. ou du nombre de mois si l'employeur est affiliĂ© au F.N.R.O.M. " sont insĂ©rĂ©s entre les mots " du nombre de trimestres " et les mots " , de la date ".
  1° l'alinéa 1er est complété comme suit :
  " si l'employeur est affilié à l'Office national de sécurité sociale ou jusqu'à la fin du douziÚme mois suivant celui pendant lequel cet engagement a pris cours si l'employeur est affilié au Fonds national de retraite des ouvriers mineurs " ;
  2° à l'alinéa 2, les mots " si l'employeur est affilié à l'O.N.S.S. ou durant le treiziÚme et jusqu'au vingt-quatriÚme mois inclus, suivant celui pendant lequel l'engagement a pris cours, si l'employeur est affilié au F.N.R.O.M. " sont insérés entre les mots " a pris cours, " et les mots " cette exonération ";
  3° à l'alinéa 3, les mots " si l'employeur est affilié à l'O.N.S.S. ou durant le vingt-cinquiÚme et jusqu'au trente-sixiÚme mois inclus, suivant celui pendant lequel l'engagement a pris cours si l'employeur est affilié au F.N.R.O.M. " sont insérés entre les mots " a pris cours, " et les mots " cette exonération ";
  4° Ă l'alinĂ©a 4, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 10 fĂ©vrier 1994, les mots " si l'employeur est affiliĂ© Ă l'O.N.S.S. ou du nombre de mois si l'employeur est affiliĂ© au F.N.R.O.M. " sont insĂ©rĂ©s entre les mots " du nombre de trimestres " et les mots " , de la date ".
Art. 3. In artikel 4, tweede lid van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 10 februari 1994, worden tussen de woorden "van het aantal kwartalen" en "bedoeld in artikel 4, § 1, tweede lid," de woorden "indien de werkgever aangesloten is bij de R.S.Z. of van het aantal maanden indien de werkgever aangesloten is bij het N.P.M." ingevoegd.
Art. 3. Dans l'article 4, alinĂ©a 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 10 fĂ©vrier 1994, les mots " , si l'employeur est affiliĂ© Ă l'O.N.S.S. ou du nombre de mois, si l'employeur est affiliĂ© au F.N.R.O.M., " sont insĂ©rĂ©s entre les mots " du nombre de trimestres " et les mots " visĂ© Ă l'article 4, § 1er, alinĂ©a 2, ".
Art. 4. Een artikel 5bis, luidend als volgt, wordt in het koninklijk besluit van 27 augustus 1993 tot uitvoering van de wet van 23 juli 1993 houdende maatregelen ter bevordering van de tewerkstelling van jongeren in het raam van het jongerenbanenplan ingevoegd.
  "Art. 5bis. De werkgever die de voordelen, voorzien in de wet van 23 juli 1993 houdende maatregelen ter bevordering van de tewerkstelling van jongeren in het raam van het jongerenbanenplan, niet heeft kunnen genieten omdat hij bij het Nationaal pensioenfonds voor mijnwerkers aangesloten was, wordt geacht die voorwaarden alsnog te vervullen indien hij bij aangetekend schrijven met uiterlijk 30 september 1998 als postdatum, het bevoegde werkloosheidsbureau van de Rijksdienst voor arbeidsvoorziening in kennis stelt dat hij alsnog de voordelen bedoeld in de voormelde wet van 23 juli 1993 wenst te genieten.
  Bij dit aangetekend schrijven dient, voor zover de werkgever hierover nog beschikt, het attest of de jongerenbanenkaart bedoeld in artikel 5, § 1, behoorlijk ingevuld, te worden gevoegd.".
  "Art. 5bis. De werkgever die de voordelen, voorzien in de wet van 23 juli 1993 houdende maatregelen ter bevordering van de tewerkstelling van jongeren in het raam van het jongerenbanenplan, niet heeft kunnen genieten omdat hij bij het Nationaal pensioenfonds voor mijnwerkers aangesloten was, wordt geacht die voorwaarden alsnog te vervullen indien hij bij aangetekend schrijven met uiterlijk 30 september 1998 als postdatum, het bevoegde werkloosheidsbureau van de Rijksdienst voor arbeidsvoorziening in kennis stelt dat hij alsnog de voordelen bedoeld in de voormelde wet van 23 juli 1993 wenst te genieten.
  Bij dit aangetekend schrijven dient, voor zover de werkgever hierover nog beschikt, het attest of de jongerenbanenkaart bedoeld in artikel 5, § 1, behoorlijk ingevuld, te worden gevoegd.".
Art. 4. Un article 5bis, rĂ©digĂ© comme suit, est insĂ©rĂ© dans l'arrĂȘtĂ© royal du 27 aoĂ»t 1993 portant exĂ©cution de la loi du 23 juillet 1993 portant des mesures de promotion de l'emploi des jeunes dans le cadre du plan d'embauche des jeunes :
  " Art. 5bis. L'employeur qui n'a pu bénéficier des avantages, visés à la loi du 23 juillet 1993 portant des mesures de promotion de l'emploi des jeunes dans le cadre du plan d'embauche des jeunes parce qu'il était affilié au Fonds national de retraite des ouvriers mineurs, est considéré comme répondant encore à ces conditions s'il communique au bureau de chÎmage compétent de l'Office national de l'emploi, par lettre recommandée, au plus tard le 30 septembre 1998, date du cachet de la poste, qu'il désire encore bénéficier des avantages visés à la loi du 23 juillet 1993.
  Il convient de joindre Ă cet envoi recommandĂ©, dans le cas oĂč l'employeur est encore en sa possession, l'attestation ou la carte d'embauche des jeunes visĂ©e Ă l'article 5, § 1er, dĂ»ment complĂ©tĂ©e. ".
  " Art. 5bis. L'employeur qui n'a pu bénéficier des avantages, visés à la loi du 23 juillet 1993 portant des mesures de promotion de l'emploi des jeunes dans le cadre du plan d'embauche des jeunes parce qu'il était affilié au Fonds national de retraite des ouvriers mineurs, est considéré comme répondant encore à ces conditions s'il communique au bureau de chÎmage compétent de l'Office national de l'emploi, par lettre recommandée, au plus tard le 30 septembre 1998, date du cachet de la poste, qu'il désire encore bénéficier des avantages visés à la loi du 23 juillet 1993.
  Il convient de joindre Ă cet envoi recommandĂ©, dans le cas oĂč l'employeur est encore en sa possession, l'attestation ou la carte d'embauche des jeunes visĂ©e Ă l'article 5, § 1er, dĂ»ment complĂ©tĂ©e. ".
Art. 5. In artikel 1 van het koninklijk besluit van 31 maart 1994 tot uitvoering van artikel 47, § 2, van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van 's lands concurrentievermogen en tot wijziging van het artikel 36 van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° tussen de woorden "het ganse kwartaal" en "beschouwen als deeltijdse werknemers" worden de woorden "indien de werkgever aangesloten is bij de R.S.Z of gedurende de ganse maand indien de werkgever aangesloten is bij het N.P.M." ingevoegd;
  2° de woorden "bij artikel 47, § 1," worden vervangen door de woorden "bij de artikelen 47, § 1 en 47bis, § 1,".
  1° tussen de woorden "het ganse kwartaal" en "beschouwen als deeltijdse werknemers" worden de woorden "indien de werkgever aangesloten is bij de R.S.Z of gedurende de ganse maand indien de werkgever aangesloten is bij het N.P.M." ingevoegd;
  2° de woorden "bij artikel 47, § 1," worden vervangen door de woorden "bij de artikelen 47, § 1 en 47bis, § 1,".
Art. 5. Dans l'article 1er de l'arrĂȘtĂ© royal du 31 mars 1994 pris en exĂ©cution de l'article 47, § 2, de l'arrĂȘtĂ© royal du 24 dĂ©cembre 1993 portant exĂ©cution de la loi du 6 janvier 1989 de sauvegarde de la compĂ©titivitĂ© du pays et modifiant l'article 36 de l'arrĂȘtĂ© royal du 28 novembre 1969 pris en exĂ©cution de la loi du 27 juin 1969 rĂ©visant l'arrĂȘtĂ©-loi du 28 dĂ©cembre 1944 concernant la sĂ©curitĂ© sociale des travailleurs, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° les mots " si l'employeur est affilié à l'Office national de sécurité sociale ou durant la totalité du mois si l'employeur est affilié au Fonds national de retraite des ouvriers mineurs " sont insérés entre les mots " durant la totalité du trimestre " et les mots " comme étant des travailleurs ";
  2° les mots " par l'article 47, § 1er, " sont remplacés par les mots " aux articles 47, § 1er et 47bis, § 1er, ".
  1° les mots " si l'employeur est affilié à l'Office national de sécurité sociale ou durant la totalité du mois si l'employeur est affilié au Fonds national de retraite des ouvriers mineurs " sont insérés entre les mots " durant la totalité du trimestre " et les mots " comme étant des travailleurs ";
  2° les mots " par l'article 47, § 1er, " sont remplacés par les mots " aux articles 47, § 1er et 47bis, § 1er, ".
Art. 6. In artikel 2 van hetzelfde besluit, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° tussen de woorden "in de loop van een voltijds en gedeeltelijk deeltijds" worden de woorden "indien zij aangesloten zijn bij de R.S.Z. of in de loop van een maand indien zij aangesloten zijn bij het N.P.M." ingevoegd;
  2° tussen de woorden "gedurende ganse kwartaal" en "beschouwen als deeltijdse werknemers" worden de woorden "indien zij aangesloten zijn bij de R.S.Z. of gedurende de ganse maand indien zij aangesloten zijn bij het N.P.M." ingevoegd;
  3° de woorden "bij artikel 47, § 1," worden vervangen door de woorden "bij de artikelen 47, § 1 en 47bis, § 1,".
  1° tussen de woorden "in de loop van een voltijds en gedeeltelijk deeltijds" worden de woorden "indien zij aangesloten zijn bij de R.S.Z. of in de loop van een maand indien zij aangesloten zijn bij het N.P.M." ingevoegd;
  2° tussen de woorden "gedurende ganse kwartaal" en "beschouwen als deeltijdse werknemers" worden de woorden "indien zij aangesloten zijn bij de R.S.Z. of gedurende de ganse maand indien zij aangesloten zijn bij het N.P.M." ingevoegd;
  3° de woorden "bij artikel 47, § 1," worden vervangen door de woorden "bij de artikelen 47, § 1 en 47bis, § 1,".
Art. 6. Dans l'article 2 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° les mots " s'ils sont affiliés à l'O.N.S.S. ou au cours du mois s'ils sont affiliés au F.N.R.O.M. " sont insérés entre les mots " au cours d'un trimestre " et les mots " , des travailleurs ";
  2° les mots " s'ils sont affiliés à l'O.N.S.S. ou durant la totalité du mois si ils sont affiliés au F.N.R.O.M. " sont insérés entre les mots " la totalité du trimestre " et les mots " comme étant des travailleurs ";
  3° les mots " par l'article 47, § 1er, " sont remplacés par les mots " aux articles 47, § 1er et 47bis, § 1er, ".
  1° les mots " s'ils sont affiliés à l'O.N.S.S. ou au cours du mois s'ils sont affiliés au F.N.R.O.M. " sont insérés entre les mots " au cours d'un trimestre " et les mots " , des travailleurs ";
  2° les mots " s'ils sont affiliés à l'O.N.S.S. ou durant la totalité du mois si ils sont affiliés au F.N.R.O.M. " sont insérés entre les mots " la totalité du trimestre " et les mots " comme étant des travailleurs ";
  3° les mots " par l'article 47, § 1er, " sont remplacés par les mots " aux articles 47, § 1er et 47bis, § 1er, ".
Art. 7. In artikel 3 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 16 februari 1996, worden de woorden "het driemaandelijks aangegeven loon valt, zoals bedoeld in artikel 47, § 1," vervangen door de woorden "het driemaandelijks of maandelijks aangegeven loon valt, naargelang het stelsel waaraan de werkgever onderworpen is, zoals bedoeld in de artikelen 47, § 1 en 47bis, § 1,".
Art. 7. Dans l'article 3 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 16 fĂ©vrier 1996, les mots " dĂ©clarĂ©e trimestriellement dont question Ă l'article 47, § 1er " sont remplacĂ©s par les mots " dĂ©clarĂ©e trimestriellement ou mensuellement, selon le rĂ©gime auquel l'employeur est assujetti, dont question aux articles 47, § 1er et 47bis, § 1er ".
Art. 8. In artikel 4 van hetzelfde besluit, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° tussen de woorden "de loop van het kwartaal" en "voltijds en gemiddeld", worden de woorden "of in de loop van de maand naargelang het stelsel waaraan de werkgever onderworpen is" ingevoegd;
  2° tussen de woorden "het ganse kwartaal" en "beschouwen als deeltijdse", worden de woorden "of de ganse maand" ingevoegd;
  3° de woorden "in artikel 47, § 1," worden vervangen door de woorden "bij de artikelen 47, § 1 en 47bis, § 1".
  1° tussen de woorden "de loop van het kwartaal" en "voltijds en gemiddeld", worden de woorden "of in de loop van de maand naargelang het stelsel waaraan de werkgever onderworpen is" ingevoegd;
  2° tussen de woorden "het ganse kwartaal" en "beschouwen als deeltijdse", worden de woorden "of de ganse maand" ingevoegd;
  3° de woorden "in artikel 47, § 1," worden vervangen door de woorden "bij de artikelen 47, § 1 en 47bis, § 1".
Art. 8. Dans l'article 4 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° les mots " ou au cours d'un mois selon le régime auquel l'employeur est assujetti " sont insérés entre les mots " au cours d'un trimestre " et les mots " , ces travailleurs doivent ";
  2° les mots " ou du mois " sont insérés entre les mots " la totalité du trimestre " et les mots " comme étant des travailleurs ";
  3° les mots " par l'article 47, § 1er, " sont remplacés par les mots " par les articles 47, § 1er et 47bis, § 1er, ".
  1° les mots " ou au cours d'un mois selon le régime auquel l'employeur est assujetti " sont insérés entre les mots " au cours d'un trimestre " et les mots " , ces travailleurs doivent ";
  2° les mots " ou du mois " sont insérés entre les mots " la totalité du trimestre " et les mots " comme étant des travailleurs ";
  3° les mots " par l'article 47, § 1er, " sont remplacés par les mots " par les articles 47, § 1er et 47bis, § 1er, ".
Art. 9. In artikel 1 van het koninklijk besluit van 31 maart 1994 tot uitvoering van artikel 51, tweede lid, van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van 's lands concurrentievermogen worden tussen de woorden "voornoemde wet van 29 juni 1981" en ", na toepassing van" de woorden "of bij artikel 2, §§ 3, 1° tot 5° en 7° en 3bis van de besluitwet van 10 januari 1945 betreffende de maatschappelijke zekerheid van de mijnwerkers en er mee gelijkgestelden, bij artikel 56, 1° en 2° van de wetten betreffende de schadeloosstelling voor beroepsziekten, gecoördineerd op 3 juni 1970 en bij artikel 59, 1° van de arbeidsongevallenwet van 10 april 1971" ingevoegd.
Art. 9. Dans l'article 1er de l'arrĂȘtĂ© royal du 31 mars 1994 pris en exĂ©cution de l'article 51, alinĂ©a 2, de l'arrĂȘtĂ© royal du 24 dĂ©cembre 1993 portant exĂ©cution de la loi du 6 janvier 1989 de sauvegarde de la compĂ©titivitĂ© du pays, les mots " ou Ă l'article 2, §§ 3, 1° Ă 5° et 7° et 3bis de l'arrĂȘtĂ©-loi du 10 janvier 1945 concernant la sĂ©curitĂ© sociale des ouvriers mineurs et assimilĂ©s, Ă l'article 56, 1° et 2° des lois relatives Ă la rĂ©paration des dommages rĂ©sultant des maladies professionnelles coordonnĂ©es le 3 juin 1970 et Ă l'article 59, 1° de la loi du 10 avril 1971 sur les accidents du travail " sont insĂ©rĂ©s entre les mots " prĂ©citĂ©e du 29 juin 1981 " et les mots " dues pour la totalitĂ© du personnel ".
Art. 10. Artikel 1, enig lid, 3° van het koninklijk besluit van 20 april 1994 tot bepaling van de modaliteiten inzake het sluiten van collectieve arbeidsovereenkomsten en toetredingsakten die recht geven tot het voordeel bedoeld in artikel 36 van het koninklijk besluit van 24 december 1993 tot uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van 's lands concurrentievermogen, alsmede de procedure van de werknemersraadpleging in geval van het opstellen van een bedrijfsplan tot herverdeling van de arbeid, wordt aangevuld als volgt :
  "of bij het Nationaal pensioenfonds voor mijnwerkers".
  "of bij het Nationaal pensioenfonds voor mijnwerkers".
Art. 10. L'article 1er, alinĂ©a unique, 3° de l'arrĂȘtĂ© royal du 20 avril 1994 dĂ©terminant les modalitĂ©s relatives Ă la conclusion de conventions collectives de travail et d'actes d'adhĂ©sion ouvrant le droit Ă l'avantage visĂ© Ă l'article 36 de l'arrĂȘtĂ© royal du 24 dĂ©cembre 1993 portant exĂ©cution de la loi du 6 janvier 1989 de sauvegarde de la compĂ©titivitĂ© du pays ainsi que la procĂ©dure de consultation des travailleurs en cas d'Ă©tablissement d'un plan d'entreprise de redistribution du travail, est complĂ©tĂ© comme suit :
  " ou au Fonds national de retraite des ouvriers mineurs ".
  " ou au Fonds national de retraite des ouvriers mineurs ".
Art. 11. Een artikel 2bis, luidend als volgt, wordt in het koninklijk besluit van 23 december 1994 tot uitvoering van Hoofdstuk II van Titel IV van de wet van 21 december 1994 houdende sociale bepalingen ingevoegd :
  "Art. 2bis. De werkgever die de voordelen bedoeld in het Hoofdstuk II van Titel IV van de wet van 21 december 1994 houdende sociale bepalingen, niet heeft kunnen genieten omdat hij bij het Nationaal pensioenfonds voor mijnwerkers aangesloten was, wordt geacht die voorwaarden alsnog te vervullen indien hij bij aangetekend schrijven met uiterlijk 30 september 1998 als postdatum, het bevoegde werkloosheidsbureau van de Rijksdienst voor arbeidsvoorziening in kennis stelt dat hij alsnog de voordelen bedoeld in de voormelde wet van 21 december 1994 wenst te genieten.
  Bij dit aangetekend schrijven dient, voor zover de werkgever hierover nog beschikt, de banenkaart bedoeld in artikel 1, behoorlijk ingevuld, te worden gevoegd.".
  "Art. 2bis. De werkgever die de voordelen bedoeld in het Hoofdstuk II van Titel IV van de wet van 21 december 1994 houdende sociale bepalingen, niet heeft kunnen genieten omdat hij bij het Nationaal pensioenfonds voor mijnwerkers aangesloten was, wordt geacht die voorwaarden alsnog te vervullen indien hij bij aangetekend schrijven met uiterlijk 30 september 1998 als postdatum, het bevoegde werkloosheidsbureau van de Rijksdienst voor arbeidsvoorziening in kennis stelt dat hij alsnog de voordelen bedoeld in de voormelde wet van 21 december 1994 wenst te genieten.
  Bij dit aangetekend schrijven dient, voor zover de werkgever hierover nog beschikt, de banenkaart bedoeld in artikel 1, behoorlijk ingevuld, te worden gevoegd.".
Art. 11. Un article 2bis rĂ©digĂ© comme suit, est insĂ©rĂ© dans l'arrĂȘtĂ© royal du 23 dĂ©cembre 1994 portant exĂ©cution du chapitre II du titre IV de la loi du 21 dĂ©cembre 1994 portant des dispositions sociales :
  " Art. 2bis. L'employeur qui n'a pu bénéficier des avantages visés au chapitre II du titre IV de la loi du 21 décembre 1994 portant des dispositions sociales parce qu'il était affilié au Fonds national de retraite des ouvriers mineurs, est considéré comme répondant encore à ces conditions s'il communique au bureau de chÎmage compétent de l'Office national de l'emploi, par lettre recommandée, au plus tard le 30 septembre 1998, date du cachet de la poste, qu'il désire encore bénéficier des avantages visés à la loi du 21 décembre 1994.
  Il convient de joindre Ă cet envoi recommandĂ©, dans le cas oĂč l'employeur est encore en sa possession, la carte d'embauche visĂ©e Ă l'article 1er, dĂ»ment complĂ©tĂ©e. ".
  " Art. 2bis. L'employeur qui n'a pu bénéficier des avantages visés au chapitre II du titre IV de la loi du 21 décembre 1994 portant des dispositions sociales parce qu'il était affilié au Fonds national de retraite des ouvriers mineurs, est considéré comme répondant encore à ces conditions s'il communique au bureau de chÎmage compétent de l'Office national de l'emploi, par lettre recommandée, au plus tard le 30 septembre 1998, date du cachet de la poste, qu'il désire encore bénéficier des avantages visés à la loi du 21 décembre 1994.
  Il convient de joindre Ă cet envoi recommandĂ©, dans le cas oĂč l'employeur est encore en sa possession, la carte d'embauche visĂ©e Ă l'article 1er, dĂ»ment complĂ©tĂ©e. ".
Art. 12. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 april 1994, met uitzondering van de artikelen 2 tot 4 die uitwerking hebben met ingang van 1 augustus 1993, van het artikel 10 dat uitwerking heeft met ingang van 30 april 1994 en van het artikel 11 dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 1995.
Art. 12. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© produit ses effets le 1er avril 1994, Ă l'exception des articles 2 Ă 4 qui produisent leurs effets le 1er aoĂ»t 1993, de l'article 10 qui produit ses effets le 30 avril 1994 et de l'article 11 qui produit ses effets le 1er janvier 1995.
Art. 13. Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid en Onze Minister van Sociale Zaken zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
  Gegeven te Brussel, 8 juli 1998.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Tewerkstelling en Arbeid,
  Mevr. M. SMET
  De Minister van Sociale Zaken,
  Mevr. M. DE GALAN
  Gegeven te Brussel, 8 juli 1998.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Tewerkstelling en Arbeid,
  Mevr. M. SMET
  De Minister van Sociale Zaken,
  Mevr. M. DE GALAN
Art. 13. Notre Ministre de l'Emploi et du Travail et Notre Ministre des Affaires sociales sont chargĂ©s, chacun en ce qui le concerne, de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
  Donné à Bruxelles, le 8 juillet 1998.
  ALBERT
  Par le Roi :
  La Ministre de l'Emploi et du Travail,
  Mme M. SMET
  La Ministre des Affaires sociales,
  Mme M. DE GALAN
  Donné à Bruxelles, le 8 juillet 1998.
  ALBERT
  Par le Roi :
  La Ministre de l'Emploi et du Travail,
  Mme M. SMET
  La Ministre des Affaires sociales,
  Mme M. DE GALAN