Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
17 JULI 1997. - Omzendbrief betreffende de structuur van het kandidatuurdossier met het oog op het verkrijgen van een vergunning voor het opzetten en exploiteren van een semafoonnet in België volgens de ERMES-norm.
Titre
17 JUILLET 1997. - Circulaire portant sur la structure du dossier de candidature en vue de l'obtention d'une autorisation d'établir et d'exploiter un réseau de radiomessagerie en Belgique selon la norme ERMES.
Documentinformatie
Numac: 1997801958
Datum: 1997-07-17
Info du document
Numac: 1997801958
Date: 1997-07-17
Tekst (9)
Texte (9)
Artikel M. (Om technische redenen wordt deze tekst onderverdeeld in fictieve artikelen : M1-M7).
Article M. (Pour des raisons techniques, cette circulaire a été subdivisée en articles fictifs : M1 - M7).
Art. M1. 0. Algemene beschouwingen.
0.1. Formaat en voorstelling van het kandidatuurdossier.
Het kandidatuurdossier telt niet meer dan 200 bladzijden in A4-formaat, jaarverslagen en informatiebrochures niet meegerekend.
Het kandidatuurdossier moet noodzakelijk nauwgezet de structuur volgen die in deze omzendbrief beschreven staat, met name wat betreft de onderverdeling van het document in hoofdstukken (A), afdelingen (A,B), paragrafen (A,B,C) en subparagrafen (A,B,C,D) : alle eventuele afwijkingen van deze structuur moet de kandidaat volledig motiveren.
De aandacht van de kandidaten wordt gevestigd op het feit dat het ontbreken van voorstellen van een kandidaat voor een van de onderwerpen die in deze omzendbrief worden aangekaart, en meer in het bijzonder het niet-verstrekken van een van de gevraagde prognosetabellen, een motief kan vormen voor diskwalificatie krachtens artikel 19, § 2 van het koninklijk besluit.
0.2. Taal.
Overeenkomstig de van toepassing zijnde wetgeving ter zake, moeten de kandidatuurdossiers opgesteld worden in de Franse of Nederlandse taal.
Teneinde de analyse van de kandidatuurdossiers door het BIPT. met de hulp van een externe consulent te vergemakkelijken, wordt de kandidaten gevraagd een vertaling in de Engelse taal van hun dossier bij te voegen.
0.3. Vertrouwelijkheid.
Vooraan in hun kandidatuurdossier vermelden de kandidaten duidelijk de delen die als vertrouwelijk moeten worden beschouwd.
0.4. Allerlei.
Indien een kandidaat relevante stukken informatie wil verstrekken die niet overeenstemmen met een van de hieronder aangegeven rubrieken, mag hij die opnemen in een deel acht van zijn dossier met de titel "Allerlei".
0.5. Einddata.
Voor alle vooruitzichten die van de kandidaat worden gevraagd, met name wat zijn ondernemingsplan betreft, wordt onder de einddatum 31 december van het lopende jaar verstaan : de kandidaat moet ervan uitgaan dat zijn eventuele vergunning op 1 januari 1998 zal zijn toegekend.
0.6. Te verstrekken tabellen.
Alle gevraagde prognoses moeten de gehele aanvangsduur dekken van de tienjarige vergunning.
De verschillende tabellen die in deze omzendbrief worden gevraagd moeten verplicht als volgt worden voorgesteld :
- een kolom voor elk van de tien jaren in de prognose;
- een regel voor elk van de gevraagde elementen van de prognose.
Elke tabel mag uiteraard vergezeld zijn van uitleg die voor de interpretatie nodig wordt geacht.
0.7. Geldbedragen.
Alle in het kandidatuurdossier vermelde geldbedragen (tarieven, ondernemingsplan, enz) moeten in courante Belgische franken worden uitgedrukt, exclusief BTW.
0.1. Formaat en voorstelling van het kandidatuurdossier.
Het kandidatuurdossier telt niet meer dan 200 bladzijden in A4-formaat, jaarverslagen en informatiebrochures niet meegerekend.
Het kandidatuurdossier moet noodzakelijk nauwgezet de structuur volgen die in deze omzendbrief beschreven staat, met name wat betreft de onderverdeling van het document in hoofdstukken (A), afdelingen (A,B), paragrafen (A,B,C) en subparagrafen (A,B,C,D) : alle eventuele afwijkingen van deze structuur moet de kandidaat volledig motiveren.
De aandacht van de kandidaten wordt gevestigd op het feit dat het ontbreken van voorstellen van een kandidaat voor een van de onderwerpen die in deze omzendbrief worden aangekaart, en meer in het bijzonder het niet-verstrekken van een van de gevraagde prognosetabellen, een motief kan vormen voor diskwalificatie krachtens artikel 19, § 2 van het koninklijk besluit.
0.2. Taal.
Overeenkomstig de van toepassing zijnde wetgeving ter zake, moeten de kandidatuurdossiers opgesteld worden in de Franse of Nederlandse taal.
Teneinde de analyse van de kandidatuurdossiers door het BIPT. met de hulp van een externe consulent te vergemakkelijken, wordt de kandidaten gevraagd een vertaling in de Engelse taal van hun dossier bij te voegen.
0.3. Vertrouwelijkheid.
Vooraan in hun kandidatuurdossier vermelden de kandidaten duidelijk de delen die als vertrouwelijk moeten worden beschouwd.
0.4. Allerlei.
Indien een kandidaat relevante stukken informatie wil verstrekken die niet overeenstemmen met een van de hieronder aangegeven rubrieken, mag hij die opnemen in een deel acht van zijn dossier met de titel "Allerlei".
0.5. Einddata.
Voor alle vooruitzichten die van de kandidaat worden gevraagd, met name wat zijn ondernemingsplan betreft, wordt onder de einddatum 31 december van het lopende jaar verstaan : de kandidaat moet ervan uitgaan dat zijn eventuele vergunning op 1 januari 1998 zal zijn toegekend.
0.6. Te verstrekken tabellen.
Alle gevraagde prognoses moeten de gehele aanvangsduur dekken van de tienjarige vergunning.
De verschillende tabellen die in deze omzendbrief worden gevraagd moeten verplicht als volgt worden voorgesteld :
- een kolom voor elk van de tien jaren in de prognose;
- een regel voor elk van de gevraagde elementen van de prognose.
Elke tabel mag uiteraard vergezeld zijn van uitleg die voor de interpretatie nodig wordt geacht.
0.7. Geldbedragen.
Alle in het kandidatuurdossier vermelde geldbedragen (tarieven, ondernemingsplan, enz) moeten in courante Belgische franken worden uitgedrukt, exclusief BTW.
Art. M1. 0. Considérations générales.
0.1. Format et présentation du dossier de candidature.
Le dossier de candidature n'excède pas 200 pages en format A4, à l'exclusion des rapports annuels et des brochures informatives.
Le dossier de candidature doit impérativement suivre scrupuleusement la structure décrite dans la présente circulaire en ce qui concerne notamment la subdivision du document en chapitres (A), sections (A, B), paragraphes (A, B, C) et sous-paragraphes (A, B, C, D) : toute déviation éventuelle par rapport à cette structure doit être pleinement motivée par le candidat.
L'attention des candidats est attirée sur le fait que l'absence de propositions d'un candidat pour un des sujets abordés dans la présente circulaire, et plus particulièrement la non-fourniture d'un des tableaux prévisionnels demandés, peut constituer un motif de disqualification aux termes de l'article 19, § 2 de l'arrêté royal.
0.2. Langue.
Conformément à la législation applicable en la matière, les dossiers de candidature doivent être rédigés en langue française et/ou néerlandaise.
En vue de faciliter l'analyse des dossiers de candidature par l'IBPT. avec l'aide d'un consultant externe, les candidats sont instamment priés de joindre une traduction de leur dossier en langue anglaise.
0.3. Confidentialité.
Les candidats indiquent clairement, au début de leur dossier de candidature, les parties de celui-ci qui doivent être considérées comme confidentielles.
0.4. Divers.
Si un candidat souhaite fournir des éléments d'information pertinents qui ne correspondent à aucune des rubriques indiquées ci-dessous, il est libre de les inclure dans une huitième partie de son dossier qui sera intitulée " Divers ".
0.5. Echéances.
Pour toutes les prévisions demandées au candidat, notamment en ce qui concerne son plan d'entreprise, les échéances s'entendent au 31 décembre de l'année en cours : le candidat supposera que son éventuelle autorisation aura été octroyée le 1er janvier 1998.
0.6. Tableaux à fournir.
Toutes les prévisions demandées doivent couvrir l'entièreté de la durée initiale de la licence de dix années.
Les différents tableaux demandés dans la présente circulaire doivent obligatoirement être présentés comme suit :
- une colonne pour chacune des dix années de prévision;
- une ligne pour chacun des éléments prévisionnels demandés.
Chaque tableau peut évidemment être accompagné des explications jugées nécessaires à son interprétation.
0.7. Montants financiers.
Tous les montants financiers indiqués dans le dossier de candidature (tarifs, plan d'entreprise, etc.) doivent être exprimés en francs belges courants, hors TVA..
0.1. Format et présentation du dossier de candidature.
Le dossier de candidature n'excède pas 200 pages en format A4, à l'exclusion des rapports annuels et des brochures informatives.
Le dossier de candidature doit impérativement suivre scrupuleusement la structure décrite dans la présente circulaire en ce qui concerne notamment la subdivision du document en chapitres (A), sections (A, B), paragraphes (A, B, C) et sous-paragraphes (A, B, C, D) : toute déviation éventuelle par rapport à cette structure doit être pleinement motivée par le candidat.
L'attention des candidats est attirée sur le fait que l'absence de propositions d'un candidat pour un des sujets abordés dans la présente circulaire, et plus particulièrement la non-fourniture d'un des tableaux prévisionnels demandés, peut constituer un motif de disqualification aux termes de l'article 19, § 2 de l'arrêté royal.
0.2. Langue.
Conformément à la législation applicable en la matière, les dossiers de candidature doivent être rédigés en langue française et/ou néerlandaise.
En vue de faciliter l'analyse des dossiers de candidature par l'IBPT. avec l'aide d'un consultant externe, les candidats sont instamment priés de joindre une traduction de leur dossier en langue anglaise.
0.3. Confidentialité.
Les candidats indiquent clairement, au début de leur dossier de candidature, les parties de celui-ci qui doivent être considérées comme confidentielles.
0.4. Divers.
Si un candidat souhaite fournir des éléments d'information pertinents qui ne correspondent à aucune des rubriques indiquées ci-dessous, il est libre de les inclure dans une huitième partie de son dossier qui sera intitulée " Divers ".
0.5. Echéances.
Pour toutes les prévisions demandées au candidat, notamment en ce qui concerne son plan d'entreprise, les échéances s'entendent au 31 décembre de l'année en cours : le candidat supposera que son éventuelle autorisation aura été octroyée le 1er janvier 1998.
0.6. Tableaux à fournir.
Toutes les prévisions demandées doivent couvrir l'entièreté de la durée initiale de la licence de dix années.
Les différents tableaux demandés dans la présente circulaire doivent obligatoirement être présentés comme suit :
- une colonne pour chacune des dix années de prévision;
- une ligne pour chacun des éléments prévisionnels demandés.
Chaque tableau peut évidemment être accompagné des explications jugées nécessaires à son interprétation.
0.7. Montants financiers.
Tous les montants financiers indiqués dans le dossier de candidature (tarifs, plan d'entreprise, etc.) doivent être exprimés en francs belges courants, hors TVA..
Art. M2. 1. Samenvatting.
De samenvatting van het kandidatuurdossier mag niet meer bedragen dan twintig bladzijden in A4-formaat. Die samenvatting moet ten minste de volgende onderwerpen dekken :
1.1. de ontwikkeling van de Belgische semafoonmarkt en het aandeel dat de kandidaat van plan is daarvan in te nemen;
1.2. de financiële aspecten, in het bijzonder met betrekking tot de nodige investeringen, alsook de financiering en verhoopte rendabiliteit van het project;
1.3. de configuratie en de prestaties van het netwerk, met name wat de ontplooiing betreft;
1.4. de beoogde handelsstrategie, meer in het bijzonder wat betreft de tarieven die zullen worden voorgesteld;
1.5. eventuele commentaar op de inhoud van de toekomstige vergunning.
Bovendien bevat de samenvatting de volgende stukken :
1.6. de vermelding van de naam van de kandidaat en van de personen namens wie hij optreedt, alsook het volledige postadres en de telecommunicatienummers (telefoon en telefaxnummer) van het contactpunt waaraan het Instituut zich kan richten om bijkomende informatie en verduidelijking te krijgen;
1.7. voor het exemplaar van het kandidatuurdossier dat als origineel is aangewezen, een blad dat medeondertekend is door alle personen namens wie de kandidaat optreedt, overeenkomstig artikel 24, § 2 van het koninklijk besluit;
1.8. het bewijs van betaling van het recht dat in artikel 22, § 1 van het koninklijk besluit is vastgelegd.
De samenvatting van het kandidatuurdossier mag niet meer bedragen dan twintig bladzijden in A4-formaat. Die samenvatting moet ten minste de volgende onderwerpen dekken :
1.1. de ontwikkeling van de Belgische semafoonmarkt en het aandeel dat de kandidaat van plan is daarvan in te nemen;
1.2. de financiële aspecten, in het bijzonder met betrekking tot de nodige investeringen, alsook de financiering en verhoopte rendabiliteit van het project;
1.3. de configuratie en de prestaties van het netwerk, met name wat de ontplooiing betreft;
1.4. de beoogde handelsstrategie, meer in het bijzonder wat betreft de tarieven die zullen worden voorgesteld;
1.5. eventuele commentaar op de inhoud van de toekomstige vergunning.
Bovendien bevat de samenvatting de volgende stukken :
1.6. de vermelding van de naam van de kandidaat en van de personen namens wie hij optreedt, alsook het volledige postadres en de telecommunicatienummers (telefoon en telefaxnummer) van het contactpunt waaraan het Instituut zich kan richten om bijkomende informatie en verduidelijking te krijgen;
1.7. voor het exemplaar van het kandidatuurdossier dat als origineel is aangewezen, een blad dat medeondertekend is door alle personen namens wie de kandidaat optreedt, overeenkomstig artikel 24, § 2 van het koninklijk besluit;
1.8. het bewijs van betaling van het recht dat in artikel 22, § 1 van het koninklijk besluit is vastgelegd.
Art. M2. 1. Résumé.
Le résumé du dossier de candidature ne peut dépasser vingt pages au format A4. Ce résumé couvre au moins les sujets suivants :
1.1. l'évolution du marché belge de la radiomessagerie et la part que le candidat compte y conquérir;
1.2. les aspects financiers concernant en particulier les investissements nécessaires, ainsi que le financement et la rentabilité espérée du projet;
1.3. la configuration et les performances du réseau, en ce qui concerne notamment son déploiement;
1.4. la stratégie commerciale envisagée, plus particulièrement en ce qui concerne les tarifs qui seront proposés;
1.5. des commentaires éventuels sur le contenu de la future autorisation.
De plus, le résumé comporte les pièces suivantes :
1.6. l'indication du nom du candidat et des personnes au nom desquelles il agit ainsi que l'adresse postale complète et les numéros de télécommunications (téléphone et téléfax) du point de contact auquel l'Institut peut s'adresser pour obtenir des informations et éclaircissements supplémentaires;
1.7. dans le cas de l'exemplaire du dossier de candidature désigné comme exemplaire original, une feuille contresignée par toutes les personnes au nom desquelles agit le candidat, conformément à l'article 24, § 2 de l'arrêté royal;
1.8. la preuve du paiement de la redevance prévue à l'article 22, § 1er de l'arrêté royal.
Le résumé du dossier de candidature ne peut dépasser vingt pages au format A4. Ce résumé couvre au moins les sujets suivants :
1.1. l'évolution du marché belge de la radiomessagerie et la part que le candidat compte y conquérir;
1.2. les aspects financiers concernant en particulier les investissements nécessaires, ainsi que le financement et la rentabilité espérée du projet;
1.3. la configuration et les performances du réseau, en ce qui concerne notamment son déploiement;
1.4. la stratégie commerciale envisagée, plus particulièrement en ce qui concerne les tarifs qui seront proposés;
1.5. des commentaires éventuels sur le contenu de la future autorisation.
De plus, le résumé comporte les pièces suivantes :
1.6. l'indication du nom du candidat et des personnes au nom desquelles il agit ainsi que l'adresse postale complète et les numéros de télécommunications (téléphone et téléfax) du point de contact auquel l'Institut peut s'adresser pour obtenir des informations et éclaircissements supplémentaires;
1.7. dans le cas de l'exemplaire du dossier de candidature désigné comme exemplaire original, une feuille contresignée par toutes les personnes au nom desquelles agit le candidat, conformément à l'article 24, § 2 de l'arrêté royal;
1.8. la preuve du paiement de la redevance prévue à l'article 22, § 1er de l'arrêté royal.
Art. M3. 2. Juridische aspecten.
2.1. De partners.
Het dossier beschrijft de aard van de entiteiten die de toekomstige operator controleren, en meer in het bijzonder de strategische, economische en financiële gevolgen voor elk van de leden van de toekomstige nog op te richten maatschappij. Een kopie van de statuten van elk van de leden van de vereniging wordt bij het kandidatuurdossier gevoegd alsook een afschrift van hun laatste drie jaarverslagen.
2.2. Participatie.
Het dossier maakt melding van :
2.2.1. het participatie-niveau van elk van de leden van de vereniging alsook de graad van invloed van elk van de leden in de verschillende gebieden die verbonden zijn met de aanleg en exploitatie van een semafoonnet;
2.2.2. de vooruitzichten op latere openstelling voor nieuwe partners.
2.3. Statuten van de toekomstige maatschappij.
Het dossier omvat de volgende elementen :
2.3.1. het ontwerp van statuten van de toekomstige nog op te richten maatschappij waarin haar rechtsvorm beschreven staat, mocht zij de vergunning krijgen;
2.3.2. de werkwijze bij eventuele terugtrekking van één van de leden;
2.3.3. de vertegenwoordiging van de verschillende leden van de vereniging in de samenstellende organen van de maatschappij.
2.4. Structuur van de controle en besluitvorming.
Het kandidatuurdossier beschrijft het controle- en besluitvormingsproces binnen de toekomstige maatschappij, met name wat betreft :
2.4.1. de betrekkingen tussen de verschillende leden van de vereniging;
2.4.2. de verdeling van de verantwoordelijkheden;
2.4.3. de eventuele banden via strategische allianties.
2.1. De partners.
Het dossier beschrijft de aard van de entiteiten die de toekomstige operator controleren, en meer in het bijzonder de strategische, economische en financiële gevolgen voor elk van de leden van de toekomstige nog op te richten maatschappij. Een kopie van de statuten van elk van de leden van de vereniging wordt bij het kandidatuurdossier gevoegd alsook een afschrift van hun laatste drie jaarverslagen.
2.2. Participatie.
Het dossier maakt melding van :
2.2.1. het participatie-niveau van elk van de leden van de vereniging alsook de graad van invloed van elk van de leden in de verschillende gebieden die verbonden zijn met de aanleg en exploitatie van een semafoonnet;
2.2.2. de vooruitzichten op latere openstelling voor nieuwe partners.
2.3. Statuten van de toekomstige maatschappij.
Het dossier omvat de volgende elementen :
2.3.1. het ontwerp van statuten van de toekomstige nog op te richten maatschappij waarin haar rechtsvorm beschreven staat, mocht zij de vergunning krijgen;
2.3.2. de werkwijze bij eventuele terugtrekking van één van de leden;
2.3.3. de vertegenwoordiging van de verschillende leden van de vereniging in de samenstellende organen van de maatschappij.
2.4. Structuur van de controle en besluitvorming.
Het kandidatuurdossier beschrijft het controle- en besluitvormingsproces binnen de toekomstige maatschappij, met name wat betreft :
2.4.1. de betrekkingen tussen de verschillende leden van de vereniging;
2.4.2. de verdeling van de verantwoordelijkheden;
2.4.3. de eventuele banden via strategische allianties.
Art. M3. 2. Aspects juridiques.
2.1. Les partenaires.
Le dossier décrit la nature des entités contrôlant le futur opérateur, et plus particulièrement les implications stratégique, économique et financière pour chacun des membres de la future société à créer. Une copie des statuts de chacun des membres de l'association est jointe au dossier de candidature ainsi que de leurs trois derniers rapports annuels.
2.2. Participation.
Le dossier indique :
2.2.1. le niveau de participation de chacun des membres de l'association ainsi que le degré d'influence de chacun des membres dans les différents domaines liés à la mise en oeuvre et à l'exploitation d'un réseau de radiomessagerie;
2.2.2. les perspectives d'ouverture ultérieure à de nouveaux partenaires.
2.3. Statuts de la future société.
Le dossier comporte les éléments suivants :
2.3.1. le projet de statuts de la future société à constituer décrivant la forme juridique de celle-ci en cas d'obtention de l'autorisation;
2.3.2. les mécanismes de retrait éventuel d'un des membres;
2.3.3. la représentation des différents membres de l'association dans les organes constitutifs de la société.
2.4. Structure de contrôle et prise de décision.
Le dossier de candidature décrit les mécanismes de contrôle et de prise de décision au sein de la future société, en ce qui concerne notamment :
2.4.1. les relations entre les différents membres de l'association;
2.4.2. la répartition des responsabilités;
2.4.3. les liens éventuels à travers des alliances stratégiques.
2.1. Les partenaires.
Le dossier décrit la nature des entités contrôlant le futur opérateur, et plus particulièrement les implications stratégique, économique et financière pour chacun des membres de la future société à créer. Une copie des statuts de chacun des membres de l'association est jointe au dossier de candidature ainsi que de leurs trois derniers rapports annuels.
2.2. Participation.
Le dossier indique :
2.2.1. le niveau de participation de chacun des membres de l'association ainsi que le degré d'influence de chacun des membres dans les différents domaines liés à la mise en oeuvre et à l'exploitation d'un réseau de radiomessagerie;
2.2.2. les perspectives d'ouverture ultérieure à de nouveaux partenaires.
2.3. Statuts de la future société.
Le dossier comporte les éléments suivants :
2.3.1. le projet de statuts de la future société à constituer décrivant la forme juridique de celle-ci en cas d'obtention de l'autorisation;
2.3.2. les mécanismes de retrait éventuel d'un des membres;
2.3.3. la représentation des différents membres de l'association dans les organes constitutifs de la société.
2.4. Structure de contrôle et prise de décision.
Le dossier de candidature décrit les mécanismes de contrôle et de prise de décision au sein de la future société, en ce qui concerne notamment :
2.4.1. les relations entre les différents membres de l'association;
2.4.2. la répartition des responsabilités;
2.4.3. les liens éventuels à travers des alliances stratégiques.
Art. M4. 3. Commerciële aspecten.
3.1. Commerciële ontwikkeling van de semafoondienst.
3.1.1. Vooruitzichten inzake aantal abonnees.
De kandidaat geeft zijn voorspellingen weer wat betreft de toekomstige ontwikkeling van de semafoonmarkt in België door middel van een tabel nr. 3.1 die de volgende elementen bevat :
a. het totale aantal semafoonabonnees in België;
b. het marktaandeel (uitgedrukt in aantal abonnees en in procent) die voor elk van de operatoren wordt voorzien, namelijk de huidige SMF-3-dienst van BELGACOM en de drie ERMES-netten die overeenkomstig dit koninklijk besluit worden toegelaten;
c. het jaarlijkse percentage van de opzeggingen ("churn") van elke operator;
d. de verhouding professionele abonnees/privé-abonnees die voorzien wordt op de gehele Belgische markt;
e. de verhouding professionele abonnees/privé-abonnees die de operator voorziet op zijn eigen semafoonnet.
3.1.2. Vooruitzichten met betrekking tot het semafoongebruik.
De kandidaat stelt zijn verwachtingen voor wat betreft het gebruik van de semafoondiensten op zijn eigen net door middel van drie tabellen nr. 3.2 met de volgende elementen :
a. het gemiddelde aantal berichten per abonnee en per maand;
b. de totale gemiddelde hoeveelheid informatie (in bits) die in de berichten vervat is, per abonnee en per maand;
c. het maximumaantal berichten per abonnee tijdens het piekuur;
d. de maximumhoeveelheid informatie (in bits) per abonnee op het piekuur.
Tabel nr. 3.2 wordt gegeven voor drie hypotheses :
* tabel nr. 3.2a : alle abonnees zijn professionele gebruikers;
* tabel nr. 3.2b : alle abonnees zijn privé-personen;
* tabel nr. 3.2c : de verhouding professionele abonnees/privé-abonnees stemt overeen met de evolutie die in tabel nr. 3.1 is voorzien.
3.1.3. Elasticiteit van de semafoonmarkt.
3.1.3.1. Globale kosten van de dienst.
Op grond van de door hem gemaakte marktanalyses geeft de kandidaat in de vorm van een curve de betrekking tussen de voorzienbare penetratiegraad van de semafoondiensten in België en de gemiddelde jaarlijkse kosten van de betrokken diensten.
3.1.3.2. Prijzen van de eindapparatuur.
Bovendien geeft de kandidaat door middel van tabel nr. 3.3 de voorziene ontwikkeling aan van de prijs van de eindapparatuur voor ERMES-semafonie.
3.1.4. Segmentering van de markt.
De kandidaat identifieert op grond van zijn marktanalyse de verschillende categorieën van gebruikers die mogelijk geïnteresseerd kunnen zijn in de diverse semafoondiensten en geeft voor elk van die segmenten het volgende aan :
3.1.4.1. de commerciële aanpak die hij op het oog heeft;
3.1.4.2. het tariefplan dat hij voorstelt;
3.1.4.3. het gemiddelde volume uitgedrukt in de vorm van het maandelijkse gemiddelde aantal verstuurde berichten voor elk van de drie categorieën van berichten (met toon, numeriek en alfanumeriek).
3.2. Voorgesteld tariefbeleid.
3.2.1. Formules voor de tarifering van de basisdiensten.
De kandidaat geeft zijn vooruitzichten aan met betrekking tot het maximumniveau van de tarieven die hij overweegt toe te passen waarbij hij voor elke beoogde tariferingsformule een tabel nr. 3.4 voorstelt met de volgende elementen :
a. de eenmalige kosten voor activering (of voor aansluiting);
b. het maandabonnement;
c. de communicatiekosten (dat wil zeggen de interconnectielasten die aan de operator van de oproeper worden gevraagd, zoals bijvoorbeeld BELGACOM in het geval van het PSTN) voor verschillende soorten berichten voor de volgende achttien gevallen :
* tijdens de piekuren ("peak") en de daluren respectievelijk tegen verminderd tarief ("off-peak");
* voor drie verschillende graden van prioriteit wat betreft de verzendingstijd van het bericht, te weten :
- prioriteit 1 : < 1 minuut;
- prioriteit 2 : < 10 minuten;
- prioriteit 3 : < 24 uren;
* voor drie afzonderlijke soorten van berichten, te weten :
- eenvoudige toon;
- numeriek bericht van 15 karakters;
- alfanumeriek bericht van 200 karakters.
De vastgelegde afbakening tussen piek- en daluren wordt voor de verschillende tariferingsformules aangegeven.
Onder maximumniveau van de tarieven verstaat men de prijs die de abonnee betaalt vooraleer eventuele kortingen te genieten.
De aandacht van de kandidaten wordt gevestigd op het feit dat de beoogde tariefstructuur een van de selectiecriteria zal vormen, overeenkomstig artikel 27, § 1, van het koninklijk besluit.
3.2.2. Berekening van een tariefkorf.
Voor elke in afdeling 3.2.1. beschreven tariferingsformule verstrekt tabel nr. 3.5 de vooruitzichten inzake het niveau van een vereenvoudigde tariefkorf, uitgedrukt op maandbasis en samengesteld, uitgaande van de volgende veronderstellingen :
- afschrijving van de activeringskosten op 36 maanden;
- maandabonnement;
- verzending van één numeriek bericht per dag (lengte = 15 cijfers);
- verzending van één alfanumeriek bericht per dag (lengte = 200 karakters).
Beide berichten worden verondersteld verstuurd te zijn tijdens de piekuren met een verzendingstijd die overeenstemt met prioriteitsgraad nr. 2.
3.2.3. Ristorno's.
De kandidaat beschrijft zijn plannen in verband met de toepassing van ristorno's en promoties, bijvoorbeeld op basis van het aantal verzonden berichten en/of het aantal genomen abonnementen.
3.2.4. Tarieven van de bijkomende diensten.
De kandidaat zet zijn plannen uiteen in verband met de praktische voorwaarden, de toegangsprocedures en de tarifering van de volgende bijkomende diensten die dankzij de ERMES-norm kunnen worden aangeboden (niet beperkende lijst) :
3.2.4.1. nummering van de berichten ("message numbering");
3.2.4.2. opslag en raadpleging van de berichten ("message storage and retrieval");
3.2.4.3. uitgestelde aflevering ("deferred delivery");
3.2.4.4. oproepafleiding ("call diversion");
3.2.4.5. internationale "roaming";
3.2.4.6. eventuele andere bijkomende diensten.
3.3. Strategie voor de verspreiding van de diensten.
De kandidaat beschrijft zijn aanpak met betrekking tot :
3.3.1. de selectie van de distributiekanalen en kanalen voor commercialisering;
3.3.2. het eventuele beroep op "service providers".
De kandidaat preciseert de aard van de voorziene overeenkomsten met de dienstenleveranciers, de doorverkopers en de verschillende kanalen voor de commercialisering.
Indien de kandidaat het voornemen heeft om zijn diensten op de markt te brengen via "service providers" voegt hij bij zijn kandidatuurdossier een exemplaar van het "type-contract" dat hij van plan is voor te stellen en beschrijft hij de maatregelen die hij voornemens is toe te passen om zich te vergewissen van de betrouwbaarheid van de commerciële houding van de betrokken ondernemingen tegenover hun klanten.
3.4. Sub-addressing.
De kandidaat beschrijft zijn bedoelingen in verband met de eventuele toepassing van sub-addressingtechnieken op zijn ERMES-semafoonnet en de maatregelen die hij van plan is toe te passen ten opzichte van gebruikers die dergelijke technieken hanteren.
3.1. Commerciële ontwikkeling van de semafoondienst.
3.1.1. Vooruitzichten inzake aantal abonnees.
De kandidaat geeft zijn voorspellingen weer wat betreft de toekomstige ontwikkeling van de semafoonmarkt in België door middel van een tabel nr. 3.1 die de volgende elementen bevat :
a. het totale aantal semafoonabonnees in België;
b. het marktaandeel (uitgedrukt in aantal abonnees en in procent) die voor elk van de operatoren wordt voorzien, namelijk de huidige SMF-3-dienst van BELGACOM en de drie ERMES-netten die overeenkomstig dit koninklijk besluit worden toegelaten;
c. het jaarlijkse percentage van de opzeggingen ("churn") van elke operator;
d. de verhouding professionele abonnees/privé-abonnees die voorzien wordt op de gehele Belgische markt;
e. de verhouding professionele abonnees/privé-abonnees die de operator voorziet op zijn eigen semafoonnet.
3.1.2. Vooruitzichten met betrekking tot het semafoongebruik.
De kandidaat stelt zijn verwachtingen voor wat betreft het gebruik van de semafoondiensten op zijn eigen net door middel van drie tabellen nr. 3.2 met de volgende elementen :
a. het gemiddelde aantal berichten per abonnee en per maand;
b. de totale gemiddelde hoeveelheid informatie (in bits) die in de berichten vervat is, per abonnee en per maand;
c. het maximumaantal berichten per abonnee tijdens het piekuur;
d. de maximumhoeveelheid informatie (in bits) per abonnee op het piekuur.
Tabel nr. 3.2 wordt gegeven voor drie hypotheses :
* tabel nr. 3.2a : alle abonnees zijn professionele gebruikers;
* tabel nr. 3.2b : alle abonnees zijn privé-personen;
* tabel nr. 3.2c : de verhouding professionele abonnees/privé-abonnees stemt overeen met de evolutie die in tabel nr. 3.1 is voorzien.
3.1.3. Elasticiteit van de semafoonmarkt.
3.1.3.1. Globale kosten van de dienst.
Op grond van de door hem gemaakte marktanalyses geeft de kandidaat in de vorm van een curve de betrekking tussen de voorzienbare penetratiegraad van de semafoondiensten in België en de gemiddelde jaarlijkse kosten van de betrokken diensten.
3.1.3.2. Prijzen van de eindapparatuur.
Bovendien geeft de kandidaat door middel van tabel nr. 3.3 de voorziene ontwikkeling aan van de prijs van de eindapparatuur voor ERMES-semafonie.
3.1.4. Segmentering van de markt.
De kandidaat identifieert op grond van zijn marktanalyse de verschillende categorieën van gebruikers die mogelijk geïnteresseerd kunnen zijn in de diverse semafoondiensten en geeft voor elk van die segmenten het volgende aan :
3.1.4.1. de commerciële aanpak die hij op het oog heeft;
3.1.4.2. het tariefplan dat hij voorstelt;
3.1.4.3. het gemiddelde volume uitgedrukt in de vorm van het maandelijkse gemiddelde aantal verstuurde berichten voor elk van de drie categorieën van berichten (met toon, numeriek en alfanumeriek).
3.2. Voorgesteld tariefbeleid.
3.2.1. Formules voor de tarifering van de basisdiensten.
De kandidaat geeft zijn vooruitzichten aan met betrekking tot het maximumniveau van de tarieven die hij overweegt toe te passen waarbij hij voor elke beoogde tariferingsformule een tabel nr. 3.4 voorstelt met de volgende elementen :
a. de eenmalige kosten voor activering (of voor aansluiting);
b. het maandabonnement;
c. de communicatiekosten (dat wil zeggen de interconnectielasten die aan de operator van de oproeper worden gevraagd, zoals bijvoorbeeld BELGACOM in het geval van het PSTN) voor verschillende soorten berichten voor de volgende achttien gevallen :
* tijdens de piekuren ("peak") en de daluren respectievelijk tegen verminderd tarief ("off-peak");
* voor drie verschillende graden van prioriteit wat betreft de verzendingstijd van het bericht, te weten :
- prioriteit 1 : < 1 minuut;
- prioriteit 2 : < 10 minuten;
- prioriteit 3 : < 24 uren;
* voor drie afzonderlijke soorten van berichten, te weten :
- eenvoudige toon;
- numeriek bericht van 15 karakters;
- alfanumeriek bericht van 200 karakters.
De vastgelegde afbakening tussen piek- en daluren wordt voor de verschillende tariferingsformules aangegeven.
Onder maximumniveau van de tarieven verstaat men de prijs die de abonnee betaalt vooraleer eventuele kortingen te genieten.
De aandacht van de kandidaten wordt gevestigd op het feit dat de beoogde tariefstructuur een van de selectiecriteria zal vormen, overeenkomstig artikel 27, § 1, van het koninklijk besluit.
3.2.2. Berekening van een tariefkorf.
Voor elke in afdeling 3.2.1. beschreven tariferingsformule verstrekt tabel nr. 3.5 de vooruitzichten inzake het niveau van een vereenvoudigde tariefkorf, uitgedrukt op maandbasis en samengesteld, uitgaande van de volgende veronderstellingen :
- afschrijving van de activeringskosten op 36 maanden;
- maandabonnement;
- verzending van één numeriek bericht per dag (lengte = 15 cijfers);
- verzending van één alfanumeriek bericht per dag (lengte = 200 karakters).
Beide berichten worden verondersteld verstuurd te zijn tijdens de piekuren met een verzendingstijd die overeenstemt met prioriteitsgraad nr. 2.
3.2.3. Ristorno's.
De kandidaat beschrijft zijn plannen in verband met de toepassing van ristorno's en promoties, bijvoorbeeld op basis van het aantal verzonden berichten en/of het aantal genomen abonnementen.
3.2.4. Tarieven van de bijkomende diensten.
De kandidaat zet zijn plannen uiteen in verband met de praktische voorwaarden, de toegangsprocedures en de tarifering van de volgende bijkomende diensten die dankzij de ERMES-norm kunnen worden aangeboden (niet beperkende lijst) :
3.2.4.1. nummering van de berichten ("message numbering");
3.2.4.2. opslag en raadpleging van de berichten ("message storage and retrieval");
3.2.4.3. uitgestelde aflevering ("deferred delivery");
3.2.4.4. oproepafleiding ("call diversion");
3.2.4.5. internationale "roaming";
3.2.4.6. eventuele andere bijkomende diensten.
3.3. Strategie voor de verspreiding van de diensten.
De kandidaat beschrijft zijn aanpak met betrekking tot :
3.3.1. de selectie van de distributiekanalen en kanalen voor commercialisering;
3.3.2. het eventuele beroep op "service providers".
De kandidaat preciseert de aard van de voorziene overeenkomsten met de dienstenleveranciers, de doorverkopers en de verschillende kanalen voor de commercialisering.
Indien de kandidaat het voornemen heeft om zijn diensten op de markt te brengen via "service providers" voegt hij bij zijn kandidatuurdossier een exemplaar van het "type-contract" dat hij van plan is voor te stellen en beschrijft hij de maatregelen die hij voornemens is toe te passen om zich te vergewissen van de betrouwbaarheid van de commerciële houding van de betrokken ondernemingen tegenover hun klanten.
3.4. Sub-addressing.
De kandidaat beschrijft zijn bedoelingen in verband met de eventuele toepassing van sub-addressingtechnieken op zijn ERMES-semafoonnet en de maatregelen die hij van plan is toe te passen ten opzichte van gebruikers die dergelijke technieken hanteren.
Art. M4. 3. Aspects commerciaux.
3.1. Développement commercial du service de radiomessagerie.
3.1.1. Prévisions du nombre d'abonnés.
Le candidat présente ses prédictions en ce qui concerne le développement futur du marché de la radiomessagerie en Belgique au moyen d'un tableau n° 3.1. qui comporte les éléments suivants :
a. le nombre total d'abonnés à la radiomessagerie en Belgique;
b. la part de marché (exprimée en nombre d'abonnés et en pourcentages) prévue pour chacun des opérateurs, c'est-à-dire le service actuel SMF-3 de BELGACOM et les trois réseaux ERMES autorisés, en application de l'arrêté royal;
c. le taux de résiliation annuel (" churn ") de chaque opérateur;
d. le ratio abonnés professionnels/abonnés privés prévu sur l'ensemble du marché belge;
e. le ratio abonnés professionnels/abonnés privés prévu par l'opérateur sur son propre réseau de radiomessagerie.
3.1.2. Prévisions concernant l'usage de la radiomessagerie.
Le candidat présente ses prévisions en ce qui concerne l'utilisation des services de radiomessagerie sur son propre réseau au moyen de trois tableaux n° 3.2. avec les éléments suivants :
a. le nombre moyen de messages par abonné et par mois;
b. la quantité moyenne totale d'information (en bits) contenue dans les messages, par abonné et par mois;
c. le nombre maximum de messages par abonné pendant l'heure la plus chargée;
d. la quantité maximum d'information (en bits) par abonné à l'heure la plus chargée.
Le tableau n° 3.2. est donné pour trois hypothèses :
* tableau n° 3.2. a : tous les abonnés sont professionnels;
* tableau n° 3.2. b : tous les abonnés sont privés;
* tableau n° 3.2. c : le ratio abonnés professionnels/abonnés privés respecte l'évolution prévue dans le tableau n° 3.1..
3.1.3. Elasticité du marché de la radiomessagerie.
3.1.3.1. Coût global du service.
Sur la base des analyses de marché qu'il aura effectuées, le candidat donne, sous forme de courbe, la relation entre le taux de pénétration prévisible des services de radiomessagerie en Belgique et le coût moyen annuel des services en question.
3.1.3.2. Prix des terminaux.
De plus, le candidat indique, au moyen du tableau n° 3.3., l'évolution prévue du prix des terminaux de radiomessagerie ERMES.
3.1.4. Segmentation du marché.
Le candidat identifie, sur la base de son analyse de marché, les différentes catégories d'usagers potentiellement intéressés aux divers services de radiomessagerie et indique, pour chacun de ces segments :
3.1.4.1. l'approche commerciale qu'il envisage de mettre en oeuvre;
3.1.4.2. le plan tarifaire qu'il propose;
3.1.4.3. le volume moyen de trafic exprimé sous forme du nombre mensuel moyen de messages transmis pour chacune des trois catégories de messages (tonalités, numériques et alphanumériques).
3.2. Politique tarifaire proposée.
3.2.1. Formules de tarification des services de base.
Le candidat indique ses prévisions relatives au niveau maximal des tarifs qu'il envisage d'appliquer en présentant, pour chaque formule de tarification envisagée, un tableau n°3.4 avec les éléments suivants :
a. les frais uniques d'activation (ou de raccordement);
b. l'abonnement mensuel;
c. les frais de communication (c'est-à-dire la charge d'interconnexion demandée à l'opérateur de l'appelant comme, par exemple, BELGACOM dans le cas du RTPC) pour différents types de messages, pour les dix-huit cas suivants :
* pendant les heures pleines (" peak ") et les heures creuses à tarif réduit (" off-peak ") respectivement;
* pour trois degrés différents de priorité en ce qui concerne le délai d'envoi du message, à savoir :
- priorité 1 : inférieur à 1 minute;
- priorité 2 : inférieur à 10 minutes;
- priorité 3 : inférieur à 24 heures;
* pour trois types de messages distincts, à savoir :
- tonalité simple;
- message numérique de 15 caractères;
- message alphanumérique de 200 caractères.
La délimitation prévue entre les heures pleines et les heures creuses est indiquée pour les différentes formules de tarification.
Par niveau maximal des tarifs, il convient d'entendre le prix payé par l'abonné avant de bénéficier d'éventuelles ristournes.
L'attention des candidats est attirée sur le fait que la structure tarifaire envisagée constituera un des critères de sélection aux termes de l'article 27, § 1er, de l'arrêté royal.
3.2.2. Calcul d'un panier tarifaire.
Pour chaque formule de tarification décrite dans la section 3.2.1., le tableau n° 3.5. fournit les prévisions concernant le niveau d'un panier tarifaire simplifié, exprimé sur base mensuelle et constitué à partir des hypothèses suivantes :
- amortissement des frais d'activation en 36 mois;
- abonnement mensuel;
- envoi d'un message numérique par jour (longueur = 15 chiffres);
- envoi d'un message alphanumérique par jour (longueur = 200 caractères).
Les deux messages sont supposés être envoyés pendant les heures pleines avec un délai de transmission correspondant au degré de priorité n° 2.
3.2.3. Ristournes.
Le candidat décrit ses plans concernant l'application de ristournes et de promotions, par exemple en fonction du nombre de messages transmis et/ou du nombre d'abonnements souscrits.
3.2.4. Tarifs des services supplémentaires.
Le candidat expose ses plans en ce qui concerne les modalités pratiques, les procédures d'accès et la tarification des services supplémentaires suivants que permet d'offrir la norme ERMES (liste non exhaustive) :
3.2.4.1. numérotation des messages (" message numbering ");
3.2.4.2. stockage et consultation des messages (" message storage and retrieval ");
3.2.4.3. fourniture différée (" deferred delivery ");
3.2.4.4. diversion des appels (" call diversion ");
3.2.4.5. " roaming " international;
3.2.4.6. autres services supplémentaires éventuels.
3.3. Stratégie de distribution des services.
Le candidat décrit son approche relative à :
3.3.1. la sélection des canaux de distribution et de commercialisation;
3.3.2. le recours éventuel à des sociétés de commercialisation de services (" service providers ").
Le candidat précise la nature des arrangements prévus avec les prestataires de service, les revendeurs et les divers canaux de commercialisation.
Dans le cas où le candidat a l'intention de commercialiser ses services par l'intermédiaire de " service providers ", il joint à son dossier de candidature un exemplaire du " contrat-type " qu'il compte proposer et il décrit les mesures qu'il compte appliquer pour s'assurer de la fiabilité du comportement commercial des sociétés en question vis-à-vis de leurs clients.
3.4. Sous-adressage.
Le candidat décrit ses intentions relatives à l'utilisation éventuelle de techniques de " sub-adressing " sur son réseau de radiomessagerie ERMES et aux mesures qu'il compte appliquer à l'égard des utilisateurs mettant en oeuvre de telles techniques.
3.1. Développement commercial du service de radiomessagerie.
3.1.1. Prévisions du nombre d'abonnés.
Le candidat présente ses prédictions en ce qui concerne le développement futur du marché de la radiomessagerie en Belgique au moyen d'un tableau n° 3.1. qui comporte les éléments suivants :
a. le nombre total d'abonnés à la radiomessagerie en Belgique;
b. la part de marché (exprimée en nombre d'abonnés et en pourcentages) prévue pour chacun des opérateurs, c'est-à-dire le service actuel SMF-3 de BELGACOM et les trois réseaux ERMES autorisés, en application de l'arrêté royal;
c. le taux de résiliation annuel (" churn ") de chaque opérateur;
d. le ratio abonnés professionnels/abonnés privés prévu sur l'ensemble du marché belge;
e. le ratio abonnés professionnels/abonnés privés prévu par l'opérateur sur son propre réseau de radiomessagerie.
3.1.2. Prévisions concernant l'usage de la radiomessagerie.
Le candidat présente ses prévisions en ce qui concerne l'utilisation des services de radiomessagerie sur son propre réseau au moyen de trois tableaux n° 3.2. avec les éléments suivants :
a. le nombre moyen de messages par abonné et par mois;
b. la quantité moyenne totale d'information (en bits) contenue dans les messages, par abonné et par mois;
c. le nombre maximum de messages par abonné pendant l'heure la plus chargée;
d. la quantité maximum d'information (en bits) par abonné à l'heure la plus chargée.
Le tableau n° 3.2. est donné pour trois hypothèses :
* tableau n° 3.2. a : tous les abonnés sont professionnels;
* tableau n° 3.2. b : tous les abonnés sont privés;
* tableau n° 3.2. c : le ratio abonnés professionnels/abonnés privés respecte l'évolution prévue dans le tableau n° 3.1..
3.1.3. Elasticité du marché de la radiomessagerie.
3.1.3.1. Coût global du service.
Sur la base des analyses de marché qu'il aura effectuées, le candidat donne, sous forme de courbe, la relation entre le taux de pénétration prévisible des services de radiomessagerie en Belgique et le coût moyen annuel des services en question.
3.1.3.2. Prix des terminaux.
De plus, le candidat indique, au moyen du tableau n° 3.3., l'évolution prévue du prix des terminaux de radiomessagerie ERMES.
3.1.4. Segmentation du marché.
Le candidat identifie, sur la base de son analyse de marché, les différentes catégories d'usagers potentiellement intéressés aux divers services de radiomessagerie et indique, pour chacun de ces segments :
3.1.4.1. l'approche commerciale qu'il envisage de mettre en oeuvre;
3.1.4.2. le plan tarifaire qu'il propose;
3.1.4.3. le volume moyen de trafic exprimé sous forme du nombre mensuel moyen de messages transmis pour chacune des trois catégories de messages (tonalités, numériques et alphanumériques).
3.2. Politique tarifaire proposée.
3.2.1. Formules de tarification des services de base.
Le candidat indique ses prévisions relatives au niveau maximal des tarifs qu'il envisage d'appliquer en présentant, pour chaque formule de tarification envisagée, un tableau n°3.4 avec les éléments suivants :
a. les frais uniques d'activation (ou de raccordement);
b. l'abonnement mensuel;
c. les frais de communication (c'est-à-dire la charge d'interconnexion demandée à l'opérateur de l'appelant comme, par exemple, BELGACOM dans le cas du RTPC) pour différents types de messages, pour les dix-huit cas suivants :
* pendant les heures pleines (" peak ") et les heures creuses à tarif réduit (" off-peak ") respectivement;
* pour trois degrés différents de priorité en ce qui concerne le délai d'envoi du message, à savoir :
- priorité 1 : inférieur à 1 minute;
- priorité 2 : inférieur à 10 minutes;
- priorité 3 : inférieur à 24 heures;
* pour trois types de messages distincts, à savoir :
- tonalité simple;
- message numérique de 15 caractères;
- message alphanumérique de 200 caractères.
La délimitation prévue entre les heures pleines et les heures creuses est indiquée pour les différentes formules de tarification.
Par niveau maximal des tarifs, il convient d'entendre le prix payé par l'abonné avant de bénéficier d'éventuelles ristournes.
L'attention des candidats est attirée sur le fait que la structure tarifaire envisagée constituera un des critères de sélection aux termes de l'article 27, § 1er, de l'arrêté royal.
3.2.2. Calcul d'un panier tarifaire.
Pour chaque formule de tarification décrite dans la section 3.2.1., le tableau n° 3.5. fournit les prévisions concernant le niveau d'un panier tarifaire simplifié, exprimé sur base mensuelle et constitué à partir des hypothèses suivantes :
- amortissement des frais d'activation en 36 mois;
- abonnement mensuel;
- envoi d'un message numérique par jour (longueur = 15 chiffres);
- envoi d'un message alphanumérique par jour (longueur = 200 caractères).
Les deux messages sont supposés être envoyés pendant les heures pleines avec un délai de transmission correspondant au degré de priorité n° 2.
3.2.3. Ristournes.
Le candidat décrit ses plans concernant l'application de ristournes et de promotions, par exemple en fonction du nombre de messages transmis et/ou du nombre d'abonnements souscrits.
3.2.4. Tarifs des services supplémentaires.
Le candidat expose ses plans en ce qui concerne les modalités pratiques, les procédures d'accès et la tarification des services supplémentaires suivants que permet d'offrir la norme ERMES (liste non exhaustive) :
3.2.4.1. numérotation des messages (" message numbering ");
3.2.4.2. stockage et consultation des messages (" message storage and retrieval ");
3.2.4.3. fourniture différée (" deferred delivery ");
3.2.4.4. diversion des appels (" call diversion ");
3.2.4.5. " roaming " international;
3.2.4.6. autres services supplémentaires éventuels.
3.3. Stratégie de distribution des services.
Le candidat décrit son approche relative à :
3.3.1. la sélection des canaux de distribution et de commercialisation;
3.3.2. le recours éventuel à des sociétés de commercialisation de services (" service providers ").
Le candidat précise la nature des arrangements prévus avec les prestataires de service, les revendeurs et les divers canaux de commercialisation.
Dans le cas où le candidat a l'intention de commercialiser ses services par l'intermédiaire de " service providers ", il joint à son dossier de candidature un exemplaire du " contrat-type " qu'il compte proposer et il décrit les mesures qu'il compte appliquer pour s'assurer de la fiabilité du comportement commercial des sociétés en question vis-à-vis de leurs clients.
3.4. Sous-adressage.
Le candidat décrit ses intentions relatives à l'utilisation éventuelle de techniques de " sub-adressing " sur son réseau de radiomessagerie ERMES et aux mesures qu'il compte appliquer à l'égard des utilisateurs mettant en oeuvre de telles techniques.
Art. M5. 4. Financiële aspecten.
4.1. Financieel vermogen van de kandidaat.
4.1.1. Financiering.
Op grond van het in afdeling 4.2 beschreven ondernemingsplan beschrijft de kandidaat zijn plannen met betrekking tot de financiering van zijn project en geeft hij door middel van tabel nr. 4.1 de ontwikkeling aan van de verschillende parameters die hierna volgen :
a. de inbreng van eigen middelen door de verschillende partners;
b. de behoeften inzake externe financiering;
c. het beroep op extern kapitaal via bank- en obligatieleningen;
d. de eventuele beursgang van een deel van de maatschappij.
De kandidaat beschrijft bovendien :
4.1.2. de mogelijkheden en voorwaarden inzake kapitalisatie op de beurs van de toekomstige maatschappij;
4.1.3. zijn geschiktheid om op de kapitaalmarkt geld vrij te maken;
4.1.4. de nuttige bekwaamheid waarover hij beschikt in het beheer van gelijkaardige investeringen;
4.1.5. de aard van de financiële waarborgen (eventuele bankwaarborg, alsook waarborgen die door de aandeelhouders of de moederonderneming worden geboden);
4.1.6. een beoordeling van de financiële risico's die door de leden van het consortium worden aangegaan.
4.1.7. Financiële toestand van de partners
Het kandidatuurdossier bevat een tabel nr. 4.2 waarin voor elk van de leden van de vereniging melding wordt gemaakt van :
a. zijn kapitaalinbreng in de nieuwe maatschappij;
b. zijn netto-resultaat van het laatste boekjaar;
c. zijn eigen middelen;
d. zijn nettoschulden;
e. zijn banknotering.
4.2. Ondernemingsplan ("business plan").
Het ondernemingsplan is gebaseerd op de volgende financiële veronderstellingen :
a. inflatiecijfer op lange termijn = 2,5 % per jaar;
b. bedragen uitgedrukt in courante franken;
c. stabiliteit van de wisselkoersen;
d. gelijkblijvend niveau van vennootschapsbelasting;
e. lineaire afschrijving van de investeringen met de volgende percentages :
- 4 % per jaar voor onroerende goederen (25 jaar);
- 12,5 % per jaar voor netwerkuitrusting (8 jaar);
- 20 % per jaar voor materiaal op het gebied van informatica en kantoorautomatisering, alsook voor de voertuigen (5 jaar).
4.2.1. Investeringen.
Tabel nr. 4.3 beschrijft de voorziene investeringen met de volgende rubrieken :
a. schakelsysteem en systeem voor database (PNC & PAC);
b. systeem voor netwerkbeheer;
c. radioapparatuur;
d. transmissieapparatuur;
e. inrichting van de antennesites;
f. onroerend goed (terreinen en gebouwen);
g. facturatie- en andere computersystemen;
h. meetapparatuur;
i. voertuigen;
j. vervangingsinvesteringen;
k. overige investeringen (te verduidelijken);
l. totaal van de investeringen.
4.2.2. Vooruitzichten met betrekking tot de balans.
Tabel nr. 4.4 beschrijft de evolutie van de balans met de volgende rubrieken :
a. lichamelijke vaste activa;
b. voorraden, schuldvorderingen en overige activa in omloop;
c. totaal van de activa (c = a + b);
d. bedrijfskapitaal;
e. reserves;
f. netto-resultaat van het boekjaar;
g. eigen vermogen (g = d + e + f);
h. voorzieningen voor risico's en lasten;
i. bankleningen;
j. schulden op korte termijn;
k. vlottende schuld;
l. totaal van de passiva (l = g + h + i + j + k).
4.2.3. Exploitatiekosten.
Tabel nr. 4.5 beschrijft de voorziene exploitatiekosten :
a. huren van aansluitingslijnen;
b. eventuele interconnectiekosten;
c. roamingkosten;
d. personeelskosten;
e. sociale en werkgeverslasten;
f. commissie op de distributiekanalen;
g. kosten voor marketing en reclame;
h. huren van sites en andere kosten van onroerende aard (verwarming, elektriciteit, enz.);
i. kosten voor het onderhoud van het netwerk;
j. rechten aan het BIPT;
k. administratieve en algemene kosten;
l. voorzieningen voor dubieuze vorderingen;
m. allerlei (te verduidelijken);
n. totaal van de exploitatiekosten.
4.2.4. Omzet (structuur van de inkomsten).
Tabel nr. 4.6 geeft de evolutie weer van de verwachte inkomsten :
a. activeringskosten;
b. abonnementen;
c. inkomsten uit oproepen;
d. inkomsten uit roaming;
e. bijkomende diensten en diensten met toegevoegde waarde;
f. verkoop van eindtoestellen;
g. andere inkomsten (te verduidelijken);
h. totale omzet.
4.2.5. Winst- en verliesrekening.
Tabel nr. 4.7 neemt de cijfers over met betrekking tot de resultatenrekening van het lopende boekjaar :
a. omzet;
b. exploitatiekosten;
c. resultaat vóór afschrijvingen, financiële lasten en belastingen (c = a - b);
d. afschrijvingen;
e. financiële lasten;
f. vennootschapsbelasting;
g. netto-resultaat (g = c - d - e - f);
h. gecumuleerd netto-resultaat.
4.2.6. Analyse van de jaarlijkse en gecumuleerde cash-flow
Tabel nr. 4.8 verduidelijkt de evolutie van de parameters die de cash-flow van de onderneming bepalen :
a. totale investeringsuitgaven;
b. schommelingen in het bedrijfskapitaal;
c. resultaten vóór afschrijvingen, financiële lasten en belastingen;
d. financiële lasten en belastingen;
e. kapitaalinbreng;
f. leningen;
g. terugbetalingen van leningen;
h. netto-cash-flow (h = - a + b + c - d + e + f - g);
i. gecumuleerde netto-cash-flow.
4.2.7. Termijnen voor rentabilisering.
De kandidaat preciseert de termijnen die in zijn project vereist zijn om te komen tot :
a. het "break-even point" waarop de "cash-flow" van het lopende boekjaar positief wordt;
b. het grote evenwicht van het project wanneer de gecumuleerde "cash-flow" positief wordt;
c. de terugverdientijd inzake investeringen ("payback").
4.2.8. Coëfficiënten inzake beheer.
Tabel nr. 4.9 vat de ontwikkeling doorheen de tijd samen van de verschillende hierna volgende coëfficiënten waarmee het financiële beheer van het project kan worden samengevat :
a. solvabiliteitscoëfficiënt = eigen vermogen/totale activa;
b. liquiditeitscoëfficiënt = (voorraden + realiseerbare of beschikbare waarden)/opvorderbare passiva (schulden op korte termijn);
c. rentabiliteitscoëfficiënt van eigen kapitaal = netto-winst na belastingen/eigen kapitaal;
d. "Return On Investment" (ROI.) = netto-resultaat van het boekjaar/totaal van de activa.
4.2.9. Rentabiliteitsindicatoren.
De kandidaat geeft de waarden aan van de verschillende parameters waarmee de rentabiliteit van zijn project kan worden ingeschat :
a. netto-actuele waarde (NPV.) voor een actualiseringsgraad van 10 %;
b. interne rendementsgraad (IRR.).
4.3. Gevoeligheid van het ondernemingsplan.
4.3.1. Analyses inzake de gevoeligheid van het ondernemingsplan.
De kandidaat geeft de invloed aan op de netto-geactualiseerde waarde en op de interne rendementsgraad van de afwijkingen van de volgende parameters ten opzichte van de veronderstellingen die hij in zijn ondernemingsplan heeft gedaan :
4.3.1.1. aantal abonnees van de operator = - 10 % ten opzichte van de prognoses;
4.3.1.2. kosten van de apparatuur voor het netwerk = + 10 %;
4.3.1.3. kosten van de kapitalen = + 5 %;
4.3.1.4. vertraging in het opstarten van de dienst = zes maanden;
4.3.1.5. gemiddeld gebruik per abonnee = + 20 % et - 20 %;
4.3.1.6. exploitatiekosten = + 10 %;
4.3.1.7. verlaging met 10 % van het gemiddelde tariefniveau ten opzichte van de prognoses.
4.3.2. Wijzigingen op de markt.
De kandidaat zet de gevolgen uiteen op zijn hypotheses en zijn ondernemingsplan van mogelijke aanzienlijke wijzigingen van de concurrentiesituatie op de semafoniemarkt, met name :
4.3.2.1. eventuele intrede van nieuwe operatoren op de Belgische semafoniemarkt;
4.3.2.2. toegenomen concurrentie van de cellulaire netten (cf. GSM SMS) met een gepaste en concurrentiële tarifering voor semafoontoepassingen;
4.3.2.3. eventuele introductie van tweerichtingssemafonie (" two way paging ");
4.3.2.4. opkomst van andere nieuwe technologieën (met name nieuwe satellietsystemen);
4.3.2.5. mogelijke wijzigingen in het regelgevingskader, met name wat betreft de infrastructuur, de interconnectievoorwaarden en de " service providers";
4.3.2.6. andere mogelijke invloeden.
4.1. Financieel vermogen van de kandidaat.
4.1.1. Financiering.
Op grond van het in afdeling 4.2 beschreven ondernemingsplan beschrijft de kandidaat zijn plannen met betrekking tot de financiering van zijn project en geeft hij door middel van tabel nr. 4.1 de ontwikkeling aan van de verschillende parameters die hierna volgen :
a. de inbreng van eigen middelen door de verschillende partners;
b. de behoeften inzake externe financiering;
c. het beroep op extern kapitaal via bank- en obligatieleningen;
d. de eventuele beursgang van een deel van de maatschappij.
De kandidaat beschrijft bovendien :
4.1.2. de mogelijkheden en voorwaarden inzake kapitalisatie op de beurs van de toekomstige maatschappij;
4.1.3. zijn geschiktheid om op de kapitaalmarkt geld vrij te maken;
4.1.4. de nuttige bekwaamheid waarover hij beschikt in het beheer van gelijkaardige investeringen;
4.1.5. de aard van de financiële waarborgen (eventuele bankwaarborg, alsook waarborgen die door de aandeelhouders of de moederonderneming worden geboden);
4.1.6. een beoordeling van de financiële risico's die door de leden van het consortium worden aangegaan.
4.1.7. Financiële toestand van de partners
Het kandidatuurdossier bevat een tabel nr. 4.2 waarin voor elk van de leden van de vereniging melding wordt gemaakt van :
a. zijn kapitaalinbreng in de nieuwe maatschappij;
b. zijn netto-resultaat van het laatste boekjaar;
c. zijn eigen middelen;
d. zijn nettoschulden;
e. zijn banknotering.
4.2. Ondernemingsplan ("business plan").
Het ondernemingsplan is gebaseerd op de volgende financiële veronderstellingen :
a. inflatiecijfer op lange termijn = 2,5 % per jaar;
b. bedragen uitgedrukt in courante franken;
c. stabiliteit van de wisselkoersen;
d. gelijkblijvend niveau van vennootschapsbelasting;
e. lineaire afschrijving van de investeringen met de volgende percentages :
- 4 % per jaar voor onroerende goederen (25 jaar);
- 12,5 % per jaar voor netwerkuitrusting (8 jaar);
- 20 % per jaar voor materiaal op het gebied van informatica en kantoorautomatisering, alsook voor de voertuigen (5 jaar).
4.2.1. Investeringen.
Tabel nr. 4.3 beschrijft de voorziene investeringen met de volgende rubrieken :
a. schakelsysteem en systeem voor database (PNC & PAC);
b. systeem voor netwerkbeheer;
c. radioapparatuur;
d. transmissieapparatuur;
e. inrichting van de antennesites;
f. onroerend goed (terreinen en gebouwen);
g. facturatie- en andere computersystemen;
h. meetapparatuur;
i. voertuigen;
j. vervangingsinvesteringen;
k. overige investeringen (te verduidelijken);
l. totaal van de investeringen.
4.2.2. Vooruitzichten met betrekking tot de balans.
Tabel nr. 4.4 beschrijft de evolutie van de balans met de volgende rubrieken :
a. lichamelijke vaste activa;
b. voorraden, schuldvorderingen en overige activa in omloop;
c. totaal van de activa (c = a + b);
d. bedrijfskapitaal;
e. reserves;
f. netto-resultaat van het boekjaar;
g. eigen vermogen (g = d + e + f);
h. voorzieningen voor risico's en lasten;
i. bankleningen;
j. schulden op korte termijn;
k. vlottende schuld;
l. totaal van de passiva (l = g + h + i + j + k).
4.2.3. Exploitatiekosten.
Tabel nr. 4.5 beschrijft de voorziene exploitatiekosten :
a. huren van aansluitingslijnen;
b. eventuele interconnectiekosten;
c. roamingkosten;
d. personeelskosten;
e. sociale en werkgeverslasten;
f. commissie op de distributiekanalen;
g. kosten voor marketing en reclame;
h. huren van sites en andere kosten van onroerende aard (verwarming, elektriciteit, enz.);
i. kosten voor het onderhoud van het netwerk;
j. rechten aan het BIPT;
k. administratieve en algemene kosten;
l. voorzieningen voor dubieuze vorderingen;
m. allerlei (te verduidelijken);
n. totaal van de exploitatiekosten.
4.2.4. Omzet (structuur van de inkomsten).
Tabel nr. 4.6 geeft de evolutie weer van de verwachte inkomsten :
a. activeringskosten;
b. abonnementen;
c. inkomsten uit oproepen;
d. inkomsten uit roaming;
e. bijkomende diensten en diensten met toegevoegde waarde;
f. verkoop van eindtoestellen;
g. andere inkomsten (te verduidelijken);
h. totale omzet.
4.2.5. Winst- en verliesrekening.
Tabel nr. 4.7 neemt de cijfers over met betrekking tot de resultatenrekening van het lopende boekjaar :
a. omzet;
b. exploitatiekosten;
c. resultaat vóór afschrijvingen, financiële lasten en belastingen (c = a - b);
d. afschrijvingen;
e. financiële lasten;
f. vennootschapsbelasting;
g. netto-resultaat (g = c - d - e - f);
h. gecumuleerd netto-resultaat.
4.2.6. Analyse van de jaarlijkse en gecumuleerde cash-flow
Tabel nr. 4.8 verduidelijkt de evolutie van de parameters die de cash-flow van de onderneming bepalen :
a. totale investeringsuitgaven;
b. schommelingen in het bedrijfskapitaal;
c. resultaten vóór afschrijvingen, financiële lasten en belastingen;
d. financiële lasten en belastingen;
e. kapitaalinbreng;
f. leningen;
g. terugbetalingen van leningen;
h. netto-cash-flow (h = - a + b + c - d + e + f - g);
i. gecumuleerde netto-cash-flow.
4.2.7. Termijnen voor rentabilisering.
De kandidaat preciseert de termijnen die in zijn project vereist zijn om te komen tot :
a. het "break-even point" waarop de "cash-flow" van het lopende boekjaar positief wordt;
b. het grote evenwicht van het project wanneer de gecumuleerde "cash-flow" positief wordt;
c. de terugverdientijd inzake investeringen ("payback").
4.2.8. Coëfficiënten inzake beheer.
Tabel nr. 4.9 vat de ontwikkeling doorheen de tijd samen van de verschillende hierna volgende coëfficiënten waarmee het financiële beheer van het project kan worden samengevat :
a. solvabiliteitscoëfficiënt = eigen vermogen/totale activa;
b. liquiditeitscoëfficiënt = (voorraden + realiseerbare of beschikbare waarden)/opvorderbare passiva (schulden op korte termijn);
c. rentabiliteitscoëfficiënt van eigen kapitaal = netto-winst na belastingen/eigen kapitaal;
d. "Return On Investment" (ROI.) = netto-resultaat van het boekjaar/totaal van de activa.
4.2.9. Rentabiliteitsindicatoren.
De kandidaat geeft de waarden aan van de verschillende parameters waarmee de rentabiliteit van zijn project kan worden ingeschat :
a. netto-actuele waarde (NPV.) voor een actualiseringsgraad van 10 %;
b. interne rendementsgraad (IRR.).
4.3. Gevoeligheid van het ondernemingsplan.
4.3.1. Analyses inzake de gevoeligheid van het ondernemingsplan.
De kandidaat geeft de invloed aan op de netto-geactualiseerde waarde en op de interne rendementsgraad van de afwijkingen van de volgende parameters ten opzichte van de veronderstellingen die hij in zijn ondernemingsplan heeft gedaan :
4.3.1.1. aantal abonnees van de operator = - 10 % ten opzichte van de prognoses;
4.3.1.2. kosten van de apparatuur voor het netwerk = + 10 %;
4.3.1.3. kosten van de kapitalen = + 5 %;
4.3.1.4. vertraging in het opstarten van de dienst = zes maanden;
4.3.1.5. gemiddeld gebruik per abonnee = + 20 % et - 20 %;
4.3.1.6. exploitatiekosten = + 10 %;
4.3.1.7. verlaging met 10 % van het gemiddelde tariefniveau ten opzichte van de prognoses.
4.3.2. Wijzigingen op de markt.
De kandidaat zet de gevolgen uiteen op zijn hypotheses en zijn ondernemingsplan van mogelijke aanzienlijke wijzigingen van de concurrentiesituatie op de semafoniemarkt, met name :
4.3.2.1. eventuele intrede van nieuwe operatoren op de Belgische semafoniemarkt;
4.3.2.2. toegenomen concurrentie van de cellulaire netten (cf. GSM SMS) met een gepaste en concurrentiële tarifering voor semafoontoepassingen;
4.3.2.3. eventuele introductie van tweerichtingssemafonie (" two way paging ");
4.3.2.4. opkomst van andere nieuwe technologieën (met name nieuwe satellietsystemen);
4.3.2.5. mogelijke wijzigingen in het regelgevingskader, met name wat betreft de infrastructuur, de interconnectievoorwaarden en de " service providers";
4.3.2.6. andere mogelijke invloeden.
Art. M5. 4. Aspects financiers.
4.1. Capacité financière du candidat.
4.1.1. Financement.
Sur la base du plan d'entreprise décrit dans la section 4.2., le candidat décrit ses plans relatifs au financement de son projet et indique au moyen du tableau n° 4.1. l'évolution des différentes paramètres suivants :
a. l'apport en fonds propres des différents partenaires;
b. les besoins en financement externe;
c. l'appel à des capitaux externes par emprunts bancaires et obligataires;
d. la mise en bourse éventuelle d'une partie de la société.
Le candidat décrit en outre :
4.1.2. les possibilités et modalités de capitalisation boursière de la future société;
4.1.3. son aptitude à lever des fonds sur le marché des capitaux;
4.1.4. la compétence utile dont il dispose dans la gestion d'investissements similaires;
4.1.5. la nature des garanties financières (garantie bancaire éventuelle ainsi que les garanties offertes par les actionnaires ou la maison mère);
4.1.6. une évaluation des risques financiers pris par les membres du consortium.
4.1.7. Situation financière des partenaires.
Le dossier de candidature comporte un tableau n° 4.2. indiquant, pour chacun des membres de l'association :
a. son apport en capital à la nouvelle société;
b. son résultat net du dernier exercice comptable;
c. ses fonds propres;
d. sa dette nette;
e. sa notation bancaire.
4.2. Plan d'entreprise (" business plan ").
Le plan d'entreprise est fondé sur les hypothèses financières suivantes :
a. taux d'inflation à long terme = 2,5 % par an;
b. montants exprimés en francs courants;
c. stabilité des cours de change;
d. niveau d'imposition des sociétés inchangé;
e. amortissement linéaire des investissements avec les taux suivants :
- 4 % par an pour l'immobilier (25 ans);
- 12,5 % par an pour les équipements du réseau (8 ans);
- 20 % par an pour l'équipement informatique et bureautique ainsi que les véhicules (5 ans).
4.2.1. Investissements.
Le tableau n° 4.3. décrit les investissements prévus avec les rubriques suivantes :
a. système de commutation et de base de données (PNC et PAC);
b. système de gestion du réseau;
c. équipements radioélectriques;
d. équipements de transmission;
e. aménagement des sites d'antennes;
f. immobilier (terrains et construction);
g. systèmes de facturation et autres systèmes informatiques;
h. appareillage de mesures;
i. véhicules;
j. investissements de remplacement;
k. autres investissements (à préciser);
l. total des investissements.
4.2.2. Prévision de bilan.
Le tableau n° 4.4. décrit l'évolution du bilan avec les rubriques suivantes :
a. immobilisations corporelles;
b. stocks, créances et autres actifs circulants;
c. total de l'actif (c = a + b);
d. capital engagé;
e. réserves;
f. résultat net de l'exercice;
g. fonds propres (g = d + e + f);
h. provisions pour risques et charges;
i. emprunts bancaires;
j. dettes à court terme;
k. passifs circulants;
l. total du passif (l = g + h + i + j + k).
4.2.3. Charges d'exploitation.
Le tableau n° 4.5. décrit les charges d'exploitation prévues :
a. locations de lignes de raccordement;
b. coût éventuel d'interconnexion;
c. frais de roaming;
d. frais de personnel;
e. charges sociales et patronales;
f. commission aux canaux de distribution;
g. frais de marketing et de publicité;
h. location de sites et autres frais immobiliers (chauffage, électricité, etc.);
i. frais de maintenance du réseau;
j. redevances à l'IBPT.;
k. frais administratifs et généraux;
l. provisions pour créances douteuses;
m. divers (à préciser);
n. total des charges d'exploitation.
4.2.4. Chiffre d'affaires (structure des revenus).
Le tableau n° 4.6. indique l'évolution des revenus escomptés :
a. frais d'activation;
b. abonnements;
c. revenus des appels;
d. revenus du roaming;
e. services supplémentaires et à valeur ajoutée;
f. ventes d'appareils terminaux;
g. autres revenus (à préciser);
h. chiffre d'affaires total.
4.2.5. Compte des pertes et profits.
Le tableau n° 4.7. reprend les chiffres relatifs à l'évolution du compte des résultats de l'exercice courant :
a. chiffre d'affaires;
b. charges d'exploitation;
c. résultat avant amortissements, charges financières et impôts (c = a - b);
d. amortissements;
e. charges financières;
f. impôts sur les sociétés;
g. résultat net (g = c - d - e - f);
h. résultat net cumulé.
4.2.6. Analyse de cash-flow annuel et cumulé.
Le tableau n° 4.8. précise l'évolution des paramètres déterminant le cash-flow de l'entreprise :
a. dépenses totales d'investissement;
b. variations du fonds de roulement;
c. résultats avant amortissements, charges financières et impôts;
d. charges financières et impôts;
e. apports en capital;
f. emprunts;
g. remboursements d'emprunts;
h. cash-flow net (h = - a + b + c - d + e + f - g);
i. cash-flow net cumulé.
4.2.7. Délais de rentabilisation.
Le candidat précise les délais requis dans son projet pour atteindre :
a. le " break-even point " pour lequel le " cash-flow " de l'exercice courant devient positif;
b. le grand équilibre du projet lorsque le " cash-flow " cumulé devient positif;
c. le délai de récupération des investissements (" payback ").
4.2.8. Ratios de gestion.
Le tableau n° 4.9. résume l'évolution au cours du temps des différents ratios suivants permettant de synthétiser la gestion financière du projet :
a. ratio de solvabilité = fonds propres / actif total;
b. ratio de liquidité = (stocks + valeurs réalisables ou disponibles) / passif exigible (dettes à court terme);
c. ratio de rentabilité des capitaux propres = bénéfice net après impôts / capitaux propres;
d. " Return On Investment " (ROI.) = résultat net de l'exercice / total des actifs.
4.2.9. Indicateurs de rentabilité.
Le candidat indique les valeurs des différents paramètres permettant d'apprécier la rentabilité de son projet :
a. valeur actualisée nette (NPV.) pour un taux d'actualisation de 10 %;
b. taux de rendement interne (IRR.).
4.3. Sensibilité du plan d'entreprises.
4.3.1. Analyses de sensibilité du plan d'entreprise.
Le candidat indique l'effet sur la valeur actualisée nette et sur le taux de rendement interne des écarts des paramètres suivants par rapport aux hypothèses adoptées dans son plan d'entreprise :
4.3.1.1. nombre d'abonnés de l'opérateur = - 10 % par rapport aux prévisions;
4.3.1.2. coûts des équipements pour le réseau = + 10 %;
4.3.1.3. coûts des capitaux = + 5 %;
4.3.1.4. retard dans le lancement du service = six mois;
4.3.1.5. usage moyen par abonné = + 20 % et - 20 %;
4.3.1.6. coûts d'exploitation = + 10 %;
4.3.1.7. baisse du niveau moyen des tarifs par rapport aux prévisions de 10 %.
4.3.2. Modifications du marché.
Le candidat expose les implications sur ses hypothèses et son plan d'entreprise de modifications substantielles possibles de la situation concurrentielle sur le marché de la radiomessagerie, notamment :
4.3.2.1. apparition éventuelle de nouveaux opérateurs sur le marché belge de la radiomessagerie;
4.3.2.2. concurrence accrue des réseaux cellulaires (cf. GSM - SMS) avec une tarification appropriée et compétitive pour les applications de radiomessagerie;
4.3.2.3. apparition éventuelle de radiomessagerie bidirectionnelle (" two way paging ");
4.3.2.4. émergence d'autres nouvelles technologies (notamment les nouveaux systèmes par satellites);
4.3.2.5. changements possibles du cadre réglementaire, concernant notamment l'infrastructure, les conditions d'interconnexion et les " service providers ";
4.3.2.6. autres effets possibles.
4.1. Capacité financière du candidat.
4.1.1. Financement.
Sur la base du plan d'entreprise décrit dans la section 4.2., le candidat décrit ses plans relatifs au financement de son projet et indique au moyen du tableau n° 4.1. l'évolution des différentes paramètres suivants :
a. l'apport en fonds propres des différents partenaires;
b. les besoins en financement externe;
c. l'appel à des capitaux externes par emprunts bancaires et obligataires;
d. la mise en bourse éventuelle d'une partie de la société.
Le candidat décrit en outre :
4.1.2. les possibilités et modalités de capitalisation boursière de la future société;
4.1.3. son aptitude à lever des fonds sur le marché des capitaux;
4.1.4. la compétence utile dont il dispose dans la gestion d'investissements similaires;
4.1.5. la nature des garanties financières (garantie bancaire éventuelle ainsi que les garanties offertes par les actionnaires ou la maison mère);
4.1.6. une évaluation des risques financiers pris par les membres du consortium.
4.1.7. Situation financière des partenaires.
Le dossier de candidature comporte un tableau n° 4.2. indiquant, pour chacun des membres de l'association :
a. son apport en capital à la nouvelle société;
b. son résultat net du dernier exercice comptable;
c. ses fonds propres;
d. sa dette nette;
e. sa notation bancaire.
4.2. Plan d'entreprise (" business plan ").
Le plan d'entreprise est fondé sur les hypothèses financières suivantes :
a. taux d'inflation à long terme = 2,5 % par an;
b. montants exprimés en francs courants;
c. stabilité des cours de change;
d. niveau d'imposition des sociétés inchangé;
e. amortissement linéaire des investissements avec les taux suivants :
- 4 % par an pour l'immobilier (25 ans);
- 12,5 % par an pour les équipements du réseau (8 ans);
- 20 % par an pour l'équipement informatique et bureautique ainsi que les véhicules (5 ans).
4.2.1. Investissements.
Le tableau n° 4.3. décrit les investissements prévus avec les rubriques suivantes :
a. système de commutation et de base de données (PNC et PAC);
b. système de gestion du réseau;
c. équipements radioélectriques;
d. équipements de transmission;
e. aménagement des sites d'antennes;
f. immobilier (terrains et construction);
g. systèmes de facturation et autres systèmes informatiques;
h. appareillage de mesures;
i. véhicules;
j. investissements de remplacement;
k. autres investissements (à préciser);
l. total des investissements.
4.2.2. Prévision de bilan.
Le tableau n° 4.4. décrit l'évolution du bilan avec les rubriques suivantes :
a. immobilisations corporelles;
b. stocks, créances et autres actifs circulants;
c. total de l'actif (c = a + b);
d. capital engagé;
e. réserves;
f. résultat net de l'exercice;
g. fonds propres (g = d + e + f);
h. provisions pour risques et charges;
i. emprunts bancaires;
j. dettes à court terme;
k. passifs circulants;
l. total du passif (l = g + h + i + j + k).
4.2.3. Charges d'exploitation.
Le tableau n° 4.5. décrit les charges d'exploitation prévues :
a. locations de lignes de raccordement;
b. coût éventuel d'interconnexion;
c. frais de roaming;
d. frais de personnel;
e. charges sociales et patronales;
f. commission aux canaux de distribution;
g. frais de marketing et de publicité;
h. location de sites et autres frais immobiliers (chauffage, électricité, etc.);
i. frais de maintenance du réseau;
j. redevances à l'IBPT.;
k. frais administratifs et généraux;
l. provisions pour créances douteuses;
m. divers (à préciser);
n. total des charges d'exploitation.
4.2.4. Chiffre d'affaires (structure des revenus).
Le tableau n° 4.6. indique l'évolution des revenus escomptés :
a. frais d'activation;
b. abonnements;
c. revenus des appels;
d. revenus du roaming;
e. services supplémentaires et à valeur ajoutée;
f. ventes d'appareils terminaux;
g. autres revenus (à préciser);
h. chiffre d'affaires total.
4.2.5. Compte des pertes et profits.
Le tableau n° 4.7. reprend les chiffres relatifs à l'évolution du compte des résultats de l'exercice courant :
a. chiffre d'affaires;
b. charges d'exploitation;
c. résultat avant amortissements, charges financières et impôts (c = a - b);
d. amortissements;
e. charges financières;
f. impôts sur les sociétés;
g. résultat net (g = c - d - e - f);
h. résultat net cumulé.
4.2.6. Analyse de cash-flow annuel et cumulé.
Le tableau n° 4.8. précise l'évolution des paramètres déterminant le cash-flow de l'entreprise :
a. dépenses totales d'investissement;
b. variations du fonds de roulement;
c. résultats avant amortissements, charges financières et impôts;
d. charges financières et impôts;
e. apports en capital;
f. emprunts;
g. remboursements d'emprunts;
h. cash-flow net (h = - a + b + c - d + e + f - g);
i. cash-flow net cumulé.
4.2.7. Délais de rentabilisation.
Le candidat précise les délais requis dans son projet pour atteindre :
a. le " break-even point " pour lequel le " cash-flow " de l'exercice courant devient positif;
b. le grand équilibre du projet lorsque le " cash-flow " cumulé devient positif;
c. le délai de récupération des investissements (" payback ").
4.2.8. Ratios de gestion.
Le tableau n° 4.9. résume l'évolution au cours du temps des différents ratios suivants permettant de synthétiser la gestion financière du projet :
a. ratio de solvabilité = fonds propres / actif total;
b. ratio de liquidité = (stocks + valeurs réalisables ou disponibles) / passif exigible (dettes à court terme);
c. ratio de rentabilité des capitaux propres = bénéfice net après impôts / capitaux propres;
d. " Return On Investment " (ROI.) = résultat net de l'exercice / total des actifs.
4.2.9. Indicateurs de rentabilité.
Le candidat indique les valeurs des différents paramètres permettant d'apprécier la rentabilité de son projet :
a. valeur actualisée nette (NPV.) pour un taux d'actualisation de 10 %;
b. taux de rendement interne (IRR.).
4.3. Sensibilité du plan d'entreprises.
4.3.1. Analyses de sensibilité du plan d'entreprise.
Le candidat indique l'effet sur la valeur actualisée nette et sur le taux de rendement interne des écarts des paramètres suivants par rapport aux hypothèses adoptées dans son plan d'entreprise :
4.3.1.1. nombre d'abonnés de l'opérateur = - 10 % par rapport aux prévisions;
4.3.1.2. coûts des équipements pour le réseau = + 10 %;
4.3.1.3. coûts des capitaux = + 5 %;
4.3.1.4. retard dans le lancement du service = six mois;
4.3.1.5. usage moyen par abonné = + 20 % et - 20 %;
4.3.1.6. coûts d'exploitation = + 10 %;
4.3.1.7. baisse du niveau moyen des tarifs par rapport aux prévisions de 10 %.
4.3.2. Modifications du marché.
Le candidat expose les implications sur ses hypothèses et son plan d'entreprise de modifications substantielles possibles de la situation concurrentielle sur le marché de la radiomessagerie, notamment :
4.3.2.1. apparition éventuelle de nouveaux opérateurs sur le marché belge de la radiomessagerie;
4.3.2.2. concurrence accrue des réseaux cellulaires (cf. GSM - SMS) avec une tarification appropriée et compétitive pour les applications de radiomessagerie;
4.3.2.3. apparition éventuelle de radiomessagerie bidirectionnelle (" two way paging ");
4.3.2.4. émergence d'autres nouvelles technologies (notamment les nouveaux systèmes par satellites);
4.3.2.5. changements possibles du cadre réglementaire, concernant notamment l'infrastructure, les conditions d'interconnexion et les " service providers ";
4.3.2.6. autres effets possibles.
Art. M6. 5. Technische aspecten.
5.1. Architectuur van het netwerk.
De kandidaat geeft een gedetailleerde beschrijving van de beoogde architectuur van zijn netwerk. Hij preciseert door middel van een tabel nr. 5.1 de ontwikkeling van het aantal aangewende uitrustingen in zijn netwerk, wat betreft :
a. de basisstations (BS);
b. de "Paging Area Controllers" (PAC);
c. de "Paging Network Controllers" (PNC);
d. de eigen transmissieapparatuur;
e. de bij derden gehuurde aansluitingslijnen.
Voor elk soort uitrusting die met de categorieën a tot d hierboven overeenstemt worden de geschatte kosten per eenheid vermeld.
5.2. Dekking.
Tabel nr. 5.2 geeft de evolutie weer van de in procent uitgedrukte dekkingsgraad van :
a. het oppervlak van het Belgische grondgebied;
b. de Belgische residente bevolking;
c. het oppervlak van elk van de tien Belgische provincies en van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
De kandidaat voegt kaarten van België op schaal 1/300.000 bij waarop de dekkingsgraad van het grondgebied is aangegeven na respectievelijk één, twee en drie jaar (te rekenen vanaf de datum waarop de vergunning is toegekend).
5.3. Tijdschema voor de ontplooiing.
De kandidaat verduidelijkt de beoogde planning voor de verschillende etappes in de ontplooiing van zijn netwerk en in de commercialisering van zijn diensten.
In het bijzonder geeft de kandidaat de voorziene termijn op voor de commerciële opening van zijn dienst te rekenen vanaf de dag waarop de Minister hem de vergunning meedeelt.
5.4. Dimensionering van het netwerk.
De kandidaat zet de methode uiteen die hij voornemens is toe te passen om de verschillende bestanddelen van het netwerk op basis van zijn commerciële vooruitzichten correct te dimensioneren teneinde een gepaste kwaliteit van de dienst te waarborgen.
Tabel nr. 5.3 geeft de evolutie aan van de volgende parameters met betrekking tot het totale verkeer dat het netwerk correct zal kunnen verwerken op het piekuur :
a. aantal berichten (alle soorten dooreen);
b. totale volume van de gegevens (in Mbit).
5.5. Bijkomende diensten.
De voorwaarden in verband met de eventuele aanbieding van bijkomende diensten worden door de kandidaat uiteengezet, alsook de technische implicaties voor het netwerk. De veronderstelde gevolgen voor de ontwikkeling van het afgewikkelde verkeer worden voorgesteld.
5.6. Gebruik van de frequenties.
De kandidaat beschrijft de technische voorwaarden voor het gebruik van de toegewezen radiofrequenties, in het bijzonder wat betreft de internationale coördinatie met de buurlanden van België en de storingen. Hij vermeldt met name zijn eventuele prognoses met betrekking tot de noodzaak om een of meer bijkomende frequenties te krijgen.
5.7. Bediening van de wegtunnels.
De kandidaat geeft zijn plannen op met betrekking tot de dekking van de wegtunnels in België voor zijn semafoondienst.
5.8. Transmissienet.
De kandidaat beschrijft zijn plannen met betrekking tot de onderlinge aansluiting van de verschillende uitrustingen die zijn semafoonnet vormen, waarbij hij met name een onderscheid maakt tussen :
5.8.1. de vaste verbindingen die hij voornemens is van BELGACOM te huren;
5.8.2. de vaste verbindingen die hij voornemens is te huren van leveranciers van alternatieve infrastructuren;
5.8.3. de verbindingen die hij van plan is tot stand te brengen door middel van eigen infrastructuur.
In dat laatste geval verduidelijkt de kandidaat desnoods zijn bedoelingen en behoeften op het stuk van :
5.8.3.1. straalverbindingen, waarbij hij met name de uitrusting die hij wenst aan te leggen en de behoeften inzake radiofrequenties vermeldt;
5.8.3.2. satellietcommunicatie, waarbij hij de ruimtesector vermeldt die hij hoopt te gebruiken, de uitrusting van de geplande grondstations en de behoeften inzake het radiospectrum.
5.9. Technische interconnectie.
Wat betreft de interconnectie van zijn semafoonnet met andere telecommunicatienetten, in het bijzonder met het PSTN en het DCS-net van BELGACOM, geeft de kandidaat een beschrijving van :
5.9.1. de technische interfaces en protocols van zijn apparatuur die onderling met die telecommunicatienetten gekoppeld is;
5.9.2. de maatregelen die hij van plan is te treffen om een optimale interoperabiliteit te garanderen met de interfaces van de betrokken netwerken;
5.9.3. de menselijke middelen, en hun deskundigheid, die hij voornemens is in te zetten om zijn betrekkingen met BELGACOM te beheren op het stuk van interconnectie.
5.10. Nummeringsplan.
De kandidaat formuleert gepaste beschouwingen in verband met de integratie van zijn diensten in het nationale nummeringsplan en aangaande de toekomstige evolutie van zijn behoeften op dat gebied.
5.11. Technische criteria inzake kwaliteit van de dienst
De kandidaat verduidelijkt zijn doelstellingen in verband met de technische kwaliteit van zijn net en van de diensten die hij in België wil aanbieden. Daartoe geeft tabel nr. 5.4 de voorziene evolutie aan van de volgende kwaliteitsparameters die gemeten zijn overeenkomstig de relevante normen van het ETSI op het piekuur :
a. de faalkans van de berichtverzending;
b. de verzendingstermijn van de berichten voor prioriteitsniveau 2 (termijn < 10 minuten) bij de drie soorten berichten (met toon, numeriek, alfanumeriek);
c. de algemene graad van beschikbaarheid van het net en van zijn diensten.
5.12. Levering van de apparatuur.
De kandidaat geeft een beknopte beschrijving van de apparatuur die hij overweegt aan te kopen om zijn ERMES-semafoonnet tot stand te brengen, in het bijzonder wat betreft de mogelijke leveranciers, de procedure voor de selectie van die leveranciers en de technische karakteristieken.
De kandidaat vermeldt duidelijk de maatregelen die hij van plan is te nemen om zich te vergewissen van de perfecte overeenstemming van de uitrusting van zijn net die hij zal aankopen met de door het ETSI vastgestelde technische specificaties van het ERMES-systeem.
5.13. Technisch vermogen van het netwerk.
De aandacht van de kandidaten wordt gevestigd op het feit dat de technische kwaliteit van het netwerk, en meer bepaald het tijdschema voor de ontplooiing ervan en de verwezenlijkte dekking van het grondgebied en van de bevolking, een van de selectiecriteria zal vormen, overeenkomstig artikel 27, § 1, van het koninklijk besluit.
Daartoe evalueert de kandidaat zijn geschiktheid om de kwaliteitsdoelstellingen te behalen die hij in zijn kandidatuurdossier zal hebben voorgesteld, alsook de eventuele implicaties ingeval hij die doelstellingen niet verwezenlijkt.
5.1. Architectuur van het netwerk.
De kandidaat geeft een gedetailleerde beschrijving van de beoogde architectuur van zijn netwerk. Hij preciseert door middel van een tabel nr. 5.1 de ontwikkeling van het aantal aangewende uitrustingen in zijn netwerk, wat betreft :
a. de basisstations (BS);
b. de "Paging Area Controllers" (PAC);
c. de "Paging Network Controllers" (PNC);
d. de eigen transmissieapparatuur;
e. de bij derden gehuurde aansluitingslijnen.
Voor elk soort uitrusting die met de categorieën a tot d hierboven overeenstemt worden de geschatte kosten per eenheid vermeld.
5.2. Dekking.
Tabel nr. 5.2 geeft de evolutie weer van de in procent uitgedrukte dekkingsgraad van :
a. het oppervlak van het Belgische grondgebied;
b. de Belgische residente bevolking;
c. het oppervlak van elk van de tien Belgische provincies en van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
De kandidaat voegt kaarten van België op schaal 1/300.000 bij waarop de dekkingsgraad van het grondgebied is aangegeven na respectievelijk één, twee en drie jaar (te rekenen vanaf de datum waarop de vergunning is toegekend).
5.3. Tijdschema voor de ontplooiing.
De kandidaat verduidelijkt de beoogde planning voor de verschillende etappes in de ontplooiing van zijn netwerk en in de commercialisering van zijn diensten.
In het bijzonder geeft de kandidaat de voorziene termijn op voor de commerciële opening van zijn dienst te rekenen vanaf de dag waarop de Minister hem de vergunning meedeelt.
5.4. Dimensionering van het netwerk.
De kandidaat zet de methode uiteen die hij voornemens is toe te passen om de verschillende bestanddelen van het netwerk op basis van zijn commerciële vooruitzichten correct te dimensioneren teneinde een gepaste kwaliteit van de dienst te waarborgen.
Tabel nr. 5.3 geeft de evolutie aan van de volgende parameters met betrekking tot het totale verkeer dat het netwerk correct zal kunnen verwerken op het piekuur :
a. aantal berichten (alle soorten dooreen);
b. totale volume van de gegevens (in Mbit).
5.5. Bijkomende diensten.
De voorwaarden in verband met de eventuele aanbieding van bijkomende diensten worden door de kandidaat uiteengezet, alsook de technische implicaties voor het netwerk. De veronderstelde gevolgen voor de ontwikkeling van het afgewikkelde verkeer worden voorgesteld.
5.6. Gebruik van de frequenties.
De kandidaat beschrijft de technische voorwaarden voor het gebruik van de toegewezen radiofrequenties, in het bijzonder wat betreft de internationale coördinatie met de buurlanden van België en de storingen. Hij vermeldt met name zijn eventuele prognoses met betrekking tot de noodzaak om een of meer bijkomende frequenties te krijgen.
5.7. Bediening van de wegtunnels.
De kandidaat geeft zijn plannen op met betrekking tot de dekking van de wegtunnels in België voor zijn semafoondienst.
5.8. Transmissienet.
De kandidaat beschrijft zijn plannen met betrekking tot de onderlinge aansluiting van de verschillende uitrustingen die zijn semafoonnet vormen, waarbij hij met name een onderscheid maakt tussen :
5.8.1. de vaste verbindingen die hij voornemens is van BELGACOM te huren;
5.8.2. de vaste verbindingen die hij voornemens is te huren van leveranciers van alternatieve infrastructuren;
5.8.3. de verbindingen die hij van plan is tot stand te brengen door middel van eigen infrastructuur.
In dat laatste geval verduidelijkt de kandidaat desnoods zijn bedoelingen en behoeften op het stuk van :
5.8.3.1. straalverbindingen, waarbij hij met name de uitrusting die hij wenst aan te leggen en de behoeften inzake radiofrequenties vermeldt;
5.8.3.2. satellietcommunicatie, waarbij hij de ruimtesector vermeldt die hij hoopt te gebruiken, de uitrusting van de geplande grondstations en de behoeften inzake het radiospectrum.
5.9. Technische interconnectie.
Wat betreft de interconnectie van zijn semafoonnet met andere telecommunicatienetten, in het bijzonder met het PSTN en het DCS-net van BELGACOM, geeft de kandidaat een beschrijving van :
5.9.1. de technische interfaces en protocols van zijn apparatuur die onderling met die telecommunicatienetten gekoppeld is;
5.9.2. de maatregelen die hij van plan is te treffen om een optimale interoperabiliteit te garanderen met de interfaces van de betrokken netwerken;
5.9.3. de menselijke middelen, en hun deskundigheid, die hij voornemens is in te zetten om zijn betrekkingen met BELGACOM te beheren op het stuk van interconnectie.
5.10. Nummeringsplan.
De kandidaat formuleert gepaste beschouwingen in verband met de integratie van zijn diensten in het nationale nummeringsplan en aangaande de toekomstige evolutie van zijn behoeften op dat gebied.
5.11. Technische criteria inzake kwaliteit van de dienst
De kandidaat verduidelijkt zijn doelstellingen in verband met de technische kwaliteit van zijn net en van de diensten die hij in België wil aanbieden. Daartoe geeft tabel nr. 5.4 de voorziene evolutie aan van de volgende kwaliteitsparameters die gemeten zijn overeenkomstig de relevante normen van het ETSI op het piekuur :
a. de faalkans van de berichtverzending;
b. de verzendingstermijn van de berichten voor prioriteitsniveau 2 (termijn < 10 minuten) bij de drie soorten berichten (met toon, numeriek, alfanumeriek);
c. de algemene graad van beschikbaarheid van het net en van zijn diensten.
5.12. Levering van de apparatuur.
De kandidaat geeft een beknopte beschrijving van de apparatuur die hij overweegt aan te kopen om zijn ERMES-semafoonnet tot stand te brengen, in het bijzonder wat betreft de mogelijke leveranciers, de procedure voor de selectie van die leveranciers en de technische karakteristieken.
De kandidaat vermeldt duidelijk de maatregelen die hij van plan is te nemen om zich te vergewissen van de perfecte overeenstemming van de uitrusting van zijn net die hij zal aankopen met de door het ETSI vastgestelde technische specificaties van het ERMES-systeem.
5.13. Technisch vermogen van het netwerk.
De aandacht van de kandidaten wordt gevestigd op het feit dat de technische kwaliteit van het netwerk, en meer bepaald het tijdschema voor de ontplooiing ervan en de verwezenlijkte dekking van het grondgebied en van de bevolking, een van de selectiecriteria zal vormen, overeenkomstig artikel 27, § 1, van het koninklijk besluit.
Daartoe evalueert de kandidaat zijn geschiktheid om de kwaliteitsdoelstellingen te behalen die hij in zijn kandidatuurdossier zal hebben voorgesteld, alsook de eventuele implicaties ingeval hij die doelstellingen niet verwezenlijkt.
Art. M6. 5. Aspects techniques.
5.1. Architecture du réseau.
Le candidat donne une description détaillée de l'architecture envisagée pour son réseau. Il précise au moyen d'un tableau n°5.1. l'évolution du nombre d'équipements déployés dans son réseau, en ce qui concerne :
a. les stations de base (BS);
b. les " Paging Area Controller " (PAC);
c. les " Paging Network Controller " (PNC);
d. les équipements de transmission propres;
e. les lignes de raccordement louées à des tiers.
Pour chacun des types d'équipements correspondant aux catégories a à d ci-dessus, le coût unitaire estimé est indiqué.
5.2. Couverture.
Le tableau n°5.2. indique l'évolution du degré de couverture, exprimé en pourcents, de :
a. la surface du territoire belge;
b. la population résidente en Belgique;
c. la surface de chacune des dix provinces belges et de la Région de Bruxelles-Capitale.
Le candidat joint des cartes de Belgique à l'échelle 1/300.000ème indiquant le degré de couverture du territoire après respectivement un an, deux ans et trois ans (à compter à partir de la date d'octroi de la licence).
5.3. Calendrier de déploiement.
Le candidat précise le planning envisagé pour les différentes étapes de déploiement de son réseau et de commercialisation de ses services.
En particulier, le candidat indique le délai prévu pour l'ouverture commerciale de son service à compter à partir de la date de notification de son autorisation par le Ministre.
5.4. Dimensionnement du réseau.
Le candidat expose la méthodologie qu'il compte appliquer en vue de dimensionner correctement les différents composants du réseau en fonction de ses prévisions commerciales pour garantir une qualité de service adéquate.
Le tableau n° 5.3. indique l'évolution des paramètres suivants relatifs au trafic global que le réseau sera en mesure de traiter correctement à l'heure la plus chargée :
a. nombre de messages (tous types confondus);
b. volume total des données (en Mbit).
5.5. Services supplémentaires.
Les modalités relatives à l'offre éventuelle de services supplémentaires sont exposées par le candidat ainsi que les implications techniques pour le réseau. Les conséquences supposées sur l'évolution du trafic écoulé sont présentées.
5.6. Utilisation des fréquences.
Le candidat décrit les conditions techniques d'utilisation des fréquences radioélectriques allouées, pour ce qui concerne en particulier la coordination internationale avec les pays voisins de la Belgique et les interférences. Il indique notamment ses prévisions éventuelles concernant la nécessité d'obtenir une (ou des) fréquence(s) additionnelle(s).
5.7. Desserte des tunnels routiers.
Le candidat indique ses plans concernant la couverture des tunnels routiers en Belgique pour son service de radiomessagerie.
5.8. Réseau de transmission.
Le candidat décrit ses plans concernant le raccordement mutuel des différents équipements constituant son réseau de radiomessagerie en distinguant notamment :
5.8.1. les liaisons fixes qu'il compte louer à BELGACOM;
5.8.2. les liaisons fixes qu'il compte louer auprès de fournisseurs d'infrastructures alternatives;
5.8.3. les liaisons qu'il a l'intention de réaliser au moyen d'une infrastructure propre.
Dans ce dernier cas, le candidat précise, le cas échéant, ses intentions et ses besoins en matière de :
5.8.3.1. faisceaux hertziens, en indiquant notamment les équipements qu'il souhaite mettre en oeuvre et les besoins en fréquences radioélectriques;
5.8.3.2. télécommunications par satellites, en indiquant le secteur spatial qu'il compte employer, les équipements de stations terriennes prévus et les besoins en spectre radioélectrique.
5.9. Interconnexion technique.
En ce qui concerne l'interconnexion de son réseau de radiomessagerie avec d'autres réseaux de télécommunications, en particulier avec le RTPC et le réseau DCS de BELGACOM, le candidat décrit :
5.9.1. les interfaces et protocoles techniques de ses équipements interconnectés à ces réseaux de télécommunications;
5.9.2. les mesures qu'il compte prendre pour assurer une inter-opérabilité optimale avec les interfaces des réseaux en question;
5.9.3. les moyens humains, et leur expertise, qu'il compte mettre en oeuvre pour gérer ses relations avec BELGACOM en matière d'interconnexion.
5.10. Plan de numérotage.
Le candidat formule des considérations appropriées relatives à l'intégration de ses services dans le plan national de numérotage et à l'évolution future de ses besoins dans ce domaine.
5.11. Critères techniques de qualité de service.
Le candidat précise ses objectifs relatifs à la qualité technique de son réseau et des services qu'il compte offrir en Belgique. A cette fin, le tableau n°5.4. indique l'évolution prévue des paramètres de qualité suivants mesurés conformément aux normes pertinentes de l'ETSI. à l'heure la plus chargée :
a. le taux d'échec de l'envoi des messages;
b. le délai d'envoi des messages pour le niveau de priorité 2 (délai inférieur à 10 minutes) dans les trois cas de messages (tonalités, numériques, alphanumériques);
c. le taux de disponibilité générale du réseau et de ses services.
5.12. Fourniture des équipements.
Le candidat décrit succinctement les équipements qu'il envisage d'acquérir pour réaliser son réseau de radiomessagerie ERMES en ce qui concerne plus particulièrement les fournisseurs possibles, la procédure de sélection de ceux-ci et les caractéristiques techniques.
Le candidat précise les dispositions qu'il compte prendre pour s'assurer de la parfaite conformité des équipements de son réseau qu'il acquerra avec les spécifications techniques du système ERMES définies par l'ETSI..
5.13. Performances techniques du réseau.
L'attention des candidats est attirée sur le fait que la qualité technique du réseau, et notamment le calendrier de déploiement de celui-ci et la couverture réalisée du territoire et de la population, constituera un des critères de sélection aux termes de l'article 27, § 1er, de l'arrêté royal.
A cette fin, le candidat évaluera son aptitude à atteindre les objectifs de qualité qu'il aura proposés dans son dossier de candidature et les implications éventuelles en cas de non-respect desdits objectifs.
5.1. Architecture du réseau.
Le candidat donne une description détaillée de l'architecture envisagée pour son réseau. Il précise au moyen d'un tableau n°5.1. l'évolution du nombre d'équipements déployés dans son réseau, en ce qui concerne :
a. les stations de base (BS);
b. les " Paging Area Controller " (PAC);
c. les " Paging Network Controller " (PNC);
d. les équipements de transmission propres;
e. les lignes de raccordement louées à des tiers.
Pour chacun des types d'équipements correspondant aux catégories a à d ci-dessus, le coût unitaire estimé est indiqué.
5.2. Couverture.
Le tableau n°5.2. indique l'évolution du degré de couverture, exprimé en pourcents, de :
a. la surface du territoire belge;
b. la population résidente en Belgique;
c. la surface de chacune des dix provinces belges et de la Région de Bruxelles-Capitale.
Le candidat joint des cartes de Belgique à l'échelle 1/300.000ème indiquant le degré de couverture du territoire après respectivement un an, deux ans et trois ans (à compter à partir de la date d'octroi de la licence).
5.3. Calendrier de déploiement.
Le candidat précise le planning envisagé pour les différentes étapes de déploiement de son réseau et de commercialisation de ses services.
En particulier, le candidat indique le délai prévu pour l'ouverture commerciale de son service à compter à partir de la date de notification de son autorisation par le Ministre.
5.4. Dimensionnement du réseau.
Le candidat expose la méthodologie qu'il compte appliquer en vue de dimensionner correctement les différents composants du réseau en fonction de ses prévisions commerciales pour garantir une qualité de service adéquate.
Le tableau n° 5.3. indique l'évolution des paramètres suivants relatifs au trafic global que le réseau sera en mesure de traiter correctement à l'heure la plus chargée :
a. nombre de messages (tous types confondus);
b. volume total des données (en Mbit).
5.5. Services supplémentaires.
Les modalités relatives à l'offre éventuelle de services supplémentaires sont exposées par le candidat ainsi que les implications techniques pour le réseau. Les conséquences supposées sur l'évolution du trafic écoulé sont présentées.
5.6. Utilisation des fréquences.
Le candidat décrit les conditions techniques d'utilisation des fréquences radioélectriques allouées, pour ce qui concerne en particulier la coordination internationale avec les pays voisins de la Belgique et les interférences. Il indique notamment ses prévisions éventuelles concernant la nécessité d'obtenir une (ou des) fréquence(s) additionnelle(s).
5.7. Desserte des tunnels routiers.
Le candidat indique ses plans concernant la couverture des tunnels routiers en Belgique pour son service de radiomessagerie.
5.8. Réseau de transmission.
Le candidat décrit ses plans concernant le raccordement mutuel des différents équipements constituant son réseau de radiomessagerie en distinguant notamment :
5.8.1. les liaisons fixes qu'il compte louer à BELGACOM;
5.8.2. les liaisons fixes qu'il compte louer auprès de fournisseurs d'infrastructures alternatives;
5.8.3. les liaisons qu'il a l'intention de réaliser au moyen d'une infrastructure propre.
Dans ce dernier cas, le candidat précise, le cas échéant, ses intentions et ses besoins en matière de :
5.8.3.1. faisceaux hertziens, en indiquant notamment les équipements qu'il souhaite mettre en oeuvre et les besoins en fréquences radioélectriques;
5.8.3.2. télécommunications par satellites, en indiquant le secteur spatial qu'il compte employer, les équipements de stations terriennes prévus et les besoins en spectre radioélectrique.
5.9. Interconnexion technique.
En ce qui concerne l'interconnexion de son réseau de radiomessagerie avec d'autres réseaux de télécommunications, en particulier avec le RTPC et le réseau DCS de BELGACOM, le candidat décrit :
5.9.1. les interfaces et protocoles techniques de ses équipements interconnectés à ces réseaux de télécommunications;
5.9.2. les mesures qu'il compte prendre pour assurer une inter-opérabilité optimale avec les interfaces des réseaux en question;
5.9.3. les moyens humains, et leur expertise, qu'il compte mettre en oeuvre pour gérer ses relations avec BELGACOM en matière d'interconnexion.
5.10. Plan de numérotage.
Le candidat formule des considérations appropriées relatives à l'intégration de ses services dans le plan national de numérotage et à l'évolution future de ses besoins dans ce domaine.
5.11. Critères techniques de qualité de service.
Le candidat précise ses objectifs relatifs à la qualité technique de son réseau et des services qu'il compte offrir en Belgique. A cette fin, le tableau n°5.4. indique l'évolution prévue des paramètres de qualité suivants mesurés conformément aux normes pertinentes de l'ETSI. à l'heure la plus chargée :
a. le taux d'échec de l'envoi des messages;
b. le délai d'envoi des messages pour le niveau de priorité 2 (délai inférieur à 10 minutes) dans les trois cas de messages (tonalités, numériques, alphanumériques);
c. le taux de disponibilité générale du réseau et de ses services.
5.12. Fourniture des équipements.
Le candidat décrit succinctement les équipements qu'il envisage d'acquérir pour réaliser son réseau de radiomessagerie ERMES en ce qui concerne plus particulièrement les fournisseurs possibles, la procédure de sélection de ceux-ci et les caractéristiques techniques.
Le candidat précise les dispositions qu'il compte prendre pour s'assurer de la parfaite conformité des équipements de son réseau qu'il acquerra avec les spécifications techniques du système ERMES définies par l'ETSI..
5.13. Performances techniques du réseau.
L'attention des candidats est attirée sur le fait que la qualité technique du réseau, et notamment le calendrier de déploiement de celui-ci et la couverture réalisée du territoire et de la population, constituera un des critères de sélection aux termes de l'article 27, § 1er, de l'arrêté royal.
A cette fin, le candidat évaluera son aptitude à atteindre les objectifs de qualité qu'il aura proposés dans son dossier de candidature et les implications éventuelles en cas de non-respect desdits objectifs.
Art. M7. 6. Organisatorische aspecten.
6.1. Beheer van human resources.
6.1.1. Organisatie van de human resources.
De kandidaat geeft in zijn dossier :
6.1.1.1. een gedetailleerde beschrijving van het voorziene organigram voor de toekomstige entiteit van de operator en van de mechanismen met betrekking tot de besluitvorming;
6.1.1.2. een aanwijzing van de evolutie van het aantal personen die rechtstreeks worden tewerkgesteld op grond van hun kwalificatie- en specialisatieniveau;
6.1.1.3. een beschrijving van de human resources, die gekwalificeerd zijn op technisch, commercieel en operationeel vlak, die de leden van de vereniging zullen kunnen ter beschikking stellen van de operator om hem bij te staan bij de ontplooiing van zijn activiteiten;
6.1.1.4. een schatting van zijn vermogen om bijkomend personeel aan te werven en de daartoe beoogde procedure;
6.1.1.5. een opgave van de vormingsprogramma's die hij zijn personeel wil laten volgen in de verschillende domeinen die verband houden met de aanleg en de exploitatie van een semafoonnetwerk;
6.1.1.6. een demonstratie van het feit dat zijn organisatie het hem mogelijk zal maken om zijn verbintenissen na te komen in verband met de ontplooiing van zijn netwerk, alsook inzake de kwaliteit en betrouwbaarheid van de aangeboden dienst door de eventuele onderbrekingen in de werking zoveel mogelijk te beperken.
6.1.2. Tewerkstelling.
De kandidaat geeft in de vorm van "manjaren" een raming van de werkgelegenheid die in België door zijn bedrijvigheid wordt geschapen door middel van een tabel nr. 6.1 met daarin de volgende gegevens :
a. rechtstreekse tewerkstelling (personeel dat rechtstreeks afhangt van de operator);
b. kanalen voor commercialisatie en distributie;
c. fabrikanten en invoerders van apparatuur;
d. installatiewerkzaamheden in verband met het net;
e. allerlei (te preciseren);
f. totaal.
6.2. Commercialisering van de diensten.
6.2.1. Marketing.
De kandidaat beschrijft zijn plannen in verband met :
6.2.1.1. de organisatie van de promotie- en reclamecampagnes en de promotie van zijn imago;
6.2.1.2. de methode voor de identificatie van de abonnees waarop wordt gedoeld en voor de ontwikkeling van de aangepaste handelsstrategieën (dienstenpakketten, tarieven, distributiekanalen, enz.);
6.2.1.3. de analyse van de opportuniteit van de regionale markten.
6.2.2. Diensten aan de cliënteel.
De kandidaat beschrijft zijn aanpak van de organisatie en de dienstverlening van zijn dienst voor bijstand aan de cliënteel, met name wat betreft :
6.2.2.1. de termijn voor de activering van de nieuwe abonnees;
6.2.2.2. de nadere regels in verband met de toegang tot de hulpdienst, de antwoordtermijnen van die dienst, de openingsuren en de taalkennis van het personeel;
6.2.2.3. de behandeling van de klachten van de gebruikers;
6.2.2.4. het beheer van de fraude en slechte betalers;
6.2.2.5. zijn benadering van de publicatie van gidsen met betrekking tot de aangeboden diensten.
6.2.3. Internationale roaming.
De kandidaat beschrijft zijn strategie en de middelen die hij van plan is te ontplooien om "roaming"-akkoorden af te sluiten met andere ERMES-operatoren in België en in het buitenland, alsmede de voorwaarden die zullen worden aangeboden aan de reizende abonnees van andere ERMES-netten dan het net van de operator.
6.3. Planning en ontplooiing van het net.
De kandidaat beschrijft de middelen die hij van plan is te ontplooien om een efficiënte planning en ontplooiing van zijn netwerk te garanderen, met name wat betreft :
6.3.1. het informaticamiddel waarmee de planning kan worden opgesteld, in het bijzonder op het stuk van de radio-elektrische dekking van zijn ERMES-net;
6.3.2. de organisatie van de selectie van radiosites, van hun verwerving en van de nodige administratieve stappen voor het gebruik ervan. Het eventuele beroep op onderaannemers voor de identificatie en verwerving van antennesites moet worden vermeld samen met een korte beschrijving van de bekwaamheid van de beoogde maatschappijen;
6.3.3. de deskundigheid van de human resources die zijn ingezet voor de verschillende taken inzake planning en ontplooiing.
6.4. Onderhoud en technisch beheer.
De kandidaat beschrijft zijn plannen met name in verband met :
6.4.1. de controle van de verschillende parameters met betrekking tot de werking van het net;
6.4.2. de organisatie van het technische onderhoud van het net en van de diensten (systeem voor gecentraliseerd toezicht, technische interventieploegen, procedures en termijnen);
6.4.3. het verzamelen en verwerken van de gegevens in verband met het afgewikkelde verkeer met het oog op de instandhouding en verbetering van de kwaliteit van het net;
6.4.4. de beoogde meetapparatuur;
6.4.5. het beheer van de voorraad reserve-materiaal.
6.5. Facturering.
De kandidaat geeft een aanwijzing van het beoogde computersysteem voor het beheer van de database met betrekking tot de cliënteel en voor de facturering van zijn diensten.
6.1. Beheer van human resources.
6.1.1. Organisatie van de human resources.
De kandidaat geeft in zijn dossier :
6.1.1.1. een gedetailleerde beschrijving van het voorziene organigram voor de toekomstige entiteit van de operator en van de mechanismen met betrekking tot de besluitvorming;
6.1.1.2. een aanwijzing van de evolutie van het aantal personen die rechtstreeks worden tewerkgesteld op grond van hun kwalificatie- en specialisatieniveau;
6.1.1.3. een beschrijving van de human resources, die gekwalificeerd zijn op technisch, commercieel en operationeel vlak, die de leden van de vereniging zullen kunnen ter beschikking stellen van de operator om hem bij te staan bij de ontplooiing van zijn activiteiten;
6.1.1.4. een schatting van zijn vermogen om bijkomend personeel aan te werven en de daartoe beoogde procedure;
6.1.1.5. een opgave van de vormingsprogramma's die hij zijn personeel wil laten volgen in de verschillende domeinen die verband houden met de aanleg en de exploitatie van een semafoonnetwerk;
6.1.1.6. een demonstratie van het feit dat zijn organisatie het hem mogelijk zal maken om zijn verbintenissen na te komen in verband met de ontplooiing van zijn netwerk, alsook inzake de kwaliteit en betrouwbaarheid van de aangeboden dienst door de eventuele onderbrekingen in de werking zoveel mogelijk te beperken.
6.1.2. Tewerkstelling.
De kandidaat geeft in de vorm van "manjaren" een raming van de werkgelegenheid die in België door zijn bedrijvigheid wordt geschapen door middel van een tabel nr. 6.1 met daarin de volgende gegevens :
a. rechtstreekse tewerkstelling (personeel dat rechtstreeks afhangt van de operator);
b. kanalen voor commercialisatie en distributie;
c. fabrikanten en invoerders van apparatuur;
d. installatiewerkzaamheden in verband met het net;
e. allerlei (te preciseren);
f. totaal.
6.2. Commercialisering van de diensten.
6.2.1. Marketing.
De kandidaat beschrijft zijn plannen in verband met :
6.2.1.1. de organisatie van de promotie- en reclamecampagnes en de promotie van zijn imago;
6.2.1.2. de methode voor de identificatie van de abonnees waarop wordt gedoeld en voor de ontwikkeling van de aangepaste handelsstrategieën (dienstenpakketten, tarieven, distributiekanalen, enz.);
6.2.1.3. de analyse van de opportuniteit van de regionale markten.
6.2.2. Diensten aan de cliënteel.
De kandidaat beschrijft zijn aanpak van de organisatie en de dienstverlening van zijn dienst voor bijstand aan de cliënteel, met name wat betreft :
6.2.2.1. de termijn voor de activering van de nieuwe abonnees;
6.2.2.2. de nadere regels in verband met de toegang tot de hulpdienst, de antwoordtermijnen van die dienst, de openingsuren en de taalkennis van het personeel;
6.2.2.3. de behandeling van de klachten van de gebruikers;
6.2.2.4. het beheer van de fraude en slechte betalers;
6.2.2.5. zijn benadering van de publicatie van gidsen met betrekking tot de aangeboden diensten.
6.2.3. Internationale roaming.
De kandidaat beschrijft zijn strategie en de middelen die hij van plan is te ontplooien om "roaming"-akkoorden af te sluiten met andere ERMES-operatoren in België en in het buitenland, alsmede de voorwaarden die zullen worden aangeboden aan de reizende abonnees van andere ERMES-netten dan het net van de operator.
6.3. Planning en ontplooiing van het net.
De kandidaat beschrijft de middelen die hij van plan is te ontplooien om een efficiënte planning en ontplooiing van zijn netwerk te garanderen, met name wat betreft :
6.3.1. het informaticamiddel waarmee de planning kan worden opgesteld, in het bijzonder op het stuk van de radio-elektrische dekking van zijn ERMES-net;
6.3.2. de organisatie van de selectie van radiosites, van hun verwerving en van de nodige administratieve stappen voor het gebruik ervan. Het eventuele beroep op onderaannemers voor de identificatie en verwerving van antennesites moet worden vermeld samen met een korte beschrijving van de bekwaamheid van de beoogde maatschappijen;
6.3.3. de deskundigheid van de human resources die zijn ingezet voor de verschillende taken inzake planning en ontplooiing.
6.4. Onderhoud en technisch beheer.
De kandidaat beschrijft zijn plannen met name in verband met :
6.4.1. de controle van de verschillende parameters met betrekking tot de werking van het net;
6.4.2. de organisatie van het technische onderhoud van het net en van de diensten (systeem voor gecentraliseerd toezicht, technische interventieploegen, procedures en termijnen);
6.4.3. het verzamelen en verwerken van de gegevens in verband met het afgewikkelde verkeer met het oog op de instandhouding en verbetering van de kwaliteit van het net;
6.4.4. de beoogde meetapparatuur;
6.4.5. het beheer van de voorraad reserve-materiaal.
6.5. Facturering.
De kandidaat geeft een aanwijzing van het beoogde computersysteem voor het beheer van de database met betrekking tot de cliënteel en voor de facturering van zijn diensten.
Art. M7. 6. Aspects organisationnels.
6.1. Gestion des ressources humaines.
6.1.1. Organisation des ressources humaines.
Le candidat fournit dans son dossier :
6.1.1.1. une description détaillée de l'organigramme prévu pour la future entité de l'opérateur et des mécanismes de prise de décisions;
6.1.1.2. une indication de l'évolution du nombre de personnes employées directement en fonction de leur niveau de qualification et de spécialisation;
6.1.1.3. une description des ressources humaines qualifiées, sur les plans technique, commercial et opérationnel, que les membres de l'association pourront mettre à la disposition de l'opérateur pour l'assister dans le déploiement de ses activités;
6.1.1.4. une estimation de sa capacité d'embaucher du personnel supplémentaire et la procédure envisagée à cet effet;
6.1.1.5. une indication des programmes de formation qu'il compte faire suivre à son personnel dans les différents domaines liés à la mise en oeuvre et à l'exploitation d'un réseau de radiomessagerie;
6.1.1.6. une démonstration que son organisation lui permettra de respecter ses engagements en matière de déploiement de son réseau ainsi que de qualité et de fiabilité du service offert en limitant au maximum les interruptions de fonctionnement éventuelles.
6.1.2. Emploi.
Le candidat donne une estimation de l'emploi généré en Belgique, sous forme d'" hommes-années ", par son activité au moyen d'un tableau n° 6.1. avec les données suivantes :
a. emploi direct (personnel dépendant directement de l'opérateur);
b. canaux de commercialisation et de distribution;
c. fabricants et importateurs d'équipements;
d. travaux d'installation du réseau;
e. divers (à préciser);
f. total.
6.2. Commercialisation des services.
6.2.1. Marketing.
Le candidat décrit ses intentions en ce qui concerne :
6.2.1.1. l'organisation de campagnes de promotion et de publicité et la promotion de son image de marque;
6.2.1.2. la méthodologie d'identification des abonnés cibles et de développement de stratégies commerciales adaptées (paquets de services, tarifs, canaux de distribution, etc.);
6.2.1.3. l'analyse de l'opportunité de marchés régionaux.
6.2.2. Services à la clientèle.
Le candidat décrit son approche en ce qui concerne l'organisation et les performances de son service d'assistance à la clientèle, en ce qui concerne notamment :
6.2.2.1. le délai d'activation des nouveaux abonnés;
6.2.2.2. les modalités d'accès au service d'assistance, les délais de réponse de ce service, les heures d'accès et l'aptitude linguistique du personnel;
6.2.2.3. le traitement des plaintes des usagers;
6.2.2.4. la gestion de la fraude et des mauvais payeurs;
6.2.2.5. son approche en matière de publication d'annuaires relatifs aux services offerts.
6.2.3. Roaming international.
Le candidat décrit la stratégie et les moyens qu'il compte déployer en vue de conclure des accords de " roaming " avec d'autres opérateurs ERMES en Belgique et à l'étranger ainsi que les conditions qui seront offertes aux abonnés itinérants de réseaux ERMES autres que celui de l'opérateur.
6.3. Planification et déploiement du réseau.
Le candidat décrit les moyens qu'il compte déployer pour assurer une planification et un déploiement efficaces de son réseau, en ce qui concerne notamment :
6.3.1. l'outil informatique permettant la planification, particulièrement sur le plan de la couverture radioélectrique, de son réseau ERMES;
6.3.2. l'organisation de la sélection de sites radio, de leur acquisition et des démarches administratives nécessaires relatives à leur utilisation. Le recours éventuel à des sous-traitants pour l'identification et l'acquisition des sites d'antennes sera indiqué avec une brève description des compétences des sociétés envisagées;
6.3.3. l'expertise des ressources humaines mises en oeuvre pour les diverses tâches de planification et de déploiement.
6.4. Maintenance et gestion technique.
Le candidat décrit ses projets concernant notamment :
6.4.1. le contrôle des différents paramètres de fonctionnement du réseau;
6.4.2. l'organisation de la maintenance technique du réseau et des services (système de supervision centralisée, équipes techniques d'intervention, procédures et délais);
6.4.3. la récolte et le traitement des données relatives au trafic écoulé en vue de maintenir et d'améliorer la qualité du réseau;
6.4.4. l'appareillage de mesures envisagé;
6.4.5. la gestion du stock de matériel de réserve.
6.5. Facturation.
Le candidat donne une indication du système informatique prévu pour la gestion de la base de données relative à la clientèle et pour la facturation de ses services.
6.1. Gestion des ressources humaines.
6.1.1. Organisation des ressources humaines.
Le candidat fournit dans son dossier :
6.1.1.1. une description détaillée de l'organigramme prévu pour la future entité de l'opérateur et des mécanismes de prise de décisions;
6.1.1.2. une indication de l'évolution du nombre de personnes employées directement en fonction de leur niveau de qualification et de spécialisation;
6.1.1.3. une description des ressources humaines qualifiées, sur les plans technique, commercial et opérationnel, que les membres de l'association pourront mettre à la disposition de l'opérateur pour l'assister dans le déploiement de ses activités;
6.1.1.4. une estimation de sa capacité d'embaucher du personnel supplémentaire et la procédure envisagée à cet effet;
6.1.1.5. une indication des programmes de formation qu'il compte faire suivre à son personnel dans les différents domaines liés à la mise en oeuvre et à l'exploitation d'un réseau de radiomessagerie;
6.1.1.6. une démonstration que son organisation lui permettra de respecter ses engagements en matière de déploiement de son réseau ainsi que de qualité et de fiabilité du service offert en limitant au maximum les interruptions de fonctionnement éventuelles.
6.1.2. Emploi.
Le candidat donne une estimation de l'emploi généré en Belgique, sous forme d'" hommes-années ", par son activité au moyen d'un tableau n° 6.1. avec les données suivantes :
a. emploi direct (personnel dépendant directement de l'opérateur);
b. canaux de commercialisation et de distribution;
c. fabricants et importateurs d'équipements;
d. travaux d'installation du réseau;
e. divers (à préciser);
f. total.
6.2. Commercialisation des services.
6.2.1. Marketing.
Le candidat décrit ses intentions en ce qui concerne :
6.2.1.1. l'organisation de campagnes de promotion et de publicité et la promotion de son image de marque;
6.2.1.2. la méthodologie d'identification des abonnés cibles et de développement de stratégies commerciales adaptées (paquets de services, tarifs, canaux de distribution, etc.);
6.2.1.3. l'analyse de l'opportunité de marchés régionaux.
6.2.2. Services à la clientèle.
Le candidat décrit son approche en ce qui concerne l'organisation et les performances de son service d'assistance à la clientèle, en ce qui concerne notamment :
6.2.2.1. le délai d'activation des nouveaux abonnés;
6.2.2.2. les modalités d'accès au service d'assistance, les délais de réponse de ce service, les heures d'accès et l'aptitude linguistique du personnel;
6.2.2.3. le traitement des plaintes des usagers;
6.2.2.4. la gestion de la fraude et des mauvais payeurs;
6.2.2.5. son approche en matière de publication d'annuaires relatifs aux services offerts.
6.2.3. Roaming international.
Le candidat décrit la stratégie et les moyens qu'il compte déployer en vue de conclure des accords de " roaming " avec d'autres opérateurs ERMES en Belgique et à l'étranger ainsi que les conditions qui seront offertes aux abonnés itinérants de réseaux ERMES autres que celui de l'opérateur.
6.3. Planification et déploiement du réseau.
Le candidat décrit les moyens qu'il compte déployer pour assurer une planification et un déploiement efficaces de son réseau, en ce qui concerne notamment :
6.3.1. l'outil informatique permettant la planification, particulièrement sur le plan de la couverture radioélectrique, de son réseau ERMES;
6.3.2. l'organisation de la sélection de sites radio, de leur acquisition et des démarches administratives nécessaires relatives à leur utilisation. Le recours éventuel à des sous-traitants pour l'identification et l'acquisition des sites d'antennes sera indiqué avec une brève description des compétences des sociétés envisagées;
6.3.3. l'expertise des ressources humaines mises en oeuvre pour les diverses tâches de planification et de déploiement.
6.4. Maintenance et gestion technique.
Le candidat décrit ses projets concernant notamment :
6.4.1. le contrôle des différents paramètres de fonctionnement du réseau;
6.4.2. l'organisation de la maintenance technique du réseau et des services (système de supervision centralisée, équipes techniques d'intervention, procédures et délais);
6.4.3. la récolte et le traitement des données relatives au trafic écoulé en vue de maintenir et d'améliorer la qualité du réseau;
6.4.4. l'appareillage de mesures envisagé;
6.4.5. la gestion du stock de matériel de réserve.
6.5. Facturation.
Le candidat donne une indication du système informatique prévu pour la gestion de la base de données relative à la clientèle et pour la facturation de ses services.
Art. M8. 7. Aspecten in verband met ervaring.
De kandidaat beschrijft zijn ervaring of die van zijn partners wat de technische, commerciële of operationele aspecten betreft op de volgende gebieden :
7.1. het opzetten en het beheer van mobiele telecommunicatiediensten, en van semafonie in het bijzonder;
7.2. het opzetten en het beheer van andere telecommunicatiediensten die op vaste netten worden verricht;
7.3. de mededinging op een voor concurrentie opengestelde markt;
7.4. de kennis van de ontwikkeling van de Belgische en de Europese markt op het gebied van semafonie;
7.5. de beheersing van de specificiteiten van het paneuropese ERMES-semafoniesysteem;
7.6. de vooruitzichten inzake technische en/of commerciële vernieuwing op grond van de ervaring die de leden van de vereniging hebben opgedaan.
De Minister van Economie en Telecommunicatie,
E. DI RUPO
De kandidaat beschrijft zijn ervaring of die van zijn partners wat de technische, commerciële of operationele aspecten betreft op de volgende gebieden :
7.1. het opzetten en het beheer van mobiele telecommunicatiediensten, en van semafonie in het bijzonder;
7.2. het opzetten en het beheer van andere telecommunicatiediensten die op vaste netten worden verricht;
7.3. de mededinging op een voor concurrentie opengestelde markt;
7.4. de kennis van de ontwikkeling van de Belgische en de Europese markt op het gebied van semafonie;
7.5. de beheersing van de specificiteiten van het paneuropese ERMES-semafoniesysteem;
7.6. de vooruitzichten inzake technische en/of commerciële vernieuwing op grond van de ervaring die de leden van de vereniging hebben opgedaan.
De Minister van Economie en Telecommunicatie,
E. DI RUPO
Art. M8. 7. Aspects liés à l'expérience.
Le candidat décrit son expérience ou celle de ses partenaires, en ce qui concerne les aspects techniques, commerciaux et opérationnels, dans les domaines suivants :
7.1. la mise en oeuvre et la gestion de services de télécommunications mobiles, et de radiomessagerie en particulier;
7.2. la mise en oeuvre et la gestion d'autres services de télécommunications offerts sur des réseaux fixes;
7.3. la concurrence dans un marché ouvert à la compétition;
7.4. la connaissance du développement des marchés belge et européen en matière de radiomessagerie;
7.5. la maîtrise des spécificités du système pan-européen de radiomessagerie ERMES;
7.6. les perspectives d'innovation technique et/ou commerciale sur la base de l'expérience accumulée par les membres de l'association.
Le Ministre de l'Economie et des Télécommunications,
E. DI RUPO
Le candidat décrit son expérience ou celle de ses partenaires, en ce qui concerne les aspects techniques, commerciaux et opérationnels, dans les domaines suivants :
7.1. la mise en oeuvre et la gestion de services de télécommunications mobiles, et de radiomessagerie en particulier;
7.2. la mise en oeuvre et la gestion d'autres services de télécommunications offerts sur des réseaux fixes;
7.3. la concurrence dans un marché ouvert à la compétition;
7.4. la connaissance du développement des marchés belge et européen en matière de radiomessagerie;
7.5. la maîtrise des spécificités du système pan-européen de radiomessagerie ERMES;
7.6. les perspectives d'innovation technique et/ou commerciale sur la base de l'expérience accumulée par les membres de l'association.
Le Ministre de l'Economie et des Télécommunications,
E. DI RUPO