Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
24 OKTOBER 1997. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 maart 1995 betreffende het opzetten en exploiteren van GSM-mobilofoonnetten.
Titre
24 OCTOBRE 1997. - Arrêté royal modifiant l'arrêté royal du 7 mars 1995 relatif à l'établissement et à l'exploitation de réseaux de mobilophonie GSM.
Documentinformatie
Numac: 1997014244
Datum: 1997-10-24
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 1997014244
Date: 1997-10-24
Moniteur: Voir
Tekst (20)
Texte (20)
Artikel 1. 1° In artikel 1, 14° van het koninklijk besluit van 7 maart 1995 betreffende het opzetten en de exploitatie van GSM-mobilofonienetten, worden de woorden "van de operator" vervangen door de woorden "van een mobilofonie-operator of van een service provider waarmee deze operator een contract heeft gesloten";
  2° artikel 1 van hetzelfde koninklijk besluit wordt aangevuld met de volgende leden :
  " 24° DCS-1800 : "Digital Cellular System", variante van het GSM-systeem dat in de 1800 MHz frequentieband werkt en genormaliseerd is door het ETSI.;
  25° DCS-1800-operator : operator die krachtens het koninklijk besluit betreffende het opzetten en de exploitatie van DCS-1800-mobilofonienetten gemachtigd is een mobilofonie-net volgens de DCS-1800-norm op te zetten en uit te baten;
  26° service provider : onderneming die met een operator een contract heeft gesloten voor de verkoop van diensten die gebruik maken van het net van deze operator;
  27° "roaming" : gebruiksmogelijkheid welke aan de abonnees van een mobilofonie-operator wordt geboden om het net van een andere operator te gebruiken;
  28° interconnectie : geheel van fysische en logische verbindingen tussen twee telecommunicatienetten dat de gebruikers van het ene net in staat stelt te communiceren met de gebruikers van het andere net of gebruik te maken van diensten aangeboden op het andere net;
  29° NIS : Nationaal Instituut voor de Statistiek;
  30° interconnectie-operator : elk behoorlijk gemachtigd operator van een telecommunicatienetwerk waarmee een operator van een mobilofonie-net zijn net, rechtstreeks of onrechtstreeks, verbindt;
  31° huurlijnen-operator : elk behoorlijk gemachtigd operator die de huurlijnendienst aanbiedt. "
Article 1. 1° A l'article 1er, 14°, de l'arrêté royal du 7 mars 1995 relatif à l'établissement et à l'exploitation de réseaux de mobilophonie GSM, les mots " de l'opérateur " sont remplacés par les mots " d'un opérateur de mobilophonie ou d'une société de commercialisation de services avec laquelle cet opérateur a conclu un contrat ".
  2° L'article 1er du même arrêté royal, est complété par les alinéas suivants :
  " 24° DCS-1800 : " Digital Cellular System ", variante du système GSM fonctionnant dans la bande de fréquences des 1800 MHz et normalisée par l'E.T.S.I.;
  25° opérateur DCS-1800 : opérateur autorisé en vertu de l'arrêté royal relatif à l'établissement et à l'exploitation de réseaux de mobilophonie DCS-1800 à établir et à exploiter un réseau de mobilophonie selon la norme DCS-1800;
  26° société de commercialisation de services : société ayant conclu un contrat avec un opérateur en vue de vendre des services utilisant le réseau de cet opérateur;
  27° " roaming " : faculté offerte aux abonnés du réseau d'un opérateur de mobilophonie d'utiliser le réseau d'un autre opérateur;
  28° interconnexion : ensemble des liaisons physiques et logiques entre deux réseaux de télécommunications qui permet aux utilisateurs d'un réseau de communiquer avec les utilisateurs de l'autre réseau ou d'accéder aux services fournis sur l'autre réseau;
  29° INS : Institut national des Statistiques;
  30° opérateur d'interconnexion : tout opérateur de réseau de télécommunications dûment autorisé avec lequel l'opérateur d'un réseau de mobilophonie interconnecte, directement ou indirectement, son réseau;
  31° opérateur de lignes louées : tout opérateur dûment autorisé qui offre le service des lignes louées. ".
Art. 2. In artikel 2 van hetzelfde koninklijk besluit, worden volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 2, a, worden de woorden "de verbindingen voor interconnectie met buitenlandse PSTN-netten moeten geschieden via het openbaar geschakeld net van BELGACOM" geschrapt;
  2° in § 2, b, worden de woorden "in dat geval, moet de verbinding voor de interconnectie via het openbaar geschakeld net van BELGACOM verlopen" geschrapt;
  3° § 3 wordt vervangen door de volgende bepaling :
  " § 3. De operator stelt alles in het werk om de verschillende bijkomende diensten die in de GSM-norm van het ETSI. zijn opgenomen aan te bieden. "
Art. 2. A l'article 2 du même arrêté royal, sont apportées les modifications suivantes :
  1° au § 2, a, les mots " les liaisons d'interconnexion avec des réseaux RTPC étrangers doivent transiter par le réseau public commuté de BELGACOM " sont supprimés;
  2° au § 2, b, les mots " dans ce cas, la liaison d'interconnexion doit transiter par le réseau public commuté de BELGACOM " sont supprimés;
  3° le § 3 est remplacé par la disposition suivante :
  " § 3. L'opérateur met tout en oeuvre en vue d'offrir les différents services supplémentaires prévus dans la norme GSM de l'E.T.S.I.. ".
Art. 3. De tweede zin in artikel 3, § 1 van het koninklijk besluit wordt vervangen door de volgende bepaling :
  " Het Instituut wordt ten minste een maand van tevoren op de hoogte gebracht van elke wijziging in de structuur van of de controle op het kapitaal van de operator. Het Instituut deelt de Minister de betreffende wijzigingen mee. "
Art. 3. La seconde phrase de l'article 3, § 1er, de l'arrêté royal, est remplacée par la disposition suivante :
  " L'Institut est informé, au moins un mois à l'avance, de toute modification à la structure ou au contrôle du capital de l'opérateur. L'Institut informe le Ministre des modifications en question. ".
Art. 4. In artikel 4, § 3, van het koninklijk besluit, worden de tweede en derde zin geschrapt.
Art. 4. A l'article 4, § 3, de l'arrêté royal, les deuxième et troisième phrases sont supprimées.
Art. 5. Artikel 5, § 1, van het koninklijk besluit wordt aangevuld met het volgende lid :
  " De dekking van de bevolking wordt door het Instituut bepaald op grond van de demografische spreiding van de bevolking, die wordt vastgesteld door de onderverdeling van België in statistische sectoren door het NIS, welke rekening houdt met de residentiële bevolking. "
Art. 5. L'article 5, § 1er, de l'arrêté royal, est complété par l'alinéa suivant :
  " La couverture de la population est évaluée par l'Institut sur la base de la répartition démographique de la population, définie par le découpage de la Belgique en secteurs statistiques par l'INS qui tient compte de la population résidentielle. ".
Art. 6. Artikel 7 van het koninklijk besluit wordt aangevuld met een § 5 luidend als volgt :
  " § 5. De operatoren GSM1 en GSM2 kunnen een vergunning voor het opzetten en de exploitatie van een bijkomend netwerk dat gebruik maakt van het DCS-1800-systeem, bekomen volgens de bepalingen van huidige paragraaf.
  Dergelijke vergunning kan slechts aan een GSM-operator toe worden gekend indien de frequenties die hem zijn toegewezen op 900 MHz overeenkomstig § 1 van dit artikel, de verzadiging naderen na alle gepaste technische oplossingen in het werk te hebben gesteld. Het Instituut beoordeelt deze toestand op grond van door de operator verstrekte gegevens.
  Een dergelijke vergunning wordt in geen enkel geval toegekend voor de datum waarop het Instituut zijn akkoord meedeelt aan de eerste DCS-1800-operator de uitbreidingsfrequentiebanden van het GSM-systeem op 900 MHz te gebruiken overeenkomstig artikel 7, § 6, van het koninklijk besluit van 24 oktober 1997 betreffende het opzetten en de exploitatie van DCS-1800-mobilofonie-netwerken.
  Deze vergunning dekt het gebruik van ten hoogste vijfenzeventig radio-elektrische kanalen die door het Instituut aan de operator worden medegedeeld. Het geheel van deze kanalen wordt de operator geleidelijk ter beschikking gesteld volgens zijn door het Instituut gecontroleerde noden, zodra de vrijmaking ervan zal uitgevoerd zijn door het Ministerie van Landsverdediging overeenkomstig de schikkingen van artikel 8, § 5, van het in het vorige lid van dit artikel bepaalde koninklijk besluit. Een gedeeltelijke inwerkingstelling van deze kanalen kan door het Instituut worden toegestaan vóór de volledige vrijmaking van de betroffen frequenties door het Ministerie van Landsverdediging.
  Het opzetten en de exploitatie van een DCS-1800-netwerk door een GSM-operator op 900 MHz wordt geregeld door de bepalingen van het eerste hoofdstuk van het koninklijk besluit waarvan sprake in het derde lid van deze paragraaf, behoudens de bepalingen van de artikelen 6, 8, §§ 2 en 6, en 15 van het besluit terzake. "
Art. 6. L'article 7 de l'arrêté royal, est complété par un § 5, rédigé comme suit :
  " § 5. Les opérateurs GSM 1 et GSM 2 peuvent obtenir une autorisation d'établir et d'exploiter un réseau complémentaire utilisant le système DCS-1800 selon les dispositions du présent paragraphe.
  Une telle autorisation ne peut être accordée à un opérateur GSM que s'il s'avère que les fréquences qui lui ont été attribuées à 900 MHz, conformément au § 1er du présent article sont en voie de saturation, après mise en oeuvre de toutes les solutions techniques appropriées. L'Institut apprécie cette condition sur la base des éléments fournis par l'opérateur.
  Une telle autorisation n'est en aucun cas accordée avant la date à laquelle l'Institut communique son accord au premier opérateur DCS-1800 d'utiliser les bandes de fréquences d'extension du système GSM à 900 MHz, conformément à l'article 7, § 6, de l'arrêté royal du 24 octobre 1997 relatif à l'établissement et à l'exploitation de réseaux de mobilophonie DCS-1800.
  Cette autorisation couvre l'utilisation d'un maximum de septante-cinq canaux radioélectriques qui sont communiqués par l'Institut à l'opérateur concerné. L'ensemble de ces canaux est mis à disposition de l'opérateur, au fur et à mesure de ses besoins vérifiés par l'Institut, dès que le dégagement en aura été effectué par le Ministère de la Défense nationale, conformément aux dispositions de l'article 8, § 5, de l'arrêté royal visé à l'alinéa précédent du présent article. Une mise en oeuvre partielle sur ces canaux peut être autorisée par l'Institut avant le dégagement complet des fréquences concernées par le Ministère de la Défense nationale.
  L'établissement et l'exploitation d'un réseau DCS-1800 par un opérateur GSM à 900 MHz sont régis par les dispositions du Chapitre premier de l'arrêté royal dont question au troisième alinéa du présent paragraphe à l'exception des dispositions des articles 6, 8, §§ 2 et 6, et 15 de l'arrêté en question. ".
Art. 7. Artikel 8 van het koninklijk besluit wordt vervangen door de volgende bepaling :
  " Art. 8. § 1. De operator stelt in de mate van het mogelijke, alles in het werk om zijn antennes op reeds bestaande steunen zoals daken van gebouwen, pylonen, gevels, te bevestigen.
  § 2. Indien aangetoond is dat een andere behoorlijk vergunde mobilofonieoperator in België er niet in geslaagd is om de nodige vergunningen te verkrijgen die nodig zijn voor het opzetten van een basisstation in een bepaalde zone, verleent de operator die andere mobilofoonoperator toegang tot zijn eigen antennesites in die zone, overeenkomstig de voorwaarden van dit artikel.
  In geval van betwisting van het werkelijke karakter van de onmogelijkheid de nodige vergunningen te verkrijgen, oordeelt het Instituut over dat werkelijke karakter. De beslissing van het Instituut is dwingend voor de verschillende betroffen operatoren.
  § 3. Indien een antennesite niet het eigendom is van de operator die deze site uitbaat, verzet deze zich niet tegen het afsluiten van een akkoord tussen de eigenaar van de site en de andere mobilofonie-operator, waardoor deze laatste de mogelijkheid wordt geboden de betroffen site te gebruiken niettegenstaande elke andersluidende clausule tussen de eigenaar en de DCS-1800-operator die deze site reeds gebruikt.
  § 4. In het geval dat een antenne-site het eigendom is van de operator zal deze niet weigeren te onderhandelen over het afsluiten van een akkoord met de andere mobilofonieoperator waardoor deze de mogelijkheid wordt geboden zijn eigen antennes op de bestaande steun te bevestigen. Deze verplichting tot gezamenlijk gebruik strekt zich uit over de installatie in de aanverwante lokalen, van elektronische uitrustingen van het basisstation in die mate dat het beschikbare gebouw het toelaat de uitrustingen van verschillende operatoren in verschillende lokalen te installeren.
  De bepalingen van het akkoord moeten redelijk, proportioneel en niet-discriminerend zijn : de huur wordt bepaald door de aankoopsom van het terrein, de bouw- en onderhoudskosten.
  De operator kan het gezamenlijke gebruik van zijn antennesite maar weigeren op grond van technische redenen welke behoorlijk gerechtvaardigd worden en als dusdanig door het Instituut worden erkend. Indien de bijkomende plaatsing van antennes aanzienlijke verstevigingswerken aan de bestaande structuur vereist, heeft de operator, eigenaar van de site, het recht zich tegen het gezamenlijke gebruik te verzetten.
  § 5. De bepalingen van § 4 van dit artikel, worden uitgebreid tot de antennesites uitgebaat door de operator en welke het eigendom zijn van een persoon die rechtstreeks of onrechtstreeks met deze operator is verbonden.
  § 6. Elke betwisting betreffende het gezamenlijke gebruik van antennesites wordt aan het Instituut voorgelegd, met inbegrip van het geval van de onmogelijkheid tot een akkoord te komen overeenkomstig de bepalingen van artikel 75, § 8, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven. "
Art. 7. L'article 8 de l'arrêté royal, est remplacé par la disposition suivante :
  " Art. 8. § 1er. L'opérateur met tout en oeuvre, dans toute la mesure du possible, pour installer ses antennes sur des supports, tels que toitures de bâtiments, pylônes, facades, déjà existants.
  § 2. En cas d'impossibilité avérée pour un autre opérateur de mobilophonie dûment autorisé en Belgique d'obtenir les autorisations requises pour l'installation de toute station de base dans une zone déterminée, l'opérateur accorde à cet autre opérateur de mobilophonie l'accès à ses propres sites d'antennes, situés dans cette zone, aux conditions prévues au présent article.
  En cas de contestation sur le caractère réel de l'impossibilité d'obtenir les autorisations requises, l'Institut apprécie ce caractère de réalité. La décision de l'Institut s'impose aux différents opérateurs concernés.
  § 3. Dans le cas d'un site d'antennes qui n'est pas la propriété de l'opérateur exploitant ce site, celui-ci ne s'oppose pas à la conclusion d'un accord entre le propriétaire du site et l'autre opérateur de mobilophonie permettant à ce dernier d'utiliser le site en question nonobstant toute clause contraire entre le propriétaire et l'opérateur DCS-1800 exploitant déjà ce site.
  § 4. Dans le cas d'un site d'antenne qui est la propriété de l'opérateur, celui-ci ne refuse pas de négocier la conclusion d'un accord avec l'autre opérateur de mobilophonie permettant à celui-ci d'installer ses propres antennes sur le support existant. Cette obligation de partage est étendue à l'installation, dans les locaux associés, des équipements électroniques de la station de base dans la mesure où le bâtiment disponible permet l'installation des équipements des différents opérateurs dans des locaux distincts.
  Les termes de l'accord doivent être raisonnables, proportionnés et non discriminatoires : le loyer est fondé sur les coûts d'acquisition du terrain, de construction et d'entretien.
  L'opérateur ne peut refuser le partage de son site d'antennes que pour des raisons d'ordre technique dûment justifiées et reconnues comme telles par l'Institut. Si l'installation des antennes supplémentaires requiert des travaux significatifs de renforcement de la structure existante, l'opérateur propriétaire de ce site est en droit de s'opposer à son partage.
  § 5. Les dispositions du § 4 du présent article sont étendues aux sites d'antennes exploités par l'opérateur et qui sont la propriété d'une personne liée directement ou indirectement à cet opérateur.
  § 6. Tout litige relatif au partage des sites d'antennes est soumis à l'Institut, y compris le cas d'impossibilité de parvenir à un accord, conformément aux dispositions de l'article 75, § 8, de la loi du 21 mars 1991 portant réforme de certaines entreprises publiques économiques. ".
Art. 8. In artikel 10 van hetzelfde koninklijk besluit, worden volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de § 1 wordt aangevuld met de volgende leden :
  " Het Instituut kent aan de operator op basis van zijn gerechtvaardigde commerciële behoeften een gepaste capaciteit in het nationale nummeringsplan toe.
  De operator betaalt het jaarlijkse recht tegenover het Instituut overeenkomstig de nummeringscapaciteit welke hem ter beschikking wordt gesteld, ook wanneer hij een beroep doet op service providers.
  De operator verzekert een efficiënt beheer van de hem toegekende nummeringscapaciteit, in het bijzonder wanneer hij een beroep doet op service providers. "
  2° de § 3 wordt vervangen door de volgende bepaling :
  " § 3. De operator verzekert de toegang tot de internationale dienst door middel van het prefix 00 en de toegang tot de nooddiensten door middel van het nummer 112. "
Art. 8. A l'article 10 du même arrêté royal, sont apportées les modifications suivantes :
  1° le § 1er est complété par les alinéas suivants :
  " L'Institut attribue à l'opérateur, en fonction de ses besoins commerciaux dûment justifiés, une capacité adéquate dans le plan national de numérotation.
  L'opérateur acquitte auprès de l'Institut les droits annuels correspondant à la capacité de numérotation mise à sa disposition, y compris dans le cas où il recourt à des sociétés de commercialisation des services.
  L'opérateur assure une gestion efficace de la capacité de numérotation mise à sa disposition, particulièrement dans le cas où il recourt à des sociétés de commercialisation de services. ";
  2° le § 3 est remplacé par la disposition suivante :
  " § 3. L'opérateur assure l'accès au service international au moyen du préfixe 00 et l'accès au service d'urgence au moyen du numéro 112. ".
Art. 9. Artikel 11 van het koninklijk besluit wordt door de volgende bepaling vervangen :
  " Art. 11. § 1. De operator kan zijn mobilofonie-net, rechtstreeks of onrechtstreeks, op elk ander telecommunicatienet van een behoorlijk gemachtigd operator verbinden, interconnectieoperator genoemd.
  Het geheel van technische en commerciële interconnectiemodaliteiten maakt het voorwerp uit van een interconnectie-overeenkomst tussen de betrokken partijen. De operator deelt aan het Instituut de interconnectie-overeenkomsten mee die hij afsluit met elke andere telecommunicatie-operator. De onderhandelingen met betrekking tot het verwezenlijken van interconnectie-akkoorden worden geregeld door het koninklijk besluit tot regeling van de termijnen en principes die van toepassing zijn op de commerciële onderhandelingen die worden gevoerd om interconnectie-akkoorden te sluiten.
  § 2. De operator kan de interconnectie verkrijgen tussen zijn mobilofonie-net en elk PSTN/ISDN-net of elk vergund mobilofonie-net in België. De bepalingen van huidige paragraaf zijn van toepassing op deze interconnecties.
  De operator maakt elke behoefte inzake interconnectie ten minste zes maanden vóór de gewenste datum van indienstneming aan de interconnectieoperator bekend.
  De interconnectie met de commutatoren van de interconnectieoperatoren gebeurt overeenkomstig signalisatie-protocol nr. 7 van het CCITT, en aangevuld door ETSI.. De interface voor de verbinding van de commutator(en) van het mobilofonie-net met deze netten moet zijn goedgekeurd door het Instituut vooraleer het net in dienst wordt gesteld.
  De interconnectieoperator licht zijn eigen abonnees volledig en duidelijk in over de commerciële toegangsvoorwaarden vanaf zijn eigen net tot het mobilofonie-net van de operator.
  § 3. De bepalingen van deze paragraaf zijn van toepassing op operatoren in de zin van het eerste lid van § 2 van dit artikel, waarvan verklaard wordt dat ze een aanmerkelijke macht op de markt hebben.
  De operator die om interconnectie verzoekt, kan vanwege de interconnectieoperator tot wie dit verzoek is gericht voldoening krijgen voor elke redelijke eis inzake de gevraagde capaciteit, de kwaliteit en de technische karakteristieken voor de interconnectie van zijn mobilofonienet.
  De operator kan, in functie van zijn behoeften, aan de betrokken interconnectieoperator interconnecties vragen op de plaatsen welke vastgesteld zijn in de lijst opgesteld door het Instituut.
  Zodra het technisch mogelijk is, moeten de operator en de interconnectieoperator wederzijds toegang verlenen tot hun dynamische gegevensbanken die automatisch het doorsturen van de oproepen behandelen, om het de andere partij mogelijk te maken zijn transmissieinfrastructuur en zijn interconnectiepunten te optimaliseren.
  De tarieven die door de operatoren worden toegepast op hun eigen abonnees voor de toegang tot de verschillende mobilofonie-netten vanaf hun eigen netten zijn niet-discriminerend en gebaseerd op objectieve criteria.
  Wat de financiële vergoeding betreft voor de doorstroming van het verkeer van het mobilofonie-net van de operator naar het net van de interconnectieoperator, moeten de door deze laatste gevraagde interconnectielasten steunen op criteria die objectief, doorzichtig en niet-discriminerend zijn en bepaald worden in functie van de kosten.
  § 4. Voor de interconnectie van elk gemachtigd mobilofonie-net in België op het PSTN/ISDN, past BELGACOM tenminste gelijke voorwaarden toe in gelijke omstandigheden, als deze toegepast voor de interconnectie van het GSM1-net uitgebaat door haar filiaal BELGACOM MOBILE.
  De in vorig lid geviseerde voorwaarden zijn de technische kwaliteit van de prestaties, de financiële voorwaarden en de termijnen waarbinnen deze prestaties ter beschikking worden gesteld in die mate dat de noden van de GSM2-operator behoorlijk aan BELGACOM werden gemeld.
  BELGACOM levert de synchronisatie van het mobilofonie-net van de operator die om interconnectie verzocht.
  § 5. De interconnectielasten door de operator aangerekend moeten op objectieve, doorzichtige en niet-discriminerende criteria steunen en bepaald worden in functie van de kosten wanneer het Instituut verklaart dat de operator een aanmerkelijke macht op de markt heeft.
  § 6. Elk geschil betreffende de interconnectie-overeenkomsten wordt aan het Instituut voorgelegd overeenkomstig de bepalingen van artikel 75, § 8, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven. "
Art. 9. L'article 11 de l'arrêté royal, est remplacé par la disposition suivante :
  " Art. 11. § 1er. L'opérateur peut interconnecter, directement ou indirectement, son réseau de mobilophonie avec tout autre réseau de télécommunications d'un opérateur dûment autorisé, dénommé opérateur d'interconnexion.
  L'ensemble des modalités techniques et commerciales d'interconnexion fait l'objet d'un accord d'interconnexion entre les parties concernées. L'opérateur communique à l'Institut les accords d'interconnexion qu'il conclut avec tout autre opérateur de télécommunications. Les négociations relatives à l'établissement de ces accords d'interconnexion sont régies par l'arrêté royal réglant les délais et principes applicables aux négociations commerciales menées en vue de conclure des accords d'interconnexion.
  § 2. L'opérateur peut obtenir l'interconnexion de son réseau de mobilophonie avec tout RTPC/RNIS ou réseau de mobilophonie autorisé en Belgique. Les dispositions du présent paragraphe sont applicables à ces interconnexions.
  L'opérateur fait connaître à l'opérateur d'interconnexion tout besoin en matière d'interconnexion au moins six mois avant la date de mise en service souhaitée.
  L'interconnexion aux commutateurs des réseaux des opérateurs d'interconnexion concernés s'effectue conformément au protocole de signalisation n° 7 du secteur UIT-T, tel que complété par l'E.T.S.I.. L'interface de connexion du(des) commutateur(s) du réseau de mobilophonie à ces réseaux doit être agréé par l'Institut préalablement à la mise en service du réseau.
  L'opérateur d'interconnexion informe complètement et clairement ses propres abonnés sur les conditions commerciales d'accès au réseau de mobilophonie de l'opérateur à partir de son propre réseau.
  § 3. Les dispositions du présent paragraphe sont applicables aux opérateurs visés au premier alinéa du § 2 du présent article, qui sont déclarés puissants sur le marché.
  L'opérateur qui demande de s'interconnecter, peut obtenir satisfaction de la part de l'opérateur d'interconnexion auquel cette demande est adressée, à toute exigence raisonnable en matière de capacité demandée, de qualité et de caractéristiques techniques pour l'interconnexion de son réseau de mobilophonie.
  L'opérateur peut, en fonction de ses besoins, demander à l'opérateur d'interconnexion concerné des interconnexions sur les points indiqués dans la liste établie par l'Institut.
  Dès que cela est techniquement possible, l'opérateur et l'opérateur d'interconnexion concerné doivent se donner mutuellement accès à leurs bases de données dynamiques traitant l'acheminement des appels en vue de permettre à l'autre partie d'optimaliser son infrastructure de transmission et ses points d'interconnexion.
  Les tarifs pratiqués par les opérateurs pour l'accès, par leurs propres abonnés, aux différents réseaux de mobilophonie à partir de leurs réseaux sont non discriminatoires et basés sur des critères objectifs.
  En ce qui concerne la rétribution financière pour l'écoulement du trafic du réseau de mobilophonie de l'opérateur vers le réseau de l'opérateur d'interconnexion, les charges d'interconnexion demandées par ce dernier doivent être fondées sur des critères objectifs, transparents, non discriminatoires et orientés en fonction des coûts.
  § 4. Pour l'interconnexion de tout réseau de mobilophonie autorisé en Belgique sur son RTPC/RNIS, BELGACOM applique des conditions au moins équivalentes, dans des circonstances équivalentes, à celles appliquées pour l'interconnexion du réseau GSM 1 exploité par sa filiale BELGACOM MOBILE.
  Les conditions visées à l'alinéa précédent sont la qualité technique des prestations, les conditions financières et les délais de mise à disposition de ces prestations, dans la mesure où les besoins de l'opérateur GSM 2 ont été convenablement indiqués à BELGACOM.
  BELGACOM fournit la synchronisation du réseau de mobilophonie de l'opérateur qui a demandé l'interconnexion.
  § 5. Les charges d'interconnexion demandées par l'opérateur devront être fondées sur des critères objectifs, transparents, non discriminatoires et orientés en fonction des coûts dès qu'il sera désigné par l'Institut comme opérateur puissant sur le marché.
  § 6. Tout litige relatif aux accords d'interconnexion est soumis à l'Institut, conformément aux dispositions de l'article 75, § 8, de la loi du 21 mars 1991 portant réforme de certaines entreprises publiques économiques. ".
Art. 10. Artikel 12 van hetzelfde koninklijk besluit wordt vervangen door de volgende bepaling :
  " Art. 12. § 1. Elke huurlijnenoperator waarvan verklaard wordt dat hij een aanmerkelijke macht heeft op de markt, is gehouden de operator de gevraagde transmissielijnen ter beschikking te stellen die de nodige technische karakteristieken bieden overeenkomstig de bepalingen van deze paragraaf.
  Binnen de drie maanden volgend op de toekenning van de vergunning stelt de operator alles in het werk om de huurlijnenoperator de relevante planningsgegevens over te maken in verband met zijn transmissiebehoeften die hij verwacht te bestellen bij deze operator, volgens het formaat dat deze laatste voorstelt. De operator en de huurlijnenoperator stellen in samenspraak de planning en de voorwaarden op voor het ter beschikking stellen van de door de operator aan te sluiten sites en voor het ter beschikking stellen van de bijhorende transmissie-lijnen. Die planning houdt rekening met de eisen inzake ontplooing van de operator en de omvang van de vraag die de operator aan de huurlijnenoperator richt.
  De huurlijnenoperator stelt de bestelde transmissielijnen ter beschikking van de operator binnen een redelijke termijn van drie maanden, te rekenen vanaf de datum van de bevestigde bestelling, voor zover de sites van de operator die moeten worden aangesloten op een redelijk in de tijd gespreide wijze aan de huurlijnenoperator worden ter beschikking gesteld, volgens de nadere regels die in samenspraak tussen de operator en de huurlijnenoperator zijn overeengekomen.
  § 2. De interfaces van de uitrusting die door de operator wordt gebruikt en die aangesloten zijn op de transmissielijnen die door elke behoorlijk vergunde huurlijnenoperator ter beschikking zijn gesteld, moeten door het Instituut zijn goedgekeurd en in perfecte staat van werking zijn.
  § 3. De terbeschikkingstelling van transmissielijnen aan de operator door elke behoorlijk vergunde operator wordt tussen beide partijen geregeld in een overeenkomst die aan het Instituut moet worden bezorgd.
  Elk geschil betreffende de terbeschikkingstelling van transmissielijnen voor de aansluiting van de infrastructuur wordt aan het Instituut voorgelegd overeenkomstig de bepalingen van artikel 75, § 8, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven.
  § 4. De operator die een deel van zijn transmissie-infrastructuur wenst te verwezenlijken door middel van eigen straalverbindingen, richt zijn vergunningsaanvragen aan het Instituut op basis van het koninklijk besluit van 15 oktober 1979 betreffende de private radioverbindingen.
  Binnen de beperkingen van het beschikbare radio-elektrische spectrum, wordt de operator een specifieke frequentieband toegewezen met aangemeten breedte, waarin hij van het Instituut vergunningen kan krijgen voor het verwezenlijken van zijn straalverbindingen : de voorkeur wordt gegeven aan frequenties boven de 10 GHz. "
Art. 10. L'article 12 du même arrêté royal, est remplacé par la disposition suivante :
  " Art. 12. § 1er. Tout opérateur de lignes louées, qui est déclaré puissant sur le marché, est tenu de mettre à la disposition de l'opérateur les liens de transmission demandés offrant les caractéristiques techniques requises, conformément aux dispositions du présent paragraphe.
  Dans les trois mois suivant la délivrance de l'autorisation, l'opérateur met tout en oeuvre pour communiquer à l'opérateur de lignes louées les données pertinentes de planification de ses besoins de transmission qu'il prévoit de commander auprès de cet opérateur, selon le format proposé par celui-ci. L'opérateur et l'opérateur de lignes louées établissent, de commun accord, la planification et les modalités de mise à disposition par l'opérateur des sites à raccorder et de la mise à disposition des liens de transmission y afférents. Cette planification prend en considération les exigences de déploiement de l'opérateur et l'ampleur de la demande adressée par l'opérateur à l'opérateur de lignes louées.
  L'opérateur de lignes louées met les liens de transmission commandés à disposition de l'opérateur dans un délai raisonnable de trois mois, à compter de la date de commande ferme, pour autant que les sites de l'opérateur à raccorder soient mis à disposition de l'opérateur de lignes louées d'une manière raisonnablement échelonnée dans le temps selon les modalités convenues d'un commun accord entre l'opérateur et l'opérateur de lignes louées.
  § 2. Les interfaces des équipements mis en oeuvre par l'opérateur et reliés aux liens de transmission mis à disposition par tout opérateur de lignes louées dûment autorisé doivent être agréés par l'Institut et être en parfait état de fonctionnement.
  § 3. La mise à disposition de l'opérateur de liens de transmission par tout opérateur dûment autorisé fait l'objet d'un accord entre les deux parties qui doit être communiqué à l'Institut.
  Tout litige relatif à la mise à disposition de liens de transmission pour le raccordement de l'infrastructure est soumis à l'Institut, conformément à l'article 75, § 8, de la loi du 21 mars 1991 portant réforme de certaines entreprises publiques économiques.
  § 4. L'opérateur qui souhaite réaliser une partie de son infrastructure de transmission au moyen de liaisons propres par faisceaux hertziens, adresse des demandes d'autorisations à l'Institut sur la base de l'arrêté royal du 15 octobre 1979 relatif aux radiocommunications privées.
  Dans les limites du spectre radioélectrique disponible, l'opérateur se voit attribuer une bande de fréquences spécifique, de largeur adéquate, dans laquelle il peut obtenir des autorisations de l'Institut pour la réalisation de ses liaisons hertziennes : la préférence est donnée à des fréquences supérieures à 10 GHz. ".
Art. 11. In artikel 13 van het koninklijk besluit, worden volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1, wordt voor het tweede lid het volgende lid ingevoegd :
  " Bij het afsluiten van die contracten met service providers, verbindt de operator er zich toe dat zijn contractanten de volgende voorwaarden naleven :
  1° de gelijke toegang en behandeling van de gebruikers overeenkomstig artikel 4, § 5, van dit besluit;
  2° de algemene eerbiediging van de tariefstructuur van de operator;
  3° de verplichting het Instituut in te lichten over de tariefwijzigingen overeenkomstig § 2 van dit artikel;
  4° de naleving van de wettelijke bepalingen inzake de bescherming van de persoonlijke levenssfeer;
  5° de nodige samenwerking met de gerechtelijke overheden en de hulpdiensten overeenkomstig artikel 16, § 3, van dit besluit;
  6° het sluiten van een overeenkomst tussen die service providers en de ombudsdienst bedoeld in artikel 16, § 4, van dit besluit;
  7° de inlichtingen aan de gebruikers over bepaalde gevaren verbonden met het gebruik van een mobilofonie-eindtoestel overeenkomstig artikel 16, § 5, van dit besluit;
  8° de bepalingen met betrekking tot de contracten en de factuur van de abonnees overeenkomstig artikel 16, § 6, van dit besluit. ";
  2° de eerste zin van § 2 wordt de door de volgende bepaling vervangen :
  " De operator stelt de tarieven vast van de diensten die hij aan de dienstabonnees verstrekt. Tussen de operator en de Minister wordt een tariefovereenkomst gesloten die bestemd is om de ontwikkeling in de loop van de tijd na te gaan van de tarieven die de operator toepast en die gebaseerd is op een indexformule die door het Instituut, in overleg met de operator wordt opgesteld. Deze indexformule geeft de globale gemiddelde prijs weer van de diensten die de operator aanbiedt. ";
  3° in de derde zin van § 2, worden de woorden "vooraf aan de Minister worden meegedeeld" vervangen door de woorden "binnen de maand volgend op het in werking treden van de betroffen aanpassing aan het Instituut worden medegedeeld";
  4° in § 2, wordt na de derde zin de volgende bepaling toegevoegd :
  " Indien het Instituut binnen een maand na de mededeling door de operator van de betrokken aanpassing der tarieven geen bezwaren formuleert, wordt deze aanpassing als stilzwijgend aanvaard beschouwd. ";
  5° § 3 wordt aangevuld met het volgende lid :
  " Bij elke aanpassing wordt een exemplaar van dit blad aan het Instituut toegestuurd. ";
  6° § 4 wordt vervangen door de volgende bepaling :
  " § 4. De operator heeft het recht in de universele telefoongidsen vermeldingen te publiceren van de abonnees van zijn dienst welke zich niet verzetten tegen deze publicatie. "
Art. 11. A l'article 13 de l'arrêté royal, sont apportées les modifications suivantes :
  1° au § 1er, l'alinéa suivant est inséré avant l'alinéa 2 :
  " Lors de la conclusion de ces contrats avec des sociétés de commercialisation des services, l'opérateur s'engage à ce que son contractant respecte les principes suivants :
  1° l'égalité d'accès et de traitement des usagers, conformément à l'article 4, § 5, du présent arrêté;
  2° le respect global de la structure tarifaire de l'opérateur;
  3° l'obligation d'informer l'Institut des modifications tarifaires, conformément au § 2 du présent article;
  4° le respect des dispositions légales en matière de protection de la vie privée;
  5° la coopération nécessaire avec les autorités judiciaires et les services d'urgence, conformément à l'article 16, § 3, du présent arrêté;
  6° la conclusion d'une convention entre ces sociétés de commercialisation des services et le service de médiation visé à l'article 16, § 4, du présent arrêté;
  7° l'information des usagers sur certains risques inhérents à l'utilisation d'un terminal de mobilophonie, conformément à l'article 16, § 5, du présent arrêté;
  8° les dispositions en matière de contrat et de facture pour les abonnés, conformément à l'article 16, § 6, du présent arrêté. ";
  2° la première phrase du § 2 est remplacée par la disposition suivante :
  " L'opérateur fixe les tarifs des services qu'il offre aux abonnés au service. Une convention relative à l'évolution des tarifs de l'opérateur est conclue entre celui-ci et le Ministre. Cette convention tarifaire est destinée à mesurer l'évolution, au cours du temps, des tarifs pratiqués par l'opérateur et est fondée sur une formule d'indice, établie par l'Institut, en concertation avec l'opérateur, représentant le prix global moyen des services offerts par l'opérateur. ";
  3° à la 3ème phrase du § 2, les mots " communiquée au préalable au Ministre " sont remplacés par les mots " communiquée à l'Institut dans le mois suivant l'entrée en application de l'adaptation en question ";
  4° au § 2, la phrase suivante est ajoutée après la 3ème phrase :
  " En l'absence d'objections de la part de l'Institut dans un délai d'un mois à compter à partir de la communication par l'opérateur de l'adaptation tarifaire en question, celle-ci est considérée comme acceptée tacitement. ";
  5° le § 3 est complété avec l'alinéa suivant :
  " Lors de chaque mise à jour, un exemplaire de ce feuillet est transmis à l'Institut. ";
  6° le § 4 est remplacé par la disposition suivante :
  " § 4. L'opérateur a le droit de faire figurer dans l'annuaire universel des mentions relatives aux abonnés de son service, qui ne s'opposent pas à cette publication. ".
Art. 12. Artikel 14 van het koninklijk besluit wordt aangevuld met het volgende lid :
  " Dat concessierecht wordt in geen enkel geval, zelfs niet gedeeltelijk, terugbetaald. "
Art. 12. L'article 14 de l'arrêté royal, est complété par l'alinéa suivant :
  " Ce droit de concession ne sera en aucun cas remboursé, même partiellement. ".
Art. 13. In artikel 15, § 1, van het koninklijk besluit, worden volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het volgende lid wordt voor lid 1 ingevoegd :
  " Zonder afbreuk te doen aan de rechten die aan het Instituut moeten worden betaald voor het verwerven van nummeringscapaciteit in het nationaal nummeringsplan, is de operator het Instituut jaarlijks de volgende retributies verschuldigd : ";
  2° in het eerste lid, worden de woorden "met inbegrip van het beheer van het nummeringsplan" geschrapt.
Art. 13. A l'article 15, § 1er, de l'arrêté royal, les modifications suivantes sont apportées :
  1° l'alinéa suivant est inséré avant l'alinéa 1er :
  " Sans préjudice des droits qui doivent être payés à l'Institut pour obtenir de la capacité de numérotation dans l'espace de numérotation national, l'opérateur est redevable annuellement à l'Institut des redevances suivantes : ";
  2° au premier alinea, les mots " en ce compris la gestion du plan de numérotage " sont supprimés.
Art. 14. Een artikel 15bis luidend als volgt wordt ingevoegd in hetzelfde koninklijk besluit :
  " Art. 15bis. § 1. De operator is gehouden financieel bij te dragen in het fonds voor de universele dienstverlening inzake telecommunicatie overeenkomstig de van kracht zijnde wettelijke en reglementaire bepalingen.
  § 2. Op verzoek van het Instituut, verstrekt de operator alle nodige informatie om zijn bijdrage in het fonds voor de universele dienstverlening inzake telecommunicatie te berekenen. "
Art. 14. Un article 15bis, rédigé comme suit, est inséré dans le même arrêté royal :
  " Art. 15bis. § 1er. L'opérateur est tenu de contribuer financièrement au Fonds pour le service universel de télécommunications, conformément aux dispositions légales et réglementaires en vigueur.
  § 2. A la demande de l'Institut, l'opérateur fournit toutes les informations nécessaires au calcul de sa contribution au Fonds pour le service universel des télécommunications. ".
Art. 15. In artikel 16 van hetzelfde koninklijk besluit, worden volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 3, worden tussen de woorden "aan de rechterlijke instanties" en de woorden "volgens de van kracht" de woorden "en aan de behoorlijk vergunde hulpdiensten" ingevoegd;
  2° § 3 wordt aangevuld met het volgende lid :
  " De operator werkt mee met de hulpdiensten in België om ze toe te laten met een zo groot mogelijke doeltreffendheid tussen te komen. "
  3° artikel 16 wordt aangevuld met een § 6 luidend als volgt :
  " § 6. De operator deelt aan het Instituut de type-overeenkomst mee welke hij met zijn abonnees afsluit.
  De operator biedt zijn abonnees de mogelijkheid een gedetailleerde en duidelijke factuur te ontvangen voor de diensten die hij hen levert. "
Art. 15. A l'article 16 du même arrêté royal, sont apportées les modifications suivantes :
  1° au § 3, entre les mots " aux autorités judiciaires " et les mots " selon les dispositions ", les mots " et aux services d'urgence dument reconnus " sont insérés;
  2° le § 3 est completé par l'alinéa suivant :
  " L'opérateur collabore avec les services d'urgence en Belgique afin de leur permettre d'intervenir avec un maximum d'efficacité. ";
  3° l'article 16 est compléte par un § 6, rédigé comme suit :
  " § 6. L'opérateur communique à l'Institut le contrat-type qu'il conclut avec ses abonnés.
  L'opérateur offre à ses abonnés de recevoir une facture detaillée et précise concernant les services qu'il leur fournit. ".
Art. 16. Artikel 18, § 2, van het koninklijk besluit wordt aangevuld met het volgende lid :
  " Dit rapport vermeldt ondermeer de evolutie, maand per maand, van het totaal aantal abonnees van zijn diensten. "
Art. 16. L'article 18, § 2, de l'arrêté royal, est complété par l'alinéa suivant :
  " Ce rapport mentionne notamment l'évolution, mois par mois, du nombre total d'abonnés à ses services. ".
Art. 17. In artikel 19, § 3, van het koninklijk besluit worden volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de woorden "het dubbele van" worden vervangen door de woorden "twintigmaal";
  2° de § 3 wordt aangevuld met het volgende lid :
  " De praktische regels ervan worden door de Minister vastgelegd. "
Art. 17. A l'article 19, § 3, de l'arrêté royal, sont apportées les modifications suivantes :
  1° les mots " le double du " sont remplacés par les mots " vingt fois le ";
  2° le § 3 est complété par l'alinéa suivant :
  " Les modalités pratiques en sont fixées par le Ministre. ".
Art. 18. De bijlagen 2, 3 en 4 van het koninklijk besluit worden opgeheven.
Art. 18. Les annexes 2, 3 et 4 de l'arrêté royal sont abrogées.
Art. 19. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art. 19. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.
Art. 20. Onze Minister van Telecommunicatie wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
  Gegeven te Brussel, 24 oktober 1997.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Telecommunicatie,
  E. DI RUPO
Art. 20. Notre Ministre des Télécommunications est chargé de l'exécution du présent arrêté.
  Donné à Bruxelles, le 24 octobre 1997.
  ALBERT
  Par le Roi :
  Le Ministre des Télécommunications,
  E. DI RUPO