Naar hoofdinhoud

ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251216.2N.21

Beslissingsdetails

🏛️ Hof van Cassatie 📅 2025-12-16 🌐 NL Arrest

Rechtsgebied

burgerlijk_recht

Samenvatting

Samenvatting(en) nog niet beschikbaar

Volledige tekst

Nr. P.25.1406.N 1. E. D. W., beklaagde, eiser, 2. GALERIE CARACTERE bv, met zetel te 3080 Tervuren, Museumlaan 61, ON 0749.593.927, beklaagde, eiseres, beiden met als raadsman mr. Leen Vanbrabant, advocaat bij de balie Brussel. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het vonnis in hoger beroep van Nederlandstalige correctionele rechtbank Brussel van 17 september 2025. De eisers voeren in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Voorzitter Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel 1. Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet en artikel 50, § 2, Wegverkeerswet, alsook miskenning van het legaliteitsbeginsel of het nulla poena-beginsel: het bestreden vonnis beveelt de bijzondere verbeurdverklaring (hierna de verbeurdverklaring) van het voertuig niettegenstaande de eiseres geen eigenaar meer is van dit voertuig; de wetgever heeft de mogelijkheid van de verbeurdverklaring niet gekoppeld aan het eigenaarschap op het tijdstip van de feiten, maar wel aan dit van het tijdstip van het vonnis; de eiseres heeft het voertuig verkocht op 20 december 2024 aan een derde die sindsdien de enige en uitsluitende eigenaar is; het oordeel over de geloofwaardigheid van de verkoop is niet relevant omdat artikel 50 Wegverkeerswet aan de rechtbank geen enkele appreciatiemarge toekent wat betreft de geldigheid van een eigendomsoverdracht; bovendien heeft het appelgerecht de proportionaliteit van de verbeurdverklaring niet afdoende gemotiveerd; het motiveert niet waarom de structurele en financiële ondersteuning van de eiser en de eiseres, onder meer bij de financiering, het onderhoud en later de aankoop van het voertuig, door de ouders van de eiser en hun daaruit voortvloeiende goede trouw geen rol spelen bij die proportionaliteit. 2. De eiser heeft geen belang bij het middel dat enkel betrekking heeft op een beslissing die tegen de eiseres is uitgesproken. In zoverre is het middel niet ontvankelijk. 3. De strafrechter oordeelt voor wat betreft de toepassing van de door artikel 50, § 2, Wegverkeerswet bedoelde verbeurdverklaring of voldaan is aan de eigendomsvereiste. Hij is gelet op het beginsel van de autonomie van het strafrecht bij die beoordeling niet gebonden door de betekenis die het eigendomsbegrip heeft in andere rechtstakken. Hij kan dan ook oordelen dat ondanks geschriften waaruit de verkoop van het verbeurdverklaarde goed zou moeten blijken, de verkoper de werkelijke eigenaar van het goed is gebleven. In zoverre het middel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht. 4. Voor het overige komt het middel, dat formeel een motiveringsgebrek aanvoert, in werkelijkheid op tegen het onaantastbaar oordeel dat de verbeurdverklaring de rechten van derden te goeder trouw niet aantast. In zoverre is het middel niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek 5. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissingen zijn overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt de cassatieberoepen. Veroordeelt de eisers tot de kosten. Bepaalt de kosten op 47,91 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, raadsheer Peter Hoet, sectievoorzitter Erwin Francis, de raadsheren Eric Van Dooren en Bruno Lietaert, en in openbare rechtszitting van 16 december 2025 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Ayse Birant.