Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
24 NOVEMBER 1997. - Omzendbrief betreffende de structuur van het kandidatuurdossier met het oog op het verkrijgen van een vergunning voor het opzetten en exploiteren van een net voor mobiele telefonie in België volgens de DCS-1800-norm.
Titre
24 NOVEMBRE 1997. - Circulaire portant sur la structure du dossier de candidature en vue de l'obtention d'une autorisation d'établir et d'exploiter un réseau de mobilophonie en Belgique selon la norme DCS-1800.
Tekst (9)
Texte (9)
Artikel M. (Om technische redenen wordt deze omzendbrief onderverdeeld in fictieve artikelen : M1-M8).
Article M. (Pour des raisons techniques, cette circulaire a été subdivisée en articles fictifs : M1 - M8).
Art. M1. 0. Algemene beschouwingen. 0.1. Formaat en voorstelling van het kandidatuurdossier.
Het kandidatuurdossier telt niet meer dan 250 bladzijden in A4-formaat, jaarverslagen en informatiebrochures niet meegerekend.
Het kandidatuurdossier moet noodzakelijk nauwgezet de structuur volgen die in deze omzendbrief beschreven staat, met name wat betreft de onderverdeling van het document in hoofdstukken (A), afdelingen (A,B), paragrafen (A,B,C) en subparagrafen (A,B,C,D) : alle eventuele afwijkingen van deze structuur moet de kandidaat volledig motiveren.
De aandacht van de kandidaten wordt gevestigd op het feit dat het ontbreken van voorstellen van een kandidaat voor een van de onderwerpen die in deze omzendbrief worden aangekaart, en meer in het bijzonder het niet-verstrekken van een van de gevraagde prognosetabellen, een motief kan vormen voor diskwalificatie krachtens artikel 25, § 1, van het koninklijk besluit.
0.2. Taal.
Overeenkomstig de van toepassing zijnde wetgeving terzake, moeten de kandidatuurdossiers opgesteld worden in de Franse of Nederlandse taal.
Teneinde de analyse van de kandidatuurdossiers door het B.I.P.T. met de hulp van een externe consulent te vergemakkelijken, wordt de kandidaten dringend verzocht een vertaling in de Engelse taal van hun dossier bij te voegen.
0.3. Vertrouwelijkheid.
Vooraan in hun kandidatuurdossier vermelden de kandidaten duidelijk de delen die als vertrouwelijk moeten worden beschouwd.
0.4. Allerlei.
Indien een kandidaat relevante stukken informatie wil verstrekken die niet overeenstemmen met een van de hieronder aangegeven rubrieken, mag hij die opnemen in een deel acht van zijn dossier met de titel "Allerlei".
0.5. Einddata.
Voor alle vooruitzichten die van de kandidaat worden gevraagd, met name wat zijn ondernemingsplan betreft, wordt onder de einddatum 31 december van het lopende jaar verstaan : de kandidaat moet ervan uitgaan dat zijn eventuele vergunning op 1 juli 1998 zal zijn toegekend.
0.6. Te verstrekken tabellen.
Alle gevraagde prognoses moeten de gehele aanvangsduur dekken van de vijftienjarige vergunning.
De verschillende tabellen die in deze omzendbrief worden gevraagd moeten verplicht als volgt worden voorgesteld :
- een kolom voor elk van de tien jaren in de prognose;
- een regel voor elk van de gevraagde elementen van de prognose.
Elke tabel mag uiteraard vergezeld zijn van uitleg die voor de interpretatie nodig wordt geacht.
0.7. Geldbedragen.
Alle in het kandidatuurdossier vermelde geldbedragen (tarieven, ondernemingsplan, enz.) moeten in courante Belgische franken worden uitgedrukt, exclusief BTW.
Art. M1. 0. Considérations générales.
0.1. Format et présentation du dossier de candidature.
Le dossier de candidature n'excède pas 250 pages en format A4 à l'exclusion des rapports annuels et des brochures informatives.
Le dossier de candidature doit impérativement suivre scrupuleusement la structure décrite dans la présente circulaire en ce qui concerne notamment la subdivision du document en chapitres (A), sections (A.B), paragraphes (A.B.C) et sous-paragraphes (A.B.C.D) : toute déviation éventuelle par rapport à cette structure doit être pleinement motivée par le candidat.
L'attention des candidats est attirée sur le fait que l'absence de propositions d'un candidat pour un des sujets abordés dans la présente circulaire, et plus particulièrement la non-fourniture d'un des tableaux prévisionnels demandés, peut constituer un motif de disqualification aux termes de l'article 25, § 1er, de l'arrêté royal.
0.2. Langue.
Conformément à la législation applicable en la matière, les dossiers de candidature doivent être rédigés en langue française et/ou néerlandaise.
En vue de faciliter l'analyse des dossiers de candidature par l'I.B.P.T. avec l'aide d'un consultant externe, les candidats sont instamment priés de joindre une traduction de leur dossier en langue anglaise.
0.3. Confidentialité.
Les candidats indiquent clairement, au début de leur dossier de candidature, les parties de celui-ci qui doivent être considérées comme confidentielles.
0.4. Divers.
Si un candidat souhaite fournir des éléments d'information pertinents qui ne correspondent à aucune des rubriques indiquées ci-dessous, il est libre de les inclure dans une huitième partie de son dossier qui sera intitulée " Divers ".
0.5. Echéances.
Pour toutes les prévisions demandées au candidat, notamment en ce qui concerne son plan d'entreprise, les échéances s'entendent au 31 décembre de l'année en cours : le candidat supposera que son éventuelle autorisation aura été octroyée le 1er juillet 1998.
0.6. Tableaux à fournir.
Toutes les prévisions demandées doivent couvrir l'entièreté de la durée initiale de la licence de quinze années.
Les différents tableaux demandés dans la présente circulaire doivent obligatoirement être présentés comme suit :
- une colonne pour chacune des dix années de prévision;
- une ligne pour chacun des éléments prévisionnels demandés.
Chaque tableau peut évidemment être accompagné des explications jugées nécessaires à son interprétation.
0.7. Montants financiers.
Tous les montants financiers indiqués dans le dossier de candidature (tarifs, plan d'entreprise, etc.) doivent être exprimés en francs belges courants, hors T.V.A..
Art. M2. 1. Samenvatting. De samenvatting van het kandidatuurdossier mag niet meer bedragen dan twintig bladzijden in A4-formaat. Die samenvatting moet ten minste de volgende onderwerpen dekken :
1.1. de ontwikkeling van de Belgische markt voor mobiele telefonie en het aandeel dat de kandidaat van plan is daarvan in te nemen;
1.2. de financiële aspecten, in het bijzonder met betrekking tot de nodige investeringen, alsook de financiering en verhoopte rendabiliteit van het project;
1.3. de configuratie en de prestaties van het netwerk, met name wat de ontplooiing betreft;
1.4. de beoogde handelsstrategie, meer in het bijzonder wat betreft de tarieven die zullen worden voorgesteld;
1.5. eventuele commentaar op de inhoud van de toekomstige vergunning.
Bovendien bevat de samenvatting de volgende stukken :
1.6. de vermelding van de naam van de kandidaat en van de personen namens wie hij optreedt, alsook het volledige postadres en de telecommunicatienummers (telefoon- en telefaxnummer) van het contactpunt waaraan het Instituut zich kan richten om bijkomende informatie en verduidelijking te krijgen;
1.7. voor het exemplaar van het kandidatuurdossier dat als origineel is aangewezen, een blad dat medeondertekend is door alle personen namens wie de kandidaat optreedt, overeenkomstig artikel 30, § 2, van het koninklijk besluit;
1.8. het bewijs van betaling van het recht dat in artikel 28, § 1, van het koninklijk besluit is vastgelegd.
Art. M2. 1. Résumé.
Le résumé du dossier de candidature ne peut dépasser vingt pages au format A4. Ce résumé couvre au moins les sujets suivants :
1.1. l'évolution du marché belge de la mobilophonie et la part que le candidat compte y conquérir;
1.2. les aspects financiers concernant en particulier les investissements nécessaires, ainsi que le financement et la rentabilité espérée du projet;
1.3. la configuration et les performances du réseau, en ce qui concerne notamment son déploiement;
1.4. la stratégie commerciale envisagée, plus particulièrement en ce qui concerne les tarifs qui seront proposés;
1.5. des commentaires éventuels sur le contenu de la future autorisation.
De plus, le résumé comporte les pièces suivantes :
1.6. l'indication du nom du candidat et des personnes au nom desquelles il agit ainsi que l'adresse postale complète et les numéros de télécommunications (téléphone et téléfax) du point de contact auquel l'institut peut s'adresser pour obtenir des informations et éclaircissements supplémentaires;
1.7. dans le cas de l'exemplaire du dossier de candidature désigné comme exemplaire original, une feuille contresignée par toutes les personnes au nom desquelles agit le candidat, conformément à l'article 30, § 2, de l'arrêté royal;
1.8. la preuve du paiement de la redevance prévue à l'article 28, § 1er, de l'arrêté royal.
Art. M3. 2. Juridische aspecten. 2.1. De partners.
Het dossier beschrijft de aard van de entiteiten die de toekomstige operator controleren, en meer in het bijzonder de strategische, economische en financiële gevolgen voor elk van de leden van de toekomstige nog op te richten maatschappij. Het preciseert de strategie die de basis vormt van de kandidatuur voor een vergunning voor operator inzake radiotelefonie in België. Een kopie van de statuten van elk van de leden van de vereniging wordt bij het kandidatuurdossier gevoegd alsook een afschrift van hun laatste drie jaarverslagen.
2.2. Participatie.
Het dossier maakt melding van :
2.2.1. het participatieniveau van elk van de leden van de vereniging alsook de graad van invloed van elk van de leden in de verschillende gebieden die verbonden zijn met de aanleg en exploitatie van een net voor mobiele telefonie;
2.2.2. de vooruitzichten op latere openstelling voor nieuwe partners.
2.3. Statuten van de toekomstige maatschappij.
Het dossier omvat de volgende elementen :
2.3.1. het ontwerp van statuten van de toekomstige nog op te richten maatschappij waarin haar rechtsvorm beschreven staat, mocht zij de vergunning krijgen;
2.3.2. de werkwijze bij eventuele terugtrekking van één van de leden;
2.3.3. de vertegenwoordiging van de verschillende leden van de vereniging in de samenstellende organen van de maatschappij.
2.4. Structuur van de controle en besluitvorming.
Het kandidatuurdossier beschrijft het controle- en besluitvormingsproces binnen de toekomstige maatschappij, met name wat betreft :
2.4.1. de betrekkingen tussen de verschillende leden van de vereniging;
2.4.2. de verdeling van de verantwoordelijkheden;
2.4.3. de eventuele banden via strategische allianties.
Art. M3. 2. Aspects juridiques.
2.1. Les partenaires.
Le dossier décrit la nature des entités contrôlant le futur opérateur, et plus particulièrement les implications stratégiques, économiques et financières pour chacun des membres de la future société à créer. Il précise la stratégie qui sous-tend la candidature à une licence d'opérateur de radiotéléphonie en Belgique. Une copie des statuts de chacun des membres de l'association est jointe au dossier de candidature ainsi que de leurs trois derniers rapports annuels.
2.2. Participation.
Le dossier indique :
2.2.1. le niveau de participation de chacun des membres de l'association ainsi que le degré d'influence de chacun des membres dans les différents domaines liés à la mise en oeuvre et à l'exploitation d'un réseau de mobilophonie;
2.2.2. les perspectives d'ouverture ultérieure à de nouveaux partenaires.
2.3. Statuts de la future société.
Le dossier comporte les éléments suivants :
2.3.1. le projet de statuts de la future société à constituer décrivant la forme juridique de celle-ci en cas d'obtention de l'autorisation;
2.3.2. les mécanismes de retrait éventuel d'un des membres;
2.3.3. la représentation des différents membres de l'association dans les organes constitutifs de la société.
2.4. Structure de contrôle et prise de décision.
Le dossier de candidature décrit les mécanismes de contrôle et de prise de décision au sein de la future société, en ce qui concerne notamment :
2.4.1. les relations entre les différents membres de l'association;
2.4.2. la répartition des responsabilités;
2.4.3. les liens éventuels à travers des alliances stratégiques.
Art. M4. 3. Commerciële aspecten. 3.1. Commerciële ontwikkeling van de dienst voor mobiele telefonie.
3.1.1. Vooruitzichten inzake aantal abonnees.
De kandidaat geeft zijn voorspellingen weer wat betreft de toekomstige ontwikkeling van de markt voor mobiele telefonie in België door middel van een tabel nr. 3.1. die de volgende elementen bevat :
a. het totale aantal abonnees op mobiele telefonie in België;
b. het marktaandeel (uitgedrukt in aantal abonnees en in procent) die voor elk van de operatoren wordt voorzien, namelijk de netten van BELGACOM, BELGACOM Mobile, Mobistar en het DCS-1800-net dat overeenkomstig dit koninklijk besluit wordt vergund;
c. het jaarlijkse percentage van de opzeggingen ("Churn") van elke operator;
d. de verhouding professionele abonnees/privé-abonnees die voorzien wordt op de gehele Belgische markt;
e. de verhouding professionele abonnees/privé-abonnees die de operator voorziet op zijn eigen net voor mobiele telefonie.
3.1.2. Vooruitzichten met betrekking tot het gebruik van mobiele telefonie.
De kandidaat stelt zijn verwachtingen voor wat betreft het gebruik van de diensten voor mobiele telefonie op zijn eigen net door middel van tabellen nr. 3.2 met de volgende elementen (de in de tabel vermelde hoeveelheden minuten moeten uitgedrukt worden per abonnee en per maand) :
a. het gemiddelde aantal minuten;
b. het maximumaantal minuten communicatie tijdens het piekuur;
c. het gemiddelde aantal minuten communicatie van mobiele toestellen naar het vaste net;
d. het gemiddelde aantal minuten communicatie van mobiel toestel naar mobiel toestel binnen het eigen net;
e. het gemiddelde aantal minuten communicatie van mobiel toestel naar mobiel toestel van een ander net;
f. het gemiddelde aantal minuten langeafstandsoproepen per abonnee en per maand;
g. het gemiddelde aantal minuten internationale oproepen per abonnee en per maand;
h. het gemiddelde aantal minuten datatransmissie per abonnee en per maand;
i. het gemiddelde aantal minuten communicatie van het vaste net naar mobiele toestellen.
Tabel nr. 3.2 wordt gegeven voor elke categorie van gebruikers (professionelen, private gebruikers, laag gebruik, intensief gebruik, enz.) die de kandidaat op de markt heeft geïdentificeerd.
3.1.3. Elasticiteit van de markt voor mobiele telefonie.
3.1.3.1. Globale kosten van de dienst.
Op grond van de door hem gemaakte marktanalyses geeft de kandidaat in de vorm van een curve de betrekking tussen de voorzienbare penetratiegraad van de diensten voor mobiele telefonie in België en de gemiddelde jaarlijkse kosten van de betrokken diensten.
3.1.3.2. Prijzen van de eindapparatuur.
Bovendien geeft de kandidaat door middel van tabel nr. 3.3 de voorziene ontwikkeling aan van de prijs van de DCS-1800-eindapparatuur en bimodale DCS-1800/GSM-900-eindapparatuur.
3.1.4. Segmentering van de markt.
De kandidaat identifieert op grond van zijn marktanalyse de verschillende categorieën van gebruikers die mogelijk geïnteresseerd kunnen zijn in de diverse diensten voor mobiele telefonie volgens de DCS-1800-norm en geeft voor elk van die segmenten het volgende aan :
3.1.4.1. een analyse van het gebruiksgedrag (met vermelding van de verschillen met het gedrag van de huidige GSM-cliënteel);
3.1.4.2. de commerciële aanpak die hij op het oog heeft met verduidelijking van de manier waarop met de resultaten van de voorafgaande studie rekening zal worden gehouden;
3.1.4.3. het tariefplan dat hij voorstelt;
3.2. Voorgesteld tariefbeleid.
3.2.1. Formules voor de tarifering van de basisdiensten.
De kandidaat geeft zijn vooruitzichten aan met betrekking tot het maximumniveau van de tarieven die hij overweegt toe te passen waarbij hij voor elke beoogde tariefformule een tabel nr. 3.4 voorstelt met de volgende elementen :
a. de eenmalige kosten voor activering (of voor aansluiting);
b. het maandabonnement en de minuten;
c. de communicaties die eventueel in de formule begrepen zijn;
d. de communicatiekosten voor de volgende gevallen :
* respectievelijk tijdens de piekuren ("peak") en de daluren tegen verminderd tarief ("off-peak");
* voor de volgende soorten van oproep :
- plaatselijke oproep;
- langeafstandsoproep;
- internationale oproep (Duitsland, Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Nederland, U.S.A.);
- oproep naar het mobiele DCS-1800-net;
- oproep naar een ander mobiel net;
- oproep vanuit het vaste net naar het DCS-1800-net.
De vastgelegde afbakening tussen piek- en daluren wordt voor de verschillende tariefformules aangegeven.
Onder maximumniveau van de tarieven wordt verstaan de prijs die de abonnee betaalt vooraleer eventuele kortingen te genieten.
De aandacht van de kandidaten wordt gevestigd op het feit dat de beoogde tariefstructuur een van de selectiecriteria zal vormen, overeenkomstig artikel 32, § 1, van het koninklijk besluit.
3.2.2. Ristorno's.
De kandidaat beschrijft zijn plannen in verband met de toepassing van ristorno's en promoties, bijvoorbeeld op basis van het aantal verzonden minuten communicatie en/of het aantal genomen abonnementen.
3.2.3. Tarieven van de bijkomende diensten.
De kandidaat zet zijn plannen uiteen in verband met de praktische voorwaarden, de toegangsprocedures en de tarifering van de volgende bijkomende diensten :
3.2.3.1. Filtrering van de oproepen ("Call barring");
3.2.3.2. Oproepdoorschakeling ("Call forwarding")
3.2.3.3. Melding van een binnenkomende oproep ("Call waiting");
3.2.3.4. Nummerwijziging;
3.2.3.5. Datatransmissie;
3.2.3.6. Faxtransmissie;
3.2.3.7. Transmissie van korte berichten ("Short Message Service")
3.2.3.8. Gedetailleerde factuur;
3.2.3.9. Raadpleging van de berichten ("Retrieval of messages");
3.2.3.10. Secretariaatsdiensten;
3.2.3.11. Spraakberichtensysteem ("Voice mail");
3.2.3.12. Wijziging van tariefformule;
3.2.3.13. Toegang tot de internationale roaming;
3.2.3.14. Eventuele andere bijkomende diensten.
3.3. Strategie voor de verspreiding van de diensten De kandidaat beschrijft zijn aanpak met betrekking tot :
3.3.1. de selectie van de distributiekanalen en kanalen voor commercialisering;
3.3.2. het eventuele beroep op "service providers".
De kandidaat preciseert de aard van de voorziene overeenkomsten met de dienstenleveranciers, de doorverkopers en de verschillende kanalen voor de commercialisering.
Indien de kandidaat het voornemen heeft om zijn diensten op de markt te brengen via "service providers" voegt hij bij zijn kandidatuurdossier een exemplaar van het "typecontract" dat hij van plan is voor te stellen en beschrijft hij de maatregelen die hij voornemens is toe te passen om zich te vergewissen van de betrouwbaarheid van de commerciële ingesteldheid van de betrokken ondernemingen tegenover hun klanten.
Art. M4. 3. Aspects commerciaux.
3.1. Développement commercial du service de mobilophonie.
3.1.1. Prévisions du nombre d'abonnés.
Le candidat présente ses prédictions en ce qui concerne le développement futur du marché de la mobilophonie en Belgique au moyen d'un tableau n° 3.1. qui comporte les éléments suivants :
a. le nombre total d'abonnés à la mobilophonie en Belgique;
b. la part de marché (exprimée en nombre d'abonnés et en pourcentages) prévue pour chacun des opérateurs, c'est-à-dire les réseaux de BELGACOM Mobile, de Mobistar et le réseau DCS-1800 autorisé, en application de l'arrêté royal;
c. le taux de résiliation annuel (" Churn ") de chaque opérateur;
d. le ratio abonnés professionnels/abonnés privés prévu sur l'ensemble du marché belge;
e. le ratio abonnés professionnels/abonnés privés prévu par l'opérateur sur son propre réseau de mobilophonie.
3.1.2. Prévisions concernant l'usage de la mobilophonie.
Le candidat présente ses prévisions en ce qui concerne l'utilisation des services de mobilophonie sur son propre réseau au moyen de tableaux n° 3.2. avec les éléments suivants (les nombres de minutes indiqués dans ce tableau doivent être exprimés par abonné et par mois) :
a. le nombre moyen de minutes;
b. le nombre maximum de minutes d'appel pendant l'heure la plus chargée;
c. le nombre moyen de minutes d'appel du mobile vers le réseau fixe;
d. le nombre moyen de minutes d'appel du mobile vers un mobile du même réseau;
e. le nombre moyen de minutes d'appels du mobile vers un mobile d'un autre réseau;
f. le nombre moyen de minutes d'appel longue distance;
g. le nombre moyen de minutes d'appel international;
h. le nombre moyen de minutes de transmission de données;
i. le nombre moyen de minutes d'appel du fixe vers le mobile.
Le tableau n° 3.2. est donné pour chacune des catégories d'usagers (professionnels, privés, usage faible, usage intensif, etc.) que le candidat aura identifiée dans le marché.
3.1.3. Elasticité du marché de la mobilophonie.
3.1.3.1. Coût global du service.
Sur la base des analyses de marché qu'il aura effectuées, le candidat donne, sous forme de courbe, la relation entre le taux de pénétration prévisible des services de mobilophonie en Belgique et le coût moyen annuel des services en question.
3.1.3.2. Prix des terminaux.
De plus, le candidat indique, au moyen du tableau n° 3.3., l'évolution prévue du prix des terminaux DCS-1800 et bi-mode DCS-1800/GSM-900.
3.1.4. Segmentation du marché.
Le candidat identifie, sur la base de son analyse de marché, les différentes catégories d'usagers potentiellement intéressés aux divers services de mobilophonie DCS-1800 et indique, pour chacun de ces segments :
3.1.4.1. une analyse des comportements d'utilisation (en précisant les différences avec le comportement de la clientèle actuelle du GSM);
3.1.4.2. l'approche commerciale qu'il envisage de mettre en oeuvre en précisant la manière dont les résultats de l'étude effectuée précédemment sont pris en compte;
3.1.4.3. le plan tarifaire qu'il propose.
3.2. Politique tarifaire proposée.
3.2.1. Formules de tarification des services de base.
Le candidat indique ses prévisions relatives au niveau maximal des tarifs qu'il envisage d'appliquer en présentant, pour chaque formule de tarification envisagée, un tableau n° 3.4. avec les éléments suivants :
a. les frais uniques d'activation (ou de raccordement);
b. l'abonnement mensuel et les minutes;
c. les communications éventuellement incluses dans la formule;
d. les frais de communication pour les cas suivants :
* pendant les heures pleines (" peak ") et les heures creuses à tarif réduit (" off-peak ") respectivement;
* pour les types d'appel suivants :
- appel local;
- appel longue distance;
- appel international (Allemagne, France, Pays-Bas, Royaume-Uni, Etats-Unis);
- appel vers le réseau mobile DCS-1800;
- appel vers un autre réseau mobile;
- appel du réseau fixe vers le réseau DCS-1800.
La délimitation prévue entre les heures pleines et les heures creuses est indiquée pour les différentes formules de tarification.
Par niveau maximal des tarifs, il convient d'entendre le prix payé par l'abonné avant de bénéficier d'éventuelles ristournes.
L'attention des candidats est attirée sur le fait que la structure tarifaire envisagée constituera un des critères de sélection aux termes de l'article 32, § 1er, de l'arrêté royal.
3.2.2. Ristournes.
Le candidat décrit ses plans concernant l'application de ristournes et de promotions, par exemple en fonction du nombre de minutes d'appel et/ou du nombre d'abonnements souscrits.
3.2.3. Tarifs des services supplémentaires.
Le candidat expose ses plans en ce qui concerne les modalités pratiques, les procédures d'accès et la tarification des services supplémentaires suivants :
3.2.3.1. filtrage des appels (" Call barring ");
3.2.3.2. transfert d'appel (" Call forwarding ");
3.2.3.3. notification de l'arrivée d'un appel (" Call waiting ");
3.2.3.4. changement de numéro;
3.2.3.5. transmission de données;
3.2.3.6. transmission de fax;
3.2.3.7. transmission de messages courts (" Short Message Service ");
3.2.3.8. facture détaillée;
3.2.3.9. consultation des messages (" Retrieval of messages ");
3.2.3.10. services de secrétariat;
3.2.3.11. messagerie vocale (" Voice mail ");
3.2.3.12. changement de plan tarifaire;
3.2.3.13. accès au roaming international;
3.2.3.14. autres services supplémentaires éventuels.
3.3. Stratégie de distribution des services.
Le candidat décrit son approche relative à :
3.3.1. la sélection des canaux de distribution et de commercialisation;
3.3.2. le recours éventuel à des sociétés de commercialisation de service (" service providers ").
Le candidat précise la nature des arrangements prévus avec les prestataires de service, les revendeurs et les divers canaux de commercialisation.
Dans le cas où le candidat a l'intention de commercialiser ses services par l'intermédiaire de " service providers ", il joint à son dossier de candidature un exemplaire du " contrat-type " qu'il compte proposer et il décrit les mesures qu'il compte appliquer pour s'assurer de la fiabilité du comportement commercial des sociétés en question vis-à-vis de leurs clients.
Art. M5. 4. Financiële aspecten. 4.1. Financieel vermogen van de kandidaat.
4.1.1. Financiering.
Op grond van het in afdeling 4.2. beschreven ondernemingsplan beschrijft de kandidaat zijn plannen met betrekking tot de financiering van zijn project en geeft hij door middel van tabel nr. 4.1. de ontwikkeling aan van de verschillende parameters die hierna volgen :
a. de inbreng van eigen middelen door de verschillende partners;
b. de behoeften inzake externe financiering;
c. het beroep op extern kapitaal via bank- en obligatieleningen;
d. de eventuele beursgang van een deel van de maatschappij.
De kandidaat beschrijft bovendien :
4.1.2. de mogelijkheden en voorwaarden inzake kapitalisatie op de beurs van de toekomstige maatschappij;
4.1.3. zijn geschiktheid om op de kapitaalmarkt geld vrij te maken;
4.1.4. de nuttige bekwaamheid waarover hij beschikt in het beheer van gelijkaardige investeringen;
4.1.5. de aard van de financiële waarborgen (eventuele bankwaarborg, alsook waarborgen die door de aandeelhouders of de moederonderneming worden geboden);
4.1.6. een beoordeling van de financiële risico's die door de leden van het consortium worden aangegaan.
4.1.7. Financiële toestand van de partners.
Het kandidatuurdossier bevat een tabel nr. 4.2 waarin voor elk van de leden van de vereniging melding wordt gemaakt van :
a. zijn kapitaalinbreng in de nieuwe maatschappij;
b. zijn nettoresultaat van het laatste boekjaar;
c. zijn eigen middelen;
d. zijn nettoschulden;
e. zijn banknotering;
f. zijn jaarinkomen;
g. EBITDA.
4.2. Ondernemingsplan ("business plan").
Het ondernemingsplan is gebaseerd op de volgende financiële veronderstellingen :
a. inflatiecijfer op lange termijn = 2,5 % per jaar;
b. bedragen uitgedrukt in courante Belgische franken;
c. stabiliteit van de wisselkoersen;
d. gelijkblijvend niveau van vennootschapsbelasting;
e. lineaire afschrijving van de investeringen met de volgende percentages :
- 4 % per jaar voor onroerende goederen (25 jaar);
- 12,5 % per jaar voor netwerkuitrusting (8 jaar);
- 20 % per jaar voor materiaal op het gebied van informatica en kantoorautomatisering, alsook voor de voertuigen (5 jaar).
4.2.1. Investeringen.
Tabel nr. 4.3 beschrijft de voorziene investeringen met de volgende rubrieken :
a. basisstations (BTS);
b. zenders-ontvangers (TRX);
c. controlesystemen voor basisstations (BSC);
d. schakelcentra voor mobiele toestellen (MSC);
e. gegevensbanken HLR/VLR;
f. bijkomende hulpgegevensbanken;
g. transmissieapparatuur;
h. interconnectieapparatuur;
i. controle- en onderhoudscentrum;
j. systeem voor netwerkbeheer voor en na het controle- en onderhoudscentrum (g);
k. inrichting van de antennesites;
l. onroerend goed (terreinen en gebouwen) met uitsluiting van (i);
m. facturatie- en andere computersystemen;
n. meetapparatuur;
o. voertuigen;
p. vervangingsinvesteringen;
q. overige investeringen (te verduidelijken);
r. totaal van de investeringen.
4.2.2. Vooruitzichten met betrekking tot de balans.
Tabel nr. 4.4 beschrijft de evolutie van de balans met de volgende rubrieken :
a. lichamelijke vaste activa;
b. voorraden, schuldvorderingen en overige activa in omloop;
c. totaal van de activa (c = a + b);
d. bedrijfskapitaal;
e. reserves;
f. nettoresultaat van het boekjaar;
g. eigen vermogen (g = d + e + f);
h. voorzieningen voor risico's en lasten;
i. bankleningen;
j. schulden op korte termijn;
k. vlottende schuld;
l. totaal van de passiva (l = g + h + i + j + k).
4.2.3. Exploitatiekosten.
Tabel nr. 4.5 beschrijft de voorziene exploitatiekosten :
a. huren van aansluitingslijnen;
b. eventuele interconnectiekosten;
c. roamingkosten;
d. personeelskosten;
e. sociale en werkgeverslasten;
f. commissie op de distributiekanalen;
g. kosten voor marketing en reclame;
h. huren van sites en andere kosten van onroerende aard (verwarming, elektriciteit, enz.);
i. kosten voor het onderhoud van het netwerk;
j. rechten aan het B.I.P.T.;
k. administratieve en algemene kosten;
l. voorzieningen voor dubieuze vorderingen;
m. allerlei (te verduidelijken);
n. totaal van de exploitatiekosten.
4.2.4. Omzet (structuur van de inkomsten).
Tabel nr. 4.6 geeft de evolutie weer van de verwachte inkomsten :
a. activeringskosten;
b. abonnementen;
c. inkomsten uit oproepen;
d. inkomsten uit roaming;
e. bijkomende diensten en diensten met toegevoegde waarde;
f. verkoop van eindtoestellen;
g. andere inkomsten (te verduidelijken);
h. totale omzet.
4.2.5. Winst- en verliesrekening.
Tabel nr. 4.7 bevat de cijfers met betrekking tot de resultatenrekening van het lopende boekjaar :
a. omzet;
b. exploitatiekosten;
c. resultaat vóór afschrijvingen, financiële lasten en belastingen (c = a - b);
d. afschrijvingen;
e. financiële lasten;
f. vennootschapsbelasting;
g. nettoresultaat (g = c - d - e - f);
h. gecumuleerd nettoresultaat.
4.2.6. Analyse van de jaarlijkse en gecumuleerde cashflow.
Tabel nr. 4.8 verduidelijkt de evolutie van de parameters die de cashflow van de onderneming bepalen :
a. totale investeringsuitgaven;
b. schommelingen in het bedrijfskapitaal;
c. resultaat vóór afschrijvingen, financiële lasten en belastingen;
d. financiële lasten en belastingen;
e. kapitaalinbreng;
f. leningen;
g. terugbetalingen van leningen;
h. nettocashflow (h = a / b + c - d + e + f - g);
i. gecumuleerde nettocashflow.
4.2.7. Termijnen voor rentabilisering.
De kandidaat preciseert de termijnen die in zijn project vereist zijn om te komen tot :
a. het "break-even point" waarop de "cashflow" van het lopende boekjaar positief wordt;
b. het grote evenwicht van het project wanneer de gecumuleerde "cashflow" positief wordt;
c. de terugverdientijd inzake investeringen ("payback").
4.2.8. Coëfficiënten inzake beheer.
Tabel nr. 4.9 vat de ontwikkeling doorheen de tijd samen van de verschillende hierna volgende coëfficiënten waarmee het financiële beheer van het project kan worden samengevat :
a. solvabiliteitscoëfficiënt = eigen vermogen/totale activa;
b. liquiditeitscoëfficiënt = (voorraden + realiseerbare of beschikbare waarden)/opvorderbare passiva (schulden op korte termijn);
c. rentabiliteitscoëfficiënt van eigen kapitaal = nettowinst na belastingen/eigen kapitaal;
d. "Return On Investment" (R.O.I.) = nettoresultaat van het boekjaar/totaal van de activa.
4.2.9. Rentabiliteitsindicatoren.
De kandidaat geeft de waarden aan van de verschillende parameters waarmee de rentabiliteit van zijn project kan worden ingeschat :
a. netto-actuele waarde (N.P.V.) voor een actualiseringsgraad van 10 %;
b. interne rendementsgraad (I.R.R.).
4.3. Gevoeligheid van het ondernemingsplan.
4.3.1. Analyses inzake de gevoeligheid van het ondernemingsplan.
De kandidaat geeft de invloed aan op de netto geactualiseerde waarde en op de interne rendementsgraad van de afwijkingen van de volgende parameters ten opzichte van de veronderstellingen die hij in zijn ondernemingsplan heeft gedaan :
4.3.1.1. aantal abonnees van de operator = - 10 % ten opzichte van de prognoses;
4.3.1.2. kosten van de apparatuur voor het netwerk = + 10 %;
4.3.1.3. kosten van de kapitalen = + 5 %;
4.3.1.4. vertraging in het opstarten van de dienst = zes maanden;
4.3.1.5. gemiddeld gebruik per abonnee = + 20 % en - 20 %;
4.3.1.6. exploitatiekosten = + 10 %;
4.3.1.7. verlaging met 10 % van het gemiddelde tariefniveau ten opzichte van de prognoses.
De evaluatie van de gevoeligheid van het ondernemingsplan zou vergemakkelijkt worden door het ter beschikking stellen van een rekenblad (EXCEL Microsoft 95 of 97) welke mogelijk maakt de hoger vermelde waarden te overzien.
4.3.2. Wijzigingen op de markt.
De kandidaat zet de gevolgen uiteen voor zijn hypotheses en zijn ondernemingsplan van mogelijke aanzienlijke wijzigingen in de concurrentiesituatie op de Belgische markt voor mobiele telefonie, met name :
4.3.2.1. het eventueel toelaten van een vierde mobilofoonoperator in België in 2001;
4.3.2.2. opkomst van mobiele telefonie per satelliet (GMPCS-systemen);
4.3.2.3. toegenomen concurrentie van de cellulaire netten die hybride GSM-DECT-systemen gebruiken;
4.3.2.4. opkomst van andere nieuwe technologieën, zoals UMTS;
4.3.2.5. mogelijke wijzigingen in het regelgevingskader, met name wat betreft de infrastructuur, de interconnectievoorwaarden en de "service providers";
4.3.2.6. andere mogelijke invloeden.
4.3.3. Risico's.
De kandidaat geeft de risico's aan die hij als het meest doorslaggevend acht voor de commerciële en technische uitvoerbaarheid van zijn ondernemingsplan.
Art. M5. 4. Aspects financiers.
4.1. Capacité financière du candidat.
4.1.1. Financement.
Sur la base du plan d'entreprise décrit dans la Section 4.2., le candidat décrit ses plans relatifs au financement de son projet et indique au moyen du tableau n° 4.1. l'évolution des différents paramètres suivants :
a. l'apport en fonds propres des différents partenaires;
b. les besoins en financement externe;
c. l'appel à des capitaux externes par emprunts bancaires et obligataires;
d. la mise en bourse éventuelle d'une partie de la société.
Le candidat décrit en outre :
4.1.2. les possibilités et modalités de capitalisation boursière de la future société;
4.1.3. son aptitude à lever des fonds sur le marché des capitaux;
4.1.4. la compétence utile dont il dispose dans la gestion d'investissements similaires;
4.1.5. la nature des garanties financières (garantie bancaire éventuelle ainsi que les garanties offertes par les actionnaires ou la maison mère);
4.1.6. une évaluation des risques financiers pris par les membres du consortium;
4.1.7. situation financière des partenaires.
Le dossier de candidature comporte un tableau n° 4.2. indiquant, pour chacun des membres de l'association :a. son apport en capital à la nouvelle société;
b. son résultat net du dernier exercice comptable;
c. ses fonds propres;
d. sa dette nette;
e. sa notation bancaire;
f. son chiffre d'affaires;
g. EBITDA.
4.2. Plan d'entreprise (" business plan ").
Le plan d'entreprise est fondé sur les hypothèses financières suivantes :
a. taux d'inflation à long terme = 2,5 % par an;
b. montants exprimés en francs belges courants;
c. stabilité des cours de change;
d. niveau d'imposition des sociétés inchangé;
e. amortissement linéaire des investissements avec les taux suivants :
- 4 % par an pour l'immobilier (25 ans);
- 12,5 % par an pour les équipements du réseau (8 ans);
- 20 % par an pour l'équipement informatique et bureautique ainsi que les véhicules (5 ans).
4.2.1. Investissements.
Le tableau n° 4.3. décrit les investissements prévus avec les rubriques suivantes :
a. stations de base (BTS);
b. émetteurs-récepteurs (TRX);
c. systèmes de contrôle des stations de base (BSC);
d. centres de commutation des mobiles (MSC);
e. bases de données HLR/VLR;
f. bases de données auxiliaires (EIR, etc.);
g. équipements de transmission;
h. équipements d'interconnexion;
i. centre d'opération et de maintenance;
j. systèmes de gestion du réseau en amont et en aval du centre d'opération et de maintenance (g);
k. aménagement des sites d'antennes;
l. immobilier (terrains et construction) excluant (i);
m. systèmes de facturation et autres systèmes informatiques;
n. appareillage de mesures;
o. véhicules;
p. investissements de remplacement;
q. autres investissements (à préciser);
r. total des investissements.
4.2.2. Prévision de bilan.
Le tableau n° 4.4. décrit l'évolution du bilan avec les rubriques suivantes :
a. immobilisations corporelles;
b. stocks, créances et autres actifs circulants;
c. total de l'actif (c = a + b);
d. capital engagé;
e. réserves;
f. résultat net de l'exercice;
g. fonds propres (g = d + e +f);
h. provisions pour risques et charges;
i. emprunts bancaires;
j. dettes à court terme;
k. passifs circulants;
l. total du passif (l = g + h + i + j + k).
4.2.3. Charges d'exploitation.
Le tableau n° 4.5. décrit les charges d'exploitation prévues :
a. locations de lignes de raccordement;
b. coût éventuel d'interconnexion;
c. frais de roaming;
d. frais de personnel;
e. charges sociales et patronales;
f. commission aux canaux de distribution;
g. frais de marketing et de publicité;
h. location des sites et autres frais immobiliers (chauffage, électricité, etc.);
i. frais de maintenance du réseau;
j. redevances à l'I.B.P.T.;
k. frais administratifs et généraux;
l. provisions pour créances douteuses;
m. divers (à préciser);
n. total des charges d'exploitation.
4.2.4. Chiffre d'affaires (structure des revenus).
Le tableau n° 4.6. indique l'évolution des revenus escomptés :
a. frais d'activation;
b. abonnements;
c. revenus des appels;
d. revenus du roaming;
e. services supplémentaires et à valeur ajoutée;
f. ventes d'appareils terminaux;
g. autres revenus (à préciser);
h. chiffre d'affaires total.
4.2.5. Compte des pertes et profits.
Le tableau n° 4.7. reprend les chiffres relatifs à l'évolution du compte des résultats de l'exercice courant :
a. chiffre d'affaires;
b. charges d'exploitation;
c. résultat avant amortissements, charges financières et impôts (c = a - b);
d. amortissements;
e. charges financières;
f. impôts sur les sociétés;
g. résultat net (g = c - d - e - f);
h. résultat net cumulé.
4.2.6. Analyse de cash-flow annuel et cumulé.
Le tableau n° 4.8. précise l'évolution des paramètres déterminant le cash-flow de l'entreprise :
a. dépenses totales d'investissement;
b. variations du fonds de roulement;
c. résultats avant amortissements, charges financières et impôts;
d. charges financières et impôts;
e. apports en capital;
f. emprunts;
g. remboursements d'emprunts;
h. cash-flow net (h = a + b + c - d + e + f - g);
i. cash-flow net cumulé.
4.2.7. Délais de rentabilisation.
Le candidat précise les délais requis dans son projet pour atteindre :
a. le " break-even point " pour lequel le " cash-flow " de l'exercice courant devient positif;
b. le grand équilibre du projet lorsque le " cash-flow " cumulé devient positif;
c. le délai de récupération des investissements (" payback ").
4.2.8. Ratios de gestion.
Le tableau n° 4.9. résume l'évolution au cours du temps des différents ratios suivants permettant de synthétiser la gestion financière du projet :
a. ratio de solvabilité = fonds propres/actif total;
b. ratio de liquidité = (stocks + valeurs réalisables ou disponibles)/passif exigible (dettes à court terme);
c. ratio de rentabilité des capitaux propres = bénéfice net après impôts/capitaux propres;
d. " Return On Investment " (R.O.I.) = résultat net de l'exercice/total des actifs.
4.2.9. Indicateurs de rentabilité.
Le candidat indique les valeurs des différents paramètres permettant d'apprécier la rentabilité de son projet :
a. valeur actualisée nette (N.P.V.) pour un taux d'actualisation de 10 %;
b. taux de rendement interne (I.R.R.).
4.3. Sensibilité du plan d'entreprise.
4.3.1. Analyse de sensibilité du plan d'entreprise.
Le candidat indique l'effet sur la valeur actualisée nette et sur le taux de rendement interne des écarts des paramètres suivants par rapport aux hypothèses adoptées dans son plan d'entreprise :
4.3.1.1. nombre d'abonnés de l'opérateur = - 10 % par rapport aux prévisions;
4.3.1.2. coûts des équipements pour le réseau + 10 %;
4.3.1.3. coûts des capitaux = + 5 %;
4.3.1.4. retard dans le lancement du service = six mois;
4.3.1.5. usage moyen par abonné = + 20 % et - 20 %;
4.3.1.6. coûts d'exploitation = + 10 %;
4.3.1.7. baisse du niveau moyen des tarifs par rapport aux prévisions de 10 %.
L'évaluation de la sensibilité du plan d'entreprise du candidat serait facilitée en fournissant une feuille de calcul (EXCEL Microsoft 95 ou 97) permettant de saisir les valeurs des paramètres cités ci-dessus.
4.3.2. Modifications du marché.
Le candidat expose les implications sur ses hypothèses et son plan d'entreprise de modifications substantielles possibles de la situation concurrentielle sur le marché belge de la mobilophonie, notamment :
4.3.2.1. introduction éventuelle en 2001 d'un quatrième opérateur de mobilophonie en Belgique;
4.3.2.2. apparition des systèmes de communications mobiles par satellite (systèmes GMPCS);
4.3.2.3. concurrence accrue des réseaux cellulaires utilisant des systèmes hybrides GSM-DECT;
4.3.2.4. émergence d'autres nouvelles technologies, telle que l'UMTS;
4.3.2.5. changements possibles du cadre réglementaire, concernant notamment l'infrastructure, les conditions d'interconnexion et les " service providers ";
4.3.2.6. autres effets possibles.
4.3.3. Risques.
Le candidat indique les risques qu'il percoit comme les plus significatifs pour la viabilité commerciale et technique de son plan d'entreprise.
Art. M6. 5. Technische aspecten. 5.1. Architectuur van het netwerk.
De kandidaat geeft een gedetailleerde beschrijving van de beoogde architectuur van zijn netwerk. Hij preciseert door middel van een tabel nr. 5.1. de ontwikkeling van het aantal aangewende uitrustingen in zijn netwerk, wat betreft :
a. de zenders-ontvangers (TRX);
b. de basisstations (BTS);
c. de controlecentra voor de basisstations (BSC);d. de schakelcentra voor mobiele toestellen (MSC);
e. de eigen transmissieapparatuur;
f. de bij derden gehuurde aansluitingslijnen.
Voor elk soort uitrusting die met de categorieën a tot en met e hierboven overeenstemt worden de geschatte kosten per eenheid vermeld.
De kandidaat verstrekt inlichtingen over de architectuur van het commutatiesysteem. Bovendien vermeldt hij zo hij van plan is functionaliteiten van een "intelligent netwerk" te integreren, en geeft hij zijn voornemens daaromtrent weer.
5.2. Dekking.
Tabel nr. 5.2 geeft de evolutie weer van de in procent uitgedrukte dekkingsgraad van :
a. het oppervlak van het Belgische grondgebied;
b. de Belgische bevolking;
c. het oppervlak van elk van de tien Belgische provincies en van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
De kandidaat voegt kaarten van België op schaal 1/300.000 bij waarop de dekkingsgraad van het grondgebied is aangegeven na respectievelijk één, twee, drie en vier jaar (te rekenen vanaf de datum waarop de vergunning is toegekend).
5.3. Tijdschema voor de ontplooiing.
De kandidaat verduidelijkt de beoogde planning voor de verschillende etappes in de ontplooiing van zijn netwerk (cellen, dekking en verkeerscapaciteit) en in de commercialisering van zijn diensten.
In het bijzonder geeft de kandidaat de voorziene termijn op voor de commerciële opening van zijn dienst te rekenen vanaf de dag waarop de Minister hem de vergunning meedeelt.
5.4. Dimensionering van het netwerk.
De kandidaat zet de methode uiteen die hij voornemens is toe te passen om de verschillende bestanddelen van het netwerk correct te dimensioneren teneinde een gepaste kwaliteit van de dienst te waarborgen. Hij vermeldt de manier waarop rekening is gehouden met zijn commerciële vooruitzichten, vermeld in punt 3.1.2 en de hypotheses inzake verkeer die hij moet verduidelijken, waarbij een onderscheid wordt gemaakt in stedelijke, voorstedelijke, landelijke zones, alsmede wegen, bruggen en tunnels.
Tabel nr. 5.3 geeft de evolutie aan van de volgende parameters met betrekking tot het totale verkeer dat het netwerk zal kunnen verwerken op het piekuur terwijl de kwaliteitsniveaus aangehouden blijven die in artikel 4, § 1, van het koninklijk besluit gespecificeerd zijn :
a. aantal milliErlangs per geactiveerde SIM-kaart;
b. aantal Erlangs/km2/MHz in de meest belaste zone van het netwerk (te preciseren).
5.5. Bijkomende diensten.
De voorwaarden in verband met de eventuele aanbieding van bijkomende diensten worden door de kandidaat uiteengezet, alsook de technische implicaties voor het netwerk. De veronderstelde gevolgen voor de ontwikkeling van het afgewikkelde verkeer worden voorgesteld.
5.6. Gebruik van de frequenties.
De kandidaat beschrijft de technische voorwaarden voor het gebruik van de toegewezen radiofrequenties, in het bijzonder wat betreft de internationale coördinatie met de buurlanden van België.
Hij vermeldt zijn eventuele prognoses met betrekking tot het gebruik van microcellen, technieken inzake "multipath equalisation", discontinue ontvangst en uitzending ("DTX"), dynamische frequentietoekenning ("frequency hopping"), en alle overige technieken waarmee het frequentiespectrum optimaal kan worden gebruikt. Hij verstrekt inlichtingen over de toepassing en de gevolgen voor het frequentieplan.
De kandidaat beschrijft zijn plannen betreffende de vooropgestelde omstandigheden waarin hij gebruik wenst te maken van de uitbreidingsfrequentiebanden van de GSM op 900 MHz (E-GSM).
5.7. Bediening van de wegtunnels.
De kandidaat geeft zijn plannen op met betrekking tot de dekking van de wegtunnels in België voor zijn dienst voor mobiele telefonie.
5.8. Transmissienet.
De kandidaat beschrijft zijn plannen met betrekking tot de onderlinge aansluiting van de verschillende uitrustingen die zijn DCS-1800net vormen, in het bijzonder de behoeften inzake capaciteit en kwaliteit, waarbij hij met name een onderscheid maakt tussen :
5.8.1. de vaste verbindingen die hij voornemens is van BELGACOM te huren;
5.8.2. de vaste verbindingen die hij voornemens is te huren van leveranciers van publieke telecommunicatie-infrastructuren;
5.8.3. de verbindingen die hij van plan is tot stand te brengen door middel van eigen infrastructuur.
In dat laatste geval verduidelijkt de kandidaat desnoods zijn bedoelingen en behoeften op het stuk van :
5.8.3.1. straalverbindingen, waarbij hij met name de uitrusting die hij wenst aan te leggen en de behoeften inzake radiofrequenties vermeldt;
5.8.3.2. satellietcommunicatie, waarbij hij de ruimtesector vermeldt die hij hoopt te gebruiken, de uitrusting van de geplande grondstations en de behoeften inzake het radiospectrum.
5.9. Technische interconnectie.
Wat betreft de interconnectie van zijn net voor mobiele telefonie volgens de DCS-1800-norm met andere telecommunicatienetten, in het bijzonder met het PSTN en de overige netten voor mobiele telefonie, geeft de kandidaat een beschrijving van :
5.9.1. het aantal gewenste aansluitingspunten en hun geografische ligging;
5.9.2. de verkeerscapaciteit van die aansluitingspunten;
5.9.3. de technische interfaces en protocols van zijn apparatuur die onderling met die telecommunicatienetten gekoppeld is;
5.9.4. de maatregelen die hij van plan is te treffen om een optimale interoperabiliteit te garanderen met de interfaces van de betrokken netwerken;
5.9.5. de menselijke middelen, en hun deskundigheid, die hij voornemens is in te zetten om zijn betrekkingen met BELGACOM en de overige operatoren te beheren op het vlak van interconnectie.
5.10. Nummeringsplan.
De kandidaat formuleert gepaste beschouwingen in verband met de integratie van zijn diensten in het nationale nummeringsplan en aangaande de toekomstige evolutie van zijn behoeften op dat gebied.
Wanneer de kandidaat van plan is beroep te doen op "service providers", zet hij de maatregelen uiteen die hij voorziet te nemen voor het doelmatig beheer te garanderen van de hem ter beschikking gestelde nummeringscapaciteit.
De kandidaat geeft ook, in gebeurlijk geval, zijn noden en plannen weer op het vlak van nummeroverdraagbaarheid.
5.11. Technische criteria inzake kwaliteit van de dienst.
De kandidaat verduidelijkt zijn doelstellingen in verband met de technische kwaliteit van zijn net en van de diensten die hij in België wil aanbieden. Daartoe geeft tabel nr. 5.4 de voorziene evolutie aan van de volgende kwaliteitsparameters die gemeten zijn overeenkomstig de relevante normen van het ETSI op het piekuur :
a. de blokkeringskans van de oproepen;
b. de verbrekingskans van de oproepen;
c. de faalkans van de "hand-overs".
De kandidaat beschrijft zijn prognoses inzake de kwaliteit van de dienst binnen gebouwen.
5.12. Levering van de apparatuur.
De kandidaat geeft een beknopte beschrijving van de apparatuur die hij overweegt aan te kopen om zijn net voor mobiele telefonie volgens de DCS-1800-norm tot stand te brengen, in het bijzonder wat betreft de mogelijke leveranciers, de procedure voor de selectie van die leveranciers en de technische karakteristieken.
De kandidaat vermeldt duidelijk de maatregelen die hij van plan is te nemen om zich te vergewissen van de perfecte overeenstemming van de uitrusting van zijn net die hij zal aankopen met de door het ETSI vastgestelde technische specificaties van het DCS-1800-systeem.
5.13. Naleving van andere verplichtingen.
De kandidaat zet de schikkingen uiteen die hij van plan is te treffen om aan de volgende verplichtingen te voldoen :
5.13.1. maatregelen om de vertrouwelijkheid van de langs zijn net uitgewisselde communicatie te waarborgen en de informatie over de abonnees te beschermen;
5.13.2. toegang tot de nooddiensten;
5.13.3. mogelijkheid tot wettelijk afluisteren;
5.13.4. medewerking met de politie en gerechtelijke autoriteiten.
5.14. Technisch vermogen van het net.
De aandacht van de kandidaten wordt erop gevestigd dat de technische kwaliteit van het net en in het bijzonder het tijdschema voor de ontplooiing ervan en de verwezenlijkte dekking van het grondgebied en de bevolking een van de selectiecriteria zal vormen krachtens artikel 32, § 1, van het koninklijk besluit.
Daartoe evalueert de kandidaat zijn geschiktheid om de kwaliteitsdoelstellingen te behalen die hij in zijn kandidatuurdossier zal hebben voorgesteld, alsook de eventuele implicaties ingeval hij die doelstellingen niet verwezenlijkt.
Art. M6. 5. Aspects techniques.
5.1. Architecture du réseau.
Le candidat donne une description détaillée de l'architecture envisagée pour son réseau. Il précise au moyen d'un tableau n° 5.1. l'évolution du nombre d'équipements déployés dans son réseau, en ce qui concerne :
a. les émetteurs-récepteurs (TRX);
b. les stations de base (BTS);
c. les centres de contrôles des stations de base (BSC);
d. les centres de commutation des mobiles (MSC);
e. les équipements de transmission propres;
f. les lignes de raccordement louées à des tiers.
Pour chacun des types d'équipements correspondant aux catégories a à e ci-dessus, le coût unitaire estimé est indiqué.
Le candidat donne des informations sur l'architecture du système de commutation. Par ailleurs, il indique s'il prévoit d'intégrer des fonctionnalités de réseau intelligent et décrit ses projets en la matière.
5.2. Couverture.
Le tableau n° 5.2. indique l'évolution du degré de couverture, exprimé en pourcentage de :
a. la surface du territoire belge;
b. la population résidente en Belgique;
c. la surface de chacune des dix provinces belges et de la Région de Bruxelles-Capitale.
Le candidat joint des cartes de Belgique à l'échelle 1/300.000ème indiquant le degré de couverture du territoire après respectivement un an, deux ans, trois ans et quatre ans (à compter à partir de la date d'octroi de la licence).
5.3. Calendrier de déploiement.
Le candidat précise le planning envisagé pour les différentes étapes de déploiement de son réseau (cellules, couverture et capacité de trafic) et de commercialisation de ses services.
En particulier, le candidat indique le délai prévu pour l'ouverture commerciale de son service à compter à partir de la date de notification de son autorisation par le Ministre.
5.4. Dimensionnement du réseau.
Le candidat expose la méthodologie qu'il compte appliquer en vue de dimensionner correctement les différents composants du réseau pour garantir la qualité de service. Il indique la façon dont sont prises en compte ses prévisions commerciales indiquées au point 3.1.2. et les hypothèses de trafic qu'il précisera en distinguant les zones urbaines, suburbaines, rurales, routes et les points de passage.
Le tableau n° 5.3. indique l'évolution des paramètres suivants relatifs au trafic global que le réseau sera en mesure de traiter à l'heure la plus chargée en maintenant les niveaux de qualité spécifiés dans l'article 4, § 1er, de l'arrêté royal :
a. nombre de milliErlangs par SIM-card active;
b. nombre d'Erlangs/km2/MHz dans la zone la plus chargée du réseau (à préciser).
5.5. Services supplémentaires.
Les modalités relatives à l'offre éventuelle de services supplémentaires sont exposées par le candidat ainsi que les implications techniques pour le réseau. Les conséquences supposées sur l'évolution du trafic écoulé sont présentées.
5.6. Utilisation des fréquences.
Le candidat décrit les conditions techniques d'utilisation des fréquences radioélectriques allouées, pour ce qui concerne en particulier la coordination internationale avec les pays voisins de la Belgique.
Il indique ses prévisions éventuelles concernant l'utilisation de micro-cellules, des techniques d'égalisation de trajets multiples (" multipath equalisation "), de réception et émission discontinues (" DTX "), de sauts de fréquences (" frequency hopping "), et de toutes autres techniques permettant d'optimiser l'utilisation du spectre. Il apporte des informations sur la mise en oeuvre et sur les conséquences sur le plan de fréquence.
Le candidat décrit ses projets concernant les conditions envisagées d'utilisation des fréquences d'extension du GSM à 900 MHz (E-GSM).
5.7. Desserte des tunnels routiers.
Le candidat indique ses plans concernant la couverture des tunnels routiers en Belgique pour son service de mobilophonie.
5.8. Réseau de transmission.
Le candidat décrit ses plans concernant le raccordement mutuel des différents équipements constituant son réseau DCS-1800, en particulier les besoins en matière de capacité et de qualité, en distinguant notamment :
5.8.1. les liaisons fixes qu'il compte louer à BELGACOM;
5.8.2. les liaisons fixes qu'il compte louer auprès d'autres fournisseurs de réseaux publics de télécommunications;
5.8.3. les liaisons qu'il a l'intention de réaliser au moyen d'une infrastructure propre.
Dans ce dernier cas, le candidat précise, le cas échéant, ses intentions et ses besoins en matière de :
5.8.3.1. faisceaux hertziens, en indiquant notamment les équipements qu'il souhaite mettre en oeuvre et les besoins en fréquences radioélectriques;
5.8.3.2. télécommunications par satellites, en indiquant le secteur spatial qu'il compte employer, les équipements de stations terriennes prévus et les besoins en spectre radioélectrique.
5.9. Interconnexion technique.
En ce qui concerne l'interconnexion de son réseau de mobilophonie DCS-1800 avec d'autres réseaux de télécommunications, en particulier avec le RTPC et les autres réseaux de mobilophonie, le candidat décrit :
5.9.1. le nombre de points de raccordements souhaités et leur localisation géographique;
5.9.2. la capacité de trafic de ces points de raccordement;
5.9.3. les interfaces et protocoles techniques de ses équipements interconnectés à ces réseaux de télécommunications;
5.9.4. les mesures qu'il compte prendre pour assurer une interopérabilité optimale avec les interfaces des réseaux en question;
5.9.5. les moyens humains, et leur expertise, qu'il compte mettre en oeuvre pour gérer ses relations avec BELGACOM et les autres opérateurs en matière d'interconnexion.
5.10. Plan de numérotage.
Le candidat formule des considérations appropriées relatives à l'intégration de ses services dans le plan national de numérotage et à l'évolution future de ses besoins dans ce domaine. Dans le cas où le candidat a l'intention de faire appel à des " service providers ", il expose les mesures qu'il compte prendre en vue de garantir une gestion efficace de la capacité de numérotage mise à sa disposition.
Le candidat indique également, le cas échéant, ses besoins et ses intentions en matière de portabilité des numéros.
5.11. Critères techniques de qualité de service.
Le candidat précise ses objectifs relatifs à la qualité technique de son réseau et des services qu'il compte offrir en Belgique. A cette fin, le tableau n° 5.4. indique l'évolution prévue des paramètres de qualité suivants mesurés conformément aux normes pertinentes de l'ETSI à l'heure la plus chargée :
a. le taux de blocage des appels;
b. le taux de coupure des appels;
c. le taux d'échec des " hand-over ".
Le candidat décrit ses prévisions en ce qui concerne la qualité de service à l'intérieur des immeubles.
5.12. Fourniture des équipements.
Le candidat décrit succinctement les équipements qu'il envisage d'acquérir pour réaliser son réseau de mobilophonie DCS-1800 en ce qui concerne plus particulièrement les fournisseurs possibles, la procédure de sélection de ceux-ci et les caractéristiques techniques.
Le candidat précise les dispositions qu'il compte prendre pour s'assurer de la parfaite conformité des équipements de son réseau qu'il acquerra avec les spécifications techniques du système DCS-1800 définies par l'ETSI.
5.13. Respect d'autres obligations.
Le candidat expose les dispositions qu'il compte prendre pour assurer les obligations suivantes :
5.13.1. mesures pour assurer la confidentialité des communications échangées sur le réseau et la protection des informations concernant les abonnés;
5.13.2. accès aux services d'urgence;
5.13.3. possibilité de mise sur écoute légale;
5.13.4. coopération avec les autorités policières et judiciaires.
5.14. Performances techniques du réseau.
L'attention des candidats est attirée sur le fait que la qualité technique du réseau, et notamment le calendrier de déploiement de celui-ci et la couverture réalisée du territoire et de la population, constituera un des critères de sélection aux termes de l'article 32, § 1er, de l'arrêté royal.
A cette fin, le candidat évaluera son aptitude à atteindre les objectifs de qualité qu'il aura proposé dans son dossier de candidature et les implications éventuelles en cas de non-respect desdits objectifs.
Art. M7. 6. Organisatorische aspecten. 6.1. Beheer van human resources.
6.1.1. Organisatie van de human resources.
De kandidaat geeft in zijn dossier :
6.1.1.1. een gedetailleerde beschrijving van het voorziene organigram voor de toekomstige entiteit van de operator en van de mechanismen met betrekking tot de besluitvorming;
6.1.1.2. een aanwijzing van de evolutie van het aantal personen die rechtstreeks worden tewerkgesteld op grond van hun kwalificatie- en specialisatieniveau;
6.1.1.3. een beschrijving van de human resources, die gekwalificeerd zijn op technisch, commercieel en operationeel vlak, die de leden van de vereniging zullen kunnen ter beschikking stellen van de operator om hem bij te staan bij de ontplooiing van zijn activiteiten;
6.1.1.4. een schatting van zijn vermogen om bijkomend personeel aan te werven en de daartoe beoogde procedure;
6.1.1.5. een opgave van de vormingsprogramma's die hij zijn personeel wil laten volgen in de verschillende domeinen die verband houden met de aanleg en de exploitatie van een net voor mobiele telefonie;
6.1.1.6. een bewijs van het feit dat zijn organisatie het hem mogelijk zal maken om zijn verbintenissen na te komen in verband met de ontplooiing van zijn netwerk, alsook inzake de kwaliteit en betrouwbaarheid van de aangeboden dienst door de eventuele onderbrekingen in de werking zoveel mogelijk te beperken.
6.1.2. Tewerkstelling.
De kandidaat geeft in de vorm van "manjaren" een raming van de werkgelegenheid die in België door zijn bedrijvigheid wordt geschapen door middel van een tabel nr. 6.1. met daarin de volgende gegevens :
a. rechtstreekse tewerkstelling (personeel dat rechtstreeks afhangt van de operator);
b. kanalen voor commercialisatie en distributie;
c. fabrikanten en invoerders van apparatuur;
d. installatiewerkzaamheden in verband met het net;
e. allerlei (te preciseren);
f. totaal.
6.2. Commercialisering van de diensten.
6.2.1. Marketing.
De kandidaat beschrijft zijn plannen in verband met :
6.2.1.1. de organisatie van de promotie- en reclamecampagnes en de promotie van zijn imago;
6.2.1.2. de methode voor de identificatie van de abonnees waarop wordt gedoeld en voor de ontwikkeling van de aangepaste handelsstrategieën (dienstenpakketten, tarieven, distributiekanalen, enz.);
6.2.1.3. de analyse van de opportuniteit van de regionale markten.
6.2.2. Diensten aan de cliënteel.
De kandidaat beschrijft zijn aanpak van de organisatie en de dienstverlening van zijn dienst voor bijstand aan de cliënteel, met name wat betreft :
6.2.2.1. de termijn voor de activering van de nieuwe abonnees;
6.2.2.2. de nadere regels in verband met de toegang tot de hulpdienst, de antwoordtermijnen van die dienst, de openingsuren en de taalkennis van het personeel;
6.2.2.3. de behandeling van de klachten van de gebruikers;
6.2.2.4. het beheer van de fraude en slechte betalers;
6.2.2.5. zijn benadering inzake diensten en de publicatie van gidsen met betrekking tot de aangeboden diensten en de abonnees.
6.2.3. Internationale roaming.
De kandidaat beschrijft zijn strategie en de middelen die hij van plan is te ontplooien om "roaming"-akkoorden af te sluiten met andere DCS-1800- en GSM-900-operatoren in het buitenland, alsmede de voorwaarden die zullen worden aangeboden aan de reizende abonnees van andere DCS-1800-netten dan het net van de operator.
6.3. Planning en ontplooiing van het net.
De kandidaat beschrijft de middelen die hij van plan is te ontplooien om een efficiënte planning en ontplooiing van zijn netwerk te garanderen, met name wat betreft :
6.3.1. het informaticamiddel waarmee de planning kan worden opgesteld, in het bijzonder op het stuk van de radio-elektrische dekking van zijn DCS-1800-net;
6.3.2. de organisatie van de selectie van radiosites, van de aankoop ervan en van de nodige administratieve stappen voor het gebruik ervan. Het eventuele beroep op onderaannemers voor de identificatie en aankoop van antennesites moet worden vermeld samen met een korte beschrijving van de bekwaamheid van de beoogde maatschappijen;
6.3.3. de deskundigheid van de human resources die zijn ingezet voor de verschillende taken inzake planning en ontplooiing;
6.3.4. de soepelheid inzake de opvatting en planning van het netwerk.
6.4. Onderhoud en technisch beheer.
De kandidaat beschrijft zijn plannen met name in verband met :
6.4.1. de controle van de verschillende parameters met betrekking tot de werking van het net;
6.4.2. de organisatie van het technische onderhoud van het net en van de diensten (systeem voor gecentraliseerd toezicht, technische interventieploegen, procedures en termijnen) met inbegrip van preventief onderhoud (geregelde inspecties en vervangingen) alsook corrigerend onderhoud (op basis van een diagnose van de gebreken);
6.4.3. het verzamelen en verwerken van de gegevens in verband met het afgewikkelde verkeer met het oog op de instandhouding en verbetering van de kwaliteit van het net;
6.4.4. de preventie van opstoppingen in het netwerk en controlemaatregelen;
6.4.5. de procedures in geval van ongewone en onvoorziene gebeurtenissen;
6.4.6. de beoogde meetapparatuur;
6.4.7. het beheer van de voorraad reservemateriaal.
6.5. Facturering.
De kandidaat geeft een aanwijzing in verband met :
6.5.1. de principes en procedures voor metingen (meting van de duur van de oproepen) en voor de facturatie;
6.5.2. de facturatie voor de operatoren van andere netten, de partners inzake roaming en de dienstenleveranciers;
6.5.3. het geplande computersysteem voor het beheer van de database van de cliënteel en voor de facturatie van die diensten;
6.5.4. de kwaliteitscontroles op de metingen en de facturatie, in het bijzonder de juistheid van de facturen.
Art. M7. 6. Aspects organisationnels.
6.1. Gestion des ressources humaines.
6.1.1. Organisation des ressources humaines.
Le candidat fournit dans son dossier :
6.1.1.1. une description détaillée de l'organigramme prévu pour la future entité de l'opérateur et des mécanismes de prise de décisions;
6.1.1.2. une indication de l'évolution du nombre de personnes employées directement en fonction de leur niveau de qualification et de spécialisation;
6.1.1.3. une description des ressources humaines qualifiées, sur les plans technique, commercial et opérationnel, que les membres de l'association pourront mettre à la disposition de l'opérateur pour l'assister dans le déploiement de ses activités;
6.1.1.4. une estimation de sa capacité d'embaucher du personnel supplémentaire et la procédure envisagée à cet effet;
6.1.1.5. une indication des programmes de formation qu'il compte faire suivre à son personnel dans les différents domaines liés à la mise en oeuvre et à l'exploitation d'un réseau de mobilophonie;
6.1.1.6. une démonstration que son organisation lui permettra de respecter ses engagements en matière de déploiement de son réseau ainsi que de qualité et de fiabilité du service offert en limitant au maximum les interruptions de fonctionnement éventuelles.
6.1.2. Emploi.
Le candidat donne une estimation de l'emploi généré en Belgique, sous forme d'" hommes-années ", par son activité au moyen d'un tableau n° 6.1. avec les données suivantes :
a. emploi direct (personnel dépendant directement de l'opérateur);
b. canaux de commercialisation et de distribution;
c. fabricants et importateurs d'équipements;
d. travaux d'installation du réseau;
e. divers (à préciser);
f. total.
6.2. Commercialisation des services.
6.2.1. Marketing.
Le candidat décrit ses intentions en ce qui concerne :
6.2.1.1. l'organisation de campagnes de promotion et de publicité et la promotion de son image de marque;
6.2.1.2. la méthodologie d'identification des abonnés-cibles et de développement de stratégies commerciales adaptées (paquets de services, tarifs, canaux de distribution, etc.);
6.2.1.3. l'analyse de l'opportunité des marchés régionaux.
6.2.2. Services à la clientèle.
Le candidat décrit son approche en ce qui concerne l'organisation et les performances de son service d'assistance à la clientèle, en ce qui concerne notamment :
6.2.2.1. le délai d'activation des nouveaux abonnés;
6.2.2.2. les modalités d'accès au service d'assistance, les délais de réponse de ce service, les heures d'accès et l'aptitude linguistique du personnel;
6.2.2.3. le traitement des plaintes des usagers;
6.2.2.4. la gestion de la fraude et des mauvais payeurs;
6.2.2.5. son approche en matière de services et de publication d'annuaires relatifs aux services offerts et aux abonnés.
6.2.3. Roaming international.
Le candidat décrit la stratégie et les moyens qu'il compte déployer en vue de conclure des accords de " roaming " avec d'autres opérateurs DCS-1800 et GSM-900 à l'étranger ainsi que les conditions qui seront offertes aux abonnés itinérants de réseau DCS-1800 autres que celui de l'opérateur.
6.3. Planification et déploiement du réseau.
Le candidat décrit les moyens qu'il compte déployer pour assurer une planification et un déploiement efficaces de son réseau, en ce qui concerne notamment :
6.3.1. l'outil informatique permettant la planification, particulièrement sur le plan de la couverture radioélectrique, de son réseau DCS-1800;
6.3.2. l'organisation de la sélection de sites radio, de leur acquisition et des démarches administratives nécessaires relative à leur utilisation. Le recours éventuel à des sous-traitants pour l'identification et l'acquisition des sites d'antennes sera indiqué avec une brève description des compétences des sociétés envisagées;
6.3.3. l'expertise des ressources humaines mises en oeuvre pour les diverses tâches de planification et de déploiement;
6.3.4. la flexibilité relative à la conception et à la planification du réseau.
6.4. Maintenance et gestion technique.
Le candidat décrit ses projets concernant notamment :
6.4.1. le contrôle des différents paramètres de fonctionnement du réseau;
6.4.2. l'organisation de la maintenance technique du réseau et des services (système de supervision centralisée, équipes techniques d'intervention, procédures et délais), incluant la maintenance préventive (inspections régulières et remplacements) ainsi que la maintenance corrective (à partir d'un diagnostic des défauts);
6.4.3. la récolte et le traitement des données relatives au trafic écoulé en vue de maintenir et d'améliorer la qualité du réseau;
6.4.4. la prévention des congestionnements du réseau et les mesures de contrôle;
6.4.5. les procédures en cas d'événements inhabituels et imprévus;
6.4.6. l'appareillage de mesures envisagé;
6.4.7. la gestion du stock de matériel de réserve.
6.5. Facturation.
Le candidat donne un indication concernant :
6.5.1. les principes et procédures de mesure (mesure de la durée des appels) et de facturation;
6.5.2. la facturation pour les opérateurs d'autres réseaux, les partenaires pour le roaming, et les fournisseurs de services;
6.5.3. le système informatique prévu pour la gestion de la base de données relative à la clientèle et pour la facturation de ses services;
6.5.4. les contrôles de qualité concernant les mesures et la facturation, en particulier la justesse des factures.
Art. M8. 7. Aspecten in verband met ervaring. De kandidaat beschrijft zijn ervaring of die van zijn partners wat de technische, commerciële of operationele aspecten betreft op de volgende gebieden :
7.1. het opzetten en het beheer van mobiele telecommunicatiediensten;
7.2. het opzetten en het beheer van andere telecommunicatiediensten die op vaste netten worden verricht;
7.3. de mededinging op een voor concurrentie opengestelde markt;
7.4. de kennis van de ontwikkeling van de Belgische en de Europese markt op het gebied van mobiele telefonie;
7.5. de beheersing van de specificiteiten van de DCS-1800-norm;
7.6. de vooruitzichten inzake technische en/of commerciële vernieuwing op grond van de ervaring die de leden van de vereniging hebben opgedaan.
De heer E. Van Heesvelde, administrateur-generaal, Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie, Sterrenkundelaan 14, bus 21, 1210 Brussel.
Art. M8. 7. Aspects liés à l'expérience.
Le candidat décrit son expérience ou celle de ses partenaires, en ce qui concerne les aspects techniques, commerciaux et opérationnels, dans les domaines suivants :
7.1. la mise en oeuvre et la gestion de services de télécommunications mobiles;
7.2. la mise en oeuvre et la gestion d'autres services de télécommunications offerts sur des réseaux fixes;
7.3. la concurrence dans un marché ouvert à la compétition;
7.4. la connaissance du développement des marchés belge et européen en matière de mobilophonie;
7.5. la maîtrise des spécificités de la norme DCS-1800;
7.6. les perspectives d'innovation technique et/ou commerciale sur la base de l'expérience accumulée par les membres de l'association.
M. E. Van Heesvelde, administrateur général, Institut belge des Services postaux et de Télécommunications, avenue de l'Astronomie 14, bte 21, 1210 Bruxelles.