Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
8 SEPTEMBER 1994. - Ordonnantie houdende de oprichting van de Grondregie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 23-03-2006 en tekstbijwerking tot 25-04-2024)
Titre
8 SEPTEMBRE 1994. - Ordonnance portant création de la " [1Régie]1foncière de la région de Bruxelles-Capitale ". ( NOTE : modifié par <ORD2024-04-04/24, art. 204 , 003; En vigueur : 01-01-2025> (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 23-03-2006 et mise à jour au 25-04-2024)
Documentinformatie
Numac: 1994031419
Datum: 1994-09-08
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 1994031419
Date: 1994-09-08
Moniteur: Voir
Tekst (32)
Texte (32)
Artikel 1. Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 39 van de Grondwet.
Article 1. La présente ordonnance règle une matière visée à l'article 39 de la Constitution.
I. - Doelstelling, opdrachten.
I. - Objet, missions.
Art. 2. Er wordt binnen het Ministerie van het Brussels Hoofstedelijk Gewest een multidisciplinaire dienst in regie georganiseerd, beheerd volgens de industriële en commerciële methoden en (...). <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 1°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006> Deze dienst wordt " Grondregie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest " genoemd. Hij handelt volgens de procedures vastgesteld in deze ordonnantie onder de rechtspersoonlijkheid van het Brussels Hoofdsredelijk Gewest.
Art. 2. Il est créé au sein du Ministère de la Région de Bruxelles-Capitale un service pluridisciplinaire organisé en régie et géré suivant des méthodes industrielles et commerciales (...). Ce service est intitulé " Régie foncière de la Région de Bruxelles-Capitale ". Il agit selon les procédures déterminées par la présente ordonnance sous le couvert de la personnalité juridique de la Région de Bruxelles-Capitale. <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 1°, 004; En vigueur : 01-01-2006>
Art. 3. De Grondregie wordt voor rekening van het Gewest belast met het promoten en het uitvoeren van de beslissingen inzake grondbeleid van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad en van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, inzonderheid op het vlak van de ruimtelijke ordening, de planning en de reglementering, de herwaardering van de terreinen en de gebouwen, de vrijwaring van het erfgoed, de strijd tegen de krotwoningen en de stedelijke verloedering, en dit in voorkomend geval in het kader van de toepassing van het Gewestelijk Ontwikkelingsplan.
  De opdracht inzake grondbeleid omvat onder meer de aankoop, de verkoop, de verhuur, de bouw, het bouwrijp maken en het onderhoud van onroerende goederen. De Grondregie kan worden belast met het beheer van sommige goederen die deel uitmaken van het erfgoed van de overheid en die op het grondgebied van het Gewest zijn gelegen. In dit geval worden haar prestaties vergoed.
  Zij kan onder meer belast worden met :
  - het uitbrengen van adviezen aan de Regering met betrekking tot de uitvoering en de coördinatie van het grondbeleid dat door de plaatselijke overheden, de openbare vastgoedmaatschappijen en door de instellingen die door de Regering aangewezen worden, gevoerd wordt in het kader van hun vastgoedactiviteiten;
  - opzoekingswerk doen en studies maken inzake grondbeleid;
  - de uitvoering van alle bijzondere opdrachten die in het kader van haar opdracht vallen en die haar bij wege van een ordonnantie of een besluit van de Regering zouden toevertrouwd zijn.
  Om haar opdracht te vervullen, kan de Grondregie tijdelijke verenigingsovereenkomsten sluiten en deelnemen in het kapitaal en in het beheer van bestaande of op t richten ondernemingen, onder door de Regering te bepalen voorwaarden.
  In het kader van de beslissingen van de Regering voert de Grondregie de onteigeningen uit die nodig zijn voor het vervullen van haar opdracht.
Art. 3. La Régie foncière est chargée d'exercer pour le compte de la Région, la promotion et la mise en oeuvre des décisions de politique foncière du Conseil et du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale notamment en matière d'aménagement du territoire, de planification et de réglementation, de valorisation des sites et des bâtisses, de préservation du patrimoine, de lutte contre les taudis et les chancres urbains, et ce le cas échéant, dans le cadre de la mise en oeuvre du Plan Régional de Développement.
  La mission de politique foncière correspond notamment à l'acquisition, la vente, la location, la construction, la viabilisation et l'entretien de biens immeubles. La Régie foncière peut être chargée de la gestion de certains biens faisant partie du patrimoine des pouvoirs publics et situés sur le territoire de la Région. Dans ce cas, ses prestations sont rétribuées.
  Elle peut en outre être chargée :
  - d'émettre des avis au Gouvernement relatifs à l'exécution et à la coordination des politiques foncières que les pouvoirs locaux, les sociétés immobilières de service public ainsi que les organismes que le Gouvernement désigne, mettent en oeuvre dans le cadre de leurs activités immobilières;
  - d'effectuer des recherches et de réaliser des études relatives à la politique foncière;
  - d'exécuter toute mission particulière entrant dans le cadre de sa mission, qui lui serait confiée par ordonnance ou par arrêté du Gouvernement.
  En vue de l'accomplissement de sa mission, la Régie foncière peut conclure des conventions d'association momentanée, et participer au capital et à la gestion d'entreprises existantes ou à créer, aux conditions déterminées par le Gouvernement.
  La Régie foncière met en oeuvre les expropriations nécessaires à l'exercice de sa mission, dans le cadre des décisions du Gouvernement.
Art. 3bis. [1 Verwerking van persoonsgegevens
   § 1. Verantwoordelijkheid, doeleinden en rechtmatigheid van de verwerkingen
   De Grondregie is, met toepassing van artikel 4, 7) van de AVG, en krachtens artikel 3 van deze ordonnantie, de verantwoordelijke voor de verwerkingen van persoonsgegevens die worden verricht om:
   1° haar grondbeleid voort te zetten met betrekking tot de verwerving van nieuwe onroerende goederen of zakelijke rechten, onteigening, vervreemding, ruil, ruilverkaveling van eigendom of herbestemming van onroerende goederen, met het oog op:
   a) het ondernemen van stappen inzake prospectie of onderzoek naar onroerende goederen van derden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
   b) het treffen van toereikende publiciteitsmaatregelen, zoals het informeren van de eigenaars of houders van het zakelijke hoofdrecht op percelen die grenzen aan die van het gewestelijk patrimonium, voorafgaand aan deze verrichtingen;
   2° het voeren van een goed operationeel beheer van de onroerende goederen die deel uitmaken van het gewestelijk patrimonium, via verhuur, bouw en renovatie, het bouwrijp maken en het onderhoud, waarvoor de eigenaars, exploitanten, huurders en andere bezetters van de aangrenzende percelen moeten kunnen worden geidentificeerd, gecontacteerd of geïnformeerd;
   3° het bijwerken van de inventaris van het vastgoedpatrimonium van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in haar rol van permanente opvolging en actualisering van de gegevens van de kadastrale percelen met betrekking tot de goederen die aan het gewestelijk vermogen zijn onttrokken en waarvoor de oorspronkelijke kadastrale gegevens (onder eigendom van het Gewest) moeten kunnen worden gereconstrueerd.
   § 2. Bewaartermijnen
   Voor de doeleinden vermeld in § 1, 1° tot 3°, worden deze gegevens maximaal 30 jaar bewaard.
   § 3. Toegang tot de gegevens
   In het kader van de doelstelling die wordt nagestreefd in paragraaf 1, 1° a), is de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de FOD Financiën gemachtigd om aan de Grondregie de gegevens te bezorgen met betrekking tot de onroerende goederen die het voorwerp uitmaken van deze doeleinden [identificatie van de kadastrale percelen, hun aard, hun adres, hun oppervlakte], tot de gegevens met betrekking tot de houders van de zakelijke rechten op deze onroerende goederen, tot de identificatie van de eigenaar of de houders van de zakelijke rechten op het onroerend goed en tot de identificatie van dit zakelijk recht, tot de gegevens met betrekking tot het kadastrale inkomen van het onroerend goed en gegevens met betrekking tot de geschiedenis van de veranderingen en wijzigingen van de kadastrale matrix sinds 1979.
   In het kader van de doelstelling die wordt nagestreefd in paragraaf 1, 1° b) en 2°, is de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de FOD Financiën gemachtigd om aan de Grondregie de gegevens te bezorgen met betrekking tot de onroerende goederen die het voorwerp uitmaken van deze doeleinden, tot de identificatie van de kadastrale percelen, hun aard, hun adres, tot de gegevens met betrekking tot de houders van zakelijke rechten op deze onroerende goederen, tot de identificatie van de eigenaar of de houders van de zakelijke rechten op het onroerend goed en tot de identificatie van dit zakelijk recht.
   In het kader van de doelstelling die wordt nagestreefd in paragraaf 1, 3°, is de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de FOD Financiën gemachtigd om aan de Grondregie de gegevens te bezorgen met betrekking tot de onroerende goederen waarop deze doelstellingen betrekking hebben, tot de identificatie van de kadastrale percelen, hun aard, hun adres, en tot de gegevens met betrekking tot de geschiedenis van de veranderingen en wijzigingen van de kadastrale matrix sinds 1979.
   § 4. Doorgifte/mededeling van de gegevens:
   De aanvrager verklaart eveneens dat voor de in § 1 vermelde doeleinden mededelingen zullen worden gedaan aan de volgende derden:
   - de eigenaars;
   - de belanghebbende partijen (in het kader van de wettelijke procedures);
   - het beslissingsorgaan van de aanvrager;
   - de instrumenterende ambtenaren: het gewestelijk Aankoopcomité onroerende goederen of andere gemandateerde overheidsambtenaren (notarissen, landmeters-experten vastgoed of vastgoedmakelaars belast met de uitvoering van de handelingen);
   - de gerechtelijke autoriteiten, in het kader van de onteigeningsprocedure, in toepassing van de wet van 26 juli 1962 betreffende de rechtspleging bij hoogdringende omstandigheden inzake onteigening ten algemenen nutte.]1

  
Art.3bis. [1 Traitement des données à caractère personnel
   § 1er. Responsabilité, finalités et licéité des traitements
   La Régie foncière est, en application de l'article 4, 7) du RGPD, et en vertu de l'article 3 de la présente ordonnance, le responsable des traitements de données à caractère personnel effectués pour:
   1° la poursuite de sa politique foncière en matière d'acquisition de nouveaux biens immobiliers ou droits réels, d'expropriation, d'aliénation, d'échange, de remembrement de propriété ou de réaffectation de biens immobiliers, en vue de:
   a) mettre en oeuvre des démarches de prospection ou d'étude sur les biens immobiliers de tiers en Région de Bruxelles-Capitale;
   b) mettre en oeuvre des mesures de publicité suffisantes telles que l'information préalable de ces opérations aux propriétaires ou titulaires de droit réel principal sur des parcelles contiguës à celles du patrimoine régional;
   2° la bonne gestion opérationnelle des biens immobiliers faisant partie du patrimoine régional, au travers de la location, la construction et rénovation, la viabilisation et l'entretien, nécessitant de pouvoir identifier, contacter ou informer les propriétaires, exploitants, locataires et autres occupants des parcelles voisines contiguës;
   3° la mise à jour de l'inventaire du patrimoine immobilier de la Région de Bruxelles-Capitale dans son rôle de suivi permanent et d'actualisation des données des parcelles cadastrales en ce qui concerne les biens sortis du patrimoine régional, dont les données cadastrales d'origine (sous la propriété de la Région) doivent pouvoir être reconstruites.
   § 2. Délais de conservation
   Dans le cadre des finalités poursuivies au § 1er, 1° à 3°, ces données sont conservées pour une durée maximale de 30 ans.
   § 3. Accès aux données
   Dans le cadre de la finalité poursuivie au paragraphe 1er, 1° a), l'Administration générale de la documentation patrimoniale du SPF Finances est autorisée à transmettre à la Régie foncière les données relatives aux biens immobiliers visés par ces finalités [identification des parcelles cadastrales, leur nature, leur adresse, leur superficie], aux données relatives aux titulaires de droits réels sur ces biens immobiliers, à l'identification du propriétaire ou des titulaires de droits réels sur le bien immobilier et à l'identification de ce droit réel, aux données relatives au revenu cadastral du bien immobilier ainsi qu'aux données relatives à l'historique des mutations et des changements de matrice cadastrale depuis 1979.
   Dans le cadre de la finalité poursuivie au paragraphe 1er, 1° b) et 2°, l'Administration générale de la documentation patrimoniale du SPF Finances est autorisée à transmettre à la Régie foncière les données relatives aux biens immobiliers visés par ces finalités, à l'identification des parcelles cadastrales, leur nature, leur adresse, aux données relatives aux titulaires de droits réels sur ces biens immobiliers, à l'identification du propriétaire ou des titulaires de droits réels sur le bien immobilier et à l'identification de ce droit réel.
   Dans le cadre de la finalité poursuivie au paragraphe 1er, 3°, l'Administration générale de la documentation patrimoniale du SPF Finances est autorisée à transmettre à la Régie foncière les données relatives aux biens visés par ces finalités, à l'identification des parcelles cadastrales, leur nature, leur adresse et aux données relatives à l'historique des mutations et des changements de matrice cadastrale historique des plans cadastraux depuis 1979.
   § 4. Transmission/communication des données:
   Le demandeur indique également que, aux fins mentionnées au § 1er, les communications seront faites aux tiers suivants:
   - les propriétaires;
   - les parties prenantes (dans le cadre des procédures légales);
   - l'organe de décision du demandeur;
   - les officiers instrumentants: le Comité d'acquisition d'immeuble régional ou d'autres fonctionnaires publics mandatés (notaires, géomètres-experts immobiliers ou agents immobiliers chargés de l'exécution des actes);
   - les autorités judiciaires, dans le cadre de la procédure d'expropriation, en application de la loi du 26 juillet 1962 relative à la procédure d'extrême urgence en matière d'expropriation pour cause d'utilité publique.]1

  
II. - Beginbalans.
II. - Bilan de départ.
Art. 4. Voorafgaand aan de oprichting van de Grondregie stelt de Regering de algemene inventaris en de beginbalans op.
Art. 4. Préalablement à la mise en place de la Régie foncière, le Gouvernement établit l'inventaire générale et le bilan de départ.
Art. 5. De beginbalans omvat :
  a) in de activa :
  1° de contante waarde van de gronden, bouwwerken, installaties en materieel die aan de Grondregie zijn overgedragen om in haar vastliggende activa te worden opgenomen;
  2° de waarde, tegen kostprijs, van de voor wederverkoop bestemde activagoederen. Voor de goederen waarvan de kostprijs niet kan worden bepaald, wordt rekening gehouden met de onder 1° bepaalde waarde;
  3° de te innen schuldvorderingen;
  4° de ter beschikking van de Grondregie gestelde gelden.
  b) in de passiva :
  1° de aan de Grondregie overgedragen verbintenissen;
  2° de aan de Grondregie overgedragen reserves;
  3° de aan de Grondregie overgedragen leningen;
  4° het bedrag van de door het Gewest reeds gefinancierde investeringen waarvoor het later terugbetaling of een intrest wenst te ontvangen;
  5° het kapitaal van de Grondregie.
Art. 5. Le bilan de départ comprend :
  a) A l'actif :
  1° la valeur actuelle des terrains, constructions, installations et matériel transférés à la Régie foncière pour être incorporés dans son actif immobilisé;
  2° la valeur au prix de revient des éléments d'actifs destinés à la revente. Pour les biens dont le prix de revient ne peut être déterminé, il est tenu compte de la valeur fixée au 1°;
  3° les créances à recouvrer;
  4° les fonds mis à la disposition de la Régie foncière.
  b) Au passif :
  1° les obligations transférées à la Régie foncière;
  2° les réserves transférées à la Régie foncière;
  3° les emprunts transférés à la Régie foncière;
  4° le montant des investissements que la Région a déjà financés et pour lesquels elle entend se réserver le remboursement ou la perception d'un intérêt;
  5° le capital de la Régie foncière.
Art. 6. Binnen negentig dagen na de datum van opstelling ervan stelt de Brusselse Hoofdstedelijke Raad de beginbalans van de Grondregie vast.
  Benevens het kapitaal en het in de beginbalans vastgestelde bedrag der reeds gefinancierde investeringen, kan de Regering een kasgeld-fonds ter beschikking van de Grondregie stellen, terugbetaalbaar voor elke toewijzing aan de reserves.
Art. 6. Le Conseil de la Région de Bruxelles-Capitale arrête le bilan de départ de la Régie foncière dans les nonante jours suivant la date à laquelle il a été établi.
  Outre le capital et le montant des investissements déjà financés et fixés par le bilan de départ, le Gouvernement peut mettre à la disposition de la Régie foncière un fonds de roulement remboursable avant toute affectation aux réserves.
Art. 7. De aan de Grondregie voorgeschoten geldsommen kunnen ten voordele van het Gewest een intrest opbrengen. Dezelfde rentevoet is van toepassing op de bedragen die de Grondregie aan de gewestelijke thesaurie zou voorschieten.
Art. 7. Les sommes avancées à la Régie foncière peuvent produire au profit de la Région un intérêt. Le même taux est appliqué aux sommes qui seraient avancées par la Régie foncière à la trésorerie régionale.
III. - Beheer, financiering.
III. - Gestion, financement.
Art. 8. § 1. Onverminderd de overdracht van bevoegdheden die de Regering in haar midden of ten voordele van een Staatssecretaris kan toekennen, oefent de Regering het beheer van de Grondregie uit.
  De bevoegheden inzake dagelijks beheer betreffen het (ordonnanceren) van de ontvangsten, het vastleggen van de uitgaven, de leiding over het personeel en het aanwerven van contractueel personeel binnen de toegelaten grenzen, (...), het ondertekenen van verwervings- en vervreemdingsovereenkomsten, van erfpachtovereenkomsten en huurovereenkomsten, alsmede het voeren van algemene en inzonderheid gerechtelijke vorderingen, als verweerder en als eiser. <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 2°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  De Regering stelt het ontwerp van begroting op (dat deel uitmaakt van de algemene uitgavenbegroting van het Gewest in een onderscheiden opdracht) en stelt de rekeningen op overeenkomstig de van kracht zijnde wettelijke bepalingen. <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 3°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  De goederen die toegewezen zijn aan de Grondregie (...) worden afzonderlijk van die van het Gewest beheer. De Grondregie beschikt hiertoe over een administratieve (...) autonomie. <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 4°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  § 2. Om in te staan voor de coördinatie van het grondbeleid, organiseert de Regering een Adviescommissie, waarvan zij de samenstelling en de werkingsmodaliteiten vaststelt.
Art. 8. § 1. Sans préjudice des délégations de compétences que le Gouvernement peut accorder en son sein ou au bénéfice d'un Secrétaire d'Etat, le Gouvernement exerce la gestion de la Régie foncière.
  Les pouvoirs de gestion journalière portent sur l'(ordonnancement) des recettes, l'engagement des dépenses, la direction du personnel et l'engagement du personnel contractuel dans les limites autorisées, (...), la signature des actes d'acquisition et d'aliénation, des baux emphytéotiques et ordinaires, ainsi que la conduite des actions généralement quelconques et notamment judiciaires, tant en défendant qu'en requérant. <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 2°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  Le Gouvernement établit le projet de budget qui est (inclus dans le budget général des dépenses de la Région au sein d'une mission distincte) et établit les comptes conformément aux dispositions légales en vigueur. <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 3°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  Les biens affectés à la Régie foncière (....) sont gérés séparément de ceux de la Région. A cet effet, la Régie foncière dispose de l'autonomie administrative (...). <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 4°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  § 2. En vue d'assurer la coordination de la politique foncière, le Gouvernement organise un Comité consultatif, dont il arrête la composition et les modalités de fonctionnement.
IV. - Begroting.
IV. - Budget.
Art. 15. De ontvangsten van de Grondregie (ingeschreven in de algemene middelenbegroting van het Gewest in een onderscheiden opdracht) komen onder meer voort uit : <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 6°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  a) de verkoop van produkten of bijprodukten van exploitatie;
  b) de verkoop en de verhuring van roerende of onroerende goederen;
  c) de vorderingen, tolgelden, tariefrechten, abonnementen, kortingen, disconto's of rabatten;
  d) de betalingen voor werken, leveringen of diensten;
  e) de bijdrage van andere (autonome bestuursinstellingen) van het Gewest in de exploitatie- of installatie-uitgaven; <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 7°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  f) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 7°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  g) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 7°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  h) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 7°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  i) (...). <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 7°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
Art. 15. Les recettes de la Régie foncière (inscrites au budget général des voies et moyens de la Région au sein d'une mission distincte) proviennent notamment : <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 6°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  a) des ventes de produits ou sous-produits d'exploitation;
  b) des ventes et locations de biens mobiliers ou immobiliers;
  c) des droits, péages, redevances tarifaires, abonnements, ristournes, escomptes ou rabais;
  d) des paiements pour travaux, fournitures ou services;
  e) de l'intervention d'autres (organismes administratifs autonomes) de la Région dans les dépenses d'exploitation ou d'installation; <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 7°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  f) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 7°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  g) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 7°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  h) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 7°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  i) (...). <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 7°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
Art. 16. De uitgaven van de Grondregie (waarvan de bijhorende kredieten opgesplitst zijn in basisallocaties in een onderscheiden opdracht) omvatten onder meer : <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 8°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  a) de bestuurs- en exploitatiekosten, (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 9°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  b) de verzekering van het personeel en van de installaties;
  c) de belastingen, taksen, vergoedingen en retritubies van enigerlei aard;
  d) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 9°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  e) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 9°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  f) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 9°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
  g) (...). <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 9°, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
   h) de kosten van aankoop, onderhoud, vernieuwing en/of uitbreiding, zowel van vaste beleggingen, als van bouwwerken en materieel.
Art. 16. Les dépenses de la Régie foncière (dont les crédits afférents sont ventilés en allocations de base au sein d'une mission distincte) comprennent notamment : <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 8°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  a) les frais d'administration et d'exploiation, (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 9°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  b) l'assurance du personnel et des installations;
  c) les impôts, taxes, redevances et rétributions de toute nature;
  d) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 9°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  e) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 9°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  f) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 9°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  g) (...); <ORD 2006-02-23/46, art. 109, 9°, 002; En vigueur : 01-01-2006>
  h) le coût de l'acquisition, de l'entretien, du renouvellement et/ou de l'extension tant des immobilisations que des constructions et du matériel.
V. - Boekhouding.
V. - Comptabilité.
Art. 17. De boekhouding van de Grondregie wordt dubbel opgemaakt, volgens industriële en commerciële methoden en overeenkomstig het door de Regering vastgestelde boekhoudplan.
  [1 Ze wordt bijgehouden door een daartoe aangesteld personeelslid, met de kwalificatie van boekhouder van de Grondregie, die voor al zijn bevoegdheden in verband met het bijhouden van de rekeningen onder het gezag van de gewestelijk boekhouder wordt geplaatst.]1
  Deze wordt speciaal belast met het inschrijven in de boekhouding van de Grondregie van alle boekhoudingsverrichtingen en met het opmaken op het einde van het dienstjaar, van de ontwerpen van balans, de winst- en verliesrekening en de exploitatierekeningen met het oog op het vervullen van de bij artikel 19 voorgeschreven formaliteiten.
  
Art. 17. La comptabilité de la Régie foncière est dressée en partie double, suivant des méthodes industrielles et commerciales et conformément au plan comptable établi par le Gouvernement.
  [1 Elle est tenue par un membre du personnel désigné à cette fin, qualifié comptable de la Régie foncière et placé, pour toutes ses attributions en lien avec la tenue des comptes, sous l'autorité du comptable régional.]1
  Celui-ci est spécialement chargé d'enregistrer, dans la comptabilité de la Régie foncière, toutes les opérations comptables et d'établir, en fin d'exercice, les projets de bilan, de compte de profits et pertes et de comptes d'exploitation en vue de l'accomplissement des formalités prévues à l'article 19.
  
Art. 18. Het beheer van de voorraden en grondstoffen van de Grondregie wordt in eenheden gevoerd en wordt toevertrouwd aan een personeelslid, " magazijnmeester van de Grondregie " genoemd.
  Dit personeelslid heeft onder meer tot taak een doorlopende inventaris op te maken van de voorraden en grondstoffen, deze in ontvangst en in bewaring te nemen en op de uitslag ervan toe te zien.
  De inventaris van grondstoffen en voorraden wordt driemaandelijks geverifieerd.
Art. 18. La gestion des stocks et matières de la Régie foncière est tenue en unités. Elle est confiée à un agent désigné, sous le nom de " magasinier de la Régie foncière ".
  Cet agent a pour mission, notamment, de dresser un inventaire permanent des stocks et des matières, de les réceptionner, de les conserver et d'en surveiller les sorties.
  La situation des matières et des stocks est vérifiée trimestriellement.
VI. - Rekeningen.
VI. - Comptes.
Art. 19. De rekeningen van de Grondregie omvatten de exploitatierekeningen, de winst- en verliesrekening en de balans. Deze rekeningen worden afgesloten op 31 december van elk jaar. Uitzonderlijk zal het eerste boekjaar op 31 december 1995 worden afgesloten.
  De rekeningen worden door de in artikel 17 bedoelde boekhouder opgemaakt en voor echt en gelijkluidend met de schrifturen verklaard.
  Op dezelfde datum maakt de boekhouder van de Grondregie de staten op van de ontvangsten en de uitgaven van het afgelopen jaar. Die staten worden voor echt en met de schrifturen en verantwoordingsstukken gelijkluidend verklaard.
  De magazijnmeester van de Grondregie maakt, eveneens op die datum een algemene inventaris op.
  In voorkomend geval worden voornoemde bescheiden geviseerd door de Minister of Staatssecretaris aan wie de bevoegdheid werd toevertrouwd en die er een beheersverslag over het afgelopen dienstjaar aan toevoegt.
  De rekeningen, de staten van ontvangsten en uitgaven alsook het beheersverslag worden uiterlijk op 1 maart daaropvolgend door de Regering vastgesteld.
  De Regering brengt bij de Hoofdstedelijke Raad verslag uit over het beheer van de Grondregie gedurende het afgelopen dienstjaar en deelt de financiële staat mee, met het oog op hun goedkeuring.
Art. 19. Les comptes de la Régie foncière comprennent les comptes d'exploitation, le compte de profits et pertes et le bilan. Ces comptes sont clôturés au 31 décembre de chaque année. Toutefois, à titre exceptionnel, le premier exercice sera clôturé au 31 décembre 1995.
  Les comptes sont dressés et certifiés exacts et conformes aux écritures par le comptable visé à l'article 17.
  A la même date, le comptable de la Régie foncière vérifie l'état des recettes et dépenses effectuées dans le cours de l'année écoulée. Ces états sont certifiés exacts et conformes aux écritures et pièces justificatives.
  Le magasinier de la Régie foncière procède également et à la même date, à un inventaire général.
  Le cas échéant, les documents précités sont visés par le Ministre ou le Secrétaire d'Etat à qui la compétence a été attribuée, qui y joint un rapport sur la gestion de l'exercice écoulé.
  Les comptes, états des recettes et dépenses ainsi que le rapport sur la gestion sont arrêtés par le Gouvernement au plus tard le 1er mars suivant.
  Le Gouvernement fait rapport devant le Conseil de la Région sur la gestion de la Régie foncière pendant l'exercice écoulé et communique l'état de la situation financière, en vue de leur approbation.
VII. - Administratieve diensten.
VII. - Administration.
Art. 20. De Grondregie beschikt over statutair personeel, contractueel personeel en over personeel onder dienstverleningscontract van het Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  De Regering stelt de Administratif verantwoordelijke aan. Zij kan tevens een adjunct aanstellen.
  De Regering bepaalt de bevoegdheden die aan hen worden overgedragen en de werkingsregels van de Grondregie.
  Zij stelt het aantal aan de Grondregie toegewezen personeelsleden vast, alsook hun kwalificaties. Zij gaat over tot hun aanstelling.
  Het aan de Grondregie toegewezen personeel behoudt alle rechten en voordelen die voortvloeien uit de wettelijke en reglementaire bepalingen die gelden voor het personeel van het Ministerie van het Gewest.
Art. 20. La Régie foncière a à sa disposition du personnel statutaire, contractuel et du personnel sous contrat de louage de services du Ministère de la Région de Bruxelles-Capitale.
  Le Gouvernement désigne le responsable administratif. Il peut lui désigner un adjoint.
  Le Gouvernement détermine les délégations de compétences qui leur sont attribuées et les règles de fonctionnement de la Régie foncière.
  Il fixe le nombre et la qualification des agents affectés à la Régie foncière. Il procède à leur désignation.
  Le personnel affecté à la Régie foncière conserve tous les droits et avantages quelconques résultant des dispositions légales et réglementaires régissant le personnel du Ministère de la Région.
Art. 21. De Regering verschaft de Grondregie de materiële en technische middelen die nodig zijn voor haar werking.
Art. 21. Le Gouvernement procure à la Régie foncière les moyens matériels et techniques nécessaires à son fonctionnement.
VIII. - Slot- en overgangsbepalingen.
VIII. - Dispositions finales et transitoires.
Art. 22. Onverminderd een bijzondere dotatie, in voorkomend geval als waarborg voor het evenwicht van de beginbalans van de Grondregie, worden het actief en het passief, de rechten en de verplichtingen onder andere tegenover derden van het in vereffening zijnde Bedrijf voor aanleg en vernieuwing en toepassing van de algemene plannen van aanleg, van de bouw- en verkavelingsverordeningen van de Agglomeratie Brussel, integraal overgedragen aan de Grondregie, en dit zodra de eindbalans van het Agglomeratiebedrijf door de Gewestraad is goedgekeurd, volgens de formatliteiten voorgeschreven door artikel 35 van het koninklijk besluit van 23 april 1975 betreffende het statuut van de agglomeratie- en de federatiebedrijven.
  Het personeel dat betrokken is bij de vereffening van het Agglomeratiebedrijf wordt bij voorrang toegewezen aan de Grondregie. Bij de eerste aanstellingen krijgen de statutaire of contractuele personeelsleden van het Gewest of de Agglomeratie uit het vroegere personeel van het Agglomeratiebedrijf de voorkeur bij de indeling bij de Grondregie.
Art. 22. Sans préjudice d'une dotation spéciale assurant le cas échéant l'équilibre bilantaire de départ de la Régie foncière, les actif et passif, droits et obligations, relatifs aux biens transférés à la Régie foncière, et notamment à l'égard de tiers, de la Régie pour la rénovation et l'application des plans généraux d'aménagement, de la réglementation de la bâtisse et du lotissement - en liquidation - de l'Agglomération de Bruxelles sont intégralement transférés à la Régie foncière, dès l'approbation pa le Conseil de la Région du bilan de clôture de la Régie de l'Agglomération de Bruxelles selon les formalités prévues à l'article 35 de l'arrêté royal du 23 avril 1975 relatif au statut des régies d'agglomération et de fédération.
  Le personnel affecté à la liquidation de la Régie de l'Agglomération de Bruxelles est affecté prioritairement à la Régie foncière. Lors des premières désignations, les agents régionaux ou de l'Agglomération, statutaires ou contractuels, de l'ancien personnel de la Régie de l'Agglomération de Bruxelles, disposent d'une priorité de réaffectation au sein de la Régie foncière.
Art. 23. De Regering wordt belast met de uitvoering van deze ordonnantie, die in werking treedt vijftien dagen na haar bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.
  Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
  Brussel, 8 september 1994.
  De Voorzitter van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering en Minister van Ruimtelijke Ordening, Ondergeschikte Besturen en Tewerkstelling,
  Ch. PICQUE
  De Minister van Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen,
  J. CHABERT
  De Minister van Huisvesting, Leefmilieu, Natuurbehoud en Waterbeleid,
  D. GOSUIN
  De Minister van Economie,
  R. GRIJP
  De Minister van Openbare Werken, Verkeer en Vernieuwing van Afgedankte Bedrijfsruimten,
  D. HARMEL
Art. 23. Le Gouvernement est chargé de l'exécution de la présente ordonnance qui entre en vigueur quinze jours après sa publication au Moniteur Belge.
  Promulguons la présente ordonnance, ordonnons qu'elle soit publiée au Moniteur belge.
  Bruxelles, le 8 septembre 1994.
  Le Président du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale et Ministre de l'Aménagement du Territoire, des Pouvoirs locaux et de l'Emploi,
  Ch. PICQUE
  Le Ministre des Finances, du Budget, de la Fonction publique et des Relations extérieures,
  J. CHABERT
  Le Ministre du Logement, de l'Environnement, de la Conservation de la Nature et de la Politique de l'Eau,
  D. GOSUIN
  Le Ministre de l'Economie,
  R. GRIJP
  Le Ministre des Travaux publics, des Communications et de la Rénovation des Sites d'Activités économiques désaffectés,
  D. HARMEL