ARR:WI 23.AN031
🏛️ Rechtbank eerste aanleg Antwerpen
📅 2025-11-17
🌐 FR
Vonnis
veroordeling
Rechtsgebied
strafrecht
Geciteerde wetgeving
15 Juni 1935, 6 december 2022, Sw., strafwetboek
Volledige tekst
Rolnummer ACl kamer
rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen
In de zaak van het openbaar ministerie
tegen:
BEKLAAGDEN.
1 RRN
2. geboren
van Belgische nationaliteit
ingeschreven te
beklaagde, vertegenwoordigd door meester
~ advocaat te
met maatschappelijke zetel gevestigd te
Actief Normale toestand
BTW-nummer:
beklaagde, vertegenwoordigd door meester
·, advocaat te
TENLASTELEGGING(EN)
Als dader of mededader in de zin van artikel 66 van het strafwetboek; Vonnisnr
, advocaat te
, advocaat te I
p.2
loco
loco
door de misdaad of het wanbedrijf te hebben uitgevoerd of aan de uitvoering rechtstreeks te hebben
meegewerkt;
door enige daad tot de uitvoering zodanige hulp te hebben verleend dat de misdaad of het wanbedrijf
zonder zijn biJstand niet had kunnen worden gepleegd;
door giften, beloften, bedreigingen, misbruik van gezag of van macht, misdadige kuiperijen of
arglistigheden, de misdaad of het wanbedrijf rechtstreeks te hebben uitgelokt;
of, door het plegen van de feiten rechtstreeks te hebben uitgelokt door woorden m openbare
bijeenkomsten of plaatsen gesproken dan wel door enigerlei geschrift, drukwerk, prent of zinnebeeld
aangeplakt, rondgedeeld of verkocht, te koop geboden of openlijk tentoongesteld.
In het onroerend goed gelegen te , kadastraal gekend al!
eigendom vah
ingevolge notariële akte dd. 17 maart 2011 van notaris te
verhuren, te huur of ter beschikking stellen, met het oog op bewoning, van niet-conforme of
overbewoonde woning
als verhuurder, als eventuele onderverhuurder of als persoon die een woning ter beschikking stelt, een
niet-conform e of overbewoonde woning rechtstreeks of via tussenpersoon te hebben verhuurd, te
Rolnummet AC1 kamer Vonnisnr I
rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen p 3 --~~-·--·---------------- ---------------
huur gesteld of ter beschikking gesteld met het oog op bewoning,
(art. 3.34. Vlaamse Codex Wonen van 2021)
Namelijk de verhuur van 6 appartementen die niet voldoen aan de minimale kwaliteitseisen in
bovenvermeld pand. te
1 te van 6 december 2022 tot 17 april 2024
woning: ., die niet voldeed aan de minimale wonmgkwahteitsvereisten
door Besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkhe id
ten nadele van
van 6 december 2022 tot 6 juni 2023
wonmg die niet voldeed aan de minimale woningkwallte ltsverelsten
door Besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ten nadele van 1
ten nadele var
van 6 december 2022 tot 17 april 2024
woning die niet voldeed aan de minimale woningkwalite1tsvereisten
door
ten nadele van (geboren te op)
ten nadele var (geboren te op}
41§ van 6 december 2022 tot 17 april 2024
woning die niet voldeed aan de minimale wonlngkwaliteitsverelsten
door
ten nadele van
ten nadele van
van 6 december 2022 tot 6 1uni 2023
woning die niet voldeed aan de minimale woningkwaliteitsverelsten
door
ten nadele van
van 6 december 2022 tot 6 juni 2023
woning die niet voldeed aan de minimale wonlngkwaliteitsverelsten
door
ten nadele van
Rolnummer AC1 kamer
rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen
Verbeurdverklarlng -vermogensvoordelen Vonnisnr I
p.4
Beklaagde tevens gedagvaard om te horen veroordelen tot de verbeurverklaring van de
vermogensvoorde len die rechtstreeks uit het misdnJf zijn verkregen, In de plaats ziJn gesteld of
Inkomsten vormen uit belegde voordelen (artt. 42, 3" en 43bis Sw.), namelijk een geldsom ten bedrage
van 41.200 euro, conform de schriftelijke vordering In het strafdossier.
EN INZAKE:
de WOONINSPECTEUR VAN HET VLAAMSE GEWEST
met kantoren te 1000-Brussel, Havenlaan 88, bus 22 en te
eiser in herstel, vertegenwoordigd door Meester , advocaat te
PROCEDURE
Gezien het bewijs van overschriJvmg van de dagvaarding van beklaagden op het kantoor
Rechtszekerheid dd. 13 februari 2025 ref :
De behandeling en de debatten van de zaak hadden plaats in openbare terechtzitting .
De rechtspleging verliep in de Nederlandse taal.
De rechtbank nam kennis van de stukken van de rechtspleging en hoorde alle aanwezige partlJen.
beoordeling
op strafgebied
feiten
(eerste beklaagde, verder· ) Is de bestuurder van
(tweede beklaagde, verder: ). Middels verhuurde zes appartementen in een
pand aan ) vanaf 6 december 2022, hoewel deze woningen
ernstige gebreken vertoonden en (juridisch) onbewoonbaar waren.
De woningen waren afgeleefd en er was duldehJke gebruikssc hade en vochtschade. Er waren in het
biJZOhder problemen met betrekking tot de elektrische installatie en door het gebruik van slecht
geplaatste gasgeisers en kachels was er een gevaar voor CO-intoxicatie
bewijs, kwalificatie en toerekening
Op 6 Juni 2023 werd een grondige controle van het pand en de woningen In het pand uitgevoerd door
de diensten van de Wooninspecteur van het Vlaams Gewest (eiser tot herstel, verder: WOONINSPECTEUR)
naar aanleiding van de vaststellingen van een woningcontroleur van op 14 april
2023.
Bij de controle op 6 Juni 2023 werden ernstige gebreken vastgesteld in de gemeenschappelijke delen
Rolnummer ACl kamer
rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen
en In de woningen, meer bepaald de volgende gebreken:
categorie 1 categorie Il categorie 111
wonm~ 2 0 2
woning 12 4 4
woning 2 0 2
woning 5 4 4
woning 8 3 5
woning 6 3 3
Volgens de vaststellingen waren alle woningen bewoond. Vonrnsnr I
p.5
De gebreken iniake veiligheids-, gezondheids- en wonlngkwalîteitsnormen staan vast, evenals de
bewoning en de kennis van de toestand van de woning in hoofde van beklaagden, minstens hun
nalatigheid zich ervan te vergewissen dat de woningen voldeden aan de normen. Volgens de verklaring
van MIRZA was er onder meer een melding van een waterlek, maar stelde de bewoner zich niet
constructief op om een herstelling mogelijk te maken.
De algemene verouderde toestand van het gebouw en de structurele aard van de gebreken, zijn
elementen die beklaagden ertoe hadden moeten bewegen zich (pro)actlever op te stellen met
betrekking tot de kwaliteit en de veiligheid van de verhuurde woningen.
Beklaagden voeren geen verweer met betrekking tot hun strafrechtelijke aansprakeli jkheid. De feiten
zijn bewezen, werden correct gekwalificeerd en worden beklaagden toegerekend.
straf en strafmaat
Het opleggen van een straf benadrukt het belang van de overtreden norm en vervult een signaalfunctie
van maatschappelijke afkeuring, zowel naar de veroordeelde toe als naar de maatschappij in haar
geheel. De bestraffing beoogt het herstel van de door het m1sdnjf aangebrachte maatschappeliJke
schade. De bestraffing dient ook om de maatschapp ij te beschermen. Tegelijk wordt de
maatschappelijke reactie ten aanzien van de veroordeelde naar aanleiding van het misdrlJf met de
bestraffing afgerond en indien mogelijk wordt de veroordeelde ertoe gebracht herhaling te vermijden
door middel van rehablhtatle en re-Integratie.
Bij het bepalen van de concrete straffen wordt rekening gehouden met de aard en de ernst van de
feiten, de concrete feitelijke omstandigheden en persoonlijke omstandigheden van de veroordeelde.
De bewezen feiten werden met eenzelfde strafbaar opzet gepleegd, zodat aan iedere beklaagde één
hoofdstraf met een bijkomende straf wordt opgelegd
De feiten zijn ontoelaatbaar. Gebrekkige woningen verhuren houdt een ernstig risico In vo.or de
veiligheid en de gezondheid van de bewoners. Het is ook nefast voor hun welzijn. Het getuigt van een
gebrek aan respect voor de levenskwaliteit van de bewoners . Het nalaten de noodzake lijke
investeringen te doen leidt bovendien tot een kostenbesparing en aldus tot een onrechtmatig
economisch voordeel.
Na de vaststellingen waarbij de gebreken werden vastgesteld die leidden tot de onbewoonbaarheid
van de woningen, vond op 17 april 2024 een eerste hercontrole plaats. In drie woningen woonden de
mensen nog die er bij de controle op 6 juni 2023 woonden; in de woning woonde zelfs een nieuwe
bewoner, waaruit blijkt dat beklaagden de woning opnieuw hadden verhuurd, hoewel de woning
Rol nummer AC1 kamer Vonn,snr /
rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen p 6
onbewoonbaar was De controle van 17 april 2024 toonde bovendien aan dat de bewoonde woningen
nog niet conform waren
Beklaagden tonen aan dat ze naar aanle1drng van de vaststellingen ernstige Investeringen hebben
gedaan rn het pand en in de respect1evell1ke woningen. Ze leggen facturen voor betreffende
renovatiewerken voor een totaalbedrag van 83.475,61 euro. Dit indiceert dat ze de problemen
inmiddels grondig hebben aangepakt, maar toont ook aan dat de situatie voorafgaand aan de werken
ernstig was.
liep in het verleden één veroordeling op in verkeemaken er
strafrechtelijk verleden heeft een blanco
De namens beklaagden gevraagde (probatie-)opschortmg zou maatschappelijk geen correct signaal
zijn. Een strafrechtelijke veroordeling en bestraffing zijn noodzakelijk gezien de ernst van de feiten, in
het bijzonder de lange duurtijd van de feiten en de vaststelling dat de woningen na juni 2023 verder
werden verhuurd vooraleer ze hersteld waren, waarbij zelfs een nieuw huurcontract werd aangegaan.
Beklaagden dulden ook niet hoe een correctionele veroordeling hun reclassering of sociale re
integratie in buitenproportionele mate rn het gedrang zou brengen.
Het past belde beklaagden een geldboete als hoofdstraf op te leggen, waarvan de tenuitvoerlegging
volledig wordt uitgesteld om de desoclaliserende effecten van een geldboete (voorwaardelijk) te
vermijden en om het opnieuw plegen van misdrijven te ontraden.
De bewezenverklaarde misdrtjven leverden en vermogensvoordelen op; waarvan het
openbaar ministerie de verbeurdverklaring vordert. Het zou maatschappelijk onaanvaa rdbaar zijn dat
beklaagden zouden kunnen blijven beschikken over de winst die ze opstreken met de
bewezenverklaarde m1sdr1Jven. Het openbaar ministerie begrote het vermogensvoordeel aan de hand
van de huurinkomsten op 35.700 euro en vordert de bijzondere verbeurdverklaring van dit bedrag.
Om te vermijden dat beklaagden een blijvend voordeel zouden halen uit de misdrijven, past het een
verbeurdverklaring van het vermogensvoordeel uit te spreken, in het b1J2onder ten aanzien van
die immers de rechtstreekse ontvanger van huurgelden was, en in mindere mate lastens die
enkel via voordelen haalde uit de feiten. Tegelijk 1s het noodzakelijk de omvang van de
verbeurdverklaring te beperken om geen onredelijk zware straf uit te spreken, tevens rekening
houdende met de reeds geleverde Inspanningen om de woningen te renoveren en de kosten
verbonden aan de uitvoering van de herstelvordering (infra).
Evenwel kunnen deze kosten niet integraal In mindering worden gebracht, aangezien de kosten voor
de (noodzakeliJke) renovatie sowieso dienden te worden gemaakt -en zelfs gemaakt dienden te
worden voorafgaand aan de bewezen feiten, zodat er geen misdrijf zou zijn geweest. Tevens leveren de
Investeringen In het pand en de woningen ook een meerwaarde op voor het onroerend goed, zodat de
investeringen aldus beklaagden rechtstreeks of onrechtstreeks ) ten goede komen.
Ten aanzien van wordt een vermogensvoordeel van 2.500 euro verbeurd verklaard, ten aanzien
var een vermogensvoordeel van 10.000 euro.
herstel
De WOONINSPECTEUR kwam tussen in deze procedure en stelde besluiten op conform de
conclusiekalender
Bij de behandeling ten gronde bevestigde de raadsman van de WOONINSPECTEUR evenwel dat naar
Rolnummer ACl kamer Vonnisnr I
rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen p. 7
aanleidmg van een hercontrole op 10 september 2025 en daaropvolgende communicatie gebleken is
dat de herstelvordering met betrekking tot het pand inmiddels werd uitgevoerd. Er Is echter nog geen
proces-verbaal van uitvoering opgesteld.
Op basis van de uitdrukkeliJke bevestiging namens de WOONINSPECTEUR stelt de rechtbank vast dat de
herstelvordering zonder voorwerp Is.
op burgerlijk gebied
Op basis van de vaststellingen in het strafdossier blijken de bewezen feiten mogelijk schade te hebben
veroorzaakt waarvoor geen burgerlijke vordering werd Ingesteld. De burgerlijke belangen worden In
zoverre ambtshalve aangehouden.
TOEGEPASTE WETTEN
De rechtbank houdt rekening met de volgende artikelen die de bestanddelen van de misdrijven en de
strafmaat bepalen, en het taalgebruik in gerechtszaken regelen·
art. 1, 2, 11, 12, 14, 16, 31, 32, 34, 35, 37, 41 wet van 15 Juni 1935;
art. 1, 2, 3, 5, 6, 7, 7bis, 38, 39, 40, 41, 41bis, 42, 43b1s, 65, 66 strafwetboek;
art. 4 V.T.Sv;
art. 185 Sv;
alsook de wetsbepalingen aangehaald In de inleidende akte en in het vonnis.
De rechtbank:
op tegenspraak ten aanzien van
WOON INSPECTEUR VAN HET VLAAMSE GEWEST,
Op strafgebled , De
Verleent akte aan De WOONINSPECTEUR VAN HET VLAAMSE GEWEST van haar vrijwillige tussenkomst.
Ten aanzien van eerste beklaagde
Veroordeelt voor de vermengde feiten van de tenlasteleggingen 1, 2, 3, 4, 5 en 6:
tot een geldboete van 4000,00 EUR, zijnde 500,00 EUR verhoogd met 70 opdeciemen.
Boete vervangbaar bij gebreke van betaling binnen de wettelijke termijn door een
gevangenisstraf van 90 dagen.
Verleent uitstel van tenuitvoerlegging wat betreft de geldboete voor een termijn van 3 jaar.
Verklaart verbeurd overeenkomstig artikel 42, 3° en 43bis Sw. de vermogensvoordelen voor een bedrag
van 2.500 euro (waardeconfiscatie).
Veroordeelt tot betaling van:
-een bijdrage van 1 maal 200,00 EUR, ziJnde de som van 1 maal 25,00 EUR verhoogd met 70
opdeciemen, ter financiering van het Fonds tot hulp aan de slachtoffers van opzettelijke
Rolnummer ACl kamer Vonnlsnr I
rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen p 8
gewelddaden en de occasionele redders.
-een bijdrage van 26,00 EUR aan het Begrotingsfonds voor Jund1sche tweedeliJnsbiJstand .
-een vaste vergoeding voor beheerskosten in strafzaken. Deze vergoeding bedraagt 61,01 EUR.
-de kosten van de strafvorder ing tot op heden begroot op 1/2 x 384,47 = 192,24 EUR.
Ten aanzien van
Veroordee lt
3, 4, 5 en 6: 1 tweede beklaagde
voor vermengde feiten van de tenlasteleggingen 1, 2,
tot een geldboete van 6000,00 EUR, 21jnde 750,00 EUR verhoogd rnet 70 opdeciemen .
Verleent uitstel van tenuitvoerlegging wat betreft de geldboete voor een termijn van 3 jaar.
Verklaart verbeurd overeenkomstig artikel 42, 3" en 43bls Sw. de vermogensvoordelen voor een bedrag
van 10.000 euro (waardeconf1scat1e) .
Veroordeelt tot betaling van:
-een bijdrage van 1 maal 200,00 EUR, zijnde de som van 1 maal 25,00 EUR verhoogd met 70
opdeciemen, ter financiering van het Fonds tot hulp aan de slachtoffers van opzettelijke
gewelddaden en de occasionele redders.
-een biJdrage van 26,00 EUR aan het Begroting sfonds voor juridische tweedeliJnsb ijstand;
-een vaste vergoeding voor beheersko sten in strafzaken . Deze vergoeding bedraagt 61,01 EUR;
-de kosten van de strafvorder ing tot op heden begroot op 1/2 x 384,47 = 192,24 EUR
Herstel
Stelt vast dat de vordering van de WOONINS PECTEUR zonder voorwerp is.
op burgerlijk gebied
Houdt de burgerhJke belangen ambtshalve aan.
Rolnummer ACl kamer
rechtbank van eerste aanleg Antwerpen , afdehng Antwerpen Vonnlsnr I
p.9
Dit vonnis is gewezen en uitgesproken In openbare zitting op 17 novembe r 2025 door de rechtbank van
eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen, kamer ACl:
', rechter
in aanwezigheid van het lid van het openbaar ministerie vermeld in het proces-verbaal van de
terechtzitting,
met bijstand van griffier