Artikel 1. De krachtens artikel 19 van de wet van 28 december 1967 betreffende onbevaarbare waterlopen te nemen beslissingen, die het voorwerp moeten uitmaken van het onderzoek de commodo et incommodo, worden met het oog op de opvordering van de burgemeester, als volgt overgemaakt :
1° De door de Koning of de Minister van Landbouw te nemen beslissingen worden overgemaakt aan de betrokken provinciegouverneur.
De door de Koning te nemen beslissingen worden door de Minister van Landbouw aan de gouverneur van de provincie overgemaakt.
2° De door de bestendige deputatie van de provincieraad te nemen beslissingen worden aan de gouverneur van de provincie overgemaakt.
Wanneer het onderzoek de commodo et incommodo moet georganiseerd worden in een gemeente die buiten het rechtsgebied van zijn provincie gelegen is, maakt de provinciegouverneur het dossier over aan de territoriaal bevoegde gouverneur.
3° De door de gouverneur van de provincie te nemen beslissingen worden rechtstreeks aan de burgemeester van de betrokken gemeenten overgemaakt.
Wanneer echter het onderzoek de commodo et incommodo moet georganiseerd worden in een gemeente die buiten het rechtsgebied van zijn provincie gelegen is, maakt de gouverneur het dossier over aan de territoriaal bevoegde gouverneur.
4° De door het gemeentebestuur te nemen beslissingen worden, samen met de opvordering, rechtstreeks aan de burgemeester van de gemeente overgemaakt.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
29 NOVEMBER 1968. - Koninklijk besluit houdende vaststelling van de procedure bij de onderzoeken de commodo et incommodo, voorgeschreven door de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen. (NOTA : opgeheven voor het Waals Gewest bij <BWG2024-05-23/42, art. 28, 006; Inwerkingtreding : 29-11-2024>)(NOTA : opgeheven voor het Brusselse Gewest bij ORD2019-05-16/65, art. 27,3°, 004; Inwerkingtreding : 01-01-2020) (NOTA : opgeheven voor het Vlaams Gewest bij BVR2021-05-07/18, art. 43, 005; Inwerkingtreding : 08-07-2021) (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 16-12-1998 en tekstbijwerking tot 19-11-2024)
Titre
29 NOVEMBRE 1968. - Arrêté royal fixant la procédure des enquêtes de commodo et incommodo et des recours prévus par la loi du 28 décembre 1967, relative aux cours d'eau non navigables. (NOTE : abrogé pour la Région wallonne par <ARW2024-05-23/42, art. 28, 006; En vigueur : 29-11-2024>)(NOTE : abrogé pour la Région bruxelloise par ORD2019-05-16/65, art. 27,3°, 004; En vigueur : 01-01-2020) (NOTE : abrogé pour la Région flamande par AGF2021-05-07/18, art. 43, 005; En vigueur : 08-07-2021) (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 16-12-1998 et mise à jour au 19-11-2024)
Documentinformatie
Numac: 1968112903
Datum: 1968-11-29
Info du document
Numac: 1968112903
Date: 1968-11-29
Tekst (36)
Texte (36)
Article 1. Les décisions à prendre, à soumettre à l'enquête de commodo et incommodo, en vertu de l'article 19 de la loi du 28 décembre 1967 relative aux cours d'eau non navigables, sont transmises aux fins de réquisition des bourgmestres de la manière suivante :
1° Les décisions à prendre par le Roi ou le Ministre de l'Agriculture, sont transmises au gouverneur de province intéressé.
Les décisions à prendre par le Roi sont transmises au gouverneur de province par le Ministre de l'Agriculture.
2° Les décisions à prendre par la députation permanente du conseil provincial sont transmises au gouverneur de province.
Lorsque l'enquête de commodo et incommodo doit être organisée dans une commune sise hors du ressort de sa province, le gouvernement transmet le dossier au gouverneur territorialement compétent.
3° Les décisions à prendre par le gouverneur de province sont transmises directement au bourgmestre des communes intéressées.
Toutefois, lorsque l'enquête de commodo et incommodo doit être organisée dans une commune sise hors du ressort de sa province, le gouverneur transmet le dossier au gouverneur territorialement compétent.
4° Les décisions à prendre par le conseil communal sont transmises directement au bourgmestre de la commune.
1° Les décisions à prendre par le Roi ou le Ministre de l'Agriculture, sont transmises au gouverneur de province intéressé.
Les décisions à prendre par le Roi sont transmises au gouverneur de province par le Ministre de l'Agriculture.
2° Les décisions à prendre par la députation permanente du conseil provincial sont transmises au gouverneur de province.
Lorsque l'enquête de commodo et incommodo doit être organisée dans une commune sise hors du ressort de sa province, le gouvernement transmet le dossier au gouverneur territorialement compétent.
3° Les décisions à prendre par le gouverneur de province sont transmises directement au bourgmestre des communes intéressées.
Toutefois, lorsque l'enquête de commodo et incommodo doit être organisée dans une commune sise hors du ressort de sa province, le gouverneur transmet le dossier au gouverneur territorialement compétent.
4° Les décisions à prendre par le conseil communal sont transmises directement au bourgmestre de la commune.
Art. 1_WAALS_GEWEST. De krachtens artikel 19 van de wet van 28 december 1967 betreffende onbevaarbare waterlopen te nemen beslissingen, die het voorwerp moeten uitmaken van het onderzoek de commodo et incommodo, worden met het oog op de opvordering van de burgemeester, als volgt overgemaakt :
1° De door de [2 Waalse Regering]2 of de [1 Minister tot wiens bevoegdheden de onbevaarbare waterlopen behoren]1 te nemen beslissingen worden overgemaakt aan de betrokken provinciegouverneur.
De door de [2 Waalse Regering]2 te nemen beslissingen worden door de [1 Minister tot wiens bevoegdheden de onbevaarbare waterlopen behoren]1 aan de gouverneur van de provincie overgemaakt.
2° De door de bestendige deputatie van de provincieraad te nemen beslissingen worden aan de gouverneur van de provincie overgemaakt.
Wanneer het onderzoek de commodo et incommodo moet georganiseerd worden in een gemeente die buiten het rechtsgebied van zijn provincie gelegen is, maakt de provinciegouverneur het dossier over aan de territoriaal bevoegde gouverneur.
3° De door de gouverneur van de provincie te nemen beslissingen worden rechtstreeks aan de burgemeester van de betrokken gemeenten overgemaakt.
Wanneer echter het onderzoek de commodo et incommodo moet georganiseerd worden in een gemeente die buiten het rechtsgebied van zijn provincie gelegen is, maakt de gouverneur het dossier over aan de territoriaal bevoegde gouverneur.
4° De door het gemeentebestuur te nemen beslissingen worden, samen met de opvordering, rechtstreeks aan de burgemeester van de gemeente overgemaakt.
1° De door de [2 Waalse Regering]2 of de [1 Minister tot wiens bevoegdheden de onbevaarbare waterlopen behoren]1 te nemen beslissingen worden overgemaakt aan de betrokken provinciegouverneur.
De door de [2 Waalse Regering]2 te nemen beslissingen worden door de [1 Minister tot wiens bevoegdheden de onbevaarbare waterlopen behoren]1 aan de gouverneur van de provincie overgemaakt.
2° De door de bestendige deputatie van de provincieraad te nemen beslissingen worden aan de gouverneur van de provincie overgemaakt.
Wanneer het onderzoek de commodo et incommodo moet georganiseerd worden in een gemeente die buiten het rechtsgebied van zijn provincie gelegen is, maakt de provinciegouverneur het dossier over aan de territoriaal bevoegde gouverneur.
3° De door de gouverneur van de provincie te nemen beslissingen worden rechtstreeks aan de burgemeester van de betrokken gemeenten overgemaakt.
Wanneer echter het onderzoek de commodo et incommodo moet georganiseerd worden in een gemeente die buiten het rechtsgebied van zijn provincie gelegen is, maakt de gouverneur het dossier over aan de territoriaal bevoegde gouverneur.
4° De door het gemeentebestuur te nemen beslissingen worden, samen met de opvordering, rechtstreeks aan de burgemeester van de gemeente overgemaakt.
Art. 1 _REGION_WALLONNE.
Les décisions à prendre, à soumettre à l'enquête de commodo et incommodo, en vertu de l'article 19 de la loi du 28 décembre 1967 relative aux cours d'eau non navigables, sont transmises aux fins de réquisition des bourgmestres de la manière suivante :
1° Les décisions à prendre par le [2 Gouvernement wallon]2 ou le [1 Ministre ayant les Cours d'eau non navigables dans ses attributions]1, sont transmises au gouverneur de province intéressé.
Les décisions à prendre par le [2 Gouvernement wallon]2 sont transmises au gouverneur de province par le [1 Ministre ayant les Cours d'eau non navigables dans ses attributions]1.
2° Les décisions à prendre par la députation permanente du conseil provincial sont transmises au gouverneur de province.
Lorsque l'enquête de commodo et incommodo doit être organisée dans une commune sise hors du ressort de sa province, le gouvernement transmet le dossier au gouverneur territorialement compétent.
3° Les décisions à prendre par le gouverneur de province sont transmises directement au bourgmestre des communes intéressées.
Toutefois, lorsque l'enquête de commodo et incommodo doit être organisée dans une commune sise hors du ressort de sa province, le gouverneur transmet le dossier au gouverneur territorialement compétent.
4° Les décisions à prendre par le conseil communal sont transmises directement au bourgmestre de la commune.
Les décisions à prendre, à soumettre à l'enquête de commodo et incommodo, en vertu de l'article 19 de la loi du 28 décembre 1967 relative aux cours d'eau non navigables, sont transmises aux fins de réquisition des bourgmestres de la manière suivante :
1° Les décisions à prendre par le [2 Gouvernement wallon]2 ou le [1 Ministre ayant les Cours d'eau non navigables dans ses attributions]1, sont transmises au gouverneur de province intéressé.
Les décisions à prendre par le [2 Gouvernement wallon]2 sont transmises au gouverneur de province par le [1 Ministre ayant les Cours d'eau non navigables dans ses attributions]1.
2° Les décisions à prendre par la députation permanente du conseil provincial sont transmises au gouverneur de province.
Lorsque l'enquête de commodo et incommodo doit être organisée dans une commune sise hors du ressort de sa province, le gouvernement transmet le dossier au gouverneur territorialement compétent.
3° Les décisions à prendre par le gouverneur de province sont transmises directement au bourgmestre des communes intéressées.
Toutefois, lorsque l'enquête de commodo et incommodo doit être organisée dans une commune sise hors du ressort de sa province, le gouverneur transmet le dossier au gouverneur territorialement compétent.
4° Les décisions à prendre par le conseil communal sont transmises directement au bourgmestre de la commune.
Art.2. § 1. De te nemen beslissingen worden overgemaakt onder de vorm van ontwerp van beslissing.
§ 2. Wanneer de beslissingen betrekking hebben op de uitvoering van werken wordt er, in bijlage, een dossier aan toegevoegd met de nodige plannen, beschrijvingen en aanduidingen ten einde toe te laten de aard te kennen van de werken, hun juiste liggingen en de wijzigingen die zij met zich brengen vergeleken met de bestaande toestand.
§ 3. Wanneer een bijdrage in de kosten van de beschouwde werken ten laste moet komen van een publiek- of privaatrechterlijke persoon dient het dossier daarnaast nog te bevatten :
1° het desbetreffend ontwerp van beslissing;
2° de naamlijst van die personen met hun adres en het geraamde bedrag van de bijdrage dat te hunnen laste zal komen;
3° een individueel advies met dezelfde aanduidingen als diegene die voorzien zijn onder 2° van deze paragraaf.
Deze stukken worden opgemaakt door de overheid die belast is met het nemen van de beslissing.
§ 4. Blijkt het in de loop van de werken of bij voltooiing ervan nodig te zijn een deel van de kosten ten laste te leggen van andere publiek- of privaatrechterlijke personen dan diegene die vermeld zijn op de noemlijst waarvan sprake in § 3 van dit artikel, of een van de publiek- of privaatrechterlijke personen vrij te stellen van zijn aandeel in de kosten, dan wordt de noodzakelijkheid hiervan vastgesteld in een met redenen omklede beslissing waarop het ontwerp van beslissing wordt afhankelijk gesteld van het onderzoek de commodo et incommodo, in dezelfde vormen en voorwaarden als diegene die voorzien zijn in dit artikel, met uitzondering echter van het aanbrengen van aanplakbrieven; het onderzoek blijft beperkt tot de personen ten laste van dewelke er beslist zal worden of beslist werd in de kosten bij te dragen.
§ 2. Wanneer de beslissingen betrekking hebben op de uitvoering van werken wordt er, in bijlage, een dossier aan toegevoegd met de nodige plannen, beschrijvingen en aanduidingen ten einde toe te laten de aard te kennen van de werken, hun juiste liggingen en de wijzigingen die zij met zich brengen vergeleken met de bestaande toestand.
§ 3. Wanneer een bijdrage in de kosten van de beschouwde werken ten laste moet komen van een publiek- of privaatrechterlijke persoon dient het dossier daarnaast nog te bevatten :
1° het desbetreffend ontwerp van beslissing;
2° de naamlijst van die personen met hun adres en het geraamde bedrag van de bijdrage dat te hunnen laste zal komen;
3° een individueel advies met dezelfde aanduidingen als diegene die voorzien zijn onder 2° van deze paragraaf.
Deze stukken worden opgemaakt door de overheid die belast is met het nemen van de beslissing.
§ 4. Blijkt het in de loop van de werken of bij voltooiing ervan nodig te zijn een deel van de kosten ten laste te leggen van andere publiek- of privaatrechterlijke personen dan diegene die vermeld zijn op de noemlijst waarvan sprake in § 3 van dit artikel, of een van de publiek- of privaatrechterlijke personen vrij te stellen van zijn aandeel in de kosten, dan wordt de noodzakelijkheid hiervan vastgesteld in een met redenen omklede beslissing waarop het ontwerp van beslissing wordt afhankelijk gesteld van het onderzoek de commodo et incommodo, in dezelfde vormen en voorwaarden als diegene die voorzien zijn in dit artikel, met uitzondering echter van het aanbrengen van aanplakbrieven; het onderzoek blijft beperkt tot de personen ten laste van dewelke er beslist zal worden of beslist werd in de kosten bij te dragen.
Art.2. § 1. Les décisions à prendre sont transmises sous forme de projet de décision.
§ 2. Lorsque les décisions concernent l'exécution des travaux, elles portent en annexe un dossier contenant les plans, les descriptions et les indications nécessaires, pour permettre de connaître la nature des travaux, leur situation exacte, et les modifications qu'ils entraînent par rapport à la situation existante.
§ 3. Lorsqu'une part contributive dans les frais des travaux envisagés doit être mise à charge d'une personne de droit public ou privé, le dossier en contiendra en outre :
1° le projet de décision ce concernant;
2° la liste nominative de ces personnes avec leur adresse et le montant estimé de la part contributive qui sera mis à leur charge;
3° un avis individuel contenant les mêmes indications que celles prévues au 2° du présent paragraphe.
Ces documents sont rédigés par l'autorité chargée de prendre la décision.
§ 4. Lorsqu'au cours des travaux ou au moment de leur achèvement il s'avère nécessaire de mettre à charge de personnes de droit privé ou public autres que celles reprises à la liste nominative dont question au § 3 du présent article, une partie des frais, ou, s'il s'avère nécessaire de décharger une des personnes de droit privé ou public de sa part contributive dans les frais, la nécessité en est constatée dans une décision motivée dont le projet de décision est soumis à l'enquête de commodo et incommodo dans les mêmes formes et les mêmes conditions prévues au présent arrêté, à l'exception toutefois de l'affichage; l'enquête se limite aux personnes à charge desquelles une part contributive sera décidée ou a été décidée.
§ 2. Lorsque les décisions concernent l'exécution des travaux, elles portent en annexe un dossier contenant les plans, les descriptions et les indications nécessaires, pour permettre de connaître la nature des travaux, leur situation exacte, et les modifications qu'ils entraînent par rapport à la situation existante.
§ 3. Lorsqu'une part contributive dans les frais des travaux envisagés doit être mise à charge d'une personne de droit public ou privé, le dossier en contiendra en outre :
1° le projet de décision ce concernant;
2° la liste nominative de ces personnes avec leur adresse et le montant estimé de la part contributive qui sera mis à leur charge;
3° un avis individuel contenant les mêmes indications que celles prévues au 2° du présent paragraphe.
Ces documents sont rédigés par l'autorité chargée de prendre la décision.
§ 4. Lorsqu'au cours des travaux ou au moment de leur achèvement il s'avère nécessaire de mettre à charge de personnes de droit privé ou public autres que celles reprises à la liste nominative dont question au § 3 du présent article, une partie des frais, ou, s'il s'avère nécessaire de décharger une des personnes de droit privé ou public de sa part contributive dans les frais, la nécessité en est constatée dans une décision motivée dont le projet de décision est soumis à l'enquête de commodo et incommodo dans les mêmes formes et les mêmes conditions prévues au présent arrêté, à l'exception toutefois de l'affichage; l'enquête se limite aux personnes à charge desquelles une part contributive sera décidée ou a été décidée.
Art.3. Binnen de vijftien dagen volgend op de ontvangst van de voor het onderzoek de commodo et incommodo bestemde stukken, vordert de gouverneur van de provincie de burgemeester van elke betrokken gemeente op de stukken betreffende de te nemen beslissingen ter inzage in het gemeentehuis neer te leggen.
Zij blijven er 20 kalenderdagen ter inzage.
In de opvordering worden de uren bepaald gedurende dewelke de stukken ter inzage liggen van het publiek.
Zij blijven er 20 kalenderdagen ter inzage.
In de opvordering worden de uren bepaald gedurende dewelke de stukken ter inzage liggen van het publiek.
Art.3. Le gouverneur de province, dans les quinze jours de la réception des documents destinés à l'enquête de commodo et incommodo, requiert le bourgmestre de chaque commune intéressée de déposer, pour consultation à la maison communale, les documents relatifs aux décisions à prendre.
Le dépôt a lieu pendant 20 jours de calendrier.
La réquisition fixe les heures pendant lesquelles les documents sont accessibles au public.
Le dépôt a lieu pendant 20 jours de calendrier.
La réquisition fixe les heures pendant lesquelles les documents sont accessibles au public.
Art.4. Binnen de tien dagen volgend op de ontvangst van de opvordering gaat de opgevorderde burgemeester over tot de neerlegging van de stukken ten gemeentehuize, waar zij ter inzage liggen tijdens de uren vastgesteld in de opvordering.
De neerlegging van de stukken wordt door aanplakbrieven in de gemeente bekend gemaakt.
Er wordt proces-verbaal opgemaakt van de dagen en plaats van neerlegging, alsook van het aanbrengen van de aanplakbrieven.
De neerlegging van de stukken wordt door aanplakbrieven in de gemeente bekend gemaakt.
Er wordt proces-verbaal opgemaakt van de dagen en plaats van neerlegging, alsook van het aanbrengen van de aanplakbrieven.
Art.4. Dans les dix jours de la réception de la réquisition, le bourgmestre requis procède au dépôt des documents à la maison communale où ils peuvent être consultés pendant les heures fixées dans la réquisition.
Le dépôt des documents est annoncé dans la commune par voie d'affichage.
Il est dressé procès-verbal du jour et du lieu du dépôt, ainsi que des affichages.
Le dépôt des documents est annoncé dans la commune par voie d'affichage.
Il est dressé procès-verbal du jour et du lieu du dépôt, ainsi que des affichages.
Art.5. § 1. Wanneer het onderzoek de commodo et incommodo betrekking heeft op een beslissing in verband met de uitvoering van buitengewone werken, van verbetering of van wijziging, dan stuurt de opgevorderde burgemeester binnen de acht dagen van de ontvangst van de opvordering hiervan bericht aan de eigenaar of gebruiker van de percelen die, langs het riviervak waar de werken zullen worden uitgevoerd, aan de onbevaarbare waterloop grenzen.
In dit bericht wordt melding gemaakt van de plaats van neerlegging, van de begin- en einddatum ervan en van de uren gedurende dewelke de documenten ter inzage liggen.
Dit bericht wordt, op aanvraag van het college van burgemeester en schepenen, kosteloos overgemaakt door de politiecommissaris of de plaatselijke veldwachter mits ondertekend en gedagtekend ontvangstbewijs, of overgemaakt per aangetekend schrijven met bericht van ontvangst.
§ 2. Bij middel van individuele berichten die door de beslissende overheid bij het dossier worden gevoegd en aan dewelke hij de vermeldingen toevoegt voorzien in het tweede lid van paragraaf 1 van dit artikel, verwittigt de burgemeester eveneens de publiek- of privaatrechterlijke personen die vermeld worden op de lijst van diegenen die, krachtens een beslissing van de bevoegde overheid, met een bijdrage in de kosten van de werken zullen worden belast.
In dit bericht wordt melding gemaakt van de plaats van neerlegging, van de begin- en einddatum ervan en van de uren gedurende dewelke de documenten ter inzage liggen.
Dit bericht wordt, op aanvraag van het college van burgemeester en schepenen, kosteloos overgemaakt door de politiecommissaris of de plaatselijke veldwachter mits ondertekend en gedagtekend ontvangstbewijs, of overgemaakt per aangetekend schrijven met bericht van ontvangst.
§ 2. Bij middel van individuele berichten die door de beslissende overheid bij het dossier worden gevoegd en aan dewelke hij de vermeldingen toevoegt voorzien in het tweede lid van paragraaf 1 van dit artikel, verwittigt de burgemeester eveneens de publiek- of privaatrechterlijke personen die vermeld worden op de lijst van diegenen die, krachtens een beslissing van de bevoegde overheid, met een bijdrage in de kosten van de werken zullen worden belast.
Art.5. § 1. Lorsque l'enquête de commodo et incommodo concerne une décision relative à l'exécution de travaux extraordinaires d'amélioration ou de modification, le bourgmestre requis, dans les huit jours de la réception de la réquisition, en avise les propriétaires ou les occupants des parcelles riveraines du cours d'eau non navigable, sises le long du troncon sur lequel les travaux seront exécutés.
L'avis porte la mention du lieu du dépôt, de la date du début et de la clôture du dépôt, et des heures pendant lesquelles les documents peuvent être consultés.
L'avis est donné sans frais, à la requête du collège du bourgmestre et des échevins par le commissaire de police ou le garde-champêtre du lieu, contre décharge signée et datée, soit par lettre recommandée avec accusé de réception.
§ 2. Il avise de même, à l'aide des avis individuels joints au dossier par l'autorité de décision, qu'il complète par les mentions prévues à l'alinéa 2 du § 1er du présent article, les personnes de droit public ou privé qui figurent sur la liste de celles à charge desquelles les autorités compétentes décident de mettre une part contributives des frais de ces travaux.
L'avis porte la mention du lieu du dépôt, de la date du début et de la clôture du dépôt, et des heures pendant lesquelles les documents peuvent être consultés.
L'avis est donné sans frais, à la requête du collège du bourgmestre et des échevins par le commissaire de police ou le garde-champêtre du lieu, contre décharge signée et datée, soit par lettre recommandée avec accusé de réception.
§ 2. Il avise de même, à l'aide des avis individuels joints au dossier par l'autorité de décision, qu'il complète par les mentions prévues à l'alinéa 2 du § 1er du présent article, les personnes de droit public ou privé qui figurent sur la liste de celles à charge desquelles les autorités compétentes décident de mettre une part contributives des frais de ces travaux.
Art.6. Tijdens de termijn van de neerlegging brengen de belanghebbende personen door middel van een aangetekende brief met bericht van ontvangst, de burgemeester in kennis van de redenen die zij inroepen tegen de beslissingen nopens dewelke een onderzoek is ingesteld.
Bovenaan de brief dient de naam en het adres van de afzender te worden vermeld.
Bovenaan de brief dient de naam en het adres van de afzender te worden vermeld.
Art.6. Pendant le délai de dépôt, les personnes intéressées informent le bourgmestre, par lettre recommandée avec accusé de réception, des motifs qu'elles invoquent à l'encontre des décisions dont enquête.
La lettre doit mentionner en tête le nom et l'adresse de l'expéditeur.
La lettre doit mentionner en tête le nom et l'adresse de l'expéditeur.
Art.7. Na verloop van de neerleggingstermijn wordt proces-verbaal opgemaakt in hetwelk de afsluiting van de neerleggingstermijn wordt vastgesteld; het proces-verbaal bevat de lijst van de personen wier opmerkingen ontvangen werden vóór de afsluiting van de neerleggingstermijn.
De opmerkingen ontvangen na afsluiting van die termijn worden aan de afzender teruggestuurd of worden vernietigd wanneer deze laatste niet gekend is of niet kan geïdentificeerd worden.
De opmerkingen ontvangen na afsluiting van die termijn worden aan de afzender teruggestuurd of worden vernietigd wanneer deze laatste niet gekend is of niet kan geïdentificeerd worden.
Art.7. A l'expiration du délai de dépôt, il est dressé procès-verbal constatant la clôture du dépôt; le procès-verbal contient la liste des personnes dont les observations ont été reçues avant l'expiration du délai de dépôt.
Les observations parvenues après l'expiration du délai de dépôt sont renvoyées à l'expéditeur ou détruites si l'expéditeur n'est pas connu ou ne peut être identifié.
Les observations parvenues après l'expiration du délai de dépôt sont renvoyées à l'expéditeur ou détruites si l'expéditeur n'est pas connu ou ne peut être identifié.
Art. 7bis. (Waalse gewest) [1 Het tweede lid van artikel 3, het tweede en het derde lid van artikel 4 en de artikelen 6 en 7 zijn niet van toepassing op de plannen, programma's en projecten bedoeld in artikel D.29-1 van Boek I van het Milieuwetboek.]1
Art. 7bis. [1 (Région wallonne) Le 2e alinéa de l'article 3, les 2e et 3e alinéas de l'article 4 et les articles 6 et 7 ne sont pas applicables aux plans, programmes et projets visés par l'article D.29-1 du Livre Ier du Code de l'Environnement.]1
Art.8. Wanneer het onderzoek betrekking heeft op beslissingen die onder de bevoegdheid vallen van de gemeenteraad, maakt de burgemeester, binnen de acht dagen die op de afsluiting van de neerleggingstermijn volgen, het dossier van het onderzoek aan die raad over; in de overige gevallen wordt het dossier binnen dezelfde termijn aan de gouverneur van de provincie overgemaakt.
Het dossier van het onderzoek omvat in volgorde :
1° de aan de burgemeester geadresseerde opvordering en de aangehechte stukken;
2° het proces-verbaal van de openverklaring van de neerleggingstermijn en van het aanbrengen van de aanplakbrieven;
3° gebeurlijk :
a) de naamlijst van de bij artikel 5, § 1, bedoelde eigenaars of gebruikers;
b) de stroken van de bewijzen van ontvangst van de aangetekende brieven en de ondertekende en gedagtekende ontvangstbewijzen betreffende die eigenaars of gebruikers;
c) de van die eigenaars of gebruikers ontvangen opmerkingen, samen met de omslag waarin zij verstuurd werden, geclassificeerd in de volgorde van de lijst.
4° gebeurlijk :
a) de naamlijst van de publiek- of privaatrechterlijke personen, bedoeld bij artikel 5, § 2;
b) de stroken van de bewijzen van ontvangst van de aangetekende brieven en de ondertekende en gedagtekende ontvangstbewijzen betreffende die personen;
c) de opmerkingen van die personen, samen met de omslag waarin zij verstuurd werden, geclassificeerd in de volgorde van de lijst.
5° de opmerkingen van andere personen dan diegenen bedoeld bij 3° en 4° van dit artikel, samen met de omslag waarin zij verstuurd werden.
6° het proces-verbaal van afsluiting van de neerleggingstermijn, met de lijst van al de personen wier opmerkingen ontvangen werden binnen de gestelde termijn.
Het dossier van het onderzoek omvat in volgorde :
1° de aan de burgemeester geadresseerde opvordering en de aangehechte stukken;
2° het proces-verbaal van de openverklaring van de neerleggingstermijn en van het aanbrengen van de aanplakbrieven;
3° gebeurlijk :
a) de naamlijst van de bij artikel 5, § 1, bedoelde eigenaars of gebruikers;
b) de stroken van de bewijzen van ontvangst van de aangetekende brieven en de ondertekende en gedagtekende ontvangstbewijzen betreffende die eigenaars of gebruikers;
c) de van die eigenaars of gebruikers ontvangen opmerkingen, samen met de omslag waarin zij verstuurd werden, geclassificeerd in de volgorde van de lijst.
4° gebeurlijk :
a) de naamlijst van de publiek- of privaatrechterlijke personen, bedoeld bij artikel 5, § 2;
b) de stroken van de bewijzen van ontvangst van de aangetekende brieven en de ondertekende en gedagtekende ontvangstbewijzen betreffende die personen;
c) de opmerkingen van die personen, samen met de omslag waarin zij verstuurd werden, geclassificeerd in de volgorde van de lijst.
5° de opmerkingen van andere personen dan diegenen bedoeld bij 3° en 4° van dit artikel, samen met de omslag waarin zij verstuurd werden.
6° het proces-verbaal van afsluiting van de neerleggingstermijn, met de lijst van al de personen wier opmerkingen ontvangen werden binnen de gestelde termijn.
Art.8. Lorsque l'enquête concerne des décisions qui sont de la compétence du conseil communal, le bourgmestre lui transmet le dossier de l'enquête dans les huit jours qui suivent la clôture du dépôt; dans les autres cas, il transmet le dossier dans le même délai au gouverneur de province.
Le dossier de l'enquête comprend dans l'ordre :
1° la réquisition adressée au bourgmestre et les documents annexes;
2° le procès-verbal de l'ouverture du délai de dépôt et celui des affichages;
3° éventuellement :
a) la liste nominative des propriétaires ou occupants des parcelles riveraines visés à l'article 5, § 1er;
b) les talons des récépissés des envois recommandés et les décharges signées et datées, concernant ces propriétaires ou occupants;
c) les observations reçues de la part de ces propriétaires ou occupants, avec leur enveloppe d'envoi, classées dans l'ordre de la liste.
4° éventuellement :
a) la liste nominative des personnes de droit privé ou public prévue à l'article 5, § 2;
b) les talons des récépissés des envois recommandés et les décharges signées et datées, concernant ces personnes;
c) les observations reçues de la part de ces personnes, avec leur enveloppe d'envoi, classés dans l'ordre de la liste.
5° les observations reçues de la part des personnes autres que celles reprises au 3° et 4°, avec leur enveloppe d'envoi.
6° le procès-verbal de clôture de l'enquête contenant la liste de toutes les personnes dont les observations ont été reçues dans les délais.
Le dossier de l'enquête comprend dans l'ordre :
1° la réquisition adressée au bourgmestre et les documents annexes;
2° le procès-verbal de l'ouverture du délai de dépôt et celui des affichages;
3° éventuellement :
a) la liste nominative des propriétaires ou occupants des parcelles riveraines visés à l'article 5, § 1er;
b) les talons des récépissés des envois recommandés et les décharges signées et datées, concernant ces propriétaires ou occupants;
c) les observations reçues de la part de ces propriétaires ou occupants, avec leur enveloppe d'envoi, classées dans l'ordre de la liste.
4° éventuellement :
a) la liste nominative des personnes de droit privé ou public prévue à l'article 5, § 2;
b) les talons des récépissés des envois recommandés et les décharges signées et datées, concernant ces personnes;
c) les observations reçues de la part de ces personnes, avec leur enveloppe d'envoi, classés dans l'ordre de la liste.
5° les observations reçues de la part des personnes autres que celles reprises au 3° et 4°, avec leur enveloppe d'envoi.
6° le procès-verbal de clôture de l'enquête contenant la liste de toutes les personnes dont les observations ont été reçues dans les délais.
Art.9. Wanneer het onderzoek betrekking heeft op beslissingen die niet onder de bevoegdheid vallen van de gouverneur van de provincie, wordt het dossier, binnen de acht dagen na de ontvangst ervan, naargelang van het geval, overgemaakt hetzij aan de bestendige deputatie van de provinciale raad, hetzij aan de gouverneur op wiens aanvraag de burgemeester opgevorderd werd, hetzij aan de Minister van Landbouw.
Art.9. Lorsque l'enquête concerne des décisions qui ne sont pas de sa compétence, le gouverneur de province transmet le dossier dans les huit jours de sa réception, soit à la députation permanente du conseil provincial, soit au gouverneur à la demande duquel le bourgmestre a été requis, soit au Ministre de l'Agriculture, selon le cas.
Art. 9_WAALS_GEWEST. Wanneer het onderzoek betrekking heeft op beslissingen die niet onder de bevoegdheid vallen van de gouverneur van de provincie, wordt het dossier, binnen de acht dagen na de ontvangst ervan, naargelang van het geval, overgemaakt hetzij aan de bestendige deputatie van de provinciale raad, hetzij aan de gouverneur op wiens aanvraag de burgemeester opgevorderd werd, hetzij aan de [1 Minister tot wiens bevoegdheden de onbevaarbare waterlopen behoren]1.
Art. 9 _REGION_WALLONNE. Lorsque l'enquête concerne des décisions qui ne sont pas de sa compétence, le gouverneur de province transmet le dossier dans les huit jours de sa réception, soit à la députation permanente du conseil provincial, soit au gouverneur à la demande duquel le bourgmestre a été requis, soit au [1 Ministre ayant les Cours d'eau non navigables dans ses attributions]1, selon le cas.
Wijzigingen
Art.10. De overheden, die bevoegd zijn om te beslissen, nemen hun beslissing binnen de maand volgend op de ontvangst van het onderzoeksdossier.
Art.10. Les autorités, ayant compétence pour décider, prennent leur décision dans le mois qui suit la réception du dossier de l'enquête.
Art.11. Het verbaal bij de Koning ten bate van het college van burgemeester en schepenen en van de publiek- of privaatrechterlijke personen, voorzien bij artikel 19 van de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen, wordt per aangetekende brief aan de Minister van Landbouw overgemaakt.
Het verhaal vermeldt naam en adres van de eiser, de hoedanigheid in dewelke verhaal wordt genomen, de beslissing tegen dewelke dit verhaal wordt ingesteld en de ingeroepen motieven.
Er wordt uitspraak gedaan betreffende het verhaal binnen de twee maand na ontvangst ervan door de Minister van Landbouw, behalve wanneer het werd ingesteld vóór 1 maart 1969; in dit laatste geval zal er ten laatste worden beslist vóór 1 augustus 1969.
Het verhaal vermeldt naam en adres van de eiser, de hoedanigheid in dewelke verhaal wordt genomen, de beslissing tegen dewelke dit verhaal wordt ingesteld en de ingeroepen motieven.
Er wordt uitspraak gedaan betreffende het verhaal binnen de twee maand na ontvangst ervan door de Minister van Landbouw, behalve wanneer het werd ingesteld vóór 1 maart 1969; in dit laatste geval zal er ten laatste worden beslist vóór 1 augustus 1969.
Art.11. Le recours au Roi prévu par l'article 19 de la loi du 28 décembre 1967 relative aux cours d'eau non navigables, au profit du collège des bourgmestre et échevins et des personnes de droit privé ou public, est adressée par lettre recommandée au Ministre de l'Agriculture.
Le recours indique le nom, l'adresse du requérant et la qualité en vertu de laquelle il exerce son recours, la décision contre laquelle il est dirigé et les motifs invoqués.
Il est statué sur le recours dans les deux mois de sa réception par le Ministre de l'Agriculture, sauf pour ceux introduits avant le 1er août 1969.
Le recours indique le nom, l'adresse du requérant et la qualité en vertu de laquelle il exerce son recours, la décision contre laquelle il est dirigé et les motifs invoqués.
Il est statué sur le recours dans les deux mois de sa réception par le Ministre de l'Agriculture, sauf pour ceux introduits avant le 1er août 1969.
Art. 11_WAALS_GEWEST. Het verbaal bij de [2 Waalse Regering]2 ten bate van het college van burgemeester en schepenen en van de publiek- of privaatrechterlijke personen, voorzien bij artikel 19 van de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen, wordt per aangetekende brief aan de [1 Minister tot wiens bevoegdheden de onbevaarbare waterlopen behoren]1 overgemaakt.
Het verhaal vermeldt naam en adres van de eiser, de hoedanigheid in dewelke verhaal wordt genomen, de beslissing tegen dewelke dit verhaal wordt ingesteld en de ingeroepen motieven.
[3 Over het verhaal wordt uitspraak gedaan binnen vier maanden na ontvangst ervan door de Minister tot wiens bevoegdheden de onbevaarbare waterlopen behoren.]3
Het verhaal vermeldt naam en adres van de eiser, de hoedanigheid in dewelke verhaal wordt genomen, de beslissing tegen dewelke dit verhaal wordt ingesteld en de ingeroepen motieven.
[3 Over het verhaal wordt uitspraak gedaan binnen vier maanden na ontvangst ervan door de Minister tot wiens bevoegdheden de onbevaarbare waterlopen behoren.]3
Art. 11 _REGION_WALLONNE.
Le recours [2 Gouvernement wallon]2 prévu par l'article 19 de la loi du 28 décembre 1967 relative aux cours d'eau non navigables, au profit du collège des bourgmestre et échevins et des personnes de droit privé ou public, est adressée par lettre recommandée au [1 Ministre ayant les Cours d'eau non navigables dans ses attributions]1.
Le recours indique le nom, l'adresse du requérant et la qualité en vertu de laquelle il exerce son recours, la décision contre laquelle il est dirigé et les motifs invoqués.
[3 Il est statué sur le recours dans les quatre mois de sa réception par le Ministre qui a les Cours d'eau non navigables dans ses attributions.]3
Le recours [2 Gouvernement wallon]2 prévu par l'article 19 de la loi du 28 décembre 1967 relative aux cours d'eau non navigables, au profit du collège des bourgmestre et échevins et des personnes de droit privé ou public, est adressée par lettre recommandée au [1 Ministre ayant les Cours d'eau non navigables dans ses attributions]1.
Le recours indique le nom, l'adresse du requérant et la qualité en vertu de laquelle il exerce son recours, la décision contre laquelle il est dirigé et les motifs invoqués.
[3 Il est statué sur le recours dans les quatre mois de sa réception par le Ministre qui a les Cours d'eau non navigables dans ses attributions.]3
Art.12. De opvorderingen, adviezen en processen-verbaal, waarvan sprake is in dit besluit, worden opgemaakt overeenkomstig de modellen in bijlage.
Art.12. Les réquisitions, avis et procès-verbaux dont question dans le présent arrêté, sont établis conformément aux modèles en annexe.
Art. 12/1_VLAAMS_GEWEST [1 Als het onderzoek betrekking heeft op de afbakening van een overstromingsgebied als vermeld in artikel 50bis van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, wordt het gevoerd volgens de regels die zijn opgenomen in het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 tot uitvoering van onteigening ten algemene nutte, het recht van voorkoop, de aankoopplicht en de vergoedingsplicht van titel I van het decreet integraal waterbeleid van 18 juli 2003.]1
Art. 12/1 _REGION_FLAMANDE. [1 Si l'enquête a trait à la délimitation d'une zone d'inondation telle que visée à l'article 50bis du décret du 18 juillet 2003 relatif à la politique intégrée de l'eau, elle est menée selon les règles reprises à l'arrête du Gouvernement flamand du 24 juillet 2009 portant exécution de l'expropriation d'utilité publique, du droit de préemption, de l'obligation d'achat et de l'obligation d'indemnité du titre Ier du décret sur la politique intégrée de l'eau du 18 juillet 2003.]1
Art.13. Dit besluit treedt in werking op 1 november 1968.
Art.13. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er novembre 1968.
Art.14. Onze Minister van Landbouw is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art.14. Notre Ministre de l'Agriculture est chargé de l'exécution du présent arrêté.
Art. 14_WAALS_GEWEST. Onze [1 Minister tot wiens bevoegdheden de onbevaarbare waterlopen behoren]1 is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 14 _REGION_WALLONNE. Notre [1 Ministre ayant les Cours d'eau non navigables dans ses attributions]1 est chargé de l'exécution du présent arrêté.
Wijzigingen
Art. N1. Bijlage 1 : Vordering (Mod. 1A)
Art. N1. Annexe 1 : Réquisition (Mod. 1A)
Art. N2. Bijlage 2 : Vordering (Mod. 1B)
Art. N2. Annexe 2 : Réquisition (Mod. 1B)
Art. N3. Bijlage 3 : Vordering (Mod. 1C)
Art. N3. Annexe 3 : Réquisition (Mod. 1C)
Art. N4. Bijlage 4 : Bericht van Onderzoek de Commodo et Incommodo (Mod. 2A)
Art. N4. Annexe 4 : Avis d'Enquête de Commodo et Incommodo (Mod. 2A)
Art. N5. Bijlage 5 : Bericht van Commodo et Incommodo (Mod. 2B)
Art. N5. Annexe 5 : Avis d'Enquête de Commodo et Incommodo (Mod. 2B)
Art. N6. Bijlage 6 : Bericht van Onderzoek de Commodo et Incommodo (Mod. 2C)
Art. N6. Annexe 6 : Avis d'Enquête de Commodo et Incommodo (Mod. 2C)
Art. N7. Bijlage 7 : Proces-Verbaal voor Aanplakking (Mod. 3)
Art. N7. Annexe 7 : Procès-Verbal d'Affichage (Mod. 3)
Art. N8. Bijlage 8 : Proces-Verbaal voor Neerlegging (Mod. 4A)
Art. N8. Annexe 8 : Procès-Verbal de Dépôt (Mod. 4A)
Art. N9. Bijlage 9 : Proces-Verbaal van Neerlegging (Mod. 4A)
Art. N9. Annexe 9 : Procès-Verbal de Dépôt (Mod. 4B)
Art. N10. Bijlage 10 : Proces-Verbaal van Neerlegging (Mod. 4C)
Art. N10. Annexe 10 : Procès-Verbal de Dépôt (Mod. 4C)
Art. N11. Bijlage 11 : Proces-Verbaal van de afsluiting van het onderzoek de Commodo et Incommodo (Mod. 5A)
Art. N11. Annexe 11 : Procès-Verbal de clôture de l'enquête de Commodo et Incommodo (Mod. 5A)
Art. N12. Bijlage 12 : Proces-Verbaal van de afsluiting van het onderzoek de Commodo et Incommodo (Mod. 5B)
Art. N12. Annexe 12 : Procès-Verbal de clôture de l'enquête de Commodo et Incommodo (Mod. 5B)
Art. N13. Bijlage 13 : Proces-Verbaal van de afsluiting van het onderzoek de Commodo et Incommodo (Mod. 5C)
Art. N13. Annexe 13 : Procès-Verbal de clôture de l'enquête de Commodo et Incommodo (Mod. 5C)
Art. N14. Bijlage 14 : Tenlastelegging van een bijdrage in de kosten van de werken (Mod. 6)
Art. N14. Annexe 14 : Mise à charge d'une part contributive des frais de travaux (Mod. 6)
Art. N15. Bijlage 15 : Tenlastelegging van een bijdrage in de kosten van de werken (Mod. 7)
Art. N15. Annexe 15 : Mise à charge d'une part contributive des frais de travaux (Mod. 7)
Art. N16. Bijlage 16 : Uitvoering van Buitengewone Werken (Mod. 8)
Art. N16. Annexe 16 : Exécutive de travaux extraordinaires (Mod. 8)