Artikel 1. Het recht op de werkloosheidsuitkering kan in het Brusselse gewest afhankelijk worden gesteld van de tewerkstelling door een vereniging zonder winstoogmerk, die een sociaal, humanitair of cultureel doel nastreeft en waarvan de hoofdactiviteit of hoofdactiviteiten is of zijn erkend en gereglementeerd door een openbare overheid.
Voor de toepassing van dit besluit komen de verenigingen zonder winstoogmerk met een politiek doel niet in aanmerking.
Dit besluit is slechts van toepassing op de verenigingen zonder winstoogmerk die sedert ten minste één jaar erkend zijn.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
31 OKTOBER 1975. - Ministerieel besluit tot uitvoering van artikel 161 van het koninklijk besluit van 20 december 1963 betreffende arbeidsvoorziening en werkloosheid.
Titre
31 OCTOBRE 1975. - ArrĂȘtĂ© ministĂ©riel d'exĂ©cution de l'article 161 de l'arrĂȘtĂ© royal du 20 dĂ©cembre 1963 relatif Ă l'emploi et au chĂŽmage.
Documentinformatie
Info du document
Tekst (4)
Texte (4)
Article 1. Le bĂ©nĂ©fice des allocations de chĂŽmage peut ĂȘtre subordonnĂ©, dans la rĂ©gion bruxelloise, Ă l'occupation par une association sans but lucratif qui poursuit un but social, humanitaire ou culturel et dont la ou les activitĂ©s principales sont agréées et rĂ©glementĂ©es par une autoritĂ© publique.
Sont exclues de l'application du prĂ©sent arrĂȘtĂ© les associations sans but lucratif dont l'objet est politique.
Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© ne s'applique qu'aux associations sans but lucratif dont l'agrĂ©ation remonte au moins Ă un an.
Sont exclues de l'application du prĂ©sent arrĂȘtĂ© les associations sans but lucratif dont l'objet est politique.
Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© ne s'applique qu'aux associations sans but lucratif dont l'agrĂ©ation remonte au moins Ă un an.
Art. 2. De in artikel 1 genoemde verenigingen moeten hun aanvraag indienen bij de directeur van het gewestelijk bureau van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening, in wiens ambtsgebied de tewerkstelling dient te geschieden.
Die aanvraag moet met name omvatten:
_ de benaming en het adres van de maatschappelijke zetel der vereniging;
_ de datum en het eventueel nummer van de erkenning;
_ de benaming van de openbare overheid die de erkenning heeft afgegeven;
_ een attest waaruit blijkt dat de vereniging die de aanvraag doet, ervan op de hoogte is dat de tewerkstelling van één of meer werklozen niet impliceert dat de subsidies verleend door de openbare overheid die ze heeft erkend, automatisch worden verhoogd;
_ het aantal gevraagde werklozen zomede de gewenste kwalificatie;
_ de duur en de juiste aard van de tewerkstelling;
_ de plaats van de tewerkstelling;
_ de naam, de voornamen, het beroep, de geboortedatum, de burgerlijke staat en het adres van de persoon of personen met delegatie om de vereniging te verbinden, alsmede het bewijs van die delegatie;
_ een getuigschrift waarbij de vereniging zicht ertoe verbindt aan de tewerkgestelde werklozen de werkloosheidsuitkering, die wordt bedoeld bij artikel 166 van het koninklijk besluit van 20 december 1963 betreffende arbeidsvoorziening en werkloosheid, te betalen uiterlijk bij het einde van de kalendermaand waarin de arbeid is verricht.
Die aanvraag moet met name omvatten:
_ de benaming en het adres van de maatschappelijke zetel der vereniging;
_ de datum en het eventueel nummer van de erkenning;
_ de benaming van de openbare overheid die de erkenning heeft afgegeven;
_ een attest waaruit blijkt dat de vereniging die de aanvraag doet, ervan op de hoogte is dat de tewerkstelling van één of meer werklozen niet impliceert dat de subsidies verleend door de openbare overheid die ze heeft erkend, automatisch worden verhoogd;
_ het aantal gevraagde werklozen zomede de gewenste kwalificatie;
_ de duur en de juiste aard van de tewerkstelling;
_ de plaats van de tewerkstelling;
_ de naam, de voornamen, het beroep, de geboortedatum, de burgerlijke staat en het adres van de persoon of personen met delegatie om de vereniging te verbinden, alsmede het bewijs van die delegatie;
_ een getuigschrift waarbij de vereniging zicht ertoe verbindt aan de tewerkgestelde werklozen de werkloosheidsuitkering, die wordt bedoeld bij artikel 166 van het koninklijk besluit van 20 december 1963 betreffende arbeidsvoorziening en werkloosheid, te betalen uiterlijk bij het einde van de kalendermaand waarin de arbeid is verricht.
Art. 2. Les associations visées à l'article 1er doivent introduire leur demande auprÚs du directeur du bureau régional de l'Office national de l'emploi dans le ressort duquel l'occupation doit avoir lieu.
Cette demande doit comporter, notamment:
_ l'intitulé et l'adresse du siÚge social de l'association;
_ la date et le numéro éventuel de l'agréation;
_ l'intitulé de l'autorité publique qui a délivré l'agréation;
_ une attestation établissant que l'association demanderesse est informée du fait que la mise au travail d'un ou plusieurs chÎmeurs n'implique pas une augmentation automatique des subsides accordés par l'autorité publique qui l'a agréée;
_ le nombre de chÎmeurs demandés ainsi que la qualification souhaitée;
_ la durée de l'occupation et sa nature exacte;
_ le lieu de l'occupation;
_ les nom, prénoms, profession, date de naissance, état civil et adresse de la ou les personnes qui ont délégation pour engager l'association ainsi que la preuve de cette délégation;
_ une attestation par laquelle l'association s'engage Ă liquider aux chĂŽmeurs occupĂ©s l'allocation de chĂŽmage visĂ©e Ă l'article 166 de l'arrĂȘtĂ© royal du 20 dĂ©cembre 1963 relatif Ă l'emploi et au chĂŽmage au plus tard Ă la fin du mois civil au cours duquel les prestations ont eu lieu.
Cette demande doit comporter, notamment:
_ l'intitulé et l'adresse du siÚge social de l'association;
_ la date et le numéro éventuel de l'agréation;
_ l'intitulé de l'autorité publique qui a délivré l'agréation;
_ une attestation établissant que l'association demanderesse est informée du fait que la mise au travail d'un ou plusieurs chÎmeurs n'implique pas une augmentation automatique des subsides accordés par l'autorité publique qui l'a agréée;
_ le nombre de chÎmeurs demandés ainsi que la qualification souhaitée;
_ la durée de l'occupation et sa nature exacte;
_ le lieu de l'occupation;
_ les nom, prénoms, profession, date de naissance, état civil et adresse de la ou les personnes qui ont délégation pour engager l'association ainsi que la preuve de cette délégation;
_ une attestation par laquelle l'association s'engage Ă liquider aux chĂŽmeurs occupĂ©s l'allocation de chĂŽmage visĂ©e Ă l'article 166 de l'arrĂȘtĂ© royal du 20 dĂ©cembre 1963 relatif Ă l'emploi et au chĂŽmage au plus tard Ă la fin du mois civil au cours duquel les prestations ont eu lieu.
Art. 3. De diensten van de Rijksdienst voor arbeidsvoorziening kunnen bovendien iedere bijkomende inlichting vragen die zij nodig achten, onder andere en bijvoorbeeld een copie van de statuten.
Art. 3. Les services de l'Office national de l'emploi peuvent demander en outre tout renseignement complémentaire qu'ils jugent utile, entre autres, à titre exemplatif, copie des statuts.
Art. 4. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 november 1975.
Art. 4. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© produit ses effets le 1er novembre 1975.